De Sjakel

De Heemkunde vereniging Gäöl is in 1945 opgericht, mede door Sjef Thijssen. In 1947 was hij tevens de initiatiefnemer tot oprichting van het maandblad “De Sjakel”. Dit blad was in die tijd de schakel tussen Geulle en de dienstplichtige Geulse militairen in het voormalige Ned. Indië. Toen deze terugkeerden werd de “Sjakel” het blad van de Heemkundevereniging. 
Dit maandblad, dat reeds meer dan 50 jaar bestaat, bevat artikelen over Geulle en zijn inwoners, gebeurtenissen en evenementen in het dorp en verhalen geschreven door Geullenaren. Een aantal vaste rubrieken verschijnt iedere maand, zoals politie varia de geschiedenis van Geulle en Pieke jr. oet de Piemelehook.

Verder wordt er geprobeerd om iedere maand een foto te plaatsen waarop Geullenaren van vroeger staan afgebeeld. Het maandblad heeft reeds meer dan 700 abonnees, waaronder niet alleen inwoners van Geulle, maar ook wereldwijd zoals in Australie en Canada. Op deze pagina vindt u het archief van De Sjakel. Er wordt naar gestreefd om in de toekomst een zo’n groot mogelijk deel van dit archief op deze site te plaatsen, met als beperking dat de Sjakels in dit on-line archief minimaal een half jaar oud zijn.
 

De redactie van het maandblad is altijd op zoek naar mensen die hun verhalen, gedachten of belevenissen m.b.t. Geulle aan het papier willen toevertrouwen, zodat dit voor het nageslacht bewaard blijft.

Wilt u abonnee worden van de Sjakel?

Dat kan al vanaf € 11,50 per jaar voor inwoners van Geulle, Bunde of Elsloo. Voor overige plaatsen bedragen de abonnementskosten € 22,00 (incl. verzendkosten). Wilt u meer weten? Neem dan vrijblijvend contact op met het secretariaat:

Dhr. H. Peil 
Schoutstraat 6
6243 DE Geulle
tel. 043-3649754
h.peil@geulle.com

Hieronder vind u de schakels uit het verleden.


De Sjakel

December 2003


Geulle in vroeger tijden.

63. Sinterklaasfeest rond 1925. (1)

De goede Sint is weer naar het warme Spanje vertrokken. Dat is ook beter voor zijn oude botten. Toch wil ik jullie nog een mooi verhaal over deze kindervriend vertellen. Het speelde zich rond 1925 in ons dorp af. De hoofdrol werd gespeeld door dr. Felix Rutten. Deze woonde indertijd met zijn vrouw, de schrijfster Marie Koenen, in villa Schieversberg aan de Moorveldsberg. Maar nu laat ik graag Felix Rutten zelf aan het woord. Ik heb alleen de huidige spelling gebruikt en voor zover bekend de namen van de overige “acteurs” erbij genoemd.
“Juist had ik enkele brieven naar de post gebracht, toen ik in de Dorpsstraat meneer kapelaan (J. Feron?) met het hoofd der school (Jozef Tilmans) ontmoette (volgens de bijbehorende tekening is hier de Kermisstraat bedoeld; deze straat heet nu Cruisboomstraat). Beide heren wilden mij iets vragen maar durfden niet zo goed te beginnen. De kapelaan lachte fijntjes en de “meester” draaide aan zijn grote snor, maar zei ook niets. Langzamerhand verloor ik mijn geduld en zei: “Alla heere, geer höbt noe einmaol ‘t mets in ’t verke gestaoke, maak ’t noe auch mer aaf.” Eindelijk durfden zij met hun vraag te komen. Of ik voor de dorpsjeugd van de school voor Sinterklaas wilde spelen?….
Als ze mij om 25 gulden hadden gevraagd was ik minder verbaasd geweest. Hun vraag verraste mij en daarom begon ik op mijn beurt aan mijn snor te draaien. Maar zoals een getrouwd man in moeilijke momenten meestal doet als hij geen raad weet, zei ik ook maar: “Daar moet ik eerst met mijn vrouw over praten.” Stel je eens voor, Sinterklaas spelen voor alle schoolkinderen, pontificeren met staf en mijter en door het halve dorp trekken met tabbaard en kromstaf, met een pruik en een baard. Zo peinsde ik verder. Maar nog eer ik thuis was, stond het voor mij vast: Ik doe het. En tegen mijn vrouw zei ik: “De volgende week ga ik Sinterklaas spelen voor de kinderen van de school. Ik heb dat met het hoofd der school .…afgesproken.” 
Nu werd er druk geconfereerd in diep geheim. Hoe moest alles gaan, hoe met de braven en hoe met de stouten. De namen van de schoolkinderen zouden met hun bijzonderheden op een lijst geschreven worden. Deze lijst zou dan in een groot dik boek met een schitterende omslag worden geschoven. Verder werd afgesproken dat Sinterklaas na de plechtige ontvangst op school taaitaai en chocolade zou uitdelen. Tenslotte bedacht ik dat op de bewuste dag alle schoolkinderen tijdig moesten worden verzameld op het schoolplein om vandaar precies om twee uur naar de Maas te vertrekken. Jawel de Maas, want de goedheiligman komt, zoals algemeen bekend, uit Spanje, dan via België naar de overkant van de Maas en dan met het veer de rivier over. De “meester” grinnikte en liet mij begaan. De kapelaan lachte en juichte mijn plan toe. Als geheimzinnige samenzweerders gingen wij diep in de nacht uit elkaar. 
Nu kun je in een stad misschien nog wel een geheim bewaren, maar in een dorp als Geulle zeker niet. Maar mijn plannen groeiden met de dag en ik kon het nu niet meer alleen af. Ik had een rijpaard nodig en dat beest moest voor de gelegenheid opgesierd bij de aanlegplaats van het Maasveer gereed staan. Verder had ik hondenkarren nodig met versierde honden. Deze karren moesten volgestapeld worden met, voor het grootste deel lege, kisten en dozen. Ook had ik de fanfare nodig om met de schooljeugd mee te trekken en hun Sinterklaasliedjes muzikaal te begeleiden. Al snel ging als een lopend vuurtje door het dorp: Dao geit get gebäöre….! 
Natuurlijk werd gespot met de grote drukte die ik er van maakte. Men zei: “Hangt mer neet mjer aan de vaan es de ganse percessie waerd is.” Maar ik kon ze van repliek geven met hun eigen gezegde: “Maak geer uch bang veur ongelagde eier?” Toen kwam de grote dag. (Hierover wil ik in de volgend aflevering meer vertellen). 

Archie Varis.

Bron: 
Sinterklaas in Geulle – Gespeeld door Dr. Felix Rutten. (Dit verhaal van Felix Rutten met tekeningen van Ella Riemersma komt uit de privé-archieven van Jean Voncken te Moorveld).

2003: een gedenkwaardig jaar voor fanfare St. Martinus. 

75-jarig bestaansfeest.
In het jaar 2003 is het 75 jaar geleden dat Fanfare St. Martinus opgericht is. Dit gedenkwaardige feit is gedurende het jaar in de vorm van een viertal feestweekenden herdacht. 
In de vorm van een dansavond met als thema “Back to the Sixties” op vrijdag 25 april en een fietstocht op zondag 27 april heef het eerste feestweekend zijn beslag gekregen. Het tweede feestweekend op 14 en 15 juni is in samenwerking met buurtvereniging “In de Peel” georganiseerd. Op het Marktplein was dat weekend een feesttent opgebouwd. Op zaterdag 14 juni was de organisatie in handen van de Fanfare, die een dansavond georganiseerde met medewerking van de Maaskapel. Op zondag 15 juni was de organisatie in handen van buurtvereniging “In de Peel”, die daarmee haar 25-jarig bestaansfeest vierde. De opluistering van het z.g. “Peel-buffet” werd verzorgd door de Burgwache Kapel van de Fanfare.
Tijdens het derde feestweekend werd op zondag 6 juli een drumband- en tamboerkorpsen districtsfestival georgani-seerd, waaraan maar liefst 20 drumbands deelnamen. In de vorm van een podium wedstrijd en een defilé hebben de diverse korpsen hun beste beentje voorgezet. 
De jubileumfeesten zijn afgesloten met een feestweekend op 15 en 16 november.

Ter ere van het 75 jarig bestaansfeest heeft de fanfare een videofilm samengesteld waarin het Geulse verleden te zien is. Verschillende aspecten van het leven in de vijftiger jaren van de vorige eeuw komen aan de orde, zoals het werken op het land, de dagelijkse bezigheden, diverse Geulse verenigingen, schoolkinderen. De band, die is ingesproken door “Hub van Gäört”, is als start van het vierde en laatste weekend gepresenteerd en aangeboden aan de makers van de video en aan de beschermheer en de beschermvrouwe van fanfare St. Martinus.

Verder zijn op zaterdag 15 november de jubilarissen van Fanfare St. Martinus gehuldigd. De heren R. Janssen en 
L. Thewessem waren 25 jaar lid, de heren 
J. Wijnen en W. Wijnen waren 50 jaar lid en de heer J. Wijnand was zelfs 60 jaar lid van de vereniging. Daarnaast is tijdens de feestavond een aantal dames in de bloemetjes gezet die al 30 jaar de gelederen van het, voor de fanfare zo belangrijke damescomité “bemannen”, te weten: M. Bruls – Troquet, 
J. Keijsers – Freens, W. Kurvers – van Kan, B. Penders – Goessens en A. Penders – Vranken. Laatsgenoemde was daarnaast zelfs 25 jaar voorzitster van dit damescomité. 
Als klap op de vuurpijl werd de fanfare tijdens de huldiging van de jubilarissen verrast door een bezoek van Burgemeester Kockelkorn. Hij kwam samen met de wethouders de fanfare feliciteren met haar 75-jarig bestaansfeest. Tevens bleek dat hij ook nog voor een andere zeer speciale gelegenheid afgereisd was naar Geulle. De Burgemeester wilde namelijk zijn waardering uitspreken namens de Meerssense gemeenschap voor de heer Leo Thijssen. 
Leo Thijssen heeft zich op velerlei gebieden bijzonder verdienstelijk gemaakt voor de Geulse gemeenschap. Hij is al jarenlang lid van fanfare St. Martinus, eerst als muzikant en later als bestuurslid. Hij heeft 10 jaar het voorzitterschap van Fanfare St. Martinus op zich genomen. Naast de liefde en inzet die hij ten toon gespreid heeft voor de fanfare, heeft hij zich ook nog op vele andere gebieden verdienstelijk gemaakt voor de Geulse gemeenschap. Hij heeft vele Geulse verenigingen dat duwtje in de rug gegeven dat ze nodig hadden. Ook buiten de Geulse gemeenschap is Leo Thijssen actief geweest voor mensen en organisaties die steun nodig hadden, waarbij in het bijzonder te denken valt aan gehandicapten organisaties. Burgemeester Kockelkorn beklemtoonde dat het noemen van de gehele lijst van verdiensten te veel tijd in beslag zou nemen, maar duidelijk was dat de Meerssense- en met name de Geulse gemeenschap ontzettend veel waardering heeft voor Dhr. Thijssen, vandaar ook dat hem een Koninklijke onderscheiding ten deel viel voor al zijn verdiensten. Dit had zelfs de ere-voorzitter van fanfare St. Martinus niet verwacht. Leo Thijssen gaf in zijn eigen dankwoord aan, dat er niet zo veel momenten in zijn leven waren geweest waarmee hij zich geen raad wist. Hij kon zich ook niet herinneren dat hij ooit emotioneel was geworden, maar het feit dat hij Lid in de Orde van Oranje Nassau was geworden, had hem diep getroffen en had de emoties bij hem los gemaakt.
De festiviteiten op zaterdag 15 november hebben een vervolg gekregen met een drukbezochte receptie, waaraan veel zusterverenigingen en ondernemers deelgenomen hebben. Tijdens deze receptie werd de Fanfare familie aangenaam verrast door een cadeau van het damescomité, namelijk vier pauken, die een aanzienlijke waarde vertegenwoordigen. Dat de fanfare en drumband hier ontzetten blij mee waren, mag voor zich spreken. Na de receptie zijn de festiviteiten voortgezet met een gezellige feestavond die tot in de kleine uurtjes heeft geduurd. 
Op zondag 16 november heeft het feestweekend zijn vervolg gekregen door het opluisteren van de Heilige Mis in parochie St. Martinus. Aansluitend is een brunch georganiseerd voor de gehele Fanfare familie. Deze brunch was een overweldigend succes, mede door het feit dat veel leerlingen en hun ouders hieraan deelgenomen hebben. Met een gezellige middag onder het genot van leuke muziek is het feestweekend afgesloten. 

Successen Drumband.
Naast al deze feestelijkheden t.g.v. het 75-jarig bestaansfeest, is er voor de Fanfare in 2003 nog meer reden geweest om feest te vieren. Op 28 september heeft de drumband van fanfare St. Martinus deelgenomen aan het bondsconcours te Nieuwstadt. Met 92,17 punten, wat goed is voor een eerste prijs met lof der jury, hebben zij hoge ogen gegooid. Ook bereikte de drumband hiermee het hoogste puntenaantal van het totale bondsconcours, waaraan ook de drumband van de zustervereniging Harmonie St. Caecilia deelnam. De drumband van Fanfare St. Martinus mocht hiervoor de beker in ontvangst nemen. Naar aanleiding van dit resultaat is men vervolgens uitgenodigd voor het Limburgs Kampioenschap op 23 november te Maasbree. En ook nu weer gooide de drumband hoge ogen en prolongeerde men het succes van 28 september, met zelfs een nog hoger punten aantal. Met 92,83 punten en opnieuw een eerste prijs met lof der jury, werd men Limburgs Kampioen. Een prestatie van formaat, waarop Fanfare St. Martinus bijzonder trots is. Zeker gezien het grote aantal jeugdige leden van de drumband, geeft dit naar de toekomst toe bijzonder goede vooruitzichten. 

Afscheidsconcert t.g.v. dirigent Erik van Mulken. 
Op 30 november is een afscheidsconcert georganiseerd ter gelegenheid van het afscheid van Dirigent Erik van Mulken. Na een periode van ruim 10 jaar muzikale leiding, is op deze zondagmiddag op gepaste wijze afscheid genomen van Erik van Mulken. Tijdens het concert zijn diverse werken ten gehore gebracht door het fanfare-orkest. Ook de drumband en de jeugdleden van fanfare St. Martinus hebben acte de presence gegeven op deze middag. Het afscheidsconcert werd verder omkleed door tal van kolderieke acts met persiflages van Whoopie Goldberg, Robbie Williams, Lance Armstrong, Terry Bozzio, Stars from the Sound of Music, André Rieu en vele anderen. De concertmiddag is afgesloten met een afscheidsmars die gedirigeerd werd door de nieuwe dirigent Leon Simons, die per 1 december 2003 officieel de dirigeerstok van Erik van Mulken overnam.
De concertmiddag is een uiterst amusementvolle en gezellig middag geworden, waarmee fanfare St. Martinus haar dank betuigde aan dirigent Erik van Mulken. 

Jaarwisseling

Als u dit leest is 2003 bijna voorbij. Stond 2001 in het teken van de bevrijding van Afganistan van de Taliban, in 2003 was Irak, waar de wieg van onze beschaving stond, aan de beurt en werd het regiem van Saddam Hoessein omvergeworpen. Het zal nog zeker enkele decennia duren, vooraleer het de mensen in Afganistan en Irak echt goed zal gaan, doch het begin is gemaakt.
De strijd tegen het terrorisme gaat door en dat is ook hard nodig na de bomaanslagen op o.a. Bali en in Istanbul. 
Na twee jaar euro kan niet gezegd worden dat het er in de Euro-zone beter op is geworden. De prijzen zijn zo wat verdubbeld, terwijl het salaris hetzelfde is gebleven. Een salaris-verhoging zit er voor de komende twee jaar ook niet in als gevolg van de verslechterde economische omstandigheden die hier en daar zelfs tot (massa) ontslagen hebben geleid en gepaard gaan met een afbouw van ons sociaal stelsel: afschaffing van de VUT, doorwerken tot je 67-tigste, invoering van het zg. middel-pensioen, terugdringing van de WAO, verkorting van de periode dat je WW ontvangt, verhoging van de gemeentelijke belastingen, korting of zelfs afschaffing van een groot aantal subsidieregelingen. 
En natuurlijk niet te vergeten de grote bezuinigingen op het vlak van de gezondsheidszorg, met alle gevolgen vandien voor de zieke en oudere mens. Na de zeven “vette” jaren zijn nu echt de zeven “magere” jaren aangebroken.. Zeker vanaf 2004 zal heel Nederland de broekriem flink moeten gaan aantrekken! Het kabinet Balkenende II zal ons wel hieraan herinneren, zelfs als wij dat weleens zouden willen vergeten.
In de hoop dat het toch nog allemaal goedkomt wens ik ieder van u het allerbeste toe voor het nieuwe jaar.

S.W.

Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek. 

Ja, lui van Geul, dat vinden jullie wel get, hè, dat gedicht van de vorigende keer. En de Noonk vond het ook harstikke goed, zegt hij, en het doet hem denken wie dat hij vroeger met de kattepul schoot, recht devoor , zegt hij en dan midden debinnen, want hij raakde vroeger alles demet,… en nog veel meer, zegt Harie. En het schijnt dat Sinterklaas het verrekes druk heeft gehad dit jaar en je zou niet zeggen, dat de tijd zo slechts is, zegt de Noonk en Sinterklaas heeft schijns die van de Kerstmis al gebeld, dat die zich maar een paar man debij moet nemen, anders krijgt die zijnen toer helemaal niet rond, dit jaar zegt hij en hij heeft ter nog wel wat, waar hij geen werk meer voor heeft en dan kunnen die zich een beetje debijverdienen, zwart natuurlijk. En die van de fanfaar, die hebben een ouwe film opnieuw uitgedaan, en de harmonie staat er ook mooi op en de Noonk kon veel debij vertellen, wie we hem afdraaiden, want hij kende alle mensen die derop stongen en hij stond zelvers ook derop en Harie en Merie ook, en toen waren die nog mooi en ook Teigededraod en Stöbbes stonge derop, maar die waren al een stuk minder en die film loopt goed, want ze zijn al aan de tweede ronde begonnen en hij ging schijns zo snel dat Huub van Geurt Janssen aan de Maas bijna geen asem genoeg had om hem bij te houden. En nou is ter ook een mooi boek uit met allemaal kaarten van Geul en zo leer je je eigen dorp nog eens kennen, zegt de Noonk en ook wie het vroeger deruit zag en ik vond dat toch allemaal veel mooier en als toen ene auto op de foto stond, van Gus Roumans of van Mao van Alberigs, dan was het al druk en toen had Sinterklaas al genoeg aan een bay, die van Lombok en nu moet hij al met een paar vrachtwagels rondvaren en in Geul zal hij zich wel die van Boetskes en die van Terket de bijhalen. En misschien kan Eddie van de Flup ook nog de bij helpen, want die heeft ook deks zo’n bakbeest voor de deur staan en daar is zeker nergens anders plaats voor, maar wie de prinses is uitgeroepen had hij wel een vrachtwagel met kerstbomen op het geleeg staan en als die prinses daar de heel nacht in verstoken heeft gezeten, dan is ze wel nat geweest tot onder de erm en dan heeft ze nog geluk gehad, dat ze der nu niet zat, want dan had ze zich nog get bevroren en der waren ook een hoop prinsen, die heeft het zo goed bevallen wie ze prins waren dat ze nou weer metdoen en die gaan overal voorop lopen met de vlag, zeggen ze en Harie en Merie waren ook daar geweest, en ze hadden flink geschuinkeld en gehups en Harie had zich de nek bijna verrek, wie hij de prinses zag, zo mooi vond hij haar schijns en verrekken, zegt de Noonk altijd, dat is lank worden en daar snap ik weer bijna niks van en wie Harie heevers kwam klaagde hij over pijn in zijn hals en de Noonk zei toen dat hij nog blij kon zijn dat zijn nek zo wijd van zijn vot zat, maar als je nog zo’n kaartenboek wil kopen, dan moet je je haaien, want der zijn ters al niet veel meer en die twee wat dat gemaakt hebben, die stonden ook in de gezet op het plekske wat ze het mooiste van Geul vonden en je kon weer zien dat dat ene van de gezet van Mestreech was, want je kon gaaruits niet zien waarof dat dat was en als Sinterklaas volgend jaar nog meer vrachtwagels nodig heeft, dan kan hij misschien eens met Hupie bellen, die heeft ter ook een en die is ook nog familie van hem, en dan kan die misschien nog een prijsje voor hem maken, dan kan de Sint die wat hij nou aan de Kerstman wil overgeven, misschien wat langer aan de gang houden. En het laaste nieuws is dat bij Sjangke aan de Maas ters een paar schijns naar de tillevisie wilden gaan kijken en die hadden te diep geloerd, want die hebben de bocht helemaal niet gehaald en de hele kas van den anten neven het kapelke uitgevaren en nou weet ik nog wel veel maar ik heb geen tijd meer, want ik moet het verreke gaan voeren, dus adië en tot de volgende keer, met de groeten van jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek.

Sylvesterconcert

De zondag tussen Kerstmis en Nieuwjaar, 28 december, geeft Harmonie St. Caecilia Geulle een Sylvesterconcert. Het concert begint om 19.00 uur en duurt ongeveer 2 uur, inclusief de pauze. Muzikaal worden er stukken uitgevoerd die licht verteerbaar zijn, goed in het gehoor liggen en sommigen zelfs bekend zullen voorkomen. Een leuke gelegenheid om tussen het kerstgebak en de oliebollen het huis een paar uurtjes te ontlopen en naar Cultureel Centrum de Harmoniezaal in Geulle te komen.
Na afloop van het concert schuiven we de stoelen aan de kant en kunt u onder het genot van een drankje nog nagenieten van deze avond.
Reservering voor dit concert is helaas niet meer mogelijk.

De Jônkheid.

Bie ôs in öt dörrep hauw eeder gehuch zien eige Jônkheid. Dao waor in öt dörrep veur de aorlog neet väöl te doon veur de jông luu. Dao waor waal ein hermenie en ein fanfaar en voetbalcub. De jônkheid waor al väöl vreuger. Eederei kôsj dao lid van waere en blieve zwoi lang esser neet getrouwd waor. De leiding waor meistal in de han van de get auwere want die wiste oet jaore langk ervaring wie alles in zie werrék ging en wie alles gereigeld moosj waere. Sôms woor contrebuusje betaald of anges woor langs de deure gegange veur de ein of anger fiëstelikheid.
Veur de verseering van de grwoite en klein persesse woor altied opte jônkheid geraekend. Ouch veur de kamersjäöt moosj de jônkheid zörrege. En dao kaom hiël get bie kieke. Dao moosjte bäög opgerich en verseerd waere mét dennegreun en pepiere rwoize. De straot woor verseerd mét vlegskes en bônte slingers. In öt veld woore klaprwoize, kaorebloome en kemille geplök. Esten eulenteul bleujde waore de wittige bloomsjerme good gesjik veur struisel. En op de dreides sting ouch nog van alles wat frisj van kleur waor. De képelkés woi de zaenge gegaeve woor, woore ekstra verseerd. En es tao de zaenge gegaeve woor, dan woore de kamersjäöt aafgesjaote. Dan wis öt hiël dörrép dat tat ei gezaengend mémént waor veur öt ganse dörrép.
Netuurlik vroog dat allemaol ön waekelang veurbereijing. Dao woore aafspraoke gemaak, inkoupe gedaon en öt werrék verdeild. De maedsjes zörgde veur de pepiere rwoize en de bônte slingers en ze vônge öt gezéllig este jônges ouch kaome hellépe, en de jônges vônge öt ouch gezéllig anges kaome ze neet.
En opte persessedaag zelléf waor alles veur daag en douw opte bein en dat waor al um vief oor in de mörrége en dan waore ze blie es alles nog op tied klaor waor.
Dan keeke ze mét plezeer nao dae fiëstelikke optoch mét de fanfaar, de hermenie, mét de bruudsjes en den heemel woi ouch de kwoirjônges leepe mét de slingerende wierooksvaate. En dan al die luu op hun paosjbés, de mansluu épaart, de vrouwluu épaart en ouch de jônges en maedsjes épaart en veurop.

Nao de persesse begôsj de kérmés en dan waor öt lestig um nog ö paar luu van de jônkheid te veinge um öt nwuödige opte ruime.
Ouch bie anger fiëste speelde de jônkheid ein rol. Este geistelik ö jubileum hauw ofte börgemeister of esser ön gouwe broeléf waor dan woor geseerd door de jônkheid. Ze kaome dan bie eij en dan woor euverlag en oetgedach wie de verseering oetgeveurd moosj waere. En dan woore de taake verdeild en eederei wis dan watter te doon hauw. Dao waore altied jônges die zich opten achtergrônd heele en angere die öt zich tot ein iër raekende um get bezungers te doon. Eeder kreeg z,n kans al moosjte sômmige waal dékker in ein hwoiger versnelling gezat waere. Die zouwe pas in aktie kômme esset al te laat waor.

Öt gebäörde ouch waal ins dat eine van de jônkheid dwoid ging. De kis mét öt liek woor dan door de jônkheid de kérrék ingedraage en nao de més de kérrék oetgedraage. Ö paar kiér bén ich dao bie gewaes. Dat waor ein dreuvige gebäörtenis die önne grwoite indrök op mich gemaak. Mèh dat is öt laeve en dao is niks aan te wille. Es Baove de wékker aaflöp dan mooste gaon en….dan mooste klaor zeen. 

Mar/B

Geulle 50 jaar geleden
December 1953…

– Uit de raadsvergadering december 1953. Aan de carnavalsvereniging werd een subsidie toegekend van fl.75,00. Een aanvraag van de harmonie “St.Caeclia” om een extra subsidie van fl.500,00 bij gelegenheid van hun 60-jarig bestaan in 1954 werd afgewezen. Men was echter wel bereid een garantie-subsidie te verlenen indien om de een of andere reden de festiviteiten een nadelig saldo zouden opleveren. Een rioolbelasting zal in 1954 worden geheven. Voor degenen, die een aansluiting op het riool wensen of reeds hebben, bedraagt het tarief fl. 3,00 per jaar + fl. 1,50 voor elk inwonend gezinslid. Voor cafébedrijven fl. 5,00 en voor bedrijven boven de 500 m3 inhoud fl. 15,00 per jaar. De aansluitkosten bedragen eveneens fl. 15,00. Men blijft natuurlijk vrij al dan niet aan te sluiten.
Lang stond de raad stil bij de vaststelling van een instructie voor de aan te stellen ambtenaar van het Bouw-en Wonigtoezicht. Gedeputeerde Staten hadden in een circulaire te kennen gegeven dat het niet strookte met het algemeen belang indien deze ambtenaar ook opdrachten mocht aanvaarden van particulieren om voor eigen rekening uit te voeren. Een bepaling, waarbij aan een ambtenaar-architect vrijheid wordt gelaten ten deze particulieren te dienen, zou het hem opgedragen toezicht en de daarbij betrokken publieke belangen ernstig kunnen schaden. De Raad was het desondanks hiermede niet eens en besloot het onderhavige artikel uit de instructie te schrappen. In een volgende vergadering zal overgegaan worden tot benoeming van een ambtenaar.

– Woningvereniging. Het gemeentebestuur heeft stappen ondernomen om te komen tot de oprichting van een bouwvereniging, doch het heeft geen resultaat gehad. Er is namenlijk komen vast te staan dat de Minister bezwaar zal maken deze vereniging toe te laten om werkzaam te zijn in het belang van de Volkshuisvesting. De gemeente is hiervoor te klein. 

Hein Peters.

Vervoermiddel De Kruiwagen.

De kruiwagens zijn eeuwenlang het vervoermiddel van de “kleine” man geweest. Er waren twee soorten, een open kruiwagen met lange bomen (handvatten). Deze noemde men de “lang” en werd vooral gebruikt voor het vervoer van stro, hooi en snoeihout.. de ander was een kruiwagen met een dichte bak en werd de “toe” genoemd. Deze werd gebruikt voor het vervoer van o.a. aardappels, zand of stalmest. De kruiwagens waren gemaakt van taai essenhout. Ook het wiel was van essenhout maar dan wel met ijzerbeslag. De veldwegen waren in vroeger jaren onverhard en de straten waren kiezelwegen. Om de stoten op te vangen over die slechte wegen droeg men een een leren verstelbare riem over de schouders die “help” werd genoemd. De uiteinden zaten met een lus aan de bomen vast want als je lange afstanden moest afleggen voelde je je armen niet meer.
Er was ook een combinatiekruiwagen. Deze had een losse, afneembare, bak en dan had je maar één kruiwagen nodig voor alle vervoer.
Als man of vrouw met de kruiwagen het veld in gingen namen ze één of meerdere kinderen mee en dan diende de kruiwagen als kinderwagen, maar dat was geen lolletje over die hobbelige wegen in deze gelegenheids kinderwagen zonder vering. Rond 1900 had een zekere Paul Penders uit de Kermisstraat, geboren 1869, een varken vetgemest en moest deze naar een slager in Maastricht brengen. 

Hij bond met touw het levend varken tegen de kraan (opstaande rand aan de voorkant van de kruiwagen) van de lange kruiwagen vast en ging voor vijf uur in de morgen via de Hagendoornweg de baan (rijksweg) op. De baan was in die tijd ook kiezelweg. Door de voerlui die met kar en paard reden was daar spoorvorming ontstaan en voor het gemak ging iedere voerman door het zelfde spoor rijden. Maar de kantonnier gooide daar na vijf uur in de morgen op diverse plaatsen fascine (3 meter lange bundels rijshout) in die sporen zodat de voerlui met kar en paard er verplicht naast moesten rijden, want dan werd de kiezel in het midden ook vast gereden. Paul Penders (Paul van Janneke) zorgde er dus voor dat hij voor vijf uur op de baan was want dan kon hij door de karrensporen lopen met zijn kruiwagen en het 120 kilo wegende varken, want dat liep een stuk gemakkelijker. En zo ging het dan richting Maastricht via het gehucht Weert, waar in die tijd de baan liep. In Maastricht aangekomen ging het over de kasseienweg. In die tijd was er een tramspoor in de stad waar eerst een paardentram en later een stoomtram liep. Voor het gemak reed Paul met het wiel van de kruiwagen over een rail van de tramlijn maar plotseling moest hij uitwijken want daar kwam de tram aan. Door het uitwijken kiepte hij met de kruiwagen en het varken om met het nodige geschreeuw van het varken. 
Het was inmiddels half acht en de mensen die te voet op weg waren naar het werk op het “groet febrik” op de Boschstraat hielpen hem weer overeind. Paul bedankte deze hulpvaardige mensen en zette zijn tocht voort. Het varken was er met enkele blauwe plekken goed vanaf gekomen
Op diezelfde tramrail overkwam J.Ghijsen (1878) van de berg met een wasmand vol met kersen op een kruiwagen hetzelfde. Aangekomen bij de suikerbakker wilde deze de kersen niet meer, omdat ze teveel beschadigd waren.

Na het varken te hebben afgeleverd bij de slager, ging Paul, na een pilsje te hebben gedronken en wat kleine inkopen gedaan te hebben, weer huiswaarts met de lege kruiwagen. Dit was zo’n 12 kilometer lopen. Hij was tegen 12.00 uur in de middag weer thuis, moe genoeg voor de hele dag. En dat alles voor 16 mark, nog geen tien gulden.
Maar een goeie kruiwagen blijft nog altijd het beste middel om vooruit te komen in de maatschappij. Ook in deze tijd nog, anno 2003. 

J. Maassen
Politie varia

De laatste tijd wordt de politie regelmatig verzocht om een optocht of ander festijn te begeleiden. De politieleiding heeft besloten om als uitgangspunt voor 2004 te nemen dat in principe geen begeleiding van politie meer plaatsvindt. Omdat uit gesprekken is gebleken dat er behoefte is aan nadere informatie, volgt hieronder een artikel, waarvan ik hoop dat u hieraan voldoende informatie heeft.
Verkeersregelaars 
Sinds 1 mei 2001 is een nieuwe wetgeving van kracht die voorschrijft dat mensen die op de openbare weg het verkeer regelen, aan bepaalde eisen moeten voldoen. Deze verkeersregelaars hebben, net als de verkeersbrigadiers, een wettelijke status.
Er zijn twee soorten verkeersregelaars;
A. De verkeersregelaar voor niet voorziene situaties (semi-professionele verkeers-regelaars).
Hieronder vallen onder meer begeleiders van transporten, toezichthouders verkeers- handhaving, wegwerkers, brandweerlieden, medewerkers van Rijkswaterstaat en de Wegenwacht.
B. De verkeersregelaar voor wel voorziene situaties (bijvoorbeeld evenementen). Hier-onder vallen signaleurs of hekkenbewakers bij wielerrondes, atletiekwedstrijden, voetbal-wedstrijden e.d.
Eisen voor verkeersregelaar.
De verkeers-regelaars moeten:
– Minimaal 18 jaar oud zijn;
– Een theoretische en praktische opleiding door de politie hebben gevolgd en over een aanstellingscertificaat beschikken;
– Verzekerd zijn;
– Voorgeschreven kleding dragen.
– Bij een leeftijd van 16/17 jaar mogen zij enkel opereren waar voldoende straat-verlichting aanwezig is en waar de toegestane snelheid maximaal 50 km/u bedraagt.
Als aan genoemde eisen wordt voldaan dan mogen de verkeersregelaars stop- en oprij-tekens geven.
Als niet aan de eisen wordt voldaan dan is men niet bevoegd om het verkeer te regelen. Eventuele schade als gevolg van onbevoegd optreden kan op de persoon zelf worden verhaald. 
Wanneer is sprake van verkeerregelen.
Onder verkeer regelen worden verstaan alle handelingen uitvoeren, ongeacht op welke wijze, waarbij stilhouden of verwijzen van verkeer plaatsvindt. De leraar/begeleider die een groep leerlingen helpt met oversteken en daarvoor de rijbaan blokkeert en het verkeer tegenhoudt, dient als verkeersregelaar te worden aangemerkt.
Wie is verantwoordelijk
Wanneer op of aan de openbare weg een evenement wordt georganiseerd waarbij te verwachten is dat bovengenoemde handelingen verricht zullen worden, dan is de organisatie verplicht de medewerkers:
a. te verzekeren tegen persoons- en zaak-schade en tegen wettelijke aansprakelijkheid (bij volwassenen ook hulp in de huishouding);
b. door de politie te laten opleiden als verkeersregelaar;
c. van de voorgeschreven kleding te voorzien.
Inmiddels zijn een groot aantal mensen opgeleid voor verkeersregelaar waar verenigingen gebruik van kunnen maken.
Voor nadere informatie over de opleiding of over gegevens van verkeersregelaars kunt U terecht bij brigadier J. Lataster, taakveldhouder Verkeer, basiseenheid Heuvelland, District Maastricht, tel: 0900 – 8844.

Drugsspuiten
Door kinderen van de basisschool werden spuiten, vermoedelijk van druggebruikers, aangetroffen bij de visvijver in Geulle. Het dringend verzoek is om bij aantreffen van spuiten deze niet aan te raken doch indien mogelijk af te dekken. Gelieve hierna contact op te nemen met de politie (tel: 0900 – 8844) en de vindplaats door te geven. Door de politie-ambtenaren zullen dan de spuiten worden meegenomen.

Verder wens ik U alvast prettige feestdagen en een gezond en gelukkig 2004. 

Hub Schoenmakers
Wijkagent.
Tel: 0900- 8844
In de heer zijn overleden

– op 16 november 2003, op 92-jarige leeftijd, Funs Kusters, Avé Maria
– Op 6 december 2003, op 80-jarige leeftijd, Wiel Kusters, Cruisboomstraat.

Rectificatie

In het artikel over het gouden huwelijksfeest van Jan Zwakenberg en Dea Evers in de Sjakel van november, is vergeten te vermeldden dat het echtpaar niet alleen drie zonen kreeg, maar ook een dochter, Carla.
Onze oprechte excuses hiervoor. 

Red.

Ontvangen

Van Ton Vranken mocht de heemkunde-vereniging een video CD ontvangen met hierop een interview met o.a. Sjef Thijssen ter gelegenheid van het 50-jarig jubileum van dit blad in 1997.

Tevens ontving de vereniging van de heer W. Claessen een geschrift van pastoor Smeets met hierin een genealogisch overzicht van de gemeente Geulle in 1755

Agenda

– Op dinsdag 20 januari 2004 om 19.30 uur komt de werkgroep dialect weer bijeen in het clublokaal.
– Op woensdag 21 januari 2004 vanaf 13.30 uur kunt u weer terecht in het clublokaal voor de maandelijkse (3e woensdag van de maand) werkmiddag.

De Sjakel na 2003

De redactie van de Sjakel probeert iedere maand een zo goed mogelijk maandblad samen te stellen uit de aangeboden artikelen.
Graag willen wij nu van u horen of wij in deze opzet slagen of dat u voorstellen heeft waarmee we in uw ogen de kwaliteit kunnen verbeteren.
Reacties kunt u sturen naar de redactie van dit blad of inleveren bij het secretariaat.

21e Kerstwandeltocht

Op 26 december organiseert buurtvereiniging Oostbroek veur d’n einentwintigste kjèr de wandeltoch op twjède kersjdaag.
Gesjtart weurd vanoet Café zaal ’t Heukske aan de Hulserstroat in Gäöl. Geer kent keze oet vief versjillende aafstande.
Veur de aafstande 5, 10 en 15 km kent geer vertrekke tûsje 8.00 en 15.00 oer. Veur de aafstande 20 en 25 km kent geer vertrekke tûsje 8.00 en 13.00 oer. De insjriefkoste bedrage € 1,- per persoon, waveur geer ein prachtig, door piele oetgezat parcours krieg aangeboaje door Gäöl en umgaeving.

Es herinnering ontvunk edere deilnummer ein plekplètsje. Veer höbbe auch eine I.V.V. sjtempel. Of öt noe raegent, hagelt, störmp of sjniet, het wandele geit bie os altied door.

Auch dit jaor kent geer weer geneete van de natuur en de landelijke umgaeving. Wandel mét en geneet van de natuur die Gäöl en umgaeving uch te beje haet. Veur mjèr informatie kent geer belle met nummer 043 – 3652061 of kiek op het internet op www.geulle.com veur informatie euver Gäöl. Veur de wandeling kent geer dan kieke bie buurtvereiniging Oostbroek.

De kale berg.

Er is een boek verschenen met oude ansichtkaarten uit Geulle. De samenstellers en schrijvers, onze heemkundevrienden Arthur Sassen en Maurice Wouters hebben dat goed aangepakt. Het boekwerk met de oude prenten geeft een mooi beeld van 100 jaar Geulle. Veel ansichtkaarten hebben betrekking op de kerk, het kasteel en het hellingbos in al zijn variëteiten. Over het laatste onderdeel een korte ontboezeming.
Veel van de foto’s over het hellingbos geven diepte. Geen diepte in de zin van zwaar nadenken of een diepe kloof die zichtbaar is. Neen, met de diepte op de oude ansichtkaarten bedoel ik in dit artikel: de doorkijk in het bos die op veel plaatsen aanwezig is. Vanaf de Snijdersberg of de Penderjansknub maar ook omgekeerd van beneden naar boven is er steeds een vrije doorkijk naar de andere kant van het dorp. 
Meest illustratief zijn wel de foto’s, gemaakt vanaf de bult van de Snijdersberg. Vanaf dat punt kun je vrijuit in alle richtingen naar Geulle-beneden kijken. De ‘openheid’ van de jaren veertig en vijftig vorige eeuw heeft dan opeens een heel andere dimensie. Ver kijken! En in een dorp dat gezegend is door een hoog gedeelte, kan dat bijzonder leuk zijn …. als de bomen niet te hoog zijn!

Met Staatsbosbeheer hebben we in het verleden al gepraat over open stroken in het hellingbos. Zó, dat weer een doorkijk naar beneden en naar België mogelijk wordt. Niet onwelwillend heeft Staatsbosbeheer enkele jaren geleden al ingestemd met het kappen van de een deel van de helling op de Penderjansknub. Maar het kappen van de helling rond de Bulberg is natuurlijk van andere omvang (los van de vraag of Staatsbosbeheer dat wil). 

Toch een leuk thema om vanuit de Heemkundevereniging daarover eens een discussie aan te zwengelen. Niet alleen met Staatsbosbeheer. Maar eerst met u als bewoner van Geulle. Want, bij alle nostalgie over het mooie uitzicht van vroeger gebiedt de realiteit te zeggen: voor herstel van (een deel van) het uitzicht moet er heel wat arbeid gedaan worden, niet één keer maar telkenjare!
Ik zou zeggen, laat uw mening (op schrift of elektronisch) eens horen bij de redactie. Met een brede achterban is het makkelijker om met Staatsbosbeheer te overleggen over een open strook in het bos rond de Bulberg. 

Paul NottenGeullenaar gekwalificeerd voor finale Nationale beroepenwedstrijd

Geullenaar Bart Willems, wonende in de Pastoor Smeetsstraat, heeft zich tijdens de voorronde van de nationale beroepen-wedstrijden gekwalificeerd voor de finale.
Ruim 170 jonge talentvolle vakmensen in de metaal en elektro streden in november om een plaats bij de beste vijf in hun vakgebied. Deze regio was met drie vakkanjers vertegen-woordigd en hiervan heeft de bij Amecspie (voormalige Melotte) werkzame Bart Willems zich, binnen zijn vakgebied sterkstroom-installatie, als tweede gekwalificeerd voor de finale van de nationale beroepenwedstrijden in de Jaarbeurs te Utrecht van 16 tot en met 20 maart 2004.
Bart, namens de redactie van de Sjakel wensen we je veel succes tijdens deze finale!

Feestelijke presentatie boek ‘Groeten uit Geulle’.

Onder grote belangstelling werd zaterdag 29 november het boek “Groeten uit Geule – een dorp in kaart gebracht” gepresenteerd. Het boek, samengesteld door Maurice Wouters en Arthur Sassen, toont een verzameling van meer dan 250 ansichtkaarten van bijna 100 jaar geleden tot heden. Speciaal ter gelegenheid van het boek hebben de samenstellers ook nieuwe ansichtkaarten uitgebracht.

Tijdens een gezellige avond in café Auwt Gäöl werd het eerste exemplaar van het boek overhandigd aan mevrouw Van Rijckevorsel – van Aefferden, dochter van de voormalige Geulse burgemeester en vroegere bewoonster van het kasteel van Geulle. Tegenwoordig wordt dit kasteel bewoond door haar dochter en schoonzoon, het echtpaar Tonino.

Het voorwoord was geschreven door de heer Tonino. Toepasselijk, daar het kasteel binnen de collectie ansichtkaarten in het boek een prominente plaats inneemt. Het was dan ook de heer Tonino zelf die met een korte toespraak de avond opende en de samenstellers feliciteerde met het behaalde resultaat.

Na de uitreiking van het eerste exemplaar aan mevrouw Van Rijckevorsel – van Aefferden sprak ook de heer Hein Peters, voorzitter van de Heemkundevereniging Gäöl, zijn dank uit, waarna vervolgens het boek werd uitgereikt aan de overige aanwezigen.
De avond werd extra luister bijgezet door de Limburgse troubadour Jos Meessen, met toepasselijke muziek in het dialect.

De belangstelling voor het boek overtrof alle verwachtingen van de samenstellers. Vooraf waren er bij intekening al meer dan 320 boeken verkocht, maar in de weken voor de kerst bleek de belangstelling nog groter waardoor er al meer dan 400 exemplaren werden verkocht.
Het boek en de ansichtkaarten worden o.a. verkocht bij De Bloomerie te Geulle.


Veer weinsje uch…….

De redactie van de Sjakel en het bestuur van Heemkundevereniging Gäöl willen al hun lezers, leden en adverteerders prettige feestdagen toewensen en een zeer gelukkig en gezond 2004. 

Wij hopen gezamelijk met u dat ook 2004 een gezegend jaar mag zijn voor Geulle, onze parel aan de Maas.


De Sjakel
November 2003


Geulle in vroeger tijden.

62. De spoorweghalte.Toen in 1864 de spoorlijn Maastricht – Venlo werd aangelegd wilde de gemeenteraad alleen maar grond afstaan als er géén halte of station in ons dorp zou komen! Want zo een nieuwigheid kon toch geen zegen brengen. Ze dachten dat de trein een uitvinding was van de boze geest. Dus waren zij tegen die “duivelse trein en helse spoorbaan”. 
Ook het verzet onder de bijgelovige Geullenaren was groot. Velen dachten dat de koeien minder melk zouden geven door het lawaai van de “avapeur” (stoomtrein)! Naderhand kregen zij daar veel spijt van. Want de trein reed al lang door het dorp zonder dat er ongelukken waren gebeurd. Verzoeken van het gemeentebestuur om alsnog een eigen station te krijgen werden steeds door het toenmalige Staats Spoor afgewezen. 
Maar na de spoorwegverzakking van 1892 zagen burgemeester Vijgen en de raadsleden een nieuwe kans. Want “het spoor” had nu de gemeente nodig. Ze wilden veel grond om het pad ten oosten van de spoordijk op te hogen. Dan kon het regenwater niet meer tegen de spoordijk aanspoelen, waardoor verzakkingen achterwege zouden blijven. De gemeenteraad besloot met algemene stemmen om de gewenste grond aan het Staats Spoor te leveren. Echter onder de nadrukkelijke voorwaarde dat er in ons dorp een station zou komen en dat de treinkaartjes vanuit Geulle goedkoop werden. De Spoorwegen hadden weinig keus en ook geen tijd om lang te onderhandelen, want zij wilden de spoordijk zo snel mogelijk herstellen. Zij gingen akkoord en een retourtje Geulle – Maastricht ging slechts een kwartje kosten. Het nieuws werd met gejuich ontvangen en burgemeester Vijgen steeg in de achting van de Geullenaren. 
Nadat de spoorwegverzakking was hersteld, bouwde men op een heuveltje een piepklein gebouwtje: Het station van Geulle. Dit heeft gelegen ten westen van de spoorbaan onder de scherpe bocht van de Snijdersberg en boven het voormalige PTT – kantoor (dit lag tegenover slagerij Vossen. In de scherpe bocht van de Snijdersberg lag vroeger café Lombok). 
Bij het stationnetje is vroeger ook een overweg geweest. Als er een trein naderde werd hij met twee lange dwarshouten afgesloten. Deze spoorwegovergang is inmiddels gesloten. Enkele overwegwachters hadden een reclamespreuk bedacht: Reis per spoor, veilig vlug en goedkoop. Deze spreuk was in de vorm van grote letters van bloemen aangebracht op het talud voor het stationnetje en was vanaf het terras van café Lombok goed te zien.
In het stationnetje werden de spoorkaartjes lange tijd uitgereikt door ene Jan Muitjens. Op de heuvel zaaide hij ieder jaar allerlei bloemenzaden waaronder “groffiaote” (anjers). Hij zaaide deze zodanig dat wanneer de bloemen gingen bloeien zij de woorden “Halte Geulle” vormden met daaronder het telkens veranderende jaartal.Na de opening van het station was het er druk, vooral op vrijdag als het markt was in Maastricht. Niet alleen onze dorpsbewoners, maar ook inwoners van Elsloo en Beek wilden in Geulle opstappen. Zij profiteerden ook graag van het goedkope Geulse retourtje. Heel veel boeren en boerinnen stonden dan ook op het perronnetje te dringen met korven vol eieren, boter, kippen, konijnen, bloemen, fruit etc. Zo gauw als de trein stilstond wilde iedereen tegelijk naar binnen om een plaatsje te bemachtigen. Zo kon het gebeuren dat iemand per ongeluk in een korf met eieren van een ander stapte. Na wat schelden restte de gedupeerde niets anders dan boos naar huis te gaan, om daar nog eens de hoon van zijn wederhelft over zich heen te krijgen. 
In 1911 is in ons dorp een dubbele spoorlijn met twee perrons aangelegd. 
In 1938 is het station van Geulle helaas opgeheven. Latere acties om de felbegeerde halte terug te krijgen hebben niets opgeleverd. Zo heeft de heemkundevereniging in 1949 nog een achteraf vergeefse handtekeningactie gehouden om de trein in ons dorp weer te laten stoppen. De spoorweghalte van Geulle is in de zestiger jaren van de vorige eeuw helemaal afgebroken. Archie Varis.Literatuur: 
1. Geulle dorp aan de Maas. (1993)
2. Geulle, zo moet het blijven. (1981)
3. De halte van Geulle (Sjeng Maasssen, nov.1999)
De Hondenkar (de hôndskar)De hondenkar was in de vorige eeuw nog een bekend vervoermiddel voor de groententelers rond Maastricht zoals Amby, Sint Pieter, Wolder en Caberg. Deze gingen wekelijks met hun groenten naar de markt in Maastricht.
Bij het begin van de tweede wereldoorlog waren in ons land nog ruim duizend hondenkarren.
In 1957 was de “schande der wegen” verdwenen. Dit ouderwets vervoermiddel nam zowel in dorpen als steden een belangrijke plaats in. 
Ook in Geulle waren diverse mensen met dit vervoermiddel. Melkhandel Pijls is in de beginperiode hiermee begonnen. Verschillende kleine boeren hadden ook een hondenkar voor het vervoer van veldvruchten en om de melkbussen naar de fabriek in Moorveld te brengen. 
In 1910 was iedere geleider van een trekhond verplicht om eenmaal per jaar het hondentuig en de kar te laten keuren. Die keuring was voor de houder kostenloos. De keuring gebeurde meestal in april. Men had twee weken de tijd om de kar en het tuig een goede beurt te geven. In Geulle gebeurde de keuring op het pleintje voor de voormalige Coöperatie tegenover de Harmoniezaal. Op de kar moest duidelijk leesbaar adres en nummer waaronder men ingeschreven stond zijn aangebracht.
De keuring werd verricht door de veldwachter en de kantonnier van de gemeente. De schofthoogte van de hond moest minimaal 60 cm. en de borstbreedte minimaal 14 cm. zijn.
Buik en borstriem moesten 4 cm. breed zijn en de draagriem op de rug minstens 6 cm.
De kar moest in goede staat zijn en voorzien van een steun of stelt, een losse ligplank om de hond te laten uitrusten, een drinkbak en zoals reeds eerder is genoemd een naamplaat met nummer. Was alles in orde dan werd de letter “G”, van geschikt, naast de naamplaat ingebrand. De begeleider van de hondenkar mocht niet jonger zijn dan 14 jaar en het was verboden zelf op het karretje plaats te nemen. Lastige en agressieve honden droegen een lederen muilkorf, dit om mogelijk bijten te voorkomen.
Er waren ook mensen die een geitenbok aanleerden in plaats van een hond om in de kar te lopen. Die had dan met de keuring en andere voorschriften niets te maken. Maar deze bok had het nadeel dat hij een uur tegen de wind in stonk, of je moest met een wasknijper op je neus lopen en dat is ook niet prettig. Als het transport over stijgende of dalende weg ging moest de begeleider meehelpen duwen of afremmen. Dit gebeurde door middel van de staande ijzeren beugel op de karboom aan de voermanskant, dus links. Was de hond een reu, en deze moest plassen, dan moest de begeleider ook die beugel vasthouden, want dan helt de hond naar links of rechts over en staat hij op drie poten met één achterpoot omhoog. 
De hond zou hierdoor dan kunnen omvallen.
In de oorlog van 1914 – 1918 gebruikte de Duitse infanterie nog op beperkte schaal hondenkarren. De politie controleerde ook wel eens of die trekhonden voldeden aan de voorschriften. 
Zo was er eens een begeleider die de drinkbak met een spijker aan de kar had vastgenageld, dus die drinkbak had een gat in. De veldwachter vroeg: “Hoe laat u nu uw hond drinken?”.
De man antwoordde: “In de voorschriften staat dat je een drinkbak aan de kar moet hebben en geen woord hoe je die hond moet laten drinken”. De man kreeg gelijk en de veldwachter kon hem geen verbaal maken.
De mensen boven de berg brachten het graan met de kruiwagen naar de molen onder aan de berg en lieten de kruiwagen daar staan. 
Als het graan gemalen was gingen ze met de hond en het tuig naar de molen en zette de hond voor de kruiwagen en kwamen zo gemakkelijk naar boven met het meel. 
In de vijftiger jaren van de vorige eeuw zijn geen vergunningen meer voor een trekhond uitgegeven. 
Tegenwoordig is de hond zodanig met de mens geëmancipeerd dat hij in de overlijdens- annonces bij de naaste familie genoemd wordt. De mens is bijna van het eerste plan verdrongen. J. MaassenTentoonstelling over Zuivel en Stroop in het Industrion, Kerkrade.Het Industrion in Kerkrade beheert in zijn museum een groot aantal vroeg-industriële en handmatige machines/werktuigen uit ons verleden. In de tentoonstellingsruimten zijn de maatschappelijke werkvelden (de kolenwinning, de mergelwinning, het brikke bakken enz.) thematisch bij elkaar gebracht.
Buiten de permanent tentoongestelde zaken worden af en toe ook specifieke onderwerpen toegelicht in een tijdelijke expositie. Dat is binnenkort het geval met de tentoonstelling “Zuivel en Stroop; van boerderij naar fabriek”. Deze expositie heeft plaats van 31 oktober tot en met 26 november 2003. Het gekozen onderwerp houdt verband met het Jaar van de Boerderij. Ooit was de boerderij de bakerplaats van twee takken uit de voedingsmiddelenindustrie: stroop en zuivel.
Beide voedingsbronnen hebben hun oorsprong op de Limburgse boerderij. Zuivel- en stroopbereiding gebeurden in vroegere tijden handmatig. De zuivelbewerking vond oorspronkelijk op de boerderij plaats, kleinschalig, niet hygiënisch, weinig effectief.
Zo beschrijven we die tijd nu. Het was al een hele vooruitgang toen er eind negentiende eeuw (zeg: vanaf 1880) kleine coöperatieve, handgedreven melkfabriekjes kwamen. Geulle was in die tijd goed vertegenwoordigd ‘in de vaart der volkeren’. Er zijn hier twee melkfabrieken geweest:
1. melkfabriek ‘de Eendracht’ in Hulsen van 1896 tot 1904 en
2. melkfabriek ‘de Toekomst’ in Moorveld van 1901 tot 1922.
Er wordt een artikelenserie voorbereid over de melkfabriek van Moorveld.
De andere kleinschalige voedselactiviteit heeft betrekking op het siroop stoken. Ook dat gebeurde aanvankelijk alleen op de boerderij. De laatste Geulse siroopstokerij was in beheer bij de familie Nijsten, bovenaan de Moorveldsberg. De stokerij was in gebruik tot midden jaren vijftig van de vorige eeuw.
Het leuke van de tentoonstelling in Kerkrade is dat een van de topstukken afkomstig is uit Moorveld. Wat is het geval? Als goede heemkundevereniging zijn we steeds op zoek naar de oorsprong der dingen. Op onze zoektocht naar de bronnen van de melkfabriek in Moorveld hebben we ruim een jaar geleden de karnton van de Moorveldse melkfabriek herontdekt in de kelder van de familie Waelen op de Moorveldshof. De karnton is in het voorjaar 2003 naar het Industrion gebracht en daar door deskundige en bekwame handen gerestaureerd. 
Na de tentoonstelling in Kerkrade komt de karnton terug naar Geulle om uiteindelijk na de aanstaande verbouwing een definitieve plek te krijgen in bejaardentehuis Ave Maria.
De tentoonstelling over de geschiedenis van de zuivel en de siroop is dagelijks te bezoeken en duurt tot en met 26 november. Meer informatie verkrijgbaar bij het Industrion te Kerkrade (tel. 045 5670809 of –per computer- info@industrion.nl). Paul Notten.
In de heer zijn overleden– Op 20 oktober 2003 op 82-jarige leeftijd, Net Simonis, weduwe van Huub Dohmen, van de Hulserstraat;
– Op 7 november 2003, op 83-jarige leeftijd, Sophie Severijns-Ghijsen, echtgenote van Frans Severijns.
Agenda van de Heemkundevereniging– Op 10 december is er om 19.30 uur in het clublokaal een bijeenkomst van de archiveringswerkgroep. Deze werk-groep houdt zich bezig met het digitaal toegankelijk maken van de Geulse archieven.
– Op 17 december vanaf 13.30 uur kunt u weer terecht in het clublokaal voor de maandelijkse (3e woensdag van de maand) werkmiddag.
Mededelingen
– In verband met de feestdagen dient de kopij voor de Sjakel uiterlijk 5 december bij de redactie aanwezig te zijn.
– In december is het ook weer mogelijk om nieuwjaarswensen in de Sjakel te plaatsen. De kosten hiervan bedragen € 5,-. Opgave hiervan is mogelijk bij de redactie vóór 5 december.
Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.De Noonk heeft de laatste tijd hard lopen denken, 
wat hij de lui van Geul zou kunnen schenken, 
natuurlijk géén koloniale waren in een kar,
die was al overvol bij het sluiten van de Spar.
De mensen die er anders nooit zijn gekomen
hebben immers stiekempjes hun kansje waar genomen:zij kochten voor de helft van de prijs, 
van alles, brood, drekstuiten, bier en ijs.
Je zou toch zeggen, als Geullenaar met fatsoen,
hadden jullie dat niet eerder kunnen doen?
Dan was Geuls warenwinkel wellicht niet gesloten,
ja, hadden de vaste klanten hun neus niet zo gestoten.Een klein beetje was wat je nog kreeg, 
de schappen waren meer dan leeg.
Nee, dan Albert, Lidl, Aldi en De Boer,
die draaiden ons een mooie loer,
ook het hulppostkantoor
ging met de super plots teloor.Bij alle andere middenstandsvrinden,
blijkt intussen geen animo te vinden,
voor het wegen en beplakken, 
van post in zakken en in bakken.
Wat zouden zij zich nou toch wensen,
die wat oudere of niet mobiele mensen,
misschien een postzegelautomaat,
in een warm lokaal en niet op straat ?Geen champagne of kaviaar, 
Wel de dagelijkse waar !!
’t Is voor John en consorten vreselijk erg,
Ook voor die van de Maas, van onder en boven de berg,
’t is miljaar eeuwig zunde,
we moeten nou naar Meerssen of naar Bunde.De jonge vethouder dan, 
heeft die, samen met de börger, een plan ?
Een servieswinkel onderzoeken,
verkoopt die ook peper en andere koeken ?
Ocharm, wat helpt toch dat zeuren,
waarom nog langer treuren,
staan zij niet steeds paraat, 
ons meisje en de jongens in de raad ?De koolrapen zijn intussen danig gaar, 
Geuls leefbaarheid loopt gevaar
De Noonk zegt: met inzicht en ietsje meer beleid
Had iedereen dat kunnen zien, en ruim op tijd.
Ja, daar liggen onze taken,
Geulle, let op je zaken ……!
Dus: Lees steeds Piekes brieven,
en blijf op de hoogte van ’s dorps grieven.Tot slot, beste lezers: Adie,
Van jullie Piemelenhoekse Zwarte Pie !
Gäöl ’62 speelt: `t TestementVan af mei 2003 is de toneelclub weer begonnen met de repetities van hun nieuwe productie. De leescommissie onder leiding van onze toneeldiva Rinie Thijssen had gekozen voor een oud boerenblijspel. Na maanden omzetten in het Geulse dialect werden de rollen verdeeld (altijd weer een verrassing).
We proberen iedereen die mee wil spelen ook een rol te geven. Tevens voor bijna iedereen een even gelijkwaardige rol.
Na ongeveer dertig repetities moet het stuk erin zitten. We proberen na de grote vakantie altijd met de opbouw van het decor te beginnen. Zo is het spelen wat gemakkelijker en vertrouwder. 
Er wordt wat afgelachen tijdens het oefenen. Zeker als men wat attributen en kleding begint mee te brengen. Als laatste wordt het decor opgebouwd in de Harmoniezaal. De spanning voor de generale zit er dan al wel in.
Omdat er al maanden hard aan tekst en het bewegen op de bühne is gewerkt vallen de zenuwen best wel mee. Zeker voor de routiniers. Het is toch iedere keer weer afwachten wat het publiek er van vindt. Maar dat zit meestal wel snor.
Na vorig jaar het 40- jarig jubileum van onze club en van Rinie van de Spar te hebben gevierd was dit jaar Wilmy Mullers-Voncken
aan de beurt. Zij zet al 25 jaar de meest leuke types op de planken. Wilmy is een echt natuurtalent, waar we nog jaren veel plezier aan mogen beleven. Dit jaar was ook de vuurdoop voor Caspar van Peter van Caspar en Gaby van Margo van Jeanne van Jwap.
Deze twee speelden alsof ze al jaren op de planken hebben gestaan. Chapeau.
Wij hopen en eigenlijk weten we na tien uitverkochte zalen alleen al in Geulle, dat wij veel mensen een heerlijk avondje amateur- toneel hebben bezorgd. Peter van CasparPolitie variaIn de maand oktober werden de navolgende zaken geregistreerd voor de kern Geulle.- In de nacht van 4 oktober werd een personenauto, merk Volkswagen, open-gebroken aan de Hulserstraat. Geluids-apparatuur werd weggenomen.
– Op 8 oktober zag de eigenaar van zijn personenauto twee onbekende mannen in zijn auto zitten. De mannen maakten dat zij wegkwamen. Gepoogd werd een spoor te volgen van deze onbekende mannen doch zonder resultaat. Uit de auto bleken later enkele goederen te zijn gestolen.
– Tussen 10 oktober en 12 oktober werd ingebroken bij het tenniscomplex aan de Kleivelderweg. Geluidsapparatuur en bouw-materiaal werd weggenomen.
– Op 15 oktober reed een onbekende bestuurder van een vrachtauto tegen een lichtmast aan het Kerkplein. Vervolgens reed de bestuurder door. Een onderzoek naar deze bestuurder werd opgestart.
– Op 21 oktober vond in de Hulserstraat een diefstal van een personenauto, merk Opel Corsa, plaats. De auto werd op 29 oktober weer teruggevonden in de gemeente Stein.
– Snelheidscontroles.
Reeds geruime tijd ontvang ik van buurtbewoners klachten over te hoge snelheden van auto’s in de straten van Geulle. Middels de lasergun werden op de locatie Hulserstraat/Oostbroek op 7 oktober, 10 oktober en 15 oktober een snelheidscontrole uitgevoerd. De hoogst gemeten snelheid bedroeg 74 kilometer per uur.
– Op 5 november werd door het verkeershandhavingsteam een radarcontrole uitgevoerd in de Hulserstraat. Totaal passeerden 550 auto’s de radar waarbij 134 bestuurders te hard reden. De hoogste snelheid bedroeg 96 kilometer per uur.
Tussen 07.30 uur en 09.30 uur werd gecontroleerd. 
De overtreders zullen binnenkort een acceptgirokaart ontvangen met het boetebedrag erop vermeld. Gezien de grote hoeveelheid overtreders en de hoge snelheid zal deze controle binnenkort wederom worden herhaald. Hub Schoenmakers
wijkagent Geulle
tel 0900 – 8844
Geulle 50 jaar geleden
November 1953……- op 22 november overleed de heer J.H.L. Thijssen in het ziekenhuis St.Annadal te Maastricht. In de heer Thijssen verliest Geulle een goed en vooruit strevend persoon. Zijn vooruitziende blik en doorzettingsvermogen, zijn gemoedelijke omgang, zijn liefde en belangstelling voor de evenmens, kortom al zijn goede hoedanigheden wist hij in de praktijk te brengen. In “zijn” fanfare St.Martinus vormde hij op deze wijze een geest van kameraadschap onder de leden.
Als lid van de gemeenteraad vanaf 1932 en in zijn functie van wethouder gedurende de periodes van 1935-1939 en 1945-1953 heeft hij de gemeenschap gediend. Door zijn gezond oordeel en zijn weloverwogen woord heeft hij veel bij gedragen tot het nemen van vele en belangrijke besluiten in de colleges van de Raad en B. en W.- Gemeenteraad: voor de vervulling van de vacature ontstaan door het overlijden van het lid J.H.L.Thijssen, komt in aanmerking de Heer M.Kengen te Westbroek.- Rectoraatskerk: Zondag 8 november werd in het rectoraat Waalsen de eerste steen gelegd voor de nieuw te bouwen kerk toegewijd aan het Onbevlekte Hart van Maria. Na de inzegening van de plaats waar het koor komt konden de aanwezigen door een klop op de eerste steen een bijdrage offeren. De opbrengst hiervan was fl. 1.200,00. In de steen zal een oorkonde gemetseld worden met de tekst:
In het jaar onzes Heren 1953 d.d. 8 november; Onder het Pontificaat van Paus Pius X11; onder het Episcopaat van Mgr Dr.G.Lemmens; Toen de Hoogeerw. Heer H.Steegmans deken was te Meerssen, de Weleerwaarde Heer H.Thijssen rector te Waalse, het kerkbestuur gevormd werd door de heren Jos Kengen, Jan Kerckhoffs, Jan Dekkers en Ger Stevens;
Toen de Edelachtbare heer W.Janssen burgemeester was te Ulestraten, de Edelachtbare Heer Jonkheer van Aefferden burgemeester was van Geulle en de heren Ramakers,van Hinsberg, Muytjens en Sassen wethouders waren werd deze kerk ter ere van het Onbevlekt Hart van Maria, ontworpen door architect St. Dings te Beek en uitgevoerd door de firma Coppes aannemers te Maastricht deze steen gezegend en geplaatst door de Hoogeerwaarde Heer H.Steegmans, Deken te Meerssen.

Deze oorkonde bevatte ruim 160 handtekeningen.- Uitbreidingsplan Snijdersberg. Het uitbreidingsplan, vastgesteld bij raadsbesluit van 24 april 1953 is thans goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Limburg d.d. 2 november 1953. Hein PetersGoud in de Luipertstraat.Op 7 november j.l.. was het 50 jaar geleden dat Jan Zwakenberg en Dea Evers in het huwelijksbootje het ruime sop kozen. Jan werd geboren in Limmel in een gezin met zeven kinderen. 
Hij begon zijn werkloopbaan als timmerman bij bouwbedrijf V.d.Hoff in Maastricht. Hier leerde Jan al vele mensen uit Geulle kennen zoals Giel Bollen, Sjang Lemmens en Sjo Kerckhoffs. Jan vervolgde zijn carrière als leraar timmeren op de lts van Huize st. Jozef in Cadier en Keer. Na hier gedurende 12 jaar met veel plezier gewerkt te hebben vertrok hij naar de lts in Schaesberg. Ook les geven aan de leraren opleiding op de hts in Heerlen deed hij met veel plezier. Helaas moest Jan hier mee stoppen nadat hij in 1983 een hartinfarct kreeg.
Dea werd geboren in Amby. Nadat ze naar eigen zeggen eerst de “spinazie-academie” (= huishoudschool) had gedaan is Dea gaan werken in een winkel. Later is ze gaan dienen bij mensen thuis. Op 2 februari 1947 sloeg de vlam tussen Dea en Jan over. Jan was op “kolenverlof” van dienst. Jan was gelegerd in Gilze-Rijen. Samen waren ze aan het schaatsen op de voormalige wielerbaan van Limmel. Hun prille liefde werd al vroeg op de proef gesteld. Jan moest namelijk in februari 1948 als bruggenbouwer bij de genie naar voormalig Nederlands-Indië. Hier verbleef Jan tot mei 1950. 
Op 7 november 1953 was het dan de grote dag in Huize Zwakenberg-Evers, er werd getrouwd. Jan en Dea gingen na hun trouwen in Limmel wonen. Hier werden ook hun drie zonen Herman, Jos en Frans geboren. Frans was 14 dagen oud toen familie Zwakenberg in ons Geulle kwam wonen. 
Dea heeft vele hobby’s. Vroeger was toneelspelen haar grote liefde. Ze heeft zelfs prijzen gewonnen als beste actrice. Nu zijn koken, bakken, handwerken en de tuin haar voornaamste bezigheden.
Stil zitten is iets wat aan Jan ook niet besteed is. Evenals Dea speelde Jan vroeger graag toneel. Ook speelde hij bariton in de “fanfaar” van Limmel. Fotografie en schilderen vulden verder zijn spaarzame vrije uren. Momenteel zijn wijn maken, puzzelen en zingen in het Gäöls Mannenkoor zijn hobby’s. 
Op 7 november werd er samen met hun kinderen en hun zes kleinkinderen een groots feest gevierd in ’t Heukske. 
Wij van de Sjakel en van het bestuur van de Heemkundevereniging, wensen de familie Zwakenberg nog vele gelukkige jaren samen in ons liefelijke Geulle. Maurice Wouters.

De Sjakel
Oktober 2003


Geulle in vroeger tijden.

61. Petrus Regout en de spoorwegverzakking van 1892.De vorige maand besprak ik hier de spoorwegverzakking die op 25 september 1892 in Geulle plaatsvond. Door het snelle en heldhaftige optreden van ene Dorus Knoppen werd toen een ramp voorkomen. De heer Sjeng Maassen van de Snijdersberg wist hierop nog een aardige aanvulling te vertellen: In 1892 heeft tijdelijk een hulpspoorlijn van circa 600 meter lengte dienst gedaan. Deze was na de spoorweg-verzakking aangelegd door Belgische soldaten en dwangarbeiders en lag ten oosten van de spoordijk waar nu het wandelpad ligt en wel van spoorlijnkilometer 10,2 t/m 10,8.
De twee tunnels links en rechts van het wandelpad aan de kanaalkant van de lange of Elsloër duiker zijn er niet altijd geweest. Tussen 1928 en 1934 is daar veel zand en kiezel gestort.
Deze was aan de andere kant van de spoordijk weggehaald omdat men daar bang was voor een nieuwe spoorwegverzakking. Niet alle zand en kiezel is op die heuvels terechtgekomen. Er zijn ook treinen vol richting Kerkrade gegaan voor het aanleggen van de spoordijk van het zogenaamde Millioenenlijntje. De opzichter bij de werkzaamheden was een zekere heer Brinkrink. Die 2 kunstmatige heuvels worden o.a. de zandberg en de “kniensheuvel” genoemd.
Petrus Regout de groot-industriëel in porselein van Maastricht had tenslotte dan toch gelijk gekregen. Reeds voor de aanleg van de spoorweg onder in de berghelling waarschuwde hij met grote nadruk tegen de gevaren van het onderliggende drijfzand. Moest hij van Maastricht naar het noorden reizen, dan liet hij zich steeds per koets tot Beek brengen en durfde daar pas de trein te nemen. Kwam hij uit het noorden terug dan reisde hij tot Beek weer met de trein en het laatste stuk naar Maastricht ging dan weer met de koets.
Vlak na de spoorwegverzakking van 1892 is een rijmpje gemaakt dat iedere Geullenaar indertijd van buiten kon opdreunen. Het gaat over deze Petrus Regout die in de volksmond ook wel de porseleinkoning van Maastricht werd genoemd.Waarom Regout niet kwam per trein
Dat zou een heel verhaal zijn
Hij had gewaarschuwd voor de berg
Dit was een spoorlijn al te ergDe spoorlijn door het Geulse land
Bestond volgens hem vooral uit zand
En op een goede vroege morgen
Zat men dan ook in de zorgenEen trein kwam plots met volle vaart
Maar een Geullenaar vrij en onvervaard
Liep met een rode zakdoek voor zijn leven
Om de machinist een sein te gevenVeel mensen heeft hij zo gered
Want de trein kon stoppen net
Voor de trein in het gat kon rijden
Heeft hij de reizigers kunnen bevrijdenDe beloning was zowaar
Tien guldens maar
En Regout kreeg toen bleek
Groot gelijk met zijn rit naar Beek Archie Varis.Literatuur: 
1. De Limburger, 11-9-1992 / Privé archief Jean Voncken, Moorveld.
2. Uit Geul’s verleden. (1926)
naschrift van de redactie
Een opmerkzame lezer maakte ons attent op het feit dat bij het artikel over de Staakmadonna in de Sjakel van augustus 2003 de bronvermelding niet geheel compleet was. Bij d
e bronvermelding moet ook worden opgenomen: 1. Uit Geuls’verleden, Past. Kengen, 1926 en 2. Sjakel, februari 1989 Sinterklaas ook dit jaar weer naar GeulleTraditiegetrouw zal St. Nicolaas ook dit jaar weer per boot in Geulle arriveren. Het Comité Aankomst St. Nicolaas heeft er ook dit jaar weer voor kunnen zorgen dat Sinterklaas met een prachtig jacht over het Julianakanaal naar Geulle zal komen. Het comité wordt daarbij gesteund door een grote groep vrijwilligers en door diverse instanties en zakenlieden die deze activiteit welwillend ondersteunen.Na uitvoerig overleg met Sinterklaas en diens hoofdpiet is afgesproken dat de Sint op zaterdag 15 november in Nederland zal arriveren en op zondag 23 november 2003 omstreeks 14.00 uur voet aan wal zal zetten in Geulle. De steiger voor de aankomst wordt ongeveer 100 meter ten noorden van de brug over het kanaal ingericht. Kinderen, die met hun ouders, de Sint willen verwelkomen kunnen het beste plaatsnemen op het westelijke fietspad. De aankomstplaats zal versierd zijn met vlaggen en is dus gemakkelijk herkenbaar. De geluids-versterking bij de steiger zal, zoals altijd, verzorgd worden door de bekende disc-jockey Dion Voss. Onder leiding van ceremoniemeester Jan Boom vindt de officiële verwelkoming plaats, hoogst-waarschijnlijk zal daarbij ook de burgemeester aanwezig zijn. De verdere muzikale verwelkoming vindt plaats door en van de beide Geulse muziekkorpsen. Dit muziekkorps zal de Sint ook begeleiden op zij tocht door het dorp.Ouders die hun kinderen, in de leeftijd van 0 t/m 12 jaar, willen aanmelden voor een persoonlijke ontmoeting met de Goedheilig-man kunnen dat doen door middel van aanmeldingsbriefjes, die op Basisschool “St. Jozef” en Basisschool “In Het Riet” en Peuterspeelzaal “Pinokkio” worden uitgereikt. Aanmeldingsbriefjes zijn ook verkrijgbaar bij mw. Paula Vossen, Oostbroek 10 en bij mw. Lia Pluis, Hussenbergstraat 3. De aanmeldingsformuliertjes zijn vanaf maandag 27 oktober 2003 verkrijgbaar en dienen uiterlijk op zondag 3 november te zijn ingeleverd bij een van de bovenstaande adressen. Dat kan ook nog op beide basisscholen op donderdag 30 oktober 2003 om 13.30 uur. De kosten voor aanmelding bedragen slechts € 3,-, waarvoor de kinderen ook nog een passend cadeautje krijgen. Gäöl ’62 speelt ‘t TestamentOp 25 en 26 oktober, 1,2, 8, 9, 15 en 16 november 2003 vindt in de Harmoniezaal te Geulle de jaarlijkse uitvoering plaats van Gäöl ’62. De titel van de produktie is: `t Testement.
De aanvangstijd is elke avond om 20.00 uur en de kaarten kosten 4 euro. Deze zijn te bestellen bij Pieke Ummels 043 – 3646698 op maandagavond, woensdagavond en vrijdag-avond telkens van 18.00 tot 20.00 uur. Opgraving aan de Saintweg in Geulle.Het plan
De Grensmaas voorziet in archeologisch onderzoek op die plaatsen waar dat nuttig kan zijn. Daartoe is het gebied van de Grensmaas op Geuls grondgebied met behulp van onder andere archiefonderzoek en handboringen systematisch ‘doorgelicht’. Voor Geulle zijn er twee plekken in de Saint gelokaliseerd als ‘archeologisch interessant’. 
In de twee laatste weken van september is het onderzoek verricht. De Maaswerken heeft voor dit werk een gespecialiseerd bureau ingeschakeld: BAAC BV. Het woord BAAC staat voor: Bouwhistorie, Archeologie, Architectuurhistorie, Cultuurhistorie.Het onderzoek. 
Evenals in de andere gebieden van de toekomstige Grensmaas waar opgravingen gedaan worden, was er voor de onderzoekers een graafmachine beschikbaar. De machine graaft en schraapt met een grote schop het gebied heel voorzichtig af. De archeologen lopen gewapend met schop en troffel waakzaam rond om bij de eerste de beste verkleuring van de aarde of bij het vinden van voorwerpen in de ondergrond over te gaan op peuterwerk. Archeologisch onderzoek is minutieus werk. Kleine oneffenheden in de ondergrond kunnen stille getuigen zijn waaruit de geologische geschiedenis of menselijke activiteit af te leiden valt. De plekken. 
In het vooronderzoek zijn 2 plekken gelokaliseerd. Eerst een plaats vooraan in de Saint waar in vroegere eeuwen mogelijk de Geul gestroomd heeft. De eerste plek levert niets op. In de ondergrond ‘verspoelde aarde’ van vrij recente datum. ‘Hoe oud?’ vraag ik. Midden/eind negentiende eeuw denkt Bernard van Dale, een Belgische archeoloog die bij BAAC werkt. De tweede plek wordt definitief gelokaliseerd aan de hand van brokken veldbrand die in het akkerland halverwege de Saint gevonden worden: de plek ligt vanuit Geulle gezien rechts van de Saintweg, ingeklemd tussen de weg en het kanaal. Een veldbrandproductieplaats. 
Middels 2 haaks op¨elkaar gegraven sleuven wordt het terrein met een oppervlakte van 20 bij 20 meter verkend. In de wanden van de sleuven zijn de lagen in de ondergrond goed te herkennen. Eerst een 60 centimeter dikke laag vruchtbare rivierafzetting waarvan de bovenste laag bewerkt wordt als akkerland. Daarna is het direct raak. Men stuit op het afval van een brikkenbakkerij: een dikke puinlaag van brokken veldbrand en helemaal vergruisde veldbrandsteen. Het grootste deel van de veldbrand lijkt wel verpoeierd. 
De afvallaag varieert in dikte van 80 tot 120 centimeter. 
Overduidelijke sporen van de vroegere menselijke activiteit die hier vroeger heeft plaats gevonden: het brikken bakken. 
Een derde dwarssleuf laat zien hoe het brikken bakken gebeurde. Op het grensgebied van rivierafzetting en steenafval is het dwarsprofiel zichtbaar van een daar gegraven sleuven, diepte ongeveer 30centimeter.Iedere sleuf heeft als brandkanaal gediend wat goed zichtbaar is door een 3 tot 5 cm. dikke verweerde aslaag. Die geeft precies de contouren aan van de wanden en de onderkant van de sleuf. 
Hoe gebeurde het brikken bakken? Op de bodem van de sleuf werden stro en takkenbossen gelegd. Hierop werd een laag gedroogde stenen gestapeld die weer afgedekt werd met stro en takkenbossen. Vervolgens ging de brand erin. Na enkele dagen als het vuur gedoofd was, konden de gebakken brikken afgevoerd worden en kon dezelfde brandgang weer gebruikt worden. De verbrandingsresten zorgen na zoveel jaren nog steeds voor een prima afdruk in de wand.
In de wand zijn duidelijk 5 brandkanalen te onderscheiden. De afstand tussen de brandkanalen onderling bedraagt om en nabij 1 meter 20 centimeter. Kwaliteit van de veldbrand. 
De productie van veldbrand in het veld (en niet in een veldoven zoals later veelvuldig wordt toegepast) geeft geen hoogwaardig product. Daarvoor was de temperatuur in de in de grond uitgegraven brandgangen duidelijk niet hoog genoeg en de verhitting wellicht te kort in tijd. De blootgelegde veldbrand is héél zacht en kan met een vingernagel afgeschraapt worden. De dikte van de puinlaag duidt er ook al op dat er bij het brikken bakken heel wat misbaksels waren. Midden in de opgraving op een meter diepte ligt nog een laag achtergebleven rode veldbrand in de vorm van een pad. De veldbrandstenen hebben een robuuste maat: 24 bij 12 cm, dik 6 cm. De stenen liggen netjes achter elkaar gerangschikt. Het lijkt wel of de vroegere brikkenbakkers op een gegeven moment schoon genoeg hadden van de veldbrand in de Saintweg, zo onberoerd liggen de stenen er bij. De kwaliteit is wél beroerd.Ouderdom. 
In tegenstelling tot andere delen van ons land komt baksteen in Limburg pas tussen 1800 en 1850 op grote schaal in gebruik. Daarvoor is er ook al baksteen maar dan bij grote boerderijen. Gelet op de algemene geschiedenis en ook de (voorzichtige) uitspraken van de archeologen is de veldbrandproductie in de Saint van rond 1850 of van latere datum.Bestemming.
Een prangende vraag is: welke bestemming heeft de veldbrand gehad? Het onderzoek geeft daar geen antwoord op. De vooronderstelling was dat de veldbrand mogelijk gebruikt zou kunnen zijn bij de bouw van plaatselijke kastelen (Geulle, Elsloo). Dat moet nu uitgesloten worden. De beide kastelen hebben een veel oudere bouwdatum terwijl de kwaliteit van de gevonden veldbrand ‘een kasteel niet waardig is’. Tijdens de opgraving was er even een sprankje hoop. De veldbrand-plaats ligt precies op de hoogte van de lange duiker onder de spoorlijn richting Elsloo (bij de zogenaamde. “kniensheuvel”). De veldbrand in de Saint van rond 1850 en de lange duiker onder de spoorlijn zijn uit dezelfde tijd (1850 tot 1860). Wat een combinatie van data. Daar moeten we het fijne van weten. Dus: op het eind van de laatste dag is het hele gezelschap archeologen met ondergetekende als plaatselijke gids naar de lange duiker gereden. Ter plekke: jammer. Bij de bouw van de duiker is een harde, fabrieksmatig geproduceerde gladde steen gebruikt die qua afmeting bovendien veel kleiner is dan het Saint-exemplaar. Samenvattend.
Een leuk onderzoek naar een kleinschalige, vroeg industriële activiteit in het Geulse. En we doen maar net als de onderzoekers na afloop: zand erover (en van de winter wellicht weer maaswater).Paul Notten. Brieven van Pieke junior uit de PiemelenhoekHallo, mensen van Geul, hier ben ik weer met een briefje vanuit de Piemelenhoek. En nou had ik vandaag net naar het voetballen willen gaan, maar nou is het afgelast omdat een hele boel molmuus een berg moutheuvele op de velden van de Boys gemaakt hebben en dat was vroeger wel anders, zegt de Noonk, want toen hadden ze nog de Sim en die schuifde zich niet uit de weg voor een paar van die huppele en ook koeieflatte, die gingen ze toen met de platschup aan het lijf en de Noonk heeft zelf nog de tijd meegemaakt dat je eerst de schapekeutele moest rapen voordat je de wei op mocht om tegen het leren monster te trappen en vroeger was der schijns ook een vrouw in Broekhoven, die beedde het Sinterjansevangelie op drie hoeken van de wei en dan was ter nog eenen hoek open en dan klipseerden die mollen het hem daarlangs en als je het niet gelooft, zegt hij, maakt hij mij nooit meer iets wijs. Maar die van de Boys zitten der maar schoon mee en de Noonk heeft al een idee devoor, zegt hij, ze kunnen beter bij Schols in Hulse op het geleeg gaan sjotten, want dat ligt er toch maar voor soppekneuk en schandaal debij en der staat al wat groen en het is in ieder geval zo hel, dat de molmuus hun snuits derop verrineweren. En misschien kan Ernes van Augustin uit Bunde als consul van de voetballers dat eens met die van de gemeente regelen. En dan kan hij ook eens even kallen met die jonge vethouder, want die moest eigenlijk de hangplaats voor de jeugd in Meerse-west openschieten, want dat was een hut als een voetbal en die was met gezette toegeplekt, wie alles in Meerse, maar om dat de burger schijns bang was dat die jonge vethouder de bal niet zou raken, sjus wie hij dekser in de collegekamer derneve schijnt te vethouden, hadden ze die van slachter Meijert van Meerse gevraagd en die heeft overal op de wereld looker in de nette van de gools geschoten dus dat was een koud kunstje voor die, maar de jonge vethouder heeft toch nog de voorzet devoor mogen geven en dat kon hij nog wel raken en bij ons kunnen we dat straks zelf want wij hebben nog een paar echt bombers, zo wie Frans van Oligaars en Frans van den Akker en onze Loe, want Bernard van de ketel zei vroeger altijd dat die pas kon skiete.
En nou hebben ze bij de pleisie ook weer wat nieuws, want der staat ter de hele tijd ene achter de straatlamp bij Kasper zijn boerderij door een soortement verrekijker te kijken en die richt op alles wat langs komt of ze de gordel nog om hebben en of ze niet te hel vare en dat heeft ters een hoop al veel centen gekost en Harie houdt zich wel in zegt hij, want dat is nog altijd jammer geld en die pleisie zal zich ook moeten inhouden, want Harie ziet zijne buik zo achter de lamp uitkomen en het is sjus wie met de hondenepper, die is ter ook nooit als de lui hauvernacht den hond uitlaten en als Harie ergens half van de weg afgevaren wordt dan zie je ook nooit iemand en vroeger hebben ze nog wel eens op den Hessendijk een paar losgelopen honden onder den auto gehad, maar die man van die honden heeft nou vogels en die kan hij schijns ook niet binnen houden want die zitten nu aan de Maas ergens in de bomen en zodat ze zich niet kunnen versteken, hebben ze in het huis waar vroeger Graatsje zaliger en Tina woonde het groen is rats afgeknipt, of was het nou rood? 
Maar misschiens gaat der nog wat veranderen, sjus wie in de kerk want die in Rome heeft gezegd dat het maar eens afgelopen moet zijn met misdienderessen en vrouwen in de kerk en zo en dat vindt de Noonk toch maar niks, want hij vraagt zich af wie nou het eerst het huis uit moet, de pastoor of de maag en de bank van de zank hier in den hoek is heel mooi geworden, maar het is wel wat hard om op te zitten en nou schei ik ter mee, met de groeten van jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek. P.S. jullie moeten je wel dat boekje met die kaarten van Geul aanschaffen, zegt de Noonk, want het schijnt dat ze van over de hele wereld dat al aan het kopen zijn !!
Politie variaIn de maand september werden door de politie 31 registraties opgemaakt met betrekking tot Geulle. Een greep uit deze registraties;- Een melding van parkeeroverlast;
– Een melding van overlast jeugd in Geulle – beneden;
– Een melding van schennis der eerbaarheid, gepleegd aan de Kanaalweg.
– Diefstal uit bestelauto, gepleegd aan de Hulserstraat in de nacht van 10 september.
– Drie meldingen van overlast van een hond te Brommelen. De eigenaar zou de hond niet aangelijnd buiten laten lopen. Tevens zou de hond door zijn luide geblaf bij afwezigheid van de eigenaar, overlast veroorzaken voor buurt-bewoners;
– Diefstal uit personenauto, gepleegd in de Drossaertstraat in de nacht van 18 september;
– Melding van verbranden van afval;
– Drie inbraken in woningen. Een woning aan het Marktplein kreeg ongewenst bezoek in de nacht van 21 september. Het bleef echter bij een een poging mede door goede beveiliging van het pand. De tweede woning betroft een woning aan de Hulserstraat in de nacht van 25 september. Via de achterzijde van de woning kon men binnenkomen. De derde woning is gelegen aan de Mevr. van de Meijstraat. Het ongewenst bezoek bezocht de woning in de nacht van 29 september;
– Snelheidscontrole. Op 30 september, tussen 18.00 uur en 19.00 uur, werd met behulp van de lasergun een snelheidscontrole uitgevoerd op de locatie Oostbroek-Hulserstraat. De hoogste snelheid bedroeg 74 kilometer per uur.In de vorige Sjakel berichtte ik dat de gemeente een skatebaan wilde plaatsen op de parkeerplaats aan de Sauerlaan, echter de jeugd heeft zich niet meer gemeld bij de gemeente waardoor de de uitvoering vertraging heeft opgelopen.Hub Schoenmakers
wijkagent Geulle
tel: 0900 – 8844
Geulle 50 jaar geleden
Oktober 1953- De V.V.V. “Heerlyckheit Geul” organiseert een buitengewone algemene vergadering om een mogelijke actie te bespreken om de treinen weer in Geulle te laten stoppen. Er wordt een afvaardiging ingesteld om met de Nederlandse Spoorwegen te gaan praten. Deze afvaardiging bestaat uit burgemeester A. Van Aefferden, Mevr. H. Epplé – De Witt Huberts en A. Baenens.- De redactie van de Sjakel stelt een ideeenbus in: Iedereen die een goed idee of suggestie heeft kan dit aan de redactie meedelen en deze zal er, indien mogelijk, voor zorgen dat dit idee bij de juiste instantie terecht komt. De redactie komt zelf met het eerste idee: Grotere afwateringsbuizen in het Geulderveld, zodat het Maaswater na overstromingen sneller uit dit veld kan lopen en waardoor de oogst beter zal worden- Tijdens de raadsvergadering wordt goedkeuring gegeven aan het voorstel om enkele grondstroken op te kopen voor verbreding van de weg te Hulsen.Agenda van de Heemkundevereniging– Op 19 november vanaf 13.30 uur kunt u weer terecht in het clublokaal voor de maandelijkse (3e woensdag van de maand) werkmiddag.
Programma van CV de BokkerieërsVoor alle echte Geullenaren en andere carnaval-vierders breekt binnekort weer het gekke-seizoen aan. De Bokkerieërs hebben weer gezorgd voor een overvolle agenda. Schrijf de onderstaande data maar in rood, geel en groen op de kalender en begin de dagen maar weer af te tellen:
– Op 16 November vanaf 14.33 uur Prinsuitroeping op het Kermisplein met een optreden van Paul Lemmens en de presentatie van de Bokkerieërsvlag;
– Op 17 November start de voorverkoop voor de Bonte Avond 2004 bij Bakkerij Steevens, marktplein te Geulle. Let op: Vol is vol! 
– Op 7 december start de kerstbomen-verkoop bij het boswachtershuis van Herman Joha. Alle dagen en weekende tot aan de kerst. 
– Op zaterdag 17 januari vind in de Harmoniezaal weer de jaarlijkse Bonte Avond plaats. Uitsmijter dit jaar is niemand minder dan TAAI TAAI.
– Op zondag 18 januari vind, eveneens in Harmoniezaal de Seniorenmiddag 55+ plaats en ook hier is de uitsmijter de groep TAAI TAAI.
– In het weekend van 7 en 8 februari bezoeken de Bokkerieërs de zieken en 85+ in Geulle.
– Op 20 februari vindt in de Harmoniezaal het Auwtwieverbal plaats. De aanvang is om 20.44 uur en de muziek wordt verzorgd door Dj Godding sound service.
– Op 21 februari vindt de sleuteloverdracht en het ‘Bokoplaten’ plaats. Aansluitend is de Prinsenreceptie
– Op 22 februari vertrekt om 20.00 de Boemelbus vanaf de Tempel Cafe `t Centrum.
– Op 23 februari trekt de ‘Grwatte optoch’ door Geulle.
– Op 24 februari is het de beurt aan de jeugd voor hun Kinderoptocht. Een toneelvoorstelling in Moorveld.In de maand september heeft toneelgroep Pallieter uit Elsloo het toneelstuk “Welkom in het bos” uitgevoerd. Het verhaal gaat over twee vrouwen die door het bos zwerven nadat een van hen weggelopen is bij haar man. De vrouwen raken daarna verzeild in absurde, soms droogkomische scènes waarin elementen uit het bos bij herhaling ten tonele komen. Om de binding met het bos zo reëel mogelijk te maken, is gezocht naar een toneelplek bij dat bos. En die plek werd gevonden in de boerderij van Joop Schermerhorn, hoek Bospad/Heerenstraat. De mise-en-scène in de schuur is omgekeerd aan die in een theater. In de schuur balen stro amfitheatersgewijze opgestapeld, 7 lagen hoog. Het schuurtheater biedt ruimte aan ongeveer 70 bezoekers. Voor de open poort van de schuur in de buitenlucht de toneelscène.
De door Pallieter toegepaste toneelopstelling is als érg leuk ervaren. Om in wat (bos)sfeer te komen konden toeschouwers vooraf een korte wandeling door het bos maken. Daarna de schuur in met toneel in de open lucht, de doorkijk vanuit de schuur over de weilanden, de koeien die af en toe komen kijken, het geblèr van schapen en een enkele keer het geritsel van muizen in het stro. 
Menige (oudere) bezoeker zal terug gedacht hebben aan de tijd dat de kerk van Moorveld nog in een schuur in Hussenberg was ondergebracht (1946-1952).
Na afloop van de voorstelling was er gelegenheid op de binnenplaats van de boerderij kennis te maken met de leden van het toneelgezelschap. 
Alles bij elkaar een levendige toneelvoorstelling in een ongekende ambiance. Zó moet het ongeveer toegegaan zijn in het openluchttheater in de Moorveldsberg, 75 jaar geleden.Paul Notten.

De Sjakel

September 2003


Geulle in vroeger tijden.

60. Dorus Knoppen en de spoorweg-verzakking van 1892.

De spoorlijn Venlo – Maastricht is door de toenmalige Staatsspoorwegen aangelegd en was in 1864 gereed voor gebruik. In ons dorp was zij oorspronkelijk boven door Hussenberg en Snijdersberg gepland. Vanwege de dan noodzakelijke enorme grondverplaatsing werd voor een goedkopere variant gekozen. Men bouwde de spoorlijn toen onder in ons dorp vlak langs de voet van de “bergen”. Maar dat bleek niet zo een goede keus. In november 1864 deed zich bij de buurtschap Terhagen in Elsloo een grote aardverschuiving voor. De pas aangelegde spoorlijn verschoof over een lengte van ruim 400 meter met spoordijk, rails, dwarsliggers etc. Er was een enorm gat ontstaan van ruim 20 meter diep, waaruit circa 150.000 m³ zandgrond was verdwenen. Hierdoor was men genoodzaakt om dit natte en drassige terrein te verlaten. Uiteindelijk werd de spoorlijn onder in de helling van de “bergen” aangelegd, waar ze nu nog ligt. Achteraf bleek dit traject ook niet veilig te zijn. Want op zondag 25 september 1892 om half 8 ’s morgens dreef onder aan de Laakbergweg (nu Slingersberg geheten) over een lengte van 85 meter zandgrond onder de spoorlijn weg. De spoorrails en dwarsliggers bleven boven een 5 meter diep gat hangen. 
Toen deze grondverschuiving plaatsvond, trilde het huisje van Dorus Knoppen op zijn grondvesten. Dit huisje lag onder aan de Laakbergweg pal achter de spoorwegtunnel aan de kant van Hussenberg. De geschrokken Dorus vliegt direct naar buiten en rent langs de spoordijk richting Elsloo. Dan ziet hij daar waar eerst de rails van de spoordijk lagen een groot gat waar boven de rails als een doorgezakte waslijn hangen. Hij beseft ineens dat er over enkele minuten een trein uit Bunde moet komen. Als een haas rent hij terug naar huis, pakt een bezemsteel en bindt daar een stallantaarn en een rode zakdoek aan. En weg is hij alweer. Als een gek spurt Dorus langs de spoorrails richting Bunde vanwaar uit hij de trein ziet naderen. Hij zwaait driftig met de bezemsteel met daaraan de lamp en de rode zakdoek. Ineens hoort hij een afgrijselijk geknars van staal op staal, terwijl sissend stoom ontsnapt. De machinist heeft zijn waarschuwingssignaal gezien en samen met de stoker de remmen aangedraaid. De trein komt op enkele meters voor het gat tot stilstand. De machinist en stoker springen uit de locomotief. Als zij de loshangende spoorrails zien, worden zij onder hun zwarte gezichten lijkbleek. De machinist die enkele minuten daarvoor in Bunde een personentrein uit de richting van Elsloo had laten passeren, kon niet geloven dat de spoorlijn in Geulle gevaar zou opleveren. 
Als een lopend vuurtje verspreidt zich het gebeurde door het dorp en vele nieuwsgierigen komen een kijkje nemen. Zelfs burgemeester Vijgen komt naar het nederige huisje van Dorus Knoppen en prijst hem om zijn moedig optreden. 
Mensen die Dorus vroeger niet zagen staan, wensen hem nu geluk. Een paar dagen later komen een paar hoge heren van de Spoorwegen naar hem toe. Zij belonen zijn moedige daad met een briefje van 10 gulden. Daarmee kon Dorus twee jaar de huishuur aan de gemeente betalen! Zo was Dorus die indertijd wel eens “de kraker van Geulle” werd genoemd, plotseling een man die bewondering verdient. 
Jaren daarvoor werd nog door vele Geullenaren over hem geroddeld, omdat hij de huur van zijn oude woning niet kon betalen. Het doodarme echtpaar Knoppen werd zonder pardon op straat gezet. 

De legende wil dat Dorus toen het lijkenhuisje in Broekhoven kraakte. Zo werd hij de eerste kraker van Geulle en misschien wel van heel Nederland! Het lijkenhuisje was een piepklein gebouwtje waarin onbekende drenkelingen in werden opgebaard. De gemeente liet hem daar voorlopig maar in zitten. Totdat zij in 1887 een nieuw huisje voor hem lieten bouwen pal naast de spoorwegtunnel onder aan de Laakbergweg. Het echtpaar Knoppen heeft hier jarenlang voor 5 gulden huur per jaar in gewoond.

Archie Varis.

Literatuur: 
1. De Limburger, 11-9-1992
2. Geulle dorp aan de Maas. (1993)
3. Uit Geul’s verleden. (1926)


De Maas geit verangere

Ich zaog in de gèzèt ön foto staon van öt grwoit graafwerrèk aan de Maas. Dat waor in de heite zomer van 1995. Geer gluif waal dat dat mich neet mèt rös leet. Dat moot ich zeen dach ich. Ich sting vreug op, pakde mich de fiets en voor de berrèg aaf. Öt waor önne sjwoine zoomermörrige dae zaoterdig. Öt waor euveral hiël röstig. 

Zellèfs de keu laoge röstig te neeringe in de dor weije achter Aamie. Ich moosj n.l.van Kedier en Keer kômme, want dao woon ich. Dao waor haos gei greun sprietsje graas te zeen. Al waekelangk hauw öt neet mië geraengend. En aan de Maas waor ouch haos geine minsj te zeen. Die laoge nog in bèd, want den aovend van te veure waor de buurt nao Ukeve gewaes en hauwe dao önne fiësaovend gehauwe. En doe waor öt get laat gewoore. Gezèlligheid kènt geine tied en ouch aan de Maas neet. Op mie gemaak kôsj ich de huip grônd bekieke. Öt begôsj al achter öt Kelderke in öt Gäölderveld en leep dao nao den auwe Maasdiek um aan de angere kant in de Bat wier te gaon. Achter de Klein Maas, achter de hoezer op öt bergske, tösje de Greend en de Gemeinde achter Savelkoel langs de Bok door de Seint richting Aelse. Dao sting önne grwoite bagger te slaope. Dae waor neet nao Ukeve gewaes méh hauw ön zwoir waek achter de rök.
Bienao twië maond waor dae in Gäöl baezig mèt öt aafgraave van de vrögbaare grônd op de plaats woi laater den echte diek moosj kômme te ligke. Dae gooije grônd moosj laater weer euver daen diek gelach waere en beplant of ingeziëd waere.
Noe kôsjte al ö bitsje zeen wie öt laater waere moosj. Ich zal euver ö paar maond nog ins gaon kieke wie öt daan oet zuut. Ich haop dat de Maas zich neet al te guftig maak en genôg gedöld haet tot den echten diek der ligk en tatter dan ouch sterrèk genôg zal blieke este Maas weer van die gekke kuure krieg.

Mar/B


Voedseldistributiebonnen 3

Naar aanleiding van het artikel over de voedseldistributiebonnen van Paul Notten in de Sjakel van juni, ontving de redactie nogmaals een reactie van een lezer, die anoniem wenst te blijven.

“Ik ben vanaf januari 1944 tot en met april 1948 werkzaam geweest als ambtenaar bij de distributiekring 266 te Meerssen. De boeren werden als zelfverzorgers beschouwd en van hun bonkaarten werden bij de uitgave de melk en vleesbonnen (of brood) afgeknipt en ongeldig gemaakt (het eerste werk voor een nieuweling). Er was een aparte buitendienst voor aanvragen van bonnen voor schoenen en textiel; deze dienst was altijd samen met de uitreiking van bonkaarten. In verschillende jaren was er politie-begeleiding onder weg en in het uitgifte-kantoor. In Geulle waren dat Dolmans, Koers, Schrantee en Pothof. Ieder kind kreeg bij de geboorte-aangifte een stamkaart. Deze werd uitgeschreven op het gemeentehuis en uitgereikt via de distributie. De bonkaarten waren in verschillende soorten ingedeeld naar leeftijd:
A-kaarten voor personen van 20 jaar en ouder
B-kaarten voor personen van 14 tot 20 jaar
C-kaarten voor personen van 6 tot 14 jaar
D-kaarten voor personen van 2 tot 6 jaar
E-kaarten voor personen van 0 tot 2 jaar.
Iedereen kreeg of een rookkaart of een snoepkaart of een rook/snoepkaart per leeftijd, één keer per jaar werden kolenkaarten uitgereikt: één per gezin, mijnwerkers uitgesloten. Zwangere vrouwen kregen extra voedselbonnen op attest van de vroedvrouw.
De heer Baltis was niet meer bij distributiekantoor Meerssen werkzaam in 1944. Hij heeft dus (alleen) het begin meegemaakt”.


In de Heer zijn overleden

  • op 31 augustus 2003 op 78-jarige leeftijd, Paula Dohmen, weduwe van Sjeng Simonis, Hulserstraat;
  • op 1 september 2003 op 89-jarige leeftijd, Truus Schmeitz, weduwe van Jeu Wouters, te Avé Maria;
  • op 10 september 2003 op 91-jarige leeftijd, Johanna Maria (Merie) Martens, weduwe van van Joannes Hubertus (Sjeng) Zeegers, van de Hussenbergstraat.

Politievaria

  • Uit een woning aan de Pastoor Kengenstraat werd een draagbare telefoon weggenomen.
  • Vermoedelijk had een dief last van de zon daar een bewoner aan de Hulserstraat ontdekte dat iemand zijn parasol had weggenomen uit de tuin. Van deze diefstal werd uiteraard aangifte gedaan.
  • In Aan de Maas vond een aanrijding plaats tussen een rijdend en geparkeerd voertuig. Alleen materiele schade aan de auto’s was het gevolg.
  • Aan het Marktplein kreeg een kapperszaak ongewenst bezoek en werd de eigenaar slachtoffer van een inbraak.
  • Het zwembad van Geulle werd door onbekenden bezocht buiten de openingstijden. Het winkeltje werd bezocht waarna de dieven onder andere snoepgoed meenamen.
  • Ook de basisschool kreeg ongewenst bezoek. Enkele goederen werden meegenomen. Door de technische recherche werd een sporenonderzoek ingesteld.
  • Door de politie werden diverse malen in de vakantieperiode de woningen bezocht van de bewoners die de vakantiekaart hadden ingeleverd.
  • Door de gemeente zal binnenkort een skatebaan voor de jeugd worden geplaatst aan de Andreas Sauerlaan. Deze plek zal door mij regelmatig bezocht worden om mogelijk ongewenste situaties meteen aan te pakken.
  • De (oudere) jeugd die zich regelmatig ophoudt op de kruising Heirweg – Husschenbergstraat veroorzaakt steeds meer overlast. Het drinken van alcohol op straat, klimmen op het dak van het kapelletje, voetballen op straat, slaan tegen lichtmasten zijn blijkbaar bezigheden die de groep als zinvol beschouwd. Door de politie is in het verleden reeds verbaliserend opgetreden tegen deze groep; echter men blijft zich onvolwassen gedragen. De gedragingen zijn echter niet veranderd waardoor binnenkort de groep opnieuw regelmatig bezoek zal krijgen van de politie waarbij het verbaliseren het uitgangspunt zal zijn daar gesprekken over de overlast reeds gevoerd zijn met de groep en niet het gewenste resultaat hebben opgeleverd. 

Heeft U klachten over deze groep neem dan contact met mij op.

Hub Schoenmakers
Wijkagent Geulle
Tel: 0900 – 8844


Maastrichterweg, een Vandalenweg.

De weg naar Kasen.
Vanuit Moorveld loopt er door het Lochterveld een weg naar Kasen, het gehucht boven Bunde. De weg maakte tot eind jaren vijftig vorige eeuw nog deel uit van het veldwegennet dat rond Moorveld in de loop der eeuwen gebreid was. 

In de jaren zestig komt de ruilverkaveling; kleine percelen worden grote lappen en veldwegen moeten verdwijnen. De weg tussen Moorveld en Kasen mag blijven en wordt geasfalteerd; een mooie niet te brede weg die nét voldoende ruimte biedt voor het verkeer (als het niet te druk is).
Boomaanplant.
De gemeente Meerssen heeft van meet af aan voor de oostelijke zijde van de weg boomaanplant voorzien. De eerste lichting bomen zal begin jaren zeventig geplant zijn. Het zijn lindebomen, langzame maar gestage groeiers die in het open land geen kwaad kunnen met druipende insecten, overmatige bladerval of kronkelende wortelgroei of ander voor huisbezitters dreigend ongemak. De bomen staat er in het uitgestrekte open veld en zullen ooit de skyline naar Kasen aangeven. En dat zal de bewoners van Kasen goed doen, als het zo ver is. Immers, vijftig jaar geleden was Kasen een verstoft gehucht waar je niet hoefde te komen want er was niets, behoudens . . . timmerman Sjaakske van Kasen, tot zeven dorpen in de omtrek bekend vanwege zijn deskundigheid om ‘ijswagels’ (sleeën) te maken. Om van Kasen toch wat te maken waren er mensen die met een licht spottende ondertoon zeiden: “ich moot nao Kase aan ´t sjtrand”. Dat klonk beter dan Kasen zonder toevoeging.
Geknakte bomen.
De skyline naar Kasen bijna vijfendertig jaar later. Ze is ze er nog niet. Vanaf de eerste aanplant zijn er vandalen actief in het Lochterveld. 
Iedere nieuwe aanplant ondergaat hetzelfde lot. De bomen worden geknakt door menselijk geweld. Je kunt er de klok op gelijk zetten. In de wintermaanden worden de open gaten in de bermbeplanting opgevuld. 
In het voorjaar de bladeren en dan maar wachten op het moment dat een geobsedeerde vandaal de bladeren niet langer aan andermans boom ziet zitten. De actie: een aantal bomen wordt door midden gebroken. Al in de tijd van burgemeester Majoor was er (gemeentelijke) zorg voor het aanhoudend zinloze geweld. In de laatste jaren heeft de gemeente gekozen voor de tactiek van ‘de stevige onderstam`. De in de afgelopen winter geplante bomen hadden duidelijk meer body dan de series daarvoor. Het resultaat: in de tweede week van augustus heeft de bomenklover weer toegeslagen. Telkens met een onderbreking van drie of vier bomen zijn zeven al stevige lindes doorgebroken. Het zal de mannen van Openbare Werken zwaar te moede zijn. Al zó veel jaren zó veel bomen. Zeg: 33 jaren maal gemiddeld 5 bomen. Daar kun je een heel bos mee aanplanten.
Mijn advies aan de gemeente: plant de geknakte bomen in een voor het publiek toegankelijk weiland, een protestweide als toonbeeld van onfatsoenlijk menselijk gedrag. En laat de bomen verder groeien, schots, scheef, of misvormd zoals ze werden door menselijk ingrijpen. En hoe verder met de oostelijke berm? Maak er een brede, mooi geknipte haag van Spaanse aak van; zo breed dat iedere vernielactie ruikt naar werken.

Paul Notten


Brieven van Pieke junior uit de Piemelenhoek.

Dag mensen van Geul, hier ben ik weer met een briefje uit de Piemelenhoek. En de kermis is ook al weer om en de Noonk zegt, dat hij der nog eens niets van gemerkt zou hebben als ter niet een paar vreem harmeniën in Geul waren geweest en hij vraagt zich af of dat nou komt omdat het bier en de drupkes de letste tijd zo duur geworden zijn of doordat de lui geen centen meer hebben omdat ters elke week wel een paar aan de deur staan voor het goede doel en die kan hij ook nog allemaal dus die kan hij niet zonder get van het geleeg sturen of iedere keer een knoop in de zak doen, want dan ga je ook door het dorp als een hole, zegt hij, maar het kan ook zijn omdat die van De Haag ons weer eens een paar poten gaan uittrekken en dan zullen die van de raad van Meerse wel niet lang op zich laten wachten, zegt hij. Maar Harie zegt dat het misschiens komt omdat Geul zondig wel drie keer op de tillevisie geweest is, eerst het kasteel op de Pruis met die fideleer van Maastrich en toen die van de Bakker op het Brook, met zijn licht en zijn Lotharingse knijnen en caviaas en zijn water, maar dat was een heel erg sterk stuk, want die pakde zich een paar brannetele en die vreef hij zich over zijn gezicht en zijn armen en hij brande zich gaaruits niet draan zei hij, hei, en anderen, die branne zich wel draan, en die hebben het dan mooi zitten, hei, zegt hij. En daarna was Sjaan van de Vonk van Moervelt ook nog drop, met twee Amerikaanse torens en die had een hele hoop speelgoed autoos der bij staan, die had hij zeker van de kleinkinderen nog over en het was maar een geluk dat Merie een hele boel vlaaien had gebakken en de knijn had de Noonk ook heel goed gesmaakt, wie een kermismiddig, zei hij en hij was toen maar gaan ungere, nadat hij zich op de keldertrap een paar eelskes gepakt had. En die van de zangk, die gaan binnenkort ook weer een zuurmuisfeest houden, met ijsbeentjes en zo en nou vraagt de Noonk zich af, hoe of die omgaan met de knooken die ze daarvan over houden. Als ze die maar niet gaan begraven bij dat moment dat ze bij ons in den Hook gaan opzetten en de Noonk zal daar wel eens opzichter gaan spelen, want anders heb je gloeiende kans dat het niet mooi wordt, zegt hij, ook al hebben die van de gemeente zich flink de tegenaangemoeid. En aan de knaalbrug zijn ters begonnen met verven en ze zijn al aan de pileren, maar de Noonk vindt die kleuren maar niks, voor hem mogen ze de brug weer mooi groen maken, dat is ook niet lelijk, zegt hij. En op de berg gaan ze nou toneel spelen in de bos en de Noonk hoopt maar, zegt hij, dat het niet van dat nieuwerwets gedoe is en dat ze zich de kleren aanhouden, want anders dan zitten ze mooi demet, zegt hij, hei, als ze zich verbrannen aan de netele. En in de raad zijn ze zich ook flink aan het vregelen en dat ligt schijns draan dat die van Geul politiek onervaren zijn en dat kan natuurlijk niet, zegt de Noonk want Charlie heeft het met de dikke aarrappele opgeschept gekregen en Neske, die schudde ze het vroeger als kind al in bij de koffie en Eddie, nou, die is al zo lang bij allerlei besturen, dat die ook wel weet wie een woonwagen uitziet. Wat nou, politiek onervaren. En Neske, die moet zich sowieso spoeien, want die van haar partij, die mogen schijns maar twee keer derin en moeten ze weer deruit, sjus wie Kemeelke van Vallekeberg, die moet nou Europa in en die komt dan weer terug en dan zal Neske wel naar alle staten gaan en dan kan die van de Kuster van Meerse, die daar al in zit, zich de borst een flink natmaken, zegt de Noonk en het zou hem niks verwonderen als Neske nog eens als vethouder terugkomt in de raad als die andere, die der nou zit uitgevethouderd is en voor je het weet staan die van ons nog eens bij die Amerikaan, broodjes te eten en zo, en dan zeggen de lui overal dat die van Geul gek zijn. Ja, ja. Maar jullie weten wat de Noonk altijd zegt: derin komen is nog wat anders als derin blijven en bier schudden is ook nog wat anders als friete bakken, daar moet je ook voor geleerd hebben en gelukkig gaat de frituur ook weer open en dan kan ik me weer een lekker knakweurske halen. Allè, tot de volgende keer met de groeten van jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek.


De hete zomer van 1947

Nu we een lange hete zomer achter rug hebben gaan mijn gedachten terug naar de nog hetere van 1947.
In de zomer van 1947 was het 3 maanden lang snikheet. Om 07.00 uur `s morgens was het al rond 30 graden warm.Voor arbeiders en boeren was het de hele dag afzien. Het weerbericht op de radio was steeds hetzelfde, “zonnig en droog” en dat 3 maanden lang.
Op 1 augustus van dat jaar was de oogst helemaal uit het veld verdwenen, de rogge, tarwe, gerst en de haver. Het oogsten was toen nog bijna allemaal handmatig met de “zig en pikhaak”. De grotere boeren hadden een zelfbinder die getrokken werd door 2 of 3 paarden, een tractor was toen nog niet in Geulle. De gerven (bussels) werden niet in hopen recht gezet maar na een paar dagen drogen op het veld werd het in een mijt gezet of thuis in de schuur gereden. Na de oogst kon de boer het land niet bewerken voor het zaaien van van herfstvoer zoals bladkool, mergkool , wikke of knolrapen. Doordat de grond keihard was, kreeg een paard de ploeg door die harde grond niet getrokken, een tractor van 30 pk geeft daar tegenwoordig niets om. De grond was zo hard dat je bij wijze van spreken een kromme kepernagel op die grond kon recht slaan. Het rundvee in de wei had bijna geen gras meer. Dat beetje gras was zo bruin verbrand door de zon, het was net tabak.Toen waren er nog keuterboertjes met een of meerdere koeien.
In de wei stonden nog hoogstambomen en dan voornamenlijk peren, de Geulse herfstpeer. 

De valperen en appels waren nog wat voer voor het vee in de wei. De koeien gaven ook minder melk want er was bijna geen voer meer. De mensen die een paar konijnen hadden voor de slacht vonden ook geen vers voer meer langs de bermen van de wegen en waren gedwongen de konijnen voortijdig te slachten. De wegen in het buitengebied waren nog niet geasfalteerd en waren dus kiezelwegen, die veel stof deden opwaaien. Bomen en andere houtopstanden, die op een kiezelondergrond stonden verloren op het laatst van september al hun bladeren door de extreme droogte maar zijn toch niet dood gegaan.
De oorlog was twee jaar afgelopen in 1947 maar er waren nog steeds artikelen op de bon o.a. suiker. Deze kwam in 1939 op de bon en in 1949 was die van de bon af, dus tien jaar later. Pastoor Stassen z.g. bad in de kerk die snikhete zomermaanden na iedere Mis of Lof drie Onze Vaders en drie Weesgegroetjes voor een gunstig weer, de vruchten der aarde en andere noodwendigheden.
Op de voetbalvelden was het gras ook kurkdroog, net tabak. Wij gingen toen kijken met de fiets naar Limburgia aan de Venweg in Brunssum als Ajax of Feyenoord op bezoek kwamen. Limburgia was toen de topclub van Limburg. De wedstrijd werd om half drie gespeeld en het was volle bak en snikheet. Langs de zijlijnen stonden toen om de twintig meter emmers met water. De scheidsrechter stopte om het kwartier de wedstrijd voor een minuut en dan konden de spelers zich wat verkoelen met het water. Zwemgelegenheid was er niet omdat er geen zwembaden waren.
In Geulle had men er iets op gevonden. Burgemeester van Aefferden was op vakantie en de wethouders J.Thijssen aan de kerk en J.Thijssen op het Oostbroek gaven toestemming om in het kanaal te zwemmen. Er was wel een voorwaarde aan verbonden. Zo moesten de jongens 50 meter zuidelijk van de brug zwemmen en de meisjes 50 meter noordelijk van de brug. 
Dit was spoedig in de hele regio bekend en de mensen kwamen op zondagmiddag van Elsloo, Beek , Geleen en zelfs uit Schinnen hier een duik nemen en het was in een mum van tijd gemengd zwemmen en als de politie kwam, dan zwommen de jongens naar de andere kant buiten het bereik van de politie. De kleedhokjes waren achter de hoge ligusterheg boven op de dijk die daar toen nog stond.

J. Maassen


Geulle 50 jaar geleden
September 1953……

– Op 1 september kwam de Raad in zijn nieuwe samenstelling bijeen ter behandeling van slechts een tweetal agendapunten. De heer J.Thijssen uit Oostbroek was zonder kennisgeving afwezig. Na de beëdiging door de voorzitter hield deze zijn gebruikelijke toespraak. Hierna volgde de verkiezing van de wethouders met het volgende resultaat:
Bij de eerste stemming kreeg P.H.Muytjens 4 stemmen en 1 blanco. Bij de tweede stemming werden op H.P.J. Sassen eveneens 4 stemmen en 1 blanco uitgebracht. 
De heer P.H.Janssen had na de beëdiging de raadszaal verlaten. Beide wethouders namen de benoeming aan.
Taakverdeling van B. en W. is als volgt:
Met toezicht op Openbare Werken is belast wethouder Muytjens en met de Bouwnijverheid (woningbouw) wethouder Sassen. Tot loco-burgemeester werd benoemd wethouder P.J.Muytjens.. 

– Benoeming: de Eerwaarde Moeder van het klooster aan de Maas alhier werd benoemd tot assistente van de Generaal-Overste en werd overgeplaatst naar Baarlo. Zuster Johanna zal zich blijven belasten met de bouw van het Tehuis voor Bejaarden te Hussenberg. Tot Moeder Overste en onderwijzeres aan de bijzondere school te Geulle werd benoemd zuster Jeanne te Hussenberg.

– De zes woningwetwoningen van de gemeente te Oostbroek zullen op 1 oktober a.s. kunnen worden bewoond.

Hein Peters.


Nieuw boek over Geulle

Medio november zal onder de titel “Groeten uit Geulle – een dorp in kaart gebracht” een nieuw boek over dit dorpje verschijnen. Op zo’n 260 pagina’s toont het boek een verzameling van meer dan 250 ansichtkaarten uit Geulle over een periode van bijna 100 jaar. Het boek gaat € 16,50 kosten, maar bij intekening voor 20 oktober bedraagt de prijs slechts € 14,00. Dit is inclusief een toepasselijke attententie. Voor inwoners van de gemeenten Meerssen en Stein wordt het boek gratis thuisbezorgd. Voor inwoners van buiten deze gemeenten wordt een bijdrage gevraagd van € 3,00 in de verzendkosten. Intekenen kan door het juiste bedrag over te maken op rek.nr. 1141.54.635 t.n.v. M. Wouters te Elsloo, onder vermelding van uw adres. Voor meer informatie kunt u kijken op www.geulle.com of bellen met 046 – 4377 156.


De Sjakel
Augustus 2003


Geulle in vroeger tijden.

59. De staakmadonna. (2)In de Sjakel van de vorige maand vertelde ik over de staakmadonna van de Sint Martinus kerk. Dit beeld bestaat uit een geraamte van lattenwerk met daarboven op, de hoofdjes van Maria en het kindje Jezus. Het staakmodel wordt aangekleed met een wit kleed en een mantel. Nadat het beeld eeuwenlang in de parochiekerk van Geulle beneden heeft gestaan, is het lang geleden zoekgeraakt. In 1999 werd de staakmadonna in een erg slechte staat teruggevonden. Nadat het door het kerkbestuur werd gerestaureerd, is het door de vrouwenbond Sint Apollonia geadopteerd. 
Vroeger kreeg de dit Mariabeeld regelmatig een andere kleur mantel. Die kleur veranderde samen met de kleur die het kerkelijk jaar voorschreef, zoals bijv. rood met Pinksteren en paars in de advents- of vastentijd. Door vrome gelovigen werd wel eens zo een mantel gegeven. 
In vroeger tijden moesten meisjes uit ons dorp wel eens een mantel aan de staakmadonna schenken. Volgens een eeuwenoud gebruik was een meisje dit verplicht als ze haar vaste verkering uitmaakte. Alleen zo kon de “schande” van een verbroken relatie uitgewist worden. Steeds als het Mariabeeld een nieuwe mantel aanhad, zeiden onze vroegere dorpsbewoners: “Maria is weer eens klook” (= deftig).
Onder deze verplichting konden de meisjes uit Geulle vroeger nauwelijks of niet uitkomen. Want van generatie op generatie werd door onze voorouders verteld dat Maria wraak zou nemen, als deze meisjes geen nieuwe mantel aan de Geulse madonna gaven. Volgens de overlevering zouden “dissidente” meisjes vroeg oud en lelijk worden. Zij liepen de kans nooit meer een levensgezel aan de haak te slaan of anders was er voor hen een huwelijk vol problemen en pech weggelegd. 
Om hen bang te maken werd het trieste verhaal van een zekere Marjanne van onder de Linde verteld. Deze had haar vrijer in de steek gelaten, maar was te gierig om de staakmadonna een nieuwe mantel te schenken. Marjanne geloofde niets van die Mariaverhalen die tijdens de lange winteravonden werden verteld.
Maar zie wat er gebeurde. Enkele dagen nadat zij in het dorp had gezegd dat ze geen mantel aan de Geulse madonna zou schenken werd Marjanne ernstig ziek. Ze werd gekweld door hevige pijnen, hoge koorts en vreselijke dromen. Nadat ze na lange tijd beter werd, bleef het kwakkelen met haar gezondheid. Terwijl haar leeftijdgenoten in het dorp er nog begeerlijk uitzagen, werd de ooit zo knappe Marjanne met de dag lelijker. Ook leek ze vroeg oud. Haar gelaat kreeg diepe rimpels, het zwarte haar werd snel grijs en haar prachtige figuur was snel verdwenen. Geen man keek meer naar haar. En zo zat zij thuis te morren en te kniezen omdat ze geen echtgenoot kon vinden. 
Toen Marjanne al oud was, wist ze toch nog een man aan de haak te slaan. Die beloofde haar eeuwige trouw maar het bleek achteraf een leegloper te zijn. Hij had het voorzien op haar goed gevulde geldbuidel. Hij speelde mooi weer met haar spaarcenten en liet zich het bier en de jenever in de kroegen van het dorp goed smaken. Toen deze klaploper al haar geld opgemaakt had, was hij plotseling spoorloos verdwenen. Hij werd nooit meer in Geulle gesignaleerd. En tenslotte was Marjanne er eindelijk van overtuigd dat al deze ramspoed haar bespaard was gebleven, als zij indertijd Maria een mantel had geschonken. En toen verzuchtte zij: “Hauw ich indertied Maria toch mer klook gemaakt” (Had ik indertijd Maria toch maar deftig gemaakt, door haar een nieuwe mantel te schenken)!Archie Varis.Literatuur: 
1. Maas- en Geleenbode, 13-5-1987
2. Kontakt, 28-4-1989
Öt kèrrèkplein aan de Maas.Ö tiedsje geleeje sting in de gèzèt tatter planne waore um öt kèrrèkplein tot besjerremp dörrepsgezich te wille verklaore. Doe begôsj mie hertsje al weer get sneller te kloppe. Want aan dat pleinsje höb ich hiël get sjwoin jeugherineringe euvergehauwe.
In de Vaste woor twië kiër in de waek um zes oor in de kèrrèk ö Lof gehauwe. Friedès besting dat oette kruuswaeg. En ön oer van te veure zaogste de braag jông Maaslengers al op waeg nao öt kèrrèkplein gaon. En dao waor altied waal eine dae dan önne voetbal bie zich hauw.
Ester nog mer ö paar jônges waore woor de paort van Hoebe oetgeroope tot goal. En dao waor altied waal eine dae es kieper wôl gaon staon. En dan waor optie paort geknald esof öt penanties van öt nederlands elftal betrof. Waore der al gauw mië jônges bie-ei dan verplaatsde zich nao öt voetballe nao öt kiezelveld veur öt gemeintehoes. En dao woor dan gesjaote tatte kiezele door de lôch vlooge en de bal sôms -önne hiël ènkele kiër en dan gans per ongelök – taenge ön roet aanvloog.
Ich weit nog van de Witte van Tien, dae van de noonk, meister Tilmans, sjus ö döbbelsje hauw gekreege, bie häöm ön roet raakde die mèt zwoin glaasgerinkel neet bestand bleek taenge deze aafstandssjäöt. En de Witte bie ziene noonk ging aanbelle um zie pas gekreege döbbelsje – ö kapitaal in daen tied – truk te brènge.Veer, es jônges,(hauwe nog nwoits gehwiërd van hangjongere) keeke altied oet nao de Vastentied. Es veer voetbalde waore veer zwoi gespanne dat veer de kèrrèkklok neet hwiërde tumpe. En ö paar menuute veur zès versjeen dan de keplaon um ôs te zègke dat veer nao binne moosjte want öt Lof ging beginne.
Um de kèrrèkèf waor ön moer mèt stankètsel. Die moer hauwe veer nwuödig bie öt “baare”.
Dat waor ö euverluipspeel van de moer nao öt hoes van Hoebe. En dat speelde veer este bal kèpot gegange waor. Dan woore twië pertieje opgestèld taenge euver ei. En dan moosjte perbeere aan den euverkant te kômme zônger door de taengepertie aafgetik te waere. Dae öt iëste de moer losgelaote hauw moosj maake tatter weer gauw veilig aan dezelfde moer trök kaom zoonger aafgetik te waere door eine van de taengepertie dae later es häöm de moer verlaote hauw. Woorste getik dan moosjte aan den euverkant aan de moer gaon staon en wachtte totste door eine van diene eige groep verlôs woors. Waore versjillende van diene eige groep gevange dan maogde die zich ei hand gaeve um zwoi wiet mögelik nao de straot te kômme. En woor de veurste getik, dan môch de hiël rie perbeere truk aan den euverkant te kômme um dan weer gewoon mèt te doon.
Op öt kèrrèkplein steit ouch ö sjwoin kèpelke van Sint Antonius dat door de Jônkheid ôngerhauwe weurt.
Euver öt veur ziene tied imposant gemeintehoes hoof ich uch neet väöl te vèrtèlle. Dao haet zellèfs ön sjwoilklas gezaete mèt väöl kèngerkès die de täöfelkès hel-op van boete moosjte liëre. Este vinster aopestông dan klônke hun stömkès euver öt ganse plein. Aan de angere kant zaotte bewoirswjoil van de Franse Zuster Annencé die de kènger franse leedsjes liërde, wie “ Saint Nicolas,patron des ècoliens, apporte moi un petit pancier”. Dat bèn ich noe nog neet vergaete. Naeve öt gemeintehoes laog de kaffee van Lowieje, woi de dörrèpspoletiek
Mèt ei dröpke aafgespeuld woor. Ich weit nog dat dae kaffee aafgebrand is en dat ze daonao önne nuuje kaffee en önne nuuje winkel geboed höbbe dae mië es tiëndoezend gölle gekôs hauw.Aan de Weskant, veur öt hoes van Metjeu van Gusjke en woi later die van Piels gewoond höbbe, steit ö sjwoin kruus op ö steine monemènt, opgerich ter herinnering aan öt gouwe fiës van pestwoir Swelsen. En naeve öt gétske woonde de köster Norbaer van de Pender. Aan den euverkant sting ön kônkernölle hègk mèt blaar die flink jeukde este daomèt ingevreeve woors.
Daovan woor önne spenderik gemaak veur de klabbösj, umtat die good vètsde. Veer maogde Norbaer dèkker hellèpe este twië klokke geloed moosjte waere. Esser zellèf neet debie waor, pakde veer de touwe ônger öt loewe hwoig vas en leete ôs mètte loch intrèkke.
Tösje Norbaer en öt kepélke laog öt hoes van den auwe meister Janssen, woi hiël get verhaole euver vertèld woore. Hae waor geine gemaekelikke. Ziene zoon woor affekaat en dao weurt noe nog sôms euver gepraot. Um zien haore good te laote greuje ginger in öt veurjaor in de zachte meiraenge staon. Ziene sjwoinzoon, Meister Tilmans, zalle de auw luu van Gäöl zeker neet vergaete. Dae waor de goojigheid zelf en hauw väöl verstand van bieje en van goudsalamanders en van tandpien. Sjus wie Sinteplonia, die ouch in de nuu kèrrèk häör plaats behauwe haet. En noe veer öt toch euver de nuu kèrrèk höbbe, öt tis ön sjwoin kèrrèk die in 1920 geboed is gewoore. De sjilderinge zin bès de meute waert. Ônger de ziekepél rechs ligk önne grwoite graafkelder, woi de kestiëlhiëre begraave woore. Dae graafstein steit noe rechop taenge de moer van de ziekepél. Dae moot geer mér ins good bekieke. Die ziekepél is nog ö stök van de auw kèrrèk , sjus wie den auwe taore. Ônger dae taore kaome de luu vreuger nao binne en den elter sting in de Leevevrouwekepél. Dae taore is al hiël auwd. Mesjien al 700 honderd jaor. Estae taore kôsj vertèlle euver de Maaslengers en de anger Gäöllenaere dan woor öt kèrrèkplein zeker besjerrèmp dörrepsgezich.Mar/BPolitie VariaIn de maand juli werd 32 maal opgetreden door de politie middels meldingen van inwoners van Geulle of eigen waarnemingen van de politie.Op 2 juli vond een visserijcontrole plaats bij de visvijver aan de Kleivelderweg. In totaal werden 11 vissers gecontroleerd waarbij alles in orde werd bevonden.Op 3 juli reed een fietser over de Kanaalweg. Hij had last van de genuttigde alcohol en viel in de berm. Na behandeling bij een arts en een proces-verbaal rijker werd hij thuis afgezet.Op 4 juli sprong de waterleiding in Westbroek. De WML werd gewaarschuwd waarna men het gat ging dichten. Tijdens een milieu-actie samen met de ambtenaar van de gemeente Meerssen werd zes maal opgetreden inzake het verbranden van afval zonder vergunning, storten huis-houdelijk afval en de Boswet.Op 16 juli moest een bestuurder van een bromscooter op de Slingerberg uitwijken voor een bestuurder van een personenauto. De bestuurder van de bromscooter kwam ten val en de bestuurder van de personenauto reed door. Een onderzoek naar de onbekende bestuurder loopt.Op 17 juli vond bij de visvijver een mishandeling en vernieling plaats. Het jeugdig slachtoffer deed aangifte. Een onderzoek naar de jeugdige daders loopt en binnenkort zullen zij worden opgeroepen om te verschijnen bij de politie.Op 20 juli werd een auto gestolen in Oud Geulle. Een dag later werd hij uitgebrand gevonden in de Saintweg. In de Graaf Wolter Hoenstraat ontstond een aanrijding tussen twee personenauto’s. Alleen materiële schade was het gevolg.Tijdens de Kiezelfeesten in België werd door bezoekers van dit festijn op de terugweg een uithangbord in Oud Geulle vernield.Verder werden geen meldingen van overlast of andere zaken ontvangen bij de politie.Hub Schoenmakers
wijkagent Geulle
Geulle 50 jaar geleden
Augustsus 1953……..- Onlangs had de onderhandse aanbesteding plaats van de bouw van een nieuwe kerk in het rectoraat Waalsen met het volgend resultaat:
v.d.Linden Roermond fl.197.300
J.H.Bogman Beek fl. 195.400
H.Coppens en Zn. Maastricht fl. 192.900.
De gunning is aangehouden. – De redactie-secretaris van de Sjakel , de heer Hub Lemmens is op 22 augustsus in het huwelijksbootje getreden met mej. Nelly Baeten. Het verheugt de Sjakel dat Hub als medewerker aan de Sjakel blijft verbonden. Zij gaan wonen in Maastricht.- het gemeentelijk uitbreidingsplan. De gemeente beschikt zelf over de volgende terreinen:
Bosgrond 34.88 HA
Boomweide 10.45 HA
Bouw en weiland 44.34 HA
Andere gronden 1.63 HA
De helft van de bewerkte oppervlakte cultuurgrond bestaat uit grasland met fruitbeplanting.Ook hier zal in de fruitbedrijven een aanmerkelijke verbetering dienen te worden aangebracht door het kweken van uitsluitend betere kwaliteiten en de vervanging van de hoogstam-boomgaarden door beplanting in struikvorm met haar betere opbrengsten en minder arbeidsintensiteit.Voor wat de uitbreidingsplannen betreft is er zoveel mogelijk rekening mede gehouden het landelijke karakter der gemeente te handhaven en dus van de beschikbare van uitstekende kwaliteit zijnde kultuurgronden zo weinig mogelijk aan deze bestemming te onttrekken.
Het welvaartspeil. De gemeente Geulle kan bogen op een hoog welvaartspeil. Dit blijkt uit de zeer welvarende indruk welke men bij de doorkruising der verschillende gehuchten opdoet. De algemene gegoedheid der bevolking blijkt overigens ook uit het eigendom der bewoonde panden. Van het aantal in 1947 bewoonde woningen namelijk 340 waren er 257 ofwel 75% eigendom van de bewoner, welke cijfers voor Nederland 28% en voor de provincie Limburg 43% was. Van de 97 boerdrijen waren er 89 of 92% eigendom, tegenover Nederland en de provincie Limburg resp. 68% en 77%.Hein PetersBrieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.Dag mensen van Geul, hier ben ik weer met een briefje uit de Piemelenhoek. En het is echt heel warm hier, zo warm dat het allang niet meer geweest is, en over al is het niet groen maar bruin en gans Geul lijkt wel uitgestorven overdag, want der is geen hin buiten te zien maar wel ’s avonds, dan maken ze een hele boel plezier en nog meer leven op de terrassen. De Noonk zegt dat het weer eens een ouwerwetse bouwvakantie is geweest, die hadden vroeger altijd het beste weer en de meeste dorst, maar der zijn ters ook een heleboel van Geul wijt weggegaan, nou dat hadden ze toch ook niet hoeven doen, want der zijn ters ook, die bijna hun kont aan de bossen verbrand hebben en dan kun je beter in Meersse blijven, want daar mag je nou niet meer stoken in de open lucht, maar zeker wel binnen en in de achterkamer, zegt de Noonk. En de bejaarde van beneden hebben geprotesteert tegen dat bij hun de heg niet geknipt was en die van de redactie, die hadden een foto devan in de vorigende Sjakel gezet en die hadden zich af gevraagd of dat er wat aan gedaan zou worden en nou zegt de Noonk, wat waar is, is waar en dat de gemeente nou goed werk gedaan heeft en alles in ene keer devan afgerots heeft en dat ligt zeker daaraan dat die van de raad ook de Sjakel lezen, iedere maand, om te kijken of ze ook derin staan. Nou, dan hebben ze hier der eentje waar ze ook wat aan kunnen doen, dat ze nou een heleboel boomstammen langs de Kanaaldijk leggen, dat gaat nog, maar anders ligt daar deks een hele hoop zooi en dan is het net of Geul het lager van Meersse is en de Noonk vindt, dat ik daar maar eens wat over moet schrijven en als die van de gemeente dat lezen, dan komt daar misschiens ook een komaf aan net als bij de heg van de bejaarden. En dan hebben ze tenminste weer wat om over te praten en te steggelen als ze op het terras zitten. En het gaat alleweil ook heel goed met die van de horeca, want aan de Maas hebben ze hun deskundig en geschoold personeel uitgebreid en aan de visvijver is der schijn een nuwe bijgekomen en in Hulse zijn der een paar in het hoge seizoen gewoon op verkantie en dan vragen ze zich ook nog af waarom de lui van Geul zo deks naar Sjel gaan in Bels en de Noonk was ook gegaan met Harie en ze hadde zich de broekspijpe opgestroopt en ze waren zomaar door de Maas heen gegaan en Harie had bijna een schoen verloren, maar toen ze terugkwamen zijn ze toch maar met het veer overgegaan, want het was te gevaarlijk omdat de Noonk zei dat hij aan Harie zijn ogen kon zien dat het peil te hoog was gekomen, maar het was toch wel heel erg gezellig geweest en dorstig want wie ze door de gang weer in Geul kwamen hadden ze zich der daar toch nog maar ene gepakt, bij het eerste kapelke wat ze tegen kwamen.
En nou wordt het toch langzamerhand mooi tijd dat het gaat regenen, want den haan zit den hele tijd onder het schop in de scheem en de hinnen beginnen zich te beklagen en de Noonk zit ook maar de hele tijd onder de poort in den trek en in zijn stupke, maar niet in zijn korte broek, want dat vindt hij niet uitzien zegt hij, seer hij in de gezet van Maastricht gezien heeft wie de mensen daar de bij lopen maar Harie zegt, dat dat komt doordat de Noonk benen heeft, die zo krom zijn, dat hem de zeug nog dedoorheen loopt als hij ze moet vangen. Nou, mij is het te warm om achter de varrekens aan te rennen, ik blijf liever gezond dus ik ga maar bij de Noonk zitten, niet te veel doen want anders loopt je de zweet wie leuter langs de prei, dus de groeten en tot de volgende maand, met de groeten van jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek.Buurtvereniging “Geulle Aan de Maas” viert 50 jarig jubileum.Het kerkdorp Aan de Maas (tussen Maas en Julianakanaal) is een van de oudste gehuchten van Geulle. 
Omdat de Maas in lang vervlogen tijden een belangrijke doorgangsroute was voor het handelsverkeer vestigden zich hier al vroeg bewoners. De overwegend katholieke bevolking was in die tijd georiënteerd op kleinere landbouw, vee- en fruitteelt. Vóór de herindeling van Geulle bij Meerssen was Aan de Maas het bestuurscentrum van Geulle, immers het gemeentehuis, de kerk, de lagere school en het kasteel waren of zijn er nog gevestigd.
Toen in Zuid-Limburg de industrie (mijnen, aardewerk, papier) opkwam vonden vele boerenzonen werk in deze industrietakken, immers op de kleine boerderijen was niet voor iedere zoon een volledige dagtaak voorhanden. Zij vertrokken uit de buurt en vestigden zich elders, dichter bij het werk en huwden vaak meisjes uit de nieuwe omgeving. Veel jonge dochters gingen in dienstbetrekking, meestal naar een stad. Ze trouwden en vestigden zich met hun gezin niet meer in hun oude buurt.
Gevolg van een en ander was dat de ouders aan de Maas achterbleven, meestal verzorgd door de oudste dochter, die dan ongehuwd bleef. De buurt vergrijsde. Bij het overlijden van de ouders werd de vrijgekomen woning verkocht aan “vreemden”. In de laatste halve eeuw is de buurtbevolking nagenoeg totaal “vernieuwd”, waardoor de rasechte “Maaslenger” zeer zeldzaam aan het worden is. Toch is het mogelijk gebleken om 50 jaar geleden een buurtvereniging op te richten die vandaag nog springlevend is en waaraan ook de “nieuwe Maaslengers” met veel enthousiasme deelnemen. Het is alleen jammer dat de dagelijkse omgang totaal is veranderd. Ouderen zeggen: “De Maasbuurt is de buurt van vroeger niet meer”. Er wordt niet meer ‘s avonds op de bank voor het huis bij elkaar gezeten en in de winter is “plenken” er niet meer bij. Iedereen is op zijn eigen ingesteld. Toch is een ding onveranderd gebleven. Bij dreigende overstromingen is iedereen dag en nacht bereid hulp en bijstand te verlenen waar dat nodig is.Ook wordt door de buurtbewoners (ook de nieuwe) geestdriftig meegeholpen bij de organisatie van diverse activiteiten. 
Afgelopen juni had de buurtvereniging de organisatie van de Sacramentsprocessie. Door een goede organisatie en vele medewerkers was de vereniging in staat mooie versieringen aan te brengen in de vorm van een ouderwetse zandloper. Van diverse kanten kreeg de buurtvereniging dan ook een pluim op de hoed gestoken. We hopen dat onze buurtvereniging eensgezindheid en vriendschap mag blijven uitdragen voor zowel de nieuwe als oudere bewoners van onze buurt.Ter gelegenheid van het 50 jarig jubileum zal door het bestuur van de buurtvereniging een speciaal fotoboek worden uitgegeven, voorzien van ca. 60 nog nooit eerder vertoonde foto’s van talrijke gebeurtenissen uit dit oude stukje Geulle. Het boekwerk is samengesteld door een van de oprichters van het eerste uur van de jubilerende buurt-vereniging t.w. de heer Hub Janssen. Het boekje zal in een beperkte oplage worden gedrukt door Drukvorm Geulle en kost slechts € 4,00
Het programma ter gelegenheid van dit 50 jarig jubileum ziet er verder als volgt uit:
Zaterdag 20 september 18.00 uur.
H.Mis in de St. Martinuskerk voor alle overleden en levende leden, oud leden, oud bewoners van Geulle Aan de Maas, evenals alle Geullenaren en andere belangstellenden.
Deze H. Mis zal worden opgeluisterd door het vermaarde 65 leden tellende Posterholts Gemengd Koor (P.G.K.) onder leiding van Jan Teuwen. Uitgevoerd zal worden de Missa Festiva van Gretchaninoff.
Gezien de ervaringen elders in Limburg, dient U op deze dag tijdig in de kerk aanwezig te zijn om verzekerd te zijn van een zitplaats.
Aansluitend aan deze feestmis zal er tot ca. 20.00 uur een receptie plaatsvinden in een hiervoor speciaal ingericht feestpaviljoen in de tuin van Chateau Margot, Kuiperstraat 4a.
Hierna volgt de feestavond. Voor goede muziek en een natje en droogje is gezorgd.
Zondagmiddag 21 september zal er een speciale middag worden georganiseerd voor de leden van de buurtvereniging.H. Spee
Voedseldistributiebonnen 2Naar aanleiding van het artikel van Paul Notten in de Sjakel van juni jl. over het systeem van voedseldistributiebonnen tijdens de 2e Wereldoorlog ontving de redactie een tweetal brieven, te weten een brief van ons Heemkundelid Lei Sassen uit Venlo en een brief, afkomstig van iemand die onbekend wenst te blijven. Dhr. Sassen stuurde met zijn brief ten behoeve van het archief van de Heemkundevereniging mee:een aanvraagformulier voor een schoenen-bon, met toelichting;een formulier “Individuele aanvraag voor extra rantsoenen wegens bijzondere arbeid”een tweetal kopieen “Nieuwe Bonnen” en een kopie “Nieuwe bonnen voor voedings-middelen”;een kopie van een schrijven van de Distributiekring Meerssen aangaande de uitreiking van bonkaarten voor de 9e Periode;een textielkaart VA 905;een bonkaart KA 905 voor de 5e tot en met de 8e Periode;een bonkaart QC 901 voor vrouwen geboren in 1931 of vroeger;een bonkaart P E;een bon voor 0.1 m3 vensterglas;een bon voor een toer-buitenband;een bonkaart distributie vaste brandstoffen;een distributiekaart; een rijksdistirbutiekaart; voedingsbonnen;een tweede distributiekaart; een kopie van een distributiekaart; een distributiekaart voor tabak;een overzicht van de verschillende soorten distributiebonnenDe brief van dhr. Sassen is hieronder integraal weergegeven.De distributie Stamkaart is tevens het bewijs van opneming in het bevolkingsregister. Deze Stamkaart werd ingevoerd met ingang van september 1939 en was grijs van kleur met blauwe opschriften en lijnen. De stamkaart was geen bonkaart, maar het basisdocument van de distributie, waarop bonkaarten, aanvraag-formulieren en persoonsbewijs konden worden verstrekt cq. aangereikt. Deze uitreikingen werden door middel van een aantekening, code of stempel in één van de 297 vierkantjes op deze kaart aangetekend. Later kwamen er ook nog inlegvellen bij die in de stamkaart werden vastgeniet.
Iedereen (baby’s niet uitgezonderd) die ingeschreven was, of bij de geboorte werd ingeschreven, kreeg via de ambtenaar van de burgerlijke stand een stamkaart uitgereikt (in mijn archief heb ik een stamkaart die één dag na de geboorte van een nieuwe wereldburger werd uitgereikt bij de aangifte). In 1939 (dus na de uitreiking van de stamkaart) werd een Rijks-distributiekaart uitgereikt aan allen die in het bevolkingsregister waren ingeschreven. Bij wijze van proef kwam in het najaar van 1939 de suiker op de bon. De rantsoenen waren zeer ruim en suiker was toch min of meer een luxe artikel en werd zeer matig gebruikt. Bovendien kochten de grens-bewoners langs de Belgische grens hun suiker in Uikhoven of van de smokkelaars die deze suiker langs de deuren verkochten. Deze gesmokkelde suiker kostte bovendien slechts een kwart van de prijs in Nederland. De proef was dus voor de Nederlandse regering geslaagd.
Al vrij kort na de Duitse bezetting kwamen levensmiddelen als eerste op de bon. Voor bijna al het dagelijkse basisvoedsel waren er aparte delen op deze bonkaarten, voor bijvoobeeld vlees, brood, boter, melk en aardappelen. Ook waren op deze bonkaarten bonnen voor ‘algemeen’ of ‘reserve’ en deze werden dan aangewezen voor bijvoorbeeld stroop. Aparte kaarten waren er voor goederen zoals textiel, brandstof, groente, fruit, vis, tabak, versnaperingen, vet en petroleum. Bonkaarten werden uitgereikt naar bepaalde leeftijdsgroepen en geslacht, bijvoorbeeld voor meisjes tot vier jaar, of voor mannen van 21 jaar en ouder. 
Veel artikelen (geen levensmiddelen) moesten apart worden aangevraagd, zoals fietsbanden, schoenen, porcelein en glas. In januari 1944 werd de tweede distributiestamkaart uitgereikt. Deze was eveneens grijs van basis-kleur. De opdruk en lijnen waren bruin. Bij de gezinshoofden stond aan de voorkant van de stamkaart het woordje ‘hoofd’ gestempeld.
De distributie duurde tot begin jaren vijftig van de vorige eeuw. Toen ik op 1 maart 1949 als gewoon dienstplichtige onder de wapenen werd geroepen, moest ik mijn distributiebonnen bij mijn onderdeel inleveren.
Aan echtparen en kraamvrouwen werden extra bonnen uitgereikt voor speciale artikelen, zoals lakens, dekens, potten, pannen en servies. Kraamvrouwen kregen extra bonnen voor toiletzeep, luiers en dekentjes.
Tijdens de 2e Wereldoorlog werden de nummers van de bonnen die geldig waren voor een bepaalde periode in de kranten bekend gemaakt. Ook in de winkels hingen lijsten op met deze gegevens.
De huismoeders hielden de geldigheidsduur van de bonnen bij en bewaarden de stamkaarten, distributiebonnen en verzekeringspolissen zorgvuldig in een tas, die in geval van een luchtalarm werd meegenomen naar de schuilkelder. Bij het boodschappen doen hadden de huisvrouwen meestal een etuitje (van papier) waarin de geldige bonnen werden bewaard. De bonkaarten bleven thuis. Het uitreiken van de bonkaarten gebeurde veelal in het gemeentehuis, soms ook in de harmoniezaal.
Hier zaten de distributieambtenaren achter een tafeltje waarop de nieuwe distributie-bonkaarten met dezelfde soorten op stapeltjes lagen. De afgehaalde bonkaarten werden in een code op de stamkaart afgetekend.Enkele kanttekeningen
De in de alinea ‘nog enkele losse onderwerpen’ genoemde kapitein Braun was tijdens de Duitse inval niet de commandant van de Geulse brugverdediging. De brugverdediging viel onder de plaatselijke compagnie’s commandant, de reserve-kapitein J. Th. H. Smeets.
Reserve-kapitein P.M. Braun, geboren te Amsterdam op 13 september 1891, was compagnie’s commandant van de 6e grenscompagnie van het 17e grensbataljon in Roosteren. Hier is hij op 10 mei 1940 gesneuveld. De broer van Hub Baltis, de sergeant Baltis, was ingekwartierd in café Jacobs-Tilmans.Leo H. Sassen

De Sjakel

Juli 2003


Geulle in vroeger tijden.

58. De staakmadonna. (1)

De Sacramentsprocessie van Geulle-boven die op 22 juni plaatsvond, heeft mij het onderwerp geleverd voor dit verhaal. In deze processie werd door leden van vrouwenbond Sint Apollonia de staakmadonna meegedragen. Dit is een Mariabeeld van het weinig voorkomend staakmodel. Het bestaat uit een geraamte van lattenwerk met daarboven op de hoofden van Maria en het kindje Jezus. Dit staakmodel wordt aangekleed met een kleed en een mantel. Dit beeld heeft eeuwenlang in de Sint Martinus kerk gestaan. De eerste vermelding stamt uit het jaar 1723. Men droeg dit Mariabeeld vroeger mee tijdens de grote bronkprocessie. Maria en ook het kindje Jezus dat zij op haar arm droeg, werd regelmatig in een andere kleur mantel gehuld. De kleur van de mantel veranderde naar gelang de kleuren die het kerkelijk jaar voorschreef, zoals bijvoorbeeld paars in de advent- en vastentijd en rood met Pinksteren. Deze mantels waren vaak schenkingen van vrome inwoners. Maar soms moesten vroeger meisjes uit ons dorp een nieuwe mantel aan de madonna schenken
( hierover later meer.) Iedere keer als het Mariabeeld een nieuwe mantel aanhad, zeiden de Geullenaren: “Maria is weer eens klook!” (= deftig) .
In de loop der tijd is de staakmadonna uit het zicht verdwenen, totdat zij in de zomer van 1999 door het kerkbestuur van de Sint Martinuskerk in een erg slechte staat werd terug gevonden. Het houten raamwerk en de hoofdjes van Maria en Jezus moesten gerestaureerd worden. De oorspronkelijke kleding was bijna helemaal verdwenen en het kleed en de mantel die het Mariabeeld aanhad waren gedeeltelijk vergaan. Daarom werd er een verzoek aan de vrouwenbond Sint Apollonia gedaan om de staakmadonna opnieuw te kleden. De dames van de vrouwenbond Sint Apollonia reageerden positief. Met veel enthousiasme is onderzoek gedaan naar andere geklede beelden van Maria. Hierna is een nieuwe mantel en kleed ontworpen en gemaakt. Op zondag 6 februari 2000 werd de dienst ter ere van de feestdag van Sint Apollonia ( 8 februari ) gehouden. Zo keerde de madonna van Geulle in haar oude luister terug in de Sint Martinus kerk. Na de hoogmis werd zij aan de leden van de Sint Martinusparochie aangeboden. Daarna adopteerden de leden van vrouwenbond Sint Apollonia het beeld. Deze vrouwen zien het als een eer en als hun taak om de zorg van de staakmadonna op zich te nemen. Zij willen deze madonna ieder jaar in de Sacramentsprocessies van Geulle beneden en boven mee dragen.
Nu zoals beloofd wat meer over het feit dat vroeger meisjes uit ons dorp soms een nieuwe mantel aan dit madonnabeeld moesten schenken. Dit had te maken met een eeuwenoud gebruik. Indertijd keken de Geulse schonen lang de kat uit de boom voordat zij zich door een jongeman aan de haak lieten slaan. 
Verschenen zij met hun uitverkorene gearmd in het openbaar, dan gingen onze dorpsbewoners er indertijd van uit dat het paartje voorgoed bijeen zou blijven. 
Men verwachtte dat zeker als een meisje tijdens de kermis of met Sint Apollonia zich liet “intrekken” op de “zwik” ( als zij zich door een jongen op de houten dansvloer liet trekken ). Het werd toen dan ook als een schande beschouwd als een meisje haar vrijer de bons gaf. De “schande” kon alleen ongedaan worden gemaakt als het meisje de staakmadonna een nieuwe mantel schonk. Dit gold indertijd als een ijzeren stelregel waar niet aan te tornen viel. Daarbij was er ook nog een soort stok achter de deur. Generatie op generatie werd vroeger in ons dorp verteld dat Maria wraak zou nemen als een meisje na een verbroken liefdesrelatie niet met een nieuwe mantel voor het haar beeld naar de kerk ging. Hierover in de volgende aflevering meer.

Archie Varis.

Literatuur: 
1. Maas- en Geleenbode, 13-5-1987.
2. De Geulbode, 2-2-2000
3. Kontakt, 28-4-1989


Buurtvereniging “In de Peel” 25 Jaar.

Wat een feest!!!
Het bestuur is erg blij dat zoveel buurtgenoten aanwezig waren in de H. Mis, waar het Gäöls Mannenkoor de dienst opluisterde.
Daarna volgde het feestelijke “Boeren Peelbuffet”, waar iedereen genoot van een lekker drankje en een heerlijk buffet. Bij deze gelegenheid werden drie zilveren jubilarissen gehuldigd: secretaris de heer Bob Heimsoth, penningmeester de heer Huub Vossen en ziekenbezoekster mevrouw Leny Kruijsen.
Daarna ontving uit handen van Burgemeester Drs. G.M.K. Kockelkorn, de heer Theo Kruijsen een Koninklijke onderscheiding voor al het vrijwilligerswerk dat hij verricht.
De buurtkinderen hebben ballonnen opgelaten en werden geschminkt. Daarna volgde nog een gezellig jubileumfeest met een DJ en live muziek.

Als voorzitter van de buurtvereniging wil ik het feestcomité en alle vrijwilligers, die zoveel werk verzet hebben, hartelijk danken voor hun geweldige inzet. Fanfare St. Martinus wil ik nogmaals feliciteren met hun 75-jarig jubileum en de Burchwache kapel danken voor hun onderhoudende muziek en de prettige samenwerking met de vereniging.
Ook een woord van dank aan carnavalsvereniging De Bokkerieërs, die ons met hand- en spandiensten geholpen heeft en voor de bijdrage aan de gezellige muziek via de DJ van de vereniging.
Alle sponsoren bedankt voor jullie bijdragen, een gedeelte van dit geld is besteed aan de straatversiering. De bedoeling is dat deze versiering ook bij andere gelegenheden gebruikt gaat worden.
Tot slot wil ik, ook namens Leny, iedereen bedanken voor de felicitaties, bloemen, cadeaus en de serenade gebracht door het Gäöls Mannenkoor ter gelegenheid van mijn onderscheiding. Het was overweldigend, bedankt!!!
Voorzitter Buurtvereniging “In de Peel”

Theo Kruijsen.


Geulle 50 jaar geleden
Juli 1953……

– uit de raadsvergadering van juli 1953. Als voornaamste punt kwam in behandeling een voorstel van B. en W. tot beschikbaarstelling van een bedrag van fl. 300.000,00 voor de bouw van een Tehuis voor bejaarden in het gehucht Hussenberg. De verstrekking van dit benodigde kapitaal achtten B. en W. verantwoord nu op grond van het bepaalde in de woningwet, de mogelijkheid geschapen wordt een Rijksbijdrage te verkrijgen op dezelfde voet als voor de bouw van arbeiderswoningen. Door deze bijdrage immers wordt het de Eerwaarde Zusters mogelijk gemaakt tot een sluitende exploitatie-opzet te komen. Bovendien wordt hierdoor het bezwaar ondervangen dat de Eerwaarde Zusters zelf voor de aantrekking van het kapitaal hebben te zorgen. Anderzijds wordt het risico op de gemeente overgeheveld, welke zich dient te dekken door een jaarlijkse reservering tot een percentage van 7% der jaarhuur. Het voorstel kwam tot een levendige discussie. Algemeen was het raadsgevoelen, dat een dergelijk gebouw voor Geulle een aanwinst zou zijn. Ofschoon de exploitatie van het Bejaardenhuis voorshands rendabel geacht werd, was men het toch niet geheel en al eens met het te dragen risico. Bovendien ging men niet graag in zee met een landelijke bouwvereniging en enkele leden drongen aan op een plaatselijke bouwvereniging met eigen ingezetenen. Ook wenste men te zien vastgelegd, dat de ouden van dagen in Geulle zelf steeds voorrang zouden moeten hebben. De stichtingskosten waren als volgt geraamd:

gebouw fl. 195.500,00
kapel ,, 35.000,00
installaties ,, 40.600,00 
architectenkosten ,, 10.000,00
diverse uitgaven ,, 18.900,00
totaal ,, 300.000,00

inventariskosten fl. 18.500,00

Het Tehuis zou kunnen opnemen:
50 bejaarden waarvan 10 echtparen, 15 mannen en vrouwen. De hoofdbezetting is geschat op 9 personen t.w.: 1 hoofdzuster, 7 zusters, 1 knecht.
Ieder jaar zal aan rente en aflossing (annuïteit) 50 jaar lang moeten worden terugbetaald bijna fl. 15.000,00. De totale uitgaven belopen jaarlijks rond fl. 68.000,00. Hiertegenover staan aan inkomsten:
Jaarlijkse bijdrage van het Rijk fl. 4.300,00
Huuropbrengst van 50 bewoners fl.66.000,00
Totale inkomsten fl.70.000,00 per jaar.
Behoudens enkele reeds genoemde voorbehouden ging de raad akkoord met het voorstel van B.en W.

– Met ingang van 16 augustus a.s. is tot burgemeester benoemd in de gemeente Hulsberg de Heer J.J.Kengen, geboren Geullenaar en oud-ingezetene dezer gemeente.
De Heer Jules Joseph Kengen werd alhier geboren op 20 januari 1910. Hij doorliep het gymnasium te Sittard en studeerde te Rolduc en verwierf later de diploma’s gemeente-administratie en Staatsinrichting M.O.
Hij was vervolgens werkzaam als volontair te Itteren en Gulpen en als ambtenaar ter secretarie te Ulestraten. In 1939 werd hij benoemd tot ambtenaar secretarie te Heer. In 1953 werd hij dus benoemd tot burgemeester der gemeente Hulsberg.

Hein Peters


Koninklijke Onderscheiding voor Theo Kruijsen

Tijdens de viering van het 25-jarig jubileum van buurtvereniging “In de Peel” op 15 juni jl. reikte burgemeester Kockelkorn in de feesttent op het marktplein te Geulle een Koninklijke Onderscheiding uit aan de heer T. L. W. M. Kruijsen.
Het Brabantse gezin Kruijsen woont sinds mei 1972 in Geulle. Theo Kruijsen is getrouwd met Leny en heeft 4 dochters. Theo volgde de opleiding voor banketbakker in Oudenbosch en na bij diverse banket-bakkerijen en chocolaterieën gewerkt te hebben, trad hij als patissier in dienst bij de KLM. Tijdens die periode volgde hij tevens de opleiding voor leraar banketbakken te Amsterdam. In 1969 werd hij benoemd als leraar Consumptieve Technieken in Maastricht. In 1996 verliet hij het onderwijs en ging met de VUT. Theo heeft het onderwijs niet helemaal losgelaten, want hij is nog bestuurslid van de onderwijsbond CNV, Afdeling Postactieven rayon Heuvelland.
De belangstelling voor het sociale leven in Geulle hoort bij Theo. In 1975 was hij medeoprichter van het jongerenkoor in Geulle, dat na een aantal bloeiende jaren echter weer werd opgeheven.
In 1978 was Theo betrokken bij het oprichten van de buurtvereniging “In de Peel”. Na diverse bestuurstaken verricht te hebben nam hij in 1991 de voorzittershamer over van de heer P. Ummels. Het bestuur heeft het druk met de jaarlijkse activiteiten, maar mag zich verheugen op veel hulp en steun van de buurtbewoners.
In 1995 besloten de besturen van de buurtverenigingen om samen een buurt-netwerk te vormen. Theo speelde hier een actieve rol in. In dit netwerk laat hij nog steeds zijn stem horen vooral als het onderhandelen met de gemeente betreft. Hier ontstond ook het plan om een jeugddisco op te richten. Theo vond een aantal gemotiveerde ouders bereid gevonden om zich hiervoor in te zetten.
Het zwembad van Geulle werd in 1991 geprivatiseerd. Theo heeft meegeholpen om het geheel op te knappen.
Na zijn pré-pensionering in 1996 kreeg hij nog meer tijd voor de gemeenschap. Hij werd coördinator onderhoud en technische zaken van het zwembad; in het zwemseizoen bijna een fulltime job, maar wel op vrijwilligers-basis.
In 1998 droeg Theo dit werk aan jongeren over. In dat jaar werd hij benoemd tot kerkmeester van de St. Martinusparochie te Geulle. Hier houdt hij zich bezig met bouwzaken en onderhoud. Hij stuurt de klussengroep aan, die zich met groot enthousiasme bezig houdt met het onderhoud van de kerk en het kerkhof. 
Begin dit jaar is Theo herbenoemd voor 4 jaar om dit werk voort te zetten.
Theo is ook een zeer actief lid van het Gäöls Mannenkoor. Sinds een aantal jaren is hij muziekarchivaris bij dit koor.
Theo’s slogan is: V.U.T. betekent “Vele Uren Tekort”.
Theo, de redactie van de Sjakel wenst jou en jouw familie veel geluk toe met je onderscheiding. Ga zo door!

(red)


Politie varia

In de maand juni verleende de politie 43 assistenties op verzoek van de bewoners van Geulle en/of startte de politie zelf een onderzoek op. Hieronder volgt een greep uit de assistenties:

  • In de Kuiperstraat werd een gestolen personenauto met Belgisch kenteken aan-getroffen. Het voertuig werd afgesleept en gaat retour eigenaar.
  • Er werd tweemaal melding gemaakt van schennis der eerbaarheid.
  • Vanaf de Hussenbergstraat werd een personenauto, merk Opel Vectra, kleur grijs, gestolen. De eigenaar deed aangifte van deze diefstal.
  • Van een perceel aan de Vliegveldweg werden 2 melkbussen weggenomen.
  • Totaal werd drie keer melding gemaakt van overlast door jeugd. De plaatsen waren de Heirweg en Moorveldsberg.
  • De basisschool In het Riet kreeg ongewenst bezoek, enkele goederen werden ontvreemd.
  • Vanuit de fietsenstalling bij het zwembad Geulle werd een fiets weggenomen.
  • Op de Processieweg vond een aanrijding plaats tussen de bestuurders van een personenauto merk Mazda en Toyota. Alleen materiële schade was het gevolg.
  • Een winkel aan het Marktplein was het slachtoffer van een inbraak. De onbekende daders gingen er met de buit ervan door.
  • Op 14 juni werd een alcoholcontrole uitgevoerd in Brommelen. In totaal werden 121 bestuurders onderworpen aan een blaastest. 5 bestuurders hadden te veel gedronken. Één bestuurder moest zijn rijbewijs inleveren. Verder werd op verzoek van buurtbewoners een radarsnelheidscontrole uitgevoerd in de 30 km-zone Cruisboomstraat. Totaal passeerden 60 auto’s de radar. Hiervan reden 11 te hard, de hoogste snelheid bedroeg 55 km p/u. 
    De overtreders krijgen binnenkort een acceptgirokaart in de bus.
  • Op 30 juni reed de bestuurder van een personenauto, merk Volkswagen Golf, kleur bruin, kenteken onbekend, zeer verkeers-gevaarlijk door Geulle.
    Opvallend aan deze auto was dat blauwe lampjes aan de achterzijde van de auto waren bevestigd. Verder had de auto een voor- en achterspoiler. Indien U meer informatie heeft over deze auto, neem dan contact met mij op. De bestuurder zal uitgenodigd worden voor een gesprek aan het politiebureau.

Hub Schoenmakers
wijkagent Geulle/Rothem/Ulestraten


Opgravingen in Geulle.

Project De Maaswerken.
Midden jaren negentig van de vorige eeuw is Limburg tweemaal getroffen door een grote overstroming van de Maas. De recordwaterstand van 1926 werd ruimschoots gebroken. Huizen binnen het stroomgebied van de Maas werden eenmaal, sommige zelfs bij herhaling getroffen door de hoge watergolf. De herhaalde ramp veroorzaakte veel commotie en versnelde het proces van politieke en bestuurlijke besluitvorming. Het antwoord was: verbreden en verdiepen van de Maas met als doelstelling: het voorkomen van overstromingen, het verbeteren van de vaarroute, grindwinning en in één moeite door de ontwikkeling van grote stukken natuur. Verschillende projecten aan de Maas zijn in 1997 gebundeld onder de naam De Maaswerken. Deelnemers daaraan zijn Rijkswaterstaat, de provincie Limburg en het ministerie van Landbouw en Natuurbeheer. Binnen de organisatie van De Maaswerken zijn er twee grote deelprojecten: De Grensmaas in het stroomgebied tot Roosteren en de Zandmaas tussen Roermond en Den Bosch. Na deze algemene inleiding afkomstig uit een artikel van de provinciaal archeoloog Stoepker, richten we nu onze aandacht op de opgraving welke in de loop van de maanden juli/augustus in Geulle voorzien is.

Archeologie als wakend oog.
Sinds enkele decennia is het gebruikelijk dat bij grote projecten archeologie als wakend oog wordt ingeschakeld. Archeologen maken deel uit van de staf van deskundigen die verantwoordelijk is voor de herinrichting van de het stroomgebied van de Maas. Voor het onderdeel archeologie bij De Maaswerken is dat mevrouw Brigitte Quadflieg. Zij licht toe op welke wijze het archeologische element verweven wordt in het totale plan.

Inventariserend onderzoek.
Lang voordat een groot werk als de verbreding en verdieping van de Maas begint, wordt er een inventariserend onderzoek ingesteld om een idee te krijgen hoe de archeologische bodemkaart van het betreffende gebied er uitziet en of die voldoende interessant is om daar gespecialiseerd en meer uitgebreid archeologisch onderzoek op los te laten. In geval van onze Grensmaas heeft men ter hoogte van de Saint tussen Geulle en Elsoo onder meer het volgende gedaan:
– het land is zoals dat heet ‘belopen’ door deskundigen en zo heeft men een beeld gekregen van de in het terrein aanwezige artefacten die weer een duiding kunnen zijn voor wat er in de ondergrond mogelijkerwijs nog meer aanwezig is.
– op enkele plaatsen heeft men sleuven gegraven om ook de eerste meters onder het maaiveld nauwgezet te onderzoeken.
– ook heeft men gebruik gemaakt van de databank (gegevens uit eerdere onderzoeken) bij de Rijksdienst Oudheidskundig Bodemonderzoek (ROB) van de vondsten die gedaan zijn tijdens het graven van het Julianakanaal rond 1930. Bekend is evenwel dat in die tijd gevonden voorwerpen nog niet zo systematisch en nauwkeurig vastgelegd werden.
– geo-/archeologische boringen. Ook is er in 1999 door middel van 117 handboringen een karterend onderzoek gedaan (karteren=in kaart brengen). Deze handboringen gaan enkele meters diep (hooguit tot op de pleistocene grindlaag). Uit de ‘inhoud’ van al die boringen krijgt men een prima beeld van de ondergrond.
De gegevens uit al die vooronderzoeken zijn samengebracht en hebben de basis geleverd voor twee gebieden die men meer gedetailleerd wil onderzoeken. Beide plekken liggen in de Saint; de eerste halverwege de Saintweg vlak nabij het Julianakanaal, de ander nog verder door richting Elsloo ongeveer op het punt waar de Saintweg ter hoogte van de oude maasarm bij de kanaaldijk komt.

Locatie kanaaldijk.
De eerste locatie ligt midden in de Saint, daar waar de Saintweg een in flauwe knik richting Elsloo buigt. De plek van de opgraving ligt 100 meter oostelijk van de Saintweg, vlak tegen het talud van de kanaaldijk, Daar bevindt zich in de ondergrond een opgevulde sleuf waarvan men vermoedt (of hoopt!) dat het de bedding is van een vroegere rivierbedding. Deze ligt op het niveau van het zogenaamde Geistingen terras, een laat pleistocene, vroeg holocene afzetting. In de tijd is dat ongeveer 11.000 voor Christus. De gevonden ondergrondse bedding zou de vroegere Geul geweest kunnen zijn in de tijd dat de Maas nog westelijk van Uikhoven liep. Bij een grote overstroming in de 14de tot de 15de eeuw is de Maas in de huidige bedding terecht gekomen. Men hoopt nu met paleo-/botanisch onderzoek de grond in de ondergrondse sleuf te determineren en te vergelijken met de ondergrond van de rivier de Geul uit die tijd. Indien verwantschap aangetoond kan worden tussen de oude ondergrondse geul in de Saint en de rivier die nu bij Voulwammes in de Maas stroomt, zou de legpuzzel van veel veronderstellingen uit het verleden opgelost zijn. En weten we gelijk waar de naam van ons dorp vanaf komt.

Locatie bedekte bewoning of akkerland.
Verderop in de Saint ter hoogte van de Oude Maas (waar de Saintweg tegen de kanaaldijk aanloopt) ligt de tweede locatie waar opgegraven wordt. Men vermoedt hier de restanten van een veldbrandoven, al of niet met bewoning. In de ondergrond aanwezige jonge rivierklei zou als grondstof gebruikt zijn. Resten van veldbrand zo die gevonden worden, zullen vergeleken worden met de stenen die gebruikt zijn bij oudere gebouwen zoals de kastelen van Elsloo en Geulle. Het zou leuk zijn om na 4 eeuwen te achterhalen dat een brikkeoven in de Saint gediend heeft als ‘fa. Budé’ voor het kasteel van kasteel Geulle. Bij de eerste opgraving (aan de kanaaldijk) zullen twee sleuven parallel aan elkaar gegraven worden tot een diepte van 2 1/2 meter; bij de tweede opgraving worden dat 2 kleinere sleuven, kruiselings op elkaar. 

Wanneer. 
De opgravingen beginnen eind juli na afloop van het broedseizoen en duren ongeveer 3 weken lang. De afdeling Communicatie van de Maaswerken zal de opgraving publicitair begeleiden en informatiepanelen plaatsen. Ook komt er een open middag voor geïnteresseerden. Mededelingen hierover via de krant of via Kontakt. Mevrouw Quadflieg hierover: de Maaswerken wil tijdige en volledige informatie geven aan de bevolking. Bij een opgraving geeft de communicatie wel een ‘dubbel’ gevoel; illegale schervenzoekers veroorzaken menigmaal een verstoring van het ‘archeologisch archief’. En daar zit niemand op te wachten. Als heemkundevereniging zijn we benieuw naar de opgravingresultaten. We hopen er meer van te vernemen zodra alle onderzoeken afgerond zijn. 

Paul Notten, Moorveld.


Buurtvereniging Brommelen 50 jaar

De Buurtvereniging van Brommelen bestaat dit jaar maar liefst 50 jaar. Hiermee is zij de oudste Buurtvereniging van Geulle.

In 1953 werd door de toenmalige “Jonkheid” besloten om een buurtvereniging op te richten. Voor zover bekend werd het bestuur toen geformeerd door Sjo Smeets, Hein Kösters, Pierre Rogiers, Leo Thijssen, Jac Smeets, Frans Lemmens en de dames Jean van de Akker en Til Janssen. Til is ook bekend als Tilke van de Bruggelkes en woont thans in het Zorgcentrum Ave Maria te Geulle en is nog de enige overlevende van de voormalige oprichters.

Deze mensen hebben er voor gezorgd dat er in 1958 een Banneux kapel werd gebouwd onder eigen beheer met medewerking van de buurtleden. Deze kapel werd in 1959 feestelijk ingezegend. De financiële middelen werden op creatieve wijze bij elkaar gesprokkeld bij Maastrichtse en Geulse bedrijven.

Deze kapel wordt tot op heden verzorgd en onderhouden door leden van de buurtvereniging. Verder heeft de vereniging jaarlijks een rijk activiteitenprogramma. Het ledenaantal bedraagt momenteel rond 130, waarvan zeven bestuursleden: Harry Bindels, Hub Castro, Eugène Dautzenberg, Sandra Huijnen, Hub Kerkhoffs, Tiny Joosten en Marian Pluis.

Het vijftigste kroonjaar werd op 13 juli jl. in besloten kring gevierd met ondermeer een Heilige Mis in de St Martinuskerk, een koffietafel en een heerlijke barbecue. Activiteiten die zorgen voor het passende gouden randje aan het jubileum van de Buurtvereniging Brommelen.


Zonnebloem Geulle

De vrijwilligers van Zonnebloem Geulle hebben de afgelopen maand 1270 loten van de Nationale Zonnebloem loterij in Geulle kunnen verkopen. Wij willen iedereen hiervoor hartelijk bedanken en wij hopen dat er veel prijzen in Geulle mogen vallen.
Deze financiële ondersteuning heeft de vereniging hard nodig om alle activiteiten van de Zonnebloem te kunnen blijven doen,vooral nu de minister de subsidiekraan dreigt dicht te
draaien. Van ieder verkocht lot krijgt onze afdeling 60 eurocent, dit is dus een aardig bedrag , waar we mee kunnen gaan werken.
Zo wordt er op dinsdag 9 september een gezellige middag georganiseerd in huize Avé Maria, waar de groep Trio zal optreden en u getrakteerd wordt op koffie met vlaai.
Zondag 14 september is de Nationale Ziekendag. De H. Mis in de St. Martinuskerk wordt opgeluisterd door het Gaöls Mannenkoor. U bent hiervoor allen uitgenodigd.
Vrijdag 26 september is de jaarlijkse dagboottocht, we vertrekken vanuit Stein en maken met de Geulvallei een mooie tocht naar België. Dinsdag 25 november is de koopochtend in de Makado te Beek.
Voor al deze activiteiten wordt u benaderd door onze vrijwilligers , mocht dit niet zo zijn dan kunt u zich opgeven bij Leny Kruijsen Tel. 043 – 3645176.


Bejaarden Geulle in opstand!?

De Bejaarden in Geulle, wonende aan de Pastoor Smeetsstraat zijn het zat. Eerder al was het gebrek aan voldoende “plenk”-banken op het pleintje in voor de bejaarden aanleiding om zelf een zeer creatieve oplossing te vinden: men heeft een gemeente-bank, men neme een privé tweede, plaatse hem stevig met de poten in de grond en ziedaar, eenieder heeft een zitplaats.

Nu storen de bejaarden zich aan (het gebrek aan) groenonderhoud ter plekke. 
Verslaggever “schakelaar” ging zelf voor “Groeten uit Geulle” de zaak in ogenschouw nemen en constateerde met de bejaarden dat hier toch ingrijpen van de gemeente gewenst is. Het blijkt dat er zelfs aan de balie van het gemeentehuis al menig verbaal robbertje is uitgevochten. Maar, er zijn toezeggingen gedaan en wij zijn benieuwd wat er van komt.

Wij houden u op de hoogte. Geulse raadsleden, wat let u?


De Sjakel
Juni 2003


Geulle in vroeger tijden.

57. Aantal inwoners.Dit keer ga ik iets vertellen over het historisch verloop van het aantal inwoners van de voormalige gemeente Geulle. De oudste informatie hierover is uit het jaar 1673. Toen waren er ongeveer 300 “paschantes” in ons dorp. Dat waren katholieken die verplicht waren hun Pasen te houden, dus die hun eerste communie gedaan hadden. Dit aantal kan op ruwweg tweederde van de katholieke dorpsbewoners worden geschat. Dit zou betekenen dat in 1673 in Geulle circa 450 katholieken woonden.
In 1722 waren er 339 paschantes. Omgerekend zijn dat ±509 personen die het R.K. geloof aanhingen. Daarnaast waren er toen nog 44 heritieken of niet katholieken. In dit geval 30 calvinisten en 14 mennonieten. Dus Geulle telde in 1722 in totaal circa 553 inwoners.
Volgens een aantekening van pastoor Swelsen woonden in 1788 in ons dorp 743 personen, waaronder 32 niet katholieken. 
Op 27-3-1796 telde men in totaal 831 Geullenaren, waaronder 270 kinderen onder de 12 jaar (Bij deze opsomming van J. Gassens worden ook de beroepen vermeld. Heel vaak was dit “cultivateur” of landbouwer. Opvallend was ook het grote aantal klompenmakers in het gehucht Hussenberg).
Volgens “Uit Geul’s verleden” had ons dorp in 1822 in totaal 952 inwoners.
Hiermee in tegenspraak lijkt de informatie van pastoor Swelsen uit 1824. Hij telde toen 735 Geullenaren die in 176 huizen woonden. Hierbij waren 8 niet katholieken. In 1824 werkten en woonden 57 personen tijdelijk buiten ons dorp of waren in militaire dienst. Indien wij die bij de toenmalige 735 inwoners optellen betekent dit dat ons dorp in 1824 maar 792 personen woonden. Dit zou betekenen dat vanaf 1822 tot 1824 het inwoneraantal met 160 daalde! 
In het jaar 1840 waren er 941 Geullenaren. Na 1840 zijn steeds het aantal inwoners per 31 december geteld. Na de herindeling op 1 januari 1982 kwam ons dorp bij de nieuwe gemeente Meerssen te horen. Deze gemeente heeft dan ook de gegevens van na 1982 verstrekt.In tabelvorm volgt nu een historisch overzicht:
Jaar Aantal Opmerkingen
inwoners
1673 (± 450) Alleen RK inwoners
1722 ± 553 44 niet RK 
1788 743 32 niet RK 
1796 831 270 jonger dan 12 jaar
1822 952 
1824 792 176 huizen, 57 buitendorps, 8 niet RK
1840 941
1872 1010
1891 1000
1911 1087
1921 1211
1941 1703
1961 2282
1981 2982
2001 2790
2003 2753 Stand per 1 mei.Samenvattend kan men stellen dat het aantal inwoners van Geulle van 1673 tot circa 1921 langzaam steeg of soms tijdelijk licht daalde. Van 1921 tot de herindeling van 1-1-1982 groeide het aantal Geullenaren snel tot maximaal ongeveer 3000. Na de herindeling is het aantal inwoners van de voormalige gemeente Geulle gedaald.Archie Varis.Bron: 
1. Uit Geul’s verleden. (1926)
2. Meerssen: impressies uit het rijke verleden van een jonge gemeente. (1994)
3. Info van de gemeente Meerssen. (2003)
Het systeem van voedseldistributiebonnen tijdens Wereldoorlog II.Inleiding.
Onlangs trof ik Huub Baltis, oud werknemer van de gemeente Susteren, die ik tijdens mijn werk bij de gemeente Maastricht ambtshalve af en toe ben tegengekomen. Wetende dat wij elkaar zouden ontmoeten, had hij een voedseldistributiekaart meegenomen van een inwoner van Geulle. Mijn belangstelling was er gelijk. Al pratend levert die ontmoeting het volgende verhaal op.
Huub Baltis, inmiddels rond de tachtig, is geboortig uit Meersen. Die omstandigheid zal er toe hebben bijgedragen dat hij in deze plaats vlak voor wereldoorlog II ook zijn eerste werkgever vond: het voedseldistributiekantoor. Eind jaren dertig van de vorige eeuw, als de oorlogsdreiging alsmaar toeneemt en de economische malaise met veel werkloosheid nog steeds bestaat, wordt in het jaar 1939 het systeem van voedseldistributie ingevoerd. De schaarse levensmiddelen gaan op de bon en er komt over Nederland een netwerk van kantoren dat zich gaat bezig houden met de organisatie en toedeling van de voedseldistributiebon.
Onderstaand een terugblik op de tijd van de voedseldistributie en de werking van het bonnensysteem.De organisatie.
Voor de voedseldistributie middels bonnen was een netwerk van distributiekantoren over heel Nederland ingesteld. In onze contreien was het distributiekantoor gevestigd in Meersen, in het pand waarin nu hotel Gerberga gevestigd is. Het kantoor had als werkgebied de dorpen Itteren, Borgharen, Bunde, Geulle, Meersen, Ulestraten en Schimmert. De verstrekking van de voedselbonnen geschiedde per uitkeringsperiode van vier weken. Voor die taakvervulling waren ongeveer 25 mensen in dienst.De voedseldistributie.
De voedseldistributie geschiedde met behulp van stamkaarten. Iedere burger (de baby’s en peuters uitgezonderd) kreeg een stamkaart. Voor het gezinshoofd gold een aparte stamkaart. Behalve voor het gezinshoofd zelf stonden op deze kaart ook de algemene gezinsbenodigdheden. De overige kaarten waren steeds op naam/geboortedatum gesteld. De stamkaart bevatte een opsomming van cijfers waarbij ieder cijfer overeenkwam met een onder de distributiewetgeving vallend levensmiddel. Om er enkele te noemen: boter, melk, kaas, brood, aardappelen en kleding. Voor sommige meer incidentele levensbehoeften zoals een fiets moest een aparte bon aangevraagd worden.De verstrekking.
De verstrekking van bonnen geschiedde per tijdvak van vier weken. Met een of twee mensen, afhankelijk van het aantal dorpelingen dat geholpen moest worden, trok men erop uit. Dat gebeurde met de fiets. Achter op de bagagedrager werd een metalen kist (formaat: halve dekenkist) vastgesjord. In deze kist een hele voorraad distributiekaarten, in alle maten en kleuren. Doorgaans vond de uitreiking van de voedselbonnen plaats in de gemeentehuizen. Maar als dáár onvoldoende plek was, dan werd uitgezien nar een andere locatie. Zo ook in Geulle waar de harmoniezaal annex de handboogschutterij (toen nog in de harmoniezaal!) als onderkomen diende; toentertijd geëxploiteerd door de familie Hecker. In de lokaliteit werden alle bonnen uitgestald voor koffie, thee, suiker en noem maar op. Zo ook zeepbonnen die op de stamkaart van de moeder stonden (de zorg voor de kinderen werd nog duidelijk geassocieerd met de moeder; geen plaats voor een huisman). Enkele anekdotes. 
Mijn zegsman is ´s winters met de fiets op weg naar Geulle. Het is erg koud en ter hoogte van de Pasweg tussen Bunde en Geulle krijgt hij het zo koud dat hij af moet stappen en de handen in elkaar slaat om weer een beetje warm te krijgen. Tijdens deze oefening schiet een handschoen van de hand en komt terecht in . . de beek die er ook nu nog stroomt.
Ook leuk de melding dat het een keer zo veel gesneeuwd heeft dat fietsen onmogelijk was. Men heeft de bonnenkist toen maar op een slee gesjord en zo is men vanuit Meersen naar Schimmert gegaan.Gevaarlijk werk.
De distributiekaart werd zoals hiervoor al gezegd op naam verstrekt. Als een persoon uit de gemeente vertrok of kwam te overlijden dan moest de kaart worden ingenomen. Maar, dat gebeurde niet altijd want er waren ook mensen die buiten het systeem van de distributiekaarten vielen zoals ondergedoken Joden of jongelui die zich aan werk in Duitsland onttrokken hadden; evenals geallieerde piloten en andere voor de bezetter op de vlucht zijnde personen. Binnen de distributiekantoren was er ‘een bereidheid van passief verzet gegroeid om, waar mogelijk, een deel van de ingenomen distributiekaarten door te spelen aan de illegaliteit’. Daar konden dan de bonlozen mee gevoed worden. Zo heeft in het grottenstel tussen Meersen en Geulhem gedurende vrijwel de hele oorlog zich een vijftal onderduikers opgehouden in de zgn. blokberg (Joop Geijsen, kenner en gids van de basiliek in Meersen, was hiervan de bekendste). 
Het ´rommelen´ met distributiekaarten was linke soep, zo weet Huub Baltis. Het gebeurde in het geniep binnen de kantoororganisatie van het distributiekantoor maar . . Je wist nooit wie je kon vertrouwen. Bij ontdekking was een reis naar Duitsland nog het minste. Na anderhalf jaar is hij elders gaan werken.
Overigens verwondert informant zich erover dat men tijdens de fietsreizen met de bonnenkist achterop nimmer bedreigd of erger nog overvallen is. Want, de inhoud van die kist vertegenwoordigde toch een hele waarde!Nog enkele ´losse´ onderwerpen.
Een broer van Huub Baltis was tijdens de mobilisatie in 1939 in Geulle gelegerd en ingekwartierd in een café ‘links van de parochiekerk’ (dat was café Ramaekers). Beide mannen hebben in de dagen voor de oorlog verschillende malen de stelling bezocht van deze militair, een kazemat direct nabij de brug over het Julianakanaal. De commandant van de Geulse brugverdediging, kapitein Braun, had zijn hoofdkwartier in Roosteren. Braun is bij de verdediging van die brug in Roosteren met een 14-tal andere militairen gesneuveld. ‘Onze’ Baltis werd krijgsgevangen gemaakt en verbleef als zodanig zes weken in Duitsland. Daarna mocht hij naar huis.De distributiebonnen bleven ook na afloop van wereldoorlog II nog enkele jaren in gebruik tot omstreeks 1948. Pas vele decennia later is de ons zo vertrouwde vraag “mag het iets méér zijn!” ontstaan. Toen, ruim zestig jaar geleden, was het eerder meer van minder.
De aanleiding van dit verhaal. De aanleiding voor dit verhaal is de distributiestamkaart op naam van Pierre van Kleef, Hulsen 30. Het huis van Kleef was opgetrokken in vakwerkstijl en lag tot omstreeks 1949 op de zuidhoek Hulserstraat/Poortweg. Paul NottenDe Imker (bijenhouder)In het begin van de tweede helft van de negentiende eeuw was de opbrengst van koren en tarwe zeer gering. Dit kwam door de dumpprijzen van Russisch en Amerikaans graan. De boeren in het Zuid-Limburgse Heuvelland gingen toen overschakelen op hoogstam-fruitteelt.
In de streek van Eysden waren dat voornamelijk kersen van diverse soorten. In de rest van Zuid-Limburg waren dat appels, peren en pruimen. Ook in Geulle werden hoogstambomen geplant. Voor de bestuiving als de bomen in bloei stonden in het voorjaar had men bijenvolken in korven (kaar) of houten kasten.
Ook in Geulle had je zeker wel een twintigtal imkers. Ze hadden vlak achter hun huis bij de boomgaard een bijenhal, een klein gebouwtje aan drie kanten dicht met een dak van stro of pannen. De zuid-oost zijde was helemaal open. Daarin stonden op een verhoging de kasten of korven met de bijen. De eerste bloesem in het voorjaar was van de perzikken en de pruimen. Bij mooi weer gonsden honderden bijen op die bloesem om de nectar op te halen. Deze borgen zij dan op in de kast of korf. De bijen haalde die nectar wel over een afstand van 3 tot 4 kilometer. In een kast zaten ongeveer veertigduizend bijen en die slepen heel wat honing bij elkaar in die bloeiperiode van de fruitbomen. Maar ook halen ze op diverse andere soorten bloesem de nectar.
De imker controleerde die kasten of korven van tijd tot tijd en haalde de raten eruit. De bijen werden dan erg agressief en staken met hun angel. Maar de imker had een kap of kogel genoemd over zijn hoofd net als iemand die met een floret vecht. Verder had hij een pijp aan. Aan de pijp werd niet getrokken maar geblazen en door de rook van die pijp hield hij de bijen op een veilige afstand.
In Geulle was een imkervereniging van een twintigtal leden. Als de heide in het Belgische Zutendaal in bloei stond ging een vrachtwagen vol met bijenvolken van verschillende leden enkele weken daar naar toe. Op zondag gingen ze met de fiets via het voetveer over de Maas eens kijken hoe het met de bijen ging. Het kwam wel eens voor dat een bijenvolk in de kast was dood gegaan dus de kast was leeg. Deze werd dan, als de kasten weer naar huis gebracht werden, met Belgische suiker gevuld, deze was bijna de helft goedkoper dan in Nederland. Zo had die kast zonder bijen toch nog iets opgebracht.
De imker kon aan de kleur van de honing zien op welke bloesem ze de meeste nectar hadden gehaald.Zo heeft ieder bijenvolk zijn eigen koningin. Nu kan het voorkomen dat zich een tweede koningin vormt in de kast. Dan krijgt men een machtsstrijd tussen de bijen die voor koningin X kiezen en anderzijds die voor koningin Y kiezen. Meestal bij zeer warm weer barst dan de bom. De oudste koningin vertrekt met haar aanhang en vliegt naar buiten om in een boom of tegen een muur in de nabijheid te landen met haar aanhang. Dat noemt men dan zwermen. De imker ving ze dan weer op in een korf en had dan een nieuw bijenvolk. Je kunt ze ook weer op een speciale manier terugzetten in dezelfde kast uiteraard zonder koningin.
Na de bloeiperiode werd de honing geslingerd. De raten werden in een honingslinger geplaatst en door de snel draaiende beweging werd de honing uit de raten geslingerd en opgevangen in het vat waar de raten inzaten. Dit noemen ze koud slingeren bij een temperatuur van 25 tot maximaal 35 graden Celcius. De temperatuur van een bijenvolk is immers 35 graden Celcius.
Bijna alle in de handel aangeboden honing komt uit de Verenigde Staten, Canada, Australië, Rusland en nog andere landen. Om de 300 kg. wegende vaten met daarin keiharde honing te kunnen verwerken wordt deze verhit tot 75 – 120 graden Celcius. Dit gaat ten koste van de smaak, geur en gezondheidswaarde van de honing. In honing zijn 181 verschillende stoffen geanalyseerd. De enzymen worden bij temperaturen boven de 45 graden vernietigd. 

De in de handel(o.a. supermarkten) aangeboden honing, altijd van buitenlandse oorsprong, is helaas altijd verhit geweest boven de 45 graden en is dus voor vele kwaaltjes waardeloos geworden.
Goed geoogste honing is 10-tallen jaren houdbaar indien de honing donker, droog en koel wordt opgeslagen. Door dat slingeren werd de bijen de wintervoorraad afgenomen. Dit werd opgevangen door gewone suiker te voeren. Die suiker kreeg de imker goedkoper zonder accijns. Deze was dan wel bewerkt met kleurstof zodat hij niet meer geschikt was voor menselijke consumptie. In de winter bij koud weer werden de kasten afgedekt. Bepaalde vogels die het in de winter ook niet te breed hadden gingen tikken met hun snavel bij de invliegspleet. Dan kwam een bij kijken wat daar aan de hand was en hup, de bij verdween in de snavel van de vogel. Dit ging zo door totdat de vogel verzadigd was. Dit werd door de imker weer opgevangen door een stuk spek bij de hal de hangen. Wespen zijn ook een vijand van de bijen. De imker hing dan een fles met dunne hals op, deels gevuld met suikerwater. De wespen kropen de fles in om aan die suiker te komen maar moesten dat met dood bekopen. 
Tussen 1917 en 1922 was er een kaplaan Johannes Janssen in Geulle. Deze had als hobby ook bijen.. Hij had een grote kennis van bijen en hield ook voorlichtings- bijeenkomsten voor de Geulse imkers. Dit gebeurde in een klaslokaal van de lagere school want een zaal was toen niet voorhanden.
Door het verdwijnen van de hoogstam- boomgaarden en doordat de imkers geen opvolgers hadden is de bijenhouder op een enkele na helemaal verdwenen uit het dorp.J.Maassen
Geulle 50 jaar geleden.
Juni 1953…..- In juni werd een maatschappelijke indeling gemaakt van de gemeente Geulle. Deze indeling was als volgt:
Landbouw en veeteelt 20,5 %
Middenstand 9,5 %
Arbeiders in de mijnindustrie 36,0%
Andere arbeidskrachten 
o.a. fabrieken 25,0%
Anderen 9,0%
Een uitbreiding van het percentage Landbouw en Veeteelt is in de toekomst niet te verwachten, daar de toename van de bevolking veelal aangewezen zal zijn op de Mijnindustrie en de industrieën in Maastricht. Overigens zullen de aantrekkelijkheid der omgeving en de goed onderhouden wegen voor andere bevolkingsgroepen zoals renteniers, gepensioneerden en dergelijke, een gerede aanleiding tot vestiging bieden.Een gasaansluiting en een riolering zullen, naast de reeds aanwezige waterleiding, mede een waardevolle stimulans blijken te zijn.- Een voetveer over de Maas.
In de laatst gehouden vergadering van de gemeenteraad werd door de burgemeester de toezegging gedaan om te trachten het veer over de Maas weer open te stellen als voetveer. De terzake ondernomen stappen bij de betrokken instanties hebben als resultaat gehad dat gegronde hoop bestaat dat eerlang het veer weer in gebruik gesteld zal worden. Afgewacht dient nog te worden in hoeverre de Belgische autoriteiten de vereiste medewerking verlenen omdat het veer door de Ontvanger der Registratie en Domeinen te Maaseik opnieuw verpacht dient te worden. Van Nederlandse zijde bestaat tegen openstelling in principe geen bezwaar.- Verkiezing gemeenteraad.
Van de 1066 stemgerechtigde kiezers hebben er 1009 hun stem uitgebracht, waarvan 24 blanco en 20 ongeldige stemmen. Het aantal geldige stemmen bedroeg derhalve 965. De kiesdeler was 965: 7 = 137 6/7. Gekozen werden verklaard:
Lijst l: J.J.G.Thijssen
Lijst 2: J.H.L.Thijssen en P.H.Janssen
Lijst 3: H.PJ.Sassen
Lijst 4: P.H.Muytjens en J.HJonkhout
Lijst 5: H.W.KurversHein PetersOrgelconcerten in geulle en meerssenDe Meerssense Orgelkring “Circulus Musicus Marsanus” organiseert in het kader van het Orgelfestival Limburg 2003 drie concerten. Deze concerten worden gegeven op het Binvignat-orgel in de St. Martinuskerk te Geulle en het Wilbrandorgel in de Basiliek van het Heilig Sacrament te Meerssen. 16 juli, St. Martinuskerk Geulle: Fons van der Linden
Fons van der Linden ( *1961) studeerde klavecimbel, orgel en piano aan het conservatorium te Maastricht. Daarna specialiseerde hij zich in het klavecimbelspel bij Jos van Immerseel in Antwerpen. Thans is hij als docent aan enkele muziekscholen in Limburg en Luxemburg verbonden. In Geulle zal hij werk van Storace, Kerll, Bach, Walther en Rinck ten gehore brengen. 
De concerten beginnen telkens om 20.15 uur. De toegang en het programmaboekje van het Orgelfestival Limburg zijn gratis. Na afloop kunt U een vrijwillige bijdrage geven. 
Het volledige programma vindt u ook op de internetsite van de heemkundevereniging: www.geulle.com23e Avond wandel vierdaagseOp 1, 2, 3 en 4 juli organiseert buurtvereniging Oostbroek voor de 23e maal in successie de avond wandel vierdaagse.
Gestart wordt vanuit café Vossen-Raeven aan de Hulserstraat te Geulle. 
U kunt kiezen uit de afstanden 5, 10 en 15 km. Voor alle afstanden kunt u vertrekken tussen 17.00 en 19.15 uur. De inschrijfkosten bedragen €. 1,00 per persoon per dag of € 3,00 voor vier dagen, waarvoor u een prachtig, door pijlen uitgezet, parcours krijgt aangeboden door Geulle en omgeving. 
Als herinnering ontvangt iedere deelnemer een sticker. De I.V.V. stempel is aanwezig en de wandeltocht gaat onder alle weers-omstandigheden door. De deelnemers aan deze vierdaagse kunnen genieten van een zeer landelijke en bosrijke omgeving. Op vrijdag 4 juli kunt u na afloop genieten van een drankje en van een barbeque!Op stap met de heemkundevereniging.Op woensdag 16 juli aanstaande gaat de heemkundevereniging weer op stap. Deze keer gaan we naar de Kasteeltuin Oud-Valkenburg. Een oase van groen, een harmonie van geuren en kleuren, een uniek gebied in een monumentale omgeving. Ooit was de tuin van kasteel Schaloen, nu een combinatie van heemtuin en kruidentuin. Samen met de watermolen vormen zij de drie elementen van de kasteeltuin, een kostbaar erfgoed waar geschiedenis en natuur hand in hand gaan. De kasteeltuin laat zien welke gewassen er vroeger werden verbouwd in het Geuldal. U komt meer te weten over de groenten die onze voorouders aten en de kruiden die ze gebruikten in spijs en als medicijn. U geniet van de rijke flora van het Geuldal en maakt kennis met gebruiken rond bijen en imkerij. Beslist een aanrader!!!!
We vertrekken om 9.45 met eigen vervoer op het marktplein. De heemkundevereniging zorgt bij mooi weer voor een ouderwetse picknick. Om 14.00 vertrekt er vanaf de kasteeltuin een 2 uur durende wandeling, onder leiding van Natuurmonumenten met als titel:” De bermen in bloei”. Deze wandeling is vrijblijvend en niet bij de prijs inbegrepen (kosten € 2,75).De kosten voor dit uitstapje bedragen slechts € 1,50 voor leden en € 3,00 voor niet leden.
Opgeven kunt U zich tot 10 juli bij Truia Huntjens tel: 043-3649582 of bij Maurice Wouters tel: 046-4281899. Wilt U bij opgave a.u.b doorgeven of U vervoer hebt en of U de hele dag mee gaat of alleen een dagdeel? Hopelijk mogen we velen van jullie begroeten op woensdag 16 juli aanstaande.Maurice Wouters.Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.Dag mensen van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke junior, als die van de redaksie tenminste plaats hebben dits keer. En laats was ook moeders mooiste weer in Geul en der waren ter wel hondert duizend die meenden dat ze zo goed konden fietsen wie vroeger den Tummers, de Frisj en Stevens en Frissentini en Golliaperos, maar der waren der toch veel die tamelijk schegelden de berg op en mooi worden ze der ook niet van want ze hadden tamelijke batsen en nog dikkere nekken en ze scholden zich kepot en de Noonk was naar de antieke markt geweest bij de bejaarden en ze vaarden hem bekans van de weg af en ze maakten hem voor iets ouds uit, maar hij heeft eens goed terug gevloek en dat is wat anders als klassineren en als die het nog eens riskeren om hier door Geul te komen, dan gooit hij een paar schurkarren malse mes op de weg en dan kijk hij wel eens of ze dan nog zo’n grote muil tegen hem hebben. Een beetje fietse is goed, zegt de Noonk, maar ze moeten wel alles in de midden houden anders blijven ze maar bij hun thuis, op den ouwe fiets proberen en Harie lachde zich kepot demet, maar ik snapde het weer niet.
En der was ter ene die dach dat hij al bij de bruk van Eelse was en dat hij rechtdoor naar Mees kon, in plaats van de brug op en die heeft de stanketsele daar met veel over been helemaal uit de grond gevaren en nou zitten wij weer demet en ze hebben daar nou een vangrail neergezet en dat is toch niks, want het oog wil ook wat, zegt de Noonk en misschien hadde de pap en de mam van die rekel hem beter een zeepkis kunnen geven in plaats van een auto, sjus wie die van de vastelavond en dan hadden wie tenminste onze oude stankestele nog.
En nou gaan ze niet alleen de Knaal uitbreien, maar ook nog de spoordijken breder en sterker maken en dat is toch evels ook niet nodig, want als die schauffeurs van die treinen eens wat langzamer demet vaarden en eens wat minder in hunne wagon zouden laden, dan zouden de lui onder in Geul aan het spoor ook niet meer uit hunne bach rammelen als ter zo ene langs komt en dat schuddelt schijns nog harder op en neer als een aardbeving, want daar worden die al gaaruits niet meer wakker van, maar van de trein snachts wel en de Noonk vraag zich af of het hondert jaar niet sterk genoeg is geweest en nou ineens sterker gemaakt moet worden, maar ja, daar zal wel wat anders achter zitten en hij zal het eens aan de burger of aan de vethouder vragen, als hij ze tegenkomt, maar die zie je toch niet zo deks in Geul en het zal allemaal wel ergens goed voor zijn , maar dat het gaat stubbe, dat is zeker en jullie moeten de groete hebben van mij, jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek.
In de heer zijn overledenop 9 mei 2003, op 84-jarige leeftijd, Giel Wijnand, echtgenoot van Marieke Tholen van de Past. Smeetsstraat;op 24 mei 2003, op 69-jarige leeftijd, Huub Coumans, echtgenoot van Tonny Derhaag van de Past. Smeetsstraat;op 11 juni 2003, op 77-jarige leeftijd, Giel Ummels, echtgenoot van Truia Kurvers, Oostbroek.Mag ik mij even voorstellen.Mijn naam is Hub Schoenmakers en ik ben 39 jaar oud. Sinds enkele maanden ben ik de opvolger van Pierre Giesen als de wijkagent van Geulle. Tevens ben ik de wijkagent van Rothem en Ulestraten.
Voorheen heb ik gewerkt bij de gemeentepolitie Kerkrade en Maastricht waarna ik overstapte naar de basiseenheid Meerssen. In 2002 gingen de basiseenheden Meerssen en Valkenburg samen en ontstond de basiseenheid Heuvelland. De basiseenheid Heuvelland bestrijkt de gemeenten Meerssen, Valkenburg en Margraten.Vanuit mijn positie als wijkagent probeer ik zoveel mogelijk tijd vrij te maken voor de kernen Geulle, Rothem en Ulestraten.
Dinsdag en woensdag zijn voor mij vaste dagen in het dienstrooster dat ik vrj inzetbaar ben voor het wijkgericht werken. Dit kan zowel overdag als in de avonduren. Verder ben ik aanwezig bij de vergaderingen van het buurtnetwerk.Als U een gesprek met mij wilt om zaken en/of gebeurtenissen van welke aard dan ook met mij wilt bespreken, dan kunt U mij op de volgende wijze bereiken:
U belt 0900 – 8844 en vraagt naar het wijksecretariaat van de basiseenheid Heuvel-land. Van een medewerker van het wijksecretariaat krijgt U te horen of ik in dienst ben. 
Als ik niet in dienst ben dan zal men een bericht opmaken met het verzoek om U terug te bellen. Verder kunt U mij ook per email bereiken, namelijk:
Hub.Schoenmakers@limburg-zuid.politie.nl 
Deelnemers van het buurtnetwerk zijn in het bezit van mijn GSM-telefoonnummer.Ook wil ik een oproep doen aan U als inwoner van Geulle om bij overlast, verdachte omstandigheden of andere bijzondere zaken mij hiervan in kennis te stellen zodat wij, politie, inwoners van Geulle en gemeente, samen zorg kunnen dragen voor een veilig en leefbaar Geulle.Hub Schoenmakers
wijkagent Geulle


Mei 2003 De Sjakel


Geulle in vroeger tijden.

56. Situatie in 1925 en nu.

Dit keer wil ik iets vertellen over ons dorp van 1925. Pastoor Kengen schreef in “Uit Geul’s verleden” onder meer: Geulle is schilderachtig gelegen in Limburg in het zuiden langs de Maas, twee uren gaans van Maastricht. Het ligt half tegen en op de heuvels en half in de vlakte en op de Maasoever. Het heeft een oppervlakte van 685 bunder. Het wordt in het noorden begrensd door Elsloo, in het oosten door Beek en Ulestraten in het zuiden door Bunde en in het westen door de Maas. Aan de andere kant van de Maas liggen de Belgische dorpen Uikhoven en Kotem.
De spoorlijn van Maastricht naar Sittard enz. snijdt Geulle in twee ongeveer gelijke helften, waarvan de benedenhelft binnen afzienbare tijd nog eens doorsneden zal worden door het Julianakanaal, dat van Maastricht naar Maasbracht geprojecteerd is. Geulle bestaat uit een groot aantal gehuchten, zoals:

  1. Aan de kerk, waar de kerk, het gemeentehuis, de openbare en de bewaar-school liggen. Daar wonen de pastoor, de kapelaan, de koster, de burgemeester, het hoofd der school en een viertal ingezetenen. Hier klopt het hart van de gemeente.
  2. Hulsen, vroeger Hulsloe geheten, met de buurtschappen: Aan de halte, In het Reet, Aan de Molen en Kleinbreukske. Hier bevinden zich de spoorweghalte en het PTT kantoor. Hulsen vormt het middelpunt van de gemeente, hier worden nu de meeste nieuwe huizen gebouwd.
  3. Grootbroek, met Brommelen en de Geulstraat.
  4. Aan de Maas, met de buurtschappen: Op het Pruisisch en Op het Kempke.
  5. Hussenberg, met de delen: Het Schoor, de Steeg, de Scheer en de Kruisboom.
  6. Snijdersberg, met de Kermisstraat en de Hook.
  7. Moorveld met het Geulse gedeelte van Hoog Moorveld, Putstraat, Blomberg en Klinkeberg. 

Als wij de situatie van 1925 met die van nu vergelijken valt op dat in minder dan 80 jaar veel veranderd is. In de allereerste plaats is Geulle nu geen zelfstandige gemeente meer. Het maakt al ruim 22 jaar deel uit van de nieuwe gemeente (groot) Meerssen. Hierdoor bestaat het eigen gemeentehuis als zodanig niet meer en hebben wij geen burgemeester meer in en voor ons dorp alleen. Geulle heeft nu ook geen eigen pastoor en kapelaan meer. 
Indertijd moest het Julianakanaal nog worden gegraven. De openbare en bewaarschool zijn gefuseerd en liggen nu in Hulsen. Hulsen heeft, evenals andere Geulse gehuchten, een aaneengesloten bebouwing. Ook tussen de vroeger apart gelegen gehuchten zijn vele huizen gebouwd, zodat deze gehuchten veelal aaneengegroeid zijn. De spoorweghalte en het oorspronkelijke PTT-kantoor zijn verdwenen. In plaats van Grootbroek kende men later de gehuchten Westbroek en Brommelen. Oostbroek wordt nu als een apart gehucht beschouwd. Vroeger was dit een onderdeel van Hulsen en dat heette toen Kleinbreukske.

Ook is er in Geulle boven een eigen kerk en een school gebouwd. Het zusterklooster is naar boven verhuisd en daarbij is een verzorgingstehuis voor bejaarden gekomen. Geulle kan een bijzonder dorp worden genoemd, doordat het tegenwoordig vanuit het oosten gezien ligt langs of aan:

– Een vliegveld, vroeger gewoon vliegveld Beek genoemd en nu Maastricht Aachen Airport.
– Een autoweg, de A2, vroeger de E9 genoemd. Daarvoor liep daar een rijksweg, in de volksmond heette deze “de baan”.
– Restanten van een oude Romeinse heirweg.
– Een spoorweg die de mooie beboste hellingen doorsnijdt.
– Een kanaal, het Julianakanaal.
– Een rivier, de Maas. Deze vormt hier de grens met België.
Het is opvallend dat al de bovengenoemde zaken van het zuiden naar het noorden langs of in ons mooie dorp liggen of stromen.

Archie Varis.

Bron: 
1. Uit Geul’s verleden. (1926)
2. Kent u Geulle? (1949)


In de heer zijn overleden

  1. op 21 april 2003 te Moorveld op 59-jarige leeftijd, L.A.W. (Lau) Martens, echtgenoot van Johanna Urlings van de Hagedoornweg 8;
  2. – op 25 april 2003 te Stein op 75-jarige leeftijd Guus Muijtjens, weduwnaar van Sophie Mesters;
  3. op 26 april 2003 te Geulle-Ave Marie op 93-jarige leeftijd, Maria Gertrudis Paulina (Plien) Peerbooms, weduwe van Sjeng Ghijsen;
  4. op 26 april 2003 op 65-jarige leeftijd, Elianne Cuijpers echtgenote van Gunther Wollny van de Eijkskensweg;
  5. op 27 april 2003 te Geulle op 96-jarige leeftijd Vic Specken, weduwnaar van Henny Boonen, Aan de Maas;
  6. op 30 april 2003 te Den Haag op 86-jarige leeftijd Jonkvrouwe Marguerite Franscine Caroline Marie van Aefferden, weduwe van Jonkheer S.G. van Weede
  7. op 9 mei 2003 te Geleen op 84-jarige leeftijd, Giel Wijnand, echtgenoot van Marieke Tholen, Pastoor Smeetsstraat 16

Lau Martens overleden

Op 21 april jl. overleed na een kortstondige ziekte Lau Martens, hoofd van de basisschool St. Josef van Waalssen. Hij werd 59 jaar. 
Het is onvoorstelbaar dat Lau er niet meer is, zeker als je zijn foto op het doodsprentje ziet, een prachtige foto van Lau zoals hij in onze herinnering zal voortleven.
Bijna 40 jaar lang was Lau verbonden aan de St. Josef school, eerst als onderwijzer en de laatste 25 jaar als directeur.
In de voorbije 40 jaren heeft Lau heel wat Geulse kinderen leren kennen en onderwezen en hun voorbereid op hun vervolgstudie. Ook heeft Lau in al die jaren veel zien veranderen in het onderwijs, met als hoogtepunt het samengaan van de kleuterschool met de lagere school tot basisschool, terwijl ook het schoolgebouw meerdere malen werd verbouwd en/of uitgebreid.
De voorzitter van Ambiorix, waaronder de basisschool St. Josef ressorteert, gaf in zijn toespraak aan het einde van de begrafenismis een fijne “tekening” van Lau.
Behalve met zijn school had Lau een andere belangrijke band met Geulle, en met name met het Geulse carnaval. 
Lau had bij leven een aantal hobbies, waarin hij al de spanningen in het onderwijs kwijt kon: voetballen, wandelen, fietsen en zwemmen.
Lau, Geulle/Waalssen is jou grote dank verschuldigd. Veertig jaar lang heb jij je stempel gedrukt op het maatschappelijk leven 
in Geulle. Bedankt en tot ziens in het hemel.

(Red.)


Koninklijke lintjes in Geulle.

In het kader van Koninginnedag 2003 reikte Burgemeester Kockelkorn van Meerssen een tweetal Koninklijke lintjes uit aan Geullenaren.
G.M.C. (Truia) Tilmans-Gubbels van de Hussenbergstraat werd voor haar vele maatschappelijke functies: vrijwilligerswerk in het bejaardentehuis, lid kerkelijke zangkoor, verpleging en collectante voor diverse “goede doel”-organisaties benoemd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau.

H. A. (Harrie) Pallada van de Hussenberg-straat werd in de Synagoge te Meerssen benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. En daarmee is Geulle weer een Ridder rijker. Om tot Ridder te kunnen worden benoemd moet je heel wat hebben gepresteerd.
En Harrie heeft dat en dat ondanks zijn nog redelijk jonge leeftijd (53 jaar).
Na het behalen van het diploma HBS-B in 1969 volgde Harrie de Filmacademie in Amsterdam tot 1972, om vervolgens “de bouw” in te stappen. Na eerst bij een drietal bouwbedrijven werkzaam te zijn geweest, tijdens welke periode hij in de avonduren diverse bouwkundige studies (tekenen, calculeren en restaureren) volgde, trad hij in 1979 in dienst van Architectenbureau Ir. P. Satijn. Vanaf 1985 tot heden is Harrie stafmedewerker en hoofd van de afdeling calculatie, bestekken en uitvoering van Satijn Architecten en Ingenieurs BV, met kantoren te Gronsveld en Weert. Sinds 1989 maakt hij deel uit van het management team van deze BV.
Buiten zijn dagelijks werk bij Satijn heeft Harrie zich in de afgelopen jaren ook maatschappelijk zeer verdienstelijk gemaakt.
Vanaf 1987 tot op heden is Harrie lid van het bestuur van de Stichting Charles Eijck, die zich met name bezighoudt met het herstellen en conserveren van de 400 m2 aan fresco’s, muur- en wandschilderingen, 14 kruisweg-staties en 5 glas-in-loodramen die Charles Eijck in 1962 aanbracht in de kerk van Jeantes La Ville in de Thierache in Noord Frankrijk.
Vijf jaar lang was Harrie bijna elk weekend samen met zijn vrouw en gemiddeld 40 collega-bouwvakkers te vinden in Jeantes. Alles pro deo. Harrie hield zich met name bezig met lobbyen en fondsenwerving. De Franse Regering benoemde Harrie voor al zijn werk in Jeantes tot Ereburger van Frankrijk.
Momenteel is Harrie bezig met de verbouwing van een oud gebouw tot gemeenschapshuis in Jeantes.
In Jeantes werd Harrie onlangs extra in de bloemetjes gezet mede vanwege het ontvangen van zijn Koninklijke onderscheiding.
Harrie is vanaf 1998 ook actief bezig bij de Nationale Stichting Gaude Mater Polonia. Hij is lid van de wergroep die de zorg op zich heeft genomen van een drietal weeshuizen in de Poolse provincie Leszno. Het verbeteren van de gebouwen en de leefomstandigheden is de taak van de werkgroep. Harrie die al verschillende malen in Polen is geweest is de grote stimulator van deze werkgroep.
Het Geuls mannenkoor heeft een prachtig lied “Gaude Mater Polonia” op zijn repertoire staan, en dat terwijl de stichting van diezelfde naam hier niets van afwist, misschien een reden voor het koor om ook eens naar Leszno-Polen te gaan! 
Harrie ‘s grootste hobby is – naast zijn vrouw Jacqueline natuurlijk – de Club van Wijnvrienden.
Harrie was vanaf 1997 tot 2002 voorzitter van het hoofdbestuur van het Nederlandse Genootschap van Wijnvrienden, dat in 1971 werd opgericht en 300 leden telt. Vanaf december 2002 is Harrie voorzitter van de afdeling Maastricht en uit dien hoofde lid van het hoofdbestuur. Harrie geeft lezingen, neemt examens af, doceert en leidt reizen naar wijngebieden in Frankrijk, Belgie, Duitsland en Italie.
De afgelopen jaren ontving Harrie diverse eervolle benoemingen en onderscheidingen op wijngebied. Harrie heeft ook een aantal jaren gefunctioneerd als gewaardeerd bestuurslid van de toenmalige afdeling Groene Kruis Geulle en had de supervisie over de laatste grote verbouwing van het wijkgebouw aan de Poortweg.
Tot slot mag hier niet onvermeld blijven het vele werk dat Harrie verricht voor onze kerken in Limburg en daarbuiten. Een groot aantal kerkbesturen heeft reeds kunnen profiteren van zijn kennis en inzichten hoe om te gaan met noodzakelijke verbouwingen, uitbreidingen, restauraties en dergelijke. Nog onlangs bood hij met succes zijn diensten aan aan het kerkbestuur van Waalsen. 
Harrie, vanaf deze plaats wensen wij jou en je vrouw en dochter van harte geluk met je hoge onderscheiding en hopen dat jij je nog vele jaren zult kunnen inzetten voor je medemens, waar ook ter wereld. Het ga je goed !

(Red.)


Geulle 50 jaar geleden
Mei 1953………

– Geulle staat al weken lang in de belangstelling van de gemeenteraads- verkiezingen. Op 27 mei is het zover. Nu reeds lopen de kandidaat raadsleden door Geulle met hun vriendelijkste gezicht. In de café’s worden gul rondjes gegeven en in de avonduren zie je de kandidaat-raadsleden huis aan huis aanbellen of kloppen. Het zal erg spannend worden. Ter informatie het volgende:
Het aantal stemgerechtigden voor deze verkiezingen bedraagt 1066. De kiesdeler zal rond de 136 bedragen. D.w.z. dat iedere lijst die dit aantal stemmen haalt in eerste instantie een zetel zal toegewezen krijgen.
Toekenning van de restzetel heeft plaats naar de grootste overschotten. Bij toekenning van restzetels komen niet in aanmerking lijsten met een totaal stemcijfer dat lager is dan 75%. Wij kunnen dus aannemen dat een lijst, die in totaal minder dan 102 stemmen haalt uitgeschakeld is voor een zetel. 

– Op 10 mei mocht Geulle eindelijk na zeer vele jaren weer eens een Kindsheidoptocht zien. De eerwaarde zusters en alle medewerkenden verdienen een pluim met deze frisse, fleurige en zinrijke optocht. Men hoopt het volgende jaar weer met een Kindsheidoptocht aandacht te vragen voor de missiegebieden in de derde wereld.

– Deze maand overleed Sjaak de Smeed, J.L.Philippens. Sjaak was een van de oprichters van de Heemkundevereniging. Hij was bekend om zijn kunstig smeedwerk dat in de verre omtrek zeer bekend was. De laatste jaren van zijn leven, geplaagd door allerlei ouderdomskwalen, verbleef hij bij zijn dochter die hem verzorgde.

Hein Peters


Geulse kunstenaar heeft succesvolle expositie.

In de weekends van 3-4 mei en 10-11 mei vond een expositie plaats van Xander Sproncken op de Klinkenberg. Zijn kunstwerken konden worden aanschouwd in zijn atelier, dat ook eigenhandig is gebouwd.
Xander Sproncken is afkomstig uit Beek, waar hij op 31-3-1956 het levenslicht zag. Hij behoort tot de bekende kunstenaarsfamilie uit Beek. De welbekende Arthur Sproncken is zijn oom. Xander bezocht de Kunstacademie in Maastricht. Zijn huidige specialisme, het smeden, leerde hij echter in Aken. In Geulle woont hij inmiddels al zo’n 23 jaar. De “notenboom”, die ter ere van het 100-jarig bestaan van de harmonie St Caecilia op het marktplein is geplaatst, is een kunstwerk van zijn hand en een aanwinst voor Geulle.
De bovenvermelde expositie was een prachtig toonbeeld van de creativiteit van deze kunstenaar. De inwoners van Geulle mogen dan ook met recht trots zijn dat deze kunstenaar in hun dorp woont. 


Kwartierstaat van A.C. Kengen, in leven pastor van de parochie van het H. Hart van Jezus te Caberg-Maastricht door A.M.A. Maassen.

Dit artikel is het derde deel van de kwartierstaat. De delen één en twee werden eerder in de Sjakels van februari en april 2003 gepubliceerd.

VI Oud-ouders
32. Joannes Kengen, geboren te Itteren ?, overleden aldaar 9-5-1740, huwt
33. Lisbet Scheepers, geboren ?, overleden te Itteren 26-9-1727.
34. Servatius (le) Damoiseau uit Oud-Valkenburg, geboortedatum onbekend, vilicus (pachter) op Vaeshartelt, overleden te Meerssen 21-1-1746, huwt te Oud-Valkenburg ten overstaan van de pastoor van Wylré, 26-1-1721
35. Catharina Houtermans, uit “Weijler” (Wilré), geboortedatum onbekend, overleden te Oud-Valkenburg 17-7-1768.
Als vader van Servatius wordt genoemd ene Henricus Le Damoiseau, pachter van de Smitserhof te IJzeren, die tweemaal gehuwd was nl. le met Margaretha Malveau en 2e met Maria Grandtjean, en in IJzeren overleed 22-7-1715. De oudste herkomst van het geslacht Damoiseau is (nog) niet bekend, maar moet ongetwijfeld gezocht worden in het Waalse deel van België en wellicht in het land van Herve.

36. Joannes Vermeeren, geboren ?, overleden te Itteren 15-11-1747, huwt
37. Catharina Conings (Koninckx), geboren?, overleden te Itteren 20-10-1755. .

44. Arnoldus Franssen huwt 
45. Joanna Pijpers.

48. Leonardus Vossen, geboren te Geulle 4-6-1690, zoon van Leonardus Vossen en Judith Mulckens (van Mulcken), overleden aldaar 9-8-1747 (want er zijn nog drie andere data waarop een Leonardus Vossen overlijdt), huwt te Geulle 11-5-1716
49. Catharina Keber(t)s, geboren te Geulle 19-3-1683, dochter van Joannes Keber(t)s en Maria Thijssen, overleden aldaar 26-9-1747.

50. Joannes Hoogheijnen, geboren te Geulle 28-5-1697, zoon van Petrus Hoogheijnen (Hoechijn) en Gertrudis Bours, overleden aldaar 22-10-1747, huwt te Houthem 7-6-1729
51. Catharina Limpens, geboren in Oirsbeek-Doenrade 17-5-1704, dochter van Joannes Limpens en Petronella Mertens, overleden te Geulle 11-2-1788 “als oudste van het hele dorp” zo vermeldt de pastoor. Dat zij in 1702 te Oirsbeek is geboren, zoals hij in zijn bevolkingsregister schrijft, is echter niet juist. Bij het huwelijk Hoogheijnen-Limpens is heibel geweest tussen de pastoor van Houthem en de proost van St. Gerlach over de vraag wie het huwelijk mocht inzegenen. De competentiekwestie was aan de bisschop voorgelegd en die had geoordeeld, dat de bruid als dochter van de pachter van St. Gerlach in Houthem woonde en daarom als parochiaan van Houthem moest worden aangemerkt. Na het overlijden van haar man is Catharina in Geulle op 30-4-1752 hertrouwd met Conrardus Lentjens, geboren te Geulle 11-1-1711, zoon van Mathias Lentjens en Gertrudis van Reijmersdael, en overleden aldaar 14-10-1781.

52. Richardus van Reijmersdael, geboren te Moorveld-Meerssen 12-10-1690, zoon van Richardus van Reijmersdael en Maria Thijssen, overleden te Geulle 17-3-1777, huwt te Geulle 6-6-1728
53. Agnes Coolen (Koelen) “uit Maastricht, de parochie van St. Catharina” volgens de pastoor -waar ik haar niet heb kunnen 
vinden-, overleden te Geulle 21-2-1784.
54. Petrus Tulleneers, geboren te Schimmert 21-7-1686, zoon van Martinus Tulleneers en Elisabeth Koex, overleden te Geulle 6-4-1760, huwt te Geulle 30-1-1718 
55. Maria Thijssen, geboren te Geulle 9-5-1694, dochter van Gosuinus Thijssen en PetronelIa Janssen, overleden aldaar 20-2-1779.
56. Lambertus Maassen “uit Maastricht”, vermoedelijk geboren 29-3-1689, onwettige zoon van Ida Houben uit Geulle, die als vader heeft genoemd Lambertus Maes, soldaat van het Luneburgse regiment. Lambertus Maassen voornoemd overleed te Geulle 25-4-1758. Huwt te Geulle 15-11-1722
57. Catharina Tijssen, geboren te Geulle 12-1-1690, dochter van Matthias Thijssen en Gertrudis Bruls, overleden aldaar 26-11-1767.
58. Michaël Peerbooms, geboortedatum onbekend, vermoedelijk zoon van Gerardus Peerbooms en Agnes Houben, overleden te Geulle 31-5-1760, huwt te Geulle 21-1-1714
59. Elisabeth Carbox (Kaerbox), geboortig van Itteren (!), datum onbekend, overleden te Geulle 20-6-1761.
60. Caspar Vossen, geboren te Geulle 25-3-1696, zoon van Leonardus Vossen en Elisabeth Bours, overleden te Geulle 15-3-1741 of 22-4-1747, huwt te Geulle 3-11-1726
61. Gertrudis Notten, geboren te Geulle 21-2-1708, dochter van Joannes Notten en Elisabeth Swelsen, overleden aldaar 8-12-1746 of in Ulestraten 13-4-1748, waarna begraven op het kerkhof te Geulle.
62. Servatius Pijpers, geboren te Geulle 8-9-1686, zoon van Gerardus Pijpers en Margaretha Keberts, overleden aldaar 20- 7-1737, huwt te Geulle 25-2-1726
63. Mechtildis Timpmans, geboortedatum onbekend, dochter van Georgius Timpmans, de Lutheraan en Joanna Coenen, de Katholieke, zoals bij de geboorte van haar zus Barbara vermeld staat, overleden te Geulle, 3-4-1776 als echtgenote van Wilhelmus Janssen met wie zij te Geulle op 16-2-1738 was hertrouwd. Deze was de zoon van Theodorus Janssen uit Uikhoven en Elisabeth Paulissen, geboren te Geulle 21-3-1704. Hij overleed te Geulle 31-12-1788 “senior totius pagi”, d. i. als oudste van het dorp.

Naschrift: Het artikel van de heer Maassen is voorzien van een aantal noten. Wie belangstelling voor die noten heeft, kan zich wenden tot de redactie.
Eén van die noten vermeldt het volgende: Als aardige bijzonderheid zij vermeld dat in de laatste door pastoor Kengen voortgezeten kerkvergadering op 15-9-1935 met algemene stemmen een geboren Geullenaar als koster werd aangesteld. Het betrof Jozef Mathijs Hubertus Tillie, geboren 17-4-1912, zoon van Jacobus Hubertus, landbouwer te Oud-Vroenhoven, geboren aldaar 25- 7-1876, en Maria Elisabeth Stijnen, geboren te Geulle 4-8-1881. Nadat de eerste kinderen van dit echtpaar in Geulle waren geboren, vestigde het zich in Caberg waar de overige kinderen werden geboren. Jozef Tillie overleed te Maastricht 18-7-1968, als weduwnaar van Anna Catharina Gertrudis Rousseau, geboren te Oud-Vroenhoven 30-12-1910, dochter van Joannes Hubertus landbouwer, geboortig van Oud-Vroenhoven en Maria Philomena Gertrudis Steegen, geboortig van Eigenbilsen, met wie hij op 7-4-1939 te Maastricht was gehuwd. Zij was aldaar overleden 20-12-1960.

Aanvulling: Christianus Kengen (4) en Maria Agnes Genoveva Mid(d)aert (5) huwen te Itteren op 14-4-1822 (folio 4). Joannes Vossen (6) en Barbara Maassen (7) huwen te Geulle op 15-4-1815 (akte 17).


Vergange glorie.

Öt is mië es vieftig jaor geleeje datte Heemkundevereiniging oontstange is. Die hauw doe al väöl aktieve leede. Dees luu hauwe öt book van pestwoir Kengen, “Uit Geuls Verleden”, good bestudeert en al väöl wiste euver de graofelikke femiele die in Gäöl öt kestiël geboed en bewoont höbbe.
De graafstein van die femiele steit noe rechop taenge de noordwand in de Mariakapel, die gespaard is gebleeve wie de nuu kérrék in 1920-1921 geboed woor. Dae stein hauw vreuger plat gelaege veur d`n hoofelter van de auw kérrék. Umdat ze bang waore datter te väöl zouw afsliete, ester väöl luu euver leepe, hauw m`n häöm rech opgezat.
Vreuger laog hae plat baove de graafkelder. Norbaer, de köster, wis nog tatter ônger de plevuuze örges ö trepke laog in de buurt woi vreuger de kemunebank gestange hauw.
De heemkundevereineging vroog aan pestwoir Stassen of ze ôngerzeuk maogde doon in dae graofelikke kelder. En…nao lang aandringe goof hae toestömming mét öt oetdrökkelikke verzeuk um alles weer in de ouwe staot trök te brénge.
Dao waore hiël get leede en nuusjiërige op kômme daage. De vloerteegels woore ein veur ein veurzichtig weggepak op de plaats die de köster aangeweeze hauw. Ze hoofde neet lang te zeuke. Ze vônge öt trepke nao ônger. Eederei vông öt ö bitsje griezelig um nao ônger te gaon mét ö paar kaese en ön pitsjlamp. Mèh wie den iëste ônger waor volgde algauw ö stél angere.
Bie öt zwaak leech zaoge ze önne ruume kelder mét opte groond önne dikke laog modder.
En in dae kelder stinge iezer stéllinge mét dao op echte geraemte. Sômmige laoge op grwoite plaate van lwoid. Ein van de geraemte moot vreuger önne grwoite kael gewaes zin. Dao laog ouch öt geraemte van ö jônk keind.
Opte anger stéllinge laog haos niks mië. De knäök laoge in de modderlaog of staoke dao nog ö bitsje baovenoet. Die lieke woore vreuger in houte kiste gelag mèh dao waor niks mië van euver. Opte groond laoge waal nog reste van de koopere handvatte en berosde naegel.
Zouw der mesjien nog mië in dae modder zitte. Öt waor griezelig um dao métte blwoite han in te graave.
Baove in de kepel waore stevige iezers, woi ze de teegels mët opgeluch hauwe. Eine dae ônger kort bie öt trepke stông reep nao de nuusjiërige baove; “gaef ins ö braekiezer aan”.
Dat gebäörde en ônger woor mèttat iezer in de modder gesjard en gezeuk. Wat ze vônge waore veural knäök en sjedels.
Jônges veer sjeije oet. Vergaet öt braekiezer neet. Gaef dat mèr nao baove.
Bie den trap waor öt haos gans duuster. Eine geuf öt nao baove woi öt ôngertösje ouch al duuster begôsj te waere. Mèh ze ôndegkde al gauw tattet ö raar braekiezer waor watze in de han hauwe want öt waor önne grwoite knaok van ein van de hwoig hiëre die dao begraave laoge. In de kérrék maog neet gelag en gevlook waere mèh doe gebäörde dat spontaan. Zelléfs in de duuster ruumde tösje de geraemte kôsj me ziene lach neet hauwe.
Veer kénne noe nog demet lache. Dao zin zeker nog luu in Gäöl die dat métgemaak höbbe. 

Mèh önne graafkelder is eigelik hiël tries en zeker deze graafkelder, woi zwoiväöl machtige luu begraave ligke. Hie is niks mië euver van hun mach en hunne riekdôm. En zellèfs önne prachtige gebeeldhouwde stein kènt dao niks aan verangere.

Mar/B


Geulle ‘minst criminele’ kern van Meerssen

Op het onlangs gehouden wijkbezoek van B&W Meerssen aan Geulle presenteerde politefunctionaris Hub Schoenmakers de ‘criminele’ cijfers over de eerste 4 maanden van Geulle. Conclusie: Geulle is de meest veilige kern van geheel Meerssen.

In de periode van 1 januari 2003 tot 1 mei 2003 vond het volgende in Geulle plaats:
– 2 inbraken
– 11 diefstallen uit auto’s
– 4 meldingen omtrent overlast jeugd
– 10 meldingen van geluidsoverlast
– 4 aanrijdingen
– 1 aanhouding i.v.m. drugs
– 3 maal assistentie i.v.m. parkeerproblemen
– 10 meldingen van vernielingen


Zeepkistenrace in Geulle

Op zondag 1 juni organiseer VV de Bokkerieërs de eerste Geulse zeepkistenrace. Het evenement zal plaatsvinden op de parkeerplaats bij de voetbalvelden. Deelnemers kunnen gebruik maken van hun eigen zeepkist of ter plekke een kist huren. De aanvang is om 14.00 uur.
Dus kom naar de race en geniet onder het genot van een drankje van spektakel en plezier.

Beleefd uitnodigend VV De Bokkerieërs 


Nationale hengeldag

Zaterdag 31 mei is het weer nationale hengeldag. Deze dag is bedoeld om de hengelsport onder de aandacht te brengen van een nog groter publiek. Als vanouds probeert HSV Geulle dit te doen door zowel niet alleen de heren, maar ook de jeugd en de dames gelegenheid te geven om eens te vissen. De vereniging heeft het geluk te beschikken over een schitterende vijver waar de vangsten momenteel zeer goed zijn. Dus waarom zou u het niet eens zelf proberen, of kom gewoon eens een kijkje nemen. Dames en jeugd loten voor het “visstekkie” om 13.00 uur en zij vissen een “wedstrijd” van 14.00 – 16.00 uur. Gevist wordt op aantal. Hulp is toegestaan! Deelname is gratis en u kunt ook nog eens een leuke prijs in de wacht slepen!
Om 16.30 uur is de loting voor een koppelwedstrijd. Hieraan kan ook iedereen meedoen. Dus ook weer de jeugd en de dames, maar nu zal er grote concurrentie zijn van de heren.
Gevist wordt van ± 17.00 uur tot 20.00 uur. Let op…bij deze wedstrijd gaat het om het gewicht, een bewaarnet van minstens 2,5 meter is dus verplicht! En ook nu zijn er weer aardige prijzen te winnen ondanks dat deelname gratis is. Voor koppels die gevormd worden door jeugdigen en/of dames zijn aparte prijzen voorzien, men heeft dus alle kansen om te winnen. Kunt U zelf geen koppelgenoot vinden dan probeert de vereniging U aan een medevisser(ster) te koppelen. (denk wél even aan de huiselijke vrede…niet dat U door het koppelen problemen thuis krijgt!)
De prijsuitreiking is gepland om 21.00 uur in de “NUUJ KEET” bij de vijver.


De Sjakel
April 2003


Geulle in vroeger tijden.

54. De voormalige schutterij.De carnavalsoptocht heeft mij het onderwerp geleverd van dit verhaal. In die stoet was een prachtige wagen met een grote groep te bewonderen welke als motto had “ De Geulse schutterij Sint Lazarus “. 
Daarom dit keer iets over de schutterij die eeuwen geleden in ons dorp actief is geweest. Iedere gemeente van enige omvang en zeker een heerlijkheid waar een schepenbank gevestigd was ( zoals bijv. Geulle ) had een schutterij. Tot de taken van een schutterij behoorden: 
– Zorgen voor de openbare veiligheid zowel bij dag als bij nacht.
– Het uitvoeren van patrouilles in gevaarlijke en onrustige tijden.
– Het opsporen van misdadigers en het weren van verdachte personen.
– Het bewaken van gevangenen en hun vervoer naar andere plaatsen.
– De beul behulpzaam zijn bij executie van ter dood veroordeelden.
– Het handhaven van de openbare orde bij feestelijke gelegenheden.
– Het begeleiden van de Sacramentsprocessie. 
– Het oefenen in de schiet- en krijgskunst.
– Het vogelschieten, het organiseren van schuttersfeesten etc. 
Uit de archieven is helaas niets te vinden over de oprichting en het einde van de schutterij. Het is jammer dat de vlag evenals de koningsplaten en de schuttersboeken niet meer te vinden zijn. Zo zijn de roemrijke daden van dit eeuwenoud gezelschap in vergetelheid geraakt. 
Uit de oude registers en archieven is wel nog wat informatie terug gevonden over handelingen van de voormalige schutterij van Geulle. Zo staat in het gichtregister dat eind december 1674 een zekere Jan Meyers in hechtenis was genomen en daarna door de schutters bewaakt werd. Per dag is precies bijgehouden wat dat aan kosten met zich meebracht. De meeste uitgaven werden besteed aan bier voor de schutters en eten voor de gevangene. 
In 1681 had Jan Lysen bijgenaamd Bosjanneke iets lelijks uitgehaald waarop een zware straf stond. De schout was hier achter gekomen en had hem voor de schepenbank gedaagd. Maar Bosjanneke had onraad geroken en was gevlucht.
Dus kregen de schutters opdracht om op Jan Lysen te letten en hem zo snel mogelijk te arresteren.In de registers van onze buurgemeente Elsloo is in 1699 een opdracht aan de schutterij van dat dorp vastgelegd. Zij moesten in actie komen ter gelegenheid van de grote Sacramentsprocessie van de Sint Martinusparochie van Geulle. 
Dat was toen inderdaad een grote processie. Vanuit de kerk aan de Maas ging men naar Terhagen en Catsop om via de Horst(erweg) en de Scheer naar de Cruisboom te trekken om daarna over de Snijdersberg naar de kerk terug te keren. In die opdracht van de toenmalige kasteelheer van Elsloo staat onder meer: “ Als de processie om de Horst zal gaan, moet de schutterij zich op het Keerbunder opstellen. Dit is gelegen onder Geulle recht tegenover de Cuyl
“ de Wijnkelder “ genoemd. Daar dan de schutterscedule aflezen zoals dit sinds onheugelijke tijden gebruikelijk is en op 14 juni 1699 op klein kermisdag nog gebeurde. De hierboven beschreven plaats ligt een paar honderd meter ten oosten van de Scheer in Hussenberg aan een nu doodlopende weg. Vroeger was dit een doorgaande weg die de Koelweg werd genoemd. We vermoeden dat de schutterij van Elsloo in 1699 daar haar opwachting kwam maken om hulde te brengen aan de processie en aan de schutterij van Geulle. 
Ook in ons dorp werd vroeger jaarlijks de grote schuttersdag gevierd met een schuttersfeest of met het vogelschieten. Na de optocht en de exercities werd het feest besloten met een flinke slok bier. En ondanks dat de schutters echt wel wat gewend waren, steeg hun dan vaker het bloed naar het hoofd. De koppen raakten verhit en de tongen kwamen los. Dan werden oude vetes en beledigingen opgerakeld. Dit leidde vaker tot hevige ruzies en kloppartijen. Meestal resulteerde dit tot een zaak voor de schepenbank. In 1730 is zo een kwestie vastgelegd tussen eiser Peter Pipers en de aangeklaagden Corst en Jan Gysen.
In 1735 is in de nacht van 14 op 15 juli de Luipertshof gelegen te Moorveld
Ulestraten geheel afgebrand. Die grote boerenhof was eigendom van de 
toenmalige graaf van Hoensbroek-Geulle en werd gepacht door Christoffel Horneck die gehuwd was met Elisabeth Schelsen. Omdat men vermoedde dat opzet in het spel was en voor herhaling vreesde, werd gedurende 6 maanden een schutterswacht ingesteld door de korporaalschappen van Geulle, Bunde en Ulestraten “ op poene van een patacon van ieder die zich daar wederrechtelijk aan onttrok “. De vrees voor herhaling was aannemelijk omdat men gedreigd had opnieuw de Luipertshof en ook de Moorveldshof, de molen en zelfs het kasteel van Geulle in brand te steken.
In het jaar 1870 was de schutterij rustend. Ze werd sindsdien alleen opgeroepen bij speciale gelegenheden, zoals het inhalen van een nieuwe burgemeester of de installatie van een nieuwe pastoor.Archie VarisBron: 
Uit Geul’s verleden. (1926)
Nuuts van Zaate Hermenie “Laot Mèr Gaon”Bie deze wille veer gans Gäöl bedanke veur de spontaan reacties en sjwoin dankbetuiginge wat veer höbbe gekrege met de vastelaovend en het ganse aafgeloupe vastelaovends-seizoen.
In ‘t biezunger wille veer de groite bök, “De Bokkerieërs”, bedanke veur de ‘Bokkespang’ welke tot groite verrassing en bliedschap aan ozze muzikale leider en mede-oprichter, Jos Roumans, oetgereik woor.
En auch de samewerking met de klein bök, oftewaal “De Bökskes” waor geweldig good.
De zaate hermenie is met plezeer veur uch opgetrooje zwoi deks es kôsj aafgeloupe jaor. Tösje alle vastelaoves- spektakel door zelfs auch nog es Kaers-mennekes en vruike op de bejaarde-Kaersmésmiddich en veur en nao de nachmes baove en onger bie de kerk Kaers-leedsjes gespeeld. Nao de optoch maondig waore veer weer hartelijk ontvange door Math & Doris in ‘Auwt Gäöl’ alwo veer ‘t zonger geluidsboxe meh met volle petaj blaosmuziek same zeer gezellig maakte. 
Tot volgend jaor zouwe ver zekke.
Och jao, veer zoue ‘t vergaete, umdat veer de waek veur vasteloavend onverwacht eine daag vrie waore höbbe veer dit verplichte gemis dik gecompenseerd door ein allerjetzte zeer geslaag ‘live’ radio-optreije in “de Keizer” geregeld door RME-Maerse op de donderdich veur vasteloavend.
Zôndigmiddich nao vasteloavend moagde veer alweer aantreie umdat ein van os allerbeste supporters 65 jaor woor en os al jaore geleeje via de serenade-aktie gesteund hou en noe moagde veer aantreije um die serenade waor te make. Es speciaal verjeurdaags-verrassing is de feesteling, Annie van Lochs, toen oetgekooze tot beschermvrouwe van Laot Mèr Gaon via ein speciaal oorkonde. Proficiat Annie.
Zwoi noe zin veer oetgekald. Wilt geer auch bie os club veur te blaoze, trommele, tamboerijne of os gewoon steune in daad of woord of höb geer nog ein auwt instrument of trumke veur os op de zölder laot ‘t os weite, neet lang helle mèh begin te belle: Jos Roumans 043-3649131 en/of Marie-José Duijkers : 043-3640394
LMG oftewaal de gezelligste zaate hermenie van en veur gans Gäöl ,dus Laot Mèr Gaon.
Een gouden paar op Westbroek.Het was 7 april j.l. 50 jaar geleden dat het huwelijksbootje van Hub Kersemakers en José Smeets het ruime sop koos. Hub werd 15 november 1929 in Ulestraten geboren in een gezin van 3 broers en 2 zussen. Na een opleiding voor leraar aan de rijks- kweekschool in Maastricht, ging hij werken als leraar muziek en algemeen vormend onderwijs in het verre Almelo. Hub werd hier tevens directeur van 3 fanfares en 1 harmonie. Muziek zat Hub in het bloed, hij speelde dan ook vroeger saxofoon bij de fanfare van Ulestraten. Na hier twintig jaar gewerkt te hebben (van 1950-1970), vertrok het gehele gezin naar Zaandam waar Hub directeur werd van een mdgo-school. Hiermee ging een grote wens in vervulling namelijk “baas” van een eigen school. In 1989 ging hij met de vut en vestigde de familie Kersemakers zich bij ons in Geulle.
José is een van de 7 dochters van kapper Smeets op de Stationstraat in Meerssen. José ging eerst naar de mulo op de Beekstraat in Meerssen. Hierna ging zij ook het kappersvak in en haalde haar kappersdiploma en het middenstandsdiploma. Later ging ze ter vervanging van 3 maanden werken als administratief medewerkster bij haar man op de school. Deze 3 maanden werden echter 12 jaar.
Al op zeer jonge leeftijd (14/15 jaar) leerden Hub en José elkaar kennen. Hub gaf met de fanfare een concert in Ulestraten, na dit concert werd een toneelstuk opgevoerd. De vader van José zorgde voor de grime en José was meegekomen. In het begin was het niet meer dan een “muulke” op de wang. Later toen het serieuzer werd zorgde vader Smeets er voor dat het niet te laat werd. Als de 6 vrijers in de gang afscheid namen van hun meisje en de klok sloeg 22.00 uur, dan deed hij de voordeur open en zei:” Het is een mooie sterrenhemel buiten, mooi weer om te fietsen”. Dan wisten de vrijers dat het tijd werd om op te stappen.
Het gezin werd gezegend met 3 kinderen, 2 dochters en 1 zoon en met 8 kleinkinderen. Helaas is hun zoon reeds op jonge leeftijd (38 jaar) overleden.
“ Als we niet meer werken dan wil ik fruitbomen en schapen hebben” zei Hub altijd. De fruitbomen zijn er niet gekomen de schapen echter wel. En hoe!! Hub fokt nu al vele jaren schapen van het ras Clum Forest. Hiermee heeft hij al vele prijzen gewonnen. Hij is zelfs Nederlands kampioen geworden. Hij is ook bestuurslid van de vereniging van buitenlandse schaapsoorten. Hub hoopt nog vele jaren met deze hobby door te gaan.
Lezen, wandelen en bridgen bij de bridgeclub in Meerssen zijn de hobby’s van José.
Samen hebben ze zich de geheimen van de computer eigen gemaakt, waar ze ook veel plezier aan beleven.
Sjakellid zijn ze al sinds ze hier in Geulle kwamen wonen.
Het feest werd 5 april j.l gevierd in het bijzijn van kinderen, kleinkinderen, familie en vrienden.
Namens de Sjakel en de heemkundevereniging wensen wij Hub en José nog vele gezonde en gelukkige jaren.W.R. en M.W.
Geulle 50 jaar geleden
April 1953….- De heer J. Thijssen aan de Kerk is bezig met de bouw van een concertzaal te Hulsen tegenover het klompenfabriekje van de heer Louis Thijssen. Het betreft hier een zaal met café en woonhuis. Het werk is opgedragen aan een aannemer uit Houthem -Valkenburg.- Dank zij de medewerking van het gemeentebestuur hoopt het V.V.V. afd. Geulle een aantal rustbanken te plaatsen op verschillende mooie plekken in de gemeente. De banken zullen zodanig geplaatst worden, dat men tevens een mooi uitzicht heeft over het Belgische Kempenland en Maasvallei.- De Gemeenteraadsverkiezingen.
Op 27 mei zullen de gemeenteraads-verkiezingen gehouden worden. Voor Geulle zijn de navolgende lijsten ingediend:
Lijst Thijssen: Thijssen, J.J.G., Oostbroek
Kengen J.M.J., Westbroek
Lijst Thijssen: ThijssenJ.H.L. aan de Maas
Janssen P.H., Oostbroek
Lijst Kurvers: Kurvers H.W., Oostbroek
Dohmen Jac., Aan de Maas
Smeets J.J.L., Brommelen
Troquet J.L., Aan de Maas
Paulissen L.J., Westbroek
Lijst Muytjens: Muytjens P.H., Broekhoven
Jonkhout J.H., Moorveld
Martens J.H., Hulsen
Lijst Sassen: Sassen H.P.J., Snijdersberg
Zeegers J., Hussenberg
Bergholtz J.B.L. Oostbroek.Hein PetersIn de heer zijn overleden– Op 19 maart 2003 Iet Freens, weduwe van Harie Roumans, in de leeftijd van 79 jaar, Huize Ave Maria, voorheen Aan de Maas en Pastoor Smeetsstraat.- Op 21 maart 2003 Sjo Ramakers, echtgenoot van Leonie Janssen, in de leeftijd van 94 jaar, Hulserstraat 40- Op 3 april 2003 te Maastricht Sophie Mesters, echtgenote van Guus Muijtjens, in de leeftijd van 73 jaar.- Op 4 april 2003 Marieke Jonkhout, huize Ava Maria, in de leeftijd van 78 jaar.- Op 15 april 2003 te Geulle Graatje Franssen, echtgenoot van Tina Leclaire, Aan de Maas 20, in de leeftijd van 89 jaar.- Op 16 april 2003 te Geulle Lei Ghijsen, echtgenoot van Rosa Janssen, Hussenbergstraat 33, in de leeftijd van 83 jaar.- Op 16 april 2003 te St. Jans-Geleen Julia Kurvers, weduwe van Pierre Renkens, in de leeftijd van 82 jaar.- Op 18 april 2003 te Avé Maria, Harie Vossen, echtgenoot van Tilla Pallada, in de leeftijd van 88 jaar. Kwartierstaat van A.C. Kengen, in leven pastor van de parochie van het H. Hart van Jezus te Caberg-Maastricht door A.M.A. Maassen.Dit artikel is het tweede deel van de kwartierstaat. Deel één werd eerder in de Sjakel van februari 2003 gepubliceerd.IV. Overgrootouders
8. Martinus Kengen, landbouwer, geboren te Itteren, samen met zijn tweelingbroer Servatius, 11-11-1763, overleden aldaar 1-5-1809, huwt te Itteren 3-6-1792
9. Anna Catharina Vermeeren, geboren te Itteren 30-03-1775, overleden aldaar 12-11-1837 (akte 23). Zij was toen echtgenote van Leonardus Daemen, met wie zij te Itteren op 13-11-1830 getrouwd was, zoon van Arnoldus Daemen en Joanna Maria Van Reijmersdael, gedoopt te Meerssen 12-9-1771 en overleden te Itteren 8-5-1845 (akte 2).
10. Joannes Wilhelmus Midaert, geboren te Itteren 2-1-1736, overleden aldaar 7-6-1790, huwt te Itteren 18-11-1787
11. Maria Josepha Franssen, geboren te Hoensbroek 6-7-1751, overleden te Itteren 4-11-1831 (akte 23) als echtgenote van Joannes Sme(e)ts met wie zij te Itteren op 30 Vendémiaire VII (21-10-1798) getrouwd was. Hij was de zoon van Leonardus Smets en Catharina Largé, geboren te Itteren 23-5-1773 en overleden aldaar 25-10-1852 (akte 13).
12. Joannes Vossen, landbouwer, geboren te Geulle 11-5-1760, overleden te Geulle-Moorveld 16-3-1852 (akte 7), huwt te Geulle 21-9-1788
13. Maria Catharina van Reijmersdael, geboren te Geulle 5-7-1766, overleden aldaar 21-8-1846 (akte 22).14. Lambertus Maassen, landbouwer, geboren te Geulle 3-3-1767, overleden te Geulle-Snijdersberg 14-5-1828 (akte 21), huwt te Geulle 20-11-1791
15. Maria Mechtildis Vossen, geboren te Geulle 2-2-1760, overleden aldaar 23-12-1844 (akte 22).V. Betovergrootouders
16. Joannes Kengen, landbouwer, geboren te Itteren, 27-?-1724 (doopregister gevlekt, maar het moet jan., febr., of maart zijn) overleden aldaar 16 Thermidor XIII (4-9-1805), huwt te Itteren 10-2-1749
17. Margaretha Damoiseau, geboren te Oud-Valkenburg 14-1-1726, overleden te Itteren 9-9-1795. Opgemerkt wordt dat het Nederlands hervormd trouwboek van Meerssen als ondertrouw aldaar vermeldt 26-1-1749, alsmede dat de bruid geboortig is van IJzeren en woonachtig op Vaeshartelt. IJzeren is een gehucht dat valt onder de parochie Oud-Valkenburg en Vaeshartelt een leengoed onder Meerssen. Aardig detail: het was de eerstgeborene van dit echtpaar, Elisabeth, gedoopt te Itteren op palmzondag 22-3-1750, die 65 jaar vóór Martinus Hubertus, de eerste link legde tussen de familie Kengen en Geulle door haar huwelijk aldaar op 17-5-1784 met Matheus Lonis, geboren te Geulle 21-7-1735 als zoon van Matheus Lonis en Anna Catharina Hornecken. Zoon Joannes Mathias van het echtpaar Lonis-Kengen was een zwager van Joannes Vossen (zie 6) door zijn huwelijk met Catharina Elisabeth Maassen te Geulle op 30-5-1818 (akte 22)
18. Christiaan Vermeeren, landbouwer, burgemeester van Itteren van 1800 tot 1809, geboren te Itteren 14-2-1733, overleden aldaar 17-12-1809, als weduwnaar van Catharina Bollen, zijn tweede vrouw, – geboren te Borgharen, 4-1-1721, overleden te Itteren 25 Ventôse XII (16-3-1804), dochter van Petrus Bollen, soldaat onder de compagnie van majoor Ovok, uit Itteren en Elisabeth Jans(s)en uit Borgharen, weduwe van Jan Ackermans, met wie Christiaan te Itteren hertrouwde op 19-10-1777 -, huwt te Itteren op 20-1-1771
19. Christina Beckers, “geboren en wonende te Mechelen”(aan de Maas?) volgens het Nederlands Hervormd Trouwboek van Meerssen, overleden te Itteren op 1-5-1777 in het kraambed van haar op 27 april geboren zoon Henricus.
20. vader Midaert onbekend, no. 10 is onwettige zoon van 
21. Anna Paulissen, geboren ? Aangenomen wordt dat zij het is die in het Itterense kerkelijk overlijdensregister als “ongehuwd” overleden op 19-1-1795 staat vermeld. Gelet op de geboortedatum van haar zoon, moet zij geboren zijn ongeveer tussen 1700 en 1710. In de nabuurgemeente Borgharen zijn twee echtparen Paulissen, die rond 1700 kinderen laten dopen: Wilhelmus Paulissen en Anna Corstjens, alsmede Joannes Paulissen en Barbara N.N. Beide hebben echter geen Anna, noch een Joannes of Maria die de doopgetuigen zijn van Joannes Wilhelmus Midaert.
22. Arnoldus Franssen, geboren te Hoensbroek 31-1-1712, overleden aldaar 21-6-1779, huwt te Geulle 3-12-1747
23. Elisabeth Cortlevens (Kortleven), geboren te Uikhoven (B) aldus het Geulse huwelijksregister, datum onbekend, overleden te Hoensbroek 28-2-1769.
24. Joannes Vossen, timmerman, geboren te Geulle 7-7-1726, overleden aldaar 14 Prairial VIII (3-6-1800), huwt te Geulle 25-5-1756
25. Petronella Hoogheijnen, geboren te Geulle 14-4-1732, overleden aldaar 30-7-1812 (akte 38).
26. Richardus van Reijmersdael, landbouwer, geboren te Geulle 15-5-1732, overleden aldaar 16-9-1814 (akte 51) huwt te Geulle 13-11-1763
27. Sophia Tullene(e)rs, geboren te Geulle 28-10-1724, overleden aldaar 21 Nivôse XIII (11-1-1805) (akte 15).
28. Henricus Maassen, landbouwer te Geulle-Snijdersberg, geboren te Geulle 12-10-1732, overleden aldaar 20-10-1828 (akte 45) huwt te Geulle 11-5-1766
29. Barbara Peerbooms, geboren te Geulle 4-12-1731, overleden aldaar 25-10-1810 (akte 53).
30. Leonardus Jacobus Vossen, landbouwer te Geulle-Snijdersberg, geboren te Geulle 25-7-1727, overleden aldaar 23-7-1791, huwt te Geulle 4-11-1753
31. Anna Elisabeth Pijpers, geboren te Geulle 2-4-1728, overleden aldaar 2-4-1795, plotseling, na enige jaren dementie. Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.Dag mensen van Geul,
hier weer een briefje van jullie Pieke junior en de vorige maand hadden ze geen plaats in de Sjakel voor mijn brief en nou moet ik nog maar eens goed nadenken wat of dat er de letste tijd gebeurt is en de karnevalsoptocht was heel mooi, vooral de looker derin, en ik snapde niet alles devan, van die met Jeu z’n böl voor zijn buik en van de spiepoloog met zijn donkere katjes, maar van schutterij stangk stief wel.En nou is de vastelavond al weer om en nou komt het voorjaar der echt aan maar het is veel te droog en het stupt overal seermiljaars en nou willen die van de keizelboeren ook beginnen om de Maas weg te werken en dan wordt alles nog veel droger en die van de gemeente denken dat de bos dan helemaal wegzak in het moeras in de Sint en dat is jammer want ze hebben nou de knup bij ons in den hoek heel mooi bloot geleg en ook op de Blomberg hebben ter zich een paar de tong uit de schoenen gewerkt om bomen te knotten en zo wordt er nog eens wat aan de natuur gedaan in Geul en dan komen die van de keizelboeren en de pervincie en die denken het beter te weten, want die zeggen alsdat er straks aan de maas een apart natuurgebied komt met bomen en struiken en wilde beesten en zo, maar ik geloof daar niks van en de Noonk ook niet, want die was letst met Harie achterop de brommer over de brug in Stein de peul over geweest om zich op het Belsj een paar koppele putters en siezen te kopen en die heeft gezien hoe het dan wordt met plastieke tuiten en autobanden en leeg flessen en klezettepepier in de takken van de bomen en de struiken en ik weet niet of het van de gif was, maar ze zijn zich met zijn tweeën ter een paar gaan drinken bij Sjel in Uifeke en het was heel laat geworden, maar dat was niet zo erg zei Harie, want de Noonk heeft alles betaalt. En die van de gemeente hebben overal op de wegen 30 gekalefateert en dat was zeker niet omdat die in de autoos de borden die daar al een paar jaar staan niet kunnen lezen, want die wat zo hel varen die zijn allareigel toch altijd zo jong dat ze nog geene leesbril nodig hebben of niet en de Noonk vraagt zich nou af wat of dat dat help want der staan nou al remsporen op de weg waar een boereknecht die net van het huiske komt zich niet voor zou hoeven te schamen.En Neske is sjus niet in alle staten gekomen, maar ze is nu wel gedupeert want ze had een paar stemmen te min en dat dank je de koekoek, zegt de Noonk, want als je ders twee uit een nes op de lijst zet, dan heb je kans dat ter geen een uitkomt, en Harie lachde zich kepot demet en die zeg, dat als die van het CDA in Meersse eens een echte strateeg nodig hebben, dat ze dan maar zich hier in den hoek moeten melden en dan is het nog een geluk, dat ze die vethouder derop gezet hebben en niet Charlie, maar om dat te snappen moet je geloof ik al wijer geleert hebben.En nou moet ik met de Noonk de haan en de hinnen gaan vangen, want die moeten op het hok want de pest is uit en als den haan nou bij het varken komt is het leid helemaal in last en ik ben eens benieuwd hoe of dat nou verder gaat met de groeten van jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek en laten we maar hopen dat ze in Holland en in de rest van de wereld alles onder control krijgen zonder dat ze zichzelf onder hunnen zebbedeus lappen. Het Openluchttheater te Geulle.Op 31 januari 1928 dient de toneelvereniging “De Verenigde Vrienden” uit Geulle een aanvraag in bij de gemeente voor een stuk hellingbos ,hoofdzakelijk woeste grond achter het huis Jenniskens halverwege de Moorveldsberg groot circa 600 vierkante meter, om er een openluchttheater te realiseren. Na overleg met de gemeenteraad werd dit goed bevonden,en werd dit terrein verhuurd voor een periode van 6 jaar en een huurprijs van 20 gulden per jaar. Namens de toneelvereniging tekende het contract de heren Johannes,Hubertus Ghijsen (Sjeng van Sjoke) en Wilhelmus Thijssen( Giel van Sjengske),resp. voorzitter en secretaris van het bestuur der toneelvereniging “De Verenigde Vrienden” gevestigd te Geulle.
Ben W behouden zich voor, in bijzondere gevallen en in nader overleg met contractanten deze overeenkomst te wijzigen. Dit huurcontract mede ondertekent door Burgemeester v.Aefferden en secretaris Paulissen ging naar Gedeputeerde Staten van Limburg op 30 november 1928 en ingaande 1 januari 1929 kwam de goedkeuring.
Men ging toen met een 15-tal vrijwilligers aan de slag. Er werden bomen en andere houtopstanden gekapt in de helling. Met betonblokken werden 12 zittrappen gemaakt in een halve cirkel net als bij een voetbalstadion. Onder aan de voet van die zittribune werd het kleedlokaal gemaakt deels van beton.
In de zomer van 1929 werd de eerste uitvoering gegeven door de toneelclub. Het waren meestal komedies die opgevoerd werden. In die omgeving was het toen zeer rustig, alleen van de vogels kon je hun lied horen, de nachtegaal en de koekoek. Deze waren toen nog uitdrukkelijk aanwezig in het bronsgroen eikenhout.
Het enige wat storend was, was de stoomtrein die in de direkte omgeving langs denderde.
De kleding en andere attributen werden in huize Jenniskens opgeslagen, toen bewoond door de familie Claessens.
Na enige jaren ging het theater ter ziele. Tot op heden is alleen nog maar een brok beton te zien van de speelvloer tussen de braamstruiken en de brandnetels waar Geulle nogal rijk aan is.J.Maassen.Wat is goed en wat kan beter…..Tijdens de onlangs gehouden jaarvergadering van onze vereniging, werden we er door enkele lezers op gewezen dat de Sjakel niet altijd aan hun verwachtingen voldoet. Andere lezers geven juist aan dat ze iedere maand weer vol verwachting naar ons maandblad uitkijken.De redactie van de Sjakel heeft daarom besloten om in één van de volgende Sjakels een enquete bij te voegen waarmee u kunt aangeven wat u goed vindt aan de Sjakel, maar ook wat u graag anders zou zien.Natuurlijk hoeft u niet te wachten op deze enquete. U kunt de redactie te allen tijde laten weten wat u van de Sjakel vindt. Of wilt u zelf wel eens een artikel schrijven voor de Sjakel? Neemt u dan kontakt op met de redactie van de Sjakel, tel. 046 4377 156 of via email heemkunde@geulle.comNaast dit maandblad verzorgt de Heemkunde-vereniging ook de internetsite ‘Groeten uit Geulle’ (www.geulle.com). Op deze site vindt u niet alleen nog veel meer informatie over Geulle, maar ook informatie over tal van Geulse verenigingen, bedrijven, evenementen en nog veel meer. Sinds kort kunt u zelfs zien welke huizen er in Geulle te koop staan.
Ook van deze internetsite kunt u ons laten weten wat u er van vindt en wat wij kunnen doen om deze te verbeteren. Wij horen graag van u!De redactie. 

De Sjakel

Maart 2003

Geulle in vroeger tijden.
53. Zoals het vroeger was.

Nog maar een paar generaties geleden leefde de Geullenaar veel meer dan tegenwoordig zijn eigen leven met zijn eigen tradities en gewoontes. Tijdens de lange winteravonden kon men de inwoners van een gehucht of buurtschap in de zogenaamde “plenkhoezer” aantreffen. Daar zaten de vrouwen en meisjes dan te breien of te spinnen. Ze luisterden dan naar de verhalen en grappen van de mannen. Deze verhalen gingen bij voorkeur over Alvermannetjes(auvermennekes), weerwolven, heksen en spoken. 

Met gretigheid werd naar deze oude vertellingen geluisterd. Dergelijke spannende verhalen bleven door mondelinge overlevering bewaard en werden soms door de verteller wat aangedikt. Hierdoor was het mogelijk dat zelfs menige stoere jongeman als hij ’s avonds naar huis toeging bang was voor een weerwolf of een spook. Ook de verteller zelf geloofde zijn eigen verhalen, want deze waren hem als waar verteld door een ouder iemand. Want wij moeten weten dat onze vroegere dorpsbewoners niet alleen diep gelovig, maar ook bijgelovig waren. 
De afgelopen jaren is veel in ons mooie dorp veranderd. Zo is de welvaart sterk toegenomen. Vroeger was de gewone Geullenaar landbouwer. Helaas was de geringe opbrengst van de kleine boerenbedrijven vaak onvoldoende om de meestal grote, katholieke gezinnen in hun elementaire behoeften te voorzien. Vele vroegere dorpsbewoners moesten dan ook elders als dagloner werk gaan zoeken. 

Zij ontvingen hiervoor vaak minder dan 15 eurocent per dag. In die dagen trok menige Geullenaar naar de fabrieken van Maastricht of Luik. Of naar de eindeloze bieten- en korenvelden over de Duitse grens tot aan Keulen en Düsseldorf toe. Dat was daar hard werken tegen een mager loon. De dagen waren lang en zwaar en de nachten kort. Men trok meestal met een complete werkploeg naar Duitsland en bleef zo lang weg totdat alle koren en bieten binnen waren. Als de oogstcampagne voorbij was trok men vol heimwee weer terug naar dat heerlijke, stille dorp langs de Maas. Naar dat dorpje met zijn heerlijke heuvels, zijn betoverende bossen, zijn golvende korenvelden en ruisende canadassen.Archie Varis

Bron: Kent U Geulle? (1949)

Een bijzonder archief.

Mensen kunnen allerlei hobby’s hebben. De variaties om een persoonlijke voorkeur uit te leven zijn welhaast eindeloos. Wij, de redactie van de Sjakel, hebben een persoon in ons dorp ontdekt met zo´n eigen activiteit waarmee een heel leven gevuld kan worden. De persoon is Sophie Severijns-Ghijsen, ook bekend als de vrouw van Frans van Severijns. Het echtpaar woont in een bejaardenwoning in Geulle-beneden. De hobby van Sophie is het uitknippen en archiveren van alle berichten en mededelingen die op Geulle betrekking hebben. Dan zou je in een eerste opwelling denken: dat is toch zo gepiept! Maar dat blijkt een foute veronderstelling. Want er wordt heel wat afgeschreven over Geulle, zo blijkt uit het door Sophie in de afgelopen veertig jaar uit de krant geknipte berichten.

De archivering. 
Sophie heeft een even simpele als doeltreffende wijze van archivering. Zij gebruikt grote plakboeken met blanco papier. Daarin worden de krantenknipsels opgeplakt en eventueel wat gefatsoeneerd met naar binnen geslagen vouwen als het artikel te groot is. Door de datum van de krant uit te knippen en toe te voegen aan de bladzijde, wordt de tijdsregistratie verzekerd. Want, knippen is een, maar zeker zo belangrijk bij een terugblik is te weten op welke tijd het bericht betrekking heeft.
Begonnen in de jaren zestig van de vorige eeuw (het lijkt wel geschiedschrijving!) heeft Sophie tot op heden al meer dan dertig grote albums volgeplakt. En daarmee is duidelijk: er wordt heel wat over Geulle weg geschreven.

Een willekeurig jaar, 1971. 
Met Sophie en mede gesteund door Frans hebben we het plakboek van het jaar 1971 eens doorgebladerd. Het eerste bericht, vanwege ruimtegebrek op de binnenkant van de kaft geplakt, is gelijk een voltreffer. En maakt gelijk duidelijk dat er niet zo veel veranderd is onder de zon: Vliegveld Zuid-Limburg is een couveusekind. Nu is het vliegveld anno heden weliswaar het couveuse-stadium ontgroeid maar een krachtige boerenzoon met een eigen bedrijf is het nog allerminst. Het eerste artikel bevat gelijk een ´dubbelboeking´ want de achterkant van hetzelfde artikel bevat het verweer van burgemeester Galiart van onze toen nog zelfstandige gemeente. Hij zou de raad onvoldoende informeren. In het artikel worden een aantal ons inmiddels ontvallen raadsleden genoemd zoals Bèr Jonkhout en Piet Pinxt. Vanuit de Geulse politiek wordt natuurlijk nog veel meer literatuur aangedragen. Zoals een verkeersnota met allerlei gevaarlijke straten en ´zere´ kruispunten. Ook zijn er uitvoerige artikelen over de nieuwbouw van de lagere school en een bezetting door de kinderen van het gemeentehuis. Die jonge provo´s toch! Op een bij het artikel geplaatste luchtfoto is het nog vrijwel maagdelijke terrein te zien aan de Kleivelderweg met alleen het voetbalveld van de Geulse Boys en het zwembad. 

Onder de rubriek actualiteiten onder meer een uitvoerig verhaal over een boottocht onder de titel: Roeiboot met 8 bejaarden sloeg om op Maas in Geulle. De roeiboot met Sjang Ramakers aan de roeispanen was onderweg naar een begrafenis in Uijkhoven. De Maas stroomt zo onstuimig dat de boot omslaat en de Geullenaren in het water terecht komen. Een passagier uit Lindenheuvel is destijds om het leven gekomen, ondanks de krachtige redding welke verricht werd door Caspar Thijssen. 
Enkele artikelen zijn gewijd aan een tumultueuze schietpartij in het bejaardentehuis waarbij een (religieuze) zuster gewond werd. Verder regelmatig berichten, soms grote artikelen over Geulse verenigingen zoals de beide muziekkorpsen (en hun eerste daadwerkelijke contacten na vele jaren van scheiding), de kerkelijke zangkoren, de postduivenvereniging ´De Snip´ en al die andere verenigingen zoals we ze ook nu nog kennen. 
Ook zijn er berichten in tegengestelde varianten over het jongerenwerk zoals dat bedreven wordt in de ´Johannesburcht´. 
Nog vermeldenswaard is het optreden van toneelvereniging ´Gäöl´ die in dat jaar de Sjuinsmersjeerder opvoert. Ook zijn er krantenknipsels over het individuele wel en wee van Geullenaren zoals een opwekkend verhaal over oud-burgemeester Van Aefferden die, wonende op het kasteel in Geulle, in 197l nog geniet van een goede gezondheid en zich eigenlijk nog twintig voelt. Het wee wordt zichtbaar in overlijdensadvertenties van enkele bekende Geullenaren zoals aannemer H. Kurvers en E. Penders, in Geulle beter bekend als ´Gène van Guske´. 

Het totale dossier. 
Zo bevat het door Sophie over 1971 (en een beetje 1972) aangelegde dossier nog vele andere berichten waarvan menig Geullenaar bij het lezen een Aha-erlebnis zal krijgen van: ´och jao, dat weit ich nog good!´ of iets in die trant. Maar alle berichten oplepelen zou te saai worden. Vandaar deze keuze die ik wil afsluiten met de toevallige samenloop dat in hetzelfde jaar uitvoerige artikelen worden geschreven over drie bekende , van elders afkomstige Geullenaren. Te weten: mevrouw Epplé (beeldhouwster, wonende in de Beeldenhof aan de Snijdersberg) met een expositie in galerie Felix in Maastricht, over Felix Rutten (eerder wonende op de Schieversberg) die op 90-jarige leeftijd in Rome is overleden en over mevrouw van der Mey (eerder wonende op de Snijdersberg) voor wie in het jaar 1971 een gedenksteen wordt aangebracht op de gevel van haar vroegere woning. De tekst op de gedenksteen luidt nog steeds ´zij ging weldoende rond´ waarmee een hommage wordt gebracht aan haar offervaardigheid en (medische) hulpverlening die zij een halve eeuw in Geulle uitdroeg.

Compliment. 
Als hoeder en ondersteuners van het plaatselijke heem maken we Sophie een compliment voor haar mooie verzameling van krantenberichten over het Geulse. Onvoorstelbaar dat er in de loop van een jaar zoveel over het eigen dorp geschreven wordt maar, evenzeer onvoorstelbaar dat Sophie de verzamel- en plakarbeid al die jaren zo nauwgezet heeft kunnen bijhouden. Voor degene die ooit een ´actualiteitenoverzicht tweede helft twintigste eeuw´ wil samenstellen, is dat met het archief van Sophie een makkie. Vanaf onze redactieplek een hartelijk compliment voor de verrichte arbeid. We hopen dat Sophie nog lange tijd met dit werk mag doorgaan en dat wij tezijnertijd nog eens een beroep mogen doen op inzage in haar archief met als groot voordeel.: je hoeft niet digitaal onderlegd te zijn; al bladerend kun je het ene na het andere artikel nog eens lezen.Paul Notten, Moorveld.

Geulle 50 jaar geleden…
Maart 1953

– De gemeenteraadsverkiezingen werpen hun schaduwen reeds vooruit. De kandidaatstelling voor leden van de nieuwe gemeenteraad zal plaats vinden op dinsdag 14 april a.s. van 9.00 uur tot 17.00 uur. De kandidatenlijsten zijn kosteloos ter secretarie verkrijgbaar. De verkiezing zal plaats vinden op een nader te bepalen dag in mei.

– VVV. Op een vergadering van deze vereniging werd besloten haar de naam te geven van “Heerlyckheyt Geul”.

– In Geulle is een krielhanenvereniging opgericht. Zij draagt de naam “De Morgengroet”. Deze vereniging hield in café Hecker een geslaagd concours. In alle categorieën ging de Geulse club met de eer strijken.

– De Katholieke Mijnwerkersbond afd. Geulle heeft op haar onlangs gehouden vergadering de volgende bestuurssamenstelling gekregen. Deze ziet er nu als volgt uit: 
Voorzitter: J.Pluis, Hussenberg 11. 
Secretaris: J.Lardinois, Westbroek 41. Penningmeester: J.Blom Waalsen.
Leden: J.Penders, P.Sassen, J.Peukens en Sjaak Lahoye.

– Onlangs vierde de afdeling Geulle van de R.K.Bouwvakarbeidersbond haar 25-jarig bestaan. Er werden 4 jubilarissen gehuldigd: De heren P.Muytjens, P.Janssen, L.Kurvers en J.Kerckhoffs. Zij waren vanaf de oprichting lid van de bond en kregen de zilveren bondsspeld uitgereikt met de daarbij behorende oorkonde.Hein Peters.De werklozen 1930-1940

In de dertiger jaren waren er, net als in vele andere landen, veel werklozen in ons land. In Nederland waren er 600.000 werklozen, in Duitsland 6 miljoen.

In Geulle waren er ongeveer 60 werklozen. Dit waren allemaal mannen, want vrouwelijke werklozen bestonden in die tijd nog niet. De werklozen mannen moesten elke week op dinsdag gaan stempelen in het gemeentehuis en op donderdag konden ze er hun uitkering gaan afhalen. De hoogte van de uitkering was afhankelijk van de grootte van het gezin. Zo kreeg een gezin bestaande uit man, vrouw en één kind per week en uitkering van vier gulden vijftig, een pakje boter en een blik vlees. Van die vier gulden vijftig was twee gulden bestemd voor de huishuur.

In die tijd was er een belastingplaatje voor de fiets dat twee gulden vijftig per jaar kostte. De werklozen kregen dit plaatje gratis, maar er zat wel een gat ter herkenning van deze groep mensen. Het plaatje moest zichtbaar gedragen worden.
Werklozen met een kinderrijk gezin kregen van pastoor Voncken een briefje; met dat briefje konden ze in een bepaalde winkel goederen kopen. Deze werden dan door de pastoor geruisloos betaald. Na zijn overlijden in 1936 was zijn nalatenschap niet voldoende om een grafsteen (links naast de zijdeur van de St.Martinuskerk) te laten plaatsen. Op een zondag is toen een open schaalcollecte gehouden voor een bijdrage aan die grafsteen.

Ongehuwde jongelui van rond de twintig jaar kregen geen uitkering: die moesten maar “van de wind leven“. Deze jongelui waren gedwongen om te gaan smokkelen. Dit gebeurde dan ook massaal door mensen van Geulle en omstreken. Het “smokkelshop” was in de Geulstraat bij Sjangke van Bet.
Het voetveer over de Maas was het hele jaar door in de vaart. Boter (Addi-Solo-Frieseboer) en suiker waren de artikelen die de hoogste winst opleverden, want in België waren deze beduidend goedkoper. Het smokkelen heeft twee jonge mannen het leven gekost. Op 4 oktober 1935, midden in de nacht, verdronken Sjo Kusters (20 jaar) en Emiel Lenaerts (15 jaar) op de terugweg wadend door de Maas. Tijdens het smokkelen werden allerlei middelen toegepast om de douane te misleiden. Dit lukte meestal wel, maar het ging ook wel eens mis. Als het donker was en de commiezen met de fiets de berg afkwamen op weg naar de Maas seinden “collega’ s” van op de berg met een zaklamp. Overdag floot men op de vingers. Zelfs de schooljeugd deed hieraan mee. De één gaf het sein door aan de ander en voordat de commiezen bij de Maas waren, waren de smokkelaars al gewaarschuwd.

Gehuwde mannen met een uitkering werden tijdelijk tijdens diverse werkzaamheden ingezet. Zo ook tijdens de asfaltering van de eerste weg in Geulle: vanaf Brommelen via Oostbroek, Hulsen, Broekhoven en de Slingerberg tot aan de grens van Beek. Dit werk werd uitgevoerd door wegenbouw “De Geruisloze” uit Heerlen. Bij de aanleg van het Julianakanaal vonden ook nog diverse werklozen enkele jaren werk. Hierbij is een jong ingezetene in 1928 dodelijk verongelukt: Harrie Bours, 15 jaar jong uit de Hulserstraat. Toen het pompstation aan de Essendijk werd gebouwd, moest er een transportleiding met een diameter van 30 cm. worden aangelegd naar het verdeelstation op de kop van de Bekerberg. Ook bij dit werk konden diverse W.W.’ers tijdelijk aan de slag.

De werkzaamheden werden volledig met schop en pikhouweel uitgevoerd. Het werk was “accoordwerk”: als men niet op tijd tot op de vereiste diepte gegraven had, vloeide men af.
De lonen bedroegen 10 à 12 gulden per zesdaagse werkweek.

Toen al deze tijdelijke werkzaamheden achter de rug waren, moest er naar de werkverschaffing door de gemeente worden uitgezien. Enkele mensen werkten in de kiezelgroeve tegenover café “Lombok”: de overigen hebben halverwege de Snijdersberg de weg naar het bos gemaakt tot net voorbij de rustbank onder de Waalserberg; dit werk is ook met schop en kruiwagen uitgevoerd. Door deze wegaanleg kon het hakhout beter worden afgevoerd. Weer een tijd later werden de beemden tussen de Brugweg en Broekhoven twee schoppen diep omgespit en voorzien van een afwatering; zo ontstond uit een drassig gebied landbouwgrond. Op dit moment is het een mooi vruchtbaar weiland, in de volksmond de “Peel” genoemd. De werklozen van Midden-en Noord-Limburg deden in de echte Noord-Limburgse Peel datzelfde werk, vandaar die naam.

Als laatste werkverschaffing in de crisisjaren vòòr de Tweede Wereldoorlog moesten 60 werklozen in Eupen in België gaan werken. Daar werd een stuwmeer aangelegd om het water van de riviertjes de Vesdre en de Ourthe op te vangen. Met een bus van de firma Seegers uit Maastricht gingen zij iedere dag naar Eupen op en neer: 120 km. reizen per dag. Het loon bedroeg 12 gulden per week. Hier ging 2 gulden af voor het busvervoer. Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak was het afgelopen met dit werk. Veel van de werklozen vonden toen werk in en op de steenkolenmijn. Na de oorlog brak er een gouden tijd aan en kwam er een einde aan het proletarisch tijdperk; wel hebben helaas miljoenen mensen dit met de dood moeten bekopenJ. Maassen

Carnaval 2003

Sleuteloverdracht
Een van de hoogtepunten voor de prins is traditioneel op de zaterdag voor carnaval, de sleuteloverdracht.
Zo ook voor ons prinsenpaar Marty I en Carmen. Precies om half vijf arriveert de raad van elf samen met fanfare St. Martinus bij café de Leunde, alwaar onze prins wordt opgehaald.
Na enkele mooie woorden van opperbok Eddy aan het adres van prins Marty en prinses Carmen nemen ze, samen met hun beide dochters, plaats in de gereedstaande Volks-wagen Kever cabrio, terwijl de hele raad van elf hun uitgeleide doet. Achter de fanfare, begeleid door de Bokkerieërs, loopt de stoet door de Hulserstraat naar café `t Heukske, alwaar ze als eerste daad de bok omhoog moeten hijsen, ten teken dat de carnaval in Geulle is begonnen.
Prins Marty toont zich een goed sportman, want nadat opperbok Ed alle aanwezigen (en het waren er weer een stuk meer dan andere jaren) had bedankt voor hun komst, hijst de prins de zware bok hoog in de lucht, zodat deze ‘de drie dol daag’ kan uitkijken over het Geulse Bokkeriek.
Nu was het de beurt aan Paul Maassen, die op een door hem zo gepaste wijze, het prinsenpaar op de korrel nam en er hierdoor voor zorgde dat de stemming er meteen goed inzat.
Binnen ging men verder met het officiële gedeelte. Samen met jeugdcarnavals-vereniging “de Bökskes” werd de macht overgedragen aan prins Marty I en prinses Carmen, zodat zij het drie dagen voor het zeggen hebben in Geulle. Ook aan jeugdprins Max en prinses Mieke werd een sleutel overhandigd.
(wordt vervolgd op pagina 8)


Dit gebeurde op een werkelijk ludieke wijze door de twee wethouders John Ummels en Jo de Jong, die eerst de aanwezige raadsleden op de korrel namen en daarna deed waarvoor men gekomen was, overigens geassisteerd door hun beide echtgenotes.
De klok stond op 19.11 uur dus tijd voor de receptie: alle Bokkerieërs lieten de handjes wapperen en de zaal was gereed.
Vele dorpsgenoten stonden klaar om prins Marty en prinses Carmen te fêteren en ook de wijze raad stond netjes in de rij.
Na honderden handjes schudden en maar liefst elf(!!!) gastverenigingen gehad te hebben was het rond de klok van half elf dat het prinsenbal geopend kon worden door orkest de Williams uit Maastricht.
Opperbok Eddy bedankte alle aanwezigen voor hun komst en prins Marty I nam met prinses Carmen de openingsdans voor hun rekening.
Tot diep in de nacht ging dit alles door, want het was een waar feest, zoals ons prinsenpaar ook opmerkte toen we hun om 3 uur s’nachts thuis brachten.

Grwatte Optocht
Karnavals maandag is in Geulle de dag van de grwatte optoch.
Schitterend weer, zon aan de hemel en bij aankomst bij het vertrekpunt honderden stralende gezichten. Wat kan men zich als vastelaovesvereiniging nog meer wensen.
Met het spek en ei van onze tempel cafe `t Hemelke in onze maag vertrekken we om precies 14.11 uur vanaf de berg richting Geulle beneden.
Een lange stoet van kolder, muziek, praal en schampe trekt aan de vele toeschouwers voorbij en die genieten zichtbaar.
Rond 17.00 draaien we de Markt op en als de laatste wagen, die van prins Marty I en prinses Carmen, ook stil staat heeft iedereen kunnen zien dat de kwakkert die prins werd heeft genoten als een vrachtwagen vol lachduiven.
De vele complimenten die de deelnemers kregen voelde aan als een warme douche want daar doe je het voor en op de laatste plaats voor de prijzen!

Kinderoptocht
Vele kinderen staan vol ongeduld te wachten op het moment dat de Bokkerieërs hun het sein geven dat ze kunnen vertrekken en als dit er eindelijk is gaat men dan ook volle gaas van start.
Mede door het mooie weer staan de stoepen langs de route goed vol met allemaal goed geluimde mensen.
Trots als een pauw nemen de kinderen het applaus in ontvangst en voor dat ze op het kermisplein aankomen krijgen ze van de Bokkerieërs allemaal een strandbal met het logo van de vereniging erop aangeboden. Nadat de schitterende prinsenwagen van de jeugdcarnavalsvereniging de Bökskes is aangekomen op het Kermisplein maakt opperbok Ed bekend dat iedereen de eerste prijs heeft met lof der jury.
Alle kinderen die aanwezig zijn kunnen zich bij de leden van de raad van elf begeven om een zak snoep in ontvangst te nemen.
Hiervan wordt volop gebruik van gemaakt en we zorgen voor veel blije gezichten!!!!!

Aflaten bok
Na de kinderoptocht gaan we met ons hele gezelschap naar multicultureel centrum `t Heukske; op z’n Gäöls bij Jean en Mieke in de zaal alwaar we ons stortten in een spetterende massa mensen die sjpassssss maken en lachen.
Carnaval met de grote C: na twee uurtjes is het tijd voor de inwendige mens dus op naar eethuis “het tweede lager” op de Esjendiek waar onze dames samen met Maurice van de Kik hadden gezorgd voor veel lekkers.
Annelies, Leny, Marie-José en Corry: bedankt namens ons allemaal. 
Iedereen vol dus op naar de Kollekamp. Ria van Lewie gebeld die ons met de bokkebus naar boven brengt.
Hier was de duivel los want het was echt stampvol en de zaal dampte van het hoszweet.
Na de nodige polonaises en ‘gaef mich mehr ein piepke’, aanvaarden we rond half elf de afdaling naar ons centrum waar de bok rond twaalf uur wordt afgelaten.
Na het bezoek van nog een horecagelegenheid waar we gastvrij werden ontvangen vertrokken we rond half twaalf naar Jean en Mieke.
Prins Marty I en Prinses Carmen worden met de minuut stiller. Effe voor twaalf, een blik binnen en buiten leert dat de vastelaovesgekke ons ook nu niet in de steek laten want zeker 130 man hebben zich de moeite getroost om op dit ongewoon laat tijdstip naar `t Heukske te komen.
Zaate hermenie, Sjötterie, bestuur jeugdcarnaval o.l.v. Jan Boom en de bonte groep Rood Geel Groen en vele, vele Geulenaren willen meemaken hoe de laatste tellen van een schitterende vastelaovend 2003 worden beleefd.
Na het uitreiken van de Bokkespang aan Prins Marty en Prinses Carmen wordt de bok onder het Limburgs volkslied door Marty naar beneden gehaald ten teken dat de vastelaovend 2003 erop zit.
De wandeling naar onze tempel ‘t Hemelke kan beginnen, want daar wordt de prins en prinses ontdaan van hun prinsespullen.
Ook in het Hemelke was het weer goed raak, de hele zaak vol en prins Marty I en prinses Carmen keken hun ogen uit.
Na een rondje van de prins voor de hele zaak begon opperbok Ed aan zijn moeilijkste taak van het afgelopen seizoen, het afscheidswoord.
Nadat alles gebeurd was en raad van elf en de dames ons prinsenpaar bedankt hadden werden de laatste tranen weggeveegd en was de vastelaovend 2003 echt voorbij.

Afscheidswoord van Opperbok EdBeste mensen,
Hier staan we dan alweer, ja alweer want wat is het weer snel voorbij gegaan.
Hoe zegt men, alles wat mooi is vliegt snel om nietwaar.
Toen ik vanmorgen achter de computer kroop om dit afscheidswoord te schrijven moest ik het hele seizoen aan mijn gedachtenvoorbij laten gaan. Een seizoen prins Marty 1e en prinses Carmen. 
Het begon in mei afgelopen jaar. Ik belde namens het comité en kreeg Marty aan de lijn en ik stelde de vraag of zij prins en prinses wildenworden.

“Nou Ed, mag ik me even bedenken?”, vroeg hij, maar terwijl hij zijn zin afmaakte had Carmen de naam Ed van de Bokkerieërs gehoord en schreeuwde ze al: “JA JA”, want het was immers haar droom van kinds af aan om dit te mogen worden.

Dat enthousiasme zijn ze het hele seizoen niet kwijt geraakt in een lang seizoen met kennismakingsweekend, Ulestraote, Genhout, optreden op RTME, Koelekop Meers, Margraten, zieken en 85+, Weigl, beide vrouwenonden, Geuloord, Graasmatte, Bonbonnière, Schimmert, Elsloo, Avé Maria, Meerssen, Beek en Stein. Er leek aan de “Marty en Carmen on tour” geen einde te komen.

Een dipje hebben we samen moeten doorstaan dit seizoen: het afscheid van Marcel van de frituur, maar ook hier sloegen wij ons samen kranig doorheen.

Overal waar we kwamen en op de laatste plaats niet te vergeten in ons eigen mooie Geulle hoorde je de mensen zeggen wat een enthousiasme en beleving.
Een prinsenpaar zoals je je ieder jaar kan wensen. Marty en Carmen, veer doon de patjs veur uch aaf.

Een seizoen met drie nieuwelingen bij de Bök, ook voor de bestaande Bök even vreemd, maar als opperbok kan en wil ik zeggen: Zweittuut, Pietie en Ron, veer wille uch neet mje kwiet.

‘Auch geer luu van Gäöl, karnavalisten in hart en neeren’, wil ik in dit laatste praatje niet vergeten. Gäöl is vastelaovend dankzij jullie.
Ook de mensen van onze tempel Café ’t Hemelke, bedankt voor de prettige manier van samenwerking: ’t woar gewoon te gek.

‘t Bèste bewaarste altied tot öt letste: os eige vrouwlu, want zônger hun aan oos zie woare de Bokkerieërs neet wat ze noe zeen: een Bokkefamilie. Dames bedank, geer zeet super.Opperbok Ed Philippens

Uitslag Grote optocht 2003

Einzelgängers
1e prijs: nr 18 Psycholoog 161 punten

Kleine groepen
1e prijs: nr 24 Toerte 163
2e prijs: nr 25 ‘t Centrum op de kop 158
3e prijs: nr 06 Vatsig China 157
4e prijs: nr 15 Therapeut moas 149
5e prijs: nr 04 D’n orgel 146
6e prijs: nr 20 Confetti 145
7e prijs: nr 09 Veer gaeve kleur 142
8e prijs: nr 14 Hot dog 137

Grote groepen
1e prijs: nr 03 Hoage toare 180
2e prijs: nr 16 Rwad gael greun 166
3e prijs: nr 08 Zigeuners 162
4e prijs: nr 19 Loat mher gaon 161
5e prijs: nr 22 Ijjskoninginnen 160
6e prijs: nr 02 Prins Marty alaaf 155
7e prijs: nr 21 Jeu de boule

Wagens
1e prijs: nr 23 Sjötterie 178
2e prijs: nr 10 Neet gesjoate 149
3e prijs: nr 07 Confetti 146
4e prijs: nr 05 Love parade 142
5e prijs: nr 12 Jsf op MAA 139

Wandeling langs de Maas.

Öt zal mesjien neet lang mië doere. Dao zin planne um mèt grwoite mesjiene de Maas oet te deepe en te verbreije. Mè kènt zich nog neet veurstèlle watter allemaol geit verangere en wie väöl bekènde stökskes gaon verdwiene, tegeliek mèt de plaatselikke benamingen.
Ich num uch mèt op ön wandeling vanaaf öt kelderke tot aan de Aelserbaende, van zuid nao noord.

Öt kelderke laog opte boch van den auwe maasdiek, woi dae önne sjerpe boch maakde. 
Ö stökske wier nao öt Voelwammes kaom öt Gäölke in de Maas, die hie önne boch maakde nao Uukeve toe. Um öt oetspeule te verkômme waor dae kant versterrèk mèt dikke klauwe die badklauwe genump woore. Dao aan haet öt graasland tösje Maas en diek ziene naam “De Bat” te danke. In die Bat laog de Klein Maas, woirsjienlik önne auwe Maaserrèm. Öt waor ö sjilderechtig plekske umgaeve door auw wieje, woi de jeug van aan de Maas hiël get sjwoin herinneringe aan höbbe euvergehauwe. Want in de weinter es öt hel gevraore hauw kôsj me zich dao op öt ies flink loslaote mèt sjaatse, ieswagele of gewoon mèt kejje van den eine nao den angere kant. Dan waor öt ei tafereel dat me noe nog op väöl hôllese weintertafereele kènt bewôndere. Taenge euver Uukeve, achter hwoig maashègke laog de” Greend.” Ouch dao kôsj gezèllig gesjaats waere in de liëgde achter de hègke, die de sjerpe oiwsteweint taenge heel. Esset neet vroor en der toch väöl water sting, waore der altied get auw Maaslengers die dao hun riëpe lagte. Riëpe waore lang touwe woi aan klein tuikes zaote mèt angele draan um vösj te vange. Ze woore in öt water gegwoijd en met eine stek woor aangegaeve woi ze ze in öt water gewoijd hauwe. De daag denao woore de riëpe gelug. Dat deege ze door mèt ein dreg. Meistal vônge ze dan ein berref of iële.
Ö bitsje wier, bie de vaerbel begôsjte de Dreides, ö wild stök groond mèt väöl grubbe mèt aan den eine kant de Maas en den angere kant ön rie koele. De bekènste waore de “Sjaopskoel” en de “Deepe Koel”, woi de baek in oet kaom veur dat ze in de Maas oetleep. Bie de Dreisdes waor de Maas ondeep en dat waor de plek woi de Maaslengers öt zwömme liërde. Dao laog ônger water önne hiële dikke stein dae es duukplank gebruuk woor. Aan de oiwskant daovan laog öt “Waertsje” mèt velder veur kaore, krwoite en aerapple. 

Achter Savelkoul laog de “Waertsjestraot”,die sterrèk umliëg leep en esse volleep kôsjte öt maaswater hwiërre roesje esset langs de boch umliëg broesjde. Zouw hie vreuger mesjien de Gäöl höbbe geloupe? Ö bitsje wier in de “Seint” laoge ouch nog langgerègkde peul die de Auw Maas geneump woore. Langs de Maas laoge dao de “Klein Krub” en de “Grwoite Krub”,die allebei in de Maas oetkaome en door de vösjers es oetgespraoke vösjplekskes gebruuk woore.

Tösje de Maas en de kenaaldiek laog de “Seint”, woi de boere öt vrögbaar akkerland good wiste te gebruuke. En wier door begösj de Aelserbaende. Graasland woi de keu op geheut woore en woi de Maaslengers waal ins ruzie kreege mèttie van Aelse, die ouch mèt hun keu dao waore. Die van Gäöl en die van Aelse kôsjte öt neet altied good saame vènge. Es veer noe trök wandele euver de kenaaldiek dan kômme veer langs de “Baelik”, woi de waeg noe önne boch moot maake nao Aelse. Méh veer loupe door tot aan de “Kômmelder” en loupe dan langs de boerderie van de Pinckert, de vreugere fanfarezaal, de kaplenie en de pasterie nao de sjwoin kerrëk ö baan.
Dan höbbe veer öt gans stök gezeen woivan in de toekoms mesjien neet väöl zal euver blieve es de kiezelboere hunne zin kriege.

Dit sjwoin gebied zal mesjiens plaats gaon maake veur ön wildernis mèt boetlandse keu en paerd, die dan nog ö bitsje orde moote sjöppe wille de luu nog get devan kènne geneete.
Ö t geveul van aope ruumte, datste noe nog langs de Maas vungs, zal dan meujelik trök te vènge zin. Mar/BOnze Webmaster onderscheiden.

Afgelopen carnaval werd Arthur Sassen onderscheiden door zowel de Bökskes als de Bokkerieërs. Hij mocht deze onderscheidingen ontvangen voor de geweldige manier waarop hij Geulle, en met name de Geulse carnaval, onder de aandacht brengt op het internet via de site, www.geulle.com.
Uiteraard zijn wij als Heemkundevereniging trots op ons bestuurslid en feliciteren wij hem dan ook van harte met deze vorm van erkentelijkheid door onze carnavals-verenigingen.


Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

Pieke is nog niet bijgekomen van de vastelavond en omdat er toch geen plaats was in deze Sjakel, zult u een maandje moeten wachten op een brief van uw allerliefste bateraaf.


Politie varia

– In de nacht van zaterdag 1 op zondag 2 februari werd ingebroken in het clublokaal van de hengelsportvereniging aan de Kleivelderweg. Ontvreemd werden frisdrank, bier en chips.

– Op maandag 3 februari liep op het Cruisboomveld wederom de paarden los op de rijbaan. Wederom was de draad van de afrastering doorgeknipt.

– Op vrijdagmiddag 7 februari rukte de brandweer uit voor een schoorsteenbrand op de Poortweg. 

– In de nacht van zaterdag 9 op zondag 10 februari werd wederom ingebroken in het clublokaal van de hengelsportvereniging aan de Kleivelderweg. Ontvreemd werden 3 kratten pils.

– Door enkele leden van de Stichting Verontruste Bewoners Geulle werd op zaterdag 15 februari aangifte gedaan van vernieling en wegnemen van het opgehangen spandoek. Door enkele leden was gezien, dat op vrijdagavond 14 februari omstreeks 19.00 uur het spandoek werd vernield door de bestuurder en inzittende van een witte bestelbus op de Andreas Sauerlaan. 

– Op zaterdagavond 15 februari werd op de Saintweg een brandende auto aangetroffen. Bleek dat de auto ontvreemd was te Echt.

– Op zondagochtend 16 februari omstreeks 02.20 uur, werd tegen een bestuurder van een personenauto proces-verbaal opgemaakt, ter zake het met hoge snelheid rijden over Hulserstraat, Oostbroek en Pasweg. De hoogste snelheid van deze bestuurder bedroeg 130 km per uur. Betrof inwoner van Geulle.

– Op zondagavond 16 februari werd ingebroken in een woning aan de Cruisboomstraat. De raamvleugel aan de achterzijde van woning werd geheel uit de scharnieren gebroken.

– Tussen zaterdagmiddag 15 februari en maandag 17 februari werden aan het Cruisboomveld een achttal boompjes vernield. De boompjes waren doormidden gebroken.

– Op dinsdagavond 18 februari vond er een aanrijding met doorrijding plaats te Brommelen.

– Op zaterdag 22 februari vond er een aanrijding plaats op de Hulserstraat waarbij een personenauto een geparkeerd staande auto licht raakte aan de bumper.

Gevonden: 
Verloren: Witgouden ring met diamantje en gouden plaatje.Brig. Giesen

In de Heer zijn overleden

– 17 februari 2003 te St. Jans-Geleen Geleen Joannes Martinus Jozef (Martin) Kengen, weduwnaar van Anna Maria Mechtildis Maassen, in de leeftijd van 98 jaar, voorheen Westbroek;

– 17 februari 2003 te Maastricht (De Zeven Bronnen) Servaas (Veus) Dohmen, echtgenoot van Nieke Solberg, in de leeftijd van 85 jaar;

– 23 februari 2003 te Bunde Maria Jeanne Gerda (Marie) Sassen, echtgenote van Jef Vluggen, in de leeftijd van 72 jaar.


De Sjakel
Februari 2003


Geulle in vroeger tijden.

53. Ode aan Geulle van 1949. (3) / Zoals het vroeger was.A. Ode aan Geulle van 1949. (3)
Gaarne besluit ik de lofzang over ons dorp met de woorden van Felix Rutten, die tussen 1919 en 1929 met de schrijfster Marie Koenen in de villa Schieversberg woonde: 
“ En zit je neer op de rand van de berg, dan wenkt er geen top meer aan de overzijde. Je kijkt in een breed, groen dalvlak dat de Maas met haar grilligste meanders borduurt en waarachter aarzelend en wazig het Belgische Kempenland omhoog zwelt. De roem van het dorp bestaat voor een groot deel in het vergezicht, dat er voor de bergranden openligt, een panorama dat zijn aangrijpende schoonheid handhaaft naast de befaamde Limburgse vergezichten. 
De lyriek van de brede daldiepte die het omgeeft en de bosrijke heuvels die het omkransen vol bronnen en stroompjes, de juichende pracht der fluwelen Maasvallei door de Geulse bergen bestreken tot waar het torenrijk Maastricht ze besluit met zijn juweel: dit maakt Geulle in de zang der Limburgse schoonheid tot een opperst orgelpunt, waarin de ziel van de bezoeker zwijgend in een geluksdroom verzinkt. Wanneer je neerzit op de rand van de Snijdersberg ligt heel Zuid Limburg in een halve ring achter je. 
Het panorama van de Snijdersberg zou onveranderd mooi zijn, ook als het onveranderlijk hetzelfde bleef. Maar het wisselt met de seizoenen en het is moeilijk te zeggen wanneer het zijn hoogste victorie viert”. B. Zoals het vroeger was.
Honderd jaar geleden toen Geulle nog bijna ongekend was en afgesloten lag van de grote buitenwereld, leefde de Geullenaar veel meer dan nu een eigen leven met een eigen traditie en folklore. Toen reden er nog geen glanzende auto’s over asfaltwegen, toen gilden nog geen stoomfluiten van machtige locomotieven langs heuvelhellingen. Men zou zeker in de kelder kruipen als de daverende motoren van een vliegmachine boven de huizen raasden. Ook zou men het voor een wonder gehouden hebben of nog eerder voor tovenarij, als iemand op wat buizen met twee wielen in minder dan een uur in Maastricht zou zijn. Zij kenden nog geen andere vervoersmogelijkheden dan de “pedes Apostelorum” voor de gewone man en het “sjeeske” voor de rijke. En toch trok de Geullenaar, belast met eieren, groenten of spek geregeld naar de markt van Maastricht. Hij bofte als er een boerenkar naar de stad reed. Anders duwde hij zijn kruiwagentje over de hobbelige grintwegen en zachte binnenpaadjes, twee uren ver. 
Te voet trokken zij ook op bedevaart naar Sittard, naar Wittem of door de rulle zand van de Belgische Kempen naar Scherpenheuvel. Er zijn Geullenaren die deze verre bedevaartplaats meer dan vijfentwintig maal te voet bezochten. 
Naast de diepe godsdienstzin vormden de gastvrijheid, gezelligheid en gemeenschapszin bijzondere eigenschappen van onze voorouders. Vroeger vormde elk gehucht een innige gemeenschap. Men leefde er als een grote familie. Vanzelfsprekend was de onderlinge behulpzaamheid. Deze werd “naoberplicht” genoemd. Men hielp elkaar onderling als buren niet alleen in nood en tegenspoed, maar ook in het gewone dagelijkse leven. Toen was het een belediging om voor verleende hulp iets anders te geven dan wederhulp.Archie VarisBron: 
Kent U Geulle? (1949)Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.Zo is ter niks te doen in het durp, en zo staan de gezette weer vol de van en de Noonk zegt dat hij niks de van snap, dat die van de gemeenteraad zoveel kampen in Geul willen neerzetten als meer dan de helft van de lui het er niet mee eens is, maar wat hij wel snap is dat die wat nou de binnen zitten op hunne petere kunnen fluiten als er straks weer stemmen is, en dat is jammer want dan zijn ters een paar die na één potje om de huive alweer deruit liggen met hunne zebbedeus, maar zijn der misschiens ook die lijke op hunne vader en die blijven nog wel een paar rondjes, als het aan hun licht tenminste, maar dan zullen ze zich toch eens moeten bedenken dat ja knikkeren in de raad een stuk makkelijker is dan nee zeggen en dan zullen ze wel zeggen dat het voor gans Meersse is dat ze moeten zorgen, maar het zijn evels wel die van Geul, die wat hun debinnen gestemd hebben en denk maar niet tot ze stemmen krijgen van die van Meersse, omdat die zo blij zijn dat zoveel kampen in Geul liggen, nee hoor. En wie wat in zijn prei heeft, zegt de Noonk, die durft nee te zeggen, ook al zit hij niet in de positie en daar kunnen ze het mee doen, vollegens hem, en dat is wat anders dan op een zondagmorgen een hoop leven te maken aan de kaarttafel of aan het buffet, want anders kunnen die wel eens gaan lachen wie een aarrappele of fruitboer met tandpijn, zegt hij. En van wat die van de gemeente zeggen, dat de lui van Geul niet moeten vergeten dat ze beter hadden moeten opletten toen die van de gemeente het stemmingsplan opstelden, want dat toen niemand in de soep geroerd heeft, daar snap de Noonk ook helemaal niets van, want daar moeten die van de raad nou eens sjus niks van zeggen, want die zijn ’s anderendaags al vergeten wat ze je vandaag nog moeten beloven, zegt hij, en als je toevallig een wat beter gedagt hebt dan dat, dan kom je al gaaruits niet eens op een lijst en daarom is hij ook nooit in de raad gekomen, zegt hij. En nou wil een vethouder ook nog mobiele hangkampen maken voor de jeug en de Noonk zegt dat hij al zeker weet, waar die niet komen en ik denk, dat dat is omdat die vethouder wil dat de grote lui kunnen zien wat die jeug allemaal uitspook en die van de raad zijn toch nooit bij hun, die moeten vergaderen of kaarten of zo, dus die zien toch niks en nou komt er ook nog een jeug raad en de Noonk zegt dat ik me daar ook maar voor moet opdoen, dan kan ik meteen ook al limonaad met vlaai krijgen van die van de gemeente, om het lekker zoet te houden en zo, en dan kan ik ook devoor zorgen dat die mobiele hangkampen niet bij ons in den hoek komen en als me dat lukt, dan kan ik drek door naar de grote raad, want dan kan ik al meer dan die wat nu derin zitten, zegt hij. En Harie van onze Merie heeft mij nog opgesteukt, dat als ik het vaardig krijg, dat die hangplekken toch bij die van de raad voor de deur komen, dat ik van hem vijf euroo krijg en ook nog wat voor de karneval. 
En wat de Noonk ook niet snap, zegt hij, is dat in de gezet stond dat die van de kerk de verwarming een graatje lager moeten zetten, want dat is goed voor het milieu – en voor de pestoor zijn beurs, zegt Harie – maar die van het kerkbestuur van Geul, die moeten de ganse dag de verwarming aanzetten anders vreet de vocht de kerk op en dan bladderen de apostelen nog van hun geloof af en misschien hebben ze iets deraan dat ze een drukharmonika gevonden hebben in de kerk en dat het geen trekharmonika is, want die trek de vocht alleen maar aan. En die van de kerk willen ook nog de oude preekstoel opkalefateren, maar de Noonk zegt dat hij benieuwd is of ter nog genoeg hout van terug te vinden is en als ze niet genoeg hebben, dan zijn ze sjus te laat want de bomen in de Lei zijn allemaal gehakt en wij hopen dat ter ook weer nieuwe komen en dat is dan krek hetzelfde wie de gemeenteraad: als die van toen de preekstoel niet hadden afgebroken dan hoefden die van nu zich niet de kop af te breken om hem weer in elkaar te fisternullen en als die van de raad nu genoeg nadenken hoeven ze zich straks geen zorgen te maken hoe offent ze weer debinnen komen en gelukkig zijn op de Essendijk weer een paar nieuwe bomen geplant, waar ters een koppel al een paar keer een kruis derover hebben moeten maken en nou maar hopen, dat genoeg mes deronder zit, dan zullen ze deze keer wel aangaan en nou ga ik stoppen, want het is bijna karneval en pitsen jullie hem maar ene goeie, maar ik niet, want ik hou het wie een aspirant-jeug-raad lid gehoort bij limonaad, hoewel, misschiens wel een sneeuwwitje, alaaf en tot de volgende keer, met de groeten van jullie Pieke uit de Piemelenhoek.
Kwartierstaat van A.C. Kengen, in leven pastor van de parochie van het H. Hart van Jezus te Caberg-Maastricht door A.M.A. Maassen.Nadat wij eerder de kwartierstaat van Sjef Thijssen van de hand van de heer Maassen publiceerden, is het nu de beurt aan de kwartierstaat van Pastoor Kengen, van de hand van dezelfde schrijver, die ons welwillend toestemming verleende dit artikel in De Sjakel op te nemen. De kwartierstaat werd eerder gepubliceerd in het Limburgs Tijdschrift voor genealogie, jaargang 22, bladzijden 46 tot en met 49 (1994).
Wij laten hier de tekst, vanwege de toch beperkte ruimte in ons lijfblad, in delen volgen (red.)Augustinus Caspar Kengen, geboortig van Geulle, werd 2-4-1892 te Roermond tot priester gewijd en was vervolgens kapelaan te Grathem, Melick en Noorbeek, en rector in Banholt. Sedert 25-3-1915 was hij de pastoor van Caberg dat een onderdeel was van de gemeente Oud-Vroenhoven, gelegen aan de rand van Maastricht. Deze gemeente werd in 1920 door Maastricht geannexeerd. Pastoor Kengen was de vierde pastoor van het dorp Caberg, dat tot de afscheiding met België behoorde tot de parochie Lanaken. Omdat de afstand tot de nieuwe parochiekerk in de Nederlandse gemeente Oud-Vroenhoven, die in het dorp Wolder lag, bezwaarlijk werd gevonden, zette de bevolking zich in voor een eigen kerk. Dit initiatief werd met succes bekroond: de bisschop stemde in met de oprichting van het rectoraat Caberg, ressorterende onder de parochie Oud-Vroenhoven. Op 20-1-1877 kon de nieuw-gebouwde kerk worden ingezegend. Na het overlijden van de pastoor van Oud-Vroenhoven (Wolder) op 30-7-1878 werd enkele maanden later op 2 oktober het rectoraat Caberg tot parochie verheven. Pastoor Kengen verzocht na 20 jaar in Caberg werkzaam te zijn geweest, om ontslag uit zijn functie. Per 15-11-1935 werd hij als zodanig opgevolgd door L. Joosten, kapelaan van de O.L.V. Basiliek te Maastricht. Als emeritus betrok hij met zijn huishoudster en nicht Jeanette Maria Hubertina Emilie van Mulcken, geboren 19-4-1886 in het Noordbrabantse Rosmalen, een woning aan de Notgerusweg in de Maastrichtse wijk St. Pieter. Nog geen jaar later overleed hij aldaar en werd op maandag 21-9-1936 onder grote belangstelling op de begraafplaats van de parochie Caberg ter aarde besteld. In de berichten in het regionaal dagblad en in diverse tijdschriften die aandacht aan dit overlijden schonken, komt de overledene naar voren als een beminnelijk en bescheiden man en een geliefde parochieherder. Naast zijn pastoraal werk werd hij ook gewaardeerd als archeoloog en historicus. Zo stelde hij als eerste de aanwezigheid vast van de Donaucultuur of Bandkeramiek op het plateau van Caberg. Zijn vondsten bracht hij onderbij het museum te Maastricht, waarvan hij vaste medewerker was. Als historicus genoot hij bekendheidals auteur van het in 1926 verschenen boek “Uit Geul’s Verleden”, een verzameling van bijzonderheden en merkwaardigheden uit de geschiedenis van zijn geboortedorp. Zoals uit bijgaande tot 62 kwartieren beperkte kwartierstaat blijkt, heeft pastoor Kengen alleen van moederszijde “roots”in Geulle. Van vaderszijde stamt hij uit een geslacht dat generaties lang leefde en werkte in het nabijgelegen Maasdorp Itteren, voorheen net als Geulle een zelfstandige heerlijkheid met een eigen schepenbank, vallende onder het Staatse land van Valkenburg.I. Probant
1.Augustinus Caspar Kengen, geboren te geulle 18-11-1866 (akte 28), rooms-katholiek priester, overleden te Maastricht aan het adres Notgerusweg 2 op 17-9-1936 (akte 509).II.Ouders
2.Martinus Hubertus Kengen, landbouwer te Geulle-Snijdersberg, geboren te Itteren 18-4-1824 (akte 4), overleden te Geulle 21-10-1897 (akte 22), huwt te Geulle 4-6-1849 (akte 4)
3.Mechtildis Vossen, geboren te Geulle 1-3-1825 (akte 6), overleden aldaar 20-10-1902 (akte 21).III.Grootouders
4. Christianus Kengen, landbouwer, van 1853 tot aan zijn dood burgemeester van Itteren als opvolger van de overleden A.P.Scheepers, geboren te Itteren 7-10-1794, overleden aldaar 22-12-1859 (akte 8), huwt te Itteren (folio 4)
5. Maria Agnes Genoveva Mid(d)aert, geboren te Itteren 3-1-1790, overleden aldaar 17-8-1837 (akte 17).
6. Joannes Vossen, landbouwer te Geulle-Moorveld, geboren te Geulle 22-8-1789, overleden aldaar –Moorveld- 30-12-1853 (akte 19), huwt te Geulle (akte17)
7. Barbara Maassen, geboren te Geulle-Snijdersberg 1-12-1793, overleden te Geulle-Moorveld 3-5-1825 (akte 17).
(wordt vervolgd)
Geulle 50 jaar geleden
Februari 1953…..Deze maand stond in het teken van de watersnoodramp die het zuid-westen van Nederland trof.. Als we de Sjakel van deze maand erop naslaan dan blijkt dat het dorp Geulle meegeleefd heeft met het zwaar getroffen gebied. Naast de geldinzameling werden er ook goederen, zoals kleding, etenswaren en wasmiddelen ingezameld.
De kreet BEURZEN OPEN – DIJKEN DICHT heeft ook in Geulle zijn effect gehad.
Vele verenigingen hebben in die maand collectes of uitvoeringen gehouden waarvan de opbrengst ten goede kwam van het rampenfonds. Om u een idee te geven hoeveel de collectes opbrachten hieronder een klein overzicht:
In de wijken werden de volgende bedragen opgehaald:- Aan de Maas fl. 622,50
– Westbroek en Brommelen fl. 444,25
– Hulsen,Oostbroek en Broekhoven fl. 455,96
– Hussenberg en Snijdersberg fl. 364,19
– Moorveld fl. 127,30
Omgerekend komt dit neer op fl. 1,00 per inwoner of fl. 5,00 per gezin.De springvloed gepaard gaande met een hevige storm, die ons land op 1 februari teisterde viel op de feestdag van Sint Ignatius. De kranten meldden dan ook dat, in navolging van de St. Elizabethsvloed, de ramp van 1953 de geschiedenis zou ingaan als de St. Ignatiusvloed.
Naast een algemene geldinzameling in de gemeente waren er ook nog de volgende opbrengsten te noteren:
– Aan de Maas fl. 2.014,20
– kerkcollecte Rectoraat fl. 285,51
– Carnavalsvereniging fl. 250,00.
– Nettoopbrengst van een toneel-uitvoering van de K.A.J. fl. 110,00
– Kerkcollecte parochiie fl. 586,52
– Heemkundevereniging fl. 50,00
– Boerenleenbank Geulle fl. 200,00.De hele maand februari kon men nog storten op het banknummer van het Rampenfonds. De “Sjakel” hield in inzameling onder het motto: ZANDZAK – AKTIE.
Ter illustratie: In de oorlog 1940 – 1945 kwamen 88.000 hectare land onder water te staan. Nu werden 133.000 hectare, ongeveer 6% van onze cultuurgrond, door het water overstroomd. Hein Peters.
De kerk, onder en boven.In Geulle hebben we van alles twee. Twee muziekgezelschappen, twee bejaarden-verenigingen en twee kerken, eentje boven en de andere onder de Berg. Ik schrijf de Berg met een hoofdletter omdat de plaatsaanduiding hier een zelfstandige betekenis heeft. In dit artikel een korte beschouwing over de kerk in het algemeen en de kerkgebouwen afzonderlijk met een doorverbinding naar het derde kerkgebouw in onze gemeenschap, de kapel in het zorgcentrum Avé Maria.De kerk in het algemeen. 
De kerk heeft een grote bloeiperiode gehad tot een ´stuk´ in de jaren vijftig. Grote gebouwen liepen tijdens de mis vol met gelovigen, ongeacht het uur van de dag en ongeacht de hoeveelste mis het ook was. Uit eigen waarneming: de noodkerk in Moorveld was altijd tot flauwvallen toe gevuld en bij de nieuwe kerk was het flauwvallen minder maar de ruimte was in termen van een bottelier helemaal ´afgevuld´. Beneden aan de Maas van hetzelfde laken en pak. Tot de bisschoppensynode van Noordwijkerhout in 1963. Wat als een actieve doorstart van de kerk is bedoeld, leidt tot het tegenovergestelde effect. Het kerkbezoek raakt statistisch in een niet aflatende dalende lijn, decennia lang, tot op de dag van heden. En hoe Kaski en andere bij de geloofsbeleving betrokken personen en instanties ook tellen, het wordt nog altijd minder en omdat er geen jeugdigen bij komen en de ouderen alleen maar ouder worden, daagt er het ´break even point´. In gewoon Nederlands: het aantal kerkgangers daalt tot een niveau waarop de kerk onvoldoende inkomsten regenereert voor het bestaan!Onze kerken. 
Onze kerken hebben op dit moment (gelukkig) een goed pastoraat en dat weet zich zowel boven als beneden gesteund door energieke kerkbesturen. Daar is niks mee. Maar voelbaar is zowel boven als beneden de tanende kerkgang en de stilstand (afname?) van de kerkelijke inkomsten. Beide kerkbesturen zullen, ieder voor zich, aan de hand van dalende bezoekersaantallen en dalende inkomsten naar de toekomst toe vrij exact kunnen berekenen wanneer zich het ´dreigende moment´ ongeveer gaat voordoen.Overweging naar de toekomst.
Een overweging naar de toekomst kan geen kwaad. Daarom ook dit artikel. Van de twee kerken is de St. Martinuskerk een erkend monument. Daarom staat de functie van deze kerk niet ter discussie. Op de kerk in Waalsen rusten nog geen historische verplichtingen waardoor een andere bestemming (op welke wijze en in welke richting dan ook) wel bespreekbaar zou kunnen zijn, mits . . . er een vervangende voorziening gevonden zou kunnen worden. Bij de beantwoording van die vraag zou de kapel van het zorgcentrum Avé Maria in Hussenberg voor een ´opening´ kunnen zorgen. De kapel is weliswaar te klein voor de boven-Bergse geloofsgemeenschap (en de zusters is beloofd de kapel als gebouw bij de komende vernieuwing van het bejaardentehuis te handhaven) maar gepraat kan natuurlijk altijd worden, lijkt mij. Er zijn veel omstandigheden die voor een gecombineerde herbezinning pleiten. Ik noem er enkele:
– voor de kerk en/of het terrein in Waalsen is altijd een herbestemming mogelijk (met boekhoudkundig enkele mooie plussen).
– de kapel in het bejaardentehuis is nu al vaak te klein (hetgeen toekomstig alleen maar erger wordt indien er bij de vernieuwing van het tehuis nog ongeveer dertig aanleunwoningen bijkomen).
– met een grotere (multifunctionele) gebedsruimte in het verbouwde zorgcentrum (planning: omstreeks 2004/2005 lijkt haalbaar) wordt een geweldige bijdrage geleverd aan de integratie van buurtfuncties binnen het zorgcentrum en de verlevendiging van de woonomgeving voor de daarin opgenomen bejaarden.
Deze notitie is opgestart vanuit de zorg: hoe houden we de kerk in Moorveld levendig! Als die kerk ooit moet verkassen (samenvoeging met beneden) dan zijn we zo ver als in 1946. Nu is er een kans op zinvolle afbouw respectievelijk combinatie van functies. En voor de huidige kerkgangers van boven maakt het niets uit. Die zijn over twintig jaar in meerderheid voorbestemd voor . . . de (wijk?)kerk in zorgcentrum Avé Maria.Paul Notten, Moorveld.
Lei Sassen en Netty Marchal 50 jaar getrouwd.Donderdag 6 februari 2003 was het groot feest ten huize van de oud-Geullenaar, Lei Sassen in Venlo. Herdacht werd dat het die dag precies 50 jaar geleden was dat Lei en Netty elkaar voor de ambtenaar van de burgerlijke stand plechtig hun ja-woord gaven. De feestvreugde zal ongetwijfeld niet zo uitbundig zijn geweest, immers het was nog maar enkele dagen geleden, te weten in de nacht van 31 januari op 1 februari, dat in Zeeland meer dan 1800 mensen waren omgekomen ten gevolge van de watersnoodramp. Het “kerkelijk” huwelijk zou precies een jaar later worden “voltrokken”.In “De Sjakel” van januari 1953 werd onder het kopje “burgerlijke stand” gewag gemaakt van de huwelijksafkondiging (het “uithangen”) van o.a. Sassen L.H., oud 23 jaren, mijnwerker, wonende Snijdersberg 34, Geulle, met Marchal C.H., oud 20 jaren, zonder beroep, wonende te Stein.
Na hun “trouw” woonden beiden nog ongeveer een jaar in Geulle om daarna te verhuizen naar Maastricht. Als dienstplichtige volgde Lei de opleiding tot sergeant om daarna over te stappen naar het Corps Commando Troepen in Roosendaal. Hier kreeg hij na een zware opleiding zijn “Groene Baret”. Na zijn militaire dienstplicht te hebben vervuld ging hij werken bij de toenmalige Staatsmijn Maurits. Hij werkte er drie jaar ondergronds.
Het “militaire” bleef Lei echter “trekken”. Hij nam ontslag bij de Mijn en werd in 1954 beroepsmilitair. In 1968 vertrok Lei als Sergeant-Majoor met zijn gezin naar Suriname. Dat was in het begin effe wennen, zeker voor Netty, doch uiteindelijk zou Suriname een geweldige ervaring voor het hele gezin worden. In 1971 keerde het gezin Sassen terug naar Nederland.
Als kapitein (sinds 1984) bij de Commandotroepen verliet Lei op 30 april 1986 -op 57-jarige leeftijd- het “leger”. Zijn laatste standplaats was Brunssum, alwaar hij werkzaam was bij Head Quarters Afcent. 
Lei is na zijn vertrek uit Geulle zo’n elf keer verhuisd, doch altijd in hart en nieren een Geullenaar gebleven. Zijn geboortedorp heeft hem nooit losgelaten, zelfs niet toen hij met zijn gezin in Suriname woonde. De interesse in Geschiedenis en Heemkunde zat er bij Lei al in op de lagere school; zij zou hem nooit meer loslaten.
In 1987 verscheen van zijn hand als deel 1 van zijn “Gäölse Zange” een deskundig en uit historisch oogpunt gezien bijzonder verantwoord boek over zijn geboortedorp tijdens de tweede wereldoorlog, getiteld “Geulle in een Nacht van Jaren”. Lei had daarvoor veel en langdurig speurwerk moeten verrichten in de militaire archieven in binnen-en buitenland. 
Een ander “historisch” vooral genealogisch getint document van zijn hand is zijn boek “Met naam en toenaam”, welk boek in 1998 verscheen als deel 4 in de serie “Gäölse Zange”. In dit boek heeft hij stamboomgegevens van 7 Geulse families weergegeven, waaromheen hij allerlei wetenswaardigheden heeft gebreid die op een of andere manier alle in verband staan met deze families. Het boek biedt een prachtige inkijk in het leven van deze families, gezien in hun tijd. Op heemkundig gebied verscheen van zijn hand in 1992 als deel 2 in de serie “Gäölse Zange” het boek “Eine wösj Groffiaote”, (een Boeket Anjers), bevattende -in het Geulse dialect- spreekwoorden en gezegdes die vroeger en ook nu nog in Geulle werden/worden gebezigd.
Zijn zorg voor het behoud van het prachtige Geulse dialect deed Lei in 1995 besluiten tot uitgave van zijn boek “Ö buulke huuve” (een zakje knikkers), waarin een goede aanzet wordt gegeven om te komen tot een Geuls woordenboek, van onschatbare waarde vooral voor de toekomst, wanneer bijna niemand meer in het Geulse dialect zal kunnen schrijven. Lei doet daarnaast nog vrijwilligerswerk in het nabij gelegen Oorlogsmuseum in Overloon. Lei is een echte “verzamelfreak”. Hij loopt zowat alle (rommel) markten en verzamelbeurzen in binnen- en buitenland o.a. Engeland en Schotland af, op zoek naar “spullen” die hem interesseren zoals bidprentjes, waarvan hij er intussen zo’n 90.000 bezit, ansichtkaarten over Geulle, boeken over krijgsgeschiedenis en vooral militaire emblemen. Hij kan “alles” gebruiken en sleept dat allemaal mee naar huis. Zijn woning barst bijna uit haar voegen. Zijn vrouw Netty wordt er wel eens “gek” van, zegt zijzelf. De verzamelwoede van Lei is echter ten dele ook op haar overgeslagen. Zij verzamelt communie-en devotieprentjes en ansichtkaarten van Anton Pieck. Daarnaast heeft zij als grote hobby puzzelen.
Op vrijdag 7 februari was een afvaardiging van het bestuur van de Heemkundevereniging in Galerie De Hoeve present bij de officiële viering van het gouden huwelijksfeest en trof aldaar aan, een nog altijd stralend huwelijkspaar, te midden van hun familie, vrienden en bekenden.
Vanaf deze plaats wenst de redactie van De Sjakel het gouden echtpaar en hun wederzijdse families geluk met het bereiken van deze mijlpaal en zegt tot Lei en Netty tot slot nog: “ad multos annos” !
Tilla en Buby zijn niet langer meer onder ons.Ongeveer twee weken geleden bereikte ons het droevige bericht dat de in Geulle zeer bekende weduwe Tilla Tempelman-Paulussen -na een verblijf van enkele jaren in een kliniek te Geleen- op 22 januari 2003 was overleden. Samen met haar nieuwe levenspartner Buby Streich vormde zij decennialang een paar, dat vanwege hun beider gezellige levensopvattingen jarenlang bij alle mogelijke gelegenheden in Geulle graag geziene gasten waren. Als buitenlander was Buby dankzij Tilla in een mum van tijd “ingeburgerd”.
Het hele jaar door was het feest ten huize van Tilla en Buby. Dat zo’n stel het ideale (Prinsen)paar in Carnavalstijd zou zijn was dan ook een logisch gevolg. Dit geluk straalden beiden ook jarenlang uit, totdat Tilla met haar gezondheid begon te sukkelen.
Het werd zo erg dat Tilla op een gegeven moment zelfs in een kliniek moest worden opgenomen. Voor Buby was dat echter geen probleem. Elke middag was hij bij haar in Geleen en dat altijd zonder morren of tegenzin. Samen uit en samen thuis, in goede en slechte tijden, dat was zijn motto. 
Toen Tilla overleed stortte de wereld voor Buby compleet in. Hoe vaak had hij niet gezegd dat als Tilla er niet meer zou zijn, het voor hem ook niet meer zo nodig “hoefde”.
Op 7 februari jl. -goed veertien dagen na het overlijden van Tilla- volgde Buby zijn Tilla in de dood. Nu zijn beiden geliefden “hierboven” dus weer verenigd. Mogen beiden rusten in vrede !Na restauratie feestelijk in gebruik genomen
St. Martinusparochie bezit uniek Anneessens harmoniumDe twee vertegenwoordigers van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg die enkele jaren geleden wezen op de mogelijk bijzondere waarde van het oude harmonium dat al vele jaren weggeschoven stond op het oksaal in de Sint Martinuskerk in Geulle, hebben gelijk gekregen. Het meer dan een eeuw oude harmonium, rond 1900 vervaardigd door de fa Charles Anneessens in Grammont (België) is niet alleen vanwege zijn afkomst en leeftijd uniek, maar ook wat betreft het systeem. Het betreft namelijk een drukwind harmonium. Deze zijn in tegenstelling tot de zuigwind harmoniums zeer zeldzaam. Het in Geulle gevonden exemplaar zou best eens uniek kunnen zijn in Nederland. 
Zo niet dan is het in elk geval ‘bijzonder zeldzaam’. Zondag 26 januari werd het tijdens de hoogmis van 10 uur plechtig ingezegend door pastoor G. Dohmen en ingespeeld door organist Rob Waltmans.Na de ontdekking ervan op het kerkoksaal door de mannen van Monumentenzorg werd door het kerkbestuur kontakt opgenomen met secretaris J. Spaans van de Harmonium Vereniging Nederland, tevens kanunnik en deken van het Metropolitaan Kapittel van de Oud-Katholieke kerk te Utrecht. Hij was het die direct vaststelde, dat het om een uniek instrument ging en aandrong op restauratie ervan. Die was dringend nodig, want het harmonium dat in vroeger jaren o.m. dienst heeft gedaan in de voormalige lagere school, verkeerde ‘in verregaande staat van verval’.Op aanraden van organist Rob Waltmans (Basiliek Meerssen) werd kontakt opgenomen met orgelbouwer, musicus, componist en dirigent Jo Spit te Klimmen. Hij kwam naar Geulle, bekeek en betastte het harmonium en.. was verloren. Hij zou het een eer vinden dit instrument te mogen restaureren. “Geef me voldoende tijd en pin me nergens op vast, want ik weet niet wat ik tegenkom, maar het resultaat zal verbluffend zijn“, luidde zijn toezegging. Hij heeft er – mede tegengewerkt door ernstige ziekte – meer dan een jaar over gedaan en meer dan eens heeft hij op het punt gestaan “de hele kraam in een kist te doen en terug te brengen naar Geulle. De puinhoop was erger dan ik had kunnen veronderstellen”. Maar Jo Spit zette door en vlak voor Kerstmis bracht hij het als nieuwe harmonium terug naar de Sint Martinuskerk. Het was inmiddels meermalen niet alleen door Jo Spit zelf maar ook door Rob Waltmans op zijn kwaliteiten en mogelijkheden getest. Beiden waren lyrisch en voorspellen een grootse toekomst voor dit instrument, “dat zeker ook bespeeld zal worden in het kader van concert-cyclussen”.Zondag 26 januari werd tijdens de hoogmis dit harmonium door pastoor G. Dohmen ten overstaan van een nagenoeg tot de laatste plaats bezette parochiekerk plechtig inzegend en daarmee opnieuw ter beschikking gesteld van de eredienst. De hoogmis werd opgeluisterd door het Gemengd Zangkoor van de Sint Clemensparochie uit Merkelbeek dat onder leiding staat van de heer J. Spit, de man die het harmonium met grote vakbekwaamheid en eindeloos geduld gerestaureerd heeft. Ten gehore gebracht werd de ‘ Pastoral Messe’ van Ignaz Reimann (bewerking Richard Burzynski) voor 4-stemmig gemengd koor. Het koor werd aan het Anneessens harmonium begeleid door organist Rob Waltmans die hierover reeds schreef: “Het instrument heeft een bijzonder fraaie klank. Vooral de baskant geeft het instrument een groots karakter. De fraaie akoestiek van de kerk geeft het harmonium iets magistraals”.W. de Rouw
In de heer zijn overleden– op 22 januari 2003, Tilla Tempelman-Paulussen, weduwe van Teun Tempelman, levensgezel van Buby Streich, Processieweg 2a.- op 7 febrauri 2003, Buby Streich, levensgezel van Tilla Tempelman-Paulussen, Processieweg 2a.- op 14 februari 2003 op 41-jarige leeftijd, Marcel Cornelissen, echtgenoot van Jolanda Roox, Schoutstraat 40.
Politie varia– Op zaterdag 11 januari wederom een auto in de brand op de Saintweg, bleek gebied van Stein te zijn.- Op maandag 13 januari werd snelheidscontrole op de Hulserstraat gehouden, wel diverse auto’s gecontroleerd, geen overtreders van de snelheid.- Wederom een pannenset verkoper actief in het Geulse. De verkoper verkoopt tegen een behoorlijk bedrag een pannenset, doch dit zijn waardeloze pannen. In de winkel zeer goedkoop. Enkele jaren geleden heeft deze man ook dergelijke praktijken uitgehaald. Betreft een man van middelbare leeftijd gekleed in een net pak. Wees attent. – In de nacht van donderdag 16 op vrijdag 17 januari werd ingebroken in een personenauto op de Koekoekstraat. Auto stond op de oprit naast woning en het slot van het rechterportier werd geforceerd en ontvreemd werden een Radio/CD-speler en een hoeveelheid CD’s.- Tussen donderdag 16 en maandag 20 januari werd op de Nachtegaalstraat ingebroken in een bedrijfsauto. De toegang tot de auto werd verkregen door het forceren van het slot van het achterportier. Ontvreemd werden alle elektrische apparaten.- In de nacht van zaterdag 18 op zondag 19 januari werd een auto op de Burg. Thijssenlaan beschadigd. Op de rechterzijde werd vermoedelijk met een sleutel een diepe kras gemaakt.- Er komen bij de politie wederom klachten binnen van overlast door de jeugd op de hoek Cruisboomstraat-Cruisboomveld-Hussenberg-straat en Heirweg. Heeft onze aandacht.- Verder komen er klachten over hardrijders op diverse doorgaande wegen in Geulle. Hier wordt rekening meegehouden bij de dagelijks werkzaamheden.Brig. GiesenOetstepke nao de Sjrwoipfebrik en de Broewerie.Op donderdag 20 maart organiseert de Heemkundevereniging een excursie naar de Stroopfabriek en de Alfa-brouwerij in Schinnen. Het bezoek aan de stroopfabriek begint om 10.00u en om 13.30u worden we in de brouwerij verwacht voor een rondleiding. We verzamelen om 9.30u op het marktplein en vertrekken dan met eigen vervoer richting Schinnen. U wordt verzocht een eigen lunchpakket mee te nemen.
Heeft U interesse dan kunt U zich opgeven tot en met 15 maart bij Truia Huntjens (043-364 9582) of Maurice Wouters (046-4281899). Voor leden kost het uitstapje 5 euro, voor niet leden tellen wij 12,50 euro per persoon.Hopelijk mogen wij ook U begroeten, om kennis te maken de productie van deze Limburgse streekproducten.Het bestuur.Agenda– Op 14 maart a.s. houdt de Heemkundevereniging haar jaarvergadering in ’t Wapen van Geulle. Aanvang om 19.30 uur.
GezochtDe heemkundevereniging is voor haar archief nog op zoek naar jaargang 23 (1967/1979) van het huis-aan-huis blad ‘Kontakt’. Indien u één of meerdere uitgaven heeft uit deze periode en deze wilt afstaan aan de heemkundevereniging, dan kunt u contact opnemen met de redactie van de Sjakel of met het secretariaat van de vereniging.Red.
13 knotlindes in het dennenbos.Het dennenbos.
Ter hoogte van de Bloemberg (hoog boven het Leukdervoetpad) ligt het dennenbos, een verzameling van donkere silvesterdennen. De dennen zijn geplant, hoog tegen de helling tot aan de rand. De naaldbomen houden altijd licht tegen, ook in de winter als alle andere bomen bladloos zijn. Het dennenbos oogt daardoor altijd wat sombertjes.
Midden in het dennenbos, nét aan de rand van het aflopend plateau boven de Kloasput, ligt in dat oude en wat vervallen dennenbos een open plek, omzoomd door een hele verzameling oude knotlindes. Het is een stille plek, enkele tientallen meters buiten het wandelgebied, en alleen bekend bij ´lokalen´. De lindes staan er al eeuwen in stilte én stevigheid. Want, ondanks hun ouderdom stralen ze nog alle kracht uit en zijn ze tot op heden bestand gebleken tegen alle stormen. De plek.
Binnen het ovaal van de lindebomen ligt de open plek. De plaats ademt een mysterieuze, bijna mystieke stilte uit. In het nachtelijke duister met flarden maanlicht over de helling moet dit de ontmoetingsplek zijn voor nimfen en bossaters. Louis Couperus, de schrijver van mystieke verhalen, zou hier met liefde zijn denkplek ingericht hebben.
Bij het zien van de toch ooit volgens plan geordende lindebomen is direct de vraag: wat is hier ooit geweest? 
We weten het niet. De vraag is er en we hopen de historische kiem ooit op te sporen. Nu is onze aandacht gericht op knotten en veilig stellen van de oude lindes. De knotdagen van 2003 hebben een lange voorgeschiedenis.Eerste actie. 
Al in 1991 is er gecorrespondeerd met Staatsbosbeheer. Toen met het verzoek aan Staatsbosbeheer de bomen zelf te knotten. En, inderdaad, dat werd toegezegd. De toezegging van Staatsbosbeheer bleek minder hard want in de jaren daarna gebeurde niets. Hernieuwde briefwisseling in 1995 en 1996, afgerond met een akkoord dat het werk gedaan kon worden met behulp van de Meerssense IVN-werkgroep. Helaas, de instemming kwam vlak voor de lente en knotten is dan uit den boze. In december 2000 weer overleg, nu met de heer Jussen. Met hem (hernieuwd) akkoord bereikt om te knotten door ‘plaatselijke krachten’ in te zetten. Maar welke?
De takken op de knotlindes zijn inmiddels uitgegroeid tot nieuwe bomen, in lengtes tot om en nabij de 24 meter. Geen werk voor een handsnoeizaag! Te gevaarlijk voor de vrijwilligers van het IVN. Onze heemkundevereniging wilde wel sponsoren maar vond de uitvoering door een professionele organisatie uiteindelijk te duur. De uitvoering. 
Eind 2002 hebben alle betrokkenen de gewenste ‘scrum’ kunnen maken. Staatsbosbeheer akkoord (mits de boomzagers arbo gecertificeerd zijn) en heemkunde akkoord met de kostenbegroting. De werkers worden geworven bij IVN Meersen, de heemkundevereniging en de buurtvereniging Moorveld en een vrijwilliger uit Valkenburg.
Zaterdag 23 januari is het zo ver. Op het pad naar de Bloemberg veel verkeer van lieden richting het ovaal in het dennenbos. De equipe bestaat uit de twee gecertificeerde houtzagers (opleiding, kleding, gehoor-bescherming enz.), zeven sjouwers (wat sjofeler gekleed) en een video-man (netjes gekleed). Piet, de voorzager, zet de zaag in de eerste knot. En dan blijkt wat de moeilijkheid is: de takken zijn zó hoog dat zij bijna steeds in andere, nabije bomen blijven ‘haken’. En voor onze Piet is het dan ‘hèlle’ om die hoge takkeboom veilig beneden te krijgen. Er zijn technieken om de valrichting van een boom te berekenen. 
Maar, of de boom dat dan ook doet, dat is een tweede. Door spanning op de tak of doordat de tak in een andere boom blijft haken, is de valrichting nimmer zeker.Geweld.
De afgezaagde takken vallen met donderend geweld naar beneden. Zo´n takkeboom buigt uit het lood, begint langzaam te vallen, suist daarna met een ongekende kracht naar beneden en smakt over de volle lengte op de grond. Het is alsof een bom inslaat. Een van onze medewerkers van de sjouwploeg, die net aan de andere kant van de spoorlijn woont, heeft achteraf van buurtbewoners gehoord dat de dreunen van de ‘neerslaande’ takken in de woningen goed voelbaar was. 
Bij het zien van al de hiervoor vermelde sjouwers dacht ik: wat moeten we daar mee? Maar, als de eerste takkenbomen stukgezaagd zijn, blijkt dat aantal een zegen, want de takken hebben kolossale afmetingen. De onderstammen hebben een doorsnee van twintig tot vijftig centimeter maar er zijn ook stammen van zestig centimeter doorsnee en nog meer. Je houdt het niet voor mogelijk. Stronken massief lindehout met de omtrek van een metselkuip. Takken die recht naar beneden vallen, schieten tot een halve meter de grond in. Daar moet je als zager of sjouwer onderuit blijven! De veiligheid van de mensen is gelukkig goed geregeld. De zagers aan het ene end van het lindeovaal, de sjouwers aan de andere kant. En na verloop van tijd gewoon oversteken.Ouderdom. 
Vooraf was de vraag: hoe lang zouden de knotlindes niet meer geknot zijn? Dat is vooraf niet te achterhalen. Na het knotten zijn van enkele grote ‘knotten’ de jaarringen geteld. We zijn gekomen op een gemiddelde van 47 jaarringen. Terugtellend komen we dan in de winter 1955 uit (of daaromtrent, zullen we maar zeggen). 
De foutmarge zal gering zijn. Tot begin/midden jarig vijftig hebben in café de Leunde nog verkopen van bospercelen voor geriefhout plaats gehad. Daarna was het voorbij. De knotlindes zelf met vaak grote, imposante ‘koppen’ zijn zeker 200 jaar oud. Dus niet zo oud als Abraham maar als Napoleon. 
Met de face-lift van 2003 hebben de knotlindes weer alle mogelijkheden. Zij kunnen niet meer kapot waaien of uit elkaar scheuren. Het bijhouden van het knotwerk is nu een fluitje van een cent. De ploeg die het nu gedaan heeft kan nog een aantal decennia mee. In biljartermen: een serie langs de korte band (al zal het vanwege het ovaal waarin de bomen staan meer biljart artistique zijn).Nog enkele wetenswaardigheden. 
De bomen zijn in het verleden gebruikt voor geriefhout. Op enkele stammen staan nog de initialen van de vroegere eigenaar, zekere HD uit Beek, die als compensatie boomtax heeft betaald voor de bomen op gemeentegrond. De initialen waren noodzakelijk vanwege de belastingplichtigheid; onder de initialen de vermelding van het volgnummer van de boom. 
Leuk was het kaartje aan een kapotte ballon dat gevonden werd, boven in de top van zo´n hoge tak. We hebben een briefje teruggestuurd aan Alexia Eeckeels uit Schaarbeek met de aantekening dat zij die ballon geen zevenenveertig jaar eerder had moeten versturen want . . . dan zouden we hem nooit gevonden hebben!
Tenslotte, het waren wel dertien knotlindes maar gelukkig stonden er buiten het ovaal nog meer. Je weet het maar nooit met zo´n getal dertien.Tenslotte.
In een tegenwoordig veel gebruikt on-Nederlands woord, het ‘equipement’ bestond uit: Jo Heijnens en Piet Smeets (zage, zage, zage enz.) en Harrie Crombag, Bert Janssen, Lou van Kan, Harrie Muitjens, Paul Notten, Sjaak Pluis en Arthur Sassen (sjouwe, sjouwe, sjouwe enz) .De marketensters voor deze gelegenheid waren Marie-Thérèse Crombag en Riekie Notten. Zij zorgden voor de koffie en tweemaal een ketel stevige soep van de soort ‘staande lepel’ en qua formaat ‘militaire oefening’. Michel Olivers heeft het allemaal op de video vastgelegd. Het knotproject is een co-productie geweest van Staatsbosbeheer, IVN Meerssen en de heemkundevereniging Gäöl.Paul Notten, Moorveld.

De Sjakel

Januari 2003


Geulle in vroeger tijden.

52. Ode aan Geulle van 1949. (2)

De volgende lofzang over ons mooie dorp is genomen uit het boekje “Kent U Geulle?”, dat in 1949 is uitgegeven. Het geeft een mooi beeld hoe het toen hier uitzag:
Er zijn er die zeggen dat Geulle het mooiste plekje van Nederland is. Wij zullen er niet om twisten, maar wij weten uit ondervinding welke een indruk het maakt op mensen die voor de eerste keer met de trein van uit het noorden naar Maastricht reizen. Aan de linkerkant het sterk glooiende bos en aan de andere kant het wijde groene dal der Maas. Het is geen chauvinisme als wij u vertellen van de enthousiaste gezichten van de talrijke automobilisten en fietsers die na het oude gehucht Hussenberg te zijn gepasseerd de mooie beboste Slingersberg bereiken en het landschap zich aan hun oog ontrolt in al zijn bekoorlijkheid. 
Of degenen die vanaf de top van de Snijdersberg het Maasdal overzien tot aan de Kempische heuvels. Het dal waarin de stroom met brede kronkels gaat en keert en van de hoogte tot 7 maal zichtbaar is, van de in de verte Sterrestad Maastricht tot aan de heuvels van Elsloo.
Hoe lieflijk lacht u het dorpje toe als u van Bunde komt en eerste blik werpt op de vriendelijke huizen aan de voet van de zacht glooiende helling. 
Het Julianakanaal heeft de aantrekkelijk van ons dorp nog verhoogd en sinds enkele jaren is op het plateau van Moorveld het vliegveld Zuid Limburg verrezen. Zo kan Geulle een uitzonderlijke gemeente genoemd worden doordat ze ligt aan een landsgrens, een rivier, een kanaal, een spoorweg, een grote rijksweg en een vliegveld.
Het nijvere bestaan van de landbouwende inwoners geeft het dorp een rustige sfeer. Geulle is een uitgelezen oord om te dwalen over de heuvels en door de bossen over stille wandelwegen. Dan wordt men getroffen door de schoonheid van de natuur en geniet men het innigst van de weelderige groei van bloemen, struiken en planten. En al moge industrie en verkeerswegen op vele plaatsen schone plekjes natuur hebben bedorven, het verrukkelijk gebied van Geulle bleef gelukkig nog ongerept en onaangetast.
Vanaf de hoogterand is de blauwe verte in het Maasdal treffend te zien. Onder de bomen van deze heuveltoppen bloeit tegen Pinksteren de gele brem en hoort men de nachtegaal zingen. En naar het dal is het dorp in de diepte een lawine van groen, die van de hoogte over de daken van de huizen valt. Zo ver men ziet lijkt het Maasdal op een bos waarin de Canadese populier, ook wel de zingende boom van Limburg genoemd, hoogtij viert met maretakken in zijn kruin. Heerlijk is het er in het voorjaar, wanneer het eerst ontvouwde groen der bomen een schemerige wade weeft over de diepte, waar het dorp gedoken ligt en de Maas haar schubbig zilver kronkelen doet. Nog heerlijker is het er wanneer de vruchtbomen in het dal hun bloesempracht tussen de rode daken doen opwolken. Niet minder wonderbaar is het er, wanneer de herfst zijn toorts geslingerd heeft in het geboomte en alle loof er geel en bronzig hangt boven het blauwgroen geschemer der beemden. Geen wonder dat de sage zegt dat Sint Servaas, de beschermheilige der Maasgouw, hier gestaan heeft op de heuvelkruin en er zegenend zijn armen uitstrekte over het landschap. Bij de zachte gloed die de dalende zon spreidt over de wuivende boomkruinen, trilt er een zichtbare wijding over dit heerlijke vergezicht, als ware het waarlijk de echo van een gezegend oord. 
Men kan hier genieten van de prachtige panorama’s op de Maasvallei met in de verte de kolenmijnen in de Belgische Kempen en op de stad Maastricht met de vele torens en op de achtergrond de Sint Pietersberg. Als de schemering valt doemen honderden lichtjes op uit de diepte, welke u onwillekeurig doen stilstaan in de stille avondstond.Archie VarisBron: Kent U Geulle? (1949)

Een vliegtuig neergestort.

In de laatste weken van 2002 zijn er in het Elsoose gehucht Terhagen opgravingen verricht. In de plaatselijke media is er even aandacht aan geschonken. De redactie van de Sjakel is ook gaan kijken om te zien wat er zo vlak aan de grens met onze buurgemeente gebeurd is.
De eerste informatie.
Vanaf de Eijkskensweg rijd ik over de geasfalteerde veldweg richting Terhagen, tot vlak bij de brug over de spoorlijn. De spoorlijn ligt hier in een diep uitgegraven brede geul met aan weerszijden hoog opgaand bos. Waar moet ik zijn? Ik informeer bij een wandelend echtpaar en heb onmiddellijk prijs. Het echtpaar Wanten woont in Terhagen en de man is er geboren midden jaren dertig, enkele honderden meters van de plek waar het vliegtuig gecrasht is. Heer Wanten doet bij het aanreiken van informatie zijn naam alle eer aan. Zijn verhaal.

Eén vuurbal. 
De Messerschmitt, een Duits gevechtsvliegtuig, had op 17 december 1944 ter hoogte van Nieuwdorp bommen gedropt op loodsen van het Engelse leger. Het vliegtuig werd ter hoogte van de Steinderbosch onder vuur genomen door het afweergeschut, opgesteld op de hoge stortberg van de staatsmijn Maurits en werd gelijk in brand geschoten. Als één grote vuurbal scheerde het vliegtuig in glijvlucht naar beneden over Terhagen en stortte met een daverende oerknal neer, enkele honderden meter ten zuiden van de brug over de spoorlijn. Het was toen rond tien uur in de avond.

Voortgaand vuurwerk. 
Anders dan de media suggereren is er die avond geen reddingsactie meer ondernomen. Dat kon ook niet volgens onze woordvoerder, want de vele in het neergestorte vliegtuig nog aanwezige munitie is in de loop van die nacht geëxplodeerd. De aanhoudende knallende en sissende geluiden waren vergelijkbaar met de beelden van de enkele jaren geleden in Enschede ontplofte vuurwerkfabriek.

De dag erna. 
In de vroege dageraad was heer Wanten met enkele andere buurtgenoten bij de eerste bezoekers van de rampplek. De ontploffing van het neergestorte vliegtuig had een diepe krater geslagen op een plek, een twintigtal meters westelijk van de spoorlijn. De ravage was onvoorstelbaar. Van vliegtuig en bemanning was niets meer over dan totaal verfomfaaide restanten van het vliegtuig. 
In de loop van de dag hebben militairen met lange jutezakken de resten van de omgekomen militairen verzameld en ter plaatse begraven.

Struinplek. 
In de dagen na de ramp hebben heel wat mensen de plek bezocht en vaak ook rondgestruind op zoek naar iets bruikbaars. Daar behoorde in elk geval het mica toe waar de ramen van het vliegtuig van gemaakt waren. Van het mica konden allerlei kleine siervoorwerpen gesneden worden zoals armbandjes en (vooral populair bij meisjes) hartjes en kruisjes die als versiering rond de nek gedragen werden. De grote van het vliegtuig overgebleven metalen brokstukken waren toen allang verwijderd van het terrein door een neringdoende in oud ijzer. Na verloop van tijd is de plek waar het vliegtuig was neergestort, wat provisorisch afgedekt en dat is zo gebleven totdat hedendaagse struiners (mogelijk na informatie van de plaatselijke heemkundevereniging over de plek van het ongeval) het terrein gingen aftasten met behulp van metaaldetectoren. Nadat er allerlei vliegtuigresten waren opgediept en de gemeente Stein hiervan op de hoogte was gekomen, heeft deze een particulier bedrijf ingeschakeld om te onderzoeken wat er nog in de ondergrond aanwezig is en gevonden munitie te verwijderen. 

De gemeente Stein. 
De heer Verheyen, belast met zaken van openbare orde en veiligheid in de gemeente Stein, bevestigt het verhaal van onze informant. Het afdekken van de restanten van het vliegtuig is in 1946 gebeurd in opdracht van de Ned. Spoorwegen. Overigens wist in Elsloo vrijwel iedereen ´uit de tijd van de oorlog´ dat er in het bosgebied bij Terhagen ooit een vliegtuig was neergestort. Met metaaldetectoren uitgeruste personen zijn ter plaatse gaan zoeken en vonden er ondermeer munitie. Vanaf dat moment is de gemeente Stein ingesprongen en heeft een bedrijf opdracht gegeven de omgeving vrij te maken van explosieven. Heer Verheyen weet nog te melden dat de toenmalige veldwachter, Rouvroye, behulpzaam is geweest bij het opruimen van de resten van de bemanning.Paul Notten

In de heer zijn overleden

– Op 20 december 2002 Ellie Nijsten-Steijns, echtgenote van Pie Nijsten, Moorveldsberg 73, in de leeftijd van 62 jaar; 
– Anna Maria Catharina (Mai) Pinckaers, weduwe van Sjef Frissen, Huize Ave Maria, voorheen Hulserstraat, in de leeftijd van 87 jaar.
– Leonie Claessen, weduwe van Jozef Smeets, Wilgenhof Bunde, 94 jaar, Oostbroek 3


Geulle 50 jaar geleden…
Januari 1953

– De Maas heeft eind december en begin januari de Maastraat weer onder water gezet en dat was de hoogste stand sinds 1926. Het dorp kwam zelfs op de televisie en de bewoners sloegen daar geen slecht figuur.

– Op zondag, 11 januari werd opgericht de “Werkgemeenschap Snijdersberg – Hussen-berg”. Deze is tot stand gekomen door de Jonkheid en de gehuwden in één vereniging samen te brengen. Doel van de werkgemeenschap is: het gezamenlijk sieren van de processieweg, het bouwen van een rustaltaar, het voeren van acties tot verkrijgen van gelden voor de bouw van de nieuwe kerk. Het bestuur is als volgt samengesteld:
Voorzitter, M.Urlings. Secretaris, H.Smeets. Penningmeester, J.Kusters. Leden: Agnes Ghijsen, Julia Kengen, Frans Kengen, M. Pluis, Jos Peerbooms en Jan Blom.

– Op woensdag 14 januari werd op de jaarvergadering van de harmonie St.Caecilia besloten tot de oprichting van een boerenblaaskapel.

– Zondag, 25 januari werd onder grote belangstelling in de Harmoniezaal Jan 1 (J. Claessens te Westbroek) als prins uitgeroepen. Hierna volgde een bonte avond die erg in de smaak viel bij de aanwezigen. Tevens werd de nieuwe carnavalsschlager over bokken en geiten ten gehore gebracht.

– Loop van de bevolking 1952.
Het aantal inwoners op 31 december 1951 bedroeg 1032 mannen en 993 vrouwen. Totaal 2025 inwoners.
Geboorten: 20 mannen en 23 vrouwen
Vestigingen: 25 mannen en 14 vrouwen.
Totaal: 45 mannen en 37 vrouwen.
Overleden: 9 mannen en 8 vrouwen
Vertrokken: 35 mannen en 36 vrouwen
Totaal: 44 mannen en 44 vrouwen
Vermindering der bevolking met 6 personen.
Op 31 december 1952 bedroeg het aantal inwoners 1033 mannen en 986 vrouwen. Totaal 2019 inwoners.
Gesplitst naar parochie en rectoraat bedroeg het aantal geboorten in het rectoraat 19 en in de parochie 24. In het rectoraat hadden 8 overlijdens plaats en in de parochie 9.
De oudste inwoonster is A.M.Paulissen, Hussenberg 20, 94 jaar.
De oudste inwoner J.L.Roumans, Hulsen 12, 90 jaar.
Verder: 90 jaar (Wed.Decrauw-Dolders), 89 jaar 1 persoon, 87 jaar 1 persoon, 86 jaar 2 personen, 85 jaar 5 personen.Hein Peters

Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

Hallo, mensen van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke junior. En hoe is het nou met jullie? Met mij is het goed, maar met de Noonk niet zo, want wie ik lets voor de kerstmis aan jullie schreef dat ik met hem de kerstboom ging opzetten en de ballen derin en de piek derop, kwam Harie van onze Merie net heevers, die was bij de boswachter bij die van de karnevalsvereniging een boom gaan kopen, zo een mooie blauw groen zilveretige met een kluit deraan, maar Harie had er geen gekregen en niet omdat ze op waren, maar omdat het de bök niet gegund was, want der had zich ter een van Bung daarover beklaagd, dat die van Geul zekers teveel bomen verkochten en hij met zijne troep bleef zitten en toen konden die van Geul hunne pungel pakken. Harie heeft nog aan de Noonk gevraagd offent hij zich dan maar zo een dure in Bung moest gaan kopen, maar hij kreeg ze bijna gezwens van de Noonk en die sloegen de vunkele bekans uit de ogen, zo guftig was hij en de Noonk die heeft het sowieso niet zo op die van Bung, behalve op die van de Smeed, want dat zijn ters daar krijg je nog eens een avond met om en die helpen je ook met van alles en die vinden daar bij hen in de kraam nog dingen, waarvan ze zelvers nog eens gaaruit niet meer wiste dat ze het nog hadden en natuurlijk die van Bung die eigenlijk van Geul zijn en die, die wat daar weer mee getrouwd zijn en de kinderen daarvan en zo. En van de guf heeft de Noonk zich nou een opgemaakde boom gekocht, die verliest tenminste zijn haren niet en die blijft ook mooi groen en je zou hem zelfs buiten kunnen zetten, dan gaat hij misschiens wel niet aan maar hij gaat ook niet kapot wie die echte dure echte en als je hem voor de tweede keer opzet, dan begin je al te verdienen, zegt de Noonk en als je voorzichtig de met bent als je hem op den dèn wegzet, dan kun je ook nog de ballen derin laten hangen en de piek derop laten staan, dat spaart alweer een hoop werk het volgend jaar en je kunt er ook mee in de carnevalsoptocht meelopen en wat meent die wat zich zo dik maak wel, zegt de Noonk, hij is toch niet de enige die hier in Limburg en omstreken kerstbomen verkoopt en anders stuurt de Noonk de politiek wel eens derop af, zegt hij en hij kan zich niet voorstellen dat Charlie en Neske en Eddie dat maar de bij laten zitten, die zullen zich toch ook wel eens get van hunnen jan willen maken en nou hebben ze eindelijk de kans eens. En nou we het toch over de politiekers hebben, der is ter een mevrouw van Geul, die doet zich op voor in de kamer te gaan zitten en dat hebben we hier toch nog niet zo deks gehad, want wij zitten alleen zondigs in de goede kamer en de rest van de week in de keuken achter de kachel en die mevrouw is van de dierenpartij en de Noonk vindt dat nog niet zo nodig, zegt hij, der zijn wel ander dingen om je druk over te maken, want het land is in gevaar en hier bij ons in den Hoek kunnen de hinnen en den haan nog lekker over de mestem en over elkaar heen schamateuren en de knijn hebben ook genoeg plaats voor achter mereen te zitten en de schapen krijgen ieder week hun keutele geraap voor de wei zuiver te houden en zo, maar we moeten alleen de kat nog een beetje opvoeden, dat die zich niet zo deks muizen snapt, maar ja daar is het dan ook een kat voor. En de Maas is ook al weer bijna uitgeweest, maar de dijken hebben het weer gehouden en dat is maar goed ook, want het is aan de Maas toch al gevaarlijk genoeg, als je de gezetten mag geloven, daar kun je je nog niet op je gemak laten nakijken schijns en daarna heeft het ook weer flink gevroren, maar het ijs was nog ongetrouwd en daarom kon je der nog niet op, maar der waren toch weer een paar klotskoppen geweest, die hadden al stukken ijs en grote, dikke stenen derop gegooid, dus het was toch weer eens niets geworden met lekker schaatsen maar die hebben zeker niets anders te doen en zo krijgen ze de vijver wel weer toe en dan kunnen ze der over tienduizend jaar weer een kiezelkoel van maken. En der heeft zich een visser bij de Noonk beklaag, dat ik jullie geschreven had, dat hun huisje nog niet klaar was, maar dat die van de Zank dan ook zekers vissers zijn, want die laten ook lang op zich wachten met hun moment, waar ze de geschiedenis van Geul onder willen begraven, hier bij ons in den Hoek, want die hun jubilei is nou toch ook al een tijdje om en der is nog geen schup de grond in en de Noonk heeft gezegd dat hij zich eens zal informeren bij Hein Kessen, die weet daar zoals gewoonlijk meer van, zegt hij en ik zal jullie de volgende keer weer op de hoogte houden, nou adië, met de groeten van jullie Pieke uit de Piemelenhoek.

P.s.: de Nonk was bij tant Hoebertien en noonk Funs geweest in Oud-Vallekenburg en daar hebben ze schijns een Proemehoek en de volgende keer ga ik maar eens met hem met, want dat wil ik ook wel eens zien.


De melkfabriek van Moorveld.
Een geweldige vondst, 100 jaar na datum.

Vroeger. 
In het prille begin van de twintigste eeuw, van 1901 tot 1922, heeft Moorveld een melkfabriek gehad, de Toekomst genaamd. Het was een coöperatieve vereniging van plaatselijke boeren of kleine neringdoenden die toevallig ook nog een of twee koeien hadden. De melkfabriek was gevestigd in een pand aan de Heerenstraat in Moorveld op het weiland, links van de woning van Joop Schermerhorn, hoek Heerenstraat/Bospad. Het pand is eind jaren veertig van de vorige eeuw afgebroken.
Over de inrichting en werkwijze van de fabriek en de mensen die er werkzaam waren bestaan geen geschriften meer. Indrukken en wetenswaardigheden uit die tijd moeten verzameld worden uit gesprekken met mensen die de oude fabriek nog gekend hebben. Dat valt niet mee. De fabriek is precies 80 jaar geleden opgeheven en met het voortschrijden van de tijd zijn er steeds minder mensen die nog van toen weten te melden. Haast dus om links en rechts nog wat interviews af te nemen.

Zoektocht. 
Op mijn zoektocht naar mensen ´uit die tijd´ heb ik afgelopen jaar ook een bezoek gebracht aan de Moorveldshof en gepraat met Sjef Waelen. De familie Waelen heeft altijd een grote boerderij gehad en zal vanuit het oogpunt van melkproductie heel wat met de melkfabriek van doen gehad hebben. Sjef wist enkele leuke anekdotes over de melkfabriek, maar excuseerde zich tegelijkertijd dat hij van de eigenlijke fabriek weinig kon melden omdat hij geboren is na sluiting van de fabriek. Al doorpratend wist Sjef wel nog te melden dat de karnton van het vroegere boterbedrijf in de kelders van de Moorveldshof stond. Na de beëindiging van de boterproductie in Moorveld heeft Sjo Waelen, de grootvader, de karnton uit de boedel gekocht en zo is die ton uiteindelijk in de kelder terecht gekomen.
Bij alle bescheidenheid van onze verteller was dit een groot moment. Want, tijdens een eerste bezoek aan de kelder vorig jaar bleek die ton –eerste indruk- nog in een vrij goede staat te verkeren. 

De karnton. 
Dat eerste bezoek is een beetje vergelijkbaar met de opening van een grafkelder in een pyramide. In de halfduistere omgeving sta je oog in oog met een productiemiddel voor de bereiding van boter. In de eerste jaren van de twintigste eeuw hebben mensen uit deze omgeving daar hun brood mee verdiend! Je kunt je het nauwelijks voorstellen. En door een speling van het lot komt die ton in een kelder terecht met een rustige vochtigheidsgraad, voldoende om hout-wormen buiten de deur en . . . uit het hout te houden. Vrijdag 27 december ben ik, in gezelschap van technische steun, de kelder ingedoken. De karnton bleek gemakkelijk demontabel (het onderstel, de karnton en de handvaten) en in amper twintig minuten was de karnton in volle pracht en omvang terug in het dorp waaruit hij ooit zonder licht vertrokken is (de elektriciteit werd eerst veel later aangelegd). 

Restauratie. 
In de komende tijd zal de karnton gerestaureerd worden. Daarvoor zal overleg gepleegd worden met mensen die ´herstel en consolidatie van oude troep´ tot hun vakbekwaamheid hebben gemaakt: de conservator van het Industrion. Uiteindelijk zal de karnton als archeologisch monument van een handgedreven melkfabriek mogelijk een mooie, voor bezoekers toegankelijke plek in het bejaardentehuis Avé Maria krijgen, zodra verbouwd. 
Als heemkundevereniging zijn we de familie Waelen dankbaar dat zij al die jaren zo goed opgepast heeft op de karnton en dat Sjef als vertegenwoordiger van de familie de ton aan de heemkundevereniging geschonken heeft. 
Over de vroegere melkfabriek in Moorveld met alle verhalen daaromheen wordt een serie voorbereid die wellicht in de loop van dit jaar gepubliceerd worden; afhankelijk van het verloop van het onderzoek.

Bezichtiging. 
De karnton staat even in een schuur bij mij, Bospad 7, op 150 van de plek waar de karnton ooit rondjes gedraaid heeft voor de productie van boter. Begin februari gaat de ton tijdelijk naar een restauratieatelier. Tot dan kunnen de mensen die de ton willen zien bij mij terecht.Paul Notten

Politie varia

– In de nacht van zaterdag 30 november op zondag 1 december werd op de Slingerberg een auto in de vangrail aangetroffen. Bij onderzoek bleek, dat die auto in die nacht was ontvreemd te Sittard. De dader of daders was/waren verdwenen.

– In de nacht van woensdag 4 december werd een man op de Cruisboomstraat in zijn woning mishandeld door drie personen. Verder werd een koffertje uit de woning van die man ontvreemd. 

– Tussen zondag 8 december en maandag 9 december werd ingebroken in een auto welke stond geparkeerd op de Past. Kengenstraat . Uit de auto werd een carkit ontvreemd.

– In de nacht van donderdag 5 op vrijdag 6 december werd ingebroken in een winkel op het Marktplein. Er werd een geld bedrag uit de kassa ontvreemd, welke werd opgebroken.

– Op maandag 9 december werd ontdekt, dat een raam en een deur van het verenigingsgebouw aan de Kleivelderweg waren geforceerd. Het was niet duidelijk of er was ingebroken en of het hier gewoon een vernieling betrof.

– Op zondag 15 december omstreeks 18.30 uur, werd een melding ontvangen dat er op het Cruisboomveld een paard losliep op de rijbaan. Met behulp van enkele passanten en de gewaarschuwde eigenaar werd het paard weer in het weiland gedreven. Later bleek, dat men de draden van de omheining had doorgeknipt. 
Op maandag 23 december in de ochtend werd wederom ontdekt, dat de draden van hetzelfde weiland waren doorgeknipt. Nu waren de paarden nog in het weiland. Wel viel op, dat het weer tussen zondag en maandag gebeurd was.

– Op zaterdag 21 december tussen 14 en 19 uur vond er een aanrijding plaats op de parkeerplaats aan de Hussenbergstraat. De dader reed echter na de aanrijding door zonder zijn identiteit kenbaar te maken.

– Op zondag 22 december werd op de Essendijk een bestuurder gecontroleerd, welke te veel alcoholhoudende drank in zijn bloed had. Tegen verdachte werd proces-verbaal opgemaakt.

– Op zondag 22 december waren enkele meldingen van overlast van vuurwerk op de Hulserstraat. Er zou vanuit een geparkeerd staande auto vuurwerk worden gegooid. De genoemde personenauto werd wel aangetroffen, doch opdat moment stond hij geparkeerd tegen een lantaarnpaal. Eigenaar werd niet meer aangetroffen. Hierna is auto afgesleept.Bestuurder meldde zich later en verklaarde te hebben moeten uitwijken en was toen tegen lantaarnpaal gereden.

– Tussen dinsdag 24 december 19.30 uur en woensdag 25 december 02.00 uur vond er eveneens een aanrijding plaats op de Hulserstraat. Ook hier reed de dader door zonder zijn identiteit kenbaar te maken

– Op dinsdag 24 december vond er een inbraak in een woning plaats op de Schepenstraat. De voordeur werd geforceerd en uit de woning werden o.a. een GSM en een sporttas met sportspullen ontvreemd. Waarde- volle goederen werden niet ontvreemd.

– Op donderdag 26 december omstreeks 22.00 uur werd in de Nachtegaalstraat een vreemd persoon in de tuin waargenomen. Toen hij merkte, dat hij was gezien, vluchtte deze persoon naar de tuin van de buren, welke op vakantie waren. Persoon werd niet meer aangetroffen.

– Op vrijdag 27 december vond er een aanrijding plaats op de Hulserstraat: een bestuurder reed tegen een geparkeerd staande personenauto.

– In de nacht van vrijdag 27 december werd er ingebroken in een auto welke stond geparkeerd op de Hulserveldstraat. Uit de auto werd een radio/CD-speler ontvreemd.

Vanaf september 2002 hebben er intern bij de Basiseenheid Heuvelland, alwaar wij tegenwoordig toebehoren enkele veranderingen plaats gevonden. 

Gezien mijn werkzaamheden binnen de basiseenheid, ben ik niet meer direct als gebiedsgebonden functionaris voor de plaats Geulle verantwoordelijk.
Met ingang van 1 september 2002 is dat mijn collega Hub Schoenmakers. Deze is echter tevens voor de plaatsen Rothem en Ulestraten verantwoordelijk. Hij is bereikbaar via het normale politienummer 0900-8444. Bij het wijksecretariaat te Valkenburg weten ze steeds wanneer hij in dienst is en wanneer hij te bereiken is. Ook kunnen via het wijksecretariaat afspraken met hem gemaakt worden. Zelf blijf ik wel de Politie-Varia verzorgen in overleg met brigadier Schoenmakers.Brig. Giesen

Rob van der Zee en Harmonie St. Caecilia nemen afscheid! 

Op zondag 5 januari jongstleden heeft Rob van der Zee in Geulle voor de allerlaatste keer gedirigeerd bij Harmonie St. Caecilia. Na twaalf mooie jaren, waarin de leden van de harmonie, het bestuur en de dirigent op een prettige manier met elkaar hebben samengewerkt, werd op een respectvolle manier afscheid van elkaar genomen.
Op zondagochtend reed bij Huize van der Zee de ‘taxi’ voor, waarna Rob samen met zijn vrouw en dochtertje richting Geulle vertrokken. Bij de Harmoniezaal aangekomen lag een rode loper uitgerold en vormden de muzikanten een erehaag. Het afscheidsconcert werd geopend door de drumband onder leiding van Jo Meijs. Het jeugdorkest, onder leiding van Marie-José Marx, was natuurlijk ook van de partij. Ten slotte speelde de harmonie een aantal toepasselijke muziekstukken, die Rob met zorg had geselecteerd. Met “The show must go on” en “I did it my way” werden enkele gevoelige snaren geraakt. Tenslotte werd Rob namens de leden een muzikaal cadeau aangeboden en namens het aanwezige publiek een staande ovatie. Alle leden, familie en vrienden van de harmonie namen tijdens een spontane receptie persoonlijk afscheid van Rob. Herinneringen werden opgehaald en hier en daar werd een traantje weggepinkt. Het was een mooi afscheid van 12 jaar fijne samenwerking met een ambitieuze en enthousiaste dirigent!Sandra Akkermans


Auwejaorsaovend 2001

Boete vruus öt lekker. In Mestreech viere ze öt afsjied van de gölle mèh veral de gebäörte van den euro. Hie in öt dörrep isset hiël röstig. Noe en dan huörste eine lichte knal van ö stökske vuurwerk, mèh veur de res isset erreg röstig boete. Ich zit in miene gemaekelikke stool en zoonger dat ich wil gaon mien gedachte 75 jaor truk nao ö bezunger auwt jaor in Gäöl.
Ich waor doe ö menneke van ö jaor of vief. Bie ôs woor in daen tied neet doorgehauwe. Mét mie breurke waor ich op den gewonen tied nao béd gebrach. De grwoite sleepe baove opte zolderkaemerkes. Sjus wie altied waore ver gauw in slaop. Mèh midde in de nach woore veer inins wakker gemaak. De kamerdeur sting aope en öt leech van de kengkee in de käöke veel inins de kamer binne. De mooder maakde ôs wakker en de vader pakde mich hauf slaopentaere op en droog mich euver ein plank die in de gank van den einen dörpel nao den angere laog nao de käöke , woi öt nog lekker werrem waor. De mooder pakde de kleine Witte, dae nog gein twië jaor waor veurzichtig op en zat zich mét häöm bie de rôn stoof in de käöke. Ich hauw waal get vraems swarts in de gank gezeen en de vader vertélde mich datte Maas oet waor en al opte gank sting. Veer moosjte nao baove de zolder op. Dao sting noch ön auwt kéngerbéd van roe planke inei getummerd. De vader haolde öt béddegood oette gooij kamer en ö keteerke later laoge veer weer lekker werrem ônger de daekes en öt doerde neet lang of veer sleepe weer röstig wier. Wat zich daonao dao ônger aafspeelde hauwe veer geine weit van. Mèh de Maas bleef wasse. Öt béd in de kamer woor gauw aafgebraoke en nao baove gebrach. Ouch de taofel en steul oette käöke verhoesde nao de grwoite zôlder. De mooder maakde de grwoite lieveskas in de käöke laeg en tasse, teleure en sjootele verhoesde nao baove, sjus wie de kengkee, öt petrôlsstél, de winkelwaar en de aerappele. 

De Maas bleef wasse. In de gooij kamer kraop ze al gauw de kleijerkaste binne, dus die moosjte ouch nog gauw ontruimd waere. Ouch in de käöke woor wat nog achtergebleeve waor zwoiväöl mögelik nao de grwoite achterkäöke gebrach. Die laog ö flink stök hwoiger este käöke. Oeteindelik zou dao mèr ö paar centemaeter water in kômme te staon. Mèh in de koostal waor öt erger. Dao stông de auw koo tot aan de boek in öt water. Zwoi kôsj die ouch neet neet mië gemôlke waere. Die moosj dao weg. Mèh ze kôsj nörges mië haer. Dao waor mèr ein mögelikheid. Öt slaopkaemerke van mein auwers naeve de achterkäöke. Dao sting ouch öt water tot aan de strwuözak. De koo snapde der ouch niks van en leet zich gewillig aan ön béddeplank vaslégke. 
En esse gemôlke moosj waere moosj ze effe mét nao de achterkäöke woi de mooder röstig op önne méllékstool ze gans kôsj laeg mélléke. En wie de Maas op öt hwoigste waor, woor de stroum achter de koostal zwoi sterrék dat ö gedeilte van de auw vakwerrék moer noa ônger veel en in öt hinnehok de hinne in peniek nao boete vlooge. Vlakbie vônge ze effe plaats opte méstém, dae nog effe baove öt water oetstaok. Mèh öt doerde neet lang ofte méstém –teminste de lichte baovelaog- raakde los en dreef mét hinne en al de hoeswei in totter in de hwoig hégk bleef vas hange. De hinne verspreide zich in die hégk en moosjte dao wachte totte Maas gezak waor. Hiël get hinne höbbe dae ramp euverlaef sjus wie veer ouch. 

Veer höbbe smörges eerderei ö Zalig nuujaor gewénsj en veer höbbe doe begreepe dattae wénsj toch ön deeper beteikenis haet esser ech gemeind is.
Gelökkig hauw de mooder de eigesgebakke waffele ônger neet vergaete en die leete veer ôs good smaake.Mar/B.


Job Metsemakers hoogleraar aan de UM / Brigitte de Pree nieuwe consultatiebureau-arts.

Eind vorig jaar werd een van onze huisartsen, dr. Job F.M. Metsemakers, benoemd tot Hoogleraar Huisartsgeneeskunde aan de Universiteit Maastricht. Een dag in de week -op donderdag – werkt hij nog in de huisartsenpraktijk in Geulle. De kersverse professor kreeg zijn “praktijkopleiding” voor een belangrijk deel in de praktijk van wijlen dr. Jaques Kuijpers aan de Processieweg. De redactie wenst Prof. Metsemakers en zijn familie van harte geluk met zijn benoeming en is er trots op dat de huisartsen in Geulle zo’n deskundig iemand in hun midden hebben. De patienten zullen er wel bij varen! Dr. Kuijpers was een van de eerste huisartsen die zijn praktijk ter beschikking stelde van de universiteit Maastricht ten dienste van de opleiding van huisartsen. Geulle plukt nu dus de eerste vruchten van diens wijze en vooruitziende blik. 
Als Consultatiebureau-arts in Geulle is Prof. Metsemakers per 1 januari jl. opgevolgd door dr. Brigitte de Pree.
De redactie heet haar van harte welkom en wenst haar veel succes toe in Geulle. 


Kerk-zijn in Nederland in het jaar 2001

Elk jaar worden “kerncijfers” bekend gemaakt van de zeven aan de Actie Kerkbalans (Gezinsbijdragen) deelnemende kerk-genootschappen in Nederland.
Enkele markante cijfers: 
5 miljoen R.K.-kerkleden in 1584 R.K.-parochies. Totale inkomsten R.K.-kerk 153 miljoen euro, totale uitgaven R.K.-kerk 157 miljoen euro, totale gezinsbijdragen in Nederland 56 miljoen euro.
R.K.-kerk 5 miljoen leden /gemiddeld 21 euro per gelovige. Ned. hervormd 2 miljoen leden /gemiddeld 74 euro per gelovige. Gereformeerde kerk 658.500 leden /gemiddeld 164 euro per gelovige.
Evangelisch/Lutherse kerk 14.300 leden / gemiddeld 39 euro per gelovige.
Gezinsbijdragen in Limburg:8,5 miljoen euro.
In Limburg doet 36 % van de gezinnen mee met de actie kerkbijdragen/gezinsbijdragen.
Missieakties in Nederland: 15 miljoen euro.
Speciale acties in Nederland: 5 miljoen euro.
Burgelijke huwelijken: 82.000.
Aantal geboorten: 202.600.
Kerkelijke huwelijken 145.000.
Aantal gedoopten 55.700.
Overledenen in Nederland 140.000.
Elk weekende bezoeken in Nederland 1 miljoen mensen een of andere kerkdienst.
S.W.


Kerst 2002

Een Nordmandika verkoper uit Bunde
Die de Bokkerrieërs het licht niet gunde
liet bellen door zijn advocaat en zette zo een ambtenaar paraat.
Ga eens naar Geulle kijken bij het bos
en let goed op want dan zijn de Bok de klos.
Een vereniging die de gemeenschap te gunste kerstbomen verkoopt
en zich weken de benen onder het lijf uit loopt,
is daar iets aan ‘t doen?
Waarmee ze proberen de kas te vullen met poen.
Niet het idee hebbend iemand te kort te hebben gedaan.
Alleen maar proberen te zorgen om hun voort bestaan;
zelfs dat was ons niet eens gegund.
Dat had van tevoren beter gekund
En inderdaad wat een dappere daad.
De Bokkerieërs moeten stoppen goed of kwaad
En ik weet van de de hele zaak niks,
dat heb ik ‘m toch mooi gefikst
Daarom mensen denk aan volgend jaar:
dan staan de Bokkerieërs weer met bomen voor U klaar.
Een ding willen we wel nog kwijt
Bij Leonarda en Ron staan we wel nog in ’t krijt.
Zo kan het ook in deze tijd.

Ontvangen– Van de heer Piet Ummels ontving de Heemkundevereniging een aantal ingebonden Panorama’s uit de jaren 1930 – 1940.
– Van de heer Jan den Braber ontving de Heemkundevereniging een aantal oude gebruiksvoorwerpen.

De Heemkundevereniging wil beide heren van harte danken voor hun giften.


Agenda– De maandelijkse werkmiddag is in februari op 19 februari. Aanvang 14.00 uur. 
– Op 14 maart a.s. houdt de Heemkundevereniging haar jaarvergadering in ’t Wapen van Geulle. Aanvang om 19.30 uur.


De Sjakel

December 2002


Geulle in vroeger tijden.

51. Ode aan Geulle van 1949. 

De volgende lofzang over ons mooie dorp is van Marie Koenen, de bekende Nederlandse schrijfster. Zij woonde met Felix Rutten van 1919 tot 1927 in Geulle. Eerst in het voormalige pension de Welput op de Snijdersberg en daarna in villa Schieversberg die zij halverwege de Moorveldsberg lieten bouwen.
Deze iets aangepaste ode geeft een mooi beeld van ons dorp van ruim 50 jaar geleden.

Geulle, jarenlang lag het daar verborgen, ver genoeg verwijderd van de stad en van toeristencentra, waardoor alleen enkele ingewijden en ondernemende zwervers er toe doordrongen. Dat is een geluk geweest want zo bleef het ongezocht een natuurreservaat en behield het zijn uitzonderlijk karakter ongerept. Waar boven de uitmonding van de Geul het Maasdal zich verbreedt, waar de beemden zich aan weerszijden van de rivier wijd en stil uitstrekken tussen haar hoge oeverwanden uit de oertijd, beginnen de verspreide woningen en de kleine boerderijen op te dagen van de gemeente Geulle. Het dorp is gegroeid uit meerdere gehuchten, her en der, boven en onder, verspreid en verscholen.
Elk gehucht is weer een wereld op zichzelf. Beneden liggen de huizen dichter bijeen naarmate ze het witte kasteel en de kerk naderen. Op de hoogten liggen ze in groepen samen om de herenhof of bij de met rode pannen bedekte diepe welwaterput, die beiden hun tijd overleefden. 
Van het brede heuvelplateau met zijn weilanden en korenvelden dalen grindwegen omlaag naar de vallei, die ook beken opvangt ontsprongen uit onvindbare bronnen ergens omhoog tussen het warrig kreupelhout. Knotwilgen groeien achter de meidoornheggen en appelboomgaarden. Door de woest begroeide kiezelrijke ravijnen, gekarteld in de westrand van de heuvelrug, stromen dartele smalle kreken. Het lijken beddingen van stortbeken, onstuimig als watervallen. Zij hebben de grote stroom gevoed in de tijden toen het de Maas te eng werd tussen haar hoge oevers en zij zich voortspoedde naar de lage landen, waar haar stroomgebied door niets meer werd beperkt.
Met het uitzicht van zijn heuvelkammen gekeerd naar die Maas ligt Geulle na zo menige zomerdag verdroomd in het glorieuze avondrood. Dan wordt elke woning, elke boom en struik met schoonheid omstraald en dat doet ons mijmeren over een ver verleden, toen de Kelten stroom en streek hun naam gaven en in elke boom een bezield wezen zagen. Waren zij het die in de kruinen van de populieren en appelaars de maretakken achterlieten, de misletoe die hier inheems is? Waren zij het die in de gedaante van de Alvermannetjes of Auvermennekes op de vlucht sloegen toen in Geulle voor de eerste keer het Angelusklokje luidde? In ieder geval hebben de Auvermennekes in de Geulse Blomberg hun onderaardse woningen gehad. Want het laatste spoor van de zilverwitte kalk welke zij voor het metselen gebruikten, zet zich nog steeds vast om elk takje dat in de beek valt welke ontspringt bij de puinresten van hun ingestorte ondergrondse nederzetting. Deze beek wordt de Heiligenbeek genoemd. 
Dit sprookjesland kreeg zijn legende nadat Sint Servatius, de eerste bisschop van Maastricht, er van de hoogste heuveltop het Maasdal zegende met de woorden: “Gij zult eeuwig en onvergankelijk schoon zijn, mijn land”. Het kreeg zijn historie toen de Noormannen er aan de Maasoever hun kamp opsloegen, waar een kwarteeuw geleden ouden van dagen nog de lage aarden omwalling konden aanwijzen. Niet ver naar het zuiden ligt de bovenloop van de Geul, waar de grote veldslag plaatsvond tussen koning Arnulf en de woeste indringers. Geul, Geul was de strijdkreet van de bevrijders die tenslotte de Noormannen bij Leuven versloegen.
Dichterbij ligt de tijd toen in ons mooie dorp boortorens stonden om te onderzoeken hoe diep de steenkoollagen in de bodem verborgen lagen. Gelukkig lagen deze te diep. Geulle mocht Geulle blijven, het landelijke gehuchtendorp, dat van zijn hoogten neerschouwt op het moderne mijnland in de verte.
Maar dit zij Geulle gezegd: Wil het zijn waarde behouden, dan beware het zijn eigen aard. Dan spaart het zijn bomen en plant het steeds nieuwe bij. Dan houdt het zijn boomgaarden in ere, die elk voorjaar de heuvelhellingen met de praal van hun bloesempracht omtoveren in hangende tuinen. Dan rooit het de flora niet uit die over de voetpaden geuren doen opstijgen van wilde rozen en kamferfolie, van munt en tijm en marjolein.

Archie Varis

Bron: 
Kent U Geulle? (1949)



In de heer zijn overleden

  • Op 11 oktober 2002, Johanna Maria Houben, weduwe van Hubertus (Sjeng) Peters, in de leeftijd van 85 jaar;
  • Op 20 oktober 2002 te Geleen Bertha Martens, echtgenote van Math Spee, in de leeftijd van 86 jaar, voorheen Hulserstraat 43;
  • Op 23 oktober 2002 Annie Freens-Loontjens, weduwe van Sjeng Freens, in de leeftijd van 78 jaar, Pastoor Smeetsstraat;
  • Op 24 oktober 2002, Jo Weerts, echtgenoot van Maria Cauberg, in de leeftijd van 56 jaar; Processieweg;
  • Op 21 november 2002 te Oost-Maarland/Eijsden J.J.H. (Jac) Smeets, echtgenoot van wijlen Rina Thijssen, in de leeftijd van 61 jaar, voorheen Brommelen;
  • Op 24 november 2002 te Maastricht, Math (Jeu) Nievelstein, echtgenoot van Gerardine Roumans, in de leeftijd van 80 jaar, Pastoor Smeetsstraat 24.


Brieve van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

Dag mensen van Geul, hier ben ik weer met een brief om jullie op de hoogte te houden van wat er in het dorp gebeurt. Ja en dat zul je nou net hebben, schup ik me daar op dat hier altijd wat te doen is, gebeurt er bijna niks deze maand. Maar ja, ik zal toch proberen een velke vol te zeveren, niet. En het is eindelijk weer eens begonnen flink te vrieren en dat is ook weer eens goed, zegt de Noonk, dan hebben we volgend jaar misschien eens wat minder ongecijferte in de moestem en zo. En boven in Holland beginnen ze zich alweer de ooren van de kop af te kallen dat er een elfstedentocht komt voor te schaatsen en hier is de vijver nog niets eens gans dicht, maar dat is niks, zegt de Noonk, want toen hij nog schaatsde was dat op de wijrt, rondjes om het kasteel, en snel, zegt hij, zo kwekzilverretig dat hij der zelf dul van werd en die wat stonde te kijken ook. En wat zou dat, elf steden zegt hij, voor den oorlog al maakte hij dekser tochten langs elf plaatsen door Geul, maar dat waren dan heilige huisjes, zegt hij en dan was hij soms sanderendaags pas thuis, dat is nog eens andere koek dan peperkoek, maar nu kan hij dat niet meer zegt hij, niet omtat hij zo oud geworden is, maar omtat er niet genoeg kaffees meer in Geul zijn en hij vertikt het geleutig om naar Bung of naar Eelsse te gaan om zich ene te drinken, die kunnen hem de pokkel rutsen, zegt hij. En de kaffees die der nog in Geul zijn doen zich allemaal een hoop moeite om de lui de weg naar hun toe te wijzen en ze maken hunne hele gevel vol met licht of ze zetten een miljaar bomen vlak voor de deur, met allemaal lempkes derin, of de lui van Geul zo al niet weten waar de kaffees zijn, toch ? En de lui van Geul die steken zich ondereen aan, die make zich ook zoget en het lijkt wel kermis overal, net wie in Mestreech, want als je goed kijkt zie je vanaf de Knup een reuzeraad daar draaien en een grote kraan met wel een miljoen lempkes en veel gekker moet het ook niet woorden want dan wordt het overal dik van leer en dun van smeer, juist wie de vlaaien bij Stöbbes bij ons neven en dan kunnen de lui en de kasteleins straks weer de Plem niet betalen en dan worden de drupkes misschiens weer duurder en zo hangt dan weer alles van den elend aaneen, zegt de Noonk. En als het nou blijft vriezen, dan kunnen die van de visclup weer sop en kekouw gaan verkopen aan de vijver, met van die lekker velkes derop, en dan moeten ze wel nog even hard werken, want hun huisje is nog altijd niet klaar en op het vroegjaar zeiden ze dat ze het wel binnen drie maand vaardig zouden hebben, maar ja het zijn en blijven vissers, hè, zegt Harie van onze Merie, als ze een vis vangen van een centimeter of tien dan is die als ze bij de vrouw komen al gegroeid tot een kilo of zes, maar het was een moddervis en daarom hebben ze hem maar weer teruggezet, zeggen ze dan. En nou is het ook al weer Sinterklaas geweest, maar bij ons had hij een oog uit en een been af, want die van de regeling daar in de Haag zeggen dat het slecht weer wordt en dat de lui goed moeten sparen, dat is zeker voor zich wolle sokke en een sjerrep en een pielepats te kopen voor alles warm te houden, en de Noonk zegt dat hij liever een zondagse hoed wie een pielepetske draagt en hij heeft zich niet uitgekleed voor hij de brak hier aan Harie en Merie verkocht en hij kan dus nog wel wat slecht weer hebben, zegt hij. En met die ouwe vethouder van Meersse gaat het evels ook niet echt goed, die dacht dat hij het wel kon nadat hij als vethouder jarenlang voor Sinterklaas had gespeeld, en die gooide pepernoten uit naar de kinderen, maar dat waren geen pepernoten, maar hondebrokken en de Noonk die vraagt zich nou af wie of zo get toch mogelijk is, dan ben je toch niet helemaal van dattem, zegt hij, maar ja, de Noonk zijn vader zei vroeger al dat de rekening onder in de zak ligt en eigenlijk moesten ze die maar eens een veekoek onder de middag pratsen, dan weet hij ook weer waar hij met bezig is en dan kan hij wel kalle wie een affekaat, die van Geul weten het nou wel zeker, wij hebben liever onze eigen Sinterklaas, wie van drie het ook is en nou is mijn velke toch mooi vol geworden en nou hou ik maar weer op en ga ik met Harie en Merie en de Noonk de kersboom opzetten met de ballen en de piek en het kerststalleke en ik wens jullie allemaal ene zalige kerstmis, een goed uiteindsje en een goed beginsje, tot volgend jaar, met de groeten van jullie Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

P.S. Zou die groentefruitman nou ook een visser zijn ?


Geulle 50 jaar geleden…
December 1952

– Uit de raadsvergadering van decmber 1952.
Enkele punten uit de begroting van de gemeente: voor het onderhoud van de wegen wordt een bedrag geraamd van fl. 10.500,00. Het aantal straatlampen zal worden uitgebreid tot 60.
Voor het salaris van een nieuwe ambtenaar ter secretarie wordt een bedrag op de begroting geplaatst van fl. 2.500,00.
De subsidies van de muziekgezelschappen wordt met fl. 200,00 verhoogd en gebracht op fl. 700,00.
De vergoeding per leerling voor het lager onderwijs wordt gebracht van fl. 21,45 op
fl. 25,00. De burgerlijke verdediging kost de gemeente fl.1.000,00 per jaar.
Wat de kapitaaldienst betreft ligt het in het voornemen tot verbouwing over te gaan van het gemeentehuis. De secretarie zal komen in een lokaal van de eerwaarde zusters op de begane grond. Het ligt tevens in de bedoeling de Moorveldsberg te verbeteren. De gewone dienst wijst een tekort aan van fl. 19.712,00, waarin het Rijk door een extra bijdrage moet voorzien.

– K.A.J. nieuws.
Het pas opgerichte mondharmonicaorkest van de K.A.J. heeft al enige successen geboekt. Bij hun eerste optreden op de ouderavond van de K.A.J. oogstten zij veel bijval. Hierna volgden optredens op de feestavonden van de Fanfare en de Harmonie. Hun optreden werd voortgezet op de Anjeravond te Genhout, waar zij samen met Jo Kurvers optraden. Jo zong daar zijn succesnummers “Ich bèn van Gäöl” en “ Mie Limburg “. Een daverend applaus was hun deel. Hun optreden tijdens de Barbara-avond van de R.K.- Mijnwerkers-bond was eveneens een daverend succes.

Hein Peters. 


Kejje en sjaatse.

Eeder sezoen haet waal z’n sjwoin kante, woidoor me de minder sjwoin kante méh de bie nump. Vreuger kôsjte de weinters ech koud zeen. Doe waor noch gein sentraal verwerming. Opte meiste plaatse woor mér op ein plaats in öt hoes gestaok en dat waor in de käöke. Dat waor ouch de einigste plaats woi in de weinter gehoes woor. Dao woor gekaok, geknutselt, gekaart en gelaeze. Dao kaome ouch de luu oette naobersjaf gewoon get plenke. De vrouwluu bragte öt strikwerrèk mèt of ö lepke veur ein gekersjeerde bèdsprei woi sjus aan begôsj waor. De mansluu hauwe niks anges te doon es hun piep aan te hauwe en ö bekske koffie mèt väöl sookerei oette slurpe. Sôms waor dao eine bie dae spannend euver vreuger get kôsj vertèlle.
Ö t waor altied ö fiës este kènger de iëste dikke vlokke snië zaoge valle. Dan stinge ze mëtte naas veur de roete en keeke nao baove woi ze hiëlväöl zwarte puntsjes zaoge taenge de duuster wolleke. Ongemerèk greuijde öt verlange noa väöl mië snië. Neet van dae poeijer snië waste gein dikke sniëbel van kôsj maake méh van dae dikke snië. Dat lökde neet altied d’n iëste kiër, al waore de vlokke wie witte vaere, die esse opte grônd kaome elein mér naate plekskes achter leete.
Ö t sjwoinste waor este smörges wakker woors mèt eine raare witte sjien opte plefong. En este daan nuusjiërrig öt gerdiensje aope deegs en euveral ön witte fien dèkke zoags ligke. Euveral, opte straot, opte daake van de hoezer, opte tek van de buim laoge witte watte. Dan hoofde de mooder dich neet twië kiër te roope, dan waorste boete esset spek in de pan nog broen moosj waere.
En esten vruntsjes nao de sjwoil ginge dan stingstich achter eine auwe hègkestôk al klaor mèt eine veurraod sniëbel. En esset gevech dan begôsj merkdeste algauw dat öt lèste belke op waor en datste elein öt neet taenge ö stèl angere lang kôsj volhauwe. 
Opte speelplaats van de sjwoil waore väöl grwoite roete, dao maogdeste neet mèt sniëbel gwoije want onger de snië laog kiezel en ö steinsje kroop waal ins in zwoi önne sniëbal.
Veer maogde waal ön kejbaan maake. Dan waor iës de snië mètte klômpe good aangestamp en daan vloog den eine nao den angere euver de baan. In ö paar menuute waor die baan speegelgléts en woor eedere kiër ö stökske langer. Este sjwoil dan oet waor dan haste de smaak te pakke. Mèt ö paar angere maakde veer aan de Maas ön aeve glétse baan vanop öt bergske euver de waeg haer nao de koele in. En wie mië kènger dao waore wie plezeeriger öt woor. De merkdes zellefs neet este straotlampe aanginge en vôngs öt jaomer este mooder dich reep um te gaon aete.
Aan de Maas kôsjte ze in de weinter ouch väöl plezeer höbbe ester geine snië laog, méh waal esset ö paar nachte hél hauw gevraore. Want dan kôsjte veer mètte ieswaage en sjaatse öt ies op. Want dao waore väöl koele aan de Maas. Opte Greend, opte Klein Maas en opte koele bie de Dreides kôsjte dich oetlaeve. Ouch op de deepe koel in de Paortwei achte Hoebe. En esset ech hiël hél gevraore hauw opte wiert van öt kestiël. De börgemeister leet eederei toe zwoi lang esse mér niks kepôt maakde. En dao kaome neet elein Maaslengers, méh ouch die van öt Brook en Hölse. De wiert leep rond öt kestiël. De kôsj dan altied dezellèfde kant oet blieve sjaatse. Bie de bochte hoofdeste neet aaf te remme want de wiert waor breid genôg. Elein bie de brökskes moosjte oetkieke. De moostich dao effe bukke veural este get lank oetgevalle waors. Kielemaeters kôsjte doorgaon. De kôsj ouch mèt önne ganse trôp achterei ön runde maake. En esste dan ônger de lèste brök door waors moosjte dich good vashauwe want dan woor geslingert en vloogste bienao door de lôch tot an den euverkant. De jeug ging door tot öt duuster woor en este dan heives gings veuldeste den bein mekans neet mië en waorste blie este achter de taofel kôsj aansjuuve. Dat waor hiël get anges es opte koele aan de Maas, woi de kleinere opte klôompe zich perbeerde rech te hauwe opte sjaatse of zich mètte peele veuroet duude op önne zellèf gemaakde ieswaagel. En esset nog helder ging vreeze dan kaom ouch de knaal toe te ligke. En este sjeepe neet mië door kaome dan woor al gauw geperbeerd offet ies dik genôg waor um te sjaatse. Dan haste ön baan van Ittere tot Aelse. Dat waor dan get veur de auwer jeug want hiël dèk haste taengeweint este nao de kant van Aelse gings. Dan pakde den eine den angere vas en in ön lang rie mèt önne vaste slaag haste väöl minder las van dae Noorderbies. De pien aan den spiere väöldeste pas den daag denao este opstings. Méh die waor al gauw vergaete este de sjaatse weer ôngergebônge has en este weer kôsj geneete mèt väöl angere saame van de weinter en dien jeug.

Mar/B 



Harmonie St. Caecilia op concours

Op zondag 20 oktober 2002 nam Harmonie St. Caecilia in de superieure afdeling deel aan het Bondsconcours in Venlo.
Het korps o.l.v. haar zeer gemotiveerde dirigent Rob van der Zee behaalde met 80 van de in totaal te bereiken 100 punten een eerste prijs, een -naar ik mij heb laten vertellen- voor velen van het overwegend “jonge” orkest teleurstellend resultaat.
Maanden van intensief oefenen was toch “slechts” voor 80 punten goed geweest! Concourstechnisch gezien zal op dit resultaat niet veel af te dingen zijn. Voor de vele vooral jongere muzikanten vormt zo’n uitslag echter niet bepaald een stimulans om door te gaan.
En daar zit mijns inziens nu de “crux”. Een muziekgezelschap dat uit overwegend jonge spelers bestaat wordt over dezelfde kam geschoren als een corps dat uit overwegend oudere spelers bestaat. De Limburgse Bond van Muziekgezelschappen zou eens naar “dit fenomeen” moeten kijken en moeten bezien of het niet tijd wordt dat er een andere maatstaf bij de zo verschillende samenstelling van corpsen aangelegd zou moeten worden.
Daarmee zou meer recht worden gedaan aan de feitelijke ontwikkelingen in de muziekvereniging, die zeker in de dorpen een zo belangrijke maatschappelijk rol vervult. Bovendien stimuleert zij op die manier de jeugd, die ook bij ons nog altijd de toekomst heeft. Voor de top van onze Limburgse blaasorkesten kan wat mij betreft gerust een aparte divisie in het leven worden geroepen.
Er is al een concert-divisie, dacht ik. 
Naar verluidt gaat Rob van der Zee het corps
binnenkort verlaten. Het zij zo! Nu al zij gezegd, Rob je hebt in Geulle fantastisch werk geleverd, jij was een uitstekend pedagoog. De jeugd van Geulle zal je daarvoor misschien nu al, maar in ieder geval op latere leefijd eeuwig dankbaar blijven. Jij hebt hen op een prachtige manier de liefde voor de muziek bijgebracht. Chapeau!
Rob, veel succes voor de toekomst, waar dan ook! Geulle zal je gaan missen !

S.W.


Op de drempel van het nieuwe jaar.

Stond de jaarwisseling 2001/2002 nog vooral in het teken van zo iets ordinairs als de invoering van de euro – “pecunia non olet” (geld stinkt niet)-, het nieuwe jaar 2003 zal naar het zich thans laat aanzien onze wereld opnieuw in brand zetten als het in Irak misgaat, en dat gaat gebeuren, tenzij er een wonder gebeurt.
Nu zijn wonderen -gelukkig voor ons stervelingen en zondaars- anno 2002 de wereld nog niet uit. Onder “deze” Paus zijn er nooit eerder zoveel mensen heilig verklaard en daarvoor was toch nodig dat er een of meer wonderen op het konto van de genomineerden moesten kunnen worden bijgeschreven. 

Het jaar 2002 zal de geschiedenis ingaan als een historisch verkiezingsjaar, waarin een nieuwkomer in de politiek in een keer de tweede partij in ons land werd ten koste van sommige reeds decennia lang gevestigde partijen, een jaar bovendien waarin -voor het eerst sinds 400 jaar- in Nederland weer een politieke moord plaatsvond, en nog wel op een beoogd premier. 
Het jaar 2003 zal wederom in het teken staan van de verkiezingen en wel voor de Tweede Kamer en voor de Provinciale Staten.
Voor de regeerbaarheid van ons land zullen de Tweede Kamer-verkiezingen van 22 januari a.s. van groot belang worden. Gezien het grote aantal tegengestelde belangen zal de vorming van een krachtdadige nieuwe regering naar het zich nu laat aanzien nagenoeg ommogelijk zijn, met alle gevolgen van dien voorwat betreft de stabiliteit van ons land. Ik hoop dat ik ongelijk krijg ! 

S.W.


Ontvangen

Van Lei Sassen uit Venlo mocht de heemkundevereniging een tweetal boek-werkjes ontvang, te weten:
– deel 1 van de serie Hoekstenen onzer volkskultuur, getiteld “De studie der Nederlandsche Streektalen”
– deel 2 van genoemde serie, getiteld “Vijftig Nederlandse Sprookjes”.
Lei, bedankt!

(Red.)



Marsna-penning voor Rinie Thijssen 

Op 26 oktober 2002 reikte loco-burgemeester Jo Dejong van Meerssen aan Rinie Thijssen (van de Spar) de Marsna-erepenning uit en dit vanwege haar bijzondere verdiensten voor de gemeenschap in Geulle en met name voor de Toneelvereniging Gäöl 62, waarvan zij al 40 jaar acterend lid is.
Rinie, namens de redactie van de Sjakel, van harte gefeliciteerd. 

(Red.)


Mededelingen van heemkundevereniging Gäöl

– Zoals bekend zijn de prijzen de afgelopen jaren sterk tot zeer sterk gestegen. Toch lukte het de heemkundevereniging ook afgelopen jaar om de prijs van de Sjakel gelijk te houden. Echter, wij zien ons nu ook genoodzaakt om voor 2003 de prijs te verhogen naar van € 8,17 naar € 9,-.
Dit betekent echter nog altijd dat u per Sjakel slechts € 0,75 betaalt. En hiervoor krijgt u iedere maand 8 tot 12 pagina’s Geulse historie!

– Op 27 december organiseert de heemkunde-vereniging vanaf 13.30 uur een middag voor iedereen die geinteresseerd is in archivering. Zoals bekend is de heemkundevereniging gestart met het digitaal opslaan en archiveren van alle archieven en genealogische data. 
Op deze middag zullen enkele leden van de heemkundevereniging met behulp van computers laten zien waar ze op dit gebied mee bezig zijn.

Gezien de omvang van het karwei is de heemkundevereniging naarstig op zoek naar personen die haar hiermee kunnen helpen. Geïnteresseerden, bij voorkeur in het bezit van een computer, kunnen op deze middag binnenlopen in het heemkundelokaal of contact opnemen met Arthur Sassen (tel. 046 – 4377 156), Lou van Kan (043 – 3646 690) of via email (heemkunde@geulle.com).



Eervolle vermelding Ton Vranken

Op de onlangs gehouden tentoonstelling in het kader van de Alphons Winters-prijs, heeft de uit Geulle afkomstige en in Elsloo woonachtige schilder/musicus Ton Vranken een eervolle vermelding gewonnen met zijn schilderij “mijn verwek- en geboorteplek”.
Het schilderij toont de Klinkenberg te Moorveld, bedekt met een flinke laag sneeuw.
Ton, van harte gefeliciteerd.

(red.)


En es de bok neet noa de geit geit…

Ook dit jaar is er weer een echte Geulse carnavalsschlager. Het lied werd wederom geschreven door Paul Lemmens en uitgevoerd door de Kluivers, want zo heten de voormalige Kluiverkes vanaf nu. 

Iedere Geullenaar wordt geacht deze tekst voor carnaval uit het hoofd te kunnen meezingen.

En es de bok neet noa de geit geit, dan geit de geit waal noa de bok,
Zit de bok neet in zien hok of steit de bok neet boave drop,
Dan sjprunk ‘er meistal boave drop, op ’t hok.
En es de bok neet noa de geit geit, dan geit de geit waal noa de bok,
Zit de bok neet in zien hok of steit de bok neet boave drop,
Dan sjprunk ‘er meistal boave drop.

Refrein: Geite: me, me, me,me,me,me enz……
Bok:be, be, be, ……….enz.

Ein geit geit met den optoch met, ze vunk ‘t waal get vreim
Wat moos ste zonger bok noe doon, met de kleintjes achterein,
De bok dei hingk aan ‘t bufet, dei weilt neet mer her met,
De geit zeuk noe ein anger geit, ‘t is mich toch zwa ein leid.

En es de bok neet noa de geit geit, dan geit de geit waal noa de bok,
Zit de bok neet in zien hok of steit de bok neet boave drop,
Dan sjprunk ‘er meistal boave drop, op ‘t hok
En es de bok neet noa de geit geit, dan geit de geit waal noa de bok,
Zit de bok neet in zien hok of steit de bok neet boave drop,
Dan sjprunk ‘er meistal boave drop.

Refrein 

Die zelfde geit lop door ‘t dorp, de bok is neet de bie,
Ze heit zich de bie neer gelach, ze kik dus gaar neet blie,
De bok dei hingk aan ‘t bufet,dei wilt toch gaar neet met,
Ze dans noe met ein anger geit, ‘t is mich toch ein leid.

En es de bok neet noa de geit geit, dan geit de geit waal noa de bok,
Zit de bok neet in zien hok of steit de bok neet boave drop,
Dan sjprunk ‘er meistal boave drop, op ‘t hok
En es de bok neet noa de geit geit, dan geit de geit waal noa de bok,
Zit de bok neet in zien hok of steit de bok neet boave drop,
Dan sjprunk ‘er meistal boave drop.

Refrein


De Sjakel

November 2002

Geulle in vroeger tijden.
50. Een bijzonder muzikaal treffen.

Dit is de vijftigste aflevering van de serie “Geulle in de vroeger tijden”. Daarom heb ik dit keer gekozen voor een “feestelijk” onderwerp. En bij een feest hoort muziek. Zoals uit de titel volgt gaat het over een bijzonder muzikaal treffen. Dit speelde zich af aan het einde van de 19e eeuw. Waarschijnlijk was het kort voor de oprichting van Sint Cecilia. Dit muziekgezelschap werd in ons dorp in 1894 als fanfare opgericht. In Elsloo bestond toen al een fanfare, maar deze zou roemloos in de strijd ten onder gaan zoals hierna zal blijken.
Vroeger kon de rivaliteit tussen buurdorpen hoog oplaaien. Zo ook tussen Geulle en Elsloo. Voor de Geullenaren was het moeilijk te verteren dat die van Elsloo al een fanfare hadden en zij zelf nog niet. De muzikanten van Elsloo deden niets liever dan dat feit bij onze vroegere dorpsbewoners goed in te peperen. Daarom marcheerden zij op een mooie zondagmiddag onder vrolijke muziekklanken naar Geulle aan de Maas. Daar gingen ze in de herberg van Sjang van den Akker een lekkere pint drinken om hun dorstig geworden kelen te smeren. Deze herberg lag bij de oude kerk in Geulle aan de Maas. Er zaten daar ook enkele Geullenaren. Al gauw werden door de muzikanten uit Elsloo schampere opmerkingen gemaakt over het muzikale onvermogen van onze vroegere dorpsbewoners. Dit “vreigelen” leidde al snel tot een knokpartij, waarna die van Elsloo wijselijk naar hun eigen grondgebied vertrokken. De volgende zondag was het op dezelfde plaats weer prijs. Enkele Geullenaren liepen rake klappen op. Een loerjager (stroper) uit Geulle aan de Maas zei dat het nu afgelopen moest zijn.
De zondag daarna hadden de muzikanten uit Elsloo de euvele moed om zich in vol ornaat – blauwe kiel en witte kniebroek – op Geuls grondgebied te wagen. Uiteraard wilden zij hun dorstige kelen weer op dezelfde plaats met gerstenat laven. Nu waren er meer Geullenaren aanwezig, maar de loerjager was er niet. Het vreigelen ging al snel over in hardhandiger zaken, waarna de muzikanten uit ons buurtdorp de aftocht wilden blazen. Onder pittige marsmuziek dachten zij af te marcheren. Dat pittige kwam wel in orde, maar op een andere manier dan zij hadden gedacht. Op de Kommelderweg, gelegen tussen de Sint Martinuskerk en de huidige kanaaldijk werden zij opgewacht door een groep heethoofdige Geullenaren. De loerjager had zich daar achter een dikke lindeboom verstopt met zijn flint (stropersgeweer). Nu voltrok zich een heftige broederstrijd tussen die van Geulle en Elsloo. Al snel sneuvelde menig muziekinstrument. Men kan dit ook beter niet als slagwapen gebruiken! Plotseling klonk een geweerschot en toen nog een. De muzikanten van Elsloo vluchtten in paniek naar hun thuishaven. Onze vroegere dorpsbewoners bleven juichend op het slagveld achter en vierden deze historische overwinning met het nodige bier. Dit bijzondere muzikale treffen leidde tot de roemloze ondergang van de eerste fanfare van Elsloo omdat een groot deel van de dure muziekinstrumenten in de heftige broederstrijd gesneuveld was. 
Toen in 1938 aan de Kommelderweg gebouwd werd vond men nog onderdelen van muziekinstrumenten! Dit voor de bewoners van Elsloo fatale muzikale treffen had tot gevolg dat het voorlopig voor een Geulse jongeling levensgevaarlijk was om met een meisje van Elsloo verkering te zoeken.
Maar de muzikale eer was gewroken en die van Elsloo zongen daarna in Geulle een toontje lager.

Archie Varis

Bron: 
1. De Wegwijzer 15-9-1988, 1 (A. Peters S.G.M. / Archief J. Voncken)
2. Geulle dorp aan de Maas, 164 (J. Thijssen, 1993)


Peilmerkstenen.

In de vorige uitgave van de Sjakel heeft u de ontstaansgeschiedenis van het Normaal Amsterdams Peil kunnen lezen. In deze aflevering de vindplaatsen in Geulle van de hoogte-aanduidingen boven N.A.P.: de oude peilmerkstenen in de tunnels onder de spoorlijn van 150 jaar geleden en moderne bouten op een aantal met huisnummer aangeduide woningen/andere gebouwen. Door de spreiding van deze woningen over het dorp kunt U voor Uw eigen woongebied gemakkelijk de hoogte boven N.A.P. bij benadering bepalen. 

De oude peilmerkstenen.
In Geulle zijn de N.A.P.-markeringen, d.w.z. het aantal meters boven N.A.P., in de loop van de tweede helft van de negentiende eeuw aangebracht. Daarvoor heeft men toen gebruik gemaakt van de kunstwerken bij de aanleg van de spoorlijn (zeg: 1856 tot 1861). In de wanden van de duikers of de wanden van de viaducten werden de peilmerkstenen ingemetseld, voorzien van summiere letterduidingen “el dm”. Na het plaatsen van de steen werd de exacte hoogte van de peilmerksteen ingemeten en het aantal ellen (68cm.) en duimen (2.5cm.) erin gebeiteld (misschien wel geschilderd). Vorsend onderzoek bij Rijkswaterstaat heeft geen afdoend antwoord gegeven op de vraag waarom op één merksteen alleen de letters el en dm vermeld worden zonder cijfers. 
Vermoedelijk heeft men later vergeten of nagelaten de hoogte van de peilmerkstreep in te meten. Op een andere merksteen (bij de tunnel in de Slingersberg op de linker benedenwand) vermeldt de merksteen niet meer de oude maten el en duim maar de hoogte in meters/centimeters (56.84).
De overgang van oude maten naar het metrieke stelsel zal te maken hebben met de lange duur van de waterpassing. Vanaf rond 1820 rolt vanuit Amsterdam een netwerk van hoogtemetingen héél geleidelijk over Nederland. In Limburg vindt in 1939 de laatste ‘slag’ van nauwkeurigheids-waterpassing plaats. Het metrieke stelsel is dan al lang gemeengoed. Wellicht daardoor de aanduiding in meters/centimeters.

De lange duiker bij de Konijnsheuvel in het bosgebied richting Elsloo. Links in de wand is een peilmerksteen ingemetseld. Op de merksteen zijn nog de oude lengtematen aangegeven, maar niet ingevuld.

Van de oude, ooit ingemetselde peilmerk-stenen zijn er een aantal verdwenen, o.a. bij de renovatie van het viaduct aan de Poortweg in de jaren negentig van de vorige eeuw. Inmiddels zijn ook enkele duikers in het Bunderbos gedicht (een korte, lage tunnel nabij de overweg in het vroegere Leukdervoetpad; een duiker 200 meter noordelijk van de overweg in de Dennenberg, Bunde). Mij is niet bekend of daar een hoogteduiding boven N.A.P. op aangebracht was. 
Het priegelwerk van hoogtemetingen wordt gedaan door de Meetkundige Dienst van de Rijkswaterstaat. 

Huidige merktekens.
In de loop der jaren heeft de Meetkundige Dienst een heel nieuw netwerk van merktekens over Nederland ontwikkeld. De peilmerken worden voornamelijk op huizen of gebouwen aangebracht (bij ontbreken daarvan ook op: sluizen, bruggen, hoogspanningen e.d.). Voordeel van huizen en gebouwen is dat zij door straatnummering gemakkelijk te vinden zijn. Als peilmerk wordt gebruikt een bout; de N.A.P.-hoogte is de bovenkant van de bout. De bouten zijn van verschillend type (rond, vierkant, zeshoekig enz. al naar gelang hun betekenis). Ook in Geulle zijn de oude kunstwerken (viaducten, duikers) vervangen door huizen. Merktekens treft men aan op de volgende panden met daarachter vermeld de hoogte boven N.A.P.:

– Oostbroek 11: NAP 43,73 m
– Hulserstraat 72: NAP 47,29 m
– Past. Stassenstr. 10: NAP 50,11 m
– Hussenbergstr. 30: NAP 107,57 m
– Heerenstraat 81: NAP 105,66 m (kerk Waalsen).
– Aëroclub Zd. Limburg: NAP 115,23 m

Het overzicht laat zien hoe de hoogte geleidelijk aan oploopt. In Geulle-beneden komt men niet veel verder dan 50 meter boven NAP. De meetpunten aan de Hussenberg- en Heerenstraat geven duidelijk aan dat men ‘op de berg’ zit. Het meetpunt Aëroclub (ligt rechts van de verkeerstoren) bevestigt wat iedere fietser voelt: de weg oogt vlak maar loopt vanuit Moorveld of Beek richting vliegveld flauw omhoog als een vals plat. 
Er bestaan, verspreid over Nederland, ongeveer 50.000 peilmerken. Deze zijn vastgelegd in een uitgave van de Meetkundige Dienst van de Rijkswaterstaat. Ieder peilmerk wordt beschreven aan de hand van een 12-tal kenmerken zoals de coördinaten, een korte omschrijving (bijv. RKK Heerenstraat 81 -de kerk-), de windstreek van het muurvlak waarin de bout is aangebracht, het jaartal en de hoogte. Wat betreft de Heerenstraat: de N.A.P.-bout bevindt zich in de westelijke muur (straatzijde) van de kerk, vlak voor de hoek, ingang Moorveld. 

Praktische betekenis van het N.A.P. 
Bij alle bouwkundige en waterstaatkundige werken wordt ‘afgestemd’ op het N.A.P. en wordt de hoogte t.o.v. de nabije peilmerken exact vastgesteld. Het belang ervan blijkt uit het aantal peilmerktekens dat om en nabij de 50.000 bedraagt.

Historische betekenis.
Het N.A.P. is begonnen als een beveiliging tegen hoge waterstanden. Als zodanig heeft het zich in Nederland ontwikkeld tot een uniek referentiepunt met een net van meetpunten over heel Nederland. Ook in ons omringende landen heeft men dergelijke systemen ontwikkeld welke gekoppeld en afgestemd zijn op het Nederlandse N.A.P. Bij verschillende internationale conferenties (o.a. Florence 1955) is het N.A.P. als uniek ijkpunt voor heel Europa geaccepteerd. In zoverre is het N.A.P.-merkteken onder de Dam even beroemd als de standaardmeter van 100 cm die bewaard wordt in de Franse stad Sèvres. Met één verschil: in Amsterdam let men ook op de centimeters; niet uit Hollandse zuinigheid maar vanwege de paar centimeters die het verschil maken tussen bescherming of dijkdoorbraak.

Paul Notten


Politie Varia

  • Op 28 september werd een personenauto op de Broekveldweg op de parkeerplaats van de Visvijver bekrast. Twee lichte krassen.
  • Op woensdag 9 oktober vond er een aanrijding plaats op de Markt bij het oprijden van het marktplein. Er ontstond lichte schade.
  • In de nacht van vrijdag 18 oktober werd een bestuurder van een bromfiets gecontroleerd welke de Moorveldsberg nogal slingerend naar boven reed. Bestuurder bleek te hebben gedronken. 
  • Op vrijdag 18 oktober werd op het fietspad van Oostbroek een meisje aangesproken door een onbekende man. Deze overhandigde het meisje een brief met seksistische uitlatingen in vertel- vorm, waarna hij weer wegreed.
  • Op maandag 21 oktober werd op de parkeerplaats aan de Andreas Sauerlaan een gestolen aanhangwagen teruggevonden.
  • Tussen zaterdag 26 oktober en zondag 27 oktober werden vanaf een personenauto, welke stond geparkeerd op de Hulserstraat twee Duitse kentekenplaten ontvreemd.
  • Tijdens de storm op zondag 27 oktober zou een boom zijn omgewaaid op de Essendijk. Deze zou op een auto zijn terecht gekomen, doch de boom is gevonden de auto niet.

Gevonden : n.v.t.
Verloren : n.v.t.

Brig. Giesen



Geulle 50 jaar geleden
November 1952

– De heer Willy Ramakers, wonende Snijdersberg 8, slaagde onlangs voor het diploma timmerman. Hij werd als vijftig- duizendste lid van de R.K. Bouwvakkersbond ingeschreven. Bij deze gelegenheid werd hij op 5 november j.l. door het hoofdbestuur van deze bond gehuldigd en werd hem als geschenk een kist met timmergereedschap aangeboden.

– op zondag 23 november overleed op 77-jarige leeftijd in het klooster der Zusters van het Arme Kindje Jezus de Zeereerwaarde Heer H.M.J.N.H. Penders, rustend pastoor. De overledene was Geullenaar van geboorte en zag het levenslicht alhier op 13 april 1875 als zoon van de echtelieden Norbertus Fredericus Josephus Penders en Maria Hubertina Booymans. Hij werd op 3 mei 1900 tot priester gewijd.

– Op 6 november had onder grote belangstelling de begrafenis plaats van J.H. Dekkers, in leven voorzitter van de Boerenleenbank. Hij was een der oprichters. Hij was meer dan 25 jaar bestuurslid van het Groene Kruis en ook lid van het Burgerlijk Armbestuur.
De overledene was medeoprichter van de Heemkundevereniging.

– Uit de raadsvergadering van 4 november 1952.
Raadslid Muytjens wenst nader geinformeerd te worden omtrent de geruchten over de afsluiting van de spoorwegovergang nabij de halte. De voorzitter deelt mede, dat, indien tot sluiting van de bestaande weg voor het rijverkeer wordt overgegaan, in een overeenkomst wordt vastgelegd dat deze overweg nimmer onbewaakt mag worden. De spoorwegovergang moet in ieder geval voor rijwielen en voetgangers open blijven.

Hein Peters


Brieven van Pieke junior uit de Piemelenhoek.

Hallo, beste mensen, hier weer een brief van jullie Pieke. De Noonk vraagt zich weleens af hoe of ik toch die brieven aan jullie altijd zo vol krijg, maar dat dank je de kuikuik, het is altijd wel allegatie in het dorp en daar kan ik dan over schrijven en ik denk dat ik nog niet eens de helft met krijg van wat er allemaal gebeurt, want als de lui mij zien denken ze, daar heb je Peike en nou moeten we oppassen, want anders staan wij seffens ook nog in de Sjakel, maar laat ze zich maar verschuilen, ik zeg maar zo, al is het gebeuren nog zo snel, Pieke en de Sjakel achterhalen het wel.Letst heeft het heel hard gewaaid en geregend en er waren heel get bomen omgegaan en takken afgewaaid en de kanjel van het kapelke aan de kerk hing ook op half zeven en de harmonie was op concours geweest en die hadden ook prijs gehad en ze hebben zich een flinke drop gedronken en de Noonk hoopt dat ze een goede reseptie gehad hebben, want die hebben ze wel nodig omdat ze een hoop geld moeten betalen omdat ze een hoop grond van onder hunne zaal niet goed zuiver gemaakt en opgeruimd zouwe hebbe, maar ja, daar is een harmonie ook niet voor, die moeten muziek maken, en niet in den hof dabbele, zegt de Noonk altijd, en hij vraagt zich af hoe of het kan dat de grond daar zo onnut is en Nikkela weet het ook niet, zegt hij, want die heeft zelfs een advertensie in de Geulbode gezet, dat hij gaaruits niks demee te maken had. En Harie die komt dekser in die buurt en die heeft gezien dat de grond daar op den Hessendijk niet zo goed is, want daar is op een plaats al voor de vierde keer of zo een boom kepot gegaan en dat komt niet van de wind zegt hij en toch is het vreemd, want het gras daar groeit wel goed. 

En de Noonk was laats naar de kerk gewees onder in Geul en daar liep ene te controleren of de geluidinstellatie wel goed ingesteld was, dat de lui tenminste konden horen naar wat er allemaal gezegd werd en de Noonk vindt dat een beetje raar, zegt hij, want vroeger hadden ze daar een preekstoel en die hing aan een pilaar en als de pastoor toen daar vanaf donderde, dan hoorde je wel degelijk wat hij zei, zegt hij, dat was offent je de oren en de pungel tegelijk gewassen kreeg en hadde ze die stoel maar laten hangen, dan was al dat geonderzoek nou niet nodig. En als we het toch over de kerk hebben, daar wordt het tijd dat ze eens get olie op de sjorseneren van de deuren doen, dan piepen die niet zo als ter ene wat later komt of hem wat vroeger der tussenuit klipseert en dan kunnen ze ook de winkel van Ria van Jacobs misschiens weer openmaken, dan kunnen de lui van Geul zich daar hoesbabbelare halen, want als je hoort wie de lui van Geul keutse, zijn die niet echt gezond, dus daar is wat te verdienen. En nou moeten die van de gemeente op den Hessendijk maar weer een nieuwe boom zetten en wat goeie mes draan doen, dat hij ook aangaat en misschiens kunnen ze zich wel mellen bij die groentefruitman van op de berreg, want die weet tenminste hoe je van niets een hele hoop maakt en misschiens kan die dan ook devoor zorgen dat er weer eens een van Geul wethouder wordt, dan komt misschien de belasting op een beter peil, want nou moeten we weer tralies betalen voor op de drekbakken, die langs de straat staan, omdat de lui steeds meer rotsooi daarin duwen omdat ze van die duur rooi zakken afwillen, offent groen of blauw of grijze zakke beter zijn. En als die groentefruitman bij zich in de buurt gene vindt, die goed genoeg is voor vethouder te worden, dan kan hij het misschiens zelfs wel worden, en van baan ruilen met die oude vethouder in Meerssen, die zich nou misschien gaat omscholen tot groentefruitman. 

Dat schijnt zo goed te verdienen en hij voor de rest toch schijns niks te doen heeft. En met die tralies op die drekbakken, zegt de Noonk, is het net hetzelfde wie met de raad: wie eenmaal derin zit, wil der niet meer uit, en wie der uit is, die wil der weer in.
En de Noonk heeft me nog gezegd, dat ik jullie moet schrijven dat net wie in Meerssen ook in Geul de vooruitgang niet tegen te houden is, dus is nou het oud huis van Dekrau aan de Maas ook gesloopt en daar komt een nieuw huis en het gaat de Noonk altijd aan de prei als zo’n oud moment tegen de grond moet, maar ja, dan gaat hij weer eens langs Els en dan komt hij weer schokkelentere hevers en als dan de dag derna de luch weer geklaard is, kan hij der weer even tegen en dan gaat hij weer op inspectie door Geul en dan komt de volgende Sjakel ook weer vol, nou, jullie moeten de groenten hebben van mij, Pieke junior dus en ook van de Noonk.


Sinterklaos in de sjwoil.

Veur väöl kènger isten tied van Sinterklaos eine spannende tied. Dat waor vreuger nog erger. In de sjwoil liërde veer versjillende leedsjes. Dat begôsj al in de iëste klas. En eeder jaor kaome ters ö paar debie. En die leedsjes woore ouch saoves este weint um öt hoes raosde, gezônge. Oette gèzèt woore de Sinterkläöskes gesneeje en in ei segaarekiske bei ei gehauwe.
En opte grwoite borde sting in eeder klas waal ön teikening van Sinterklaos en Zwarte Piet, van de stoumbwoit of öt paerd van Sinterklaos. De sjrikdes dich kepôt es in ins önne helle slaag opte roet gehauwe woor door ön hand in ön zwarte heisj. Ö paar daag later vôngste smörges este binne kaoms ö paar apeneutsjes , ö paeperkookemenneke of ö paar babbelaere.
En esset Sinterklaos waor dan waor öt gans stil in alle klasse. Dan waor geine meister en gei keint te zeen . Dan waor öt önne heiligen daag en dan hoofdeste neet nao de sjwoil. Veer maogde dan bie ôs blieve en dao Sinterklaos viere. Dat gebäörde mèt väöl leedsjes, klein kedookes en dèk väöl geénsjel. Zeker es önne angere get gekreege hauw watste zellef gaer wols höbbe. Ester dan geruild woor dan kaom dèks ruzie. En saoves waor de mooder blie este bagke in bèd laoge. Later verangerde dat.
Wie veer in öt dörrep ö nuu patternaat kreege ginge veer mètte ganse sjwoil in ön lang persesse door de Lei, de brök euver, nao Hölse. En es veer in öt patternaat good en väöl gezônge hauwe, dan kaom Sinterklaas mèt zinne lange baard, zinne gouwe staaf en zin Piete nao binne. Hae ging dan opte buun zitte en keek kentent nao de jeug van Gäöl. En este de toespraake van de pestwoir en öt hoof van de sjwoil veurbie waore, ging Sinterklaos de trappen aaf um te kieke nao ö paar teneelstökskes en te loestere nao nuu Sinterklaosleedsjes. Dat vônge veer geweldig. En estat allemaol aafgeloupe waor ging Sinterklaos weer truk opte buun en kreeg hae van önne Zwarte Piet ö grwoit dik book. En dan waor öt moesstil in öt patternaat. Dan woor öt spannend. Dan woore naame veur gelaeze van kènger die good hun bès gedaon hauwe. Ouch de naame van vlaegele die van alles aangevange hauwe, of die altied väöl ruzie maakde, of die vlookde wie önne ketter, die in de kèrrek zaote te kletse, die zelfs gezag hauwe dat Sinterklaos neet bestông. Aan de Zwarte Piet mètte zak kôsjte zeen dat tat hiël erg waor. Dae rammelde mèt zin roe en driëjde mèt zien ouge nog erger este meister van de zèsde klas dae noe Sinterklaos speelde. De jônges van die klas hauwe dat netuurlik allang in de gaate méh die moosjte hunne mônd hauwe um öt fiës neet de bederve. En dat deege ze ouch neet. Want in de liëger klasse gluifde eederei heilig en vas in Sinterklaos. En dae twiefelde zouw op deezen daag opnuu gaon gluive tatter snachs euver de daake reej um alle sjoon en klômpe te völle mèt allerlei lekkers, woi de kènger zwoi blie mèt waore.
Vreuger waore die neet zwoi slum wie allewiel. Um pedagogisch reeje weurt hun dat stökske gelouf ouch nog aafgenômme veurdat Sinterklaos in de iëste klas zich liët kieke. Mèn maog klein kènger toch niks wies maake en zeker neet bang maake. En gluive deit allewiel toch neemes mië. 

Mar/B


20e Kerstwandeltocht

Op 26 december organiseert buurtvereiniging Oostbroek veur d’n twintigste kjèr de wandeltoch op twjède kersjdaag.
Gesjtart weurd vanoet Café zaal ’t Heukske aan de Hulserstroat in Gäöl. Ger kent keze oet vief versjillende aafstande.
Veur de aafstande 5, 10 en 15 km kent geer vertrekke tûsje 8.00 en 15.00 oer. Veur de aafstande 20 en 25 km kent geer vertrekke tûsje 8.00 en 13.00 oer. De insjriefkoste bedrage € 1,- per persoon, waveur ger ein prachtig, door piele oetgezat parcours krieg aangeboaje door Gäöl en umgeving.
Es herinnering ontvunk edere deilnummer ein plekplètsje. Veer höbbe auch eine I.V.V. sjtempel.
Of öt noe raegent, hagelt, störmp of sjniet, het wandele geit bie os altied door.

Auch dit jaor kent geer weer geneete van de natuur en de landelijke umgaeving. Wandel mét en geneet van de natuur die Gäöl en umgaeving uch te beje haet.
Veur mjèr informatie kent geer belle met nummer 043 – 3652061 of kiek op het internet op www.geulle.com veur informatie euver Gäöl. Veur de wandeling kent geer dan kieke bie buurtvereiniging Oostbroek.



Aanvulling.

In deze Sjakel plaatsen we nogmaals een aanvulling op het artikel “De moderne tied aan de Maas…” in de Sjakel van juli 2002. 
Naar aanleiding van dit artikel en een rectificatie hierop in de Sjakel van oktober, liet Rudy Pasmans ons het volgende weten met betrekking tot de cardanfiets van Tieske Pluis:

– De fiets was in België te koop
– Met deze fiets kon men in Geulle niet veel beginnen, omdat de fiets niet geschikt was om bergop te rijden. Daar men op deze fiets minder kracht kon zetten dan op een fiets met ketting, vergde het zeer veel energie van de berijder.
– De fiets was na Ties Pluis niet in bezit van Willem Wijnen, maar van Willem Thijs.
Dit laatste was ons ook reeds door de heer Sjeng Maassen medegedeeld.

(red.)


Agenda van de heemkundevereniging

  • Op 19 december om 19.30 komt de dialectsectie bijeen in heemkundelokaal de “Gruffeldwois” in basisschool In het Riet aan de Hulserstraat;
  • Op 12 december om 19.30 uur is er werkavond in het heemkundelokaal;
  • Op 18 december van 13.30 tot 17.00 uur is er een werkmiddag in het heemkundelokaal;
  • Op 27 december organiseert de heemkunde-vereniging vanaf 13.30 uur een middag voor iedereen die geinteresseerd is in archivering. Zoals bekend is de heemkundevereniging gestart met het digitaal opslaan en archiveren van alle archieven en genealogische data. Op deze middag zullen enkele leden van de heemkundevereniging met behulp van computers laten zien waar ze op dit gebied mee bezig zijn. 
    Gezien de omvang van het karwei is de heemkundevereniging naarstig op zoek naar personen die haar hiermee kunnen helpen. Geinteresseerden, bij voorkeur in het bezit van een computer, kunnen op deze middag binnenlopen in het heemkundelokaal of contact opnemen met Arthur Sassen (tel. 046 – 4377 156), Lou van Kan (043 – 3646 690) of via email (heemkunde@geulle.com).

De Sjakel

Oktober 2002

Vijfenvijftig Jaar De Sjakel.

Het is deze maand precies vijfenvijftig jaar geleden dat in Geulle onder auspiciën van de afdeling Geulle van het Limburgs Thuisfront het eerste nummer verscheen van een nieuwsblad, dat bedoeld was om te dienen als een schakel, in de kop van het blad uitgebeeld in de vorm van een brug . Een schakel tussen de Geulse jongens, die in het toenmalige Nederlands-Indië, het huidige Indonesië, hun plicht vervulden en onder de politieke constellatie van toen voor orde, gezag en rust moesten zorgen, en hun in Geulle achtergebleven familieleden, meisjes, vrienden en bekenden. Het blad kreeg de titel “De Sjakel”.

De Sjakel die maandelijks verscheen, was zo’n succes, dat met de uitgifte ervan werd doorgegaan, ook nadat ons land zich had teruggetrokken uit Indonesië, de militairen veilig naar huis waren teruggekeerd en het eerste doel van De Sjakel eigenlijk was komen te vervallen. Vanaf dat moment werd De Sjakel uitgegeven door de Heemkundevereniging Gäöl. Zonder de overige redactieleden tekort te doen, mag zeker de naam van Sjef Thijssen niet onvermeld blijven. Hij was het die jarenlang De Sjakel welhaast van A tot Z verzorgde. In die tijd groeide het aantal abonnees van ruim 200 toen tot ruim 700 (!) nu. 

Nadat Sjef er na 50 jaar noodgedwongen mee moest stoppen, was het voor de achterblijvers zaak zijn levenswerk voort te zetten. En dus wijdt ook nu nog een aantal mensen een deel van hun vrije tijd aan De Sjakel, waardoor u, als abonnee en lezer, op de hoogte blijft van wat er in Geulle gebeurde, gebeurt en nog zal gebeuren. Op die manier hoopt de redactie er voor te kunnen zorgen, dat De Sjakel blijft wat hij al die jaren beoogde te zijn, een bindend element tussen allen die Geulle een warm hart toedragen, of ze nou in het dorp zelf of ver daarbuiten, in Elsloo bijvoorbeeld of zelfs in Australië wonen. Mede om die boodschap nog eens uit te dragen wordt deze editie van De Sjakel in Geulle huis aan huis bezorgd. Daarmee willen redactie en Heemkundevereniging ook diegenen die De Sjakel (nog) niet kennen in de gelegenheid stellen er kennis mee te maken en, na die eerste kennismaking, wellicht een abonnement te nemen. 
De redactie klopt zich zelf niet graag op de borst, dus heeft zij in deze Sjakel een aantal lezers aan het woord gelaten om op hun manier uit te leggen wat De Sjakel voor hen betekent. Een aantal verwijzingen naar de toekomst en herinneringen aan het verleden, in de vorm van afdrukken van oude artikeltjes, maken ook deze Sjakel, naar onze mening, weer zeer lezenswaardig.
Ons past dank aan onze trouwe lezers, correspondenten en adverteerders. Op naar de zestig jaar!!



Geulle in vroeger tijden.
49. De keurmeester en de schepenbank.

De keurmeester.
Bij elke schepenbank was een keurmeester aangesteld. Zo had de bank van de heerlijkheid Geulle ook een keurmeester. Voor zijn aanstelling moest deze ambtenaar voor de fiscaal een eed afleggen. (De fiscaal was de vertegenwoordiger van de heer van Geulle. Vaak was de functie van fiscaal gecombineerd met die van schout of rentmeester.) In het oud Hollands van toendertijd luidde het begin van de eed van de keurmeester: “Item daer ych gheordynert ben als tot eynen cuermeyster…..”. In het Nederlands van nu betekent dat: “Aangezien ik verordineerd ben tot keurmeester….”. 
De keurmeester keurde onder andere bier, zwart- en witbrood op gewicht, bederf en grootte, de maatbeker van de molenaar (ten behoeve van zijn maalloon), geperste olie en wijn.

De schepenbank (samenvatting)
Ons dorp is van 1493 (of nog eerder) tot 1795 bestuurd door een schepenbank. Hierin zaten een schout en zeven schepenen. Dezen vormden samen ook de plaatselijke rechtbank. De schout was een soort officier van justitie. Hij moest de schepenen instrueren, misdaden opsporen en vonnis wijzen. De schepenen waren rechters in civiele en criminele rechtszaken. Bij de schepenbank werd recht gesproken volgens de eeuwenoude vaste costuymen of rechtsgebruiken. De schout en schepenen werden benoemd door de heer van Geulle. Deze kwam vanaf 1644 uit de adellijke familie van Hoensbroeck. Ook konden de zogenaamde geërfden in de schepenbank zitting hebben. Deze geërfden hadden minstens 15 bunder grond in Geulle in eigendom. Minstens eenmaal per jaar moest er een vergadering van de schepenbank plaatsvinden.
De schepenen waren behalve rechters ook de bestuurders van Geulle van voor 1795. Zij kenden vele bevoegdheden zoals het bestuur van alle burgerlijke zaken, het zorgen voor politietoezicht, voor schoolonderwijs en voor de armen. Verder het regelen van grotere ruzies, het controleren van beken en rivieren en de zorg voor de akten van koop en verkoop en de akten van testamenten.
Naast de schout, schepenen, en eventuele geërfden hoorden bij de schepenbank:
– Dorpsmannen of borgemeesters: Dezen vertegenwoordigden de gewone inwoners. Meestal waren er een of twee bij de schepenbank aangesteld. Zij adviseerden de schepenen bij het bestuur van het dorp.
– Collecteurs, zij inden de gemeentelijke belastingen en de opgelegde boetes.
– Procureurs, dit waren gediplomeerde personen die als advocaat optraden.
– Secretarissen of griffiers, dit was steeds een van de schepenen die al het schrijfwerk voor zijn rekening nam.
– Gerichtsbodes, zij zorgden voor de dagvaardingen, de post, de aanplakkingen en het arresteren van verdachten.
– Keurmeesters, zij keurden alles wat gekeurd diende te worden.
– Veldbodes, dit waren veldwachters of politieagenten.
Als wij het vroegere gemeentebestuur met dit van tegenwoordig vergelijken zien wij grote verschillen. Vroeger was het gemeentebestuur in de schepenbank gecombineerd met de rechtspraak. De schepenen vertegenwoordig-den alleen de heersende klasse, terwijl de raadsleden van nu de belangen van alle inwoners behartigen. De schepenen hadden ook de zorg voor de belastingen en financiën. Dit hoort nu tot de taak van de wethouder van financiën of economische zaken. 
Ter herinnering aan de voormalige schepen-bank zijn in Geulle-boven op voorstel van de heemkundevereniging als straatnamen gekozen: Schepenstraat, Schoutstraat en Drossaertstraat. 

Archie Varis

Bron: 
1. Uit Geul’s verleden. (1926)
2. Martin Pfeifer, Stein. (2002)
3. Waar de brede stroom der Maas. Beknopte geschiedenis van Limburg. (1972)


Bij de 56e jaargang van de Sjakel I

Dat een blad na 55 jaar nog steeds van A tot Z gelezen wordt is een hartelijke felicitatie meer dan waard. Ik woon al meer dan 50 jaar buiten Geul, maar mijn belangstelling voor mijn geboortedorp is constant gebleven of mogelijk nog versterkt door de Sjakel. Na het overlijden van Sjef Thijssen vreesde ik voor de kwaliteit en zelfs voor het voortbestaan. Maar de Sjakel biedt nog steeds in velerlei opzichten interessante en leesbare artikelen. Een bijzonder compliment wil ik maken voor de brieven van Pieke. Om elke maand weer zo’n Huilandse brief vol humor te schrijven vraagt meer inspiratie en transpiratie dan de lezer zich kan voorstellen. 
De andere rubrieken wil ik daarmee niet te kort doen. Ook daar zitten vele uren werk achter. Elke keer als ik de gele enveloppe in de bus vind, begint mijn Geuls hart te kloppen, schuif ik de krant opzij en krijgt de Sjakel voorrang. En dan denk ik terug aan mijn jeugdvrienden van Geulle, dat prachtige dorp aan de Maas.
Hub Lemmens, Cadier en Keer.

Voor het nageslacht vastleggen.

Elders in deze Sjakel vindt u de “oplossing” van het raadsel “wie waren onze Boys in 1932?”. Elders in deze Sjakel vindt u ook wat kopietjes van teksten, die door de jaren heen in uw lijfblad zijn verschenen. Elders in deze Sjakel geeft ook Paul Notten, daartoe door ons uitgenodigd (of was het: uitgedaagd?), zijn mening over wat in een heemkundeblad wel en vooral ook niet thuis hoort. Over die vraag zullen we in de toekomst nog te spreken komen, wanneer we het hebben over de ontwikkeling van De Sjakel. Feit blijft dat wij hulp nodig hebben. Hulp enerzijds bij het iedere maand weer vullen van De Sjakel met lezens- en wetenswaardigheden over heden, verleden en toekomst van ons dorp. Daartoe zijn mensen nodig die iets te zeggen hebben en kunnen schrijven. Denkt u van u zelf dat u wel iets te zeggen hebt, maar bent u bang om de pen ter hand te nemen, vreest niet, bel de redactie, zij staat u bij !! 
Om die Sjakels te vullen doen wij ook een beroep op de verenigingen in het dorp om hun nieuws in te (blijven) sturen. Het liefst hebben we dan natuurlijk, dat De Sjakel niet het zoveelste blad in de rij Kontakt, Geulbode, Maaspost etc. is, waar de lezer iedere keer hetzelfde artikel kan lezen, maar dat we originele teksten ontvangen. De vraag is al eens eerder aan alle verenigingen gericht, de oogst is echter niet om over in De Sjakel te schrijven….. .De redactie weet, dat De Sjakel niet meer het snelste medium is, maar: zij zorgt goed voor uw teksten en zij zorgt vooral ook dat zij in een heemkundige omgeving bewaard blijven. Bewaard blijven niet alleen op papier, maar met behulp van de alom aanwezige computer, ook digitaal. Wij hebben een internetsite, die inmiddels al zo’n 25.000 maal bezocht is en we zijn bezig met het digitaliseren van onze archieven. Als we daarmee toch bezig zijn is de stap niet groot om bijvoorbeeld alle jaargangen van De Sjakel op zogenaamde CD-roms te zetten. Voor alle ooit verschenen Sjakels samen zullen daar circa tien CD’s voor nodig zijn: u heeft dan de beschikking over zo’n 5.500 pagina’s tekst over Geulle, zijn inwoners en zijn geschiedenis. U kunt de originele bladzijde, waarop in de rubriek “Burgerlijke Stand” de aankondiging staat, dat u geboren bent, uitprinten en aan uw kleinkinderen laten zien, om maar eens iets te noemen!! Voor de kosten hoeven belangstellenden – en wij – het niet te laten. Of dit prille idee straks ook daadwerkelijk tot uitvoering komt, is echter in ieder geval afhankelijk van de hulp, die we daarbij krijgen. Alleen redden we het namelijk niet!! Heeft u interesse in heemkunde, schrijven óf dichten voor De Sjakel, digitaliseren van archieven (gemeentearchief voormalige gemeente Geulle, De Sjakel, foto-archieven Heemkundevereniging enz.) of is het nu net iets voor u om mee te werken aan een kroniek van Geulle, waarin alles beschreven staat, wat er ooit in dit dorp aan de Maas is gebeurd, dan kunt u zich melden bij de secretaris van de Heemkundevereniging (zie colofon) of binnenlopen op een van de werk-avonden of – middagen, die telkens in de Sjakel worden aangekondigd en in het Vereniginglokaal “De Gruffeldwois” bij basisschool “In ’t Riet”aan de Hulserstraat plaatsvinden. Mailen mag natuurlijk ook.
Wij rekenen op u !!!



Voor de statistieken

In onze geautomatiseerde genealogie-bestanden hebben we inmiddels zo’n 6.000 personen opgenomen, die in Geulle geboren, gehuwd en/of overleden zijn. Het leuke daarbij is, dat we met een druk op de knop, jawel, van ieder persoon een stamboom of een kwartierstaat kunnen maken. Wat getallen? Gerardus Thijssen, geboren rond 1615 heeft tot op de dag van vandaag, voor zover wij tot nu toe achterhaald hebben, 565 mannelijke en vrouwelijke nakomelingen, Graadje Tilmans, die heeft er 456 en Leonardus Bours zelfs 638. Van andere Geullenaren hebben we enkele honderden voorouders kunnen ontdekken.
Zit u er ook bij? Bent u nu wel of niet familie van die buurman, die zijn familienaam met een K schrijft, terwijl u, de goede tak van de familie, dat toch al jaren met C doet ? Of bent u een afstammeling van die meneer, die triest aan zijn einde komt, omdat hij, aldus het overlijdensregister van de kerk stikt, doordat hij bedolven wordt onder het instortend keldergewelf van zijn huis? Een grote kans dat u het bij ons vindt. Interesse ? U weet nu waar u zich kunt melden !!



Meer weten van De Sjakel.

Deze Sjakel wordt zoals gezegd bij alle gezinnen in Geulle bezorgd vanwege het feit, dat de 55e jaargang voltooid is en we een begin maken met de 56e. Wilt u meer weten of abonnee worden, dan kunt u zich melden bij de secretaris van de Heemkunde-vereniging. De kosten zijn € 6,81 per jaar, waarbij we volledigheidshalve opmerken, dat een kleine prijsstijging voor het jaar 2003 in verband met de sterk gestegen drukkosten waarschijnlijk noodzakelijk zal zijn.
Wilt u eerst nog wat meer zien van De Sjakel? Surf naar www.geulle.com, kijk onder “heemkunde” en kies vervolgens een Sjakel. Daar ziet u de Sjakels van de afgelopen jaren, zij het met een vertraging van ongeveer een jaar. Wilt u wat recentere Sjakels zien, bent u digibeet of toch meer een papier-type, meldt u dan bij de secretaris of mail ons. Wij zorgen dan voor een setje van drie Sjakels, die u gezellig thuis kunt lezen, voordat u –naar wij hopen- een abonnement neemt.


Peilmerkstenen.

In deze en de volgende Sjakel treft u een tweetal artikelen over peilmerkstenen aan. Peilmerkstenen zijn in de tunnels onder de spoorlijn ingemetselde stenen waarop de hoogte boven Normaal Amsterdams Peil wordt aangegeven. In deze uitgave van de Sjakel de geschiedenis over het ontstaan van het Normaal Amsterdams Peil en de wijze waarop dit markeerpunt vanaf de zeventiende eeuw geleidelijk aan over Nederland (en later heel Europa) is uitgewaaierd. 

Peilmerkstenen
Onder de spoorlijn die door ons dorp loopt, bevinden zich enkele viaducten voor het verkeer en uitgemetselde tunnels (duikers), waardoor het bron- en regenwater van de hellingen wordt afgevoerd. Viaducten liggen beneden in de Moorvelds- en Slingersberg; de duikers liggen in het bos richting Elsloo (400 m. noordwaarts vanaf de parkeerplaats in de Slingersberg) en in het Bunderbos (aan de achterzijde van camping De Boskant het bos in). Deze onderdoorgangen (waarmee we gemakshalve zowel de viaducten als de duikers bedoelen) zijn stevig gebouwd om de grondmassa van de spoordijk op zijn plaats te houden. In de hoge keermuren zijn soms stenen ingemetseld die bekend zijn als peilmerkstenen. Op deze merkstenen staat soms een begrijpelijke tekst (bijv. 56.84 m. boven NAP), soms een raadselachtig letterspel van el dm. Alle aanleiding om daar eens een klein onderzoekje naar te doen. Wat blijkt? Jo Westhovens uit de Pastoor Stassenstraat heeft hierover eerder navraag gedaan bij de Rijkswaterstaat. Uit de door hem verkregen gegevens de volgende samenvatting.

Amsterdams Peil.
Van oudsher is in het Noorden van ons land strijd geleverd tegen het water. Het grootste gedeelte van noordelijk Nederland ligt onder zeeniveau. In de strijd tegen het water werden vanaf de 11de en 12de eeuw allerlei oplossingen ontwikkeld zoals de aanleg van terpen en dijken. Ook was er behoefte aan kennis van de verschillende waterniveaus (eb, vloed, springvloed) om zicht te krijgen op afwijkende waterstanden. Dus ging men vanaf die tijd indachtig het spreekwoord ‘meten doet weten’, op een aantal door water bedreigde plaatsen in noordelijk Nederland de hoogtes in de plaatselijke waterstanden systematisch vastleggen. Dat gebeurde onder meer in Amsterdam, Dordrecht, Hattum en Harderwijk. De behoefte aan kennis van hoge waterstanden werd na rampspoeden zoals de Allerheiligenvloed (1570) alleen maar groter. Daartoe heeft men tussen 1 september 1683 en 1 september 1684 aan de Haarlemmersluis in het Amsterdamse IJ de hoogten van eb en vloed gemeten. Dat was het begin van het NAP, het Normaal Amsterdams Peil als de gemiddelde hoogte van een normale vloed te Amsterdam (soms leest men voor de N wel eens: Nieuw AP; dat is niet correct). Het berekende peil werd op 8 sluizen in Amsterdam aangetekend. Aanvankelijk waren er naast Amsterdam Peil nog zeker 4 andere peilpunten in gebruik waaronder Delflands Peil en Rotte Peil in Rotterdam met als nadeel: de peilpunten waren onderling niet op elkaar afgestemd. Eerst tijdens de Bataafse en Franse tijd rond 1800 wordt de systematische verspreiding van het Amsterdams Peil ter hand genomen. Tijdens de regering van koning Willem I (1814-1840), onze koning-koopman, wordt het AP bij Koninklijk Besluit van 1818 als algemeen vergelijkingsvlak voorgeschreven. 

Het NAP als peilpunt.
In de negentiende eeuw is geleidelijk aan een netwerk van hoogtepunten, afgestemd op het NAP, over heel Nederland aangebracht. Dat gebeurde door middel van de zogenaamde nauwkeurigheidswaterpassing; ook wel genoemde de doorgaande waterpassing. Dit laatste begrip geeft taalkundig duidelijk aan wat er gebeurt: het NAP wordt met behulp van waterpassen doorgeleid naar andere plekken in Nederland en geeft op die andere plaatsen aan het aantal meters/centimeters boven NAP. De hoogte-aanduiding moet bij voorkeur aangebracht worden op een stevige en stabiele plek. Dat wordt begrijpelijk indien men bedenkt dat in grote delen van noordelijk Nederland in de ondergrond een veenpakket aanwezig is. Dit pakket klinkt geleidelijk aan in. Gevolg: weliswaar geringe maar toch waarneembare bodemdaling. Daarom dan ook het uit de negentiende eeuw daterende voorschrift om de nauwkeurigheidswater-passing op gezette tijden te herhalen. 

Tot op heden zijn vier waterpassingen verricht. Bij de tweede waterpassing van 1926 tot 1940 was ir. Lely (later bekend van de afsluitdijk) als jong ingenieur betrokken. 

De markering van het NAP. 
Aanvankelijk werd het NAP in Amsterdam bovengronds gemarkeerd op (haven) gebouwen of sluizen. Met als ernstig bezwaar dat door inklinking van de veenbodem bij hermeting steeds weer kleine verschillen waren tussen de meetpunten. Om dit bezwaar te ondervangen heeft men bij de tweede waterpassing na 1920 betonnen palen geheid tot op de vaste diluviale ondergrond.

Als peilmerk voor het NAP fungeert thans een bronzen bout boven op zo’n paal, 75 centimeter onder maaiveld. Deze enige en echte NAP-paal bevindt zich in de ondergrond op de Dam en is herkenbaar aan vijf zwarte steentjes in het plaveisel voor het Koninklijk Paleis. Bij bezoek aan Amsterdam dus altijd even op zoek gaan naar de plek waar het NAP aangetekend is. 

De merksteen in de tunnel onder aan de Slingerberg. Mogelijk is de hoogte pas later ingebeiteld, nadat het metrieke stelsel hier was ingevoerd.

In de volgende aflevering de uitwerking van het Normaal Amsterdams Peil in Geulle. Als vindplaatsen: oude peilmerkstenen in de tunnels onder de spoorlijn van 150 jaar geleden en moderne bouten op een aantal met huisnummer aangeduide woningen/andere gebouwen.

Paul Notten


Bij de 56e jaargang van De Sjakel II

Moet de Sjakel sjakelen?
De geschiedenis van de Sjakel is bekend. Korte tijd fungeerde het blad als informatiebron van het thuisfront voor de in Indonesië verblijvende Geulse militairen tijdens de politionele acties in dat land. Na de souvereiniteitsoverdracht aan Indonesië hadden we in dat land niks meer te zoeken en konden ook onze Geulse militairen terugkeren. De Sjakel bleef bestaan en groeide uit tot een algemeen informatief heemkundeblad. De formule van heemkunde-berichtgeving werd ‘breed’ gehouden. Ook andere berichten uit de Geulse samenleving werden geaccepteerd, andere berichten zoals verslagen van de gemeenteraad, verenigingsnieuws, gegevens uit de burgelijke stand. Ook waren er licht kolderieke artikelen zoals van Sjefke uit de bekende Piemelenhoek.

De laatste jaren hoort men vanuit het ‘grote publiek’ nogal eens kritische opmerkingen over de Sjakel die ‘niet meer zou zijn wat hij was’. Dat kan zijn, maar levert verder niets op want deze externe adviseurs zeggen wel wat niet goed is maar ondernemen zelf geen actie. Gele kaart voor deze lieden. Wat dan wel? 
Onze Sjakel moet weer worden een breed georienteerd heemkundeblad. 
a. Daarin wél: leuke, informatieve artikelen over heemkundige onderwerpen (geschiedenis van het dorp, onderzoek naar de ouderdom van huizen, actuele lokale onderwerpen m.b.t. de Geulse mens, zijn heem, de Geulse taal, de verenigingen en het land).
b. Daarin niet: te specialistisch en ver gedetailleerde onderwerpen voor vakspecialisten zoals genealogische artikelen waarin een eindeloze opsomming van afstammelingen; ook geen politivaria meer (is algemene berichtgeving en hoort niet thuis in heemkundeblad, nog afgezien van de kwalijke psychologische invloed die van zo’n opsomming uitgaat).

Kort gezegd over de nieuwe Sjakel: informatief en lezenswaardig over gemelde onderwerpen, een en ander onder regie van een redactiecommissie die onze kreten (wensen) omvormt tot een redactiestatuut dat als richtsnoer dient voor de toekomstige schrijvende pers, gesteund en gecorrigeerd door een lezershoek waarin de abonnees hun gevoelens en opvattingen kwijt kunnen. Dus toch een beetje ‘sjakelen’ met de Sjakel.

Paul Notten, Moorveld



Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

Dag mense van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke. En het was hier in den hoek groot fees, want Wielie van Truke van Bolle en Pie van Lombok die hadde zich onderscheiden en de Noonk had zich een goeie derop gelucht, maar hij had toch geen goeie zin, want hij had zich lets lebbetig gemaakt over die van de gemeente, die uit hunne zomerslaap wakker zijn geworden om zich ondereen de vleu af te vangen, maar hij wilde nou dat hij dat niet gedaan had, zegt hij. Die van de raad, die zijn zich nu gewaar geworden, dat ze wat meer te verteren hebben met de extra-centen, die ze verdienen met bij die van de raad te zijn. En nou moet de riool daaraan aangepas worden, niet omdat het nog erger stinkt wie vroeger, maar omdat er meer dooraf moet en dat gaat de lui van Geul, maar gelukkig die van Meersse ook, over tien jaar bijna twee keer zoveel kosten dan nu en dat wordt wel 312 euro per jaar, zeggen die van de gezet. 

En de Noonk zegt tegen mij: Pieke, jong, schrijf dat nou maar eens in de Sjakel en dan kunnen de lui van Geul over tien jaar zich nog eens nalezen offent daar ook wat van waar geworden is, als ze tijd van leven hebben, want met dat geld wille die van de gemeente der ook voor zorgen dat het water niet meer bij de lui hun huizen de kelder in loopt en dat de stront niet meer door de putjes opkomt en dan zullen die van Hulse en die van de Hessendijk toch wel blij zijn, want die zijn de laatste maanden weer een paar keer goed gesopt. En dan kunnen ze wel zeggen : “Met die van Geul in de raad ben je niet geschaat “, zegt de Noonk, maar als ze der nog veel van die debij roepen, wordt het wel duur poepen en dat ze zich dat maar eens in hun sjielietesse steken, zegt hij! 

En de Noonk vraagt zich af of die van Geul wel genoeg zeggen in de raad voor het geld, wat ze devoor krijgen, behalve voor ja te zeggen als het ons weer meer cente moet gaan kosten, maar hij gaat zelf binnenkort eens op werkbezoek daar, zegt hij, en dan vertelt hij het mij en dan kan ik weer derover schrijven aan jullie, zegt hij, en dan komt de Sjakel ook weer lekker vol en die hebben eigenlijk ook feest om te vieren dat ze 55 jaar bestaan en dat is wel niet zo lang als die van de gemeente en misschiens zijn die van de redaksie ook wel niet slim of niet schoon genoeg voor in de raad debij te gaan zitten, maar als die de Sjakel over tien jaar bekans twee keer zo duur zouden maken alsdat hij nou is, dan zouden der niet veel meer lid devan zijn en dan gingen alle lui de Sjakel bij de snoaber lezen, sjus wie die van Teigededraod en van Stöbbes altijd bij ons doen, want je ziet ze de heel week niet, maar als Wielie van Jeu van Ansje de Sjakel bij ons in de bus duwt, of als ze Truia van Sjeng Bolle onder in Geul demet zien rondsjamateuren, staan ze zo op het geleeg en dat kost de Noonk deks ook nog een dröpke. Maar dat weten die van de gemeente ook wel, zegt de Noonk en het is nog altijd zo: De Sjakel kun je lezen, maar naar het huisje moet je, zegt hij en de Noonk gaat zich ook eens informeren bij Maastrich of Zittard of dat alles daar ook zo duur is, zegt hij, want anders moeten ze Geul maar eens herverdelen. 

Nou, ik wacht maar af en ik ga eens in de frituur kijken of de friete daar nog lekkerder zijn geworden, met die flinke nieuw schouw die ze zich daar derop gezet hebben en die is bijna zo hoog als die mas boven op de berg en dat zal ook wel moeten van die gemeente met van die verhinderwetgunningen en dan weet je weet wel, als het maar geld kos, niet. Allè, adië en de groete van mij, van Pieke dus.



Politie varia

  • In de nacht van woensdag 4 op donderdag 5 september werd getracht in te breken in een woning aan de Nachtegaalstraat. Alleen het slot van de garagepoort werd afgebroken. Er werd niets ontvreemd.
  • In dezelfde nacht werd door een bewoonster van de Schoutstraat gezien, dat er werd ingebroken in de auto van de over buurman. Ook werd door die mevrouw gezien, dat de dader meerdere auto’s bekeek. Uit de auto werd een cd-speler ontvreemd.
  • Op dinsdag 10 september tussen 14.10 uur en 19.30 uur werd een geparkeerd staande personenauto op de Hussenbergstraat aangereden door een vrachtauto, waarbij de vrachtauto doorreed.
  • In de nacht van vrijdag 13 op zaterdag 14 september werd een auto vernield, welke geparkeerd stond op de Pastoor Stassenstraat.
  • Op zondag 15 september omstreeks 14.50 uur werd melding gemaakt van het feit, dat enkele balen gemaaid gras in de brand stonden langs de Kanaalweg. Geblust door brandweer. Mogelijk aangestoken, hooibroei wordt ook niet uitgesloten.
  • Op maandag 16 september vond er op de Cruisboomstraat een vernieling van een voorruit plaats. Dader werd later aangehouden.
  • Op de Hulserstraat werd een bestuurster van een personenauto bekeurd voor onverantwoord rijgedrag. Zij had namelijk ingehaald op het moment dat er ook tegenliggers aankwamen.
  • Op donderdag 19 september vond er een aanrijding plaats op de Heirweg, waarbij de aanhanger van een passerende auto op onverklaarbare wijze los raakte en tegen een geparkeerd staande personenauto aanreed.
  • Op zaterdag 21 september vond er een aanrijding plaats op de hoek Drossaertstraat-Schepenstraat, waarbij een bestuurder van een personenauto bij het wegrijden tegen een passerende auto opreed. 
  • Op vrijdag 20 september vond een aanrijding met doorrijding plaats op de hoek van de Graaf Wolter Hoenstraat. Hierbij werd een verkeersbord omvergereden.

Brig. Giesen



Bij de 56e jaargang van De Sjakel III

Een mooie herfstdag, een beetje koud. Geulle ligt, ondanks alles, weer mooi te wezen. Ondanks alles? Toenemende onrust en spanning in de wereld door de blijkbaar eeuwig durende strijd tussen wereldmachten, godsdiensten en culturen. Een dreigende economische malaise na jaren van grote voorspoed, zo noemde men het toch. Een gemeente die twintig jaar na haar tot stand koming steeds meer de beperkingen van haar in de vaart der volkeren te kleine omvang en dito bestuurskracht ervaart. De ene vereniging maakt zich op om binnenkort weer de periodieke strijd aan te gaan, terwijl de andere vereniging kiest voor het (even?) niet meer meedoen in de race om eeuwigdurende roem, daarbij een onvermijdelijke degradatie voor lief nemend. Is uiteindelijk uitmuntend zoveel minder dan superieur?
‘ t Is oostenwind vandaag en het lawaai van autoweg en vliegveld dringt tot mijn schrijftafel door. Is uitbreiding van dat vliegveld niet mogelijk, dan gooien we er wat bedrijfsterreinen tegenaan. Maken de auto’s te veel lawaai, dan plaatsen we foeilelijke geluidsschermen. Kiezen voor “natuur”, groen en rust wordt zelfs niet overwogen! Tien jaar overlast van de Grensmaas, dan wel bij westenwind, en een verbreding van het kanaal liggen in het verschiet. En worden wij, wordt Geulle, wordt de wereld er zoveel beter van …..?
Geulle, ingeklemd tussen snelweg, (grens-) Maas, kanaal en spoorweg, vliegveld, industrie en bedrijventerreinen, tussen zich gaarne wereldstad of wereldse stad noemende over het paard getilde maar stilletjes oprukkende grote broers, hoelang nog, na 2002, tussen feit en fictie, tussen 55 en 60 jaargangen Sjakel ?

Van Waterval.



Bij de 56e jaargang van De Sjakel IV

De Sjakel.
Natuurlijk wil ik eerst de redactie feliciteren met het 55 jarig bestaan van “ De Sjakel” Waarom is de Sjakel belangrijk? De doelstelling van de Sjakel is -mijn inziens- ons allen bekend te maken met het verleden en het heden. Daarom lees ik de Sjakel graag, omdat hier het verleden van Geulle wordt vermeld, maar ook het heden. Dit staat heel dicht bij onze eigen beleving. Wij mensen zijn mensen met een geschiedenis, maar zeker ook een wil om er iets van te maken in het heden. Wat heeft volgens mij nu de Sjakel voor betekenis voor de gemeenschap van Geulle. Als je op de hoogte bent van je geschiedenis, dan kun je trots of verdrietig worden. Ik denk dat de Geullenaren best trots mogen zijn op hun geschiedenis. Dit zit dus goed. Omdat wij trots mogen zijn kan de geschiedenis van Geulle de gemeenschap verstevigen. Het is een aspect dat de Geullenaren met elkaar verbindt. Toch kijk ik met argwaan en angst naar de ontwikkeling die ook in Geulle toeslaat. 

Mensen worden individuen. Men kijkt niet verder dan de voordeur. Wat uiteindelijk de nekslag voor verenigingen kan betekenen. Het zou toch jammer zijn, als een gemeenschap als Geulle hieraan ten onder zou gaan. Geulle heeft twee mooie kerken waar het trots op mag zijn. Ook deze moeten in stand worden gehouden, door deze gemeenschap, deze moet er dan wel zijn. Laten wij met zijn allen ervoor waken dat onze gemeenschap blijft bestaan. Ik denk en daarmee wilde ik besluiten, dat de Sjakel hierin een heel belangrijke plaats heeft. Ik wens de redactie van de Sjakel heel veel succes in de toekomst.

Kapelaan R. Schols.



Geulle 50 jaar geleden……
Oktober 1952

– Het Geullerbos. Het prachtige Geullerbos, eigenaar de heer v.d. Hoff te Sittard, is overgegaan in handen van het Staatsbosbeheer. Er wordt vernomen dat deze laatste instantie een geheel nieuwe aanplant zal aanbrengen en een vaste voorwerker zal aanstellen. Van de aangekochte eigen-dommen, ruim 30 ha., ligt ruim 10 ha. onder Geulle, de overige onder de gemeente Bunde.

– Uitbreidingsplan “Snijdersberg”. Bij de Planologische Dienst te Maastricht is het plan Snijdersberg goedgekeurd, zodat binnenkort tot een definitieve vaststelling kan worden overgegaan. Zoals reeds bekend is voorziet dit plan in ca. 100 woningen.

– Naar verluidt ligt het in de bedoeling van de eerwaarde zusters alhier in Hussenberg tot nieuwbouw over te gaan voor een bejaardenhuis. Men heeft zich reeds in verbinding gesteld met betreffende instanties teneinde van het Departement van Wederopbouw de vereiste vergunning te verkrijgen.

– De “Sjakel” heeft het eerste lustrum bereikt. Maandelijks wordt het blad in een oplaag van 270 stuks gestencild en trouw iedere maand weer in de huisgezinnen bezorgd. De “Sjakel” dankt zijn abonnees voor hun steun.

Hein Peters



In de Heer zijn overleden:

  • 29 september 2002, op 96-jarige leeftijd, Leonardus Wilhelmus Kusters (Leike), weduwnaar van Maria Helena Reintjes, Avé Maria, voorheen Aan de Maas.
  • 7 oktober 2002, op 66-jarige leeftijd, Maria Hubertina (Thea) Kurvers, Graaf Wolter Hoenstraat;
  • 12 oktober 2002 in de leeftijd van 73 jaar Gerardus Jacobus Henricus Rutten, weduwnaar van Marie-Thérèse Theunissen, Broekhoven 8;
  • 16 oktober 2002 in de leeftijd van 95 jaar, Josephus Antonius Hubertus (Huub) Pluis, weduwnaar van Maria Elisabeth (Lies) Ghijsen, Avé Maria.


Uitbreiding basisschool in Waalsen

In de voorbije maanden is stevig gebouwd aan de uitbouw van de basisschool St. Jozef in Waalsen.
Op 14 september jl. werd het nieuwe gedeelte 
officieel geopend door de burgemeester van Meerssen, drs. G. Kockelkorn. De opening ging gepaard met een groot feest voor de kinderen en hun ouders.

S.W. 



Toneelvereniging “Gäöl 62” 40 jaar jong.

Dit jaar bestaat de Toneelvereniging Gäöl 62 precies 40 jaar.
En hoe kan dit jubileum beter worden gevierd dan met een prachtig toneelstuk, genaamd “Pikanterie”.
Uitvoeringen vinden plaats op 27 oktober, en 
op 2, 3, 9, 10, 16, 17 en 23 november in de Harmoniezaal aan de Essendijk, telkens om 20.00 uur. De entree bedraagt 4 euro p.p.
Rinie Thijssen maakt al 40 jaar deel uit van de “crew” en dat is een proficiat dubbel en dik waard.

S.W.



De kuure van de Maas.

Este op önne zoomeraovend langs de Maas zits en kiks nao de gouwe rendsjes opte zilvere gölfkes, dan kènste dich neet veurstèlle dat ze sôms zwoi vreisjelik tekiër kèn gaon. Meistal is tat in de herres of in de weinter, esset hiël hel geraegent haet -daag achterei- of es ön dikke laog snië in Frankriek of in de Ardenne begint te smèlte.

Mèt Kaesmès 1993 staon de gezètte vôl euver hwoig water in gans Limburg langste Maas.
Kompleet mèt fotoos van Borghaare, Ittere en Gäöl. Dan kènt me de Maas neet mië trök, zwoi breid, zwoi wild. Ö breid water dat veurbie raos en in zien vaart alles mètsleip wat neet errèg vas gezaete haet. Öt geit mèt ön vaart tatste mètte fiets neet kèns biehauwe. En eederei vraog zich aaf: woi kump dae massa water noe vandan? Neet van Mestreech, auch neet van Luuk, méh dèks al oet Noord- Frankriek. Ië öt bie ôs kump haet de Maas al ein hiël lang reis achter de rök. Op anger plaatse haet dan ouch al van alles onger water gestange en van al mèt genoome, geperbeert brögke um te duuje en de luu te versjrikke mèt häör vreisjelik geweld. En es oette wil reveere en bergbaeke van de Ardenne ouch nog massaas water aangeveurd weurt, dan is de Maas neet mië te hauwe es ze bie Eisde os land binne kump. Heugem is dan öt iëste aan de beurt en dan paes zich öt water met väöl geweld ônger de bäög van de Maasbrök in Mestreech door. En dan nao Haare en Ittere. Dao kènt ze zich ech loslaote. Dao is geienen diek um häör in bedwang te hauwe of te temme. Ze klats taenge de kant, ze broesj euver de straote, ze vluug euver velder en weije. En de luu kieke verwôndert-méh ouch mèt angs- nao dat geweld. Meistal is dat nao ö paar daag oetgeraos en kènt öt laeve in de Maasdörpe weer zunne gewone toemel gaon. Veural este rommel en rotzooij dae de Maas achtergelaote haet opgeruimp is, dan isset leid weer gauw vergaete.

Um de paar jaor kènste de Maas verwachte. De luu zagte vreuger: este Maas veur Allerheilige oetkump, dan kump ze dae weinter zeeve kiër de straot op. Noe isset neet zwoi errig; esse mér neet binnne in de hoezer kump, wie in 1926, 1993 en 1995. In 1926 kaom ze in de nuujaorsnach ôs verasje. Dat waor in 1882 en 1995 ouch gebäört. 

Mar/B


Willy Ramakers en Piet Kusters Koninklijk onderscheiden.

Op 5 oktober jl. reikte waarnemend burgemeester Jo Dejong tijdens de feestavond van Buurtvereniging Snijdersberg in “De Kollekamp” Koninklijke onderscheidingen (2x Lid in Orde van Oranje Nassau) uit aan Willy Ramakers en aan Piet Kusters vanwege hun grote verdiensten voor de vereniging en de Geulse samenleving. Willy is mede bestuurslid van de Heemkundevereniging Gäöl en sinds kort ook voorzitter van de Seniorenvereniging Waalsen.
De redactie wenst beide heren en hun wederzijdse familie van harte geluk met hun onderscheiding.

Red.


Ik ken ze nog.

Dat staat er boven de brief, die de redactie ontving naar aanleiding van de vraag in de vorige Sjakel, wie de voetballers en de overige personen op de foto van de Boys uit 1932 nog kende. Helaas is de brief niet ondertekend, dus kunnen we de toegezegde prijs niet uitreiken, maar, beste schrijver, u weet waar u zich moet melden.
Daar komen ze. Op de achterste rij van links naar rechts: Sjeng Raven, Hub. Dohmen, Jef. Philippens, Jeu Dohmen, Pie Smeets, Lowie Frissen, Sjeng Thijssen, Hub. Smeets, Leike Kusters, Hub Ketelslegers en Frans Simonis.
Geknield van links naar rechts: Servaas Dohmen, Lei Philippens, Albert Baenens, Clim Bergholtz. 
Zittend van links naar rechts : Jacques Dohmen, Guill. Simonis, Sjo Smeets, Hub. Troquete, Graadje Franssen, Hub. Lenaerts, Jean Simonis. Afwezig waren volgens onze schrijver: Math Peters en Leon Janssen.

Hij kent zelfs nog de opstelling van het eerste elftal uit die tijd:
Doel: H. Ketelslegers;
Achter: L. Frissen en M. Dohmen
Midden: H. Smeets, C.Bergholtz en G. Franssen.
Voor: A. Baenens, J. Smeets, M. Peters, L. Janssen, H. Lenaerts.
Reserves: J. Simonis, G. Ghijsen, S. Dohmen.

Waaruit maar weer blijkt, hoe belangrijk het is om het wel en wee van een dorp of een vereniging te volgen en tijdig de nodige gegevens, bijvoorbeeld in de Sjakel, vast te leggen.


Agenda van de Heemkundevereniging Gäöl

– donderdag 7 november om 19.30 uur: bijeenkomst dialectsectie;
– donderdag 14 november om 19.30 uur werkavond;
– woensdag 20 november van 13.30 tot 17.00 uur: werkmiddag;


Rectificatie

In de Sjakel van juli 2002 staat in het artikel “De moderne tied aan de Maas…” ten onrechte geschreven dat Willem Pluis de eerste fiets in Geulle had. Dit had moeten zijn Joannes Mathijs Pluis (Tieske Pluis), geb. 28 juni 1864. Hij was gehuwd met Maria Elisabeth Ramakers, geb. 18 september 1864. Uit dit huwelijk zijn geen kinderen geboren.
De genoemde fiets was een zeer aparte fiets. Deze had, in plaats van een ketting-aandrijving, een cardanaandrijving.
Willem Wijnen, gewoond hebbende op de Essendijk, had ook zo’n fiets. Vermoedelijk was deze afkomstig van Mathijs Pluis.


De Sjakel

September 2002

Geulle in vroeger tijden.
48. Het schepenbankzegel en het gemeente-wapen.

Tot de komst van de Fransen onder Napoleon in 1795 werd ons dorp eeuwenlang bestuurd door de schepenbank. Ook werd door deze bank recht gesproken. De schepenbank van Geulle had een eigen zegel. Het staat op een oude acte van 24 oktober 1675.

Dit bankzegel staat onder andere voor op het standaardwerk over de geschiedenis van Geulle: “Uit Geul’s verleden” van pastoor Kengen. Het bankzegel heeft een doorsnede van 4 cm. In het midden ziet men Sint Martinus zittende op een paard. In zijn rechterhand heeft hij een zwaard waarmee hij een stuk van zijn mantel afsnijdt, om dit aan een bedelaar te geven die achter het paard zit. Naast het hoofd van Sint Martinus is het blazoen of wapenschild van de adellijke familie Hoensbroeck afgebeeld. Het geheel wordt omcirkeld door het rondschrift “+SIGILLUM + SCABINORUM + DE GUEL”. Dit betekent 
“ Zegel van de schepenen van Geulle”.
Het is niet bekend wanneer de schepenbank dit zegel gekregen heeft. Zeer waarschijnlijk is dat na 1590 gebeurd. Want toen kwam de adellijke familie Hoensbroeck in bezit van ons dorp en hun wapenschild staat op het schepenbankzegel. In ieder geval hadden de schepenen van Geulle in 1447 nog geen eigen zegel. Dat valt af te leiden uit een akte van dat jaar.
Als gevolg van de Franse revolutie hield de schepenbank van ons dorp in 1795 op te bestaan. In 1815 kwam Geulle bij het koninkrijk der Nederlanden te horen. De toenmalige burgemeester Alberigs vroeg in 1816 een gemeentewapen aan. Dit verzoek werd afgewezen omdat het aangevraagde wapen dat van de gemeente Schin op Geul bleek te zijn. Pas in 1941 heeft ons dorp een eigen gemeentewapen gekregen. Dit op verzoek van burgemeester van Aefferden. 

Het gemeentewapen van Geulle bestaat uit een wapenschild met daarboven een gouden kroon met drie bladeren en twee rode parels. In het schild is links een rode leeuw op een witte achtergrond en rechts een zwarte leeuw. De achtergrond wordt hier gevormd door vier rode en drie witte horizontale balken. Beide leeuwen staan rechtop en tegenover elkaar. Verder hebben ze alle twee een gouden kroon en een dubbele staart.
Deze twee leeuwen zijn genomen uit de wapens van de adellijke families van de heren van Valkenburg en die van Hoensbroeck. Zo wordt een groot deel van de geschiedenis van ons dorp in het gemeentewapen weergegeven.

Archie Varis

Bron: 
1. Uit Geul’s verleden (1926).
2. Kent u Geulle? (1949)


De dorpsmetselaar

In het begin van de vorige eeuw waren er maar een paar metselaars in het dorp. De bekendste was Pierre Pinxt (alias Pjiër van de Mem).
Wat in die tijd gebouwd werd was een koeienstal, varkenstal of een bakoven. Het waren in die tijd bijna allemaal kleine boertjes of ambachtslieden. Een nieuw huis was een zeldzaamheid, misschien gemiddeld één per jaar. Subsidie van de overheid voor de bouw van een huis bestond niet en geld lenen van een bank, daar huiverde men van, want het inkomen van een paar koeien en het vet mesten van enkele varkens hadden ze zelf hard nodig voor het eigen levensonderhoud. In die tijd werd er met zand en kalk gemetseld. Cement kende men amper en was te duur.
Bij de geringste vorst kon men met die specie (kalk en zand) niet meer metselen en lag men met die ouderwetse winters twee of drie maanden stop, want vorstverlet bestond toen nog niet.
De metselaar ging dan bij de boeren het graan meedorsen met de dorsvlegel of bomen kappen in het bos voor de klompenmaker of de kraanzager of voor brandhout.
Die Pierre was nogal een eigenzinnig persoon. Hij wilde in de bouw niets weten van profielen op de hoeken. Hij werkte deze op met schietlood en de waterpas. Dat gaat natuurlijk langzamer maar wat hij maakte was perfect. Bij de bouw van de nieuwe kerk in Geulle aan de Maas in 1920 metselde hij ook. Daar werden wel profielen gebruikt en hij maakte dan vaker de opmerking: ” Het lijkt wel of je hier in het bos aan het metselen bent”. Hij doelde dan op al die profielen met steunlatten. Dat was voor hem hinderlijk.

Bij het metselen van een varkenstal viel hij eens van de stelling af. Een vrouw die in de buurt was zag dat en kwam aangelopen en vroeg hem: “U hebt toch zeker niks gekregen”, ze bedoelde een gebroken rib of arm. Maar Pierre zei: ”Wie zou je wat geven als je met je prie van de stelling valt”.
Een van de laatste werken die Pierre bouwde was in 1921. Het was een huis in Hulsen waar het postkantoor van Frans Janssen gevestigd werd. Het mag na 80 jaar nog altijd gezien worden met die veldbrand stenen.
In Geulle boven kwam vaker een metselaar uit Stein, een zekere Geurt Dreessen (alias Geurt de moutheuvel). Het werk wat hij maakte was goed als hij minstens vier keer per dag een flinke borrel over zijn tong kreeg. Kreeg hij die niet dan maakte hij uit protest maar wat prutswerk. Zo was hij eens op de berg een nieuwe bakoven aan het metselen. De opdrachtgever gaf hem maar één borrel per dag, te weinig dus. Toen de oven klaar was en een week opgedroogd, ging de eigenaar de oven opstoken om voor de eerste keer te gaan bakken.
Bij het stoken van de derde sjans (takkenbos) viel de hemel, dit is het bovengewelf, van de oven in. De vloer van de oven heet het bed.
De eigenaar ging zijn beklag doen. Hij kon niet fietsen, niemand had in die tijd een fiets in het dorp. Normaal ging hij en vele anderen iedere zondagmiddag om half drie naar het lof. Maar die zondag ging hij te voet naar Stein.
In Stein aangekomen had hij al diverse mensen gevraagd waar Geurt Dreessen woonde, maar niemand kon hem dat zeggen. 
Doordat in die tijd bijna iedereen een bijnaam had en zeker in Stein, vroeg hij toen naar Geurt de moutheuvel. Toen wisten die mensen wel waar hij woonde. Bij Geurt aangekomen deed hij zijn verhaal over die bakoven, waarop Geurt antwoordde: “ Er is niks in de wereld dat eeuwig duurt, zelfs een hemel niet”. Hier moest die man uit Geulle het maar mee doen en hij kon weer te voet naar huis terug en op zoek gaan naar een nieuwe metselaar voor een nieuwe hemel in zijn bakoven. 
In Stein is een bejaardenhuis dat de “Moutheuvel” heet. Of dit naar die bewuste metselaar genoemd is, is mij niet bekend.

J.Maassen


Geulle 50 jaar geleden……
September 1952.

– Eindelijk is het dan zover. Begin september werd door de fanfare St.Caecilia een tijdperk van bijna 60 jaar afgesloten als fanfare en werd een begin gemaakt als harmonie. Op woensdag 10 september waren bestuur en leden verenigd in de zaal. De avond werd ingezet met het spelen van de mars “ De Opmars”. Hierna nam de president het woord. Hij begon met de wens uit te drukken dat de naam van de zojuist gespeelde mars het symbool moge zijn voor de toekomst als harmonie. Ook werd dank gebracht aan hen die het financieel mogelijk maakten over te gaan tot deze omzetting. De klarinettisten kregen een flinke pluim op de hoed gestoken. Met de inzet van al hun krachten hebben zij er, door ijverige studie, voor gezorgd, dat de plannen nu al verwezenlijkt konden worden. Ook een pluim voor de heer Dreessen die op tactvolle wijze en met veel kennis en ijver de klarinettisten heeft opgeleid. Ook directeur G.Vossen wordt dank gebracht. Hij was het in eerste instantie geweest die de mogelijkheden van deze omzetting heeft aangegeven en bestuur en leden in deze richting heeft gestuwd zonder nochtans na te laten te wijzen op de grote moeilijkheden. Vanaf heten we Harmonie St.Caecilia riep de president uit.

– De R.K.Volksbibliotheek.
Er wordt kenbaar gemaakt dat de bibliotheek op zondag 5 oktober geopend wordt en voortaan elke zondag geopend is van 10.30 uur tot 12.30 uur.
Er is een uitgebreide collectie boeken aanwezig. Voor lezers van de betere boeken o.a. Herman Göring ; Vught, 5 jaar onder Duitse Druk. Een uitgebreide serie boeken van Marie Koenen enz. Voor liefhebbers van romans, detectives en jeugdboeken is genoeg aanwezig. Dus voor elk wat wils.

– De raad heeft een nieuwe winkelsluitings- verordening opgesteld. Daarin staat o.a. dat een halve dag per week de winkels gesloten moeten zijn en wel: Voor slagers op maandag na 13.00 uur. Voor kappers op maandag na 13.00 uur. En voor de overige winkels is dat op woensdagmiddag na 13.00 uur.

Hein Peters



In de Heer zijn overleden

  • Op 97-jarige leeftijd, Lea Aarts, weduwe van Frans Penders, van de Hussenbergstraat;
  • Op 14 september 2002 op 76-jarige leeftijd, te Geulle, Louis Franssen, weduwnaar van Anna Frissen uit Moorveld;
  • Op 15 september in de leeftijd van 70 jaar, te Maastricht Maria Johanna Karolina van den Akker, echtgenote van Lodewijk Gerardus Wijlaars, voorheen Brommelen.

Mèt nao de aerappele

Veer hauwe altied ö stök mèt aerappele. Dat waor ö grwoit stök, want veer hauwe ö grwoit hoeshauwe en ö paar verke.
Es in de naozomer öt fruit aan de buim begôsj te riepe, begôsjte ouch de blaar van de aerappelestruuk broen en gael te waere. Die moosjte veur tattet sleg waer woor oetgedaon waere. Dat gebäörde mètte reek ofte sjöp. Dat waor gei kèngerwerek. Want die stwoidde te väöl aerappele kepôt.
De mooder, die de aerappele ouch geplant houw, wis sjus wie wiet de kuulkes van ei aaf waore. Ze wis dus ouch woi ze staeke moosj este aerappele riep waore.
Ze kôsj goot wèrrèke. Ze pakde zich altied ö paar rieje tegeliek. Ze pakde esse gestaoke hauw öt kroet ônger vas en trôk de dikke aerappele in eine rök oette grônd. Die raapde ze dan op en gwoide ze op ön lang rie um ze te laote drwuöge.
Ze wis tatter altied waal ö paar bleeve zitte. Dat zouw zung zin en daorveur peuterde ze zwoi lang in de grônd tat ze zeker wis tatter zellefs gei klei aereppelke zitte bleef. En dan kaom de volgende stroek. Ze wèrkde door en keek noe en daan ins nao de rie sjwoin aerappele, die al mér langer woor. Al leep häör de zweit oette haore, ze wèrkde mér door. En este sjwoil oet waor en veer ôs boterhamme op hauwe dan moosjte veer de sjurkar mètte grwoite kaafmangel mèt laeg zék nao öt veld brènge.
Iës moosjte de dikke aerappele geraap waere en dan de verkesaerpelkes. Die kaome in eine apaarte zak. En estaan alles opgeraap waor dan sjeide de mooder oet.
Saame zat veer ö paar zwoir zék opte sjurkar. Dan deeg de mooder zich de hellèpe um de dikke sjouwers en ich moosjtaan veur aan öt zeil trèkke dat um de kraan van de sjurkar vasgemaak waor. Euver ö smaal vootpaedsje trôkke veer op heives aan, zatte de zék veur den aerappelstal neer en de mooder pakde de handvatte weer vas. Noe hoofde ich neet mië te trèkke. Este mooder neette meug waor moch ich op de sjurkar zitte. Ich moosj waal stil zitte en mich good mèt twië han vas hauwe. Wie önne prins op zie paerd zaot ich te geneete opte kraan van de sjurkar.
En weer woore ö paar zék opgelaaje, de hellèpe um de sjouwers gelag en woor öt zeil gespanne. Ich moosj daan waal neette hél trèkke want de mooder veulde dat ze meug begôsj te waere en dat ze dan neet zwoi good kôsj biehauwe. Méh ze moosj door, al waor öt önne langen daag gewaes en de aerappele kösjte neet op öt land blieve. En ze ging door en ze veulde zich gelökkig este sjurkar den dèn op kösj en de zék sjwoin naeve ei stônge um binne gebrag te waere. 
Dat kôsj ze de vaader euverlaote estae van zie wérrèk heives kaom. Dat waor zwoi gebäörd.
Noe waor öt tied veur ön tas koffie, en umdat ich good gewèrrèk hauw kreeg ich ö klötsje sôkker drin.
De mooder zag daan: “Jéh jông, in de hérrèfs moote de auw wiever dèk nog renne, méh sweinters kènne veer ôs oetröste”.

Mar/B


Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek

Hallo mensen van Geul, hier weer eens brief van jullie Pieke. Hoe vonden jullie die kaart die wat ik jullie vorige maand geschikt had vanuit de hoek ? Schoon, hè ? Nou, zo schoon is het op de Knup helemaal niet, want je kunt gaaruit niks meer zien, zo hoog staan de bomen en de struiken en vroeger kon je van hierboven alles zien wat zich onder in Geul bougeerde, maar niemand die er iets aan doet, misschien iets voor die van de raad en voor de vethouders, want die zijn ook weer uit hun zomerslaap ontwaakt en meteen staat de gezet weer vol de van wie ze zich de vliegen afvangen, maar wat doen aan het natuurschoon, ho maar ! Maar nou is de verkansie weer om en Harie is ook al weer aan het werk op de kuil, maar hij krijgt hem nog niet zo sjus in de versnelling, zegt hij tegen de Noonk, en die begint dan drek weer over zijnen tijd en hoe ze toen dertegen aan moesten en niks geen verlofschichten en zo, maar met de pungel op de pokkel naar de bus en nou is ter straks geen bus meer voor die van de kuil, maar dat is niet zo erg, zegt de Noonk, want der is ook al lang geen echte kuil meer, dus een pungel hebben ze ook niet meer van doons, en daarom kunnen die van de kuil best naar het werk met een pekske boterhammen achter op den dreger van den draodezel, maar hij kan zich der wel geleutig guftig over maken als hij ziet wat ik me op de rug moet gooien als ik naar de school moet, en ik zak zo get door de kneuk devan, want mijn pungel weegt bekans nog meer dan ik zelf en de Noonk zegt dat ik zo wel problemen met de ruk moet krijgen, nog voortat ik aan het werk ben.
En dat de verkansie weer om is, kun je ook ruiken, want de boeren zijn weer aan het mesten en ze tonnen dat de vonken der vanaf vliegen en der is ter ene die smeert het zo dik terop, dat hij de knooi nog niet eens in een keer ongergeploeg krijgt en de Noonk en Harie stonden op het geleeg te grauwelen en te vreigelen en de Noonk zei dat het zo stonk omdat Harie zeker vergeten had zich de nek te wassen of dat hij wat tekort bij de mestem had gestaan en Harie meende dat de Noonk zeker weer door het hondekeuteleweegske gelopen was, wie hij lets van het kaarten naar huis kwam en Merie heeft een eind gemaakt aan die vergadering, want ze wou die twee de schotelsplak in de nek leggen, en die ruikt evels ook niet naar rozewater.
En de kermis is ook al weer om en het was niet druk in de kaffees en der stond maar weer eens niks op het kermisterrein en de Geulse Boys zijn ook jarig gewees en die hebben een groot feest gehad en ze heb flink gedronken en gegeten en dat hebben ze ook nodig omdat ze het hogerop zoeken, want die zijn in een ander klas ingedeeld, meer naar Zitterd en die kanten op en nou is de Noonk eens echt benieuwd offent de jongens nu wel eens kampioen worden, want dat is ze al een tijdje niet meer gelukt, maar ze hebben een goeie hoop, zeggen ze en misschien gaat het ze wel wie die van op de berg, die opperhoofd van de strijdkrachten wordt en dat ze nou maar komen, die wat ons wat willen doen, dan kunnen ze der een flinke gereten krijgen. 
En het wordt alweer herres, en de hegge worden overal geknip en de neut zijn ook rijp en de aarrapele worden al ingehaald en als het wat metzit kunnen we straks ook weer wat van Geul zien, want de mais is nou ook al weer lekker bruin aan het worden en de klapsperen en de appelen vallen al van de boom, sjus op Willemke van Stöbbes bei ons neven op zijn Knuts, zodat hij een uts trop heeft, en dat het wat kouder wordt is wel goed, zegt de Noonk, dan zie je tenminste niet zoveel keels meer met driekwartse broeken. Hij moest ter vroeger wel mee lopen en hij had niks te willen, dat legden hem de vader en de mooder wel uit, zegt de Noonk, maar toen hadden ten minste nog hoozen voor dronder, en daar zaten dan wel eens looker in, maar nu kijk je tegen van die blote poten aan en dat is ook niet altijd even mooi, zegt hij, sjus wie bij de vrouwlui, want daar zijn ters bij, die krijgen hun broeken niet hoog genoeg opgetrokken over de buik heen en de Noonk is wel oud zegt hij, maar dat wil nog niet zeggen dat hij niet graag een vrouwluusbuik ziet, maar dan moet het wel een mooie zijn, zegt hij en niet ene waarvan hem de velkes voor de ogen slaan. Nou, ik ga me de pungel voor morgen maar eens pakken dus, adië, met de groete van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.


Geullenaar hoogste baas bij de landmacht

Op 30 augustus jl. werd Geullenaar Marcel Urlings, zoon van oud-hoofd van de St.Joseph-school Math Urlings en de thans in Elsloo wonende Bertha Lemmens, door minister Korthals van defensie benoemd tot opperbevelhebber van de Nederlandse Landstrijdkrachten, een functie die half april vacant was geworden door het (vanwege Srbrenica) gedwongen vertrek van Luitenant-Generaal Van Baal.
Marcel werd daarmee de hoogste baas bij de landmacht in Nederland. Ik zeg niets te veel als ik zeg: een prestatie van jewelste en een gelukwens meer dan waard.
Naar aanleiding van zijn benoeming tot Opperbevelhebber wijdde NRC Handelsblad in zijn editie van 2 september 2002 bijna een 
hele pagina aan onze Geullenaar en plaatste daarbij een prachtige foto van Marcel Urlings, gemaakt door de eveneens uit Limburg afkomstige fotograaf Freddy Rikken.
Deze foto is met toestemming van de fotograaf hieronder afgedrukt.

Marcel L.M. Urlings werd geboren op 4 juli 1950 als vijfde kind in een gezin van zeven kinderen.
Na zijn middelbare school ging Marcel naar de Koninklijke Militaire Academie (KMA) in Breda. Na afloop van zijn studie aldaar werd hij in 1973 geplaatst bij het Elfde Geniebataljon in Wezep. Van 1977 tot 1979 werkte hij bij de Sectie Planning van het Opleidingscentrum van de Genie in Vught.
Benoemd tot kapitein werd hij in 1979 plaatsvervangend commandant van de twaalfde pantsergeniecompagnie in Nunspeet.
Vanaf 1982 studeerde Marcel aan de Hogere Krijgsschool en volgde hier cursussen stafdienst en hogere militaire vorming. Van 1984 tot 1988 werkte hij als majoor op de Directie Personeel op het Departement, eerst als Plv. Hoofd Sectie Algemeen Beleid en vervolgens als Hoofd Sectie Planning. Als luitenant-kolonel werkte Marcel van 1988 tot 1990 bij de Afdeling Planning van de Staf van de Landmacht. In 1990 werd hij Commandant van het Elfde Geniebattaljon in Wezep.
In het voorjaar van het jaar 1991 nam hij deel aan de Operatie “Provide Comfort” in Noord-Irak. Hier leidde hij een genie-battaljon en was hij verantwoordelijk voor humanitaire hulp aan Koerdische vluchtelingen.
Als kolonel werd hij in april 1992 benoemd tot Chef van het Kabinet van de Chef Defensiestaf. Van juni 1994 tot medio 1995 studeerde Marcel aan het “US Army War College” in Carlisle, PA. Als Brigade-Generaal werkte hij van 17 juli 1995 tot 5 april 1998 bij “ACOS Policy and Business Management” op de Directie Materieel van het Ministerie van Defensie.
Op 24 april 1998 werd Marcel als Generaal-Majoor aangesteld als Plv. Bevelhebber van de Landmacht. Op 22 maart 2000 werd hij als Luitenant-Generaal benoemd tot Commandant van het Eerste Duits-Nederlandse Legercorps gevestigd in het Duitse Munster. Als (voorlopig ?) hoogtepunt in zijn carrière werd Marcel Urlings op 30 augustus 2002 benoemd tot Opperbevelhebber van de Nederlandse Landmacht. Luitenant-Generaal Marcel Urlings is getrouwd en vader van twee zonen en een dochter.

Ons heemkundelid Lei Sassen uit Venlo, zelf oud-militair, heeft uitstekende contacten met Marcel Urlings en was door deze laatste zelfs uitgenodigd op zijn afscheid als Commandant van het Eerste Duits-Nederlandse Legercorps in Munster op 4 juli 2002. 

S.W.


Bokkerieërsblood 

De vakantie is weer voorbij en ons ‘Bokkerieërsblood’ begint weer sneller te stromen. De dieselmotor van carnavals-vereniging “de Bokkerieërs” is gestart en zal over enige tijd weer op volle kracht draaien. 

Noteer daarom alvast de volgende datums in de agenda:
28 september: Goud van Oud 2002, 21.00 uur in de Kollekamp te Geulle.
14 – 26 oktober: Verkesloterij (verkoop loten huis aan huis). 
17 november: Prinsoetroeping, 14.31 uur op de Markt te Geulle.
18 november: Start voorverkoop voor de ‘Bonte Avond 2003’. Kaarten verkrijgbaar bij Friture `t Trefpunt.
8 december: Start kerstbomenverkoop op de parkeerplaats bij de Boswachter.
18 januari: Bonte avond in Cultureel centrum Harmoniezaal.
19 januari: Seniorenmiddag 55+ in Cultureel centrum Harmoniezaal.


Ontvangen

Van de heer J. Maassen ontving de Heemkunde-vereniging de laatste wielnaaf die door wielenmaker Sjang Sassen (1867 – 1931) werd gemaakt. Onze oprechte dank hiervoor!


Geulsche Boys 80 jaar

In het weekend van 16, 17 en 18 augustus heeft het feest ter gelegenheid van het 80-jarig jubileum van voetbalvereniging Geulsche Boys plaats gevonden. 

Op vrijdag begon het feest met een kienavond en een kwajongconcours. Op beide locaties was de spanning te snijden. Het voornamelijk vrouwelijke publiek bij het kienen was reeds vroeg in de zaal aanwezig om de juiste kaart en zitplaats te kunnen bemachtigen.
Op zaterdagmorgen startte onder een strak blauwe hemel de sportdag voor de jeugd. Ondanks de hitte waren er bijna 100 sportertjes aanwezig. Het jeugdbestuur, aangevuld met veel vrijwilligers, had kosten noch moeite gespaard om er een gezellige dag van te maken. Rond 14.30 uur was het tijd voor het parakakken. Drie parachutisten sprongen volgens voorzitter Henk Mullers vanaf 10.000 voet (van wie deze voeten waren was onduidelijk) richting de Geulse voetbalvelden. Met hun sprong bepaalden zij de trekking van de loterij. 1e prijs lotnummer 3165, 2e prijs lotnummer 2944 en de derde prijs viel op lotnummer 2294. 
Op zaterdagavond was het zowel bij `t Heukske als bij Effe Plenke gezellig druk. De All Sounds verzorgden een prima stukje dansmuziek terwijl op de andere locatie drie deejays de grootste moeite deden om de pas gemetselde muren omver te blazen. De zondag moest het spektakelstuk worden van het weekeinde. Om 8.00 uur waren de eersten aanwezig om de Essendijk om te toveren in een groot terras. Om 12.00 uur was er de huldiging van de jubilarissen. Frans Oligaarts, Pie Roumans, Sjef Simonis, Servaas Swelsen, Loe van de Ven, Luuk Bours, Roy Spauwen, Frank Vranken en Huub Muitjens werden voor hun inzet en jarenlange trouw aan de vereniging door de voorzitter, Geulse raadsleden en afgevaardigden van de K.N.V.B. in de bloemetjes gezet. Daarna begon de Gäölse Dörrepsbrunch pas echt. De Burchwache kapel bracht de stemming waar menig feestvierder op zat te wachten. 

De voetbalvereniging mag terug kijken op een mooi jubileumfeest en dankt iedereen die hieraan heeft meegewerkt. Verder dankt het alle sponsors, kopers en verkopers van loten, vrijwilligers en tot slot alle mensen die het feest bezocht hebben. Na het feest ontving het bestuur een anonieme brief naar aanleiding van de foto die eerder in de Sjakel afgedrukt stond. De tekst was als volgt:

Wie kent ze nog?
Op de foto in de Schakel van juli stond `t kampioenselftal uit 1933 en niet uit 1936 zoals bij de foto vermeld. Dit elftal werd kampioen in de derde klasse R.K.L.V.B. Het zijn maar zes spelers van het eerste elftal aangevuld met spelers van het tweede elftal en twee jeugdspelers. De vier andere eerste elftalspelers staan in burger op de foto. Twee eerste elftal spelers ontbreken, de anderen in burgerkleding zijn de voorzitter en de bestuursleden. De meeste mensen hiervan zijn dood. Wie kan de namen van de op de foto staande spelers noemen? 
Mochten lezers de namen van de spelers op de foto herkennen, dan kunnen zij dit doorgeven aan de redactie van dit blad.
Degene die de meeste personen op de foto goed herkent, maakt kans op een ‘Groeten uit Geulle’-T-shirt.


De Sjakel

Augustus 2002

Geulle in vroeger tijden.
47. De schepenbank: De secretaris en gerichtsbode.

Ook de schepenbank van de heerlijkheid Geulle bestond uit een (luitenant)voogd, een schout en 7 schepenen. Zij hielden zich, tot de komst van de Fransen in 1796, bezig met de rechtspraak in en het bestuur over ons dorp.
Dit keer wil ik iets meer vertellen over de secretaris en de gerichtsbode van de schepenbank. 

1. De secretaris.
De secretaris was een van de zeven schepenen die al het schrijfwerk van de schepenbank verzorgde. Slechts enkele namen van ambtenaren zijn in de archieven van Geulle gevonden:
Johannes Rivius. Deze was in 1567 ook secretaris van de schepenbank van Elsloo. Hij woonde waarschijnlijk in Geulle en had de kruinschering ontvangen, maar was geen priester. Hij werd “meester Jan” genoemd.
Van 1666 tot 1685 en ook in 1699 was Isaeck Spitweck secretaris. Hij was intendant van de prins van Oranje.
In 1725 was Mathieu Brull secretaris. Hij overleed op 11-12-1744. In 1745 volgde zijn zoon Mathieu Brull junior hem op.
Op 19-7-1792 werd ene J. Casaux banksecretaris. Tot 1795 bleef hij dit werk doen, dus tot kort voor de komst van de Fransen onder Napoleon. Bij zijn aanstelling werd nog de eis gesteld dat de kandidaat van de ware christelijke gereformeerde religie moest zijn. 
Om zijn ambt goed te kunnen uitoefenen moest de secretaris van de schepenbank uitstekend op de hoogte zijn van de verordeningen en de costuymen. Dit waren de eeuwenoude rechtsregels op basis waarvan recht werd gesproken. (Zie aflevering 44) 
Vele secretarissen van de schepenbank hadden een mooi, sierlijk en duidelijk handschrift. Voorbeelden hiervan zijn in de archieven terug te vinden. Voor de rechtspraak maakten zij hun aantekeningen in de zogenaamde rolle of schepenregisters. Ook hielden deze ambtenaren de overdracht- en gichtregisters bij.
Na de komst van de Fransen in 1795 verdween het centrale bestuur van de schepenbank. In de plaats daarvan kwam de (regionale) rechtbank en daarnaast het gemeentebestuur. De griffier ging de zaken van de rechtbank noteren en de gemeentesecretaris de zaken van het gemeentebestuur.

2. De gerichtsbode.
Bij iedere schepenbank hoorde een gerichtsbode. Deze ambtenaar zorgde voor de besteldienst, de dagvaardingen, de afkondingen, de aanplakkingen op de deur van de (Sint Martinus)kerk en het arresteren van personen die van een misdaad verdacht werden. Bij dit laatste kon hij de hulp van de schutterij inroepen.
In de archieven van de schepenbank van de heerlijkheid Geulle zijn maar een paar namen van gerichtsboden gevonden.
Willem Vullaers vervulde die functie in 1573. Ene Rijckelt van Reymersdael was daarna gerichtsbode.
In 1709 was Peter Coenen bode van de schepenbank. Mogelijk had hij vijanden, want in 1706 brandde zijn huis af. Omdat men vermoedde dat er opzet in het spel was, werd een beloning van 100 gulden uitgeloofd om zo de dader te achterhalen. 
Van 1722 tot 1733 was Jan Hendrik Offenweert gerichtsbode. In 1761 en 1764 wordt Christiaen van Offenweert als bode genoemd. Van 1788 tot 1796 was dat Gerrit Janssen van de Snijdersberg. Daarna kwamen de Fransen onder Napoleon en hield de schepenbank en dus het oude bestuur op te bestaan.
Uit 1777 is een rekening bewaard gebleven welke over de bezoldiging van de gerichtsbode gaat. Deze kreeg indertijd ruim 184 Hollandse guldens. Ruim de helft hiervan was als beloning bedoeld, de rest voor de kleding en voor het geweer plus ander wapentuig. 
Naast de gerichtsbode had men indertijd ook een veldbode of veldwachter, dus een plaatselijke politie agent.
Van veldbodes of veldwachters van voor de Franse revolutie zijn maar drie namen gevonden: Jan Lemmens, Jan Thijssen en Pieter Maasssen. Het valt op dat dit alledrie typisch Geulse achternamen zijn. 

Archie Varis

Bron: Uit Geul’s verleden (1926).



Het dorp van Anneke Huntjens

Geulle had net zo goed in Zwitserland kunnen liggen. Een agrarisch plaatsje met zijn boeren cultuur, binnen luttele jaren sociaal veranderd door de moderne tijd. 
Het ging ten gronde aan de schaalvergroting. Ook Geulle had een eeuwen oude agrarische cultuur die echter door het vliegveld en de industrie in de directe nabijheid verloren is gegaan. Zo waren er in 1930 pas twee auto`s in het dorp. Iedereen kende de autonummers t.w.: P 173 en P 5022. De P stond voor de provincie Limburg.
Er zijn “bergen” tot 85 meter hoog boven N.A.P. en meer dan tien dalen en duizeling wekkende diepe kloven zoals het Maasdal dat nog altijd door toeristen wordt bewonderd. Onze machtige Molenbeek ontspringt hier als een klein bergbeekje. De massieve huizen van veldbrandstenen schijnen voor de eeuwigheid te zijn gebouwd. Vlak na de eerste wereld-oorlog leefde het dorp Geulle met ca. 2000 inwoners als een gesloten gemeenschap. Bijna iedereen was familie van elkaar. Iedereen had enkele schapen, koeien of een geit. Anderen hadden een werkpaard op stal staan. Twee maal per dag werd drinkwater bij de waterput of bij de talrijke waterbronnetjes met een juk gehaald voor mens en dier. Het dorp geurde naar vers hooi, mest en brandend elzenhout want de huizen werden met houtkachels verwarmd.
In de café`s (deze waren er legio in die tijd) heerstte een druk sociaal. De plaatselijke harmonie (toen nog fanfare) repeteerde wekelijks in haar clublokaal en speelde bij feestelijke gelegenheden, zoals bij de jaarlijkse sacraments-processie of bij een 50 of 60-jarig huwelijksfeest. Op het uiteinde van het dorp staat nog steeds de middeleeuwse toren waar drie keer een nieuwe kerk tegenaan gebouwd is, daarom heen het kleine kerkhof. 
Daarom werd al lang ieder graf na dertig jaar geruimd. Voor ieder graf maakte de plaatselijke timmerman een houten kruis. Hij schilderde op een plankje dan de naam van de dode en een tekst die altijd begon met de woorden: “Hier rust in vrede…”
Hoog van uit de “bergen” klatert een bergbeek het dal in. In 1878 werd door het stromend water een korenmolen in werking gezet. Het geluid daarvan mengde zich harmonisch met het geloei van de koeien en het gekakel van de kippen.
Nadat het water zijn werking op het schoepenrad had gedaan vloeide het door de beek verder onder de spoorlijn door.
Maar in ongelooflijke korte tijd is deze samenleving totaal verandert.
In het dorp is overdag vrijwel geen mens meer te zien. Iedereen gaat met de auto naar het werk in de industrie en komt pas `s avonds of vaak alleen in het weekend naar huis. Ook de vrouwen gaan werken buiten het dorp met eigen auto, de kinderen worden dan naar de crèche of bij de oppas gebracht. Jonge mensen trekken weg van het dorp. De stallen van de boerderijen staan leeg. Geen dier is er meer te bekennen. De haam van het paard en diverse andere agrarische werktuigen hangen als stille getuigen en als decoratie tegen de muren van de boerderijen en ook tegen het molenhuis. De watermolen maalt al lang niet meer, alleen het water stroomt nog altijd dag en nacht uitnodigend via de goot door het molenhuis en klatert met een vrije val van meer dan zes meter hoog in de beek en vloeit dan onder de spoorlijn door naar moeder Maas. Er komt geen beest meer zijn dorst lessen. De dorpsschool is nu in het centrum van het dorp. De vaste dorpspastoor is vervangen door een rondreizende geestelijke die meerdere gemeenschappen bedient, en op zondag zitten er niet veel meer dan zestig mensen in het oude kerkgebouw. Nu is ook het postkantoortje verdwenen als slachtoffer van de schaalvergroting der P.T.T. Het was niet meer rendabel. Om dezelfde reden is de Boerenleenbank, thans Rabobank geheten, uit het dorp vertrokken. Als alternatief is de “muurbank” gekomen. De bakker, melkboer en de schoenmaker zijn al een hele tijd verdwenen. 
Het spookachtige is echter dat alles nog net zo uit ziet als vroeger. De stallen zijn er allemaal nog. Binnen de muren kleeft zelfs nog de opgedroogde mest. Zelfs de houten tandwielen van de watermolen zijn er nog. Het lijkt alsof de boeren en de dieren alleen even pauze houden en elk moment weer kunnen terugkeren. Maar dat gebeurt niet. Zij zijn weggevaagd door de tijd die wordt gesymboliseerd door het televisielicht dat `s avonds door de ramen van de huizen naar buiten straalt.

J.Maassen.


De bronnen in het hellingbos.

Enige tijd geleden hebben we in enkele artikelen de vroegere drinkwatervoorziening in ons dorp toegelicht. Naar aanleiding van die artikelen is er de vraag van een lezer: hoe ontstaan de vele bronnen in het (langgerekte) hellingbos van Geulle? Een toelichting.
De vele bronnen hebben alles te maken met de geologische opbouw van de ondergrond en de aanwezigheid van een langgerekte helling welke gevormd is door de uitschurende werking van de (oer)maas. De combinatie van beide, de geologisch opbouw én de helling, zorgen in het beneden gedeelte van de helling voor massale afwatering in de vorm van bronnen. Voor een goed begrip van het (water)proces dat in onze ondergrond plaats heeft, staan we eerst stil bij de geologisch ondergrond van Geulle. Indien men vanaf maaiveld hoogterras (Moorveld/Hussenberg) de grond ingaat komt men achtereenvolgens tegen:
1. Een löss/leem-pakket dat afgezet is tijdens de ijstijden, een half miljoen jaar geleden tot 10.000 jaar voor Christus. Er zijn vier ijstijden geweest, afgewisseld met perioden dat het weer milder was. De mildere periode wordt aangeduid als interglaciaal, het tijdvak tussen twee ijstijden. Tijdens de ijstijden massale ijsvorming op het noordelijk halfrond (gletsjers, landijs); zó veel zelfs dat de Noordzee droog kwam te liggen. Met ijskoude noordenwinden over de zand- en kiezelgronden van de droge Noordzee worden grote wolken fijn stof tot in onze gebieden getransporteerd; het stof dwarrelt neer als löss. Waar de löss-laag aanwezig is, varieert die in dikte van enkele tot 10 meter; de grondsoort ontbreekt doorgaans in rivierdalen als gevolg van uitspoeling en op hoge punten in het landschap (Puth Schinnen en Banenheide). 
2. Onder de löss een dikke laag maasgrind die gedurende het pleistoceeen (tot twee miljoen jaren geleden) afgezet werd door de oermaas. Met de oermaas vergeleken is onze huidige maas een kabbelend stroompje. Mede als gevolg van de grote stromen smeltwater na iedere ijstijd raasde die oermaas als een woeste Roeland over Nederlands en Belgisch Limburg. Een dik grindpakket van 15 á 20 meter is het resultaat. Een grindpakket dat zéér gewild is in de bouw en bij de wegenaanleg. De löss en grindlagen zijn gevormd gedurende het geologisch tijdvak het kwartair.
3. Onder het dikke grindpakket bevindt zich een dunne kleilaag die afgezet werd gedurende het oligoceen, zo’n vijf miljoen jaar geleden. Het kleilaagje is dun maar taai. Het is een niet water doorlatende laag die alle van boven doorsijpelend water opvangt. Aan de bovenzijde van de waterkerende oligocene kleilaag wordt het grondwater afgevoerd naar een niveau in de helling waar de oligocene kleilagen dagzomen (d.w.z. dáár waar de kleilaag in de helling naar buiten komt). En wat zien we daar? De bronnen. Soms grote maar doorgaans vele kleine waterloopjes die vanuit de helling opwellen. Bij meer nauwkeurige waarneming ziet men het water met kleine zandwervelingen uit de ondergrond op-bubbelen.
De bronnen ontstaan als het regenwater door de löss- en het dikke kiezelpakket is gesijpeld en stuit op de waterkerende oligocene kleilaag. Vanaf dat moment wordt het grondwater via de waterkerende laag afgevoerd naar het punt waar de kleilaag in de helling dagzoomt, d.w.z. daar waar de laag in de helling aan de oppervlakte komt. Vanaf het hoogterras bezien zit de waterkerende laag op een diepte van ongeveer 32 meter. Dat verschilt plaatselijk, al naar gelang men zich aan de rand van het hoogterras of verderop bevindt. Goede waterputten ‘op de berg’ hebben namelijk een diepte van rond de 33 meter (de diepte waarop het grondwater afgevoerd wordt). Behalve de top-down-benadering via de waterputten kan men ook op zoek gaan naar de afwateringsplek in de helling, namelijk daar waar de bronnen zijn. Deze bevinden zich globaal op ongeveer (van bovenaf gezien) tweederde van de helling. Die aanduiding is misschien wat erg vaag. Daarom maar een hulpmiddel uit de geologie, het begrip typelocatie. Een typelocatie is een voor een bepaald geologisch verschijnsel (in deze: het grondwater) kenmerkende plek. In het hellingbos zijn enkele plekken met zó veel opwellend water, dat de mens daar eeuwen lang water uit heeft kunnen putten. De meest bekende waterputten zijn: het waterputje in de Breuk (in het verlengde van het Bospad naar beneden) en de Klaos put (onder de Bloemberg). Een andere bron is duidelijk te zien in de helling van de Snijdersberg waar in de bocht bij de spoorlijn (tegenover het vroegere café Keessie) het water aan de noordzijde van de weg via een buis naar buiten stroomt. Dit punt in de Snijdersberg kan wel het best aangeduid worden als ‘typelocatie voor grondwater’. Enkele meters boven de afwateringsplek in de Snijdersberg bevond zich tot midden de jaren vijftig van de vorige eeuw namelijk een kiezelgroeve en net onder het kiezelpakket bevindt zich zoals hiervoor beschreven het ondoordringbare oligocene kleilaagje. Vandaar dat op dit punt de afwatering uit de helling plaats heeft. Bij vergelijking ligt het afwateringspunt in de Snijdersberg even hoog boven de spoorlijn als de Klaos put. Op de hoogte van de denkbeeldige lijn tussen beide punten waterafgifte-plaatsen zullen dan ook de meeste bronnen gezocht moeten worden. Maar enige variatie naar plaatselijke (ondergrondse) omstandigheden blijft natuurlijk mogelijk, mede doordat de ondergrond van Nederland licht naar beneden helt in een lijn van Zuid-Oost naar Noord-West. Die (flauw) hellende lijn is al te zien in de vuursteenlagen in de kalkgroeven. 
Onze briefschrijver meldt dat hij in zijn tuin net onder de spoorlijn een zandbeek heeft. Dat klopt. In het oligoceen zijn behalve de geen water doorlatende kleilaag voor en na nogal wat zanden afgezet. Zanden die door het grondwater worden meegevoerd en zo in de beken terecht komen. De zanden zijn er oorzaak van dat de waterlopen onder de spoorlijn nogal eens verzanden, reden waarom er in de laatste jaren aan de bovenzijde van de spoorlijn grote buffers zijn aangelegd voor opvang van het zand. 
Tot zo ver deze korte verhandeling over ons grondwater dat nimmer ‘op’ raakt. Het plateau van Schimmert zorgt namelijk voor een nimmer aflatende waterstroom.

Paul Notten, Moorveld.


Politie varia

  • In de nacht van zondag 16 juni op maandag 17 juni werd vanaf een erf aan de Koekoekstraat een grote betonnen bloembak ontvreemd.
  • Op zondagnacht 23 juni werd er melding gemaakt van geluidsoverlast in de buurt van de Koekoekstraat.
  • Op maandag 24 juni werd er tussen 16.30 en 17.00 uur ingebroken in een personenauto op de parkeerplaats van het zwembad aan de Andreas Sauerlaan. Ontvreemd werd een autoradio.
  • Op donderdag 27 juni werden tussen 12 en 14 uur vanuit een bedrijfswagen langs de Kanaalweg een bosmaaier, een motorzaag en twee oprijplaten onvreemd.
  • Tussen donderdag 27 juni en vrijdag 28 juni werden uit de keet van de visvereninging een cementmolen en drie speciekuipen ontvreemd.
  • In dezelfde nacht werd ingebroken in een vrachtauto op de Burg. Thijssenlaan. Ontvreemd werd een radio/CD-speler.
  • Dit jaar was het tijdens de Kiezelfeesten aan de overkant van de Maas weer prijs met meldingen van geluidsoverlast. In de nacht van zaterdag 6 op zondag 7 juli werden diverse telefoontjes hierover ontvangen. In eerste instantie werden ze toegeschreven aan een examen fuif.
  • Tussen vrijdag 12 en zaterdag 13 juli werden twee auto’s vernield te Aan de Maas. Dit werd gedaan met een paal van de afrastering.
  • Tussen maandag 22 en dinsdag 23 juli werd ingebroken in een woning aan Westbroek. Ontvreemd werden geld en juwelen.

Brig. Giesen



Geulle 50 jaar geleden……
Augustus 1952

– De Augustusmaand is de oogstmaand. Het fruit, met name de pruimen zijn volop verkrijgbaar. Ze rotten gewoon op de bomen omdat de prijzen bij de veiling zeer laag zijn en het niet meer loont om ze te plukken, terwijl ze op markt in Maastricht duur betaald moeten worden. 
Op de velden staan het koren en de tarwe er zeer goed bij en het belooft voor de boer een goed jaar te worden.

– De toeristen in Geulle vermaken zich opperbest. Dit jaar heeft Geulle opnieuw veel mensen op vacantie. De V.V.V. heeft goed werk verricht en de toekomst ziet er rooskleurig uit. Het wordt daarom tijd dat in Geulle meer overnachtingen kunnen gaan plaats vinden.

– Op 30 Augustus heeft de heer J. Kerckhoffs en Zn. een nieuwe zaak in ijzerwaren en huishoudelijke artikelen geopend.

– De heer A. Nijsten is naar Canada vertrokken en wil zijn vrienden en vijanden een hartelijk vaarwel toeroepen.

– De heer W. Rutten is tijdens de raadsvergadering definitief benoemd tot ontvanger der Gemeente Geulle. De aanbeveling luidde:
1. W. Rutten
2. J. Aussems uit Bunde.
Na de opening van de stembriefjes blijkt dat op de heer Rutten 5 stemmen zijn uitgebracht en 1 blanco. De heer Kurvers was niet ter vergadering aanwezig. De nieuwe ontvanger wordt hierna in de vergadering beëdigd en door de voorzitter gefeliciteerd. De heer Rutten dankt de vergadering voor het in hem gestelde vertrouwen.
De voorzitter geeft nog een kort overzicht van de gehouden besprekingen met de N.S. over de zandafdrijving en de door B. en W. genomen maatregelen.

Hein Peters


Wie veer vreuger speelde

Es ich noe op önne verjaordig van de kènger kôm staon ich verbaas euver de massaas speelgood woi de kènger de besjikking euver höbbe. Wie veer jonk waore hauwe veer meistes mér ö paar dinger die veer meistes mèt Sinterklaos gekreege hauwe. Öt waore gein duur en ouch gein ingewikkelde dinger. Ö houte kérke, ö houte paerdsje, ö pöpke, get krelkes, ö niëkiske, get huuve, ö blokkedwuöske, ö veelke (mondharmonica), önne kokkerel, ön bromtol, ö paar leime sjwoin geverfde seldäötsjes, ö paar ootokes dieste kôsj opdriëje, mens erger je niet, halma of ganzebord, Dan hastet waal gad.
Toch woor dao väöl mèt gespeeld mèt anger kènger, breurkes en zusterkes, kammeräötsjes en buurjonges of buurmaedsjes. Es good waer waor woor väöl boete gespeeld. De jônges hauwe de ruumte opte straot. Doe waor nog gei snelverkièr, hwuögstes ö paar fietse en ön boerekar.
Dao waor väöl gevoetbald sôms mèt eine egte bal ,oette Hema, van ö kwartsje. En estae kepôt waor woor van ei paar ouw kèzètte mèt get touw önne bal gefabriseerd.
De has eine tied dat eederei ön reip hauw, meistal de velling van ö fietsraad of önne iezere band van ein auw tôn.
Ouch huuve woor väöl gedaon . Dao bestinge allehande varejaasjes, mèt of zônger kuulke. Ouch kleijke gwoie woiste moosj perbeere de stein van önne angere te raake, mèt of zônger kuulke of streep. En estao öt nuuts vanaaf waor kaome de kôkkerelle, die mèt ein smik op gang gehauwe woore. Verstöpperke speele, veer zagte koeverstaeke, kôsj hiël spannend zin. De has euveral mögelikhaede um dich te verstaeke zwoi tatste dèk lang gezeuk kôsj waere. Vanteveure woor waal al gezag wie wietste van de “pot” aaf moosj blieve. Tösje de buim opte gemeinte woor euverluiperke gespeeld. 

Op ei teike moosj eederei ziene boum verlaote en eine angere boum opzeuke. Dae öm waor moosj dan perbeere zellef eine boum te vènge.
Netuurlik waor bökske sprènge egget veur jônges méh dao waore ouch maedsjes die dao verstand van hauwe. Hiël bekend waor öt “baare”. Ö speel van euverloupe woiste moosj perbeere eine dae perbeerde euver te loupe aaf te tikke. Dae öt iëste oetkaom moosj maake tatter trök kaom. Dae getik waor moosj op ön plek staon wachte totter door tikke bevried woor. Doorluiperke waor invoudiger. Es eine agter nao gezaete woor kôsj den angere tösje doorloupe. Dan moosj dae door den achervolger naogezat waere.

De maedsjes speelde väöl mèt prikballe, of met drie klein belkes woi ze allerlei varejaasjes mèt klappe veur oetgevônge hauwe. Ouch speelde die väöl in eine kringk, zakdooklègke, plaats verwissele mèt tikkerke, mèt eine blènddook eine aanwieze, dae zich verreurd hauw en allerlei anger dinge zörgde veur väöl aafwisseling . Naoluiperke woor ouch väöl gedaon De varejaasje este op d,n huuke zaots dich neet getik kôsj waere kôsj hiël spannend zeen.
Ester ö nuu kènd oet ön anger plaats op de sjwoil kaom, brach tat dèk ouch weer ö nuu speelke mèt. Tuike sprènge besting ouch in allerlei vörme. Dat deege veural de maedsjes väöl.
De jônges hauwe ze gaer um de touw de driëje. Van tuike sprènge hauwe de meiste neet väöl kiës gaete . Waal van hwoig sprènge euver ein touw haer. De touw woor dèk aan eine kant van önne boum vastegemaak en aan den angere kant door önne jông vas gehauwe. Dae kôsj dan op tied de touw los laote ester eine de taenge aan gesprônge woor.

In ôzze jônge tied hauwe veer in ôs dörrep alle ruumte um te speele, veural umtatter haos gei verkiër waor. En esset sleg waer waor of esset vreug duuster waor kôsj ouch binne gespeeld waere. Dan woor aan de taofel gespeeld mèt kaarte, halma of “mens erger je niet”. Ouch waor gezônge of geloesterd nao verhaole oeten auwen tied. Die ginge dèk euver hekse, spwoike, geraemsje, auvermennekes, bokkeriërs, taters en woirzègkers. Dao waor neet väöl gelaeze. Öt leech van de petrolslamp waor dao neet zwoi gesjik veur. De waors al blie este de vraoge van de Kristelièr van boete kôsj lière, want tat stông ouch eederen daag op öt pregram. Van laat opblieve waor gein spraoke. De moosj op tied nao bèd um smurges weer vreug opte kènne. Den kammeraote woore dan ouch op tied heives gesjik veurdat de rwoizekrans gebaed woor.
De hoofdes opte lièger sjwoil gelökkig gei hoeswerrèk te maake. Dat zouw ouch lestig gaon want dèk woore de kènger opte boerderie aan öt werrèk gezat. Dan waor ouch geine tied um te speele al deegste dat nog zwoi gaer. Méh sôms waor neet väöl te doon.
Dan trokste drop oet mèt tiene kammeraot. Dan gingste voetballe in de Bat of opte Moor. of de maakdes dich önne wiëjer (vlieger) um dae opte Greend opte laote. Bie sjwoin waer waor altied nog genôg weint um häöm de loch in te kriege mèt höllep van dien kammeraote netuurlik. De wiëjer woor neet gegôlle méh gemaak van dun bamboestekskes en ö vel klatspepier van bie de slegter. Pleksel maakde veer van bloom en water. En esser klaor waor woor hae oetgeperbeerd. De start waor ö tuike mèt ö vrungkske kezèttepepier. Öt laog aan de weind wieväöl strikskes pepier draan moosjte. Esset helder weinde deegste ongeraan ö stèl reinvaare want dae waor good zwoir en zörgde dat de wiëjer neet op zunne kôp ging staon.
Vösje waor get veur de auwer luu. Dao waore mekans gein jônges die öt geduld kôsjte opbrènge um oerelangk nao ö döbberke te zitte kieke. Ze deege öt waal ins en waore dan grwuötsj esse ön hamfel vösj mèt heives nômme. Dan waor vösje in de baek väöl fijner.
Dan trôkke ö stèl jônges naevenei taenge de stroum in door de baek op um veur den duuker door önne angere mèt ö sjöpnètsje droet te laote wippe. Dan woor waal ins önne ummervol droet gehaold. Bie de sjaopskoel deege veer get anges. Veer lagte ö diekske in öt baekske en leete daoveur öt water in die deepe koel zakke. En dan ginge veer eeder in ön rie vlak naeveei + mèt ö sjöpnètsje en jooge de vösj nao ön plek woi öt water hiël ondeep waor. Dao zaogste ze gewoon blinke en hoofdeste mér te sjöppe. Dan haolde veer ummere vol droet. Es veer väöl hauwe zeukde veer de sjwoinste droet en brachte die nao de pestwoir, dae dao waal ö kwartsje veur euver hauw en dat deilde veer iërlik saame.
Bie Sjang van Nölke ginge veer ouch dèk hellèpe. Veer deege häöm de aerappele oet en ginge häöm ongertösje aan de wiemere of aan de ringelaote. Veer hôlpe ouch den ougs inhaole. Veer vônge öt geweldig um baove opte ougskar euver de veldwaeg te sjôkkele. Veet moosjte ôs waal good vas hauwe um neet draaf te valle. En Sjang waor blie tatter zwoi väöl knegte hauw um den ougs in de sjuur te berme. Hae zag waal wie öt moosj en zwoi deege veer dat dan ouch. Veer daege dat gaer en veer maakde ôngertösje toch nog hiël get plezeer.
En es ich noe truk dènk aan daen tied van mien jeug dan wôl ich bès dae tied nôg ins mètmaake. Mèt plezeer dènk ich nôg dèk truk aan mien kammeraote, woi ich zwoiväöl leuke herinneringe aan bewaard höb.

Mar/B


Mededelingen

– Een aantal leden van de Heemkunde-vereniging en abonnee’s van de Sjakel hebben hun lidmaatschap cq. abonnement nog niet overgemaakt. Bij deze willen wij deze personen verzoeken dit alsnog te doen.

– In september begint de Heemkunde-vereniging weer met haar werkmiddagen en – avonden:
-Donderdag 12 september 2002, 19.30 – 22.00 uur, werkavond in De Gruffeldwois.
-Woensdag 18 september 2002, 13.30 uur, werkmiddag in De Gruffeldwois.


In de heer zijn overleden

  • Op 31 mei 2002 op 73-jarige leeftijd, Hans van Steenis, echtegnote van Ir. N.C. van Steenis, Snijdersberg;
  • Op 25 juli 2002 op 53-jarige leeftijd, Evelyne Daemen, echtegenote van Jos Urlings, Hussenbergstraat;
  • Op 3 augustus 2002 op 55-jarige leeftijd, Jo (Thies) Peerbooms, echtgenoot van Tiny Boogers;
  • Op 10 augustus 2002 op 69-jarige leeftijd, Huub Kockelkorn, echtgenoot van Desiré Kurvers.


Pieke junior uit de Piemelehoek

Van onze vaste medewerker Pieke jr. ontvingen wij vanaf zijn vakantieadres een kaartje met het verzoek om dit deze maand in de Sjakel te plaatsen. (red.)


De Sjakel

Juli 2002

Geulle in vroeger tijden.
46. De schepenbank: Procureurs

Ook bij de schepenbank van de heerlijkheid Geulle waren procureurs aangesteld. Dit waren gediplomeerde personen die als pleitbezorger optraden voor diegenen die een zaak bij de bank aanhangig maakten. Het werk van de procureurs kan men het beste vergelijken met dat van de tegenwoordige advocaten. Soms meenden niet-gediplomeerde personen voor procureur in aanmerking te komen. Wij kennen hier het mooie woord van hegkenaffekaat voor. Letterlijk vertaald betekent dit heggenadvocaat of een betweter. Om te voorkomen dat deze mensen voor de schepenbank konden pleiten, moest iedereen die procureur wilde worden eerst bij de heer van de heerlijkheid Geulle solliciteren. Indien zo een sollicitatie succesvol verliep, werd de nieuwe procureur aangesteld door een eedaflegging voor de schepenbank. Hierna volgen de namen van de procureurs die voor zover bekend bij de schepenbank van Geulle actief zijn geweest. De bijbehorende datum is die van hun aanstelling of eedaflegging.

02-06-1719 Dion. Hupkens
03-07-1719 Jan G. W. Frenz
01-08-1723 Abraham LaviÀre
19-01-1735 Math. Brull junior
02-02-1735 J. Leverixvelt
29-03-1745 Serv. D. Loeff
08-10-1745 Guil. Philippens
04-02-1747 Hendrik Janssen
16-06-1751 Andreas Nijpels
20-10-1752 Johan Lohman
1754 Johan P. Horst
1764 Johan Nijpels
16-10-1765 Guinoscau
1765 G. Otzelingh
05-03-1766 Adam M. Gudi
1766 Banens
08-10-1768 Macquai
25-01-1769 J. C. S. de Limpens
13-12-1769 Herman Hoffman
04-04-1770 Guischard
16-06-1773 Zelderen van Beveren
26-01-1774 Habets
30-08-1775 Frederix
06-09-1775 Roemers
23-03-1776 J. H. Rooth
18-09-1776 G. H. Loyens

Bij bestudering van deze namen valt op dat slechts weinige hiervan nu nog als familienaam in Geulle voorkomen.
Als een niet-gediplomeerde persoon als procureur bij de schepenbank wilde optreden, gaf dit vaak aanleiding tot een rechtszaak. Zo diende er in 1719 een zaak voor de schepenbank van Geulle waarbij ene Welters als procureur wou optreden. Omdat deze niet bij de heer van de heerlijkheid Geulle had gesolliciteerd, gaf dit aanleiding tot een langdurige rechtszaak. Uiteindelijk werd besloten dat Welters alsnog moest solliciteren bij de heer van de heerlijkheid Geulle.

Archie Varis.

Literatuur:
Uit Geul’s verleden. (1926)


De moderne tied aan de Maas kump nao 1920.

Geer wèt allemaol dat in de lèste hondert jaor mië verangert is es in de doezend jaor daoveur.
Ouch de Maaslengers höbbe dees verangeringe op aafstand gevolg en mètgemaak. Wie ich joonk waor, waor in Gäöl nog gein waterleiding, geinen eelenktrik en geine gaas. En Willemke van de Pluus waor den iëste man in Gäöl dae bie öt begin van de veurige iëw euver önne fiets besjikde en daomèt nao zie werk ging. Angere deege dat te voot. 
Bie ôs op öt glaeg sting önne paereboum en vlak denaeve önne waterpöt veur öt drènkwater. Dae waor aafgedèk mèt rwoij panne en aafgeslaote mèt ö breerke veur de kènger en de hinne. Kort bie de koostal sting ein sjwoin koopere pômp mèt hiël lekker water. Eeder waek woor de pômp opgepôts tot ze blônk wie önne speegel. In de weinter neet, dan stông ön houte kas drum haer, gevöld mët huij en struö taenge öt bevreeze. Sevetig jaor geleeje woor in Gäöl de waterleiding aangelag. Meh veer hauwe die neet nwuödig . Die kosde geld en de pômp goof öt water veur niks en lekker water. Pas nao den oorlôg kreege veer toch waterleiding. Dat hauw ouch zien veurdeile. Öt waor zwoi gemaekelik. De hoofdes mer ö kraensje ope te driëje en de has zwoi önnen tob vol. Dat ging gauwer es mètte pômp en de hoofdes sweinters gein kauw te lieje.
In öt zelfde jaor, ich waor doe veer jaor, kaom den eelentrik. Dao woore laoker langs de waeg gegraave en dao kaome dan de päöl in te staon mët witte pötsjes baovenaan, woi lang koopere dräöd aan vasgemaak woore.
En op versjillende plaatse kaom ö buuske mèt ö wit kepke woi ö laok in zaot en woi ö glaaze bölke ingedriëjd woor. Dat neumde ze ön elektrische paer en saoves es öt duuster waor sprong inins öt leech aan en nog waal zônger zwaegele. En dao waor neemes in de buurt, dus öt ging vanzellef. Dat kaom door de stroum dae door die dräöd van de eine paol nao den angere paol kroop. En dae stroum waor ech geviërlik. Want op eedere paol hing ö gael plaetsje en dao op stong: Aanraken der draden is levensgevaarlijk”. En de luu hauwe flôp deveur ouch al zaoge die dräöij nog zwoi onsjöldig oet.Van de fruitbuim die euver de waeg hinge woore de dikke tek aafgezaeg, want esset hel weinde gaof dat kortsleeting en dan sprông de boel kepot. En de luu die öt fruit moosjte plökke woore ouch gewaarsjuut want ze kôsjte draan blieve hange en dwoid blieve esse aan de dräöd kaome.
De Maaslengers hauwe öt neet op dae stroum en bienao neemes leet zich gratis de stroum aanlègke. Ze hauwe ön petrôlslamp, önne kengkee, ön stalluch en ouch nog waal ö paar kaese veur leech binne.Wie de jônges van ôs nao de ambachsjwoil ginge liërde ze dao euver sjakelaere, stopkentakke, zeekeringe en wie ze die kôsjte repereere. Mie auwste broor begôsj zellefs mèt öt boewe van önne radio. De ôngerdeile haolde hae in öt “Wonder van Mestreech”. Hae spaarde al zien sondèscent deveur en wie hae klaor waor, hauwe veer nog geine stroum. Veer moosjte nao Merie Vos um de radio “Cassandra” te perbeere.
Ö t spèktaakel dat droet kaom leek mië op gepiep en gejank. Esste aan de knöpkes driëdes dan woor öt dèks nog erger. Meh wie öt toch zwoi wiet waor tatste ön stöm kôsj verstaon en ouch al get meziek droet kaom doe kreege veer ouch stroum. Öt vas rech waor nog gein twiè gölle en eine kilowatt twië sent. Veer kreege ein lamp in de gooij kamer en in de käöke. En doe kaom ouch nog ö stopkentak veur de radio.En de mooder die dwoidsangste hauw oetgestange mèttie brannende petrôlslamp bie zwoi ön bende kènger, waor blie, tat ze saoves zônger angs in de koostal de koo kôsj gaon mèlleke. De jônges die opte ambachsjwoil ouch geliërt hauwe euver zwaakstroum oet önne transfermater wôlle baove opte slaopkämerkes ouch leech.Doe woor eien transfermater gegolle, vieftig maeter dun geisoleerde dräödsjes, ö paar klein fittingskes woi ö fietselempke in pasde en öt leech brande. Noe hoofde ze gei petrôlslempke mèt nao baove te nömme en kôsjte ze zich smörges ouch baove aan önne houte laveboo mèt lamppètkan wesje. In de zomer,este de kachel neet aan waor,hauwe veer in de achterkäöke ö petrôlsstèlke woi op gekaok kôsj waere. Esset neet good verzörrig waor stoonk de ganse achterkäöke nao petrôl.Mie zuster hauw ön anger idee: ön gaasflesj en ö gaasstèlke. Dan haste geine stjinkpetrôl mië nwuödig en öt kaoke ging gauwer. Wie ich al lang öt hoes oet waor woor de gaas aangelag. Dae veuroetgaank höb ich aan de Maas neet mië mètgemaak. Ich höb ouch neet mië mètgemaak tatter in öt hoes önne W.C. gekômme is. Veer ginge, zomer en weinter, boete nao öt huuske. Dat laog achter de koostal, naeve de mèstem. Öt besting oet ön wit gesjoerde plank mèt ö gwroit laok midde drin. Dao hoofdes mer drop gaon te zitte en alles veel in ö duuster laok.
En achter öt huuske laoge houte planke euver önne pöt dae ö paar kiër per jaor mèt önnen tob laeg gemaak moosj waere.Dat spöl ging de moostèm in, oonger de wiemere en krwoinsjelestruuk of woor ônger gegraave. W.C. pepier kôsjte veer neet. Veer gebruukde stökskes kèzèt of blaedsjes oet beukskes. Dao stônge dèk leuke dinger in die iës gelaeze woore veurdat ze gebruuk woore. Zwoi kôsj öt gemaekelik gebäöre tat öt huuske väöl langer bezat waor es nwuödig. En ester zeve man gereigeld drop moosjte gaof dat waal ins prebleeme, veural in de zomer. In de weinter neet, dan waor öt väöl te kauwd um lang te blieve zitte. De kôsj dan aan de plank vas vreere. Este klein kènger sweinters moosjte pisse dan kôsj dat ouch in de koostal. Dao leep ön göt die boete in dezellefde pöt oetkaom. 
Opte kämerkes sting veur öt gemaak onger eeder bèd önne pispot. Eederen daag moosj tae laeg gemaak waere. In eine tob waor alles nao ônger gebrach en opte mèstèm oetgesjöd.Veur uch klink tat hiël ingewikkeld, meh veer waore neet anges gewènd en wiste neet baeter. Wie ich opte kôssjwoil kaom ging ich veur den iëste kiër ônger de doesj. Dat waor hiël get. Jônges die nog nwoits gedoesj hauwe. Daoveur sting dao ön zuster die ôs oetlag wie ein doesj wèrkde en wie veer aan de knöpkes moosjte driëje um werrèm water te kriege. Bie ôs ginge de klein kënger in ö kuupke of woore bie önne wesjbak op önne houte stool gewesje. De grwoite weesje zich zellef op öt slaopkämerke bie de wesjtaofel mèt lamp1ètkan. Dit zin ei paar verangeringe die mich bie gebleeve zeen en die de jeug van allewiel neet mètgemaak höbbe.
Die kènne zich neet veurstèlle tatter geine televisie, radio of plaatespeler in hoes waor. Die praote euver video, c.d. en elpee of speele mèt önne kèmpjoeter, höbben öt euver floppies en muus, euver Cola eb Spa Reine, euver sjips veur de kèmpjoeter of veur te aete.
Ich vraog mich aaf wie de waereld euver vieftig jaor oet zal zeen en wie de kènger van noe zich dan weite te redde in önne gans verangerde waereld.

Mar/B.



Premiere-Concert Limburgs Fanfare Orkest in Geulle

Op zondag 16 juni jl. vond in een bomvol en bloedheet Cultureel Centrum “De Harmoniezaal” en onder leiding van Rob van der Zee, onder meer succesvol dirigent van onze “bloedeigen” Harmonie St. Caecilia, het 
Premiere-Concert plaats van het enige maanden daarvoor opgerichte Limburgs Fanfare Orkest (LFO).
Het LFO bood de aandachtige luisteraars een fraai afwisselend programma:
1. “Wachet auf”, ruft uns die Stimme F. Mendelssohn-Bartholdy in een arrangement van F. Vleugel 
2. Tableaux Symfoniqes K. Schoonebeek 
3. Concertino voor Xylofoon T. Mayuzumi, arr. H. Pastoor met als solist de 23-jarige Stefan Castro uit Tongeren
4. Carpe Diem L. Vliex
5. Jazz Suite D. Shostakovich, arr. M. Grond, met de vooral door A. Rieu bekend geworden “Second Waltz”
6. Pino de Ifach, een pasodoble van P. Janssen
7. El Cumbanchero/Palo Palo, arr. J. Perik.

Van het mooie concert is een CD gemaakt die einde juli / begin augustus in omloop zal worden gebracht (prijs 16 euro).

Naast de al veel langer bestaande en vooral door het WMC al veel langer beroemde provinciale fanfare-orkesten, zoals het Frysk Fanfare Orkest en het Gelders Fanfare Orkest, beschikt ook Limburg thans “eindelijk” over een eigen “elite” provinciaal fanfare-orkest, het LFO, en dat mag mede gezien de slechts zeer korte voorbereidingstijd op zich al een wonder worden genoemd.
Het spiksplinternieuwe Limburgs Fanfare Orkest bestaat uit de beste muzikanten uit een aantal Limburgse fanfare-orkesten, waaronder Fanfare St Martinus uit Geulle. Het concert in Geulle werd dan ook bijgewoond door een groot aantal sympatisanten en familie van deze muzikanten. Het aantal Geullenaren dat tijdens dit premiere-concert in Geulle “acte de presence” gaf was op een hand te tellen en dat vond ik persoonlijk erg jammer. 
Hoewel de uitvoeringen tijdens het premiere-concert volgens een deskundige nog niet helemaal als “smetteloos” mochten worden aangemerkt, verwacht deze deskundige toch dat er op den duur voor het LFO een toonaangevende plaats in de Nederlandse fanfarewereld bereikbaar is. Hulde aan Rob van der Zee en aan zijn nieuwe fanfare-orkest. 

De bezoeker aan het premiere-concert van het LFO ontving na betaling van het entreegeld van 6 euro een fraaie “programma-map”.

Sjir Webers


VVV-concert in Geulle

Op zondag 30 juni jl. vond op de Essendijk onder redelijk goede weersomstandigheden een openlucht-concert plaats dat georganiseerd was door de VVV.
Aan het concert werd deelgenomen door Harmonie St. Agnes uit Bunde en door de beide Geulse muziekverenigingen.
De drie muziekverenigingen brachten een “luchtig” programma met “voor elk wat wils”. 
Bedroevend vond ik de opkomst van de inwoners van Geulle, voor wie het concert volgens mij toch bedoeld was. Natuurlijk was er die middag de finale WK voetbal in Japan, doch deze was tegen half drie al afgelopen.
En natuurlijk had de dag ervoor het eerste Geulse zomerfestival in de Harmoniezaal plaatsgevonden, maar toch! 
De mensen die wel waren komen opdagen konden genieten van enkele fraaie stukken muziek! Bedankt muzikanten, bedankt VVV voor de heerlijke middag !

Sjir Webers



Brieven van Pieke junior uit de Piemelenhoek.

Dag mensen van Geul, hier weer een brief van jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek. Het is gelukkig eindelijk verkansie en ik ben over naar de volgende klas en de meester zei dat alles goed was, alleen mijn huilands daar moest ik nog wat aan werken, zei die, maar hij kan me de pokkel op en de buik af, want der valt voorlopig niks te werken, ik ga eerst een week of zes op de knup op mijn ruggestrank in het gras liggen, als het ten minste eens een paar dagen achtermereen droog wil blijven. Als je op de knup ligt, dan kun je zo mooi over onder in Geul en over Belsj kijken, maar der zijn schijns weer een paar van die geleerde heren aan de gang, die vinden dat het hier in Geul nog niet hoog genoeg is en die gaan een mas zetten van meer dan vijftig meter hoog voor zich ondereen te waarschuwen als den een of den ander weer wat uitgevreten heeft en gelukkig komt die mas niet bij ons in den hoek of in de moestem van de Noonk, maar die vraagt zich af of dat nou allemaal wel zo nodig is, als ze willen dat iets rondgeblaaiert wordt, dan hoeve ze het maar tegen Stöbbes te zeggen, die is nog sneller wie de gezet en dan weet binnen een uur gans Geul wat er los is. En der zijn ook weer veel Huilanders in het dorp, want Merie was in de winkel geweest, waar halen, en wie ze bij het vlees kwam was alles wat in de reclaam was al op en toen ze bij de kassa kwam zag ze dat een paar Huilanders zich alles ingeschaard hadden voor te barbekoeien, zeiden ze, en ze hadden zich ook één flesje bier de bij gepak, nou dat zal me wat worden, daar. En der waren ters ook een paar van die Huilandse kinderen hier in de hoek en die wilden spelen, maar ik had niet zoveel zin derin en toen zei ik dat we maar moesten gaan koeversteken en toen keken die of ze van wijt weg kwamen en dat klop ook, maar ik wist niet wat of dat op zijn Huilands was en toen ben ik het aan Harie gaan vragen en die wist het wel, want die werkt op de kuil met veel van die en toen heb ik me goed verstoken op de huizolder en die hebben zich toen een ons gezocht, maar ze hadden me toch lekker niet gevonden.
En ik ben al met de Noonk naar Sjel geweest op het Belsj in Ufeke en de Noonk had gezegd dat ik goed moest opletten want daar zit de Fien Fleur van Geul op het terras, en die ken ik niet, maar wie ik ze zag vond ik het maar net een bussel verslakde bloome. En de Toer is ook aan de gang en het voetballen is afgelopen en der komen een hoop gasten uit Korea naar den Achterhoek toe, omdat ze willen zien waar Guus vandan komt en die krijgen dan ook aangepast te eten, en daar heeft zo een slimme zakenman zich zoget als Sapsoi Hiddink uitgedacht, heeft de Noonk gelezen, en nou vraag hij zich af wie of dat gaat als die zich vergissen en per ongeluk bij ons in den hoek terechtkomen en dan moeten die toch ook eten en dan krijge ze zeker Zate Noonk, Bami Merie of Foei Jong Harie en een Koep Pieke om de gaatjes te vullen, want je moet wel de namen gebruiken van beroemde mensen en de Noonk gaat dat idee verkopen, zegt hij aan de kaffeehouders van Geul en dan krijgt hij misschiens nog persenten derop en dan kunnen we weer op het terras gaan zitten, kijken of het al weer beter gaat met Fien en consorten. Dus tot een volgende keer en u krijgt de groeten van uw Pieke Junior uit de Piemelenhoek.


Geulle 50 jaar geleden.
Juli 1952…….

– Uit de raadsvergadering van juli 1952.
Als eerste ingekomen stuk werd mededeling gedaan van de herbenoeming van Jhr. A. van Aefferden als burgemeester der gemeente.
Het bestuur van de V.V.V. “Geulle” vraagt een éénmalige subsidie teneinde de vereniging in staat te stellen vergrotingen van foto’s van Geulle te laten plaatsen in de rijtuigen van de Nederlandse Spoorwegen. Op voorstel van B. en W. wordt deze subsidie verleend, doch het bedrag over twee dienstjaren verdeeld.

Het raadslid P. Muytjens doet het voorstel om een geheel nieuw terrein voor villabouw te reserveren m het gehucht Moorveld, nabij de Klinkenberg, plaatselijk bekend onder “Op de Stein”. Het raadslid betoogt dat dit terrein bijzonder geschikt is en voor de landtouw niet van grote waarde. Het terrein is goed te ontsluiten en water en licht liggen tot aan de bestaande weg. B. en W. zullen dit nader onder ogen zien of de mogelijkheid hiertoe aanwezig is.

De heren Kurvers, Sassen en Muytjens informeren welke weg B. en W. wensen te volgen om te voorkomen dat voortaan de Spoorwegen nog zand krijgen van de Snijdersberg bij stortregens. De voorzitter deelt mede dat B. en W. zich zullen houden aan de deskundige adviezen, welke tot op heden zijn opgevolgd. Het dagelijks bestuur is van mening dat de aangebrachte schade een gevolg is van de hevige regenval en dat bij de uitvoering voldoende maatregelen zijn getroffen. 

Nader overleg met de Nederlandse Spoorwegen heeft nog plaats en getracht zal worden tot een minnelijke schikking te tomen. Algemeen is men. er van overtuigd dat verdere maatregelen getroffen dienen te worden.

– Geslaagden:
In de afgelopen maand slaagden voor het MULO-diploma de dames Els en Ria Janssen, Hulsen alhier en. voor lerares Huishoudschool mej. Mia Pasmans, Hulsen alhier. Te Arnhem slaagde voor aspirant bouwkundig opzichter-tekenaar de heer Frans Kengen, Snijdersberg 6 alhier. Te ’s-Gravenhage slaagde voor het examen gemeente-administratie l de heer A. Muytjens te Westbroek.

Hein Peters.



De Sacramentsprocessie in Waalssen

Op 2 juni vond in Waalssen onder bijzonder mooie weersomstandigheden de jaarlijkse Sacramentsprocessie plaats.
De tocht ging deze keer naar de Hussenberg met rustaltaren aan de Cruisboom en aan het Bejaardentehuis Ave Maria, alwaar ook de Hl. Mis werd opgedragen. De buurtbewoners hadden gezorgd voor mooie wegversieringen, zandlopers e.d.
Wat mij opviel was het nagenoeg geheel afwezig zijn van de mannelijke bevolking van Waalsen. Waar zaten deze mannen ?
Een verklaring hiervoor kan het volgende zijn.
In het desbetreffende weekend vierde het Geuls Mannenkoor zijn 10-jarig bestaansfeest, waarvoor zelfs “een buslading vol” Oostenrijkers, het Mannenkoor uit Mariazell met aanhang, was uitgenodigd. Met uitzondering van een enkel lid van het jubilerende Geulse mannenkoor, dat ook nog ambtshalve (kerkmeester in Waalsen) in de processie meeliep, kon ik – buiten mijzelf – geen enkel ander koorlid uit Geulle of het bedevaartsoord Mariazell ontdekken.
Een gemiste kans voor met name de mensen uit Oostenrijk, lijkt mij. Jammer, want dan hadden zij nu ook eens kunnen zien hoe hier processies worden gehouden.

Sjir Webers


In de Heer zijn overleden:

  • – op 12 juni 2002, op 81-jarige leeftijd, Lies Ummels, weduwe van Jef Ramakers;
  • – op 26 juni 2002, op 26-jarige leeftijd, Esther Donners, partner van Ton Brorens;
  • – op 29 juni 2002, op 62-jarige leeftijd, Frans Philippens, echtgenoot van Agnes Muitjens;
  • – Op 7 juli 2002, op 80-jarige leeftijd, Elisabeth (Lies) Franssen, weduwe van Jac Verheijden;
  • – Op 11 juli 2002, op 89-jarige leeftijd, Fien Frissen, weduwe van Jean Simonis, Pastoor Smeetsstraat;
  • – Op 12 juli 2002, op 63-jarige leeftijd, Jan Pepels, echtgenoot van Martha Ramakers, Broekhoven 3a.

Voetbalvereniging Geulsche boys 

De boys bestaan dit jaar 80 jaar en dit wil de vereniging niet onopgemerkt voorbij laten gaan. Ter gelegenheid van dit jubileum worden in het weekend van 16, 17 en 18 augustus meerdere festiviteiten georganiseerd. Maar hierover straks meer. 
De vereniging zag het levenslicht in 1922. Enkele wijze Geulse mannen hadden het idee om gezamenlijk sport te gaan bedrijven. In eerste instantie gebeurde dit in Moorveld. Op deze plek ligt nu het vliegveld. Volgens Servaas Swelsen beter bekend als Väös van café Sport was het in zijn tijd, en dan spreken we over 1950, maar behelpen. Sjirke Muitjens, in die tijd de voorzitter, maakte de eerste Geulse doelen. Niet als topscoorder maar als timmerman. Hij werkte als timmerman bij Muris te Beek waar de doelen in elkaar getimmerd werden. Per fiets werden deze doelen naar Geulle getransporteerd. Maar een veld met doelen is nog geen voetbalveld. Wanneer er gespeeld moest worden werden eerst de koeien van het veld gehaald waarna de koeienvlaaien weggehaald moesten worden. Hierna moesten de grote graspollen met de hand gemaaid worden. Dit moest gebeuren omdat dit de ideale schuilplek was voor de hazen die in grote getale op het verse gras af kwamen. In 1950 deed de slaapkamer van Väös dienst als kleedruimte voor de Boys. De bezoekende club moest zich omkleden op de meelzolder. Douches ontbraken, hiervoor in de plaats stonden buiten bakken met koud water. Wekelijks was er trainen. Hiervoor werden dennenbomen gekapt die naast het veld stonden en dienst deden als lichtmasten. Voorzien van enkele gloeilampen speelden men toen al “lichtwedstrijden”. Men had zelfs een trainer die speler was van Ajax. Jo de Leeuw woonde en werkte in Geleen op de Maurits. Als er trainen was kwam hij met de bus van Thijssen tours met de middagsjicht naar Geulle. Hij ging eten bij café Sport. Na de training ging hij met de nachtsjicht weer naar Geleen. Wedstrijden tegen Bunde waren altijd speciaal. Deze streekderby werd door vele toeschouwers bezocht en zowel Geulle en Bunde liep leeg om het spektakel te aanschouwen. Good old Sjef van Nes was toen al de terreinknecht. Hij zorgde zowel voor het materiaal als de velden. Een van zijn taken was de verzorging van de ballen. Deze waren voorzien van een veter waarmee het leer om de binnenbal was gespannen. Als de binnenbal niet goed in de buitenbal zat en iemand kopte de bal kon dit wel eens een blauw oog opleveren. In die tijd had men naast de wereldse bestuursleden ook een geestelijk adviseur. De kapelaan was hiervoor verantwoordelijk. Zijn verantwoordelijkheid nam hij echter zo serieus dat hij tot in de kleine uurtjes achter de kaartafel te vinden was. Als hij dan laat in de nacht naar huis ging zette hij bij de kerk zijn brommertje uit zodat de pastoor hem niet hoorde thuiskomen. 
Later kwam er ook en kleedlokaal naast de velden van de Boys aan de Andreas Sauerlaan. Dit lokaal was een noodwoning uit de Maastrichtse wijk Witte Vrouwenveld die door leden was vertimmerd tot kleedruimte. Giel van de Pos en Väös waren de terreinconsuls van Geulle. Dit wil zeggen dat zij op zondag het veld keurden voordat er gespeeld zou worden. Indien het veld door regen onbespeelbaar was, werd er door Giel een telegram naar de tegenstander verzonden met het bericht dat er die zondag niet gevoetbald zou worden. Wanneer de Boys kampioen waren geworden, werden zij door de harmonie of fanfare vanaf de Boskant of harmoniezaal afgehaald en begeleid naar het verenigingslokaal. 

De Boys zijn niet blijven stil staan. De vereniging telt op het ogenblik ca. 175 leden waarvan er ca. 100 bij de junioren spelen. Spelers, trainer en bestuur hebben de ambitie om de Boys uit te laten groeien naar een club die weer meetelt in de regio.

Ter gelegenheid van het 80 – jarig jubileum is er in augustus een groot feest. Het programma ziet er als volgt uit:
Vrijdag 16 augustus:
Kwajongconcours bij eetcafé Effe Plenke aan de Essendijk. Aanvang 20.00 uur.
Kienen in de harmoniezaal, aanvang 19.15 uur
Zaterdag 17 augustus:
Spellenmiddag voor de jeugd op het sportcomplex, aanvang 9.30 uur. 14.30 uur trekking van de loterij.
D.J. Aston, D.J. Sebulba en D.J. d`n Ummel bij eetcafé Effe Plenke, aanvang 20.30 uur. 
Entree € 6.00.
All Sounds in de harmoniezaal, aanvang 20.30 uur. Entree € 6.00
Entree kaarten zijn zowel in de harmoniezaal als bij Effe Plenke geldig, dus 2 voor de prijs van 1!

Zondag 18 augustus:
Gäölse Dörrepsbrunch. Na een overheerlijke brunch met spek en ei spelen voor u de Burchwache kapel en Erwin vaan `t Merretkoer. Circa 12.00 uur is de huldiging van de jubilarissen.

Bestuur en leden van de Geulsche Boys hopen oud leden, sympathisanten, sponsoren, supporters, oud Geullenaren, iedereen die een warm hart toedraagt aan de boys en uiteraard diegene die gezellig op stap wil gaan, te mogen ontmoeten tijdens dit weekend. 

Het organiserend comité.


Ontdek je plekje: d’n Piemelenhook

Wie de kranten de laatste tijd goed leest zal het misschien opgevallen zijn: Geulle is erg geliefd bij de verslaggevers van de regionale dagbladen. Werd vorige maand de voorzitter van de Heemkundevereniging, Hein Peters, geinterviewd op het Kerkplein aan de Maas, deze maand was het de beurt aan een ander bestuurslid van de vereniging, Willy Ramakers. 

In het artikel van dinsdag 23 juli van Dagblad De Limburger geeft Willy enkele verklaringen omtrent de unieke naamgeving van één van de mooiste plekjes uit het Maasdal. Hieronder vindt u een gedeelte van het door verslaggeefster Kirsten Broekhoven(!) geschreven artikel:

Met een brede glimlach op zijn gezicht dwalen zijn gedachten af naar de tijd dat hij nog een ‘piemelke’ was. Oudere mensen uit Geulle het bloed onder de nagels vandaan halen met onschuldige maar ondeugende kwajongensstreken, dat was leuk. Vooral heel veel kabaal maken met bijvoorbeeld blikken deed het altijd erg goed. Maar Willy Ramakers (66) deed dit niet in zijn eentje. Samen met 37 andere kinderen waren ze de schrik van het topje van de Snijdersberg in Geulle. Als één van de bengels zijn of haar brutale koppie om den hook stak, wisten de ouderen al vaak hoe laat het was. “Piemelen’, riepen ze dan, “Maak uch gauw den hook in’. Vandaar de naam Piemelenhook. 

Maar het blijft niet bij deze ene verklaring weet Willy Ramakers te vertellen. Een ander verhaal achter de Piemelenhook is dat van Tant Tru, de moeder van Ramakers. In den hook, de top van de Snijdersberg, woonden in de oorlogsjaren achtendertig kinderen verdeeld over acht gezinnen. Het grootste gezin telde elf kinderen en het kleinste gezin bestond uit slechts één kind. En volgens Ramakers heeft zijn moeder ooit gezegd: “Tsjonge, tsjonge, zoveel kinderen op dit kleine stukje grond. Het lijkt wel een Piemelenhook.’”

Wat nou eigenlijk het enige juiste verhaal achter de Piemelenhook is, zal men in Geulle wel nooit te weten komen, maar feit blijft dat er in dat kleine pitoreske hoekje in Geulle heel veel kinderen woonden.


De Sjakel
Juni 2002

Geulle in vroeger tijden.
45. De schepenbank: CollecteursBij de schepenbank van de heerlijkheid Geulle waren ook collecteurs aangesteld. Dit waren mensen die de gemeentelijke belastingen en de door de schepenbank opgelegde boetes moesten innen. Tussen 1660 en 1791 hebben de volgende personen als collecteur in ons dorp gewerkt:1660 Jan Gys
1671 Hendrik Houben, Marten Jans, Lenaert Lenaerts en Herman Hoogheinen
1676 Gerart Volders
1679 Geret Tylmans
1680 Herman Hoogheyn
1681 Francis van den Hoeffe
1683 Hendrik Pijpers
1691 Tossin en Gerard Volders
1693 Henri van Eupen
1696 Gheret Thylmans
1702 Herman Hoogheyn
1704 Geren Vollers
1704 Hendik Houben en Geren Tilmans
1708 Geurt Hendrik Hoeffve
1711 P. Volders
1719 Gosen Pypers
1722 Mathijs Bours
1725 Mathijs Lonis
1728 Mathijs Bours
1741 Herman Paulussen
1755 Leendert Deckers
1758 De heer graaf van Hoensbroeck-Geul
1762 Kapelaan Josef Notermans
1770 Arnold Huntjes
1774 Arnoldus Janssen
1791 G. HermansUit bovenstaande lijst blijkt dat veel familienamen in de loop der eeuwen in ons dorp bewaard zijn gebleven. Wel is de schrijfwijze van sommige namen tegenwoordig iets anders dan vroeger. 
Na 1791 kwamen de Fransen onder Napoleon hier en hielden de schepenbanken op te bestaan. Hiervoor in de plaats kwamen de gemeenten en rechtbanken. Ook de gemeenten kennen collecteurs, maar die worden gemeenteontvangers genoemd.
Bij de aanstelling tot collecteur bij de schepenbank moest “cautie” worden gesteld. Dit wil zeggen dat elke nieuwe collecteur verplicht was om voldoende borg te stellen. Als zijn eigen roerende en onroerende goederen hiervoor te gering waren dan stelde zijn naaste familie wel genoeg borg. 
Zo werden op 20 december 1762 bij de aanstelling van kapelaan Notermans niet alleen zijn eigen (on)roerende goederen als borg genomen, maar moesten ook tien Geullenaren voor hem borg blijven. Deze bijzondere zekerheidsstelling was blijkbaar nodig omdat de kapelaan niet uit ons dorp kwam.Archie Varis.Literatuur:
Uit Geul’s verleden. (1926)Brieven van Pieke junior uit de Piemelenhoek.Dag mensen van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke.De Noonk is net terug van de percessie en die heeft lang geduurd, want Merie heeft de middag al omgedragen en de Noonk vond het wel leuk, zegt hij, want het was niet zo wijt wat hij heeft gelopen en dat was vroeger wel anders wie ze nog van de Kerk over Broekhove gingen en dan door Hulse of naar Brommele, zegt hij en dan zweette je een look in je humme, tenminste als het warm was, maar nu was ter niet veel tijd voor te bidden want ter was gelukkig veel muziek en dus is hij nog maar wat langer in de heilige huisjes geweest zegt hij en nou heeft hij mij nog kermiscente gegeven en dan kan ik mooi eens in dat reuzerad wat er staat, maar dat is niet zo groot, vind ik, maar ja voor Geul is het al heel wat. En in de percessie zijn ze ook al drachter, dat vroului beter kunnen schamateuren wie manskerels, want den hemel werd door de vroului van het Kleinbrook gestuurd en ze zijn zonder blutse thuis gekomen en ze waren ook nog langs de bejaarden gegaan en het was heel mooi gesierd met kattestaarten en kleurzand en zo. En Hein van de Kes heeft ook een onderscheiding gekregen om reden van de zangk en omdat hij van alles debei heeft gedaan, je vraag je af waar die de ammesjuur vandan haalt, zegt de Noonk, en omdat hij ook sinterklaas speelt hebben ze zijn kompel ook een lintje gegeven en de Noonk vraag zich dan toch ummer weer af waarom de klazen wel en de pieten niet, maar die twee wat het nou gekregen hebben, gunt hij het wel, zegt hij, en hij zich met die een goeie derop gedronken en die van de zangk gaan nou een knook begraven bij ons in den hook, en dat is echt heemkunde, zegt de Noonk, want daar staat ook van alles over in de Sjakel, maar ja dat hebben jullie ook allemaal kunnen lezen en de Noonk zegt, dat hij dan moet uitkijke, want hij heeft nou nog een mooie moestem en dat snapde ik niet, maar hij heeft het mij uitereen gelegd, want de Noonk heeft zich bedacht dat die knook wel eens onsterfelijk beroemd kan worden en als dat een internationale trekpleister wordt dat de lui daar wie vliege op de sjroop op afkomen en dan komen hier in den hook allemaal kramen en cafés en zo en voor je het weet, wil de gemeente hier een parkeerplaats aanleggen en dan is de Noonk sjus wie die medam in Meerssen zijne moestem kwijt, dus hij is nog niet zo kepot devan. Het is toch al sjus offent Geul één groot feestterrein wordt, maar dat ze daar ummer de weg voor moeten afsluiten en bij de lui op de pleij gaan staan, dat snap hij niet, maar ja dat zal wel komen omtat bij het zwembad de parkeerplaats sjus wie die parkeergaraasj in Meersse altijd helemaal vol met autoos staat. En die van de gemeente hebben schijns veel werk aan alles wat niet in drekstuiten kan, maar met de percessie hadde ze wel mooi de gutte geveegd en bij de brug is schijns de lucht ook geklaard en nou kunnen die van de gemeente zich gooien op zwervend vuil, want daar hebben ze veel te veel van, maar ja zegt de Noonk, wie een ander een zak geeft loopt zich tegen een hoop rotzooi kepot.
Nou adië en de groeten van Pieke Junior uit de Piemelenhook.
Geulle, 67 jaar geleden…..Dat Geulle een mooi dorp is weten we met zijn allen. Dat vond men reeds in 1935 getuige onderstaand artikel van de toenmalige burgemeester Jhr. A.M.H.E. van Aefferden, dat verschenen is in “Limburg”, een propaganda-uitgave die tot stand is gekomen met medewerking van verschillende gemeenten en VVV’s in Limburg.Een ieder en niet het minst de stedeling heeft behoefte om zijn gewone dagelijksche bezigheden met de daaraan verbonden beslommeringen voor een tijdje stop te zetten en ontspanning te nemen in de natuur.
Want het is immers de heerlijke vrije natuur, die voor ’s menschen geest en gezondheid een van de schoonste bronnen van vreugde en geluk kan scheppen !
En vooral de natuurliefhebber schijnt innerlijk bewerkt te worden door een onweerstaan-baren bevrijdingsdrang en zoekt de daverende steden te ontvluchten met hare lichtlooze huizen, hare ronkende straten, hare magazijnen en fabrieken.
Men voelt er zich bevangen. Men verlangt naar zuivere lucht, naar klaarte, naar ruimte, naar aarde en water en groen ! Men wil zich daarin, ontdaan van alle banden, bewegen … 
Waarheen?!
Vriendelijk en rijk aan natuurschoon, gelegen in het zuiden van onze schilderachtige Limburgsche Maasvallei en ten Westen van den grooten verkeersweg Sittard – Maastricht is GEULLE (niet te verwarren met Geulem of Schin op Geulle) nog onvoldoende bekend.
Van hoevelen moest ik bij hun allereerst bezoek herhaaldelijk vernemen, dat Geulle door zijn natuurschoon meer aandacht verdient en dat niet alleen door zijn heuvels en dalen, maar evenzeer door zijn bosschen, mooie wandelingen en ander landelijk schoon.
Geulle ontleent zijn naam aan het riviertje de Geul, dat voorheen onder of tegenover het dorp in de Maas stroomde, maar dat nu doet enkele kilometers zuidelijker tusschen Itteren en Bunde bij Hartelsteyn aan het Voelwames, omdat volgens de overlevering de Maas intuschen de bedding van Geul heeft ingenomen. Het zou zeker interessant wezen, een beschrijving van de Geulsche geschiedenis te geven, doch zulks zou te ver voeren en is ook niet de bedoeling. Doch iets schrijven over het dorp en de streek, die ik sinds meerdere jaren, dat ik er vertoef meer en meer ben gaan liefhebben.
Het is niet zoo eenvoudig naar behooren uit te stippelen waarin het zit, hoe het bestaat dat Geulle zijn omgeving zoo mooi is, zoo heel bijzonder onder al de mooie dorpen van Zuid-Limburg. Een heerlijke uitbeelding ervan vind ik samengevat in de volgende suggestieve regels door Dr. Felix Rutten (die geruimen tijd te Geulle zijn verblijf had) geschreven in “Ons Eigen Tijdschrift” :
“Ga nu een mensch eens vertellen, waarom een mooie bloem nu juist wel zóó mooi is …. Daar moet je oog voor hebben, en misschien gevoel.
Ons dorp nu is mooi als een heel bijzondere bloem. Het bestaat uit een zevental verspreide gehuchten, waarvan juist de twee kleinste (om station en school) wel de voornaamste zijn.
En zit je er neer op den rand van den Snijdersberg, dan wenkt er geen top meer aan de overzijde, dan kijk je in een breed, groen dalvlak, dat de Maas met haar grilligste meanders borduurt en waarachter, aarzelend en wazig, het Belgisch Kempenland omhoog zwelt. De roem van het dorp en van het aangrenzende Bunde bestaat voor een groot deel in het vergezicht, dat er voor hunne bergranden openligt, een panorama dat zijn aangrijpende schoonheid handhaaft naast de befaamde Limburgsche vergezichten. De lyriek der breede daldiepte die het omgeeft, en der boschrijke heuvels die het omkransen, vol bronnen den stroompjes, de juichende pracht der fluwelen Maasvallei, door de Geulsche bergen bestreken, tot waar het torenrijk Maastricht ze sluit met zijn juweel: dit maakt Geulle in den zang der Limburgsche schoonheid tot een opperst orgelpunt, waarbij de ziel van den bezoeker zwijgend in een langen geluksdroom verzinkt.
Wanneer je neerzit op den rand van den Snijdersberg, ligt heel Zuid-Limburg in een halfring achter je. Het panorama van den Snijdersberg zou onveranderd mooi zijn, ook als het onveranderlijk hetzelfde bleef.
Maar het wisselt met de seizoenen, en moeielijk is te zeggen, wanneer het zijn hoogste victorie viert.”
Inderdaad, geen camera heeft macht over dit verrukkelijk vergezicht! Langs tal van goede wegen kan men Geulle en zijn omgeving gemakkelijk bereiken en moge dezes er toe bijdragen, om in wijden kring en in den ruimsten zin, belangstelling te wekken voor deze zoo schoone streek.
Daarom komt, ziet en geniet!
Geulle, 1935, Jhr. A. M. H. E. Van Aefferden,
Burgemeester
In bovengenoemde uitgave werd ook duchtig reclame gemaakt om in Geulle te komen wonen getuige onderstaande advertentie.Albert BaenensPauselijke onderscheidingHet was Zaterdag 18 mei de Zaterdag voor Pinksteren aan het einde van de mis dat de koster van de Parochie Waalsen, in de persoon van Hubert Rouschop, uit handen van Pastoor Dohmen de Pauselijke onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice kreeg uitgereikt.
De Pastoor sprak in zijn rede over de vele verdiensten die Hubert als Koster van de Parochie Waalsen heeft gehad en nog heeft. Hubert was van 1976 tot 1985 lid van het Kerkbestuur.
En aangezien er in die tijd geen koster voorhanden was heeft hij die taak toen ook maar op zich genomen en tot op heden doet hij dat nog. Steeds als zijn aanwezigheid in de kerk vereist is, is Hubert present. Maar zegt hij: “Ik kon dit beslist niet doen als mijn vrouw Lies hier niet volledig achter stond, eigenlijk heeft Lies ook de helft van deze onderscheiding verdiend”.
Het is daarom en mede gezien het feit dat hij deze taak al meer dan 25 jaar uitoefend heeft, dat Paus Johannes Paulus aan Hubert deze eervolle onderscheiding toegekend heeft. In zijn dankwoord betrok de Pastoor dan ook echtgenote Lies die als uiting van waardering een bloemetje aangeboden kreeg. Daarna kregen alle aanwezigen in de kerk de gelegenheid om een stralende koster te feliciteren. Hubert en Lies, ook namens de Sjakel van harte proficiat.W. RamakersIn de heer zijn overledenop 21 mei 2002 op 73-jarige leeftijd, Harie Slootmaekers, echtgenoot van Marie Thijssen, Hulserstraat 94;op 25 mei 2002, 80-jarige leeftijd, Sjeng
Kurvers, Verpleegkliniek De Zeven Bronnen, Amby-Maastricht (voorheen Oostbroek);op 28 mei 2002, op 49-jarige leeftijd, Peter Rogiers, Westbroek;op 7 juni 2002, op 77-jarige leeftijd, Gerard Hubert Louis (Lewieke) Vossen Verpleeg-kliniek St. Jansgeleen, voorheen Kuiperstraat, 77 jaar.Geulle 50 jaar geleden……
Juni 1952– Uitbreiding in het rectoraat. Het gemeentebestuur hoopt binnenkort over te gaan tot definitieve vaststelling van het uitbreidingsplan “Snijdersberg-Hussenberg”. Het plan voorziet dan in de bouw van ca. 100 woningen, zijnde de totale woningbehoefte voor de eerstkomende 10 jaren. Bij de Vaste Commissie van de provinciale planologische dienst te Maastricht bestaan thans tegen de voorgenomen uitbreiding geen overwegende bezwaren. Wel heeft de voornoemde Commissie bezwaren tegen de ontworpen villabouw nabij de Pastoorsberg, aangezien deze plaats gelegen is dicht bij het natuurreservaat. Teneinde het zeer belangrijk natuurschoongebied te behouden in de ongerepte toestand wenst voornoemde Commissie dat tussen de bestemming van de terreinen en het natuurschoongebeid een agrarisch gebied moet blijven bestaan van ongeveer een breedte van 200 meter.- Vrije-tijdswoningen. Op initiatief van de heer A. van Vliet, Hulsen 13 alhier heeft men reeds geruime tijd geleden geleden plannen gemaakt om te komen tot de bouw van de z.g. vrije-tijdswoningen, d.w.z. dat een aantal gegadigden, werkzaam op de mijn of in de bouwvak, zelf in hun vrije tijd een woning gaan bouwen. Inmiddels zijn deze plannen zover gevorderd dat zich een 13-tal bouwers hebben aangemeld en plannen bij het gemeentebestuur hebben ingediend. Gezamenlijk zullen zij trachten deze woningen in ruim één jaar te bouwen op diverse plaatsen in Geulle.
Indien men met de betreffende aannemers, wat de levering van materialen betreft, tot overeenstemming kan komen en de voorfinanciering met de gemeente geregeld is en door de gemeenteraad is goedgekeurd, kan eerlang met de bouw een aanvang worden genomen. Voor de bouwers komen de kosten van een dergelijke woning op rond fl. 6.000,00 waarvoor een hypotheek kan worden aangegaan. De maandelijkse annuïteit bedraagt dan ongeveer fl. 34,00 en na 30 jaar is men eigenaar van de woning. Van het rijk ontvangt men voor deze woningen een premie van fl. 4.700,00.- Kamerverkiezingen: op 25 juni heeft men gestemd voor de 2e Kamer. Dit waren de uitslagen van Geulle (tussen haakjes de uitslagen van 7 juli 1948):Katholieke Volkspartij 827 (840)
Partij van de Arbeid 69 (57)
Anti-Revolutionaire Partij 1 (4)
Christelijk Historische Unie 0 (1)
Volkspartij voor Vrijheid en Democratie 6 (9)
Communistische Partij Nederland 4 (7)
Staatkundig Gereformeerde Partij 0 (0)
Katholieke Nationale Partij 24 (27)
Partij v. Recht, Vrijheid en Welvaart 1 (0)
Socialistische Unie 0 (1)Aantal kiezers 1057 (1026)
Totaal geldige stemmen 932 (948)
Totaal blanco stemmen 23 (22)
Totaal ongeldige stemmen 35 (10)
Totaal aantal stemmen 990 (980)
Totaal aantal niet opgekomen stemmers 67 (46).
Men moet rekening houden met het gegeven dat het stemmen in die tijd verplicht was. Hein Peters
Ö t gouwe tiënsje.Öt waor in daen tied dat önne sondigssent nog eine sent waor en ich veur op miene kop önne stroevel haor hauw opte plek woi noe ö blinkend maonoppervlak zich begôsj aaf te teikene.
De mooder zag tatter neet väöl goo haor op z’n prie hauw die dougde. Hae vertaalde loestere altied in öt neet doon mèh daan deeg de mooder waal get wat neet väöl hôllép. En doe kaom de pestwoir bie de mooder vraoge oftae kleine méttie witte verrékkeshaor, dae zwoi slum oet z’n ouge keek, neet kwoirjong wol waere en of zie dao gei bezwoir taenge hauw. Eigelik neet zag ze want ze stônge toch eedere mörrége vreug genog op. Elein, öt waor zwoi eine “gamin”. En moosj tae noe veurraan opte trappe van den elter zitte? De pestwoir lagde ins, want de meiste kwoirjonges woore neet heilig verklaord. Wie de pestwoir öt mich vroog, vông ich öt geweldig.Dat hauw ich nwoits dörréve dénke.
Eine auwere kwoirjong zouw mich de Confiteor en öt Orate Fratres liëre. Dat gebäörde op ön auw fruitkis in de wei in de sjeem van eine auwe heulenteul. Öt waor ech neet gemaekelik en ich moosj oppasse tat ich mein tông neet verstoekde mët al die lestige weurd. Wie veer effe stopde en euver de gaas van de moostëm keeke, zaoge veer dao önne auwe ringelaote staon. De greun proeme kreege al ö kleurke wie ö joonk maedsje wie veer dreen keeke.
Zônger nao te dënke kraope veer de boum in en hwuörde veer de proeme opte grond valle. Veer ware sjus opte fruitkis truk en slooge os de Mea Culpa wie veer de vaader op z`n klômpe hwuörde aankômme. Gelökkig waor dae neet zwoi flot en waore veer blie tatter niks gemerrék hauw. Daag agterei bleeve veer oefene en doe braok de gwroiten daag aan. Ich zouw beginne mét ein laesmés te deene want dan waore neet väöl luu in de kérrék. De vaader zag altied “ Este mèh zwoi wiet bés tatste ö laesméske kéns doon” mè dao bedoelde hae toch get angers mét. Öt mésse deene veel mét en ich kreeg lol draan. Mèh ich moosj waal oplétte tat ich öt belke op tied leet rinkele. En wie öt Paosje woor, maog ich de plechtige hwoimés deene.
De pestwoir hauw öt sjwoinste kazuifel oette kas gehaold. Dat blônk en flônkerde aan alle kante. En de kwoirjonges hauwe allemaol fônkelnuu vuurrwoij tooge gekreege. Ich waor de kleinste en ich kreeg ouch de kleinste toog aan. Dae kaom mich sjus baove de witte sendaale.
Bie öt Evangelie, nao den Epistel moosj öt book umgedraage waere. Dat book waor deeze kiër ö geweldig sjwoin missaal mét öt gouwe kruus opte veurkant met gouwe slaote en sjwoin verseerde lintsjes tösje de blaar. Öt book laog op eine houte lésseniër dae sjwoin bewérrik waor. Wie öt tied waor um öt book um te draage, sting ich op, ging aan den Epistelkant de trappe op, pakde de lésseniër steevig vas, driëde mich um, traoij opte zoum van mienen toog en toemelde mét book en al de trappe aaf. Mét eine helle slaag sloog de zwoire missaal taenge de kérrékplevuuze. Nwoits zal ich de ouge van de pestwoir vergaete wie ich opkrauwelde en öt book toeklapde. Ich spooijde mich nao den angere kant woi “ de Heer zij met U” mich get vraem in de oire kloonk.
Ich ging gauw nao mein plaats truk en wie ich stikkem ônger mien ougplumpe door de kérrék in keek zaog ich dat alle luu nao mich keeke. Ich dach zellés ein sjittering in hun ouge gewaar te waere, bie sômmige zellés önne grinsjlach um de mônd. Ich zouw waal onder öt dik kneekösse wille wegkroepe. En ônger de praek, wie ich mich moosj umdriëje um opten trap van den elter te gaon zitte dörfde ich neet de kérrék in te kieke. Ich wis tat achteraan op d`n oksaol mie jongste broor zaot. Geluif mèr tat dae alles good gezeen hauw. Nao de més, in de sakrestie, sting de köster opte pestwoir te wachte. En veur dattie twië oetgepraot waore waor ich door de kérrék aaf. Want de pestwoir zou mich zeeker nog ins de Leviete wille laeze. Mèh noet get anges. Öt waor omtrént Sinterklaos. Wie ich in de vreuge duustere mörrige nao de kérrék ging zoag ich ônger de straotlamp get blinke. Öt waor gei kwartsje, geine zilvere gölle mèh ö gouwe tiënsje. Ich hauw nog nwoits ö gouwe tiënsje gezeen en zeeker neer in mien han gad. Ich kôsj mien ouge neet geluive: dat waor ö kapitaal. Mèh öt waor gevoonge, öt waor neet van mich. Dat waor eine angere stommerik dae öt verlaore hauw. Ze hauwe mich good ingeprént tat ich öt truk geeve moosj, mèh aan wae? Wie ich de anger kwoirjonges vertélde wat mich euverkômme waor meinde die ouch tat ich tat mèr bie de pestwoir moosj brénge. Oet öt kleihökske stapde veer de sakrestie binne nao de pestwoir, dae sjus de stola um ziene dikke nek aan öt rénsjeere waor. Hae zaog os in de speegel aankômme en zaog ouch al drek öt gouwe tiënsje tösje mien vinger blinke. Hae driëjde zich um, staok zien hand oet en doe bleek tatte pestwoir mië verstand van geld hauw dan alle kwoirjonges saame.
Hae zat de lorgnet op zien good gevörmde naas, zat z`n witte tan in öt goudstök en sjoot in eine lach.
Ö t fônkelnuu tiënsje waor neet van goud mèh van puure sjookelaat. Toch maakde hae ôs ei komplemént umdat veer toch iërlikke kwoijonges (of zagger “kwoirjonges”) waore.Mar/B.Orgelconcerten in Geulle en MeerssenDe Meerssense Orgelkring “Circulus Musicus Marsanus” organiseert in het kader van het Orgelfestival Limburg 2002 drie concerten. Deze concerten worden gegeven op het Binvignat-orgel in de St. Martinuskerk te Geulle en het Wilbrandorgel in de Basiliek van het Heilig Sacrament te Meerssen. – 19 juli, openingsconcert van het Orgelfestival Limburg 2002 in de Basiliek te Meerssen.
Voor het eerst in de 10-jarige historie van het Orgelfestival Limburg wordt het openingsconcert in Meerssen gehouden. Organist Remy Syrier en de LSO-trombonisten Sandor Hendriks en Axel Urlings zullen dit concert voor hun rekening nemen. Zij spelen enkele stukken van Italiaanse meesters uit de 17e eeuw, het concerto in Bes en de Fireworkmusic van G.F. Handel. Remy Syrier besluit het programma met een koraal en de Passacaglia en fuga in c van J.S. Bach. – 31 juli, St. Martinuskerk Geulle.
Enrico Zanovello uit Vicenza speelt in Geulle Franse en Italiaanse muziek uit de 17e en 18e eeuw. Hij is docent orgel aan het conservatorium van Vicenza en de diocesane muziekschool van Brescia. Tegelijk met zijn conservatoriumopleiding studeerde hij muziekgeschiedenis aan de Universteit van Padua en verdiepte hij zich in de oude muziek. Naast de gebruikelijke CD’s heeft hij een bloemlezing van Italiaanse muziek uit de 17e eeuw gepubliceerd.- 7 augustus, Basiliek te Meerssen 
Na zijn priesteropleiding studeerde Carlo Andreassi piano, orgel en compositie aan de conservatoria van Perugia en Rome. Daarna bekwaamde hij zich in het Gregoriaans en de koordirectie aan het Pauselijk Instituut voor Sacrale Muziek. Thans is hij eerste organist van de Basiliek van de Barmhartige Liefde in Collevalenza. Carlo Andreassi zal muziek van J.S. Bach, J. Brahms, M. Reger, M.E. Bossi en F. Liszt ten gehore brengen.De concerten beginnen telkens om 20.15 uur. De toegang en het programmaboekje van het Orgelfestival Limburg zijn gratis. Na afloop kunt U een vrijwillige bijdrage geven.W. Heinen
22e Avond wandel vierdaagseOp 2, 3, 4 en 5 juli organiseert buurtvereniging Oostbroek voor de 22e maal in successie de avond wandel vierdaagse.
Gestart wordt vanuit café Vossen-Raeven aan de Hulserstraat te Geulle. 
U kunt kiezen uit de afstanden 5, 10 en 15 km. Voor alle afstanden kunt u vertrekken tussen 17.00 en 19.15 uur. De inschrijfkosten bedragen €. 1,00 per persoon per dag of € 3,00 voor vier dagen, waarvoor u een prachtig, door pijlen uitgezet, parcours krijgt aangeboden door Geulle en omgeving. 
Als herinnering ontvangt iedere deelnemer een sticker. De I.V.V. stempel is aanwezig en de wandeltocht gaat onder alle weers-omstandigheden door. De deelnemers aan deze vierdaagse kunnen genieten van een zeer landelijke en bosrijke omgeving.Wandel mee en geniet van de natuur die Geulle en omgeving u te bieden heeft. Voor meer informatie kunt u bellen: 043 – 3652061 of breng een bezoek aan www.geulle.com voor meer info over de omgeving. Kijk bij verenigingen (“buurtvereniging Oostbroek”) voor de wandeling.
Op kamp met groep 7 en 8 van basisschool St. JozefGroep 7 en groep 8 van basisschool St. Jozef zijn dinsdag 28 mei op kamp geweest naar Bocholt (België). Om 9.30 uur vertrokken ze van school en begonnen aan een tocht van 50 km. Fietsen. Om 13.00 uur kwamen ze aan en hebben vier dagen heel veel plezier gehad. Hier leest u een samenvatting van het verslag dat door de leerlingen zelf is gemaakt.Toen we waren aangekomen gingen we eerst naar het campingwinkeltje eten en drinken kopen (chips, cola, sinas, enz.). In de winkel had meester een kaart voor Jamie gejat. Gelukkig riep de kassajuffrouw hem terug en toen betaalde hij.Weer terug op het kamp beginnen we met onze bedden op te maken (ondertussen komt groep 7, die later zijn vertrokken, aan). ’s Avonds hebben we eerst een soort spellencircuit: met een velg (van fiets) een route volgen. Er was ook een spel, “rode draad” genaamd. Je moest kleren aantrekken en een stuk lopen. Een ander trok dit weer aan met schoenen erbij, en zo verder. Later op de avond speelden we een avondspel met levens die moesten worden overgebracht.Op woensdag hebben we om acht uur ontbeten. Om half elf zijn we de speurtocht gaan lopen van wel 15 kilometer lang. Elke groep heeft zich wel een keer verlopen. Op het einde begon het te regenen en de vierde groep was kletsnat teruggekomen.’s Avonds hebben we “doe ‘ie het of doet ‘ie het niet” gespeeld. We moesten opdrachten vervullen en inzetten of het wel of niet lukte. Alle andere leerkrachten waren gekomen en zij hebben gejureerd.Donderdag zijn we gaan zwemmen in Weer, in “de ijzeren man”. Daar was een stroomver-snelling en een golfslagbad en een hele leuke glijbaan.
Toen we terug waren gingen we Bingo spelen waar je leuke prijzen mee kon winnen: Één rij was één snoepje, twee rijen waren twee snoepjes en een volle kaart was een zakje snoep. Daarna gingen we disco vieren. Meester Peter en juf Gret gingen samen dansen, dat zag er zo lief uit!Vrijdag moesten we weer vroeg opstaan om naar huis te fietsen. Maar eerst de kamer opruimen. Dat duurde lang, want als we het puin zouden wegen, was het zeker meer dan 5 kilo.Leerlingen van groep 7 en 8 van
de basisschool st. Jozef

Hein Peters en Henk Halmans benoemd tot lid in de orde van Oranje-NassauOp zaterdag 1 juni 2002 werden door burgemeester drs. Ger Kockelkorn twee koninklijke onderscheidingen uitgereikt. Dit gebeurde tijdens de viering van het tienjarig bestaan van het Gäöls Mannenkoor in de Sint Martinus-kerk in Geulle aan de Maas.Henk Halmans
Henk Halmans werd benoemd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau. Henk Halmans was destijds mede-oprichter van het Gäöls Mannenkoor. Sedertdien is hij vice-voorzitter. Naast de bestuursactiviteiten verzorgt hij allerlei bijzondere activiteiten om de kas van de vereniging te spekken. De heer Halmans is tevens oprichter van Buurtvereniging ’t Stomme Veldje te Geulle. Hij werd in 1975 voorzitter en heeft deze functie gedurende 21 jaren met veel inzet (speciaal voor de jeugd van 12-16 jaar) vervuld. In 1987 trad de decorandus toe tot het Sint Nicolaascomité van Geulle. Sinds tien jaar vervult hij hierin ieder jaar een belangrijke rol. Sinds drie jaar is hij mede-organisator van de Commissie Tsjernobyl. In samenwerking met de gemeente verzorgt deze commissie de reis en het onderkomen bij gastouders van het beroemde kinderkoor uit Minsk. Het doel van dit koor is het inzamelen van medicijnen en hulpgoederen voor de kinderen van Tsjernobyl. Sedert 1981 stimuleert Henk Halmans heel actief het Geulse jeugdcarnavalsgebeuren. Elk jaar begeleidt hij de Prins(es) en de raad van Elf naar de diverse activiteiten. Hein Peters
Hein Peters werd eveneens benoemd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau. Sinds de start van het – mede door hem opgerichte – Gäöls Mannenkoor functioneert hij als voorzitter. Naast deze werkzaamheden heeft de heer Hein Peters 17 jaar lang (1963-1980) vrijwilligerswerk verricht bij de Lichamelijk Gehandicapten van Maastricht (LGM). Hij maakte deel uit van het bestuur en heeft 10 jaar lang de taak van voorzitter op zich genomen. Sinds 1975 heeft de decorandus veel werk verricht voor de Heemkundevereniging Geulle. Eerst als lid en vanaf 1982 als voorzitter. Namens deze vereniging is Hein Peters mede-opsteller van het Gäöls woordenboek. Sedert 1989 organiseert hij elk jaar samen met zijn echtgenote een vakantietrip naar Oostenrijk voor gehandicapten uit de oostelijke en westelijke mijnstreek. Als werknemer van de gemeente Maastricht was hij negen jaar lang actief als begeleider van de jeugd van Bosscherveld en daarna van de jeugd van het woonwagenkamp te Maastricht. Daarna werd hij adjunct-directeur van het ACK Dagverblijf te Kerkrade, waar hij blinde en slechtziende mensen, en gehandicapte mensen heeft begeleid.
Jubileumfeest Gäöls Mannenkoor groot succes Op 14 april 1992 zitten Hein Peters en Jacq Cellisen aan de bar van café ‘t Heukske te Geulle. Aan de andere kant van de bar staat Jean Lemmens. Samen laten de heren het plaatselijke verenigingsleven van Geulle de revue passeren. Ze komen tot een respectabele opsomming, maar ontdekken ook een gemis: een mannenkoor. In de dagen daarna wordt iedere mannelijke inwoner van Geulle benaderd met de vraag of hij wil toetreden. Het levert als resultaat 15 positieve en geen enkele negatieve reactie op. Op 7 mei volgt al de oprichtingsvergadering. Het Gäöls Mannenkoor is geboren.Op 31 mei, 1 en 2 juni 2002 werd het 10-jarig bestaan gevierd met een groot feest. Voor een groot feest heb je een aantal dingen nodig: Goede sfeer, een gezellige locatie en goed weer. En dat alles kregen ze. Op vrijdag was er een gezellige avond in de Harmoniezaal met medewerking van de ACK-boys (een band van bewoners van het ActiviteitenCentrum Kerkrade, alwaar Hein Peters jarenlang adjunct-directeur was) en Männer Gesang Verein Alpenland uit Mariazell. Op zaterdag werd dit gevolgd door een gala-concert in de St.Martinuskerk te Geulle. Hieraan werkten Fanfare St.Martinus uit Geulle, Männer Gesang Verein Alpenland uit Mariazell en Beeker Koorzang uit Beek mee.
Op zondag stroomde het mooiste plein van Geulle, het kerkplein in Geulle aan de Maas, vol met toeschouwers en koren.
En onder een stralende zon ontstond een geweldige sfeer die zo kenmerkend is voor de Geulse gemeenschap. Dat het concert op het kerkplein haast koninklijk mag worden genoemd, mede-oprichters Henk Halmans en Hein Peters werden op 1 juni benoemd tot leden in de orde van Oranje Nassau (zie artikel elders in deze Sjakel), droeg alleen maar bij aan nog meer feestvreugde.Om 14.00 uur begon op zondagmiddag een concert van een viertal koren. Na de opening door het Gäöls Mannenkoor traden ook het R.K. Gemengd zangkoor St.Caecilia Lindenheuvel uit Geleen, het Breuker Mannenkoor en Männer Gesang Verein Alpenland uit Mariazell, Oostenrijk op. Vooral met dit laatste koor heeft het GMK in de loop der jaren een aparte band ontwikkeld. In 2000 ondernam het GMK een concertreis naar Mariazell en de beide koren verzorgden hier gezamenlijk een hoogmis. De vele aanwezigen op het kerkplein genoten met volle teugen en MGV Alpenland ontkwam niet aan diverse toegiften. Een minutenlang aanhoudend applaus was tenslotte hun deel en na het uitwisselen van diverse geschenken werd het muzikale gedeelte afgesloten.Dit was echter nog lang niet het einde van het feest. In zekere zin duurt dit zelfs nog 100 jaar voort. Enkele maanden geleden namelijk hebben het Gäöls Mannenkoor en de Heemkundevereniging Gäöl gezamenlijk alle Geulse verenigingen benaderd met het verzoek om deel te nemen aan een activiteit om de gegevens van die verenigingen voor 100 jaar te begraven en in 2102 weer op te graven.
Maar liefst 35 verenigingen reageerden hier positief op. En op zondagmiddag was dan het moment dat de kist met deze gegevens symbolisch werd begraven. Symbolisch, want de definitieve begrafenis zal pas na de zomervakantie plaatsvinden en dit zal dan gebeuren in de ‘Piemelehook’. Op de plaats waar de kist wordt begraven zal vervolgens een kunstwerk worden onthuld.Mededelingen– In verband met een vakantie van brigadier Giesen komt de politie-varia van deze maand te vervallen.
– In verband met de zomervakantie zijn er in de maand juli geen bijeenkomsten van de heemkundevereniging gepland. 
Brandstof.Vroeger was hout de voornaamste brandstof voor kachels en open haarden. Geulle had veel bossen in eigendom. Ieder jaar werd in een of ander café een aantal kavels slaghout bij opbod verkocht. Die kavels werden door de gemeente gevlikt en met een nummer aangegeven. De grootte varieerde van 1000 tot 2000 vierkante meter. Het kaphout was dan 9 tot 10 jaar oud en zo kon men ieder jaar doorgaan. Vanwege de grote oppervlakte aan bos was de cirkel na tien jaar weer rond. De kavels die het dichtst bij een weg lagen waren het duurste, hoe meer van de weg af gelegen hoe goedkoper. Dit hout moest dan vaker tientallen meters op de schouders worden uitgedragen, bergop en vaak ook nog door moerasgebied naar een karweg toe, om dan met paard en kar of os en kar de lading naar huis te brengen.
Thuis werd het verder verwerkt. Het rijshout werd in “sjansen” (takkebossen) verwerkt om de bakoven te stoken. Daar had men in de winter vijf tot zes “sjansen” voor nodig, in de zomer beduidend minder. Ook werd een klein gedeelte bewaard voor erwtenrijs in de groententuin. Het dikste hout was voor de kachelhout bestemd; het minder dikke, als er tenminste een vork aan zat, werd als stutten gebruikt onder de fruitbomen. Het dunnere hout werd gebruikt als bonenstaken. Was er tussen dat hout berken dan werd dat rijshout bewaard om bezems te maken. Dat berkenhout kon wel vijf jaar bewaard worden, mits het maar droog bewaard werd en niet aan weer en wind bloot gesteld werd. Van het hout van de hazelaar werden stelen gemaakt voor bezems of dorsvlegels en andere tuingereedschappen. Die stelen werden bij het stoken van de bakoven “gebiëjd” (gebaad) vlak naast een brandende “sjans”. De steel mocht geen vlam vatten. Door de hitte springt de schil los, die kan men verwijderen en de steel krijgt een lichte bruine kleur. Als de steel nog heet is kan men deze ook nog de gewenste vorm geven door hem op voorspanning enkele dagen te laten drogen .
Meer dan 150 jaar terug konden de mensen uit het dorp ook bomen planten op gemeentegrond. Dat waren dan Canadese populieren (canadassen) of knotbomen. Deze laatste werden om de zes of zeven jaar geknot voor brandhout en “sjansen”. Het was essen- of lindenhout. Van die knotbomen zijn er nog verschillende te zien op de berg in “d’n Hook” en op de Bloemberg.
Van de bomen die op gemeentegrond stonden moest men ieder jaar boomtaks ( een soort belasting) betalen. Van fruitbomen was de taks hoger, want deze brachten ook ieder jaar geld in het laatje van de eigenaar. De bomen werden door de gemeente om de vijf jaar opnieuw opgenomen. De eigenaar moest ze dan met goed houdbare verf de boom nummeren en voorzien van zijn initialen. Dit moest gebeuren aan de noordzijde van de boom. Op het Westbroek, waar de huizen ver terug van de weg liggen, plantte men fruitbomen. Daar staan nog enkele met naam en nummer van de eigenaar. Aan de Maastraat plantte men behalve appel- en perenbomen ook notenbomen, maar deze werden in de oorlog van 1914 – 1918 door de overheid gevorderd om er geweerkolven van te maken. Enkele slechte bomen liet men staan. Langs de beek plantte men wilgen kopbomen. Dit is snelgroeiend hout op natte grond. De meidoornhagen om de weilanden liet men ook enkele jaren doorgroeien om dan af te hakken met de hegbeitel om “sjansen” te maken voor de bakoven. Een stekelig karwei met al die doornen. Alles wat maar enigszins naar hout rook werd benut. 
Tegen de winter werden enkele hectoliter kolen gekocht. Deze waren afkomstig uit Duitsland of België. Die uit België werden met een aak (schip) door Toske de Crauw via de Maas in het Luikse gehaald. Maar in 1914-1918 was Duitsland in oorlog en België was bezet en kwamen er dus geen kolen meer vandaan. Toen er geen kolen meer werden ingevoerd heeft men tussen 1914 en 1920 bruinkool gewonnen ten noorden van Geleen, zuidelijk van de Urmonderbaan, de “Lowieze” groeve. Dit is nu DSM –terrein. Deze groeve is later met puin door DSM volgestort. Met de dekaarde is een kunstmatige heuvel gemaakt die men nu nog kan zien.
De gewonnen bruinkool werd in Carisborg in de buurt van Brunssum tot briketten verwerkt bestemd voor de kachel. Het waren surrogaat- kolen.
In 1902, nu honderd jaar geleden, kwam de staatsmijn Wilhelmina in Terwinselen in bedrijf. Dit waren z.g. magere kolen, geschikt voor huisbrand en men was daar nu op aangewezen. Van die kolen liet men geen kruimel verloren gaan. Van het fijne gruis dat overbleef werden “fommen” of “kluiten” gemaakt. Deze bestonden uit drie componenten t.w. kolengruis, leem en pekel uit de “slachtton” waar het geslachte varken enkele weken ingezouten was geweest.
Dat geheel werd in elkaar gekneed en daar werden dan bollen (fommen) van gemaakt, iets groter dan een tennisbal. Deze werden dan gedroogd en later in de kachel gedaan als brandstof.
Deze “fommen” bevatten 80 tot 90 % kolengruis. Men kan dit vergelijken met de “slamp” die de meeste mensen nog wel gekend zullen hebben.Toen 35 jaar geleden het aardgas zijn intrede deed was het met het hout en de kolen afgelopen. De verkoop van slaghout in het dorp gebeurde ook niet meer. Het gemeentebos werd aan Staatsbosbeheer verkocht voor amper 30 euro cent per vierkante meter. Toen het besluit genomen werd in de Geulse gemeenteraad merkte een raadslid op dat als je een dag later het dubbele bedrag zou willen geven je het bos niet meer terug zou krijgen.
Doordat vanaf die tijd weinig of geen onderhoud is gepleegd in het bos, is dit in mijn ogen grotendeels verloederd. Er zijn al verschillende vogelsoorten die het laten afweten, om er maar een te noemen onze nachtegaal.J.Maassen

De Sjakel

Mei 2002

Geulle in vroeger tijden.
44. De schepenbank (4)

In deze aflevering wil ik iets vertellen over de costuymen. Dit waren de eeuwenoude rechtsregels welke door de schepenen tot 1794 werden gehanteerd om recht te spreken. De meeste zijn in Limburg voor 1550 per schepenbank opgeschreven. Dit op verzoek van de toenmalige keizer Karel de 5e. 
De costuymen van de bank van Geulle zijn in 1545 door ene Willem Cox uit Beek in het toenmalige Nederlands op schrift gesteld. Voordien werden deze rechtsregels mondeling overgeleverd. Om een idee te krijgen van de eeuwenoude costuymen en van het Nederlands uit de 16e eeuw volgen hierna de eerste vijf:
1. In den ersten: eyn man, dye eynen commer scleyt, der gesteyt jaer ende dach soo rekenen; die rechten maken seven Vleemsch, dry den Vaecht, vier den Schepen. Item, der commer ontsleyt, der mot borghen setten, eyr der commer ontsleyt. Die rechten eyn orken.
2. Eyn, der gerastert werd die rechten alsoo vuell als ein dach doen; ende dat geyt myt sonnen ute, ende mot den heylighen sweren, nyet met sonnen uytter hameyen te gaen. 
3. Eyn ontfengnysse aen den Heyr maecken tweentich pynghen: twelf den Heyr en acht den schepen van Goele.
4. Erffpacht ontffanghen; dye rechten eyn orken.
5. Dye doer dye gereychhten eyn koer kyesen; daervan, hun rechten seven Vlems brabants; daervan hebben dye partyen ouch beyst laten volgen off lusschen wyllen des hebben sy beraet veertheen daeghen, ende des stejt dye beest op hunnen anx.

En nu de “vertaling” in het moderne Nederlands met enige toelichting:
1. Ten eerste; een man die een kommer slaat (een civiele actie aanspant) welke een jaar en een dag door het gerecht is aangehouden, dient zeven Vleemsch (dit is een muntsoort uit de middeleeuwen) te voldoen: drie voor de voogd (de heer van Geulle) en vier voor de schepenen (de plaatselijke bestuurders als rechters). Om de gerechtelijke actie of het proces voort te zetten dient een borg gesteld te worden. De kosten hiervoor bedragen een orcken (ook een oude muntsoort).
2. Iemand die aangehouden wordt voor een niet voldane schuld dient de kosten daarvan te voldoen. Deze bedragen hetzelfde als die van de dagvaardiging. Ook moet hij bij alle heiligen zweren binnen zijn gehucht of woonplaats te blijven (dus niet stiekem met de noorderzon vertrekken).
3. Voor de verheffing van een leen- of cijnsgoed dienen 20 penningen te worden voldaan: twaalf voor de landheer en acht voor de schepenen van Geulle.
4. Voor het ontvangen van een erfpacht betaald men een orcken.
5. Degenen welke van gerechtswegen een keur kiezen (meestal een dier, bijv. het beste varken) hebben recht op zeven Vleemsch brabander koers. De partijen hebben daarbij het recht het keur binnen veertien dagen te laten volgen of in te lossen. Het dier is in die tijd voor hun risico (i.v.m. eventueel doodgaan).

Deze vertaling hebben we te danken aan Martin Pfeifer uit Stein. De volledige costuymen van de schepenbank van Geulle worden bewaard in het rijksarchief te Maastricht. Aan de hand van de costuymen werd door de schepenen ook in Geulle tot 1794 recht gesproken. 

Archie Varis.

Literatuur:
1. Uit Geul’s verleden. (1926).
2. Martin Pfeifer, Stein. (2002)


Politie varia

  • Zowel op maandag 1 april als op dinsdag 2 april 2002 werd door de onopvallende motorsurveillance van het Verkeershand-havingsteam een motorrijder bekeurd, die met een snelheid van boven de 140 kilometer per uur reed tussen Geulle en Bunde. In beide gevallen werd het rijbewijs van de bestuurder ingevorderd.
  • Op maandag 1 april werd door een onbekende man geld weggenomen uit de geldlade van een café aan de Hulserstraat. De caféhouder zag de dader nog naar buiten rennen en op een bromscooter wegrijden. De helm van de dader bleef in het café achter. Buiten het café stond een andere persoon op de bromscooter te wachten. Ontvreemd werd papier geld.
  • Tussen 20 maart en maandag 8 april 2002 werden drie afvalcontainers bij de visvijver aan de Kleivelderweg ontvreemd.
  • Op woensdag 10 april 2002 werd op een perceel bouwland aan de Kuiperstraat een grote hoeveelheid huishoudelijkafval aangetroffen.
  • Op maandag 15 april 2002 werden op het Cruisboomveld een tweetal bromfietsers bekeurd ter zake het rijden op een bromfiets, terwijl deze niet aan de inrichtingseisen voldeed.
  • Op maandag 29 april 2002 vonden op parkeerplaats van de Andreas Sauerlaan de Bunder Manegefeesten plaats. Die avond trad aldaar de Golden Earing op. 
    Tijdens het optreden werd buiten een geparkeerd auto op zijn zijkant gelegd. Auto had vele beschadigingen.
    Na afloop werd er te Brommelen een alcoholcontrole gehouden. In totaal werden 182 bestuurders gecontroleerd. Hierbij werden vijf bestuurders voor nader onderzoek meegenomen naar het bureau te Maastricht.

Brig. Giesen



Wandeling over de St Pietersberg en door het Jekerdal

Op 4 Mei werd door Buurtvereniging Snijdersberg een wandeling georganiseerd over de St Pietersberg, ook soms de holle kies van Maastricht genoemd vanwege de open groeve van de ENCI. Maar de wandeling geeft aan dat dit niet helemaal waar is, want van de groeve valt onderweg weinig of niets te zien. Vanaf de parkeerplaats van fort St Pieter werd er gestart met 34 mensen, we gaan gelijk enkele trappen op, boven gekomen krijgt men meteen een indruk hoe machtig dit fort geweest moet zijn tijdens de belegering van Maastricht door de Fransen. In 1700 is dit fort gebouwd door Daniël Wolf Baron van Dopf ter verdediging van de stad.
Via verschillende glooiingen in het landschap (eigendom van Natuurmonumenten) kijken we bij een open stuk rechts over het mooie Jekerdal met aan de overzijde tegen de berghelling enkele wijngaarden, waar we op de terugweg nog langs zullen komen. Intussen lopen we door een gebied met kalkgraslanden waar verschillende zeldzame planten voorkomen, waaronder verschillende orchideeënsoorten. Ook graast hier bij tijd en wijle een schaapskudde, gezien de wildroosters in de toegang tot dit terrein. Even verder ligt op afstand de z.g. Duivelsgrot.
De rood-witte markering die wij volgen behoort tevens bij het Pieterpad, de lange- afstandswandeling van Pieterburen naar deze St. Pietersberg. Intussen wandelen we door het ENCI-bos, dat in 1939 door de cementfabriek is aangelegd en aan de Maastrichtse bevolking werd aangeboden ter compensatie van de ontstane mergelgroeve. In dit bos zien we in de taluds langs de paadjes diverse dassenburchten. Zoals bekend is zowel de burcht als de das beschermd. Intussen lopen we nu aan de voet van de zgn. Observant, dit is een kunstmatig door de ENCI aangelegde berg met grond die is vrijgekomen uit de deklaag boven de mergel.
Via enkele grenspalen lopen we nu op Belgisch grondgebied om even later aan te komen bij hoeve Caestert. Tot in de Tweede Wereldoorlog stond hierbij een kasteel dat toen geheel in vlammen is opgegaan. Naar men zegt aangestoken door een Belgische ondergrondse verzetsgroep.
Het boerderij-gedeelte is echter bewaard gebleven en dateert uit 1686. Op de plek waar nu deze boerderij staat, werd door de Romeinen in 57 voor Christus een versterkte burcht gebouwd. Het is bij deze boerderij waar de deelnemers aan de wandeltocht een perfect verzorgde picnic aangeboden kregen. Nadat iedereen zich te goed had gedaan aan de soep met broodjes en andere lekkernijen gaan we weer op pad. Vrijwel meteen beginnen we te dalen en voor ons zien we dan het Albertkanaal, gegraven in 1928. Even later wandelen we Kanne binnen.
We steken de Jeker over, en nemen gelijk nog enkele straten in Kanne om dan na een kleine klim uit te komen op een smalle weg die naar we later ontdekken gewoon doorloopt over de binnenplaats van kasteel Neercanne. Vervolgens passeren we de toegang tot het voormalige verbindingscentrum van de NAVO, en de Jezuitengrot. In deze grot is door studenten van het voormalige studiehuis van de Jezuiten, in hun vrije tijd een groot aantal kunstwerken in de mergel uitgehouwen. Hierna worden we door de organisatie nogmaals getracteerd op een blikje fris. Vervolgens wandelen we tegen een stevige helling op tot bij de Apostelhoeve, vandaar weer een mooi zicht op het Jekerdal. We verlaten dit gebied weer via een dalend weggetje langs de wijnstokken. Beneden gekomen steken we via een bruggetje weer de Jeker over en langzaamaan komen we weer in de bewoonde wereld en komt er een einde aan deze mooie wandeling. 

W.R.


Oranjeconcert 2002, een muzikale belevenis!

Op Koninginnedag 2002, dinsdag 30 april, werd het inmiddels traditie geworden Oranjeconcert opgeluisterd door Drumband en Harmonieorkest St. Caecilia en Fanfare St. Martinus. 
De drumband van Harmonie St. Caecilia onder leiding van Jo Meys, stond garant voor een puike opening van het concert, waarvan Jean Gerards het openingswoord en de presentatie voor zijn rekening nam. Fanfare St. Martinus vervolgde het concert. Na een ouderwetse, maar gedegen opening met de mars Punjaub, leidde dirigent Eric van Mulken ons samen met zijn muzikanten niet alleen door de muzikale wereld van Henry VIII en Jacob de Haan, maar lieten zij het publiek ook genieten van eigentijdse muziek als “de gebochelde van de Notre Dame” en “Abba”- en “Rieu”-hoogtepunten. 
Het eerste gedeelte van het concert door Harmonie St. Caecilia stond geheel in het teken van de concoursvoorbereiding. Het inspeelwerk Miguel Galan, een prachtige pasodoble en deel 1, 2 en 3 van Desert Storm, het verplichte werk voor de concoursdeelname in oktober aanstaande, werden allereerst door Rob van der Zee en zijn orkest ten gehore gebracht. Aansluitend volgden naast “The Last Song” ook “Verdi”- en “Abba”-klanken, uitvoeringen die het publiek zeer weet te waarderen.
Na het slotwoord door Bert van Es, voorzitter van Fanfare St. Martinus, waarbij hij ook de recent koninklijk onderscheiden Bert Smoorenburg namens allen feliciteerde, werd het concert afgesloten met het Wilhelmus en “Lang leve de Koningin”, een spontane wens van Ger Kerckhoffs waarbij eenieder zich graag zal willen aansluiten!

Mariet Kerckhoffs


Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

Hallo, mensen van Geul, de Noonk heeft zich gisteren weer een flinke gevangen, want zijn partij heeft bij de verkiezingen flink gewonnen en het was alleen jammer dat de Noonk zijn eelsjes zelf heeft moeten betalen, want der stonden der geen van Geul op de lijst, deze keer en van die wat de vorige keer wel debinnen gekomen zijn hoor je ook niet veel, behalve van die vethouder die nu in de positie is, die brengt veel soluties in de raasvergaderingen, maar hij kalt zeker niet hel genoeg, want die anderen doen sjus offent ze hem helemaal niet horen, maar dat zal wel zijn omtat hij vroeger een te grote broek aan heeft gehad en zich te groots heeft voorgedaan. En dat is jammer, dat we niets van die van ons horen, want zolang zijn de gemeenteraasverkiezingen toch nog niet voorbij en der is werk genoeg aan de winkel zeg de Noonk, want de hooge heeren zijn weer aan het klommelen met de knaal en die wille een stuk van de wiert van het kasteel afsnijen, en dat moete ze toch maar liever niet perberen, want dan krijgen ze te doen met die van Leefbaar Geul en ook met de Noonk en met Mordikus, want die is ook de tegen, zegt hij, maar die ken ik wijer niet, dat zal der wel eentje zijn die hier nog niet zolang woont ent, zeg de Noonk, de heere zullen toch wel weer niet luisteren, maar dan zullen ze het wel voelen.
En die van Bung hadde sjus wie altijd weer een hoop leven toen ze hun feest hadden in Geul, en als dat zo moet dan kunnen ze beter daar blijven, want daar leren de lui van Geul alleen maar onnuttige zaken van en toen onder in Geul de cemunie was, dachten ter een paar dat ze ook zo een feestleven bij hun in de tent moesten hebben en half Geul heeft de van kunnen meegenieten en die kinderen hadde me toch een plezier demet, ik geloof der niks van, maar de Noonk zeg altijd dat hij zo blij is dat hij in een rustige dorp woont waar je nog in mag zonder vergunning.
En op de brug is het ook nog altijd hetzelfde en der heeft der wel een GzP op gekalkt, en dat betekend Geulle zonder Poep, denkt Harie van onze Merie, maar het heeft niks geholpen want der lag letst weer een flinke hoop. En de Burger is ook weer in Geul geweest en de lui waren schijns bang voor hem, want ze durfden niet vooraan in de zaal te gaan zitten, behalve een paar van de notabeele en toen ze klaagden dat ze hem niet goed verstinge als die wat zei, zei de Burger dat ze dan ook niet achteraan hadden moeten gaan zitten en zo los je de problemen natuurlijk ook op, zegt de Noonk en misschien kan de Burger dat ook eens in de kerk gaan zeggen, zegt de Noonk, want daar is het precies van hetzelfde en nou is bij Schols ook alles afgebroken en daar gaan ze een wedstrijd houden voor huizen te bouwen en de Noonk heeft zich al opgegeven voor in de sjurie, want hij heeft vroeger ook een hele hoop huize gebouwd na de tijd, dus denkt hij dat hij daar weel een steentje aan kan bijdragen en hoe dat wijer gaat vertel ik jullie de volgende keer met de complimente van jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek.



Geulle 50 jaar geleden

Mei 1952

Uit de raadsvergadering mei 1952.
– Bij raadsbesluit van 13 mei is besloten enkele voetpaden te verbieden voor het berijden met rijwielen. Het betreft hier het voetpad langs de Pastoorsberg met het Slingerbergvoetpad en het pad langs de villa Beeldenhof. Ook voor het vee zijn deze voetpaden verboden. Ook het voetpad “Broekstraat” te Brommelen is voor vee verboden. Bij de “Broekstraat” komt het bord “rijwielpad”. De verboden worden van kracht zodra door het gemeentebestuur de betreffende borden zijn aangebracht. De heer Sassen stemde tegen het aanbrengen van deze borden.
– Bijgedragen wordt met een bedrag
van fl. 146,26 aan een door de gezamenlijke Limburgse gemeenten aan te bieden geschenk (fonds voor culturele doeleinden tot 
fl. 50.000,00) aan de Staatsmijnen bij gelegenheid van het gouden jubileum. De heer Muytjens verklaart zich tegen omdat Geulle niet betrokken is in het te verdelen bedrag van fl. 50.000,00 dat de Staatsmijnen hebben beschikbaar gesteld voor de behoeftigen.

– Van de familie Creuwels wordt een boomgaard aangekocht voor fl. 700,00.

– Ter voorziening in de vacature gemeente-ontvanger stellen B. en W. voor deze betrekking te culmuleren met die van ambtenaar ter secretarie en de heer Rutten tot ontvanger te benoemen. De voorzitter vraagt hierover het gevoelen van de Raad. De heer Muytjens voert aan dat de betrokken ambtenaar een behoorlijk salaris heeft. De vrijkomende betrekking kan dan ook door een ander ingezetene vervuld worden. Wordt de heer Rutten benoemd, dan laat het zich aanzien dat er spoedig op de secretarie een nieuwe ambtenaar moet komen en dit zou voor de gemeente eer een nadeel dan een voordeel betekenen. Met zijn stem tegen wordt het voorstel van B.en W. aangenomen.

– Door opneming van een bepaling in de Algemene Politieverordening (AP) is het verboden muziek te maken door middel van luidsprekers binnenshuis tengevolge waarvan het geluid op straat hoorbaar is. Ook het bepleisteren, verven of witten van gebouwtjes e.d. in een andere kleur of met een andere materiaalsoort dan gebruikelijk is wordt verboden. B.en W. zijn echter bevoegd ontheffing te verlenen van deze verbodsbepaling.

Hein Peters.


Ooze moostèm

De luu aan de Maas hauwe allemaol önne moostèm. Dat moosj ouch waal want doe waor geine greuntewinkel of greunteboer dae langs de deur kaom. Veer hauwe eine grwoite moostèm want veer hauwe ouch ei grwoit hoeshauwe. De moostèm laog in önne hook van de hoeswei langs öt getske. Rôntelum stinge auw hègkestök mèt get auwe kuukendraod ongerlangs um de hinne droet te hauwe. In de wei stinge auw fruitbuim, appele, paere, proeme en önne auwe keeseboum mèt lekker keese. Wie ich klein waor sting dao ouch nog eine auwerwètse steine bakaove, woi brwoid, wèk en vlaaje in gebakke woore. En naeve dae aove sting in de wei önne whoige herrèfspaereboum, dae jaor in jaor oet z`n bes deeg um kiste paere op te levere. In de wei stong ouch graas en branneetele die eeder jaor weer opnuu onger die hègk door de moostèm in wolle kroepe. En es tie einmaol binne waore wolle ze wier nao de wiemere en krwoinsjelestruuk, die ouch aan dae kant stinge. Die stinge ouch langs öt paedsje tat dae grwoite moostèm in twiëje deilde. In öt midde van de moostèm sting eine grwoite paumestroek woi eeder jaor de klokke oet Rwoime op paoszaoterdig de eier moosj bezörge en woi veer ze kösjte gaon raape. De vaader waor geine tuinder. Öt werrèk leet hae mèt ö gerös hart euver aan de mooder, die häör han toch al mië es vol hauw aan öt verzörge van de koo, öt verrèke, de hinne en de zeeve kènger, die ze haos neet de baas kôsj. Méh de mooder deeg dat werrèk in de moostèm gaer. Es ze effekes tied hauw trok ze de moostèm in met sjöp en hak. Väöl kans dao veur hauw ze neet méh ze hauw önne broor dae waal tied hauw. En es tae zaog tat de moostèm um höllep reep struipde dae zien moewe op, sloog zien brookspiepe umhwoig en mèt zien sjwoin gewiksde sjoon begösj hae te graave en te hakke. Dat waor gei gemaekelik werrèk. De groond waor hel en stief, echte maasklei dae hel aanei plekde es ein goo sjoel raenge dreuver haer gegange waor. Doe woor geine kunsmès gebruuk méh waal alles wat in öt huuske terech kaom. Estae pot vol waor woor dae ummer nao ummer de moostèm ingedraage. Gei wonder tattae grond plekde. De auw hègk woor eeder jaor dunder en dao kaome eeder jaor nuu laoker woi de hinne in de hoeswei gebruuk van maakde. Tot öt al te erreg woor en de vaader de hègk umheef en de moostèm aan twië kante ö paar maeter kleinder maakde. Päöl van kannedasse woore in de grond gezat en rolle blinkende kuukendraod gespanne. Dat zouw ei anger gezich zeen. 
De vaader waor neet dom. Langs d`n draod aan de binnekant maogde de kenger ö bloomeperkske aanlègke. Stillekès haopde hae tat die dan de branneetele oette wei waal zouwe taenge hauwe. In de moostèm stinge hiel get krwoinsjelestruuk. Dao waore ters bie die zwoi auwd waore tat die opgeruimd kôsjte waere. En dao moosj ich dan mêr veur zörrège. Mèt ö biel en ö klei zaegske maogde ich miene gaank gaon want ich waor neet bang veur ö paar sjremkes en waor ouch neet bang veur mich meug te maake. En hae hauw geliek. Nao ö paar daag woor in de wei ö vuurke gestaok van önne kollesaale berreg krwoinsjelestruuk. De moostèm zaog inins gans angers oet wie ouch de branneetele en öt verrekèsgraas opgeruimd waore. Langs de waegskes woore rechte rensjes aafgestaoke en es noe de kèrrèkgengers door de hègke keeke hoofde neemes zich te sjaame. Want de erte, de bwoine, de spenaasje, öt rwoitmoos, öt greunmoos, de spleetkwuöl stinge noe sjwoin debie. En de kropslaa leek waal weggeloupe van ön sjilderie die bie os achter glaas in de käöke hing. Ö paar jaor laater stinge echte rwoi tematte langs öt paedsje wieste ze allewiel in de winkel kens gelle. Öt doerde waal ö tiedsje jéh veer aan de nuuje smaak gewend waore. Méh in de sop vonge veer ze geweldig. Öt witmoos woor veural gebruuk veur zoermoos. In de kelder stinge ö paar grwoite steine pöt woi öt fien gesneeje moos inkaom en mèt ö plenkske en önne zwoire stein aafgedèk woor. De mooder hauw algauw in de gaate tat ich good veur mie meustèmke zörgde. Zie genoot van de groffiäötsjes, de fleere, de junkerkes, de stokrwoize en de affrikaansjes. En dat vông ich fein. En es zie in de moostèm zich ammeseerde vroog ze mich um get te hellèpe umdat ze angers neet op tied klaor zouw komme. En stillèkès aan woor ich bie os d`n tuinman. En wie ich de liëgere sjwoil aaf hauw wol ze önne noonk oet Mestreech vraoge of tae hooveneer mich neet es liërjong zouw wille höbbe. Méh dat is neet doorgegange want de meister vóng tat ich baeter nao de MULO in Zitterd kôsj gaon.
En dat gebäörde dan ouch.

(Mar/B)



In de heer zijn overleden

  • Op 24 april 2002, op 58-jarige leeftijd, Louis Pallada, echtgenoot van José Mommers, Westbroek;
  • Op 27 april 2002, op 52-jarige leeftijd, Peter Alders, echtgenoot van Corrie Martens (voorheen Hulserstraat 44).


Jubileum van de tennisclub De Pletschmeppers.

Op 15 juni 2002 bestaat tennisclub De Pletschmeppers precies 25 jaar. Reden genoeg om even bij de nog bescheiden geschiedenis van de club en het komende jubileum stil te staan.

Het ontstaan. 
Begin jaren zeventig van de vorige eeuw was er niet veel te doen voor de jongere jeugd in Geulle. Wel was het patronaat in gebruik als het Pannesjop, een discotheek-avant-la-lettre, maar er was behoefte aan meer. In de Werkgroep Jongeren Geulle (JWG) is toen het idee van tennis in Geulle uitgesproken, een kreet die ook door andere enthousiastelingen van het eerste uur werd overgenomen. Na wat lobbywerk in de politiek, in allerlei maatschappelijke organisaties en een heuse handtekeningenactie werd in het voorjaar 1974 in het gemeenschapshuis De Kollekamp in Moorveld de oprichtingsvergadering gehouden. Sjef Janssen uit Brommelen werd de eerste voorzitter.

De ontwikkeling van de vereniging. 
De club heeft zich daarna zowel in ledental als accommodatie snel ontwikkeld. In een tijdsbestek van zo’n tien jaren zijn alle voorzieningen aangelegd: de aanleg van de twee eerst tennisbanen, de kantine met de kleedruimten (aanvankelijk werd een materiaalhok in de Kleioave als kleedruimte gebruikt), de oefenkooi, de aanleg van de baanverlichting in 1988, de uitbreiding van het aantal tennisbanen, het gebeurt allemaal in de jaren tachtig. Dat is ook de tijd dat het tennis hoogtijdagen heeft. Er is een grote, spontane toeloop naar de vereniging. Eind jaren tachtig wordt het grootste ledenaantal bereikt: 217 personen. 

De activiteiten. 
Het tennissen gebeurt recreatief en een beetje prestatief. Het recreatieve element heeft de overhand. De meeste leden willen in een rustige, ongedwongen omgeving eens tegen een balletje slaan. Maar de club heeft altijd meerdere teams gehad die aan de tenniscompetitie van de KNLTB meededen. Het meest bekende team is het zondagsteam dat eind jaren tachtig op initiatief van Bert Frissen (ja, onze Bert, de kapper) gevormd werd en dat met talent en training er in slaagde om kampioen te worden. 
De daarna noodzakelijke promotiewedstrijd naar de vierde klasse in Liempde werd gewonnen. Mede dank zij de steun van een hele bus Geulse supporters. Een hoogtepunt in de clubgeschiedenis. Ook nu zijn er nog vier competitieteams. Op maandagavond is de clubavond waar iedereen spontaan aan kan deelnemen zonder aanmelding vooraf. Maar er is meer tennis, op alle dagen van de week als men wil. 
En met de vorig jaar aangelegde twee kunststofbanen (en de inmiddels steeds zachtere winters) kan het hele jaar door getennist worden. 
Een mooi aanleiding voor belangstellenden, ook in relatie met het komend jubileum, om lid te worden (telefonische aanmelding Fr. van den Eerenbeemt (tel. 364 19 27) of Michel Olivers (tel. 364 51 26). 
Jubileum.
Zaterdag 15 juni bestaat de club 25 jaar. Voorafgaand aan het jubileum is op zondag 9 juni om 10.00 uur een H. Mis voor de levende en overleden leden van de tennisvereniging, in de St. Martinuskerk aan de Maas.
Zaterdag 15 juni wordt een bescheiden feest gevierd in en rond de kantine van de Pletschmeppers, gelegen aan het eind van de Kleivelderweg (voorbij het zwembad en de Kleioave). Vanaf 13.00 uur zijn er allerlei (tennis)activiteiten waaronder een demonstratiewedstrijd van 17.00 tot 18.00 uur door enkele oude clubkampioenen. Een mooie gelegenheid om tennis van nabij te zien.
Van 16.00 tot 17.00 uur is er een receptie in ongedwongen sfeer en bestaat de gelegenheid het bestuur even de hand te schudden. Maar evenzeer is het dan mogelijk even het tenniscomplex te bezoeken dat er dankzij de inzet van vrijwilligers pico bello bij ligt. We zullen U op zaterdag 15 juni tussen 16.00 en 17.00 uur graag even ‘gedag’ zeggen.

Bestuur tennisverenging De Pletschmeppers.



Wijkbezoek B&W Meerssen aan Geulle

De ongeveer 35 aanwezigen werden tijdens het wijkbezoek van B&W voorgelicht over een aantal zaken die de komende jaren in Geulle aan de orde komen. Naast deze zaken werden de aanwezigen ook in de gelegenheid gesteld om zelf vragen te stellen aan burgemeester Kockelkorn en de wethouders deJong en Ummels. Naast de burgemeester en wethouders hadden ook adjunct-secretaris Vossen en brigadier Giesen in het panel zitting genomen.
In het openingswoord gaf burgemeester Kockelkorn aan welke wijzigingen de recente verkiezingen hebben opgeleverd in de samenstelling van het college en wat de nieuwe portefeuille verdeling is. Het eerste gedeelte van de avond bestond uit een korte presentatie van een viertal onderwerpen: Marktplein, Ave Maria, Zandmaas-Maasroute en tenslotte Grensmaas.
Na deze onderwerpen werd een aantal vragen beantwoord die voorafgaand aan deze bijeenkomst schriftelijk bij de gemeente Meerssen waren ingediend. Na een korte pauze konden de aanwezigen rechtstreeks vragen stellen aan het panel.


Marktplein Geulle
Het project ‘Marktplein Geulle’ bestaat uit een sanering van het voormalige terrein Schols en het seniorenappartementen en eengezins-woningen op dit terrein. In een latere fase zal ook de herinrichting van de Markt zelf ter hand worden genomen.
Wethouder Ummels gaf aan dat de aanvang van het project enigszins vertraging had opgelopen door de onverwacht grote hoeveelheid asbest die op het terrein Schols is aangetroffen. Een gespecialiseerd bedrijf zal voor de verwijdering hiervan zorgdragen. Het bouwklaar maken van het terrein heeft inmiddels aangevangen.
Het project omvat de bouw van 35 seniorenappartementen in de huur- en koopsector, zes eengezinswoningen en 280m2 winkelruimte. Tien koopwoningen en de zes eengezinswoningen zullen worden gebouwd aan de Burgemeester Thijssenlaan. De overige 35 appartementen en de winkels zullen worden gebouwd aan het marktplein.
Een tiental architecten zal worden uitgenodigd om in een soort ‘ontwerpwedstrijd’ hun visie te geven op de plannen. Uit deze groep zullen vervolgens drie architecten worden geselecteerd om hun plannen verder uit te werken. Een speciale commissie zal deze ontwerpen vervolgens beoordelen. Mogelijk dat ook de inwoners van Geulle bij de beoordeling hiervan worden betrokken.
De keuze uit een ontwerp en het opstellen van het voorontwerp bestemmingsplan zullen nog dit jaar worden uitgevoerd, waarna in 2003 de eerste fase van de reconstructie Marktplein en aangrenzende straten zal aanvangen. 

Ave Maria
De christelijke zorgorganisatie Ave Maria en Woningstichting Meerssen zijn samen betrokken bij een project voor de her-/ nieuwbouw van verzorgingshuis Ave Maria. Hierbij zullen niet alleen de huidige 69 verzorgingsplaatsen behouden blijven, maar zal er tevens een uitbreiding plaatsvinden met 30 aanleunwoningen.
Hierbij wordt tevens gekeken naar mogelijke uitbreiding van de oppervlakte voor detailhandel en dienstverlenende functies voor Geulle-boven. Momenteel worden de uitgangspunten, op basis van een aantal randvoorwaarden, verder uitgewerkt. 
Een belangrijk punt waar naar gekeken wordt is de verstrekking van subsidie door de rijksoverheid. 
Indien alles volgens planning verloopt kan omstreeks het tweede kwartaal van 2003 met de bouw worden gestart.

Zandmaas Maasroute
In het kader van het Zandmaas-Maasroute project bestaan er plannen om het Julianakanaal te Geulle te verbreden. De plannen om deze verbreding op de oostoever uit te voeren zijn inmiddels afgevallen, mede door hevige protesten van inwoners van Geulle. De huidige plannen voorzien in een verbreding op de westoever met 22 tot 30 meter. In maart 2002 is het tracébesluit hierover genomen.
Burgemeester en Wethouders van Meerssen hebben besloten om tegen dit besluit in beroep te gaan. In dit beroep geven zij aan dat er geen MER (Milieu Effect Rapportage) procedure is gevolgd ten aanzien van de uitbreiding op de westoever. Ook vinden B & W dat de kwaliteit en leefbaarheid van het gebied aan de westzijde door de verdere versmalling van het toch al vernauwde gebied tussen kanaal en Maas verder onder druk komt te staan.

Ook is er volgens B&W een prima alternatief in de vorm van MMA. Dit alternatief betekent dat de uitbreiding plaatsvindt aan de binnenzijde van het kanaal. Er ontstaat dan een U-bak, in plaats van de schuin aflopende dijken zoals deze nu bestaan. Deze constructie zal in ieder geval worden gebruikte ter hoogte van de bruggen en ter hoogte van Kasteel Geulle.

Grensmaasproject
Met betrekking tot het Grensmaasproject blijft het Geulderveld in de definitieve plannen weliswaar gespaard, maar vindt de ontgrinding nog steeds plaats in het gebied de Saint (gebied tussen Geulle en Elsloo). De duur van de werkzaamheden is in de nieuwe plannen wel sterk verminderd tot ongeveer vijf jaar.

Beantwoording brieven van bewoners
Er blijken nogal wat onduidelijkheden te bestaan in de kosten die verenigingen moeten maken voor bepaalde zaken zoals het aanvragen van vergunningen en het afvoeren van afval na het organiseren van evenementen. Wethouder Ummels geeft aan dat hiervoor duidelijke voorschriften / richtlijnen bestaan, die ook aan de betreffende verenigingen zijn verstrekt.
Omtrent het aanvragen van vergunningen geeft burgemeester Kockelkorn aan dat alleen aan buurtverenigingen hiervoor geen kosten in rekening worden gebracht bij het organiseren van buurtfeesten. Reden hiervoor is o.a. dat buurtverenigingen in tegenstelling tot andere verenigingen ook geen subsidie ontvangen van de gemeente.
Op de vraag om op de nieuwe markt een muziekkiosk te plaatsen worden geen toezeggingen gedaan. Wel wordt geadviseerd om zelf, ook financieel gezien, het initiatief te nemen, daar dit zeker van invloed kan zijn op een positieve besluitvorming.


Ook op het gebied van veiligheid zijn er enkele vragen gesteld. Zo wordt er gevraagd voor extra verlichting op een donker voetpad. In het kader van het ‘enge plekken beleid’, zegt de gemeente toe dat dit probleem wordt aangepakt door het plaatsen van een extra lantaarnpaal. Ook wordt er gevraagd voor belijning van een fietspad op de Brugweg. Een ander punt waarvoor aandacht wordt gevraagd is het punt van invalidenparkeerplaatsen op diverse punten in Geulle. De vragenstelster wijst er op dat de gemeente Meerssen met afstand de duurste is van de omliggende gemeenten voor een dergelijke parkeerplaats. Er wordt door B&W het voorstel gedaan om dan een niet kentekengebonden aanvraag te doen voor een invalidenpakeerplaats. Samen met de vragenstelster zal dit worden bekeken.

Beantwoording vragen van aanwezigen
Na een korte pauze, waarin de aanwezigen op kosten van de gemeente een consumptie mogen nuttigen, worden de aanwezigen in de gelegenheid gesteld om vragen te stellen.
Een wederkerende opmerking op de wijkbezoeken is de staat van het (groen)onderhoud door de gemeente. Op diverse plaatsen laat dit te wensen over of is het onduidelijk wie hiervoor verantwoordelijk is. De gemeente laat weten dit jaar extra vroeg te zijn begonnen met het wegbranden van onkruid (of “ongewenste kruiden” volgens een van de aanwezigen). Op andere plaatsen blijkt er sprake van slecht wegdek (Geulderlei) of veroorzaakt nieuw wegdek juist problemen doordat de waterafvoer wordt belemmerd en zich vervolgens ophoopt tegen de spoordijk (Moorveldsberg).
Er wordt extra aandacht gevraagd voor de verkeersveiligheid. Op de ene plaats veroorzaakt een drempel problemen bij gladheid en daardoor ongevallen (kruispunt Snijderberg / Mevr. Van de Meystraat) en op een andere plaats is een drempel juist gewenst om het verkeer af te remmen (kruispunt Cruisboomstraat / Hussenbergstraat).

Een paar aanwezigen hebben vragen omtrent de kwaliteitsbewaking van het project Marktplein. Zowel de kwaliteit van de te kiezen ontwerpen als de kwaliteit van de te bouwen huizen en appartementen komen hierin naar voren. De wethouders wijzen nogmaals op de voorgestelde procedure die moet leiden tot de keuze van het beste ontwerp.

Sluiting
Daar er geen vragen meer zijn sluit burgemeester Kockelkorn om 21.45 uur de bijeenkomst af.

A. Sassen



Autowasdag harmonie St. Caecilia

Ook zo de balen van zelf uw auto wassen?? Dan komt de Concours Commissie 2003 van harmonie St. Caecilia uit Geulle aandragen met een pasklare oplossing voor u!!!

Op zaterdag 15 juni organiseert zij een autowasdag op het Marktplein in Geulle. U kunt op deze dag tussen 9:00 uur en 14:00 uur met uw auto terecht voor een grondige wasbeurt. De prijs voor het wassen van uw auto bedraagt slechts EUR 4,50. Indien u uw auto ook van binnen wilt laten reinigen kost dat in totaal maar EUR 7,-. Een enthousiast team van medewerkers staat klaar om uw auto te reinigen. 

Vele handen maken voor u van deze klus een snelle maar ook kwalitatief goede zaterdag-ochtend invulling. De opbrengst van deze actie komt geheel ten goede aan de verenigingskas van de harmonie. Hopelijk kunnen we u dus verwelkomen op onze autowasdagen. Ons motto is: Berij de lente fris, en flaneer in uw blinkende bolide!! Meer verenigingsnieuws en informatie vindt u op de internetpagina’s van harmonie st. Caecilia: www.harmoniegeulle.nl


De Sjakel

April 2001

Geulle in vroeger tijden.
43. De schepenbank (3)

In Geulle was vanaf circa het jaar 1400 een schepenbank. De leden van de schepenbank hielden zich bezig met het bestuur over en de rechtspraak in ons dorp. Hierover heb ik in vorige afleveringen al het een en ander geschreven. De leden van zo’n bank waren de voogd of zijn plaatsvervanger de luitenant-voogd, de schout en de (zeven) schepenen. 
Dit keer wil ik wat namen geven van deze ambtenaren van de schepenbank. Als bron heb ik “Uit Geul’s verleden” van pastoor Aug. Kengen gebruikt, het standaardwerk over de geschiedenis van ons dorp. 
Zo’n lijst met namen is interessant om te zien welke achternamen in Geulle door de eeuwen zijn blijven bestaan. Hierbij moet men er wel aan denken dat gedurende verschillende perioden hier de Staatsen aan de macht waren en dat dan alleen Gereformeerden lid van de schepenbank konden zijn. Deze “Hollandse” familienamen komen voor zover bekend nu niet meer in ons dorp voor. 
Als eerste geef ik enige informatie over de (luitenant)-voogden. De heren van Geulle -dus van de adellijke familie Hoensbroeck-Geulle- zijn meerdere malen voogd van de schepenbank in ons dorp geweest. Vaker lieten zij zich echter vertegenwoordigen door een plaatsvervanger. Aan zo’n luitenantvoogd werd het voogdambt dan tegen een behoorlijke betaling verhuurd. In 1592 werd Jan van den Houfve door de heer van ons dorp als luitenant-voogd aangesteld. Hij werd in die functie opgevolgd door Mathijs Cloot. Carle Suchen was nadien luitenant-voogd.
Hierna volgt een namenlijst van de schouten die bij de schepenbank in Geulle actief zijn geweest: 
1406. Johan Strupher (uit Hulsberg)
1447. Olyvier van Lybermey
1568. Leonardus Heppen of Heppers
1594. H. Bours 
1639. Willem van den Hoofve
1665. Willem Janssen
1667. de la Montaigne
1708. David Bulleback
1716. Jacob Hermes
1731. Ludovicus Prottin
1735. Abraham van den Heuvel
1762. Leo Willem van den Heuvel 
1792. J. H. Ploem
Bij Abraham van den Heuvel staat dat hij van de ware Gereformeerde Christelijke religie was, dus rond 1735 hadden de Staatsen het hier voor het zeggen. 
In “Uit Geul’s verleden” staan ook de namen van veel schepenen. Hierna volgen de namen die pastoor Kengen voor de periode 1406 tot 1680 heeft kunnen achterhalen:
1406. Willem die Witte, Arnout Vysscher, Mathijs van Hulsloe (Hulsen), Leens, Johan Saryssoen, Vranke van Hare (Borgharen) en Johan Moterberch.
1447. Peter Vijsscher, Ghyze (Heex?), Arnold Sarys, Werner Moes, Johan Franken, Geerken Jacobs en Reynken Vysschers.
1457. Werner Maas (Moes?).
1490. Hanssen, schepen van Goele = Geulle.
1545. Herman Cox, schepen van Goll = Geulle.
1560. Willem Koers. 
1567. Joannes Rivius, (secretaris)schepen van Geul = Geulle.
1568. Leonardus Heppers, eerst schepen, nadien schout.
1631. Leonardus Stommen.
1635. Leonard Janssen, Goesen, Vaessen, Leo Snyders.
1643. Thys Lonis.
1664. Henricus van der Stam, Arnold van Panhuysen, Reinier Reyers, Willem van Hoorn (Hoven?), Carl. Lamberts.
1666. Claes en Peter Vromen, Spitsweck, J. van der Roer.
1668. Peter Weyers, Matheus Claessen, Tevis Vaessen.
1669. Pelt.
1680. Mathijs van Gangelt, Johan Pelt, Tevis Vaessen, Hendrik Muiters.

In ”Uit Geul’s verleden” staan nog veel namen van schepenen die hier na 1680 in de schepenbank zaten. De laatste in deze rij was P. Simons, die op 27 november 1793 werd aangesteld. Kort daarna kwamen de Fransen onder Napoleon hier aan de macht. 

Archie Varis.

Literatuur:
1. Uit Geul’s verleden (1926).
2. Waar de brede stroom der Maas (1972). 


De zand- en kiezelgroeve.

Vroeger had je in ons dorp een zandgroeve halverwege de Slingerberg. Het was wit zand dat gebruikt werd als vul- en voegzand. Ook werd het gebruikt voor het maken van zandtapijten tijdens de grote processie die ieder jaar uittrok.
In 1920 bij de bouw van de nieuwe kerk in Geulle beneden zijn tientallen karrevrachten gebruikt voor metsel- en voegzand. Dit werd door de boeren met kar en paard vrijwillig aangevoerd. De weg naar de kerk was toen een stuk korter dan nu, want er was nog geen kanaal en men hoefde dus geen brug over.
Op het einde van de jaren dertig van de vorige eeuw raakte de groeve min of meer uitgeput, maar ook de provinciale overheid verbood verdere afgraving in verband met de landschappelijke waarde.

De kiezelgroeve was in de Snijdersberg waar nu huize “Beeldenhof” staat. Daar hebben ze jarenlang de kiezel gewonnen om de wegen in het dorp te verharden, want er was in die tijd geen enkele weg geasfalteerd. In die tijd bestond het verplicht “botten” in de gemeente.
Dit “botten” betekent dat men hand- en spandiensten moest verrichten voor de gemeente. Dit werd dan gezien als een soort gemeentebelasting. Mensen met kar en paard moesten een of meerdere dagen kiezel rijden voor het onderhoud van de diverse wegen in het dorp. Mensen die geen kar en paard hadden moesten de kiezel op de karren laden en op de bestemde weg aanbrengen. Op de plek waar kiezel werd gewonnen is later gestopt omdat men te dicht bij de huizen van de Snijdersberg kwam. Het plateau voor de welput, naast de weg, was vroeger op plaatsen dubbel zo breed als nu.
Er is toen een nieuwe groeve gemaakt. De ingang was tegenover het bakhuis bij cafè Lombok. Hier zijn in de loop der jaren honderden tonnen kiezel gewonnen. De kiezel werd handmatig gezeefd in verschillende dikten, grof, minder grof en metselzand. De dikke keien werden op een hoop gegooid. De zeven waren schuin recht opstaand en met de platte schop werd de kiezel er tegen op gegooid. De personen die werkten in de groeve waren losse arbeiders of werklozen die in de crisistijd te werk gesteld waren. Met de dikke keien uit de groeve is in de jaren dertig van de vorige eeuw door enkele werklozen de keermuur gemaakt op de kop van de Snijdersberg bij de ijzeren leuning. De metselaar was Pierre Thewissen, beter bekend als Pierre van Lombok. Pierre was bakker van beroep. Er was geen ander die hem dat nadeed. Hij werd dan ook door veel mensen geprezen voor zijn vakwerk.
In 1936/1937 heeft men een nieuwe toegangsweg gemaakt naar de groeve omdat de vorige te steil was voor de vrachtwagens. Deze toegangsweg lag tegenover de bakoven van de familie Sassen. Hier kon men gelijkvloers de groeve in en uit rijden. De kiezel en zand die hierdoor vrijkwam heeft men gebruikt om de Maasstraat gedeeltelijk te verhogen zodat die straat niet zo vlug blank kwam te staan bij hoog water van de Maas.
In de jaren vijftig waren bijna alle wegen in het dorp geasfalteerd en raakte de groeve overbodig. Er zijn wel nog enkele tonnen kiezel en zand afgevoerd naar het vliegveld “Welschap” bij Eindhoven. Deze kiezel en zand werden met vrachtwagens naar de haven van Stein vervoerd en daar verladen in schepen die kiezel en zand naar Eindhoven voeren. 
De provincie had inmiddels verder afgraven verboden in verband met het landelijk karakter van dit gebied. Later is met een bulldozer een flauwe glooiing tegen de bergwand gemaakt en later vol geplant met diverse soorten hout opstanden.

J. Maassen



Politie varia

  • In de nacht van dinsdag 4 op woensdag 5 maart werd ingebroken in een woning aan de Kuiperstraat. Uit de woning werd gereedschap en beddengoed ontvreemd. De voordeur van het perceel werd geforceerd.
  • Op vrijdag 15 maart werd op de Kuiperstraat een wit Mercedes-busje teruggevonden dat in die nacht werd ontvreemd in Maastricht, in de omgeving van het Mecc.
  • Tussen 26 februari en 2 maart werd een pinpas uit een woning ontvreemd aan het Kerkplein. Op vrijdag 15 maart werd met die pinpas geld afgehaald bij de Rabobank te Geulle. Onderzoek volgt.
  • In de nacht van maandag 18 maart werd op de Hulserveldstraat een persoon in een auto met lopende motor aangetroffen. De bestuurder had behoorlijk wat aan Bachus geofferd en hem werd een rijverbod opgelegd.
  • Tussen dinsdag 19 maart en woensdag 20 maart werd er ingebroken in een woning aan de Koekoekstraat. Ontvreemd werd een grote hoeveelheid gereedschappen. De toegang werd verkregen door vernieling van een raam boven de voordeur. 

    Er komen weer geregeld klachten binnen over de jeugd die op het Marktplein rondhangt. De klachten betreffen o.a. gooien met colablikjes en rondrijden met bromfietsen. De jeugd is hiervoor reeds enkele keren gewaarschuwd.
    Ook werd melding gemaakt van rondhangende jeugd bij de visvijver. Hierbij worden door betrokkenen geregeld vernielingen gepleegd.
  • Tussen woensdag 27 en donderdag 28 maart werd ingebroken in een zaak aan het Marktplein. Ontvreemd werd een tondeuse. De voordeur werd geforceerd.
  • Tussen woensdag 27 en donderdag 28 maart vond er een aanrijding met doorrijding plaats op de Eijskensweg. De spiegel van een auto werd hierbij vernield.
  • Op een veldweg in de buurt van de Kuiperstraat werden op zondag 31 maart twee Franse personen gecontroleerd in hun personenauto. Ze bleken in het bezit van een geringe hoeveelheid softdrugs.

Brig. Giesen



Een (vogel)paar keert terug.
Torenvalken op vrijersvoeten

De locatie.
Jaren geleden heb ik (met collega vogelaar Sj. Ummels) een torenvalkenkast geplaatst in het weiland van Kester, oostelijk van het Bospad, (voorheen de Putstraat) in Moorveld. Aanvankelijk in een hoge perenboom, een legipond. Ideale hoogte voor een aanvliegende torenvalk. Maar al zowat tien jaar geleden zijn de perenbomen gerooid en moest een hoge paal redding brengen. Op een paal zoals die overal in piramideboomgaarden staan, goed vastgesjord aan een hoekpaal van de afrastering, werd een nieuwe uitgave van de valkenkas bevestigd.

De bewoning door de jaren. 
De twee opeenvolgende kasten zijn vrijwel steeds bewoond geweest. De valkenkas in de legipond-perenboom was na verloop van tijd wat dichtgegroeid waardoor het aanvliegen van de valken vaak verborgen bleef. Daardoor kon een valkenjaar wel eens wat onopgemerkt voorbij gaan. Tot het moment dat de jongen gingen uitvliegen. In de tijd van de perenboomse valkenkast (ruwweg de jaren tachtig) omvatte het broedsel doorgaans een of twee jongen, één enkele maal vier jongen wat natuurlijk een heel aardige productie was. Vanaf de paalwoning neemt het aantal uitvliegende jonge torenvalken toe met in 2001 een absoluut record van vijf jongelingen. Daarover aanstonds meer.

Het leven van de torenvalk.
De hele winter staat de kas in stilte op de paal. Geen torenvalk in velden of wegen te bekennen. Af en toe is de kast rustpunt voor een kraai of buizerd. Ook kleiner vogelgrut wil wel eens graag op die kast uitrusten. Vlak bij de torenvalkenkast ligt de huiswei van Angelien Claus. Dat weiland fungeert al jarenlang als thuisbasis voor een echtpaar zwarte kraai. Maar zo eind februari verandert het ‘tableau de la troupe’. Een hoog piepend geluid en, plots, daar zijn de valken terug van weggeweest. Ik neem maar aan dat ze overal rond gezworven hebben en dat zij met name boven het vliegveld al ‘biddend’ hun kostje bij elkaar gehaald hebben. Kort na het betrekken van de woning begint de paartijd. Pa en ma torenvalk laten er midden tussen de weilanden geen gras over groeien. Zij buitelen over en langs elkaar door. De volle (lucht)ruimte wordt benut. Het een spektakel van jewelste. Een vogel-peepshow in optima forma. Op gezette tijden vliegen de valken achter elkaar, duiken op een paal of op de kast en al kirrend met een hoog sjielpend geluid wordt de liefde bedreven. De gedrevenheid van pa torenvalk gaat lang door, ook als het wijfje met de leg bezig is. Tussen alle bedrijvigheid komt er ook nog even een vreemde heer torenvalk op bezoek. Die probeert het territorium van echtpaar torenvalk binnen te dringen. Rond de valkenkast ontstaat een hoge staat van opwinding. Een soort alarm 1 fase. De twee mannelijke torenvalken schieten afwisselend als een stuka, een Duits jachtvliegtuig uit de Tweede Wereldoorlog, naar boven of beneden. Een adembenemend gezicht, vooral door het vermogen van de valken om op het eind van iedere vlucht een draai van bijna 180º te maken en weer in tegenovergestelde richting omhoog of omlaag te duiken. 

De leg.
Het wijfje torenvalk legt de eieren met onderbreking van steeds enkele dagen (een eigenschap die ook bij andere roofvogels aanwezig is). Het gevolg van deze onderbroken leg is dat ook de jongen met dezelfde onderbreking in dagen geboren worden. De eerst geborene heeft al heel wat muizevlees verorberd voordat de volgende valk uit het ei komt. In feite is er sprake van een vernuftig mechanisme dat er voor zorgt dat zoveel valkjes kunnen opgroeien als het voedselaanbod mogelijk maakt. Zijn er onvoldoende muizen dan maken de oudste torenvalkjes gebruik van hun eerstgeboorte-recht om alle voedselaanbod binnen te pikken. De laatst geboren torenvalk(en) legt het loodje en wordt afgevoerd. De ‘survival of the fittest’ is tegelijkertijd de voorwaarde voor de instandhouding van de soort. De eerste valken groeien uit tot krachtige vogels, de latere exemplaren hebben bij onvoldoende voedselaanbod geen kans en overleven niet.

De gefaseerde gezinsuitbreiding.
De leg van de eieren met tussenpozen leidt er toe dat de gezinsuitbreiding in fasen plaats heeft. Dat is duidelijk waarneembaar als de jonge vogels gaan uitvliegen; niet allemaal tegelijkertijd maar met dezelfde onderbreking als waarin de eieren gelegd zijn. De eerste torenvalk krijgt al vliegles als de rest van het broedsel nog in de kas huist. De pas uitgevlogen torenvalk zit op een van de weidepalen en probeert zich rechtop te houden. Alles in zijn houding en vleugelgedrag verraadt onzekerheid, nog versterkt door het klaaglijk roepen van de jonge vogel. Af en toe onderneemt hij een vliegpoging en komt dan met moeite enkele palen verder weer tot rust. Maar de jonge vogel moet verder. Het valkenleven houdt niet op bij enkele weidepalen. Een van de ouder-valken stimuleert de vliegopleiding door met een muis aan de voeten de jongeling tot een vlucht van wel tien palen te prikkelen. Zo worden de eerste dagen gevuld met paaltje-over-vliegen. De zelfredzaamheid neemt met de dag toe. Maar dat moet wel want na ongeveer vijf dagen: weer dezelfde consternatie. Een volgende jonge torenvalk is het gelukt de kas te verlaten en zit nog onbehouwen op een paal. En het proces van eerste gewenning van vliegen en voeden begint van voren af aan.

2001, een topjaar. 
Vorig jaar, 2001, moet een topjaar op muizengebied geweest zijn. Want uit de torenvalkenkas bleven met de beschreven regelmaat maar jonge valken komen. Het was bijna niet te geloven en je zou gezegd hebben dat de Bananenboxer terug gekomen was met zijn bekende kreet: en nog een! De totale productie stokte na een kleine drie weken bij vijf. Toen was er inmiddels een hele ‘mangel’ torenvalken geboren. Nadat alle valken uitgevlogen zijn, vertoeft het hele gezin nog geruime tijd rond de valkenkast en het zo vertrouwde weiland met al die rustpalen. Maar waarneembaar is dat de valken steeds vaker en steeds langer op stap zijn, bezig zijn hún wereld te verkennen. Tenslotte, zo medio september, is het ‘over en uit’ en teken ik aan: komt terug volgend jaar, eind februari.

Paul Notten



In de heer zijn overleden

  • Op 14 maart 2002, op 72-jarige leeftijd, Frans Kengen, echtgenoot van Elisabeth Cerfontaine, Maastricht;
  • Op 17 maart 2002, op 65-jarige leeftijd, Bertie Groot, echtgenoot van Tiny Franssen van Aan de Maas;
  • Op 29 maart 2002, op 51-jarige leeftijd, Jules Wolters, echtgenoot van Marije Pommelet van de Pastoor Swelsenstraat;
  • Op 5 april 2002, op 58-jarige leeftijd, Isabel Galego, echtenote van Jo Notten;
  • Op 10 april 2002, op 73-jarige leeftijd, Albert Wijnand, echtgenoot van Lies Wijnand – Coumans;
  • Op 13 april 2002, op 89-jarige leeftijd, Sjo de Jong, echtegnoot van Lies Stevens, Avé Maria

Tennisclub De Pletschmeppers / jubileum.

Iedere week tennissen. 
Met het voorjaar komt ook het tennis goed op gang. In het tennispark allerlei activiteiten. Iedere maandagavond is er clubavond. Leden kunnen zich vanaf 19.30 melden (vrije toeloop) en worden dan ingedeeld in een team. Bankzitten en wachten is er niet bij. Ook de andere avonden kan er uiteraard getennist worden maar moet U zelf zorgen voor een kompel. Gedurende zeven weken achter elkaar wordt er op zaterdagmiddag vanaf 13.00 uur competitie gespeeld. Kom eens kijken. 
Er is altijd wat te beleven in het park dat er prachtig bij ligt. En bent U aan rust toe, dan is er de kantine of het terras om even te verpozen. 
Voor belangstellenden bestaat gelegenheid om lid te worden. Bel met Fr. van den Eerenbeemt, tel. 3641927 of M. Olivers, tel. 3645126. Weet U het nog niet! Geen nood. Kom eens langs en vraag info op bij de gemelde bestuursleden of anderen waarvan U weet dat zij bij de tennisclub zijn. 

Jubileum. 
Nog een bijzonderheid. De vereniging viert dit jaar haar 25-jarig bestaan. Dat gebeurt op zaterdag 15 juni a.s. Op die dag zal voor leden, genodigden en belangstellenden een middag- en avondomvattend feestprogramma plaatshebben. Meer berichtgeving volgt binnenkort.

Paul Notten



Brieven van Pieke junior.

Hallo beste mensen van Geul, hier is weer een briefje van jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek. De Noonk is erg giftig, want er zijn der weer een paar aan de kraam geweest die hem het kerkelicht kwamen brengen en daar moet de Noonk nou helemaal niets van hebben, hij zegt ummer toe dat ze in de kerken van Geul al licht genoeg hebben en anders steken ze zich wel een luch aan en dat hij ummer hier al gaat, den ene keer onger en den andere keer boven en dat hij sjus nog gewees was en dat de lui hem met rust zijne middag moeste late eten en ik zat achter de sjanse bij het bakkes te kijken, want de Noonk had een hele rooie kop en een nek wie de stier van Stöbbes en als dat zo is kun je je beter uit de weeg maken en je versteken, want anders springe je de hummeskneup van de Noonk nog om de oren en die wilden hem de wachtoren brengen en nou vraag ik me toch af wat of dat dat is, want ik ken alleen maar ezelsoren, waar de meester altijd aan trek, en de Noonk zeg dat die lui je toch de oren van de kop af kallen, als je ze tenminste laat en die zullen zich hier in de hoek voorlopig wel niet meer laten zien en anders blijft de poort mooi toe en dan komen ze hem het geleeg niet meer op, zegt hij. En in de moestem is het veels te droog, want het heeft al heel lang geen druppel meer geregend en dat is goed voor de Maas, zegt de Noonk, want die heeft dit jaar wel vier keer op uitkomes gestaan en de wind staat ook nog uit de verkeerde hoek en het is veels te sjraal, en Harie is ook allereigel aan de gang in de moestem en de errete komen al uit en ook de spoor en de zilvere unnekes en nou begint het onkruid ook al, en Geulle wordt weer mooi, zeg Merie, als je ziet wat ze allemaal in de tuin doen, maar de Noonk denk daar bij zijn eigen anders over, zeg hij, want in de Slingersberg heeft ene zijne televisie over de reling gegooid en nou vraag de Noonk zich toch af wat of zo iemand beziebelt, als je je ergert aan wat op de klommel is, dan zet je hem toch uit, maar je gooit hem toch niet het groen in en de Noonk zal zich daarover wel eens opdoen als de Börger weer op thuisbezoek komt in Geul en hij gaat er naar toe, maar hij hoop wel zegt hij, dat ze Börger niet aan de brug welkom heten, want daar is ter nog steeds ene aan de gang die het huisje kapot heeft en allang, maar ze hebben hem nog niet getrappeerd en als bij ons het huisje kepot is, zegt Harie, dan hebben we tenminste de mestem nog en dat is weer goed voor zijn spoor, die wordt daar lekker dik van. En op de Brukweg hadde zich ter een paar gekuurd aan die nieuwe verkeersborden van overstekende padden en zo en nou vraag ik je, zouden die niks anders te doen hebben, en ik hoef zoget niet te perberen, want dan heb ik niet alleen lang oren, maar ook nog zungelende, als ze mij een verperen als ik bij ons kom en het schijnt dat ze volgend jaar ook nog nieuwe borden moeten gaan maken, met laagovervliegende padden derop, want der waren ter een paar zo recht de brievenbus ingevlogen bij de lui aan het Verrekesbrook. Nee, dan die wat in Broekhoven en Aan de Maas een heleboel nieuw fruitbuim hebben gezet, die doet tenminste nog eens wat om Geul in orde te houden en het ziet er nog mooi uit ook, vind ik, zo met die schapen en lammetjes debei. En de Noonk had zich toch stevig vergis, want die ene vethouder 
wordt geen vethouder meer, die gaat naar de missionair, zeggen ze en nou gaan der twee het alleen doen, en de hele dag, en het zal de Noonk nou benieuwen of ze der dan meer van bakken als wie ze maar halve dage werkden en der zal wel minder gevregel ondereen zijn, zegt hij, want waar der maar twee zijn kun je ook minder vregelen als waar der drie zijn en dat klopt, want als hij met Teigededraod alleen is, vregelt hij zich minder dan als Stöbbes ook debei is en zegt de Noonk, met twee kun je de centen ook beter verdelen als met drie. Maar wat ik me nou afvraag is of Charlie en Neske nou niet goed genoeg zijn voor ook vethouder te worden, want die hebben het toch met de kouwe paplepel ingekregen vroeger, want de pappe van die waren al vethouder of raaslid vroeger in Geul en die deden het toch goed, en dat is nog eens andere koffie, of niet soms !
En nou moet ik jullie nog snel vertellen, dat ter onder in Geul ene geperbeerd heeft een kastelein in de kast te zitten, maar dat was hem nog niet goed gegangen, maar wat wil je ook als je je verdaalt in een café met een wapen en dat had je vroeger niet hoeven uitvreten, zegt de Noonk, want dan was de bakker gekomen en die had een gummiesluik en als je ze daarmee gepeizelt kreeg, dan was je nog niet jarig, en nou vraag ik me af wat een bakker met een sluik moet, maar ja, dat zal wel weer grote mensenkal zijn en nou hou ik op want het papier is vol en ik moet naar de disco in de noodkerk en misschiens vertel ik daar de volgende keer nog wat over. Eerst nog even kijken of de Noonk nog een paar cente over heeft en dan klipseer ik het hem. Adië met de groeten van Pieke junior !



Geulle 50 jaar geleden……
April 1952.

– R.K. volksbibliotheek. Aan de heer M.Thijssen is eervol ontslag verleend als secretaris/penningmeester van voornoemde bibliotheek. Tot zijn opvolger is benoemd de heer Jo.Thijssen. Geestelijk adviseur is de weleerwaarde Heer kapelaan L.Geelen.

– Bouw nieuwe kerk. Zoals reeds in de dagbladen is bekend gemaakt zal in de loop van het jaar 1953 begonnen worden met de bouw van een nieuwe kerk in het rectoraat Waalsen.

De Zeereerwaarde Heer rector Thijssen heeft als globale schatting de kosten geraamd op fl.200.000,00 waarvan men een derde gedeelte hoopt terug te krijgen uit subsidies van de provincie, gemeenten, bisdom en Staats-mijnen. Rekening houdende met het opnemen van een schuld van fl. 70.000,00 zal het resterend bedrag gevonden moeten worden uit giften, collecten, fancy-fairs, tentoon-stellingen, loterij, enz. Men hoopt in augustsus een fancy-fair te houden ten bate van de nieuwe kerk.

– In aanwezigheid van het gemeentepersoneel nam de Raad op 31 maart afscheid van de Heer A.H.J.Stijnen als gemeenteontvanger. Vele goede hoedanigheden kenmerkten de heer Stijnen. Niettegenstaande zijn bescheidenheid was hij steeds uiterst vriendelijk en hulpvaardig ten opzichte van allen met wie hij in aanraking kwam, ook waar het gold de vaak onredelijke klachten, die, vooral de laatste jaren, van de zijde van de belastingbetaler op de ambtenaar “gelucht” werden.
Gedurende zijn 34 jaren durende dienstverband heeft hij de gemeente zien uitgroeien en steeds zwaarder werd de taak, die op zijn schouders gelegd werd. Zeer verdienstelijk heeft de heer Stijnen zich ook gemaakt als secretaris/penningmeester van het Burgerlijk Armbestuur. Vele minder-bedeelden vonden in hem niet een “ambtenaar”, maar een echt meevoelend en hulpvaardig mens.

– Door het gemeentebestuur werd aanbesteed het verbeteren van de Cruisboom-straat met het aanbrengen van een slijtlaag van asphalt, het leggen van goten en riolering en het maken van een drainage. De laagste inschrijver was de Heer T.Tempelman met een som van fl. 21.480,00. Het werk is hem gegund en de uitvoering zal zo spoedig mogelijk aanvangen.

Hein Peters.



Bloome plökke.

Wie ich in öt stadspark van Mestreech leep mèt ein van mien peuterkes aan de hand ontdèkde dae ukkepuk ö perkske mèt hiël klein blauw bleumkes midde tösje de meizeutsjes. Öt zaog ech aantrèkkelik oet en öt kleint kôsj öt neet laote en mèt zien fien vingerkes hiël verzichtig get meizeutsjes en get heemelsblauwe jiërepries te plökke. Ze woore bie ei geduud in öt anger hendsje. Öt maedsje genoot van de bleumkes en ich zellèf van dat plökkende maedsje.
Gans overwach klink ein barsje stöm achter mich en ich kiek in eine zwoirbesnorde deender achter mich. En of ich öt neet wis tat in öt park gein bleumkes geplök mochte waere.
Iërlik gezag, dao hauw ich gein sekon aan gedach en versjrik trokke veer wier nao de stad.

En doe dach ich trök aan vreuger wie ich ouch noch keind waor aan de Maas. Dat waor in den tied dat bloome en bleumkes langste berme in de weie en opte velder hiël gewoon waore. Öt waor ouch hiël gewoon tat veer in Miërt mèt ö stèl achter Savelkoul aaftrôkke. Dao stinge ö paar hiël auw en hwoig hègke langs den teluu. En onger die hègke stinge viwuölkes die ruukde wie ö stök duur zeip.
In de weie stinge dan ouch sôms al get lichblauw Leevevrouwehendsjes, die ruukde neet, méh de kôsjter waal ö sjwoin bèkètsje van maake.
En esset in öt veurjaor good waer waor trôk ver mèt ö stèl jonges nao de Bloomberrèg. Dao stinge bie de klaospöt altied massaas kèrrèkèsleutele. De bosj waor der gael van, sjus wie bie d’n Aelser duuker. Sôms ging zwoi ei bösselke bloome mèt nao de sjwoil veur de juffrouw of veur de meister. Die waore dao hiël blie mèt.

Bezunger in de Meimaond es öt Leeve Vruike geseerd moosj waere zaoste kènger mèt bloome nao de sjwoil trèkke. Dèk waore dat ouch bloome oette moostèm, Meibloome, stokrwoize, groffiaote, fleere, morgesterre of tölpe. Dan rook de klas neet mië nao versjaalde puupkes, mèh ech nao de lente. En es ön bie of hoomel de kans zaog door öt baoveleech nao binne te komme, dan doerde öt neet lang of alle kènger keeke nao dat biëske dat van de ein bloom nao de anger vloog en dan ö gezèllig geluid leet hwiëre. En es öt zoomer waor woore weer väöl bloome geplök veur de grwoite persesse. Dan moosjte mangele struisel geplök waere . De hoofdes neet lang nao bloome te zeuke. In daen tied stinge mië bloome op öt veld es kaore bie wieze van spraeke. Öt landsjap leek dan op ön sjilderie van van Gogh es fiës van kleure in de zomerzôn.

Noe mooste maonde zeuke veurtotste ön kaorebloom of önne bolderik gevônge höbs en este langs önne veldwaeg ö struukske klaprwoize zuus staon dan höbste eine gooijen daag. Mèh vreuger waor gei kaoreveld zônger önne rwoije rand van klaprwoize tösje eine berrèg van witte kemille. En baove öt kaore staoke de kaorebloome oet, aeve blauw este blauw loch baove de velder. De hoofdes neet te zeuke, de kôsj mèt twië han tègeliek die kleure snappe en dao de mangel mèt völle.
En este de ganse waegkant aafgeloupe has en dan ins umkeeks kôsjte nog neet zeen tat dao zwoiväöl geplök waor. En wat veuldeste dich dan gelökkig este mèt ein vol mangel heives trôks, mèt baove dich in de loch eine liëwerik dae ön fontein van twuönsjes gratis oetstruit baove dat kaore in öt Gäölderveld tat de kop al moot buige umdat de aore al zwoir beginne te waere.

Mar/B 


Albert Bollen en Jean Kerckhoffs ereleden Harmonie St. Caecilia.

Zondag 10 maart was het zo ver. Twee illustere leden uit Caecilia’s verleden én heden, werden tot ereleden benoemd. Na de zondagsrepetitie traden de twee bekenden heren en hun familie de zaal binnen voor…tja, ze hadden het er nog samen over gehad, maar ze wisten echt niet wat ze moesten verwachten.
Voor het eerst in zijn carrière als vice-voorzitter nam Jos Wijands het woord om te doen wat nu eenmaal hoort bij twee leden van verdienste: in het zonnetje zetten. Hier volgt een samenvatting van zijn woorden:
“ De laatste jaren van Caecilia waren geen gemakkelijke jaren, het waren jaren van vreugde en verdriet, van hoogtepunten en dieptepunten. Gelukkig zijn we nu in een wat rustiger vaarwater terechtgekomen en kan het bestuur zich weer meer gaan bezighouden met de dagelijkse bestuurstaken die tijdens de verbouwing wel eens te wensen overlieten. 
Maar de blik alleen op de toekomst gericht is echter niet voldoende. Het bestuur is van mening dat je ook naar het verleden moet kijken en waarderen wat er in het verleden is gepresteerd. Uit deze evaluatie is voortgevloeid dat we mensen die niet meer als muzikant actief zijn en een buitengewone staat van dienst hebben opgebouwd de status van erelid verlenen. 

We zijn tot de conclusie gekomen dat twee mensen hiervoor in aanmerking komen. Albert Bollen en Jean Kerckhoffs. Het harmonieleven van Albert en Jean liep nagenoeg synchroon. Albert werd in 1944 op negen jarige leeftijd lid van onze vereniging en Jean volgde in 1947 en was toen tien jaar. Albert speelde bugel en Jean trompet. Beiden waren meer dan gemiddelde muzikanten en gingen in 1949 voor het eerst op concours in Horn. De tweede prijs was voor de jonge muzikanten een enorme teleurstelling.
In 1951 werd fanfare St. Caecilia omgevormd tot Harmonie St. Caecilia. Jean moest fluit gaan spelen en kreeg zijn opleiding aan de muziekschool te Maastricht. Een unicum omdat alle opleidingen intern gebeurden. Maar fluit werd zo specifiek geacht dat men voor de deskundigheid van een muziekschool koos. Jean bleef overigens tot begin jaren ’70 de enige fluitist in ons orkest. Uitbreiding achtte men niet nodig want de heersende algemene opvatting was: wat is er nog valser dan een fluit………… twee fluiten.
Jullie kennen allemaal onze tamboer-maître Marco Lahaije. Velen kennen ook nog de tamboer-maître Wim Smeets. Maar wie kent de tamboer-maître vóór Wim. Mag ik jullie voorstellen: Jean Kerckhoffs. Vanaf de oprichting van de drumband in 1958 tot 1979 dus 21 jaar is Jean tamboer-maître geweest. Jean was als voormalig sergeant geknipt voor deze functie. Hij sleepte dan ook regelmatig de tamboer-maîtreprijs binnen tijdens drumbandconcoursen.
Albert is begonnen tijdens de oorlogsjaren, en omdat de toenmalige fanfare weigerde toe te treden tot de Duitse “Kulturkammer” moest hij stiekem thuis oefenen. In 1960 kreeg Albert min of meer de opdracht om tuba te gaan spelen en hij deed letterlijk van zich horen.
Tegenwoordig hebben we opleiders zoals Jo Caelen en Erik Voncken, daarvoor was Hub Maessen de opleider. Maar weinigen kunnen zich de opleider daarvóór herinneren. Mag ik jullie voorstellen: Albert Bollen. 

Van 1970 tot 1985 is Albert onze interne opleider geweest. Ontelbare uren geduld opbrengen om de leerlingen de beginselen en de liefde voor de blaasmuziek bij te brengen.
In 1971 gingen we weer op concours, ditmaal naar Valkenburg. Het resultaat van dit concours wil ik jullie niet onthouden: 1e keer in de superieure afdeling 1e prijs 312 punten. En toen was het feesten, en feesten konden ze. In 1958 werd er een Beierse kapel opgericht en dat was koren op de molen van Albert en Jean. Jean was de muzikale leider. Samen kregen ze keer op keer de zaak weer op stelten gezet. Tot begin jaren zeventig bleven ze lid van deze kapel.
Maar aan iedere loopbaan komt een einde. Op een gegeven moment ga je toch merken dat je ouder wordt, althans wat betreft het muziek maken. De vingers kunnen het niet meer bijhouden en spanning vasthouden lukt niet meer. Jean en Albert hebben een wijs besluit genomen, stoppen als je het nog leuk vind. Jean stopte in 1996 en Albert in 2001. De zojuist beschreven levensloop van beiden is maar een zeer beknopte levensloop. Zo heb ik niet verteld dat Albert twee periodes bestuurslid is geweest en dat Jean altijd een hoekje van zijn partituren afbrandde, dat Albert bier dronk en Jean pils. En dat Caecilia maar een goede concertreis gemaakt heeft naar Würzburg. 
En al datgene had niet plaats gevonden als de vrouwen van Albert en Jean niet achter dit lidmaatschap hadden gestaan. Dames, hartelijk bedankt voor de vrijheid die u Albert en Jean heeft gegeven.
Albert en Jean, wij zijn heel blij dat we jullie de status van erelid kunnen verlenen. Lid zijn van Caecilia is een wisselwerking. Jullie zijn goed geweest voor Caecilia. En Caecilia voor jullie. Jullie waren altijd aanwezig, altijd meewerken, meedenken, niets is teveel. En Caecilia heeft jullie enorm veel levensvreugde gegeven, genot in het samen muziek maken, jullie hebben gelachen en gehuild en vrienden voor het leven gemaakt.
Ik denk dat ik niet lieg als ik zeg dat Caecilia een stuk van je leven is, dat je voor geen goud van de wereld had willen missen. Albert, Jean, van harte bedankt voor jullie onmetelijke inzet.”
En zo viel het voor Jos dus nog best mee in zijn eerste ‘redevoering’. Wat Albert en Jean betreft, die waren zo ‘grwetsj’ dat ze beiden het bestuur en leden bedankten met een enveloppe met inhoud. Albert en Jean, proficiat en moge jullie nog heel wat jaren in onze vereniging meegenieten!

Jos Wijnands / Marco Lahaye



De wielerbaan (aanvulling)

In de Sjakel van maart 2002 zijn tijdens het opmaken van het artikel van J. Maassen de laatste regels van het artikel weggevallen. Onze excuses voor dit foutje (red.)

Maar na enige tijd ging Rijkswaterstaat moeilijk doen met het motief dat het wielerbaantje in de winterbedding van de Maas lag en dat mocht niet: dat kon opstoppingen veroorzaken als de Maas buiten haar oevers trad. Dus opruimen die handel en dat betekende dan ook het einde van de Geulse “drekbaan”.
Op dit moment zijn er nog twee ex-baanrenners in leven en dat zijn Harrie Vossen en Pie Janssen. Het toeval wil dat zij ook nog twee neven van elkaar zijn. Graadje Franssen, die vanwege die fiets niet mee mocht doen, leeft ook nog. Alle drie zijn ze een flink stuk de tachtig gepasseerd.

J. Maassen



Agenda van de Heemkundevereniging Gäöl

– Donderdag 9 mei 2002, 19.30 – 22.00 uur, werkavond in De Gruffeldwois.
– Woensdag 15 mei 2002, 13.30 uur, werkmiddag in De Gruffeldwois.


De Sjakel
Maart 2002

Geulle in vroeger tijden.
42. De schepenbank (2).In Geulle was vanaf 1439, of mogelijk al eerder, een schepenbank. Hierin hielden de schout en schepenen zich onder andere bezig met de rechtspraak in ons dorp. De belangen van de Geullenaren werden zonodig behartigd door de borgemeesters of dorpsmannen. 
De beloning van de schepenen bestond uit de boetes van degenen die hun proces verloren. Daarvan kregen de leden van de schepenbank 1/3 en de heer van Geulle 2/3. De hoogte van de boetes van de verschillende rechtszaken werd weer bepaald door de eeuwenoude “costuymen” of rechtsgebruiken. 
Zo was de breedte van voetpaden en wegen precies vastgelegd. Een gewoon voetpad moest minstens vier voet breed zijn (een Amsterdamse voet is 28,3 cm breed). Een bruids-, lijk- of molenaarsvoetpad echter minimaal zes voet. Hiermee worden de paden bedoeld waarover een bruids- of begrafenisstoet naar de kerk ging of het pad waar langs men naar de molenaar ging. Een karweg had een breedte van minimaal 12 voet en een weg van het ene dorp naar het andere moest minstens 16 voet breed zijn. Lag zo een weg tussen twee steden dan was hij minstens 24 voet breed. Een heirbaan – tegenwoordig zouden wij er een autoweg tegen zeggen – moest weer minimaal 32 voet breed zijn. Dit alles gemeten 1½ voet vanaf de eventueel aangrenzende heggen, afrasteringen of beken. Iemand die zo een voorschrift overtrad en een pad of weg smaller maakte kreeg door de schepenbank een vooraf vastgelegde boete opgelegd.
Ook ter bevordering van de brandveiligheid waren er vele voorschriften. Een bakoven in de heerlijkheid Geulle moest een pannendak hebben en minstens 60 voet van de woning liggen. Er waren ook regels voor het roken op straat of in schuren en het gebruik van luchten of stallampen en andere gevaarlijke verlichtingsmiddelen. 
Alleen met toestemming van de drossaard of bode mocht men een jachthond hebben. Verder moesten alle honden, behalve schaapshonden die bij de kudde waren, voorzien zijn van behoorlijke knuppels die aan de hals hingen en over de grond werden gesleept. Dit moest natuurlijk omdat anders de honden te hard konden rennen en dan het jachtwild van de kasteelheer gevaar zou lopen.
Dit zijn slechts enkele voorbeelden van de zeer vele rechtsregels die met de bijbehorende boete in de eeuwenoude “costuymen” waren vastgelegd. Voldeed men niet aan zo een voorschrift dan kon men door de schepenbank worden veroordeeld tot een vooraf bekende boete.

Toen hier de protestanten of Staatsen het voor het zeggen hadden moesten de leden van de schepenbank gereformeerd zijn. Omdat dat deze niet allemaal in Geulle te vinden waren werden hier schepenen benoemd die bijv. in Beek of Meerssen woonden. Vooral deze buitendorps wonende schepenen bleven wel eens weg bij zittingen van de bank, terwijl ze toch hun beloning opstreken. Door een besluit van de schepenbank van 7 juni 1724 werd hier een einde aan gemaakt.
De schepenbank was niet gebonden om in een bepaald lokaal recht te spreken. 
Na de bouw van het voormalige kasteel van Geulle rond 1620 hield men meestal daar zitting. Een enkele keer vergaderde men in de gerechtskamer van Bunde of Ulestraten. Ook vergaderde men wel eens bij de presidentschepen of bij een schepen die wegens ziekte of ouderdom niet in staat was om een bijeenkomst elders bij te wonen. De dagen waarop de schepenbank vergaderde waren niet vooraf vastgelegd. Vaak was het om de 14 dagen op woensdagmorgen, maar soms op een andere dag van de week. Dit betrof dan meestal zaken waarop iets beslist moest worden dat geen uitstel kon lijden. 
Het is wel aardig om te weten dat de onze voorouders de zittingsdagen van de schepenbank niet in dagen maar in “genachte of genachtinge” bijhielden, want zij telden niet in dagen maar in nachten.Archie Varis. Literatuur:
1. Uit Geul’s verleden (1926).
2. Oet vreuger jaore (1978-1985).
De Wielerbaan.In de dertiger jaren van de vorige eeuw was het baanrennen erg in trek. Niet alleen in de grote steden had je wielerbanen maar ook op het platteland lag een aantal wielerbanen. In de Zuid-Limburgse steden waren dat Sittard, Heerlen, Heer bij Maastricht en Amby. Van deze laatste zijn de contoeren nog duidelijk zichtbaar ten oosten van de autobaan Maastricht richting Meerssen vlak achter huize “Severen” in Amby.
In Geulle waren enkele wielerminded inwoners die het plan hadden om aan de Maas op gemeentegrond een wielerbaan aan te leggen halverwege de Maasstraat tussen de appelbomen. De gemeente gaf hier toestemming voor.
Een aantal vrijwilligers met kruiwagen en spade maakte het “dekbaantje”, de verhoogde bochten en de rechte stukken klaar. De lengte van het “dekbaantje” was 150 meter. Het voldeed niet aan de normen om er olympische wedstrijden op te houden, want dan moest de baan 400 meter lang zijn. De baan in Amby was wel 400 meter en hier werden dan ook internationale wedstrijden gehouden met cracks als Piet Moeskops en de Belg Poeske Scheerens. Deze trokken vanzelfsprekend veel publiek. Aantallen van 5000 toeschouwers waren gewoon.
De baan in Geulle was alleen voor de liefhebber, de echte amateur. Die kwamen uit de omliggende dorpen. Al spoedig ontpopten zich wielrenners uit Geulle als echte klasbakken. Het was crisistijd, waardoor vele jongeren geen werk hadden en dus tijd genoeg om te trainen. Het geld voor een renfiets zonder versnellingen hadden de meesten verdiend met smokkelen. De renners in die tijd waren Jean Simonis, Pie Vossen (van de snieder), Harie Vossen (van de slager), Huupke Troquet, Giel Vranken (kleermaker), Sjef Philippens (smid), Harrie Kusters, Pie Janssen en Sjangke Janssen (beiden van Bet van Clemens). Er werd in diverse disciplines gekoerst, zoals sprint en achtervolgingswedstrijden. De laatste ronde werd geluid met de bel van het voetveer.
Jean Simonis was nogal groot van gestalte en moest zich dan meer dan eens bukken om onder de laaghangende takken van de appelbomen door te koersen.
De wedstrijden werden op zondagmiddag gehouden. Bij droog weer was het een stoffige boel op de “drekbaan”. Deze baan werd al vlug het Kuipje genoemd, net als de wielerbaan van Gent. Deze Gentse wielerbaan bestaat nog steeds en heet in de volksmond nog steeds het Kuipje. Er was nog een sportman en dat was Graatje Franssen, een sportman in hart en nieren. Graatje mocht echter niet meedoen want hij had een gewone fiets en dat mocht niet. De prijzen in die tijd waren meestal een nieuwe band, een fles drank van een of andere caféhouder, een leverworst van slager Savelkoul aan de Maas of een kistje sigaren van een fabriek uit de Kermisstraat.
Van dopingcontrole was in die tijd nog geen sprake. Er werd ook wel eens op een grasbaan gereden op het onderdeel achtervolging. Hier ging men dan naar het voetbalveld. Men fietste dan in een grote cirkel over de hele breedte van het veld. Sjangke van Bet was in de sprintwedstrijden niet te kloppen. Zijn moeder Bet was daar erg trots op en riep dan ook in haar café tegen ieder die het wilde horen: “Oos Sjangke, dae knouts alles en eederei”. Oudere Geullenaren zullen zich die uitspraak nog wel goed kunnen herinneren. Die bliksemse snelheid met de renfiets kwam Sjangke goed van pas met smokkelen, want hij was de douane steeds te vlug af en ze kregen hem dan ook niet te pakken.J. MaassenBrieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.Dag mensen van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke Junior uit de Piemelenhoek en de verkiezingen zijn ook weer geweest en Charlie is ter ook in gekomen en dat had toch niemand verwacht behalve Charlie zelf misschiens en het was echt een wonder, want een paar daag denaa was het bord wat Charlie in de Pas had gezet ineens overgevlogen naar eene kaffe in Geul en de luui die naar de kerk gingen konden het toen allemaal zien en dat was me get met die borde, want den eene had er zich nog geent deneer gezet of den andere plante der al weer een bord detegenover en ze zate zich allemaal ondereen in dezelfde stevel te vissen. En die ene vethouder heeft een flinke op de neus gekregen, hij was maar driets van zijn lijst de binnengekomen, en dat kwam door een die van Dreunen heet, zeg hij en Harie zeg: wat is in een neem en dat is Engels, zeg hij maar de bij, dat iedereen het ook goed snap, en eigelijk zou die vethouder zich eens op zijn kop moete kretsen, want als je zo een opsodemijter krijgt dan kom je daar de eerste vier jaar niet van bij en eigenlijk zou hij sjus wie die echte politikers boven in Holland doen nou uit zichzelf moeten opstappen, vindt de Noonk, maar hij zal toch nog wel zoveel gewicht in de schaal gooien dat hij toch wel weer vethouder zal worden, sjus wie die andere umtot die zich zo goed onder mekaar kennen, en dat is toch een beetje raar, vindt de Noonk, want die man werkt de hele dag en krijg het vervoer onder de maat nog niet onder zijn patsj en dan is het bij ons hier in Geul toch wel een stuk beter geregeld, daar draaien de kasteleins zich nog niet de hande daarvoor om, als ter daar ene in de kaffee zit die niet weet van heevers gaan en hoe, dan make ze gene zever en pakken ze zich de schurgkar en dan vaaren ze die manne gewoon de lei af en niks geen fotos de van maken, waar ze daarna een hoop eellend mee krijgen. En nou is de bok vet, want de meeste van de grootste partij die komen al van Geul, en nou hebben die van de veilingfeeste van Bung al geen plaats meer voor een fatsoendelijke feesttent en nou zette ze die in Geul neer bij het zwembad en als dat zo doorgaat, dan krijgen we straks ook nog de rest van Meersse en de schutterij en de hele raad en zo op ons geleeg. En als die slim zijn, die van de raad, dan kopen ze zich de ouwe kaffee van Leis van de Schnijder, want die staat te koop, en dan maken ze daarin het gemeentehuis en dan hoeven ze ook niet zo wijt te lopen voor ene kaffee, die ligt er al neven en die transipeert daar al op verdacht op, want die is zich een grote parkeerplaats aan het maken en dan zijn Eddie en Charlie en Agnes kort bij huis en Geul wordt toch al het uitgaanscentrum van Meersse, want der is allewijl zoveel te doen in Geul op een dag dat de Noonk bekans de bocht al niet meer haalt: feest van het vliegend bord van Charlie en een reseptie van die raadsmevrouw met de meeste en de grootste advertenties – wie zou dat toch allemaal betalen, zeg de Noonk of zou daar nou zoveel aan te verdienen zijn als je in de raad komt – en film van de karneval en een stuk wijer haufvaste bal en om den hoek de zoveelste opening of is het nou gewoon de zoveelste poging om het open te houden van ‘t Centrum, en de Noonk was wel overal geweest, maar op het laatst was hij wel mooi de weg kwijt en hij had zich wel een schurgkar metgenomen maar hij kon maar niemand vinden, die hem de berg op wouw vaaren. En nou komen der ook nog feest van het mannekoor en een boekebal en Karneval in de zomer en dan zal het ook wel weer regenen en krijgen we nou ook nog een nieuwe prins, of laten we dat die wat het al was, want die heeft het toch maar heel goed gedaan, vindt de Noonk. En nou schei ik maar uit de met, want anders wordt de Sjakel weer veels te dik en dat kost het bestuur te veel aan postzegele en de lui die hem langs de deur moeten brengen, die krijgen dan pijn in de rug devan en die nemen liever geen schurgkar mee voor de Sjakels te dragen, want voor je het weet heb je der eene opziiten die heevers gevaaren wil worden, dus adië, met de groete van Pieke Junior uit de PiemelenhoekA.M.A.Maassen: Kwartierstaat van Sjef Thijssen uit Geulle (laatste deel; eerder verschenen in Limburgs Tijdschrift voor Genealogie, jaargang 28-2000 nummer 3)Vervolg Oud-ouders.38. Joannes Notten, * Geulle 13 februari 1733, zoon van Petrus uit Berg (en Terblijt) en Barbara Janssen, † Geulle 31 december 1790. Huwde te Geulle voor dominee en pastoor 24 april 1763, ondertrouw 9 april, met
39. Maria Agnes Bours, * Geulle 3 januari 1739, dochter van Matthias en Anna Lenders uit Boorsem (Be), † Geulle 21 februari 1796.
40. Leonardus Kurvers, * Bunde 9 september 1732, zoon van Leonardus uit Nuth en Anna Goessens uit Bunde, † Geulle 9 maart 1970. Huwde te Geulle voor dominee en pastoor 16 november 1755, ondertrouw 1 november, met
41. Maria Lenders, * “casu nata” (toevallig) volgens de pastoor geboren in Brielle (volgens de dominee in Geulle). Dat moet omstreeks 1728 zijn geweest, want bij overlijden in Geulle op 25 november 1789 tekende de pastoor aan dat zij 61 jaar was. Zij moet een dochter zijn van Joannes Franciscus en Maria Lemmens, die volgens het Geulse kerkelijk huwelijksregister op 23 juni 1724 in Maastricht getrouwd zijn door pater Hubertus van de orde der Capucijnen. In het Geulse doopregister staat maar één kind van dit echtpaar geregistreerd, n.l. Maria Catharina Lenders, gedoopt op 8 juli 1725.
42. = 38.
43. = 39.
44. Wilhelmus Bouwens, * Schimmert 9 febrauri 1743, zoon van Hendericus en Maria Margaretha Alofs, † Oensel –Schimmert volgens de dominee 15 en volgens de pastoor 16 oktober 1792 en begraven op de achttiende. Huwde te Schimmert, met dispensatie in de derde graad van bloedverwantschap, op 20 oktober 1764 met45. (Anna) (Maria) Elisabeth Coox, volgens overlijdensakte * Hulsberg circa 1740, als dochter van Henricus Coox en Anna Canisius, † Schimmert 5 maart 1816, 76 jaar (folio 6).
46. Michaël Ha(e)mers, * Schinnen 11 januari 1736, zoon van Joannes en Maria Dullens, † Spaubeek 27 april 1797. Huwde te Spaubeek 5 juni 1766 met 
47. Maria Elisabeth Henssen, * Spaubeek 9 maart 1744, dochter van Joannes en Maria Hanssen (aanvulling door de auteur: † Spaubeek 23 april 1818 (akte3) red.)
48. Petrus Deckers, * Geulle 8 februari 1682, zoon van Carolus Deckers en Cornelia Janssen, † Geulle 22 september 1764. Huwde te Geulle voor dominee en pastoor 27 januari 1732, ondertrouw 12 januari, met
49. Anna Vossen, * Geulle 19 febrauri 1702, dochter van Leonardus en Judith Mulkens, † Geulle 25 mei 1778.
50. Caspar Lentjens, * Geulle 21 juni 1705, zoon van Mathias en Gertrudis van Reijmersdael, † Geulle 22 oktober 1765. Huwde te Geulle voor dominee en pastoor 23 april 1741, ondertrouw 8 april, met kerkelijke dispensatie in de vierde graad van bloedverwantschap, met
51. Sophia Lemmens, * Geulle 10 maart 1718, gedoopt door de Uikhovense pastoor Leonardus Hubens, dochter van Jacobus en Anna Lentjens, † Geulle 22 oktober 1765, op dezelfde dag als haar man.
Bij het verzoek om huwelijksdispensatie van pastoor Tilen van Geulle aan de bisschop van Roermond was het volgende schema van verwantschap gevoegd:
1e graad: Leonardus Lentiens en broer Theodorus Lentiens.
2e graad: L’s zoon Caspar en Th’s zoon Leonardus.
3e graad: C’s zoon Mathias en L’s dochter Anna.
4e graad: M’s zoon Caspar (de bruidegom) en A’s dochter Sophia Lemmens (de bruid). (Rijksarchief Limburg, Huwelijksdispensaties Roermond, supplement folio 115).
52. Petrus Maassen, * Geulle 11 februari 1722, zoon van Mathias en Gertrudis Schreurs, † Geulle 3ème jour complémentaire XI (20 september 1803). Huwde te Geulle voor dominee en pastoor 27 juni 1745, ondertrouw 12 juni, met
53. Maria Elisabeth Paulissen, * Geulle 8 februari 1722, dochter van Conrardus en Mechtildis Deckers, † Geulle 7 Germinal XII (28 maart 1804).
54. Joannes Vossen, * Geulle 7 juli 1726, zoon van Leonardus en Catharina Kebers, † Geulle 3 juni 1800. Huwde te Geulle voor de pastoor op 24 mei 1756, en voor de dominee op 25 april, ondertrouw 10 april, met
55. Petronella Hoogheijnen, * Geulle 14 april 1732, dochter van Joannes uit Geulle en Catharina Limpens uit Doenrade-Oirsbeek, † Geulle 30 juli 1812 (akte 38). Opgemerkt wordt dat haar moeder, weduwe geworden, op 30 april 1752 ten tweede male te Geulle in het huwelijk trad met Conrardus Lentiens, een broer van Caspar hiervoren genoemd onder no. 50. Voor dit huwelijk werd dispensatie verleend wegens vierde graad van aanverwantschap. Deze was ontstaan als volgt:
1e graad: Leonardus Lentiens en broer Joannes Lentiens.
2e graad: L’s zoon Caspar en J’s dochter Mechtildis.
3e graad: C’s zoon Mathias en M’s zoon Petrus Hoogheijnen.
4e graad: M’s zoon Conrardus en P’s dochter Joannes, de eerste de bruidegom, de tweede de bruid ( R.A.L., Huwelijksdisp. Roermond, supplement folio 59).
Verder wordt aangetekend dat Joannes Vossen en Petronella Hoogheijnen de bet-overgrootouders zijn van Joannes Leonardus Vossen, wiens benoeming tot gemeente-secretaris in de raadsvergadering van 2 september 1873 wordt beschreven op blz. 112 en 113 van het boek. Hij was de zoon van Joannes Vossen en Barbara Penris, landbouwers te Moorveld-Geulle, geboren te Geulle 14 februari 1848. Op 20 februari 1879 (akte 1) trad hij te Geulle in het huwelijk met Anna Maria Maas, geboren te Ulestraten 10 maart 1851, dochter van de Geulse wethouder Jan Maas, de smid van Moorveld met de bijnaam “Bismarck” vanwege zijn martiale knevel (blz. 113), en van Anna Maria Janssen. De gemeente-secretaris overleed echter op 11 juni 1886 (akte 19) te Geulle – Aan de Kerk, pas 38 jaar oud. Hij kreeg een eerste klas begrafenis op kosten van de gemeente (blz. 138). Zijn weduwe hertrouwde te Geulle 4 juli 1887 (akte 3) met de onderwijzer Hendrik Joseph Bruls, * Merkelbeek 1 februari 1860, zoon van Jan Mathijs Bruls en Anna Maria Pijls, landbouwers te Merkelbeek.
Ruim twaalf jaar later werd Anna Maria Maas opnieuw weduwe, toen haar man 17 december 1899 op 39-jarige leeftijd in Geulle kwam te overlijden (akte 23).
Tenslotte wordt in dit verband vermeld dat Joannes Servatius Jonkhout, “Vaos de jaeger”, aanvankelijk “loerjager”of wel stroper, nadien jachtopziener bij graaf D’Oultremont en veldwachter (boek blz. 70 tot 73, 117 en 118) – * Geulle 4 december 1822 (akte 44),† aldaar 29 april 1887 (akte 9), zoon van Michaël Jonkhout en Maria Ida Bours – een zwager was van wethouder “Bismarck” Maas. Vaos huwde namelijk te Geulle 7 november 1850 (akte 6) met diens zus Joanna Maria Maas, * Geulle 6 april 1821 (akte 4), † aldaar 7 juli 1898 (akte 14), dochter van de in Moorveld wonende hoefsmid Pieter Maas uit Kasen-Bunde en zijn tweede echtgenote Joanna Elisabeth Kerckhoffs uit Beek.
56. Joannes Vossen, * Bunde-Kasen 19 oktober 1706, vermoedelijk zoon van Joannes Vo(e)ssen en Maria Meys (Meissen), beiden uit Geulle, † Bunde-Kasen 30 juni 1761. Huwde voor de dominee in Meerssen 30 juni 1737, ondertrouw 15 juni (geen r.k. huwelijksregister van Bunde uit dat jaar aanwezig) met
57. Maria Muijtjens (Mutiens), * Bunde-Kasen 19 augustus 1711, vermoedelijk dochter van Matheus en Maria Schillaer(t)s, † Bunde-Kasen 5 december 1776.
58. Gosuinus Thijssen, * Geulle 2 augustus 1716, zoon van Gerardus en Mechtildis Perebooms, † Geulle 4 mei 1772. Huwde te Geulle voor dominee – die hem Goetsen Tissen noemt – en pastoor 11 september 1746, ondertrouw 26 augustus 1746, met
59. Catharina Lemmens, * Geulle 22 maart 1715, dochter van Jacobus en Anna Lentjens, † Geulle 2 oktober 1781.
60. Jan Clemens Janssen, * Geulle ?, † Geulle voor 1788, zoon van ?. Huwde voor de dominee te Geulle 4 oktober 1750, ondertrouw 19 september, met
61. Catharina Brouwers, * (Neer)beek op ?, † Geulle ?. Van dit doopsgezinde echtpaar is mij verder niets bekend. De vermelde gegevens zijn gevonden via de “Beschrijving van de doop-, huwelijks- en overlijdens-registers ter inzage op het Rijksarchief Limburg” door R.J.I. Goossens en A.M.S. van Hees, Maastricht 1980. Onder no. 175 op blz. 201 staat vermeld: “Deijakenen Boeck voor de Doopsgezinde gemeente binnen Maestrigt, begonnen in ’t jaer 1721.” Daarin zijn slechts opgenomen de dopen van 1750 –1794, de huwelijken van 1749 – 1788 en de lidmaten over de periode 1774 –1792. Van dit document, dat deel uitmaakt van het zich in het Gemeente-archief van Amsterdam, onder inv.no. C 259 x, bevindende Archief Doopsgezinde gemeente, is een kopie aanwezig in voornoemd Rijksarchief.
62. Leonard Cleven.
63. Anna Gertraud Thijssen. Van deze echtelieden is mij alleen bekend dat zij zeven kinderen lieten dopen in de Hoogduitse gereformeerde gemeente te Sittard. Het stadsarchief van de gemeente dat parochieregisters bezit van diverse Duitse plaatsen langs de grens, beschikt niet over gegevens van de gemeente Saeffelen.Vierde reünie eerste klas St. Jozefschool 1961/1962.Met veel genoegen geeft het organisatiecomité kennis van de vierde achtereenvolgende vijfjaarlijkse reünie van de eerste klas 1961/1962 van de St. Jozefschool te Geulle – Aan de Maas. De ukkepukken van toen naderen inmiddels langzamerhand de status van grijzende slapen, getrouwde kinderen en (dus) zelfs kleinkinderen en dat kan, want we zijn allemaal 46 of 47 jaar oud. De reünie zal plaatsvinden op zaterdagavond 20 april 2002 in Eetcafé “Effe Plenke”aan de Essendijk. Voor een meer dan gevuld programma is inmiddels gezorgd en ook spijs en drank zullen natuurlijk niet ontbreken. 
De reüniegangers hebben een eerste schriftelijke kennisgeving ontvangen en het wachten is op nader bericht. Wij begrijpen dat er al klasgenoten zijn, die niet kunnen wachten totdat de postbode de langverwachte uitnodiging bezorgt ………. Die komt beslist. Het thema van de avond is, en hoe kan dat ook anders: GÄÖL !! Marian Pluis-Mullers en Lou van Kan houden u op de hoogte van de ontwikkelingen ! Voor inlichtingen 043-3646261 of 3646690. (LvK)
Carnaval 2002 (vervolg)Na de sleuteloverdracht wordt alles in gereedheid gebracht voor de receptie en hierbij nemen Peter Claus en Peter van Caspar het woord over.
Over de receptie kan ik beter geen verslag doen want er wordt om 19.11 uur begonnen en na vele, vele, Geullenaren en niet minder dan dertien gastverenigingen wordt de receptie om 22.39 uur gesloten. Niet te geloven: een receptie van meer dan drie uur in ons kleine dorpje!
Nadat prins Piet 1e en prinses Tiny de dansvloer openen op muziek van orkest The Williams volgen de aanwezigen in de overvolle zaal dit voorbeeld en tot na 02.00 uur in de nacht is de dansvloer continue gevuld.
Met het nummer “Bokkerieërsblood” van de Schintaler nemen prins Piet 1e en prinses Tiny, omringd door hun Bokkerieërs, emotioneel afscheid van deze voor hun onvergetelijke dag.

Op zondag vertrekt om 20.11 uur de goed gevulde boemelbus vanuit tempel “de Leunde” naar de buitenliggende café`s. Thijssen Tours en chauffeur Piet Opgenoorth bezorgen ons op deze manier een mooie avond die voor ons pas eindigt om 2.45 uur in “Café Auwt Gäöl”. Op maandag zijn we vervolgens de hele morgen in de weer om de wagens van de raad en prins en prinses op orde te krijgen. We zijn mooi op tijd op de berg en we kunnen starten. Liefst 32 nummers doen mee in de optocht en, zoals naderhand door de jury zal worden gezegd, zijn ze van heel hoog niveau. De carnaval in Geulle draait top en dat is wel te zien, want iedereen aan de kant van de straat geniet met volle teugen.
Ook prins Piet 1e en prinses Tiny genieten: de de nonnevotten worden uitgegooid dat het een lieve lust is. Na afloop worden nog vele horecagelegenheden bezocht en pas ver in de nacht zoeken we ons bed op.Op dinsdag trekt de kinderoptocht door Geulle en de weergoden zijn ons weer gunstig gezind: nadat we gisteren veel geluk hebben gehad met de regen blijft het ook vandaag weer droog tot we binnen zijn.
Een mooie optocht met een stralende jeugdprins en –prinses, en nadat iedereen zijn aandenken en de “tuut sjlok” heeft ontvangen, worden de zalen opgezocht om de laatste uren van de vasteloavend 2002 te beleven.
Prins Piet 1e en prinses Tiny worden steeds rustiger. Niet omdat ze moe zijn, maar omdat het steeds dichter naar de klok van 0.00 uur gaat.
Bij Jean en Mieke is het tegen twaalven volle bak, want iedereen wil wel meemaken hoe de bok wordt afgelaten. Zaate hermenie “Loat mer Goan” is met vele leden aanwezig om dit op te luisteren en opperbok Eddy spreekt de vele aanwezigen toe. En het moet gezegd worden dat we kunnen terugkijken op een schitterende vasteloavend die we al lang niet meer in Geulle gehad hebben.Geen problemen, een schitterend prinsenpaar, mooie optochten, een jeugdprins en -prinses die er voor gingen en onze eigen Bokkerieërs die veel werk in het afgelopen seizoen bekroond zien met veel lof van de mensen van Geulle. Maar ook de mensen van Geulle verdienen een grote pluim, want ze waren echt overal!!! Jos Roumans zet het Limburgs volkslied in en de bok daalt neer aan de voeten van prins Piet 1e en prinses Tiny: carnaval 2002 zit er nu echt op.
Veel mensen gaan mee naar tempel “de Leunde”, alwaar prins Piet 1e en prinses Tiny worden ontdaan van hun carnavalsbescheiden.
Het bedankwoord dat Marcel en Jolanda van friture ’t Trefpunt ons toespreken, doet alle Bokkerieërs zichtbaar goed.Na vele rondjes van onze jarige voorzitter Marc (40) gaan wij tenslotte met Tiny en Piet naar huis waar we in besloten kring afscheid nemen van ‘vasteloavend 2002’.
Een vasteloavend met een gouden rand: Gäöl geer zeet ech te gek! Allaaaaaaaaf!
Politie variaOp vrijdag 2 februari 2002 werd op de Kuiperstraat een personenauto gecontroleerd, waarbij bleek dat de bestuurder niet in het bezit was van een geldig rijbewijs. Zoon kreeg eerste rijles van pa. Op maandagmiddag 4 februari 2002 werd op de Poortstraat een fietser onwel. Reanimatie hielp niet meer. De man, naar later bleek een inwoner van Beek, overleed ter plaatse. Er werd een natuurlijke dood geconstateerd.In de vroege ochtend van maandag 11 februari 2002 werd een taxichauffeur op de Slingerberg overvallen. Twee knapen bedreigden de chauffeur met een mes en ontfutselden hem de beurs, schoenen en de autosleutels. Deze personen waren in Geleen ingestapt.Op dinsdagmorgen 12 februari 2002 bleek dat door baldadige jeugd een verkeersbord nabij de Kanaalbrug op Westbroek geheel was scheefgetrokken en over de weg hing, met mogelijk gevaarlijke gevolgen voor het verkeer.Op woensdag 13 februari 2002 werd in de vroege ochtend melding gemaakt van brand in een garage. Dit bleek een losstaande garage te zijn. De Brandweer was na een half uur de brand meester. Geen ernstige gevolgen.Op vrijdag 22 februari 2002 werd in de ochtend gecontroleerd op snelheid op de Mevr. v.d. Meijstraat. Hierbij werden tien auto’s gecontroleerd waarvan er zeven werden bekeurd. Ter plaatse is een 30 kilometer zone. De hoogst gemeten snelheid bedroeg 50 kilometer per uur.Rondhangende jeugd van Geulle is weer negatief bezig. Na het aangenaam verpozen in de avonduren op het Marktplein nabij de Spar, laat men de rommel voor de eigenaar van de winkels of bewoners ter plaatse achter. Ook het vernielen van reclameborden is een geliefde hobby. Door ons zal dit in de gaten worden gehouden en bij aantreffen volgen er verbalen.Tussen vrijdag 22 en maandag 25 februari 2002 werden een viertal waarschuwings-lampen ontvreemd vanaf de dranghekken welke in verband met het hoge water waren geplaatst op de Kuiperstraat.Op maandag 25 februari 2002 vond er een aanrijding plaats te Broekhoven. Beide auto’s hadden elkaar geraakt in de bocht. Lichte schade.Op maandagavond 25 februari 2002 werd op de Gank een bromscooter ontvreemd. Door een getuige was gezien dat een tweetal jongens zich nogal verdacht gedroeg. Later werd de bromfiets teruggevonden. Helaas was hij door de daders behoorlijk in elkaar getrapt en zwaar beschadigd. De daders konden via enkele tips achterhaald worden. In de nacht van dinsdag 26 op woensdag 27 februari 2002 werden uit een berging aan de Past. Smeetsstraat twee herenfietsen ontvreemd. In de vroege ochtend van woensdag 27 februari 2002, werd op de parkeerplaats aan de Slingerberg een uitgebrande bestelbus aangetroffen. In de auto lag hout, dat nog smeulde. De brandweer kwam ter plaatse. De auto bleek te zijn ontvreemd in Best. Gevonden : n.v.t.
Verloren : n.v.t.Brig. GiesenMaart 1952
Geulle 50 jaar geleden……………..– Tijdens de raadsvergadering van 29 februari werd aan de heer Jos Stijnen op de meest eervolle wijze ontskag verleend als ontvanger der gemeente Geulle.
B.en W. hebben plannen om tot verbouwing van het gemeentehuis over te gaan en de secretarie over te brengen naar een lokaal van de eerwaarde zusters op de begane grond. De Raad voelt hier weinig voor, omdat hij op het standpunt staat dat vroeg of laat een nieuw gemeentehuis moet komen in het centrum van het dorp. De subsidie voor de dienstdoende kapelaan in de parochie werd verhoogd van fl. 200,00 tot fl. 400,00. De gemeente-begroting werd vastgesteld op een bedrag aan inkomsten en uitgaven van fl. 153.253,00.- In de Sjakel komen de eerste advertenties binnen. Hier volgt een voorbeeld hoe deze advertenties eruit zagen:
“ Wilt u zelf tappeseren, 
Kom dan bij ons profiteren”, 
G.Dohmen, Verfwaren, behang, poets-artikelen, balatum, linoleum, enz. Hulsen 15.- Het vliegveld wordt netjes. In mei als ter gelegenheid van het feest der Staatsmijnen het vliegfeest zal plaats vinden is de entree heel mooi geworden en zullen de hoge gasten een prachtig vliegveld aanschouwen.- Op 16 maart is onze dorpsgenote, Els Pallada, op een tragische wijze om het leven gekomen op de onbewaakte overweg aan de “Leunde” terwijl zij met haar vriendin op weg was naar het Vastenlof boven in Waalze. Het gehele dorp toonde haar medeleven tijdens een indrukwekkende uitvaart. Hein Peters.
Nuu matresPaosje mèt sjwoin waer, paosjvekanse en de vader dae verstand van öt waer hauw, verspelde dat tat nog daag kôsj aanhauwe.
Dat waor watte mooder moosj höbbe. Die hauw sjus wie anger Maaslengers lente-kriebels in öt blood. Veer hauwe väöl kènger en dus ouch de nwuödige struözak die in öt veurjaor opnuu gevöld moosjte waere. Dat waor ö hiël werrèk. De vader woor nao den euverdèn gesjik um dao sjwoin sjoufstruö oette zeuke. Mie auwste zuster moosj midde op öt glaeg ön grwoite plek zuuver maake van losse stöb en drek en dao de houwblok klaor zètte.Öt waope hauw de vader al ekstra sjerrèp gemaak. In de kas laoge al ö paar zuuver struö-zek te wachtte. Dit jaor hauw de mooder van jute mèt sjwoin broen-greun roete ö paar nuuje geniëd. Öt grwoit werrèk kosj noe beginne.
De mooder pakde zich de mèllèkstool, zat zich bie den houwblok, pakde zich ön bössel struö en ging aan de gang. Ze houw plezeer drin. De zon deeg häör good, die sjeen op heure baesje rok en al gauw zaot ze mekans verstaoke tösje de korte stökskes struö. Ze wèrkde aan ei stök door zonger op te kieke. Veer moosjte de vader hellèpe de auw struö-zek nao onger te sleipe en ze bie de mèstèm laeg te maake. Dao kaom mich eine stöb oet. Ze woore opgevouwe en op ö staepelke gelag.
De mooder zag woi veer de zuuver zek kosjte vènge en veer begosjte de nuu zek te völle.
Dao ging hiël get in zwoi eine zak die zwoi dik woore wie ein servelaat woos oet luilekkerland. Es veer die mer door de veurdeur nao binne kriege dach ich. Méh dat lökde met duuje en trèkke toch en den trap op nao baove lökde nog sjus.
Toch waore veer blie wie veer häöm op öt grwoit bèd geplasseerd hauwe. De zweit dröppelle leepe mich in de nek. “Niks gewènd”, zag de vader en stopde zich ö piepke en ging nao de käöke woi hae in de koofiepot nog ein klats koffie aantrof.
Op öt glaeg waor de mooder tösje öt struö neet mië te zeen.
“ Kom veer moote opsjeete”, zag ich. “Kalm en waardig”, zag de vader, méh hae stong toch op, lag zien piep op ö sjeutelke op öt keske en den twiëde zak woor weer aeve dik esten iëste. Wie dae baove waor naome veer méh drek den driede. En de mooder keek kentent: “Veer zin al euver de hèllef” en ze sloog méh door want den houp heksel waor good geminderd. Doe weer ein korte pous, weer ö piepke en eine slok lauwe koffie en dan weer aan öt völle. Öt nao baove sleipe ging eedere kiër baeter. Wie öt middig waor kosj öt glaeg weer gekaerd waere, en den howblok weer truk op z’n plaats.
Smiddigs wie me jôngste broor truk waor van öt vösje mosjte veer nao baove.
Veer maogde op öt bèd sprènge. Veer hauwe doe ein echte trampolien en veer hauwe plezeer wie in eine speeltuin.
En wie de mooder mèt de zuuver lakes kaom moosjte veer oetsjeije en nao onger gaon.
Toch waor öt saoves nog ein hiële toer um op öt bèd te komme.
Wat rook tat vees struö lekker. Méh öt vertroede kuulke in öt bèd waor d’r neet mië en öt doerde neet lang of mie jongste broor toemelde van de matras mèt zwoi eine slaag tat de lampetkan rammelde.
Veer hwuörde eemes de trap op komme. En wie de deur aope ging sleepe veer wie èngelkes tot de vader weer nao onger ging. Öt doerde nog oere ië oos ouge toeveele en smörges moosj de mooder ekstra hel en lang roope um os wakker te kriege en öt hauw neet väöl gesjaeld of veer waore te laat in de Mès gekomme.Mar/B In de heer zijn overleden– Op 10 februari 2002, op 80-jarige leeftijd, Hub Janssen, echtgenoot van Marieke Frissen;
– Op 18 februari 2002 op 84-jarige leeftijd, Johannes Hubertus Vossen, van de Heerenstraat.
Raadsverkiezingen in MeerssenOp 6 maart jl. vonden in Nederland maar weer eens verkiezingen voor de gemeenteraad plaats. In de gemeente Meerssen kon een keuze worden gemaakt uit niet minder dan 103 personen, waaronder 19 kandidaten uit Geulle. Er waren in groot-Meerssen 12 stemburau’s, waaronder twee in Geulle, een in Huize Ave Maria en een in Zaal ‘t Wapen van Geulle op de Hulserstraat. Gestemd werd er met een zg. stemmachine.
Op het CDA stemden 4170 mensen, op de VVD 3942 mensen, op Partij Groot Meerssen 2499 mensen en op de gecombineerde lijst van Groen Links/PvdA 1202 mensen.
De grootste stemmentrekkers (meer dan 100) per groepering (tussen haakjes de plaats op de kieslijst):CDA:
Jo Dejong (1) 1527 stemmen
Agnes Jonkhout uit Geulle (3) 518 stemmen
Marcel Smeets uit Geulle (2) 441 stemmen
Ed Vossen uit Geulle (6) 319 stemmen
Marcel Theunissen (4) 304 stemmen
Bianca Prickaerts (7) 220 stemmen
Leon Pinckaers uit Geulle(13) 163 stemmen
Louis Dolmans (5) 149 stemmenVVD:
John Ummels (1) 1515 stemmen
Jo Scheepers (3) 499 stemmen
Wil Kusters (2) 459 stemmen
Jef Maenen (4) 381 stemmen
Raymond Nijsten (7) 249 stemmen
Fred v. Weersch (5) 226 stemmenPartij Groot Meerssen:
Ger Willems (5) 399 stemmen
Math Vandewall (2) 386 stemmen
Luc Volders (1) 385 stemmen
Nicole Sunnen-Utens (7) 313 stemmen
Ric Schrama (6) 149 stemmen
Frans Conings (4) 121 stemmen
Emile Debie uit Geulle (3) 112 stemmen

Groen Links/PvdA:
Marc Schats (1) 480 stemmen
Lenie van Gemert (2) 227 stemmen
Wim Reuvers (13) 169 stemmen.In Geulle – beneden gingen de meeste stemmen naar Ed Vossen (CDA) met 240 stemmen. Geulle – boven gaf met 222 stemmen de voorkeur aan Agnes Jonkhout. In totaal werden er in Geulle 1891 stemmen uitgebracht, waarvan 1203 op het CDA, 207 op de VVD, 325 op de Partij Groot Meerssen en 156 op GroenLinks/PvdA. 
De stemmenverdeling onder de overige Geulse kandidaten was als volgt:CDA:
Ton Minten (11) 52 stemmen
Henk Maassen (14) 60 stemmen
Dionne Feijs (16) 11 stemmen
Maddy Boetskens-Pluis (18) 40 stemmen
Louis Rouschop (20) 9 stemmen
Sjir Nicolaes (22) 7 stemmenVVD:
Guy Timmermans (11) 32 stemmen
Math Waber (18) 3 stemmen
Frank Willemsen (30) 27 stemmenPartij Groot Meerssen:
Marlène Peerbooms-Penders(12) 33 stemmen
Lia Pluis-Bakker (17) 19 stemmen
Theo Reinders (25) 60 stemmen
Bep Budé-Metzelaar (26) 9 stemmenGroen Links/PvdA:
Henneke Lutz-Hollart (3) 57 stemmenOpmerkelijk mag worden genoemd het tegenvallende stemmenaantal voor de lijst Progressief Meerssen, met als lijsttrekker wethouder Luc Volders.
Een oud-CDA-er Ger Willems trok als vijfde man op de lijst 14 stemmen meer en de nummer twee op de lijst Math Vandewall een stem meer dan de lijstaanvoerder, Luc Volders.
Hoe het nieuwe college van B & W er na deze verkiezingen zal gaan uitzien is op dit moment nog niet bekend. Daar komt nog bij dat een nieuw “duaal” stelsel ingevoerd zal gaan worden, waarbij een wethouder zowel van buiten als vanuit de raad kan worden benoemd, doch waarbij deze wethouder niet langer lid kan zijn van de raad. Aan de raad (met zijn eigen griffier) is in de nieuwe constellatie een toezichthoudende en controlerende rol toebedacht. Van de verdere gang van zaken houden wij u op de hoogte.Red.
Zonnebloem GeulleTijdens de jaarvergadering van de Zonnebloem, afdeling Geulle, is er besloten om het bestuur uit te breiden met een bestuurslid ‘Activiteiten’. Het bestuur wordt nu gevormd door:
Paul Schoonbrood (voorzitter), Leny Kruijsen (secretaris), Marie-Louise Maas (penning-meester), Lieske Dolmans (bestuurslid ‘Bezoekwerk’), Hebby de Rouw (bestuurslid ‘Bezoekwerk’) en Gemma Barrell (bestuurs-lid ‘Activiteiten’).Samen met de vrijwilligers bezoeken zij regelmatig ouderen, zieken en gehandicapten.
In maart 2002 bestaat de Zonnebloemafdeling Geulle 12 jaar. In de loop van 2002 zijn nog de volgende activiteiten gepland:Zaterdag 27 april: Ontspanningsmiddag in de Hanenhof in Geleen;
Dinsdag 14 mei: Dagtocht naar de Mariahoeve in Leende;
Vanaf 1 juni: Start lotenverkoop van de Nationale Zonnebloem;
Zondag 8 september: Nationale Ziekendag;
Dinsdag 10 september: Gezellige middag in huize Avé Maria;
Maandag 30 september: Dagboottocht;
Dinsdag 26 november: Koopochtend in de Makado in Beek;Men hoeft geen lid te zijn van de Zonnebloem om aan deze activiteiten deel te kunnen nemen. Wil men graag regelmatig bezoek van een vrijwilliger, dan kan men zich hiervoor aanmelden bij de bestuursleden ‘Bezoekwerk’: L. Dolmans, tel. 3580066 en H. de Rouw, tel. 3643490.
Agenda van de Heemkundevereniging Gäöl– Donderdag 4 april 2002, 19.30, sectie genealogie in De Gruffeldwois.
– Donderdag 11 april 2002, 19.30 – 22.00 uur, werkavond in De Gruffeldwois.
– Zondag 14 april 2002, 13.00 uur, excursie naar Schippersbeurs museum te Elsloo (zie artikel elders).
– Woensdag 17 april 2002, 13.30 uur, werkmiddag in De Gruffeldwois.
Bezoek aan het Streekmuseum Schippersbeurs in Elsloo.Zondag 14 april 2002 gaat de Heemkundevereniging weer op stap. Bij deze excursie zullen wij ons in het verleden wanen, door een bezoek aan het Streekmuseum Schippersbeurs in ons buurdorp Elsloo. 
Op deze prachtige locatie bij de Maasberg wordt een rondleiding met gids verzorgd en kunnen wij zien hoe het leven er in het begin van de vorige eeuw in deze streek uitzag. U bent dan ook van harte uitgenodigd om aan deze excursie deel te nemen.
Voor leden zijn aan dit uitstapje geen kosten verbonden, niet-leden kunnen deelnemen voor een bedrag van 2.50 euro. Vertrek vindt uiterlijk om 13.00 uur plaats vanaf de Markt in Geulle. In verband met de organisatie dient u zich vooraf aan te melden en wel vóór 7 april bij mevrouw Truia Huntjens-Bollen (043-3649582) of de heer Maurice Wouters (046-4281899).
Gaat u met ons mee en proef een stukje historie uit de regio.
Jaarvergadering heemkundevereniging Gäöl.
Op 1 maart 2002 vond in Zaal “’t Wapen van Geulle”onder redelijk grote belangstelling de jaarvergadering van de Heemkundevereniging plaats. Voorzitter Hein Peters memoreerde het afgelopen verenigingsjaar als een jaar waarin door eenieder weer veel inzet is geleverd, met name in de hoek van de nieuwe media wat betreft het verder uitwerken van de internet-site en de opzet van een systeem waarin alle foto’s, krantenartikelen, Sjakels, gemeentearchieven en andere archieven zullen worden ondergebracht en met één druk op de knop toegankelijk zullen zijn. Ook de eerste versie van een Kroniek van Geulle, op papier én op het web, werd in 2001 geboren. Duidelijk moet zijn dat dit omvangrijke projecten zijn waartoe veel hulp van leden van de vereniging noodzakelijk is. Tot het verlenen van de nodige medewerking werd dan ook opgeroepen. Het jaarverslag van secretaris T. Huntjens-Bollen gaf nogmaals uitdrukkelijk weer wat er in 2001 allemaal gebeurde. Penningmeester M. Pluis ontving décharge voor het door hem gevoerde financiële beleid. De vergadering besloot akkoord te gaan met de verhoging van de contributie tot € 8,00 per jaar met ingang van 1 januari 2003. Tot nieuwe leden van de kascontrolecommissie werden benoemd de heren H. Bollen, J. Jonkhout en M. Thijssen.Aftredende bestuursleden T. Huntjens – Bollen en H. Janssen werden bij acclamatie herkozen. De heren Sjeng Maassen, Paul Notten en Jacq. Tillie, vaste correspondenten van de Sjakel werden verblijd met een goede fles wijn als dank voor hun regelmatige bijdragen aan De Sjakel. Ook de schrijver onder het pseudoniem Mar/B zal binnenkort bezoek ontvangen. Het aantal abonnees van De Sjakel steeg licht. Gelet op de toenemende omvang van De Sjakel en de daarmee gepaard gaande kostenstijgingen (m.n. drukkerijkosten) zal een verhoging van de abonnementsprijs in 2003 welhaast onontkoombaar zijn. Het bestuur zal zich in de loop van het jaar 2002 nader beraden over dit punt en de abonnees tijdelijk hierover informeren. Nadat vertegenwoordigers van de diverse secties nog toegelicht hadden, hoe het daarmee gesteld is en een aantal suggesties werd gedaan voor excursies (die te zijner tijd aangekondigd zullen worden in De Sjakel), werd de vergadering gesloten. 
In de pauze konden de aanwezigen genieten van een hapje en een drankje. Het officiële deel van de bijeenkomst werd afgesloten met een videopresentatie van een film van de hand van onze oud-dorpsgenoot Ton Vrancken, thans wonende te Elsloo met als onderwerp de Geulse bossen doorheen de seizoenen.(LvK).


De Sjakel

Februari 2002

Geulle in vroeger tijden.
41. De schepenbank.

In Geulle was vroeger een schepenbank gevestigd. Hierin hielden zich de schout en zeven schepenen bezig met de rechtspraak in en het bestuur over ons dorp. De belangen van de Geullenaren werden zonodig behartigd door de borgemeesters of dorpsmannen. In 1439 was er hier een schepenbank voor o.a. de buurten Moervelt, Hulsloe, Broemele, Huskenberg en Goele (aan de Maas). In deze oude buurtnamen zijn die van nu nog goed te herkennen. Tot 1745 vormde deze schepenbank ��n bank samen met Bunde en Ulestraten. Deze gecombineerde schepenbank hield zitting te Geulle. 

De schepenbank bestond uit een voogd (of zijn plaatsvervanger) die door de vorst werd benoemd. Verder bestond de bank uit een schout en schepenen. Deze werden benoemd door degene die in Geulle de macht in handen had. Vanzelfsprekend koos deze personen waarop hij kon rekenen en die zijn belangen het beste zouden behartigen. Ook konden nog de z.g. ge�rfden lid van de schepenbank zijn. Deze moesten minstens 15 bunder land in Geulle in eigendom hebben.

De bevoegdheden en taken van de schout en schepenen zijn al in aflevering 39 besproken. De beloning van deze ambtenaren bestond uit de boetes en de proceskosten van degenen die hun proces verloren. Daarvan kreeg de schepenbank 1/3 en de heer van Geulle 2/3. In oude registers en rollen zijn de ontvangsten van de schout, schepenen, gerechtsbode enz. nauwgezet bijgehouden. Deze vergoedingen waren niet hoog en daarom moet men deze functies ook meer als erebaantje dan als lucratieve betrekking zien.

De beloning van de schepenen enz. was dus afhankelijk van de boetes die in de diverse rechtszaken werden opgelegd. Deze boetes waren weer bepaald door de eeuwenoude costuimen of rechtsgebruiken. Daarom wist iedereen die voor een overtreding voor de schepenbank was gedaagd al v��r de uitspraak hoe hoog de boete zou zijn indien hij schuldig zou worden bevonden. Bij een forse boete was dat meestal een bedrag van enkele toenmalige guldens of schellingen en bij een kleine boete was dit enige stuivers.

Een voorbeeld van de vaste voorschriften en boetes volgens de costuimen of rechtsregels gaat over het “zeumeren”. Dit is het aren lezen of de na het oogsten overgebleven graanaren bijeen zoeken. Niemand mocht tijdens de oogst zeumeren, behalve op de lege stoppels nadat de tienden – een soort belasting op granen e.d. – en andere landbouwgewassen waren afgevoerd. Ook mocht alleen overdag en alleen door diegenen die niet veel bezit hadden gezeumerd worden. Indien dit voorschrift werd overtreden moest men in de plaatselijke petoet of cachot 14 dagen op water en brood leven. Bij een volgende overtreding moest men twee uur in de kaak. De kaak bestond uit twee aparte verticale planken op een paal; de planken kon men met de platte kant tegen elkaar plaatsen. Dan bleven uitsparingen over waardoor het hoofd en de handen van de gestrafte staken. Zo werd de boosdoener dan “aan de kaak gesteld” (de huidige Kaakstraat in Elsloo herinnert hier nu nog aan).

De voorschriften over het zeumeren dienen slechts als voorbeeld voor de zeer vele voorschriften en boetes die in de z.g. costuimen of rechtsgebruiken waren vastgelegd.

Toen hier de Staatsen of protestanten aan de macht waren, moesten de leden van de schepenbank van het ware gereformeerde christelijke geloof zijn. Die waren in Geulle niet (allemaal) te vinden. Daardoor waren er in ons dorp vroeger schepenen enz., die bijv. uit Meerssen of Maastricht kwamen.  
Archie Varis.
Literatuur:
1. Uit Geul’s verleden (1926).
2. Oet vreuger jaore (1978-1985).
3. Geulle, dorp aan de Maas (1993).
4. Eine w�sj groffiaote (1992).

A.M.A. Maassen: Kwartierstaat van Sjef Thijssen uit Geulle (vervolg)

Eerder gepubliceerd in Limburgs Tijdschrift voor Genealogie (LTG), jaargang 28 – 2000, nummer 3. Hier volgt de zesde generatie voorouders van Sjef Thijssen. Dat zijn – als u goed meegeteld heeft – 32 kwartieren. Bovendien zijn verwijzingen opgenomen naar de volgende 64 kwartieren. De relatief beperkte ruimte die De Sjakel biedt en de ruime toelichting van de heer Maassen noopten ons helaas ertoe deze zesde generatie in twee delen te splitsen. Het boek waarnaar verwezen wordt, “Geulle, dorp aan de Maas”, geschreven door Sjef Thijssen, is overigens nog steeds verkrijgbaar bij de secretaris van de heemkundevereniging (prijs � 13,61). En mocht u tot de genoemde oude Geulse families die aan de orde komen, behoren (of tot een andere familie, maar in Geulle is tot op zekere hoogte iedereen familie van elkaar) en mocht ook bij u het genealogie-virus de kop op beginnen te steken, loop dan eens binnen op een van de werkmiddagen of -avonden of bijeenkomsten van de sectie genealogie van de heemkundevereniging (zie de agenda). Er is altijd een helpende hand aanwezig om u te assisteren bij het maken van een goede start.

VI Oud-ouders

32. N.N.
33. N.N.
34. N.N.
35. N.N.
36. Caspar Thijssen, * Geulle 12 april 1727, zoon van Gerardus Thijssen en Mechtildis Peerbooms, � Geulle 24 januari 1800. Huwde te Geulle 22 november 1761 voor de pastoor met dispensatie in de derde en vierde graad van bloedverwantschap, en voor de dominee te Geulle eerst op 13 december, na ondertrouw op 24 november, met
37. Margaritha Maes(sen), * Oensel-Schimmert 1 februari 1738, wonende in Geulle, dochter van Joannes Maes en Elisabeth Backhuys, volgens het doopregister, maar ik denk dat dit Vrancken moet zijn, � Geulle 25 november 1798.
Aantekening 1: Caspar’s broer Petrus, * Geulle 18 februari 1724, � aldaar 9 november 1794, gehuwd met Maria Catharina Janssen, was de overgrootvader van burgemeester Servaas Thijssen, * Geulle 24 juli 1863, � 6 mei 1916 (akte 13), die in 1896 burgemeester Vijgen opvolgde (boek blz. 162 en 195). Servaas huwde te Geulle 4 augustus 1892 (akte 5) met dochter Geertruid van het in Elsloo wonende, maar in Bunde gehuwde echtpaar Joannes Martinus Hendrix, geboortig van Elsloo, en Cornelia Dolmans, geboren in Itteren. De ouders werkten, zoals vele Limburgers in die tijd, als “brikkebekker”in Duitsland, in casu in Vorst. “W�hrend ihre Besch�ftigung als Ziegel-b�cker” aldaar kwam genoemde dochter op 16 mei 1863 ter wereld in het huis van Mathias Horschen. Haar geboorte-akte werd opgemaakt in de B�rgemeisterei Vorst, Kreis Kempen, Bezirk D�sseldorf. Het kind werd ingeschreven als Gertrud Hendrichs. De weduwe Thijssen-Hendrix overleed te Geulle 27 maart 1938. Burgemeester Thijssen werd opgevolgd door Jonkheer Alphonsus Maria Hubertus Edmond, burggraaf van Aefferden, * Roermond 2 juli 1891, zoon van Carolus Albertus Marie Ernestus en Marie Josephine Guillemine Hubertine Leurs, � Meerssen 26 mei 1992, gehuwd in Meerssen op 6 februari 1915 (akte 4) met Germaine Anna Maria Huberte Brouwers, * Meerssen op het landgoed Klein Vaeshartelt 24 maart 1893, � in het kasteel te Geulle 10 november 1973. Zij was een dochter van Paul Marie Francois Hubert Brouwers en Sophie Anna Marie Bauduin, sedert 1895 via openbare verkoop eigenares van het kasteel te Geulle en alle verdere bezittingen van de te Brussel en (het Limburgse) Mheer wonende erfgenamen van Edmond Emile Charles Ghislain, baron van der Linden d’Hooghvorst.
Aantekening 2: Op blz. 64 van het boek wordt verhaald over een zwaar onweer in de zomer van 1851. Door blikseminslag ontstond brand in de woning van de bejaarde Jan Thijssen Aan de Maas, die daarbij omkwam. Het slachtoffer – * 15 december 1766 en � 18 augustus 1851 (akte 9), sedert 6 maart 1838 weduwnaar van Anna Elisabeth Vossen – was, zoals de grootvader van Burgemeester Thijssen, ook een zoon van bovengenoemd echtpaar Petrus Thijssen en Maria Catharina Janssen. De jonge Leendert Thijssen die vergeefs zijn vader uit het brandende huis trachtte te redden, was Leonardus Thijssen, landbouwer, * Geulle 10 maart 1814, gehuwd te Geulle 18 oktober 1842 (akte 9) met Maria Sibilla Feron, * Geleen 18 Prairial XI (7 juni 1803), dochter van Francis en Maria Joanna Cuijpers.
Aantekening 3: De grootouders van moederszijde van burgemeester Thijssen waren Servaas Dekkers, * Geulle 19 april 1799, � Geulle 8 januari 1853 (akte 2) en Anna Maria Ra(e)ma(e)kers, * Geulle volgens akte 52 van de burgerlijke stand 1 Prairial XII (21 mei 1804), maar volgens de pastoor 21 april 1804 (= 1 Flor�al), � Geulle 19 april 1871 (akte 8). Zij was een nicht van het “Riddele”, een klein, mager en zenuwachtig mens, dat in het huwelijk trad met Thies Tilmans (blz. 79 van het boek). In dit vermakelijke verhaal over deze huwelijkssluiting ontspoort de auteur, historisch gezien, enkele malen. Volgens hem werd het huwelijk door burgemeester Maassen voltrokken in de zestiger jaren. Het huwelijk van Mathijs Tilmans, landbouwer, * Geulle 14 augustus 1814, � 11 januari 1883 (akte 4) en Maria Catharina Raemaekers, zoals het “Riddele” heette, * Geulle 22 juli 1822 (akte 26), � 3 mei 1912 (akte 13), vond echter plaats op 28 maart 1856 (akte 3). Toen was Maassen al drie jaar geschorst en hij kwam pas weer in functie in 1858. De geboorte-akte van de bruid vermeldt inderdaad dat het kind van het mannelijk geslacht is! Deze fout heeft niet burgemeester Maassen gemaakt, want die werd eerst op 2 november 1830 onder Belgisch bewind in die funtie gekozen. De geboorte-akte werd opgemaakt en ondertekend door de toenmalige schout en ambtenaar van de burgerlijke stand graaf Maximiliaan de Hoen (echtgenoot van prinses de Hohenzollern-Hechingen) en de gemeente-secretaris Joannes Franciscus Lebens, die tevens notaris in Beek was.
Thies Tilmans was de zoon van Tossanus en Maria Gertrudis L(o)uwet. Zijn moeder was een halfnicht van Agnes Luwet, die op 17 februari 1905 in het huwelijk trad met Mathias Maassen en zodoende de moeder werd van burgemeester Coenrardus Maassen, voor wie het dorp, waar hij als “de Ouwe” bekend stond, in meerderheid sympathie voelde (zie mijn opstel over hem in het jaarboek 1993 van de stichting Historische en Heemkundige Studies in en rond het Geuldal). 
Het “Riddele” was dochter Maria Catharina van Joannes Arnoldus Raemaekers en Gertrudis Paulissen. De grootmoeder van moederszijde van burgemeester Thijssen was dochter Anna Maria van Adam Reinerus Raemaeckers en Anna Deckers, gehuwd te Geulle 23 februari 1794 met dispensatie vierde graad bloedverwantschap. Hun beider vaders waren zonen van Jacobus Raemaekers en zijn van Bunde geboortige vrouw Maria Ida Smeets, gehuwd te Geulle 25 november 1770.

De 4e graad bloedverwantschap is als volgt:

Ouders Raemaekers: Jacobus Raemaeckers en Maria Ida Smeets.
Grootouders: Conrardus Raemaeckers en Anna Ackermans.
Overgrootouders: Jacobus Ackermans en Gertrudis Vossen.
Betovergrootouders: Leonardus Vossen uit Bunde en Oda Schepers uit Itteren.

Ouders Deckers: Servatius Deckers en Catharina Hoogheijnen.
Grootouders: Petrus Deckers en Anna Vossen.
Overgrootouders: Leonardus Vossen en Juditha Mulckens.
Betovergrootouders: Leonardus Vossen uit Bunde en Oda Schepers uit Itteren.

Aantekening 4: In dit verband wil ik even terugkomen op het echtpaar Maximiliaan de Hoen en Felicitas von Hohenzollern. In het boek van pastoor Kengen “Uit Geuls Verleden” wordt op blz. 369 en 370 geschreven over de twee klokken in de kerktoren te Geulle, een grote en een kleine, die oorspronkelijk dateerden uit 1644, maar resp. in 1801 door de gemeente onder “maire” Gassens en in 1807 door genoemd echtpaar zijn “hergoten”. Ik heb mij altijd afgevraagd waarom de auteur schreef: “om welke reden zij hergoten zijn staat nergens vermeld.” Was hem dan onbekend dat in de Franse tijd de kerkklokken ingeleverd zijn moeten worden ? Een en ander vond plaats in het kader van de kerkvervolging in de beginjaren van de Franse bezetting, toen kloosterorden werden opgeheven, kerkelijke goederen verbeurd verklaard en verkocht, kerken gesloten en priesters verplicht tot het zweren van trouw aan de republiek op straffe van deportatie. Verder was bevolen “de faire disparaitre du haut des tours et des �glises les signes ext�rieurs du culte”. Onder die uiterlijke kentekenen van de godsdienst die moesten verdwijnen, vielen ook de kerkklokken. Op last van de Minister van Financi�n te Parijs moesten zij overgebracht worden naar aangewezen depots, van waaruit zij verkocht werden aan de “citoyens” Coste, Caylus, Gevandan et Compagnie, eigenaren van de Fonderie du Creusot, belast met werken voor de Dienst van Oorlog en Marine (Rijksarchief Limburg, Frans Archief, inv.no. 1200). Napoleon, via een staatsgreep eerste consul geworden, maakte in 1801 een eind aan de vervolging door het sluiten van een Concordaat met Paus Pius VII. Het is voor mij duidelijk dat toen van gemeentewege gezorgd werd voor een nieuwe klok ter vervanging van de geroofde (grote) klok, enige jaren later gevolgd door een schenking van een nieuwe tweede (kleinere) klok door de regerende heer. Voor de conflicten in de eerste jaren van de Franse bezetting mag ik verwijzen naar mijn artikelen in dit Tijdschrift (LTG; red.) “Sabotage of baldadigheid in Bemelen”, jaargang 1987, no.’s 3 en 4 en “Joannes Gassens, agent municipal, maire en notaire public in Geulle, jaargang 1991, no.4.
(wordt vervolgd)
Politie varia

  • Op dinsdag 25 december 2001 werd een bruine herenfiets uit het Kanaal nabij Westbroek opgevist. 
  • Op woensdag 26 december 2001 vond er een aanrijding plaats te Broekhoven. De bestuurder reed de Slingerberg naar beneden en wilde rechtsaf in de richting van Elsloo. Hierbij kwam hij in een slip, waarna de auto het talud omlaag schoot en op zijn kop terecht kwam. De bestuurder kon via het zijraam naar buiten, de andere inzittende via de achterklep. Niemand raakte gewond, alleen materi�le schade
  • Op zondag 30 december werd ontdekt, dat er een inbraak c.q. een insluiping had plaats gevonden in een woning te Westbroek. Ontvreemd werden onder andere een portemonnee, een GSM en zakjes met vreemde valuta. Er werden geen sporen van braak ontdekt.
  • Tussen zondag 30 en maandag 31 december vond er een doorrijding na aanrijding plaats op de Cruisboomstraat. Een auto werd aan de rechterzijde beschadigd. De buurman had wel wat gehoord, doch dacht dat het vuurwerk was.
  • Op dinsdag 1 januari 2002 raakte de bestuurder van een personenauto in een slip en kwam in de greppel naast het Cruisboomveld terecht. Hierbij raakte hij ook een boom. 
  • Tussen vrijdag 4 en zaterdag 5 januari 2002 werd een verlichtingslamp in de voortuin van een woning aan de Bruggelkes vernield. Hierdoor ontstond kortsluiting.
  • Tussen maandag 7 en dinsdag 8 januari 2002 vond er een doorrijding na aanrijding plaats op het Marktplein.
  • In de nacht van donderdag 17 op vrijdag 18 januari 2002 werd ingebroken in een personenauto op de Mevr. v.d. Meystraat. Het slot van het rechterportier was geheel naar buiten gerukt. Ontvreemd werd een minidisc Cd-speler.
  • Op zaterdag 19 januari 2002 werd op de Hulserstraat een fiets ontvreemd.
  • Tussen zaterdag 12 en zondag 13 januari 2002 werd op de Hulserstraat een personenauto beschadigd. Op het kofferdeksel werden twee horizontale lijnen gekerfd.
  • Tussen maandag 28 en dinsdag 29 januari 2002 werd er ingebroken in een personenauto op de Schoutstraat. Uit de kofferbak van de auto werd het reservewiel ontvreemd.

Met ingang van 1 januari 2002 heeft de Basiseenheid Meerssen van de Regiopolitie Limburg Zuid opgehouden te bestaan. Met ingang van bovengenoemde datum is deze opgegaan in de Basiseenheid Heuvelland.

Deze Basiseenheid bestaat uit de gemeenten Valkenburg aan de Geul, Margraten en Meerssen. De hoofdvestiging van de Basiseenheid is gevestigd in het politiebureau aan de Nieuweweg te Valkenburg.

De openingstijden van dit bureau zijn iedere werkdag van 8.30 tot 23.00 uur en in het weekend van 9.00 tot 18.00 uur. Het bureau te Meerssen is geopend op werkdagen van 9.00 tot 17.00 uur, op donderdag van 9.00 tot 21.00 uur en op zaterdag van 9.00 tot 13.00 uur. Op zondag gesloten.

Om politiemensen van Meerssen te bereiken kunt het beste 0900-8844 bellen. Hierna wordt u naar Meerssen of Valkenburg doorverbonden. Ook de gebiedsgebonden medewerkers zijn hier bereikbaar.

Gevonden : n.v.t.
Verloren : n.v.t.
Brig. Giesen
Brieven van Pieke Junior oet de Piemelenhoek.

Hallo mensen van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke. Het weer is veels te goed voor de tijd van het jaar en het gaat weer rap op stemmen aan en tot nu toe laten de politiekers niet zo veel van zich horen en je ziet ze sjus wie ummer, soms eens effekes, maar altijd te weinig, maar der lopen der wel al veel langs de deur met steunkaarte en die kosten niet eens wat. De Noonk heeft zijn aarrappelezak nog niet vol met loze beloften, misschiens zijn ze wel bang geworden, zeg Harie, maar de Noonk zeg dat het gewoon wat langzaam op de gang komt, sjus wie bij de os de melk en je ziet wel al overal veel vlaggen zeg de Noonk, van een land wat hij niet kent, maar dat heeft met de karneval te maken en er hange ook overal veel maskes aan de deur en aan de vinsters met mooie nummers derop en de Noonk zegt, dat ze in ieder geval allemaal hun best doen om te lachen, maar sommigen zien deruit of ze op 7 maart een afspraak met de tandarts hebben, zegt hij en dat is goed want dan verdient die ook nog wat deraan. En onder in Geul hebben ze het CDA geplant op het veld en de Noonk vraagt zich af offent die oogst ook wel wat wordt, hij denkt dat ze nog veel mest derop moeten gooien, omdat het anders niet veel wordt met die denk hij, die gooien zelf teveel olie derop, want in Maastricht is ter eene van die, die vindt dat Meerssen niet genoeg betaalt voor een tunnel onder de rijksweg in Maastricht te maken en die willen ook nog een vinger in de pap hebben bij het vliegveld en nou vindt de Noonk dat die zich als ze al zo beginnen eens een beetje rustig moeten houden, want die van Maastricht zijn nog niet eens in staat om die van Eijsde deronger te krijgen en nou willen ze zich ook al kuure aan die van Meersse en dat vindt de Noonk nog niet zo erg, als ze maar met hun papvingers van Geul afblijven, zegt hij en als die van Maastricht wat wille bouwen, moeten ze eerst maar eens zorgen dat ze zelvers genoeg centen hebben en egaal wie het ook is, ze moeten zeker niet in Meerssen zijn met bouwen, want die kunnen alleen wat illigaals deneer zetten zeg hij en dan moet weer een vethouder zijn vuist op de tafel houwe en dat kan hem veel pijn doen, zegt de Noonk. En Wim van Wiene kan het weten van die in Maastricht, want die woont daar ergens aan een sluis en die moest in de gez�t get vertellen over zijn Maastricht en veel vertelde hij niet terover, want ik geloof dat als ter in Geul een sluis was, dat hij dan liever daar woonde, sjus wie zij tweelingbroer en die heet niet Wim maar Jan maar wel Wiene en je kunt het verschil tussen die twee wel zien want de een houwt de klein trom en de ander de grote bij de Famfaar.

En Hupie Vingerhoed is ook bij de Famfaar en die gaat al heel lang met de verjaardagsactie van die langs de deur en laatst was de koningin jarig en of Hupie daar ook heen had willen gaan, weet ik niet maar de koningin had schijns geen tijd omdat haar zoon Wullem ging trouwen en daarom heeft ze de b�rger maar met een envelop naar Hupie gestuurd en die kreeg toen ook nog een onderschijding devoor en Hupie is heel blij demet en de Noonk ook en ook alle ander luu waar hij altijd gaat feliciteren ook en iedereen riep Huup Huup Hoera en dat zal je dan maar gebeuren, zeg !!

En de Noonk vraagt zich af waarom ze het stemmen nou verkiezingen noemen, want veel valt ter toch niet te kiezen deze keer, der zijn maar vier lijsten en dat is nog te weinig om de minst slechte deruit te pakken, zegt hij, en zo kunnen ze zich de buit eigenlijk wel van te voren ondermereen verdelen, maar Harie vindt dat de Noonk dan maar zelf met een lijst had moeten komen en of je nou door de kat of door de hond gebeten wordt, zegt hij, het pitsj allebei. En die van de visclub gaan nu ook hun huisje bouwen aan de vijverd en misschien kunnen ze zich ook een huisje voor die met hun honden debij bouwen, maar dan wel niet illigaal, dan hoef de Noonk zich niet iedere keer aan de pompesteen te verrekken om de troep onder zijn schoenen uit te halen en hij zeg dat hij de volgende keer met de klompe de door gaat en dat heeft ook nog zijn voordelen, zeg hij, want daar kun je beter mee smijten wie met een schoen. Maar gelukkig is de hondennepper weer eens langs geweest en nou zulle die van St�bbes en die van Teigededraod bij ons in de straat wel op hunne peetere fluiten, zeg de Noonk, want daar is het weer kassa. En nou gaat ik naar de karnevalsoptocht kijken en dan kan ik jullie daar de volgende keer misschiens wat over schrijven en ook over het stemme, als ter tenminste nog meer zijn dan alleen de Noonk die gaan stemme, want Harie, die gaat niet zegt hij en daar is Noonk guftig over, want hij vindt dat je wel moet gaan, je weet nooit wie een os een zich eene knijn vangt en hoe dat afloopt vertel ik jullie ook nog wel eens. Tot dan dus, adi�, met de groeten van Pieke junior uit de Piemelenhoek.

Fanfare St. Martinus.

Zondag 27 januari j.l. hield Fanfare St. Martinus haar jaarvergadering. De vele aanwezigen moesten een kritisch jaarverslag over het jaar 2001 aanhoren van de secretaris en kregen van de penningmeester ook nog te horen dat het jaar afgesloten was met een behoorlijk nadelig saldo. Ons Damescomit� zorgde er echter staande de vergadering voor, dat dit nadelig saldo werd weggewerkt!

Tijdens deze vergadering stelde Ton Minten het voorzitterschap ter beschikking. Ook wilde Ton geen plaats meer innemen in het bestuur omdat hij, zo stelde hij “een nieuwe voorzitter niet voor de voeten wilde lopen”.

Bert van Es werd met grote meerderheid van stemmen gekozen tot nieuwe voorzitter van Fanfare St. Martinus.

Piet van Kleef, Bert Smoorenburg, Jan Wijnen en Ron Kurvers moesten volgens rooster aftreden. Allen, behalve Ron Kurvers, stelden zich herkiesbaar en werden ook weer verkozen.

Leo Thijssen, Hen Oligaarts en Ton Minten traden tussentijds af en waren niet meer verkiesbaar. Leo Thijssen werd met algemene stemmen benoemd tot erevoorzitter. Door deze bestuursmutaties ziet de samenstelling van het dagelijks bestuur er als volgt uit:

  • Bert van Es, voorzitter.
  • Henk Spee, secretaris.
  • Lou Thewessem, 2e secretaris.
  • Hub Penders, penningmeester.

De functies van 2e voorzitter en 2e penningmeester zijn vacant. Het bestuur hoopt deze vacatures op een van de komende bestuursvergaderingen in te vullen. 

De vergrijzing heeft toegeslagen in de vereniging. Dit is een van de redenen waarom de Fanfare in 2001 niet heeft deelgenomen aan een muziekconcours. Nog een reden is, dat het paard van St. Martinus zich niet op zijn gemak voelt in de stal. 

Door het secretariaat is uitstel van concoursdeelname aangevraagd. De Limburgse Bond van Muziekgezelschappen heeft dit uitstel inmiddels verleend met de restrictie dat de Fanfare in 2002 moet deelnemen anders volgt degradatie naar de ere-afdeling. De leden van de Fanfare hebben echter besloten ook in 2002 niet deel te nemen aan een bondsconcours. Dit houdt dus in dat we “sinds 1962 superieure afdeling” uit ons briefhoofd moeten verwijderen.

De vergadering werd onderbroken toen Burgemeester drs. G. Kockelkorn binnenkwam. In een korte toespraak memoreerde hij de vele werkzaamheden van een lid van de Fanfare voor de vereniging. En nog steeds had Hub Fingerhut niets in de gaten. Volkomen verrast kreeg hij van de burgemeester de medaille in de Orde van Oranje Nassau opgespeld.

Hub is in 1960 in Geulle komen wonen en is vrijwel direct lid van de Fanfare geworden. Jarenlang heeft hij op bariton zijn partij meegeblazen. Actieve muziekbeoefening heeft hij wegens gezondheidsperikelen moeten opgeven. Een tiental jaren heeft Hub deel uitgemaakt van het bestuur en was hij contactpersoon van de drumband. Maar iedereen in Geulle kent Hub beter van de verjaardagsactie.

In de archieven van de Fanfare is op 8 februari 1964 een factuurtje te vinden van ijzerhandel Molin ad �1,06 voor een extra zwaar hangslot, afgehaald door Hub Fingerhut. Dit “extra zwaar” hangslot diende waarschijnlijk voor de beveiliging van de geldkist waar Hub de opbrengst van de verjaardagsactie in opborg. Hub is dus al ca. 40 jaren bezig met de verjaardagsactie. Bij de huldiging ter gelegenheid van zijn 40-jarig lidmaatschap heeft de voorzitter eens becijferd hoeveel kilometer Hub in deze tijd had afgelegd. Hij kwam toen tot de ontdekking dat Hub voor de Fanfare de wereld rond gefietst heeft!! Wij wensen Hub nogmaals proficiat. Zelf zegt hij dat hij nog 20 jaren wil blijven doorgaan met de verjaardagsactie. U begrijpt dat Fanfare St. Martinus daar geen enkel bezwaar tegen heeft!!
Henk Spee, Secretaris van Fanfare St. Martinus.

De drinkwatervoorziening (3). Poelen.

In de vorige aflevering zijn we uitgebreid ingegaan op de ouderdom, de constructie en het voorkomen van waterputten. Het water dat uit de putten naar boven werd gehaald, was doorgaans van goede kwaliteit en was voornamelijk bestemd voor gebruik door de mens. Voor de dieren en met name grootgebruikers als het vee, waren er de poelen. Daarover deze aflevering.

Aanleg.
De poelen of ‘koelen’ zoals ze in het Limburgs worden genoemd, zijn gericht gegraven of in de loop der tijden ontstaan door gebruik van de leem. Dat laatste kwam nogal voor. Leemgrond kende in het verleden vele toepassingen. Leem werd gebruikt bij het maken van ‘fomme’, het mengen van fijn kolengruis met korrelige leem; resultaat: een goedkope, lang gloeiende brandstof. Leem was d� bouwstof bij het maken van vakwerkhuizen. Ook voor het maken van dorstvloeren (waar met dorstvlegels op ‘gebeukt’ kon worden) was veel leem nodig. Maar de meeste leem werd in vroegere jaren gebruikt bij het fabriceren van de bekende, in veel oudere huizen en schuren gebruikte veldbrand. 

Vaak werd de leem betrokken van terreinen die gemeentegoed waren (de zogenaamde ‘gemeinde’grond). Maar ook op particuliere terreinen werd leem gestoken en ontstonden er poelen. Of ontstonden er weilanden met een ‘verlaagd’ terras, weilanden die twee tot drie meter uitgestoken waren (de ‘uitgestoken’ weilanden vormen een hoofdstuk apart; hieraan zal later een afzonderlijk artikel gewijd worden).

Waterdichtheid
Met een groot gat in de grond had men nog geen poel. De bodem van de poel moest zo goed mogelijk waterdicht gemaakt worden. Dat gebeurde door er zware werkpaarden door heen te drijven en wel net zo lang, tot er een taaie kleverige massa ontstond. Maar, indien een poel eenmaal in gebruik was, zorgde ook het vee ervoor dat de aarde regelmatig aangestampt werd tot een kleffe, geen water doorlatende massa. Met name in de zomer als na perioden van droogte het water in de poel begon te zakken, volgde het vee de zakkende waterspiegel en werd er vanzelf geplet. De poelen vervulden daarna een veelvoud van functies. Zij zorgden voor de opvang van het regenwater, dienden als drenkplaats voor het vee en dienden in het voorjaar bovendien als paaiplaats voor de kikkers met grote ‘plukken’ kikkerdril. De aanwezige kikkers zorgden daarna op warme zomeravonden voor een aanhoudend, monotoon gekwaak dat wel uren kon aanhouden. Overigens kon de ontwikkeling van de ‘koelekoppen’ tot kikkers nog wel eens verstoord worden als de zomer al te droog was en de poel ver of helemaal opdroogde. 

In en rond de poel.
Buiten het kikkerleven was er in en rond de poel nog meer te beleven. Bij bepaalde weersomstandigheden (in de volksmond; als er slecht weer stond aan te komen) waren er grote zwermen dansende muggen boven het water. Een mooie gelegenheid voor de zwaluwen om in sierlijke glijvluchten over het water te scheren en grote aantallen muggen te verschalken. In de zomermaanden waren de poelen vaak helemaal bedekt met eendekroos, kleine, drijvende waterplantjes die in grote hoeveelheden het wateroppervlak binnen de kortste tijd groen kleuren (eendekroos werd nog al eens gebruikt als voedingsstof voor jong pluimvee). In ongunstig gelegen poelen waar de zon de hele dag op kon schijnen, ontwikkelde zich in de zomer de drabbige, groene algengroei. Sterke algengroei maakt het water ongeschikt voor dierlijke consumptie. Om de zon de temperen werden daarom rond de poel of in elk geval aan de zuidzijde bomen geplant als elzen, linden, wilgen of essen. De wilgen en essen werden meestal tot knotbomen gesnoeid. Een neveneffect van de bomen rond de poel: de in de herfst afvallende bladeren zakken in het water en worden geleidelijk aan afgedekt door een sliblaag. Een proces dat zich daarna telken jare herhaalt. Leuk was het dan om tijdens een droge periode in het droogvallend slik met een bloempot in het slik te roeren. Na een aantal bewegingen in de natte aarde kwam er moerasgas vrij dat via de opening in de bloempot in brand gestoken kon worden.

Aanwezigheid van poelen. Het aantal poelen was nogal variabel en hield nauw verband met de ligging van het dorp of het buurtschap. Met name in hoger gelegen gebieden was men erg aangewezen op de aanleg en het gebruik van poelen. In de Geulse gemeenschap is dat goed herkenbaar. 

In Geulle beneden zijn er vele waterlopen van de beken die uit het hellingbos komen. Zo konden veel weilanden van stromend water worden voorzien of was de afstand tot een stromende beek zo gering dat het vee daar gemakkelijk gedrenkt kon worden. Ook is er in Geulle beneden een hoge grondwaterstand waardoor het slaan van een pomp voor het vee zo ‘gepiept’ was.

Maar ‘boven’ in ons dorp was dat anders. Daar was men voor het drenken van het vee aangewezen op regenwater, opgevangen in grote gemetselde bakken, of op poelen. We maken een denkbeeldige tocht door Moorveld richting Hussenberg en beginnen onze wandeling boven aan de Schonen Steynweg. We passeren de volgende poelen:

  • aan de Schonen Steynweg tussen de twee grote landhuizen met de nummers 1 en 3 in het weiland Janssen; een ovale poel van 4 bij 10 meter, omzoomd met knotwilgen.
  • aan de Schonen Steynweg achter de hof van Waelen, een grote poel met een diameter van wel 30 meter met aan de zuidzijde knotlindes. De poel was ontstaan bij het bakken van de voor de boerderij noodzakelijke veldbrand. Behalve als drenkplaats voor het vee fungeerde de poel in de wintermaanden bij vorst als schaatsvijver.
  • in de hoek Maastrichterweg (richting Kasen) en Moorveldsberg een grote, ronde poel met een doorsnede van ruim 15 meter; geen beplanting.
  • aan de Moorveldsberg even voorbij het vroegere caf� ‘Het jachthuis’ een langgerekte poel, aan de zuidzijde van de weg.
  • terug naar de Heerenstraat en nu richting Hussenberg lag er een langgerekte poel (ongeveer het model van de vorige) aan de westzijde van de weg tussen de woningen Claus en Reubsaet.
  • nauwelijks hondervijftig meter verderop, voorbij boerderij Kester, een poel aan de oostzijde van de weg.
  • ter hoogte van onze kerk lag tot begin jaren vijftig een weiland met daaromheen een dikke haag waarachter een poel (waar nu de inrit is naar de parkeerplaats voor de kerk, aan de Hussenbergkant). 

De realiteit.
Tot de komst van de waterleiding eind jaren twintig vorige eeuw waren de poelen de drenkplaats voor het vee. Menige prent of schilderij uit die tijd laat een romantisch beeld zien van verstilde rust, al of niet met mens en dier. Over de hygi�nische toestand van dat poelwater moest men evenwel minder enthousiast zijn. Bij onweer en zware plensbuien werd niet alleen het regenwater maar ook het overtollige mestwater van de boerderij via de straten afgevoerd. Dat water kwam dan ook vaak terecht in de poel. Overigens, met de aanvoer van regenwater over de toen nog niet geasfalteerde wegen werd ook gedurig slib aangevoerd. Gevolg: na een aantal jaren dreigde de poel dicht te slibben. Dan werd het tijd de poel te schonen. Hiermede wachtte men totdat een droge periode aanbrak en de poel nagenoeg geen water meer bevatte. Met de schop werd de stijve grondmassa los gestoken en op de ‘sjlaagkar’ afgevoerd. Waarna de poel weer jaren kon dienen als opvangbekken voor regenwater.

Aanvullingen.
1. Het waterputje in de Breuk. Op de vorige afleveringen kunnen nog enkele aanvullingen gedaan worden. Wat betreft de waterputten en bronnen met water voor menselijke consumptie kan van het waterputje in het bosgebied de Breuk (einde Bospad het bos in) nog gemeld worden dat dit putje nog tot in de jaren vijftig vorige eeuw gediend heeft als waterleverancier. Boven aan het Bospad (toen nog Putstraat) woonde in het kleine gebouwtje dat er nu nog ligt Sjeng Reubsaet. Het putje was de waterkraan voor Sjeng die zo vaak als nodig met twee emmers aan het juk te voet de weg naar het putje aflegde. In die tijd werd er door de jeugd nog veel in het bos gespeeld. Het putje was dan vrijwel altijd speelgebied. Het water werd dan met handen (en vaak met voeten) bewogen waardoor het water een droezig, geelachtige kleur kreeg. Als Sjeng Reubsaet dan met juk en emmers beneden in het bos kwam en zag dat het water tijdelijk vervuild was, dan zei hij tegen de jeugd: ‘h�b ger ‘t water weer gem��rd, kw�jonge?’ En dan sjokte Sjeng terug naar zijn woning, de lange helling op, om het later opnieuw te proberen.

2. Een reddingsactie in een waterput. Bij de opsomming van de waterputten is het verhaal verteld van Sjaak Vranken die met behulp van een tractor uit een put naar boven gehaald moest worden. Deze reddingsactie had niet plaats in de put aan de Heerenstraat (tegenover pand Cha Nostra) maar in de waterput welke gelegen is op het erf van de familie Cobben, twintig meter verderop richting kerk.

Door de aanvullingen en correcties ontstaat een zo volledig mogelijk beeld van het beschreven onderwerp. Weet U als lezer over het onder putten, poelen en bronnen nog behartenswaardige zaken te melden, doet U dat dan gerust bij een van de schrijvers. Of, stel Uw reactie op papier en zend die in aan de redactie van de Sjakel.
Sj. Maassen.
P. Notten. 

Literatuur: Oet Vreuger Jaore van H. Lemmerling.

Nieuw in Geulle: jetsteh G��lse zomercarnaval!!!

Zaterdag 29 juni 2002 organiseert het Oogstfeestcomitee van Harmonie st. Caecilia uit Geulle haar Jetsteh G��lse Zomercarnaval!!! Geen prinse-oetreuping, geen optocht����..maar wel een giga-verrassend feest. 

Het unieke concept wordt op dit moment tot in de laatste details uitgewerkt. Nog nooit eerder werd in de regio aan zo een feest gestalte gegeven. Op dit moment willen we niet veel meer verklappen omtrent de opzet. 

Noteer de 29e juni wel alvast in jullie agenda.
Locatie: De Harmoniezaal aan de Hulserstraat 77 te Geulle. 
Voor meer informatie: Harmonie st. Caecilia, Norbert Smeets, 06-44424976. 

Karneval op z’n plat.

Carnaval is als u dit leest alweer voorbij en wij hopen op het moment dat we dit schrijven dat het een goeie wordt , maar toch willen wij u het volgende gedicht niet onthouden. Het is voor de dagopening in haar schoolklas geschreven door Steffie van Maarseveen, dochter van “de Tempeliers” van de Bokkerie�rs, Math en Margo van Caf� de Leunde en restaurant Het Wapen van Geulle, die zo verklapte Steffie ons, ook wel een beetje meegeholpen hebben met het G��ls schrijven. Het doet ons goed, dat ook de jeugd van Geulle nog bezig is met ons mooie dialect. Dit is een aansporing, zeker ook voor andere jeugdigen, om G��l en het G��ls dialect levend te houden. All�, dao geit’er !!

Karneval k�nste mer allein in Limburg viere
Neet bie die van baove de riviere

Die zin zw� sjtief es ein plank
En ligke drek op hunne r�ggesjtrank

Ich veing de Karneval eine schw�nne tied
Van dat sjpreinge kriegste geine sjpiet

In gans G��l weurt Karneval geviert
En loupe de luu in eine lange sjliert

In Holland neume ze dat “polonaise”
Veur die loupe v��r op p�naise

Eederein haet get angers aan
Alles geit met die daag hj�l sjpontaan

Met die daag is het eine dolle boel
Soms ligkste nog in bed met schmink op de moel

Ouch h�bbe veer eine prins en prinses
Die h�bbe altied v��l succes

Onger den optoch bekogelt dae dich met babbel�ire
Dae minsjch, met die patsj vol vaere

Nao Esjgoonsdig k�nste allein nog m�r tr�k kieke
En dao nao is eederein weer gewoon Lars, Colin of Mieke
ALAAF !!!

Carnaval 2002

Carnaval begint voor ons, prinsenpaar Piet 1e en Tiny en de raad van elf, traditiegetrouw met het scholierencarnaval op basisschool “In `t Riet”, alwaar we een paar mooie optredens van groep 3 en 4 beleven.
Na enkele polonaise`s en een nonnevot is de tijd aangebroken dat we de Berg op moeten naar onze andere kleine vrienden bij “St. Jozef”. Hier speelt zich alles af in de Kollekamp en bij binnenkomst zie je direct dat hier meer kinderen zitten dan beneden.
Lou Martens heet ons welkom en we gaan voor in de polonaise, Piet en Tiny genieten met volle teugen en tegen 16.30 uur zit `t er ook hier op.

Bij Jean en Mieke traditiegetrouw het auwtwieverbal, eigenlijk met orkest, maar die hebben afgelopen zaterdag afgebeld en toen snel Ivo van der Bijl gebeld of we dj Dave konden krijgen om in te vallen en daar hebben wij, naar later zal blijken, geen spijt van gehad.
Als om 23.11 uur de maskers af gaan en de prijzen door het prinsenpaar met hulp van de prins van Bemelen en de kiezelvoorzitter werden verdeeld, kan het feest echt beginnen, want zonder masker is het toch prettiger drinken nietwaar?
Dave laat de zaal op z`n grondveste schudden en om 2.30 uur gaat dan ook iedereen moe maar voldaan naar huis. De toon voor deze carnaval is gezet en eigenlijk kan hij al niet meer stuk.

Op zaterdag zijn we de hele dag in de weer om Zaal `t Centrum zo knus als het kan aan te kleden voor de sleuteloverdracht en de prinsenreceptie, gevolgd door het prinsenbal.
Met de harmonie op kop gevolgd door de raad van elf, gaan we op weg van Jean en Mieke naar de tempel caf� de Leunde, alwaar prins Piet 1e en prinses Tiny vol verwachting staan te wachten.

Opperbok Eddy klopt op de deur en Piet en Tiny doen open, en na enkele opbeurende woorden van de opperbok en het aanbieden van het biedermeiertje wordt weer koers gezet naar `t Heukske om de bok op te laten en zo de carnaval officieel te openen.

Net voor de regen met bakken uit de hemel valt en dus zonder jeugdcarnaval beginnen prins Piet 1e en prinses Tiny onder de klanken van het Limburgs volkslied, gespeeld door de harmonie, aan het hijsen van de bok. Heel rustig en bekwaam bereikt hij de top en de vasteloavend 2002 is hierbij geopend. Het is zoals opperbok Eddy zegt: Hij zal over ons uitzien de drie dol daag en op ons letten dat alles goed komt. De reis wordt voortgezet naar Zaal `t Centrum, alwaar om 17.45 uur de sleuteloverdracht begint.  

Opperbok Eddy heet iedereen (en dat zijn er velen) welkom en begint met de sleuteloverdracht. Als eerste wordt vertelt dat de hoogste carnavalsonderscheiding die de Bokkerie�rs hebben, dit jaar weer wordt uitgereikt.
Een man die er zeker niet van houdt om op de voorgrond te treden en veel voor de jeugd van Geulle (WJG) en voor de sportmensen (Geulse Boys) heeft betekend, wordt naar voor geroepen: Herman Joha (de boswachter).
Helemaal beduusd komt hij samen met zijn vrouw Corry naar voor en opperbok Eddy leest de proclamatie voor en hangt Herman de schitterende medaille om. Er vloeien tranen en iedereen is er zeker van dat de Bokkerie�rs een goede keus hebben gemaakt. Herman en Corry proficiat.

De beurt is nu aan onze jubilaris Willy Spee, 1 x 11 jaar lid. Ook hij wordt in het zonnetje gezet door de opperbok en de hele raad van elf, zijn vrouw Lenie krijgt bloemen en ook de vrouwen van de raad bieden Wiel en Lenie een cadeau aan. Dit doet Willy zichtbaar goed en hij heeft dit dan ook dik en dik verdiend. Wiel en Lenie proficiat!

Nu is het de beurt aan Paul Maassen om de prins en prinses op een manier zoals alleen Paul dit kan aan te spreken. Hij doet dit in rijmvorm en hun hele leven wordt op de korrel genomen, de zaal ligt plat en dat is wat Paul moet hebben. Prins Piet 1e en prinses Tiny zijn in de wolken en Paul wordt dan ook uitbundig bedankt.

Ook Elsa spreekt namens onze dames tot prins en prinses en de zakdoekjes doen hun werk weer prima!

Onze wethouders Luc Volders, John Ummels en Jo Dejong treden nu naar voren om de macht van Meerssen voor drie dagen over te geven aan prins Piet 1e en prinses Tiny. Zij doen dit op de van hun bekende, ludieke wijze en de zaal luistert aandachtig. Al met al een schitterende sleuteloverdracht: Wethouders bedankt! (wordt vervolgd)
Ed Philippens

Filmavond “De Bokkerie�rs”

Na de schitterende carnaval in ons dorp willen prins Piet 1e en prinses Tiny u nog ��n keer zien!!!
Halfvasten 9 maart in cultureel centrum de harmoniezaal om 21.11 uur.
Waarom? Omdat we dan op een groot scherm (2mx2m) de hele carnaval nog een keer beleven. Peter Mungersdorf is met ons meegereist het hele seizoen.
Van Bokkerie�rs weekend tot Bonte avond , van prinsereceptie tot optocht, alles ligt op film vast. Dus kom kijken op zaterdag 9 maart in `t heukske en na afloop is er een lekkere ouderwetse dansavond.
Nog een keer echt uit je dak! De Bokkerie�rs zorgen ervoor.
Ed Philippens

Filmavond “De B�kskes”

Ook “De B�kskes” organiseren een filmavond waarop de film van 2002 en de film van 11 jaar geleden te zien zal zijn. Deze avond wordt gehouden op 29 maart in zaal Vossen – Raeven. De aanvang is om 19.00 uur. 
Jan Boom

Uitslag optocht 2002

Grote groepen
1e plaats: G��l raak alles kwiet, 207 punten
2e plaats: Paramaribo, 197 punten.
3e plaats: Verdwijnen winkels, 194 punten.
4e plaats: Laot mer Gaon, 186 punten.
5e plaats: De Touvenaers, 185 punten.

Wagens
1e plaats: D’n duvel sjpeelt met, 210 punten.
2e plaats: Pinokkio, 200 punten.
3e plaats: Mummy in G��l, 183 punten.
4e plaats: Huwelijksreis, 167 punten.
4e plaats: Losgesjlage kloaster, 167 punten.
6e plaats: Brandweer, 163 punten.
7e plaats: Apr�s ski, 160 punten.

Einzelg�nger
1e plaats: Standplaats Markt, 193 punten.
2e plaats: Kerstmis, 160 punten.
3e plaats: Oranje Boy, 153 punten.

Kleine groepen
1e plaats: Gouwe ingelke, 193 punten.
2e plaats: In ut koffer gedauke, 189 punten.
3e plaats: De hofhouding, 187 punten.
4e plaats: Sjteune, 184 punten.
5e plaats: De Bank, 179 punten.
6e plaats: Debank geit weg, 170 punten.
7e plaats: Wild plasse, 167 punten.
8e plaats: Belastingen, 160 punten.
9e plaats: Vliegeniers, 159 punten.

Deelnemer buiten Geulle
1e plaats: Raadgek, 169 punten.

�t geld vreuger.

Vreuger hauw �t geld v��l mi� waerde. Veur v��l luu waor �t �n opgaaf umdem�t r�nd te komme. Eedere cent dae oegegaeve woor moosj i�s ins umgedri�d waere en ei d�bbelsje ti�n ki�r. Doe hauw de cent nog ech waerde en este klein waos kreegste m�r eine cent sondescent.

Este rejaal waors rendeste daom�t zwoi hel este kosj nao de winkel um dao sl�k veur te gelle.

En dao kreegste � paar k�rremels ,�nne dikke knap of �n hamfel ketsjes veur. En dat waor in daen tied hi�l get want dao waore neet v��l luu die sl�k in hoes hauwe.

Este grwoiter waors kreegste twi� cent. Eine cent maogste versl�kke den angere hwu�rde in de spaarpot. Zwoi woor dich al j�nk geli�rd um met geld um te gaon. En es diene spaarpot vol waor dan pakde de vader h��m m�t nao �t poskentwoir of later bie Lei van Bouwes um h��m laeg te maake en op dien spaarbankbeukske te laote z�tte. En es hae dan heives kaom leet hae zeen wiev��lste al op �t beukske has staon.

Veur d,n aorlog waore v��l werkeloze. De lwoine waore erg li�g. �nne ongerwiezer dae begosj m�t 68 g�lle in de maond , �nne w�rrekman – �nne gooije – verdeende twi�vieftig of drie g�lle per daag. �nne li�rj�ng waor blie es hae twi�fieftig oet Mestreech m�tbrach. Dat waor �t lwoin veur ein ganse waek.

Dao k�sjte toch al hi�l get veur gelle. � hauf pekske toebak kosde doe vief cent, � p�tsje beer � d�bbelsje, ei paar kl�mpe vieftig cent sjus zwoiv��l wie eine kilo s�kker. Op �t Belsj kosde dae kilo s�kker vi�rti�n cent. � paar sjoon kosde �ngevaer drie g�lle en ei nuu pak viefentwintig g�lle. �nne gooije fiets kosde zwoiget vi�rtig g�lle en dao kosjte vi�rtig jaor op vaare. Alles waor naovenant v��l gooijekouper es noe.

De luu kreege vreuger gei k�ngergeld, geine A.O.W. en de studente gein studieb��rs of studiefinanceering. De meiste k�nger ginge daoveur neet wier li�re. De maedsjes ginge al gauw oetdeene. Ze kreege dao dan de kos en � ti�ntsje de maond. Op Euverbung kreege de leidsters twintig g�lle in de maond.

M�tte k�rmis kreege de kleindere � d�bbelsje de gwroitere ei kwartsje. Dao k�sjte ins m�t op �t meuleke, opte sjokkele of v�sje veur � d�bbelsje. 

In de k�rrek lagte de gewoon luu eine cent opte sjaol. Opte kelekte veur de k�rrek waor dat soms � d�bbelsje en de rieke leete �nne g�lle ekstra opte sjaol rinkele. Dat waor doe ei hi�l bedraag. In daen tied k�sjte al veur twi�doezend g�lle ei hi�l aardig hoes boewe m�t �nne moostem debie.  

M�h de luu wolle neet weite van �nne hiepeteek. Ze wagde m�t boewe tot ze �t geld bei ei hauwe want in �t rwoid staon waar �n sjan.

Wiedoor Willem Drees den A.O.W. ingeveurd woor wolle hi�l get viefenzestig plussers dae neet aanvraoge. Want ze hoofde neks “van den erreme”.

De Vader zag: “de kuns is neet um v��l te verdeene m�h um zwoi min m��gelik oet te gaeve.” De mooder zag, umdat veer nogal � paar kranke luu in de femiele hauwe, “Vertroe nwoits op �n erfenis m�h ellein op eur eige han”. Zie haet later geliek gekreege want van die rieke tantes en noonkes is geine sent bie os terech gekomme. Zeet m�r blie tat geer gez�nd zeet en dat geer k�nt w�rreke . En dat v��l geld neet altied gel�k brunk dat w�t eederei.

En in ei klei huuske woont d�k mi� gel�k es in � grwoit kesti�l . Es geer m�r ketent zeet.
Mar/B

Geulle 50 jaar geleden���..
Februari 1952

  • Dank zij een gedegen opleiding bij de Eerw.Zuster Anna slaagden de jonge dames Ria Thijssen, Hulsen 45, Jos� Bollen, Broekhoven 1 en Tiny Janssen, Hulsen 34 voor het diploma “Lingerie”. De jonge dame Mia Zeegers, Moorveld 5, slaagde vor het diploma “Costumi�re”.
  • De Maas kwam voor de derde de Maaslengers verrassen. Deze keer was het echt raak m.n. de troep die achter bleef. Maar zoals gebruikelijk ruimde ieder op zijn manier de troep op. De jeugd hielp op hun manier door het in brand steken van het “gedrifsel”. Dit verbranden ging natuurlijk gepaard met flink wat rook en stank.
  • In de Moorveldsberg kon een paar dagen met de “mool” gesleed worden. De mool is een lange plank waaronder twee ijswagens geplaatst zijn. Ijswagens waren een soort slee met smalle glij-ijzers. De slee heeft bredere glij-ijzers ��n voor en ��n achter. Met de voorste slee kan gestuurd worden. Men ging met een man of acht de berg af. De sneeuw bleef echter maar een paar dagen liggen en de sneeuwpret was weer vlug voorbij.
  • Ook in Geulle is woningnood. Velen zijn in slechte omstandigheden gehuisvest, anderen zien met verlangen uit naar de dag waarop zij kunnen trouwen en een eigen huishouding kunnen opzetten. Het aantal samenwoningen in deze gemeente bedraagt 57 personen, zonder de aanvragen voor woonruimte van trouwlustigen. Alle mogelijke pogingen van het gemeentebestuur zijn reeds in het werk gesteld om de heersende woningnood zoveel mogelijk op te lossen. Voor een gedeelte is dit gelukt, voor het andere deel hebben deze pogingen gefaald, in het verleden wegens materiaalschaarste en thans door gebrek aan kapitaal. Door het gebrek aan kapitaal dreigen er aanzienlijk minder woningen te worden gebouwd dan met de beschikbare materialen en arbeidskrachten zouden kunnen worden gebouwd, waardoor de woningbouw in grote nood wordt gebracht. Teneinde het woningbouwprogramma toch te kunnen uitvoeren is thans een “Nationale Woningbouwlening 1952” in het leven geroepen, uitgegeven door de N.V. Bank voor Nederlandse Gemeenten.

Hein Peters/B

Agenda heemkundevereniging G��l.

  • Vrijdag 1 maart 2002, 10.30 uur, jaarvergadering in Zaal “t Wapen van Geulle”.
  • Donderdag 14 maart 2002, 19.30 – 22.00 uur, werkavond in De Gruffeldwois.
  • Woensdag 20 maart 2002, 13.30 – 17.00 uur, werkmiddag in De Gruffeldwois.
  • Donderdag 21 maart 2002, 19,30 -22.00 uur, sectie dialect in De Gruffeldwois.
  • Donderdag 4 april 2002, 19.30 – 22.00 uur, sectie genealogie in De Gruffeldwois.

Ontvangen

Van oud-Geullenaar en schilder Ton Vranken ontving de Heemkundevereniging een videoband over de bossen van Geulle het hele jaar rond. Ook schonk Ton een videoband en boek over zijn schilderwerken en hoe deze tot stand komen.

Ton Vranken die in 1947 te Geulle geboren werd heeft zich na 1980 tot een van de prominente schilders van het po�tische realisme ontwikkeld en daar een zeer persoonlijke noot aan toegevoegd. Hij probeert het landschap te idealiseren, en houdt zich niet aan het fotografische voorbeeld. Hij zoekt zijn modellen, bij voorkeur zijn dat hoogstambomen, heggen, soms weilandpalen of de maasbedding met haar zwerfkeien.


De Sjakel
Januari 2002

Geulle in vroeger tijden.
40. Burgemeesters van voor 1800.

Voor de komst van de Fransen onder Napoleon in 1794 hadden burgemeesters een heel andere functie dan hun huidige naamgenoten. Het waren indertijd de vertegenwoordigers van de inwoners en zij werden ook wel borgemeesters of dorpsmannen genoemd. Tijdens een vergadering van de schepenbank kozen onze voorouders een of twee burgemeesters. Daarna werden deze door de voogd – dit was meestal de heer van Geulle – be�digd. Omdat de burgemeesters door de inwoners van ons dorp werden gekozen, waren dit altijd katholieken, ook in de tijd dat de Staatsen of protestanten hier aan de macht waren. De burgemeesters zorgden voor:

1. De uitrusting van de soldaten in tijden van oorlog.2. De vertegenwoordiging van de dorps-inwoners bij processen voor de schepenbank.3. De goede uitvoering van de “corweijden”. Dit waren hand- en spandiensten door de inwoners, zoals bijv. het onderhoud van de straten en wegen. 4. De administratie van de tiendgarven, dit was een belasting op graan. 5. Het afkondigen en verwijderen van plakkaten.6. Politietoezicht. Dit was bijvoorbeeld nodig in de tijd van de Taters of Tartaren. Dit waren een soort voorlopers van de bokkenrijders. 7. Het onderhoud van de school en van de kerktoren.8. Het inzamelen van graan en brood, onder andere voor de koster.9. Het afsluiten van geldlenigingen voor de gemeente en het terugbetalen hiervan.

De burgemeesters of dorpsmannen kregen geen salaris. Zij kregen wel voorschotten of anders na afloop hun kosten vergoed. Tot slot geef ik een overzicht van de burgemeesters van Geulle tot 1794 zoals pastoor Kengen deze in “Uit Geul’s verleden” noemt:
1633: Wilhelmus van den Hoefs.
1643: Wilhelmus van Hove.
1677: Joppen?
1679: Hendrik Habben. 
1683: Herman Hooghein. 
1686: Claes Kebers en ? Ghijsen. 
1708: Jan Janssen. 
1710: Giel Peters.
1722: Jan Penders. 
1724: Conradus Paulussen en Mattheus Lonus. 
1734: Corst Lemmens en Willem Ghijsen. 
1741: Herman Hochheijn en Mathis Ghijsen.
1745: Piter Deckers. 
1749: Herman Paulussen.
1752: Jan Ghijsen. 
1753: Coen Ramakers.
1755: Jan Penders en Herman Hooghein. 
1774: Mattheewis Loenis. 
1776: Gerard Tilman en Servaas Dekkers. 
1783: M. Lemmens. 
1793: Mattheewis Loenis. 

In 1795 komt na de komst van de Fransen (tijdelijk) een einde aan de zelfstandigheid van de heerlijkheid Geulle. Ons dorp wordt bij het kanton Meerssen gevoegd en wordt zo onderdeel van het departement Neder Maas.
Archie Varis.

Literatuur:
1. Uit Geul’s verleden (1926).
2. Kent U Geulle? (1949)

Brieve van Pieke jr.

Dag luu van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke. Het weer wordt alweer wat beter, maar de winter is nog niet om, zeg de Noonk en we hebben nu van alles een beetje gehad en een paar van die lichte hebben zelfs al geschaats op de vijver, en het ijs was gaaruits niet dik genoeg, maar het was al weer snel afgegaan en het heeft ook geijzelt dat je over de straat kon keije en bij ons in de berg konden ze niet voor of achteruit, sommigen wel opzij, maar dat ligt ter ook aan of je goed uitgerust ben, zeg de Noonk en zo zie je maar dat je ook in de winter op tijds naar bed en vroeg weer op moet. Voor Harie van onze Merie mag de winter wel weer snel om zijn, want die is op zijn zeebedeejus gegaan en Merie zeg dat hij ook wat beter uit zijn uilskuikens had moeten kijken, maar Harie zeg dat hij met de brommer achter die met de strooiwagen aanreed en die vaarden zo geleutig hel, dat Harie bij zich eigen dacht, dat als die zo hel konden vaare het wel niet zo glad kon zijn en ja wel hoor, daar lag hij op zijne ruggestrank. Trouwens, die strooiers zijn net als die van de gemeenteraad alleen goed op de grote lijnen, zeg de Noonk en de kleine stukjes vergeten ze voor hun gemak maar en misschien denken ze wel dat daar geen mensen wonen, maar denke moete ze over laten aan de paarden, zeg de Noonk, die hebben daar extra een grote kop voor gekregen en als de strooiers zelf gaan denken, ja dan gaat Harie op zijne rug. En als ze de volgende keer weer stukke overslaan, zeg de Noonk, maak hij een zaak devan: bij vorst en sneeuw niet gestrooid, dan niet betaald als het heeft gedooid! Met de Noonk is het eevels toch niet helemaal goed, hij heeft veel last gehad van dat nieuwe geld en hij is daarvoor al bij de neuroloog geweest en die heeft hem gezegd dat hij zich maar wat dekser een drupke moet drinken en dat hij zich niet zo moet oprijte over van alles en nog wat en dan komt het wel weer goed en de Noonk heeft zich ook een nieuwe leesbril moeten kopen want zoals jullie weten is hij erg op de centen en nou kan hij tenminste zien of hij ��n cent uitgeeft of twee. En nou gaat de Boerenleenbank ook nog toe en de Noonk was naar een ledenvergadering geweest voor te overleggen over de toekomst van de bank, want de bank stelde dat op prijs hadde ze geschreven, als de leden meedenken, maar dat was mooi voor de kouw bonen, want het stong toch al lang als een paal in het water dat de bank toe zou gaan en waarom moet je dan nog vergaderen, zeg de Noonk, smoesjes kun je ook wel in de gezet lezen. Bedank, bank, zeg de Noonk, en waar moeten al die boeren, die die bank groot hebben gemaakt, nou met hun centen blijven, toch niet in Meersse, zeker ! Dan maar liever naar die jongens van Lewet en naar de bank van het volk maar niet naar de bank van de Pos, want die heeft het hier in Geul ook allang verschete. En nou hebben de pastoor en de kaplaan ook nog een probleem, zeg Harie, want als je de gezet moet geloven – en wie doet dat niet, h� – krijgen die veel vreemp geld op de school en die moeten ze ook weer kwijt zien te worden en die kunnen hun vreemp geld slecht bij een andere pastoor op de school leggen, toch ?

En het is ook heel druk in Geul, smorregens en saves vooral in de spitse uren, als de luu naar hun werk gaan of heevers komen, want dat Bung en Meersse met gezette toegeplakt zijn, weten wij hier in Geul allang, maar nou hebben die van de Watterstaat ook nog allerlei afritten en wegen en overwegen en getskes en zo afgesloten en nou komen die allemaal door Geul gesjees en het is jammer dat de pleissie zich zo met dat nieuw geld moet bezig houden, dat ze geen tijd hebben om ergens stil te gaan staan en zich ters een hoop op te schrijven en cente dermee verdienen en dat geld zouden ze dan mooi aan die van de gemeente kunnen geven en die zouden dan ook de kleine hoekjes beter kunnen strooien en ook bij de scholen, want daar waren ters een paar honderd op hun bakkes gegaan toen het glets was en die jonge vethouder zei, dat de gemeente daar toch genoeg gestrooid had en dat het daar dus niet aan lag en dan ziet der een het toch niet meer helemaal goed meer, zeg de Noonk of het loop hem semmelijk dooreen, zeker net zo als bij die wat meent dat de knaalbrug een huiske is, waar hij zijn boodschap in een doos neer moet leggen en dan is het wel weer goed dat het nou wat kouder is en dat begrijp ik niet, maar jullie wel of niet ? En Merie die is al een paar dagen onder een patsj te vangen, want die blijft maar bezig die puzzel van die van politiek Meersse in de Geulbode op te lossen en zoiets kan toch niet van zo een hoog nivo zijn dat dat zo lang moet duren, zeg de Noonk en dat soort reclaam voor de verkiezingen belooft wat voor het beleid wat daarna komt. Als dat ook een puzzel wordt, denk dan aan mijn aarrappelezak, zeg de Noonk. En nou hou ik op want ter is geen plaats meer in de Sjakel voor meer, zegge die van de redactie, want het loopt storm met kopie, maar jullie mogen best ook eens wat schrijven, dan doe ik wel wat minder en misschien krijg ik dan wel eens een brief van een van jullie. Nou, adi�, met de groete van Pieke junior uit de Piemelenhoek.

P.s.: Ik moest jullie van de Noonk nog zeggen, dat die oude vethouder Lamers nou wel weg gaat, maar dat wij daarmee de overweg bij de Leunde nog niet terug hebben!

A.M.A. Maassen: Kwartierstaat van Sjef Thijssen uit Geulle (vervolg)
Eerder gepubliceerd in Limburgs Tijdschrift voor Genealogie, jaargang 28 – 2000, nummer 3.

V Betovergrootouders

16. N.N.
17. N.N.

18. Casparus Thijssen, * Geulle 27 september 1774, � Geulle- Aan het Broek 12 november 1863 (akte 19). Huwde te Geulle, thuis bij de pastoor wegens sluiting van de kerk door de Fransen, op 20 september 1799 met
19. (Jo)anna Maria Notten, * Geulle 6 februari 1777, � Geulle- Brommelen 18 januari 1839 (akte *). Hun zonen Joannes (* 22 juni 1805), Petrus (*9 oktober 1810) beiden wevers, en Caspar (*29 september 1813), dagloner, in de volksmond respectievelijk Jappejan, Jappepeer en Jappejap geheten, komen in het boek ter sprake. Zij woonden in een klein huisje in Brommelen, naast hun zus Nes (no. 9) en waren verstokte vrijgezellen met hun eigenaardigheden (blz. 48). Jappejap is ten tijde van de afscheiding van Belgi� vrijwilliger geweest tegen de “Hollanders”. Daar heeft hij naar eigen zeggen de rang van korporaal-sappeur gehad. Sedertdien had hij de bijnaam van “de Sappeur”(blz. 27). Op 5 april 1872 trad hij, 59 jaar oud, alsnog in het huwelijk. Bruid was de 29-jarige Katrien Cruts, die zich steeds voorstelde als “Cruts geboren Groothuizen”(blz. 107) . Aan haar en haar familie wijdde ik een artikel in het Limburgs Tijdschrift voor Genealogie, jaargang 1997, no. 1 blz. 12-16. Nadat op 25 september 1877 (akte 2) haar man was overleden, hertrouwde “Kruts Katrien”op 7 november 1878 met Christiaan Lemmens, * Geulle 18 november 1845 (akte 23), de bijna 33-jarige zoon van Caspar Lemmens en Anna Margaretha Thijssen. Toen zij in 1903 hun zilveren huwelijksfeest vierden, greep de jonkheid dit aan om een groot feest op kosten van het bruidspaar op touw te zetten. Na afloop daarvan was Chris gedwongen een beroep te doen op de armenkas (blz. 183).

Aantekening 1: Zoals in de inleiding gesteld, meen ik een antwoord gevonden te hebben op de vraag: wie verschool zich achter de dorpse naam “Jepkes Greet”? Dit zou kunnen zijn geweest Anna Margaretha Thijssen, * Geulle 15 juli 1820 (akte 22), dochter van Gosuinus Thijssen en Maria Ida Hendricks, � Geulle 21 april 1902 (akte 13). Op 18 april 1842 (akte 6) trouwde zij met voornoemde Caspar Lemmens, * Geulle 17 augustus 1809, zoon van Christiaan Lemmens en Anna Mechtildis Thijssen, � Geulle 23 december 1879 (akte 26). De namen kloppen in ieder geval: Caspar is Jepke en Margaretha is Greet. Opgemerkt wordt dat de geboorte-, de huwelijks- en de sterfakte van Margreet konsekwent de achternaam Thiessen in plaats van Thijssen vermelden.
Aantekening 2: Caspar Lemmens is een broer van Arnoldus Lemmens, “Nolke de kuper”die op 22 november 1834 (akte 48) huwde met Anna Gertrudis Janssen en de vader werd van Annemechelke, die 5 mei 1859 (akte 1) trouwde met mijn overgrootvader Joannes Maassen (blz. 77, 78, 86, 87, 184-186 van het boek). Opgemerkt wordt dat de auteur qua datering van hun beider overlijden in de fout gaat. Anna Mechtildis Lemmens overleed te Geulle 30 oktober 1911 (akte 23), Joannes Maassen 1 maart 1914 (akte 6).
Aantekening 3: De moeder van Caspar Lemmens, Anna Mechtildis Thijssen, * Geulle 29 maart 1770, � aldaar 13 april 1814 (akte 40), dochter van Petrus Thijssen en Maria Catharina Janssen, was een zus van Caspar Thijssen, gehuwd met Agnes Stevens, de grootvader van burgemeester Servaas Thijssen, en van de bij een brand jammerlijk omgekomen Joannes Thijssen, gehuwd met Anna Elisabeth Vossen (zie resp. aantekening 1 en 2 bij no. 37 van de kwartierstaat).

20. Christiaan Kurvers, * Geulle 29 juli 1763, � Geulle 5 februari 1827 (akte 5), huwde te Geulle 2) met (Maria) Agnes Ghijsen op 29 april 1816, geboortig van Boorsheim (Be) en 1) op 31 januari 1790 voor pastoor en dominee (ondertrouw 15 januari) met
21. Barbara Notten uit Brommelen, * Geulle 21 juni 1763, zus van no. 19, � Geulle 20 januari 1815 (akte 4).
22. Joannes Bouwens (Bouwels), land-bouwer, * Oensel onder Schimmert 27 augustus 1771, � Geulle – Aan de Maas 16 augustus 1828 (akte 32), huwde voor de dominee te Beek 16 november 1794 (ondertrouw 1 november) met de in Beek wonende
23. Anna of Maria Elisabeth Ha(e)mers, * Spaubeek 29 september 1772, � Geulle 2 augustus 1853 (akte 12).
24. Petrus Deckers, * Geulle 10 januari 1715, � Geulle 26 december 1829 (akte 49). Ging in ondertrouw, omdat hij toen te Maastricht in garnizoen lag als soldaat van het tweede regiment Oranje Nassau in de compagnie van kapitein Strothe, zowel in Maastricht (DTB 114-138) als in Geulle op 11 januari 1766. Het gereformeerd huwelijksregister in Maastricht heeft in de marge de kanttekening: “dezer 3e roep wordt tot nader order gesurcheerd. Moet weder voortgang hebben den 8 mei 1766”. Getracht is te achterhalen wat de reden hiervan is geweest. De acta van de kerkeraad van de Nederduits gereformeerde gemeente te Maastricht geven geen uitsluitsel. Daarin wordt slechts medegedeeld dat in de gewone vergadering van 14 maart 1766 een brief van Geulle is ingekomen, getekend door dominee Smeets, waaruit blijkt dat inspraak is geschied op de huwelijkse geboden van Pieter Dekkers met Anna Lentjens. Deze is voor kennisgeving aangenomen. In de vergadering van de kerkeraad van 16 mei is een papier ingebracht over dezelfde zaak met de mededeling dat de inspraak opgeheven was, reden waarom die geboden haar voortgang zullen hebben (Gemeente-archief Maastricht, archief van de Nederlands Hervormde gemeente, inventaris no. 15). Het protestantse Geulse huwelijksregister vermeldt zelfs de inspraak niet. Het huwelijk vond plaats voor de dominee te Maastricht en de pastoor te Geulle op 18 mei 1766.
25. Anna Lentjens, * Geulle 26 juni 1743, � Geulle 27 november 1826 (akte 48).
26. Hermanus Maassen, * Geulle 2 januari 1761, � Geulle-Hussenberg 28 januari 1809 (akte 11). Huwde te Geulle voor de dominee en de pastoor op 31 mei 1795 (ondertrouw 16 mei) met
27. Gertrudis Vossen, * Geulle 28 april 1770, � Geulle-Snijdersberg 3 april 1843 (akte 9). Zij was toen al weer 17 jaar weduwe van haar tweede echtgenoot Leonardus Deckers, die op 3 maart 1826 (akte 11) op 47-jarige leeftijd was overleden. Zie aantekening bij no. 13. Voorts zij aangetekend dat de echtelieden Maassen-Vossen de ouders zijn van Petronella Maassen, * Geulle 9 oktober 1808, � Geulle-Snijdersberg 31 augustus 1877 (akte 20). Zij was 24 januari 1842 (akte 3) getrouwd met Leonardus Vossen, * Geulle 18 januari 1806, � aldaar 25 september 1846 (akte 24), zoon van Servatius Vossen en Maria Ida Vrancken. In het boek wordt zij Nelke van de Paphof boven op de Snijdersberg genoemd. Zij deelde graag van haar welvaart met de armen, breide kousen voor pastoor Swelsen (blz. 19) en kaartte woensdagavond met hem en haar buurman (blz. 31). Hun enig kind Marieke – Maria Ida Vossen, * Geulle 18 november 1842 (akte 24), � aldaar 1 april 1882 (akte 9) – had de goedheid voor de armen van haar moeder ge�rfd. Zij was echter niet sterk en bekende aan de pastoor desgevraagd dat zij daarom niet wilde trouwen. Want, zei zij, het is niet eerlijk om na enige jaren een man met een stel kleine kinderen achter te laten (blz. 118 en 119) .
28. Leonardus Vossen, schoenmaker, * Bunde-Kasen 19 december 1747, � Geulle 9 Germinal XI (30 maart 1803). Huwde voor de dominee te Meerssen en de pastoor te Geulle op 25 februari 1781, na ondertrouw te Geulle op 10 februari, met
29. Anna Thijssen, * Geulle 12 april 1754, � Geulle 4 januari 1823 (akte 3).
30. Peter Janssen, doopsgezind, wever, * Geulle circa 1757, � Geulle 20 Frimaire XII (12 december 1803), 46 jaar (akte 17). Huwde te Sittard in de Hoogduitse gereformeerde gemeente 22 mei 1785, na ondertrouw te Geulle op 30 april en te Sittard op 1 mei, met
31. Helena Cleven, gereformeerd, * Saeffelen (Pruissen), welke plaats ressorteerde onder voornoemde gereformeerde gemeente te Sittard, en zodoende in Sittard door de dominee gedoopt 18 maart 1763, � Geulle – Aan het Broek, 24 september 1826, 63 jaar (akte 35).
Wordt vervolgd.

In de heer zijn overleden

Op 27 december 2001, op 77-jarige leeftijd, Paula Ummels, echtgenote van Louis Rouschop van de Past. Smeetsstraat;Op 9 januari 2002, op 83-jarige leeftijd, Marie Penders, weduwe van Wilhelm Eijkenboom.

Grwoite verangeringe.
K�mme de dreides tr�k????

Es ich dit sjrief h�bbe veer de driede watersnwoid achter de r�k. De i�ste waor in 1926 en de twi� angere kaome vlak achterei in december 1993 en jannewarie 1995. Eedere ki�r jooge ze luu de stuupe op �t lief. De Maas leet v��l rotsooi achter en de sjaa waor eedere ki�r grwoit.

Me is noe al jaore baezig �m euverstruiminge te veurk�mme, m�h eedere ki�r woore de planne vasgest�ld m�h neet oetgeveurd. De Maas moosj de luu zell�f wakkersj�ddele, tat hun compjoeters gaaroet gei verstand hauwe van de kuure van de Maas. De Maas lachde de Hollengers oet, die oetgeraekend hauwe tat de Maas pas nao honderd jaor weer zwoi whoig zouw waere.

In 1993 en 1995 leet ze zeen tat ze zich niks leet veurschrieve. Ze zat de straote weer blank leet alle koele weer volloupe en kroop weer de trepkes van de hoezer op. Ze lachde m�t de zandz�k en deeg sjus of ze d`r neet laoge.

M�h noe de kiezel dae in de grond zit in de ouge van de kiezelbaronne miljwoine waerd is zal de oetveuring van de planne neet lang mi� op zich laote wachte.

Dan zal langs de Maas v��l verangere.

Dao zal gebagkerd, gegraave en geraos waere nog erger es bie de aanl�gk van �t Julianakenaal.

Vendaag zin de mesjienes v��l grwoiter es doe. Ze maake noe ouch v��l mi� sp�ktakel. Woi ze gaon beginne w�t nog neemes m�h dat ze ouch hie gaon beginne is zeker. Gel�kkig isset G��lderveld gespaard gebleeve. Ze beginne kort bie de grenspaol woi grwoite koele laoge zwoi wie de “Sjaopskoel” en de “Deepe koel” en woi de baek de Maas in struimt. Ouch de Saint, de Korte krub en de Lang krub zalle neet gespaard blieve. Ouch weurt gezag tat de Baelik en de Aelser Baende plaats moot maake veur eine grwoite waterpool. En woi noe de Auw Maas ligk zal dan �n nuu Maas struime este de mesjienes nao Aelse verdweene zeen.

En m�t de mesjienes zalle ouch de auw naame langzaam vergaete waere, es alle landerieje in eine grwoite pool verangerd zeen. Mesjien zal ei gans nuu Maasland gebaore waere woi wil keu en wil paerd saame zalle speele in � nuut aards paredies, of zal �t toch eine druim blieve.
Mar/B

Geulle 50 jaar geleden����..
Januari 1952

– Loop der bevolking in 1951.
Aantal geboorten: 27 jongens, 25 meisjes, totaal 52
aantal overlijdens: 17 mannen, 8 vrouwen, totaal 25
als levenloos werden 3 aangiften gedaan. Voltrokken huwelijken 15
Ingekomen personen 72
Vertrokken personen 96
In 1951 werd het aantal ingezetenen met 3 vermeederd en bedraagt per 1 jan.1952: 2010 personen.

– In Geulle worden plannen gemaakt om te komen tot een heuse carnavalsoptocht.
De carnavalsvereniging, ontstaan uit de R.K. Sportvereniging, heeft daartoe een schrijven doen uitgaan naar alle verenigingen om mee te werken aan dit initiatief. Er wordt duidelijk gezegd in dat schrijven dat de kosten voor het maken van wagens of uitdossen van groepen zo laag mogelijk moeten worden gehouden want het motto luidt: met weinig geld is ook iets moois te bereiken en het behoeft slechts eenvoudig, origineel en gek te zijn. De route is als volgt :
Moorveld – Snijdersberg – Hussenberg – Broekhoven – Hulsen – Aan de Maas – Westbroek – Brommelen – Oostbroek – Hulsen alwaar voor de Co�peratie de ontbinding zal plaats vinden.
Het sluitingsuur gedurende de carnavalsdagen is bepaald op 24.00 uur. Verder wordt er de aandacht op gevestigd, dat het volgens de politieverordening verboden is zich in het openbaar te vertonen gekleed in de kleren van de kunne, waartoe men niet behoort. Het maskeren is toegestaan gedurende de 3 carnavalsdagen van 12.00 uur tot 24.00 uur mits men zich niet in het openbaar vertoont met een stok of wapen.

– De fanfare St.Martinus heeft een oudpapier inzameling op touw gezet. Zij doet een oproep aan de inwoners van Geulle om mee te werken. Oud papier, karton, boeken, etc. worden op 2 februari a.s. opgehaald door de ophaaldienst van de fanfare. De fanfare hoopt dat u allen hieraan meewerkt.
Hein Peters.

De drinkwatervoorziening.
De waterputten (2).

In de vorige aflevering heeft collega J. Maassen de drinkwatervoorziening in Geulle in vorige eeuwen toegelicht. Het onderwerp wordt nog wat verder uitgediept. Achtereenvolgens worden besproken de putten en de poelen. In deze aflevering de putten als watervoorziening voor mens �n dier.

De waterpunten in Limburg zijn al van erg oude datum. In de volkskundige uitgave van H. Lemmerling ‘Oet vreuger jaore’ (uitgave 1980) wordt melding gemaakt van de waterput bij het Gasthuis in Bemelen die al rond 1350 bestond. Een waterput bij het Sibberhuis in Sibbe is nog van ouder datum en dateert van 1089. 

Waterputten uit andere dorpen zoals Cadier en Keer, Margraten, Banholt en Berg en Terblijt stammen -evenals de Geulse- uit het begin van de 19de eeuw.

De putten in het Mergelland. 
Schrijver Lemmerling beschrijft aan de hand van een ooggetuigenverslag van een inwoner uit Ijzeren (bij Sibbe) hoe daar in 1895 een waterput werd gegraven. Begonnen werd met een groep van drie werkers. Op een plek ter grootte van een tiental schreden in het vierkant werd begonnen met het uitgraven van de bovenste grondlagen, eerst de l�ss en daarna de (forse) laag grind. De bovenste lagen werden trechtervormig ontgraven. Door middel van terrassen in die trechter kon de grondmassa van beneden naar boven worden gewerkt. Vanaf het moment dat de mergel bereikt wordt, verandert de techniek: van graven met de schop wordt overgeschakeld op stootbeitel, houweel en schop. En de werkruimte wordt teruggebracht tot de proporties van de put.

De putten uit onze contreien.
In onze contreien is deze techniek niet bruikbaar omdat de mergel hier veel dieper zit. Onze putten zijn uitgeschacht in de l�ss- en kiezellagen. Daarbij ging men als volgt te werk. De putbouwers maakten van zware eikenhouten planken een stevig vierkant raamwerk dat bij voorbeeld een binnenste maat had van 1,5 bij 1,5 meter. Men groef dan een gat in het vierkant tot een diepte van twee meter en lei het raamwerk plat op de bodem. Op dit raamwerk begon men de putwand te metselen met veldkeien en indien voorhanden mergelblokken. Bij de bouw van putten na 1850 wordt veel baksteen toegepast. Dat metselen deed men tot een meter boven het maaiveld. Daarna liet men het uiterst secuur verrichte metselwerk aandrogen. 

Was dit voldoende hard, dan ging een man terug naar de bodem van de put en begon de aarde onder het raamwerk met zorg �n uiterste regelmaat te ontgraven. Met behulp van balken en steunpaaltjes liet men de eerste aanzet van het metselwerk daarna z��r geleidelijk zakken totdat . . . de bovenzijde van de wand weer gelijk lag met het maaiveld. Was dit zover dan stopte men met ontgraven en metselde men weer een stuk muur op het putvierkant. Na het drogen van het nieuwe metselwerk herhaalt zich de hele geschiedenis, z� lang totdat men op de gewenste diepte met toestroom van voldoende water was gekomen. 

Rond 1900 doet de putring zijn intrede en wordt het graven van een put wat eenvoudiger (wat heet ‘eenvoudig’ voor zo’n titanenwerk!). De putringen worden van bovenaf op elkaar geplaatst en al naar gelang de grond in de diepte wordt weg gegraven, zakken de putringen de diepte in.

De werkers in en rond de put.
De hulpkrachten boven konden bij zonnig weer en met behulp van twee spiegels en een verrekijker de werkzaamheden op de putbodem goed volgen, zelfs bij grote diepte. Met name het werk in de put was niet ongevaarlijk en naarmate men dieper kwam werd het werk gevaarlijker. Immers de ontgraven aarde deponeerde men in een kleine ophaalbak die met behulp van een lang koord en een katrol regelmatig naar boven werd gehaald. Zo mocht de laadbak maar ten dele worden gevuld om geen onnodig risico op te leveren voor de man in de put. Helmen ter beveiliging van het hoofd waren toen nog onbekend. Het enige beschermingsmiddel was een oude, vilten hoed die van binnen stevig opgevuld was met stofresten. 

Een andere risico voor de man in de put deed zich voor bij zwoel, drukkend weer. 

Dan kon het gebeuren dat er op diepte te weinig zuurstof was. In dat geval begon het vlammetje van de lucht die de dieptewerker als verlichting bij zich had, onheilspellend te dansen. Hoogste tijd om de putwerker met de ophaalbak rap naar boven te zwengelen. 

De hygi�ne rond het putwater.
Veel putten hebben lange tijd prima grondwater geleverd. Maar er deden zich ook risico’s voor bij het gebruik van putwater. Het gevaar van vervuiling school op de eerste plaats in de lager gelegen gebieden, in de dalen, waar de putten vrij ondiep waren. Zo werden in het begin van de twintigste eeuw (dus vanaf 1900) op diverse plaatsen in het mergelland besmettelijke ziekten geconstateerd vanwege het gebruik van slecht drinkwater. Een gezondheidscommissie, zetelend in ‘ons’ Meersen, wees in 1903 met nadruk op het gevaar van besmetting door de vele open mestvaalten. Ook lagen putten een enkele maal op te korte afstand tot de plaatselijke algemene begraafplaats. In St. Pieter bij Maastricht moest in het najaar van 1909 met aanplakbiljetten gewaarschuwd worden voor het gevaar van cholera. Begin 1920 werden in Houthem diverse drinkwaterpompen gesloten omdat die te kort bij open mestpoelen lagen.

Overigens, in de negentiende en begin van de twintigste eeuw had men maar weinig notie (zeg maar geen) van de risico’s van vervuild drinkwater. Water uit de regenton of uit het kanaal werd somtijds gebruikt als drinkwater. Dit water werd vooraf uiteraard gekookt, maar bleef toch voortdurend gevaar opleveren. Het gebruik van open water was voor de gemeente Maastricht in de jaren rond 1900 in elk geval aanleiding om petroleum in het water van het Albertkanaal te gieten om zo het gebruik van dat water af te schrikken; ook werd er toezicht door de veldwachter ingesteld.

De kosten.
Het delven van een tientallen meter diepe put was voor die tijd een dure onderneming. Een waterput aangelegd in de negentiende eeuw in Ubachsberg, kostte voor die tijd de kapitale som van f 820,-. Voor de gemeente Nieuwenhagen was dat allemaal te veel. Het gemeentebestuur richtte in 1819 een verzoekschrift aan de koning met het doel subsidie te krijgen bij de bouw van een waterput. De waterstand ter plaatse was te diep om de voorziening uit eigen middelen te bekostigen.

Nog meer putten in Moorveld.
Behalve de drie in het vorig artikel vermelde putten – waaronder die tegenover het vroegere caf� Voncken waarop in 1947 de kapel gebouwd is – lagen in Moorveld nog meer putten.  
– boven aan de Schonen Steynweg links van de boerderij Zeegers; deze put was in gebruik bij de buurtschap ‘aan de Baan’ (= rijksweg). De put ligt er nog maar is afgedekt met een dikke betonnen plaat.
– Aan de Heerenstraat rechts van het pand Heerenstraat 35 (tegenover Cha Nostra); de put is rond 1924 aangelegd door de buurtbewoners en heeft een diepte van rond de twintig meter. Volgens Sjir Cobben heeft men na de oorloog nog een poging gedaan de put weer ‘aan de praat’ te krijgen; Sjaak Vrancken uit Hussenberg werd in een kiebel (ton) naar beneden gelaten m�t een kaars. Toen men Sjaak weer naar boven wilde halen, zat er iets ‘vast’ en moest de tractor er aan te pas komen om de reparateur van de pomp weer boven te krijgen.
Aan de Heerenstraat was er nog een put en wel bij de melkfabriek ‘De Toekomst’, gelegen tussen de woningen van de familie Vossen en Schermerhorn (vroeger woning Pesch). De melkfabriek – toendertijd de ‘f�tsj’ genoemd – heeft gefunctioneerd van 1899 tot 1919. 

Aan de vroegere melkfabriek zullen in de loop van dit jaar enkele artikelen gewijd worden.

Behoudens de openbare, voor de buurtschap bestemde putten waren er begin twintigste eeuw ook veel putten bij particulieren en met name op de boerenbedrijven zoals bij Cobben. Maar ook een nieuwkomer zoals Le Cocq D’Armanville die rond 1920 huize DeA, Schonen Steynweg 3, liet bouwen, liet nog een waterput van 33 meter diepte uitschachten. De put bestaat nog maar is niet meer intact. 

Voor zover mij bekend zijn alle Moorveldse putten gemaakt met putringen. 

Boterbereiding.
Ook na de komst van de waterleiding (1928) bleven zeker de waterputten op boerenbedrijven nog jarenlang dienst doen omdat de landbouwers bij de boterbereiding de voorkeur gaven aan koud bron- of putwater; vooral in de warme zomermaanden. Boter met zeer koel water bereid bleef lang hard wat voor de langzame transporten in die tijd erg belangrijk was. 

Zwaar werk?
Tenslotte nog even een mijmering bij al dat zware en vaak vieze sjouwwerk dat putbouwers generaties lang verricht hebben. Het werk was zwaar en gevaarlijk en vaak ook vies. Het spreekwoord ‘diep in de put zitten’ geeft iets weer van de wijze waarop de arbeid ervaren werd. Zelf heb ik eind jaren veertig bij het vliegveld de bouw van enkele zinkputten mogen aanschouwen. Waar nu de aankomst- en vertrekhal ligt, lag vroeger een klein restaurantje of wat daar voor doorging. Voor de waterafvoer zijn toen enkele diepe zinkputten gegraven. Op een koude, regenachtige dag was ik getuige van het moment dat de graver naar boven werd gehaald. De arme man was zeike nat. Van kop tot teen was hij bedekt met kleffe, kleddernatte leem. Naar huidige arbo-maatstaven zouden wij nu bij zo’n mensbeeld in huilen uitbarsten.

Volgende aflevering: de poelen. 
Literatuur: ‘Oet Vreuger joare’, van H.W.A. Lemmerling. Uitgave 1980.  
J. Maassen.
P. Notten.


Aanvulling
Van Jo Thijssen, Burgemeester Thijssenlaan 12 “boven de Spar” ontvingen wij een brief naar aanleiding van het artikel “Drinkwatervoorziening in ons dorp v��r 1926” in de Sjakel van december 2001. Van die brief drukken wij de essentie hier af: “Bij de opsomming van de verschillende bronnen, poelen en rinnen is de rin nabij de “Klaasput”achter ‘t huis van Truuke van Jennekens niet vermeld – vergeten ? Er is in de 40-ger jaren een olieverf schildering van gemaakt, door een zekere “Ton Keune”, een van de jongens (een groep van � 8 man)) die toendertijd hun zomerkamp hadden in de schuur van Trees van Jonkhout. Dit schilderijtje is in mijn bezit. Aan de toenmalige toestand ter plekke kan men bij de huidige lezers van de Sjakel mogelijk meer bekendheid geven, door het plaatsen van een foto hiervan”. Waaraan wij natuurlijk gaarne voldoen, waarvan akte�.. eh, foto. Heeft u ook nog dergelijke zaken, aarzel niet en neem contact met ons op (Red).

Heemkundevereniging G��l timmert aan de digitale snelweg

Niets is zo veranderlijk als de mens. Toch verandert er wel meer in de loop der jaren. Zoals de manier waarop dingen bewaard worden. Alles vergaat ooit, dus ook het papier waarop de geschiedenis van Geulle is vastgelegd.

Mede daarom is de heemkundevereniging enkele jaren geleden begonnen met een reddingsactie voor al deze archieven, o.a. door deze digitaal vast te leggen met behulp van computers. 

Zo is Geulle reeds enkele jaren te bewonderen op internet en sinds enkele maanden kunt u in de Sjakel onder Wortels in en uit het verleden lezen uit de archieven van de gemeente Geulle van honderden jaren geleden.

Voor dit laatste is de vereniging begonnen met het fotograferen en digitaal opslaan van duizenden pagina’s uit de, soms in slechte staat verkerende, gemeente archieven.

Maar er is meer. Wat dacht u bijvoorbeeld van meer dan 500 jaar kerk-archieven of van de duizenden krantenartikels en nog meer foto’s? Ook de in de afgelopen jaren verschenen meer dan 650 edities van de Sjakel zullen aan digitalisering moeten geloven.

Speciaal hiervoor ontwikkelt een sectie van de Heemkundevereniging G��l momenteel een computerprogramma waar al deze archieven in kunnen worden opgeslagen. Groot voordeel van dit systeem is dat op eenvoudige wijze alle archieven kunnen worden doorzocht op inhoud, trefwoorden, namen, plaatsnamen of jaar van publikatie.

Naar verwachting bespaart het systeem zeer veel tijd bij onderzoeken naar de geschiedenis van Geulle, publikaties en dergelijke. Vooral maakt het tijd vrij voor onderzoeken in de toekomst om dan de oude archieven, van v��r 1800, die nog niet echt onderzocht zijn, stevig onder handen te nemen.

Met ��n druk op de knop kan het systeem binnen enkele seconden de gewenste archieven op het scherm toveren en eventueel op papier afdrukken. Het systeem is zelfs geschikt om archieven van andere Geulse verenigingen in op te slaan.

U begrijpt dat dit voor de vereniging een gigantische klus is die waarschijnlijk enige jaren in beslag zal nemen. Ondertussen hebben diverse leden zich reeds gemeld om hiermee te helpen. Zo is er reeds een heuse werkgroep ontstaan die zich heeft toegelegd op het digitaliseren van de oude gemeente-archieven van Geulle. Maar de vereniging kan nog veel meer actieve leden gebruiken, want vele handen…..

Heeft u interesse en wilt u hieraan meewerken? Of wilt u eerst wat meer informatie? Neem dan contact op met Lou van Kan (tel. 043 – 364 6690, email: lvkan@home.nl) of met Arthur Sassen (tel. 046 – 437 7156, email: heemkunde @geulle.com) of loop eens binnen op ��n van de werkavonden van de Heemkunde-vereniging (zie agenda elders in deze Sjakel). 

Overigens, de bestaande “papieren” archieven blijven toegankelijk voor diegenen die niets liever ruiken dan de geur van oude boeken en papieren.
(Red.)

Agenda Heemkundevereniging G��l.

De excursie naar de Slakmolen in Elsloo is verplaatst van 26 januari 2002 naar zaterdag 23 februari 2002, 10.00 tot 11.30 uur. Diegenen die zich al hadden opgegeven, hebben inmiddels bericht ontvangen. Opgeven voor de nieuwe datum bij de secretaris, Truia Huntjens-Bollen, tel. 3649582.

Donderdag 24 januari 2002, 19.30 – 22.00 uur: sectie dialect in het verenigingslokaal De Gruffeldwois.

Woensdag 20 februari 2002, 13.30 – 17.00 uur: werkmiddag in het verenigingslokaal.  

Donderdag 21 februari, 19.30 – 22.00 uur: werkavond in het verenigingslokaal, met eerste presentatie van het foto-, Sjakel- en archiefcomputerprogramma. 

Vrijdag 1 maart 2002, 19.30 uur: jaarvergadering in Het Wapen van Geulle, nadere informatie volgt.

Zondag 14 april 2002, 13,30 uur: wandeling naar Elsloo met bezoek aan Streekmuseum, nadere informatie volgt.

Onder dankzegging ontvangen:

Van het kerkbestuur: een aantal fragmenten van de gewelfribben van de oude kerk, vrijgekomen bij de bouw van de nieuwe kerk.

Geulle geniet van spetterend weekend 

Zaal ‘t Heukske stond zaterdag 12 januari helemaal op zijn kop. Schuld hieraan waren carnavalsvereniging de Bokkerie�rs met hun prins Piet I en prinses Tiny. De bonte avond van 2002 klonk weer als een klok, vanaf de start om 20.11 uur tot in de vroege uurtjes.

De avond werd geopend door de opkomst van de prins en prinses gevolgd door de raad van elf die als helden door de bomvolle zaal werden begroet. De toon voor de rest van de avond was meteen gezet. Opperbok Eddy heette iedereen hartelijk welkom en stelde de presentator van de avond voor: net als vorig jaar heet deze Peter Claus. Na de begroeting kondigt Peter de openingsact aan. Dit zijn de vrouwluu van de raod, die een schitterende dansact van Cats ten uitvoering brengen. Vanaf het begin ligt de zaal aan hun voeten.

Hierna nemen de Kluiverkes, onder leiding van Paul Lemmens, het over. Ze brengen drie liedjes, waaronder de nieuwe carnavalslager 2002.

Vervolgens bezorgde Jef Ariens uit Borgharen de Geullenaren buikpijn (van het lachen). Dan was het de beurt aan onze kleine “vriendin” uit Margraten, Chiara Vranken, die op haar welbekende wijze de beentjes hoog de lucht in gooide en veel bewondering oogstte.

Na het een aantal jaren wat rustiger aan gedaan te hebben, betrad toen een oude bekende de buutton: “Jupke”, oftewel Jos Tilmans “van de G�bbel”. Hij liet Geulle de revue liet passeren en nam onder andere Rinny en An van de Spar op de korrel. Na dik twintig minuten en vele lachsalvo`s nam hij voldaan afscheid en beloofde plechtig tot volgend jaar!!!

Na een dansnummer van een dansgroep uit Elsloo beklom buurtvereniging “in de Peel” het podium. Zij maakten er een echt Limburgs halfuurtje van met Beppie, Ziesjoem, Taai Taai, Sjengske Frans en Erwin van het Merretkoer. Het werd een optreden waar nog lang over gepraat zal worden. Als dank voor 20 jaar deelname ontving de buurtvereniging een delftsblauw bord. Theo was in de wolken!

De winnaars van de optocht van 2001 werden vervolgens verzocht om de wisselbekers in te leveren. In ruil ontvingen ze een blijvend aandenken. De avond ging vervolgens verder met een licht en dansshow van de ‘vrouwluu van de fanfare’. Dit optreden deed bij veel toeschouwers de mond open vallen. Een wervelend show die in Geulle nog nooit was vertoond en die zeker in de gedachte van veel aanwezige blijft hangen. De raad van elf deed er zelfs de muts voor af!

Het programma bleef doorgaan en de vrienden van ons prinsenpaar deden van zich spreken door een deel van “Lord of the dance” te vertolken. Sandra van de Boswachter opende de act en vele vrienden van de prins volgden haar voorbeeld. Het was zo adembenemend dat de prinses zelfs even haar zakdoek uit haar tas moest halen.

��n “vaste” deelnemer was nog niet geweest en dat was de Harmonie. Zij toverden als de “zingende poetsvrouwen” enkele nummers uit hun hoed, wat hun een welverdiend applaus van de zaal opleverde.

Uitsmijter van de vanavond was Fietsefreem. Zij kregen Geulle aan hun voeten met een mengelmoes van oude en nieuwe nummers. De zaal deed uit volle borst mee wat voor Fietsefreem het sein was om er nog een schepje bovenop te doen en extra lang door te gaan. Tot slot van de avond werden alle artiesten naar boven geroepen door opperbok Eddy en hadden de Kluiverkes de eervolle taak deze grandioze avond op een waardige manier af te sluiten. Nadat de opperbok alle artiesten en niet te vergeten presentator Peter Claus, bedankt had, nam oud-Geullenaar Jo Lahoye de regie in handen en liet iedereen tot ver na 02.00 uur de dansvloer betreden.

Leef carnavalsvrun oet G��l: het was gewoon dikke klasse en het Bokkerie�rsbloed stroomde door de aderen zoals het al lang niet meer gestroomd heeft. Geulle is zoals Geulle altijd is geweest van heel hoog niveau. 
VV De B�kkerie�rs.

De Marktvrouwen.

Toen Geulle rond 1892 een station kreeg, kwam er een snelle treinverbinding met Maastricht. Mede daardoor gingen iedere week op vrijdag diverse vrouwen met de marktkorf naar Maastricht om hun koopwaar aan te bieden. Dit waren meestal agrarische producten zoals boter, eieren, diverse soorten fruit, slachtkippen en vette konijnen. 

Eieren en boter waren de belangrijkste producten. Boter maakte men zelf en werd tot de marktdag in de kelder bewaard. Bij warm weer werd deze, op weg naar de markt, met een koolblad afgedekt ter koeling. De prijs van de eieren lag tussen anderhalve en twee en halve cent. In de wintermaanden waren ze iets duurder, omdat door het koude weer de kippen van de leg waren. 

De augustus-eieren werden in een aarden pot met kalkwater gedaan en zo bewaard tot in de wintermaanden.

Het bleef niet alleen bij boter en eieren, ook fruit werd meegenomen al naar gelang het seizoen. Kersen, pruimen, kruisbessen, aalbessen in de zomer en in het najaar waren de walnoten en de kastanjes aan de beurt.

Ook bloemen werden meegenomen naar de markt: in het voorjaar de bosviooltjes en later in het jaar de lelietjes-van-dalen. Hier werden kleine boeketjes van gemaakt, groot genoeg om in het knoopsgat van een jas te steken. Deze vonden gretig aftrek in een bloemenboetiek en waren bestemd voor de Maastrichtenaren die in het huwelijk traden. Deze boeketjes brachten voor de marktvrouw twee tot drie cent op ai naar gelang de kwaliteit. In die tijd was een halve cent geld en ��n strohalm mest.

Er gingen ook mannen naar de markt. Deze verhandelden slachtkippen, vette konijnen en gestroopte hazen. E�n van deze mannen, die reeds lang op voet van oorlog met zijn buurman leefde, ving de twee kippen (van die buurman). Deze waren in zijn moestuin terecht gekomen en hadden daar alle omgewroet. Hij verkocht ze vervolgens weer op de markt. Een andere man stond met een kist vette konijnen op de markt. Een Maastrichtse vrouw stond leunend met ��n hand aan die kist naar de konijnen te kijken en zei: “Die bieskes zien wel erg mager”, waarop de man prompt zei: “Maar madame, u voelt ook aan de kist en niet aan het konijn”. Dit leidde tot grote hilariteit onder de aanwezigen.

In die tijd was het op vrijdagmorgen druk op het stationnetje (of halte), want ook de inwoners van Catsop en Geverik stapten in Geulle op de trein om 10 cent uit te sparen. Vanuit Geulle kostte een retourtje Maastricht 25 cent en vanaf Beek – Elsloo was dat 35 cent. Geulle – Maastricht was toen het goedkoopste traject van het spoorwegnet.

De marktvrouwen brachten vanuit Maastricht koloniale waren of kleding mee. Toen in 1938 de halte verviel, ging men met de bus van Thijssen naar de markt. Dit is maar van korte duur geweest, doordat in 1940 de Tweede Wereldoorlog uitbrak.
J. Maassen

De Sjakel
December 2001

Geulle in vroeger tijden.
39. De schout en schepenen.

De schout en de schepenen hielden zich vroeger via de schepenbank bezig met het bestuur over en de rechtspraak in een gemeente. In 1439 was er al een schepenbank in Geulle voor de lage en middele of midden justitie. Door de verheffing tot heerlijkheid in 1554 werd Geulle als het ware een zelfstandig staatje met een eigen gerecht of schepenbank, nu ook voor de hoge justitie. 

In de rechtspraak van een schepenbank maakte men onderscheid tussen hoge, middele en lage justitie. Tot de hoge justitie behoorden alle zware misdaden. Dit was de criminele rechtspraak over o.a. halsmisdrijven met gebruik van eventuele foltering. Onder de middele justitie vielen kleinere civiele of criminele kwesties en de inspecties van straten, maten en gewichten etc. De lage justitie regelde de overdracht van eigendommen en zakelijke rechten en werd ook laathof of cijnshof genoemd.

De schepenbank bestond uit een schout en zeven schepenen. De schout kan men het beste vergelijken met de huidige officier van justitie. De schout moest de schepenen instructies geven, misdaden opsporen en vonnis wijzen. 

De schout en schepenen werden benoemd door diegene die in een dorp het hoogste gezag had. Dat was in Geulle bijv. vanaf 1644 Coenraad Ulrich van Hoensbroek. Deze kocht toen de heerlijkheid Geulle met de bevoegdheid om een bank van justitie te mogen hebben en om de schout en schepenen te mogen benoemen. Vanzelfsprekend koos ook Coenraad Ulrich personen waarop hij kon rekenen en die zijn belangen het beste wilden behartigen. Van de zeven schepenen was er een secretaris of griffier. Deze werd met het schrijfwerk belast. 

De schout en schepenen kenden vele bevoegdheden. De schepenen moesten de wegen en waterlopen (beken enz.) schouwen of controleren, het bestuur van burgelijke zaken regelen en zorgen voor politietoezicht. Verder was nog de zorg voor de armen en krankzinnigen, het schoolonderwijs en het voorkomen en regelen van ruzies aan het toezicht van de schepenen toevertrouwd, evenals de bescherming van eigendom, beschikkingen van testamenten en van koop en verkoop.

De schepenen waren tevens rechters in civiele en criminele strafzaken. Met de burgemeester(s) waren zij de bestuurders en dus ook de wetgevers van ons vroegere Geulle (hierbij moet worden aangetekend dat de burgemeesters – ook vaker dorpsmannen genoemd – van voor 1794 niet te vergelijken zijn met die van nu. Voor de Franse revolutie werden per kerkdorp zoals Geulle tijdens een vergadering van de schepenbank ��n of meer dorpsvertegenwoordigers gekozen door de inwoners van het dorp. Zo een gekozen burgemeester of dorpsman was de vertegenwoordiger van de Geulse bevolking. Nu vertegenwoordigt een burgemeester de regering en de koningin.).

Bij de schepenbank werd recht gesproken volgens eeuwen oude “costumes” of rechtsgebruiken. Bij civiele of burgelijke rechtszaken was hoger beroep mogelijk, maar bij criminele rechtszaken niet. Hierbij kon men wel om gratie verzoeken bij de koning. 

In de huidige provincie Limburg was de rechtspraak tot de komst van de Fransen onder Napoleon erg versnipperd. Men kende tot 1794 nog 128 recht- of schepenbanken, terwijl er nog geen 170.000 mensen woonden.

Er moest minimaal een keer per jaar een vergadering van de schepenbank worden gehouden. Naast de schout en de schepenen konden ook zogenaamde ge�rfden lid van de bank zijn. Deze hadden minstens 15 bunder land in Geulle in eigendom. De gerichtsbode zorgde o.a. voor de dagvaardingen en de aanplakkingen aan de kerkdeur. Hij moest de mogelijke misdadigers arresteren waarbij hij de hulp van de schutters kon inroepen.

De schepenen beraadslaagden op de bankvergadering ook over de bede van de koning of landsheer en over de verdeling daarvan onder de belastingplichtigen.

Deze bede was lange tijd voor de koning van Spanje bestemd en werd eerst verzocht of afgebeden, maar nadien door de vorst eigenmachtig vastgesteld. De schepenen stelden ook de ambtenaren aan die deze belasting inden.

Als we het vroegere en het tegenwoordige bestuur van een gemeente vergelijken, dan zien wij grote verschillen. Het huidige gemeentebestuur heeft geen rechtelijke functie meer. De gemeenteraad van nu vertegenwoordigt alle inwoners, terwijl de schepenen vroeger alleen de heersende klasse vertegenwoordigden. De inwoners werden vroeger alleen vertegenwoordigd door de burgemeester(s) of dorpsman(nen) en nu door de raadsleden. De burgemeester van nu heeft een andere functie en ook andere bevoegdheden dan zijn naamgenoot van vroeger. De schepenen hadden o.a. ook de zorg voor de financi�n en belastingen. Dit berust nu bij de wethouder van financi�n of economische zaken. 

Als herinnering aan de vroegere schepenbank heeft de gemeente op advies van de heemkundevereniging in Geulle twee straten hiernaar genoemd. Tussen Snijdersberg en Hussenberg ligt bij de Kruisboom een nieuw woonerf met o.a. de Schoutstraat en de Schepenstraat. 
Archie Varis.

Brieve van Pieke jr.

Dag mensen van Geul, der is weer een hoop te vertellen deze keer, maar het belangrijkste moet eerst, zegt de Noonk, want het humme is noader dan de rok en daar weten die van Meersse alles van en John van de Koleboer, je weet wel van Gonda, is opgehouden met de brandweer en hij was vijfendertig jaar debij en hij heeft ook nog, zeg de Noonk, wel honderd jaar bij de Boys meegespeelt en daar was hij ook eene goeie en nou hebben ze hem ook een feest gegeven, maar dat was niet omdat ze blij zijn dat hij dermee uitscheid, maar omdat het jaar bekans om is en ze hebben hem ook een k.o. gegeven en ik verschrok me bekans kepot, want iemand die zoveel voor Geul gedaan heeft, die verpeer je der toch niet een dat hij knok-oud gaat, maar het was een koninglijke onderscheiding en zo zie je maar weer, dat de koningin wel niet zo deks in Geul komt, maar dat ze wel weet wat hier los is en welke paarde de beste haver verdienen. En der zijn der wel meer die niet deks in Geul komen, maar wel als het op stemmen aangaat, want de Noonk zag laatst op het kerremisterrein een paar trofee�n staan van een lijst en der stonden ook een paar lijstevullers debij en ze stonde der heel lang, zeker om de lui van Geul te laten zien dat ze der echt ware en het was niet koud, maar ze hadde wel de han in de tesse van hunne jas, om die te vulle zeker en ze hadden ook een fototoestel debij en dan zullen we straks wel weer zo’n blaadje in de bus krijgen met een mooie foto drin om de lui te laten zien dat ze de laatste vier jaar minstens eene keer in Geul geweest zijn en dat belooft veel, zegt de Noonk, maar of het hun stemme oplevert, daar gelooft hij toch niet echt in, want die van Geul weten wel wat ze wille en zeker ook wat ze niet wille. En van een andere klup stond al een foto in de Geulbode en daar stond een hele troep op, net als wie bij het voetballen en als je ziet hoe ze de handen houde, de meeste toch, dan lijkt het wel of ze een knalharde bal in de muur verwachten, zo wie ze vroeger alleen Frans van den Akker en Frans Oligaarts en Loe van de Ketel konden schieten en als die allemaal veel stemmen krijge is de gemeenteraad al bijna twee keer vol, maar dan moete ze wel niet vergeten op zichzelf te stemmen en dan maar hopen dat hunne man of de vrouw niet vreemd gaat, want dan is de stemming snel bedorven, zegt de Noonk, en daar snap ik nou weer niets van, en de opperbok van die lijst zeg dat de lui van zijn lijst stuk voor stuk topkandidaten zijn, maar de Noonk zeg, dat hij die van Geul die derop staan bijna helemaal niet kent en dat is geen goed teken, voor die, want de Noonk kent iedereen en iedereen kent de Noonk, maar ja, zeg de Noonk, dat hij die nou helemaal niet kent, dat zal wel aan hem liggen, maar hij stemt in ieder geval op eene die hij goed kent, dan kan hij hem straks ook aan zijne kamesaal trekken als hij iets moet.

En der is een lijst, die heeft het zich goed bekeken, zeg Harie van onze Merie, want die hebben een vooraan derin staan, die is kastelein op de merret van Meersse en die ligt vlak bij het gemeentehuis en dan kunnen ze strak het bier zich daar goed laten smaken na de raasvergaderingen, maar dan wel aan inkoopsprijs en die kastelein hoopt nou dus maar dat er van die van hem niet te veel drin komen, want dan zal der wel veel op de lat komen te staan en dan gaat hij misschien wel falliet, maar goed zeg de Noonk, zone jong moet toch get en als de kasteleins van Geul dat ook deden, kwam misschiens wat meer leven en politiek aan het buffet en dan kun je daar ook weer eens een goeie slag lachen en hij ziet het al voor zich: Lijst Goud G��l, Lijst kleibrook aan de Leunde, Lijst Effe Plekke blijven, Lijst De sjusten Hook, Lijst In den Hemel en die heeft de goedkeuring van de busschop, zegt de Noonk, want die heeft daar laatst een rondje gegeven of Lijst Centrum, maar die naam lig bij de politiek niet zo goed, geloof Merie, dus laat maar. En die van de Meulestein zullen wel geen lijst vaardig krijgen.

Maar ze moete wel opletten want de Noonk heeft zich toen hij zijn pere naar de veiling bracht een grote aarrapelezak gevraagd en die heeft hij zich al gereed gezet om alles wat die politieke hem in de bus duwen in te bewaren en dan zal hij die wat derin kome, maar ook die wat alleen maar op de lijst staan voor de sierraad, deraan houwe, want anders is het weer sjus wie anders, zeg hij, die van de politiek belove je goud op de berg, maar voor je het weet zit je met natte voeten in de rotzooi aan de Maas en nou ga ik ophoude, maar der is wel nog iets wat ik niet snap, want ik heb de letste tijd Sinterklaas deks gezien in Geul, en de ene keer kon hij wel paardrijden en ook zingen, en de andere keer kon hij wel zingen maar niet paardrijden, en nog een andere keer kon hij weer niet zingen, maar wel toneelspelen en wie het nou nog snap, mag voor mij eerste op de lijst staan en ik moet jullie nog eine zaalige k�rsjmes en ei good oeteindsje wensen van de Noonk, en van Harie en Merie en van St�bbes en Teigededraod en van mij, natuurlijk !
Met de groete van Pieke junior oet de Piemelehook. 


Bezoek aan de Slakmolen in Elsloo.

Zoals in de vorige Sjakel aangekondigd is er op zaterdag 26 januari 2002 een excursie van de Heemkundevereniging naar de Slakmolen aan de Maasberg te Elsloo. Ons lid Jacq. Ummels zal daar met zijn collegae van de vrijwillige molenaars van de Slakmolen een rondleiding en een maaldemonstratie verzorgen. U bent van harte uitgenodigd aan deze excursie deel te nemen. Voor leden zijn de deelnamekosten gratis, voor niet-leden �1,25. Vertrek vanaf het Kermisterrein om 10.15 uur, terug tegen 12.45 uur. In verband met de organisatie dient u zich vooraf aan te melden bij de secretaris, mevrouw Truia Huntjens-Bollen, 043-3649582, v��r zaterdag 19 januari 2002. Wilt u daarbij doorgeven of u wilt rijden of gereden wilt worden ?

Om u vast op te warmen: de Slakmolen ligt aan de Maasberg1, Elsloo, is een watermolen van het zogenaamde bovenslag-type, ze heeft een rad van 5,15 meter, er werd (en wordt thans door de vrijwillige molenaars) koren gemalen en de molen is eigendom van de gemeente Stein. Er is een folder beschikbaar, waarin de geschiedenis van de molen beschreven wordt. Een passage daaruit willen wij u niet onthouden: “Door het hoogteverschil was de molen echter moeilijk bereikbaar. De molenkarren werden op het erf gelost en geladen. De zakken moesten over een pad en trappen naar beneden in de molen worden gedragen. Het maalgoed moest via dezelfde weg naar boven worden gebracht ….. In 1924 werd de molen stilgelegd wegens concurrentie door een kort daarvoor in Elsloo gestichte motormaalderij”.

Ja, de tijden veranderen en we kunnen straks met eigen ogen zien hoe het was, toen …….. Gaat u ook mee ?
(LvK)

Kerstwandeltocht Oostbroek

Op 26 december organiseert buurtvereniging oostbroek te Geulle voor de 18e maal de inmiddels traditionele kerstwandeltocht.

Gestart wordt evenals voorgaande jaren vanuit zaal ‘t Heukske aan de Hulserstraat te Geulle. U kunt kiezen uit de afstanden 5 – 10 – 15 – 20 en 25 km.

Voor de afstanden 20 en 25 km kunt u vertrekken tussen 8.00 uur en 13.00 uur. Voor de afstanden 5, 10 en 15 km kunt u vertrekken tussen 8.00 uur en 15.00 uur. 

De inschrijfkosten bedragen Fl 2.50 per persoon, waarvoor u een prachtig door pijlen uitgezet parcours krijgt aangeboden door Geulle en omgeving. U kunt in dit landelijke dorp genieten van prachtige vergezichten. De wandeling voert U langs monumenten als het oude kasteel, de watermolen en de oude kerk. 

Als herinnering ontvangt iedere deelnemer een sticker. De I.V.V.-stempel is aanwezig en de wandeltocht gaat onder alle weersomstandigheden door. De deelnemers kunnen genieten van de zeer mooie landelijke bosrijke omgeving.

Wandel mee en geniet van de natuur die Geulle en omgeving U te bieden heeft. Voor meer informatie kunt U bellen 043 – 3652061.


Politie varia

Op donderdag 1 november werden de inzittenden van een personenauto gecontroleerd op de Kanaaldijk. Hierbij werd een hoeveelheid softdrugs aangetroffen.Op donderdag 1 november werd ingebroken in de Mevr. Van der Meystraat tijdens afwezigheid van de bewoners tussen 12.00 uur en 17.45 uur. In de buurt werden enkele verdachte personen gezien, een vrouw en twee mannen.Verder werd op 1 november op de Mevr. Van der Meystraat een rollator ontvreemd. Op zaterdag 3 november werd de rollator terug gevonden in het bos achter de woningen van de Mevr. Van der Meystraat. De rollator is weer terug bij de eigenaar.Verder werd in het bos een fiets gevonden, welke eveneens op donderdag 1 november was ontvreemd, waarvan echter nog geen aangifte was gedaan. De fiets is weer terug bij de eigenaar. Op 2 november werd de afrit Bunde van de autosnelweg A2 afgesloten tot 17 december 2001. Als gevolg hiervan werd door een groot aantal automobilisten de sluiproute richting Beatrixhaven door Geulle genomen. Dit leverde vooral in de ochtendspits een grote verkeersdrukte op de doorgaande wegen van Geulle op. Op dinsdag 6 november werd dan ook geklaagd door de verkeersbrigadiers nabij de school “In ‘t Riet”. Door ons werd dan ook regelmatig tijdens de ochtendspits de zaak in de gaten gehouden.Naar aanleiding van het vorenstaande werd op donderdag 8 november op Oostbroek in de richting Bunde een snelheidcontrole gehouden. Hierbij bleek dat tussen 07.40 uur en 08.40 uur 443 voertuigen passeerden. Hiervan reden 85 voertuigen te hard. Tussen dinsdag 15 en woensdag 14 november werd een personenauto vernield, welke stond geparkeerd op de Essendijk. Op de rechterzijkant waren twee krassen aanwezig.In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 november werd er in twee auto’s ingebroken op Aan de Maas. Uit beide auto’s werd een autoradio ontvreemd.Op maandag 26 november vond er een diefstal van een bromfiets plaats op de Drossaertstraat. De bromfiets had ongeveer een half uur onbeheerd gestaan.
Gevonden : n.v.t.
Verloren : n.v.t.
Brig. Giesen

De drinkwatervoorziening.

Voordat er in 1926 waterleiding (stromend water uit de kraan) in het dorp was, waren de inwoners en het vee, wat hun drinkwatervoorziening betrof, aangewezen op bronnen, poelen en pompen.

In Geulle-beneden had men meestal een pomp op het erf, want op 5 tot 7 meter diepte bevond zich water voor mens en vee.

De inwoners van Geulle-boven waren aangewezen op bronwater. De mensen van Den Hook (Piemelenhook) haalden het water bij de bron in het Geerkensdal (beneden bij de spoorweg. De contouren van dat slingerpad zijn nog te zien). De mensen van de Snijdersberg haalden het water aan de “rin” bij caf� “Lombok”. De mensen uit Hulsen die geen pomp hadden, kwamen hier ook. De mensen uit Broekhoven haalden het water aan de Laakbeek, die onder het spoor door loopt. Een gedeelte van de inwoners van Moorveld haalde het water bij de Klaasput in de helling van de Bloemberg (deze is nog te zien), een ander gedeelte van hoog Moorveld haalde het water beneden in het bos bij de Putstraat (nu Bospad). Deze put of poel is ook nog te zien.  

Bronwater was bestemd voor huishoudelijk gebruik. Voor het drinkwater van het vee was men in Geulle-boven aangewezen op waterpoelen. Deze zijn nu allemaal gedempt. Deze waterpoelen bevonden zich op verschillende plaatsen in Geulle: In de Piemelenhook links van de weg aan de boskant; in Hussenberg tegenover het bejaardenhuis langs de weg; in Moorveld in de Heerenstraat naast pand Reubsaet; aan de kruising Schonen Steynweg – Maastrichterweg naast de weg en tegenover caf� Voncken (Jachhoes). Er waren ook nog diverse drinkpoelen in weilanden (gelegen op priv�-terrein). Deze waren er alleen bij een gunstige ligging van het weiland. Regenwater werd via de weg hierin opgevangen. Deze drinkpoelen zijn ook allemaal gedempt.

Als het wasdag was, gingen diverse vrouwen met de wasmand op de kruiwagen naar de “rin” bij caf� “Lombok” om de was te spoelen met blauwsel. Daar werd (positief en negatief) gepraat over vanalles en nog wat. De grootste praters werden uitgemaakt voor “waswijf”, een naam die uit die tijd stamt. Nu noemt men een dergelijk iemand een “kletswijf”.

In 1865, bij de aanleg van het spoor, had het S.S. (Staats-Spoor) meerdere hectaren grond nodig om de spoordijk tussen Elsloo en Bunde aan te kunnen leggen. De gemeente Geulle kreeg deze grond goed betaald voor die tijd, want het was staats. Het geld hiervan werd nuttig besteed voor de bouw van het gemeentehuis en drie uitgemetselde welputten van ca. 20 tot 25 meter diep. E�n welput was in Moorveld, ��n in Hussenberg en ��n op de Snijdersberg. Deze laatste is nog deels intact. De put in Moorveld is later door een betonplaat afgedekt en daarop staat nu het kapelletje. In Hussenberg heeft de put als rioolput van huize Av� Maria gediend totdat de riolering werd aangelegd. Deze put is nu helaas helemaal verdwenen.

In de jaren dertig kwamen deze putten min of meer droog te staan. Dit werd toegeschreven aan de steenkolenmijn “Maurits” die op grote diepte onder Elsloo al ontkoold werd en waar uit de onderste grondlagen het water weggepompt werd. De mensen werden toen bijna allemaal aangesloten op de waterleiding. De waterputten hebben dus ca. 65 jaar dienst gedaan. Toen de wasautomaten hun intrede deden was men genoodzaakt om waterleiding te hebben. De putten, bronnen en pompen raakten in onbruik. Bronwater heeft momenteel een te hoog nitraatgehalte en is als drinkwater niet meer aan te bevelen. De oorzaak hiervan is o.a de intensieve bedrijfsbesmesting door agrari�rs.

Doordat Geulle een waterrijke gemeente is, kwam de W.M.L. (Water Maatschappij Limburg) op het idee om in 1932 een pompstation te bouwen aan de Essendijk. Later volgden nog drie diepbronputten: ��n langs de Andreas Sauerlaan, een langs de Oostbroekweg en de derde naast de oudere veldwachterswoning.
J.Maassen

Kwartierstaat.

In De Sjakel van december 2000 (54e jaargang, nummer 3, bladzijde 8) deden wij u mededeling van de publicatie in het Limburgs Tijdschrift voor Genealogie, jaargang 28 – 2000 nummer 3, bladzijden 79 tot en met 85, van de kwartierstaat van ons aller Sjef Thijssen.  

Deze kwartierstaat kwam van de hand van Mr. A.M.A. Maassen, Becanusstraat 31 te Maastricht. Het doet ons genoegen dat wij thans van de heer Maassen de zeer gewaardeerde toestemming hebben verkregen om dit artikel via publicatie in De Sjakel ook aan u kenbaar te maken. Hieronder volgt het eerste deel. Helaas zijn we vanwege de relatief geringe ruimte die ons ter beschikking staat gedwongen het artikel in meerdere delen op te splitsen. Wij hopen echter dat u desondanks met niet minder genoegen dan wij dat deden, van deze publicatie zult kennis nemen.

Ter opfrissing van uw geheugen: een kwartierstaat bevat alle voorouders, zowel in mannelijke als in vrouwelijke lijn van een bepaald persoon, “probant” genoemd.

Te doen gebruikelijk is dat al deze voorouders met een nummer worden aangeduid. De probant is altijd nummer 1, de mannen hebben vervolgens allen even, de vrouwen oneven nummers. Nummer 2 is de vader van nummer 1, van de probant dus, nummer 3 is de echtgenote van nummer 2 en de moeder van nummer 1, nummer 4 is de echtgenoot van nummer 5 en de vader van nummer 2 en de grootvader van nummer 1 enz. Even wennen misschien, maar op den duur heel makkelijk. De symbolen * resp. ^ geven de geboorte- resp. overlijdensdatum aan. “illegitimus” betekent een onwettig kind. “N.N.” betekent dat ��n van de ouders niet bekend is. Over naar het artikel van de heer Maassen, dat begint met een inleiding, die wij onverkort laten volgen.
(LvK)

A.M.A. Maassen: Kwartierstaat van Sjef Thijssen uit Geulle (deel 1).

Op 4 februari 1999 overleed te Maastricht Marie Goswin Joseph Thijsen, in leven verknocht aan en trots op zijn geboortedorp Geulle, hoedanigheden tot uitdrukking gebracht op zijn doodsprentje door het epitheton “g��lenaer”. Als amateur-historicus wist hij als geen ander op boeiende wijze te verhalen over personen en gebeurtenissen uit het verleden van het dorp. Van oudere inwoners gehoorde vertelsels en anecdoten stelde hij op schrift om ze aan vergetelheid te onttrekken. Het behoeft geen verwondering te wekken, dat hij na de oorlog, in 1945, een van de mede-oprichters was van de plaatselijke heemkundevereniging. Hij stond in oktober 1947 mede aan de wieg van het blad “De Sjakel”, dat als orgaan van het Limburgs Thuisfront, afdeling Geulle, beoogde de Geullenaren die als militair in Nederlands Oost-Indi� verbleven, maandelijks op de hoogte te houden van alles wat er in hun dorp gebeurde. Nadat in 1950 de militairen waren teruggekeerd, had het blad zich een niet meer weg te denken plaats veroverd in de Geulse gemeenschap. Door de Heemkundevereniging is toen het voortbestaan verzekerd door het blad als orgaan van de vereniging over te nemen. Van het begin was de heer Thijssen redacteur van het blad. Naast berichten over aktuele zaken en de plaatselijke politiek, verschenen daarin zijn vele vertellingen over “vreuger” die hij als kind thuis hoorde. Een deel daarvan slaat terug op personen uit zijn eigen familie zoals ik in de kwartierstaat laat zien. Nadien heeft hij in het blad de historie van zijn dorp vanaf 1830 tot en met de bevrijding in 1944 in een prettige verteltrant beschreven. In 1993 zijn al deze verhalen op initiatief van de Heemkundevereniging in boekvorm uitgegeven onder de titel “GEULLE DORP AAN DE MAAS”.

Persoonlijk vind ik het jammer dat van diverse personen die voorkomen in het boek, alleen de dorpse (bij)namen zijn vermeld. Van een aantal zijn de burgerlijke standgegevens door mij achterhaald en in de kwartierstaat opgenomen. Van anderen is de identiteit nu al niet meer vast te stellen. Zelfs de heemkundevereniging die daarvoor op mijn verzoek navraag heeft gedaan bij de oudste Geullenaren, kon op dit punt geen uitkomst bieden. Een voorbeeld hiervan is de op bladzijde 108 genoemde “Jepkes Greet” die de rol van vroedvrouw in het dorp vervulde. Soms verstrekte zij discreet jonge meisjes op verzoek “moerkoren” om daarmee ongewenste zwangerschap af te breken ….. Ik heb zelf maar geprobeerd dit raadsel op te lossen. Mijn – voorzichtige – mening heb ik beschreven onder no. 19 van de kwartierstaat.

Kwartierstaat.

PROBANT

1. Marie Goswin Joseph Thijssen, technisch medewerker van PTT/Telecom, * Geulle 4 juli 1919 (akte 20), ^ Maastricht 4 februari 1999, echtgenoot van Margaretha Hubertina Wilhelmina Opheij, * Tegelen 31 augustus 1918, dochter van Pieter Gerard, agent van politie te Maastricht, * Horst 20 juni 1891, en Maria Petronella Schatorj�, * Tegelen 7 november 1892.

II. OUDERS

2. Maria Wilhelmus Thijssen, schoenmaker, * Geulle 8 september 1869 (akte 21), ^ Geulle 11 maart 1943. Prachtig is het verhaal in het boek op blz. 100 over de reden van de voornaam Maria: een belofte van de moeder als het kind waarvan zij zwanger was, gezond ter wereld kwam na het ongeluk dat haar was overkomen. Huwde te Geulle 17 april 1902 (akte 2) met

3. Maria Gertrudis Hubertina Dekkers, * Geulle 15 januari 1875 (akte 2), ^ Geulle 24 juni 1963. Sjef was de jongste en enige jongen van hun vijf kinderen. Zijn zussen waren: Maria Helena Elisabeth, * Geulle 25 januari 1903, ^ 15 april 1992, Maria Leonie, * Geulle 12 december 1906, ^ 16 september 1913 (akte 16) en de tweeling Gertrudis Beatrix, * Geulle 18 november 1914 (akte 35), ^ Sittard 8 mei 1996 als religieuse in de Congregatie van de zusters van Christus Verlosser, en Maria Catharina (geboorteakte 36), ^ Geulle 28 januari 1915 (akte 2)

III. GROOTOUDERS

4. Servaas Thijssen, dagloner, * Geulle 13 mei 1830 (akte 21), de “illegitimus” op blz. 6 van het boek, ? Geulle 14 juni 1911 (akte 12). De voornaam is (wellicht) mede gekozen omdat op de dertiende mei het feest wordt gevierd van de H. Servatius, de eerste bisschop van Maastricht. Huwde te Geulle 10 november 1866 (akte 11) met

5. Maria Barbara Kurvers, naaister, * Geulle 14 maart 1832 (akte 19), ? Geulle-Brommelen 25 november 1878 (akte 30). “Berb” bracht haar zoon onder 2 ter wereld op het feest van de geboorte van de H. Maagd Maria en niet, zoal de auteur ten onrechte op blz. 101 vermeldt, van de Onbevlekte Ontvangenis van de H. Maagd Maria, welke feestdag in de rooms-katholieke kerk gevierd wordt op 8 DECEMBER.

Aantekening: Een achternicht van haar, Maria Elisabeth Kurvers * Geulle 8 januari 1831, ? Geulle-Aan het Broek 23 december 1908, dochter van Leonardus en Maria Elisabeth Oligaars, was twee jaar voor haar, op 13 juli 1864, gehuwd met Jacobus Troquet, * Bilsen (Be)25 januari 1834 en ? Geulle – Aan het Broek 25 maart 1902. Deze Troquet was een van de vele arbeiders van elders, die werk hadden gevonden bij de aanleg van de Staatsspoorweg Venlo-Maastricht. Hij vond in Geulle zijn bruid en bleef er zijn verdere leven wonen (blz.90 en 93 van het boek). In dit kader zij vermeld dat de offici�le opening van de spoorweg plaatsvond op maandag 6 november 1865. Op die dag vertrok ‘s morgens een feesttrein uit Venlo naar Maastricht. Aan boord bevonden zich naast de directie van de Exploitatiemaatschappij van het spoor, ook de minister van Binnenlandse Zaken Thorbecke en de commissaris des konings in Limburg Van der Does de Willebois. Op de tussenliggende stations of haltes werd gestopt om deputaties van gemeentebesturen en burgerij de gelegenheid te geven tot het plegen van plichtplegingen. De minister zou de nacht doorbrengen op het gouvernement als gast van de commissaris (Rijksarchief Limburg, Provinciaal Archief, Kabinet, inventarisnummer 522, agendanummer 145). 6. Leonardus Dekkers, landbouwer, * Geulle 27 augustus 1837 (akte 35), ? Geulle – Aan het Westbroek 23 februari 1929 (akte 5). Volgens het boek zou Leendert met zijn 33 jaar nog gemobiliseerd zijn in verband met de Frans-Duitse oorlog van 1870-1871. Via dagenlange marsen werd de Zuiderzee bereikt, een sensatie apart voor de Limburgers. Vervolgens ging het per schip naar Friesland voor hun mobilisatiebestemming Leeuwarden (blz. 104). Onderzoek van de huwelijksbijlagen leerde dat Leonard dienstplichtige was van de lichting 1856 en in dat jaar is opgeroepen. Op 15 mei 1861 ging hij wegens volbrachte dienst met groot verlof. Huwde te Geulle op 11 april 1872 (akte 3) met

7. Helena Vossen, * Geulle 25 juni 1840 (akte 37), ? Geulle-Westbroek 22 februari 1887 (akte 5).

IV OVERGROOTOUDERS.

8. N.N.

9. Maria Agnes Thijssen, * Geulle 17 Pluvi�se IX, folio 11 (6 februari 1801), ? Geulle-Brommelen 31 maart 1869 (akte 12).

10. Joannes Kurvers, klompenmaker, * Geulle 18 november 1790, ? Geulle 18 juni 1863 (akte 10). Huwde te Geulle 10 november 1827 (akte 36) met

11. Anna Maria Bouwens, * Spaubeek 16 Fructidor IX (3 september 1801), ? Geulle 25 december 1875 (akte 29).

12. Jacobus Dekkers, * Geulle 17 januari 1783, ? Geulle-Snijdersberg 7 juni 1861 (akte 15). Huwde te Geulle 1 oktober 1819 (akte 45) – en op 4 oktober 1819 voor de pastoor, met dispensatie in de vierde en derde graad bloedverwantschap van beide kanten – met

13. Catharina Elisabeth Maassen, * Geulle 16 maart 1796, ? Geulle-Snijdersberg 19 maart 1874 (akte 8). Omdat Jacobus’ broer Leonardus (en niet Peter zoals het boek op blz. 34 zegt) enige jaren eerder, op 25 september 1813 (akte 43) was gehuwd met de moeder van Catharina Elisabeth Maassen, Gertrudis Vossen, – die weduwe was van Hermanus Maassen (zie no. 26 en 27)-, werd Kobus’ schoonzus tevens zijn schoonmoeder.

14. Goswinus Vossen, * Geulle 14 maart 1795, ? Geulle-Westbroek 13 april 1876 (akte 6). Huwde te Geulle 28 december 1826 (akte 51) met

15 Anna Geertruid Janssen, * Geulle 3 december 1797, ? Geulle-Aan het Broek 18 mei 1874 (akte 15). In het boek komt het echtpaar Vossen-Janssen herhaalde malen voor. Gosewijn is landbouwer en timmerman. In de winter maakt hij ook klompen. Truke heeft een winkeltje aan huis. Hun bedoening heet in de volksmond het “Wienesh�fke”.

Truke is voor haar huwelijk katholiek gedoopt als laatste “Geus” van Geulle (blz. 21-22). Hun dochter Helena (no. 7) is – zoals het verhaal wil – geboren na een bedevaart van Truke naar Kevelaar en het luiden van het klokje van de genadekapel aldaar (blz. 45).

Zoon Leonard Vossen, * Geulle 15 november 1827, ? Wessem 9 augustus 1879, studeert af als onderwijzer, maar krijgt in Geulle geen betrekking. Wel in Berg en Terblijt. Hij was toen al 31 jaar (blz. 65 en 73). Drie jaar later, in 1861, wordt hij schoolhoofd in Wessem (blz. 81) waar hij 22 september 1862 (akte 7) in het huwelijk treedt met Maria Beatrix Tijssen, * Wessem 25 april 1828 (akte 15), dochter van “koopman” Mathias en (zijn tweede vrouw) Maria Elisabeth Meuwissen. De ouders van de bruid waren toen echter reeds overleden, al suggereert het verhaal op blz. 84 dat zij nog in leven waren. Vader – die in diverse akten van de burgerlijke stand steevast als “koopman” en niet zoals het boek doet als “molenaar” wordt aangeduid, – was al dood van 24 maart 1845 (akte 5), moeder van 25 oktober 1860 (akte 19).

Aantekening: Moeder Truke Vossen stoorde zich er aan als zij zag dat “Kaatjes Geelke, die halve heiden die op de dag des heren werkt”, op zondag weer bezig was met “kasmerillen”, het bemesten van zijn bomen met een mengsel van koemest en water (blz. 73 en 75 van het boek). “Kaatjes Geelke” is Micha�l Tilmans, de zoon van Henricus Tilmans uit Geulle en Maria Catharina Jongen uit Elsloo, die op 9 januari 1797 in Geulle in het huwelijk waren getreden. Micha�l, * Geulle 9 december 1814 volgens de pastoor, maar volgens de burgerlijke stand 11 december 1814 (akte 32), ? aldaar 15 januari 1894 (akte 2), was schipper van beroep. Hij trad in Geulle op 27 juli 1846 (akte 2) in het huwelijk met Maria Gertrudis van de W(e)ijer, * Geulle 26 augustus 1811, dochter van Laurentius en Anna Barbara Janssen, ? Geulle 18 december 1886 (akte 39). Haar grootvader Wilhelmus van de Weijer, metselaar van beroep, was als weduwnaar van Maria Joanna Clouber uit het Belgische Zichen (Zussen-Bolder) ten westen van Maastricht, naar Geulle gekomen. Daar was hij – bijna 50 jaar oud – op 3 februari 1783 getrouwd met de Geulse jongedochter Gertrudis Janssen, * 2 oktober 1745, dochter van Petrus Jansen uit Geulle en Maria Anna Voncken uit Schimmert. Micha�l Tilmans is verwant aan Mathijs Tilmans, die met “het Riddele”trouwde (zie aantekening 3 onder no. 37 van de kwartierstaat). Zijn overgroot-ouders Gerardus Tilmans en Elisabeth Vrancken, getrouwd in Geulle 12 februari 1730, zijn ook de betovergrootouders van Mathijs.
Wordt vervolgd.

Geulle 50 jaar geleden…..
December 1951

De harmonie St. Caecilia vierde op 15 december haar Caeciliafeest. Er werd de eerste keer als harmonie opgetreden. Na het concertje werd het menu van de dag geserveerd: frites met kabeljauw en natuurlijk het nodige bier. Na het eten hield de heer Quaden uit Heer de leden bezig met zijn humor.De enveloppen-actie voor de aanschaf van een bromfiets voor de zuster van het Groene Kruis is een onverwacht succes geworden. De opbrengst (fl. 350,-) is genoeg voor een degelijke bromfiets. Laat de zuster nu maar brommen.De secretarie van de gemeente is gedurende de feestdagen van 24 en 31 december de gehele dag gesloten. In verband met de bezuiniging op het verbruik van kolen is de secretarie ook vanaf 1 januari a.s. des zaterdags gesloten. In plaats hiervan kan het publiek ook op vrijdagmiddag geholpen worden.Uit de raadsvergadering van 21 december 1951: De vergadering begon met een belangrijke mededeling van de voorzitter, die namens B. en W. het voorstel deed om ook in Geulle een premie-lening ten behoeve van de bouw van woningen onder ingezetenen uit te schrijven. Hieromtrent zullen B. en W. zich nader met een circulaire tot de ingezetenen richten. Gedeputeerde Staten hebben bericht dat de Verordening tot vermindering van de Vermakelijkheidsbelasting niet de Koninklijke goedkeuring kan verkrijgen met het oog op de slechte financi�le toestand van de gemeente. De over 1951 te weinig betaalde belasting tot een bedrag van fl. 412,78 zal nog worden nagevorderd. Breedvoerig werd nog gesproken over het in de vorige vergadering aangehouden punt inzake een bijdrage van de gemeente in de aanleg van elektrisch licht en waterleiding. In het vervolg zal door de gemeente ten hoogste voor � gedeelte in de kosten worden bijgedragen.

Op voorstel van B. en W. werd besloten een gemeentelijke welstandscommissie in het leven te roepen en niet tot aansluting bij de provinciale stichting over te gaan. Zeer verontwaardigd was de raad over de mededeling dat Gedeputeerde Staten geen aanleiding vinden een bijzondere uitkering toe te kennen aan de gemeente Geulle. Ook voor 1952 kan hierop niet worden gerekend. Deze mededeling lokte bij de heer Muytjens een voorstel uit om een scherpe motie te richten tot Binnenlandse Zaken en Gedeputeerde Staten van Limburg. Voor de raad wordt het besturen praktisch onmogelijk gemaakt en de voorsteller zou er het meest voor voelen bij wijze van protest unaniem het bijltje erbij neer te leggen. De begroting 1952 zal niet sluitend kunnen worden gemaakt en aan verdere bezuinigingen of verhogingen van de belastingen wenst de raad niet mee te werken. Om evenwel tot verbetering van de Cruisboomstraat over te gaan, werden evenwel nog enkele dekkingsmiddelden aangewezen.
Hein Peters

Heemkundevereniging G��l bezoekt kasteel Hoensbroek

Op zaterdag 8 december organiseerde de Heemkundevereniging een excursie naar Kasteel Hoensbroek. Voor deze excursie was een gids ingehuurd, waardoor er maximaal 20 personen konden deelnemen. Bij aankomst in Hoensbroek was er gelegenheid voor een kop koffie met vlaai, waarna om 15.00 uur de rondleiding begon.

De geschiedenis van het kasteel is nauw verweven met de Geulse geschiedenis, daar de familie Hoen ook in Geulle lange tijd heer en meester was. Niet voor niets zijn er in Geulle een tweetal straten vernoemd naar leden van deze familie: Wolter Hoen en zijn zoon Coenraad. Het kasteel van Geulle was in vroegere tijden zelfs een kopie van het kasteel van Hoensbroek, totdat halverwege de 19e eeuw opdracht werd gegeven om het grootste gedeelte van het Geulse kasteel af te breken. Het huidige kasteel bestaat uit niet meer dan enkele van de oorspronkelijke bijgebouwen.

Onder leiding van een zeer deskundige gids kregen de aanwezigen een anderhalf uur durende rondleiding door het kasteel. Niet alleen diverse woonvertrekken werden bezocht, maar ook ‘geheime’ kamers en zelfs gangen die door de drie meter dikke muren heenliepen. Het kasteel werd aan het eind van de 14e eeuw gebouwd in opdracht van Herman Hoen. Van dit eerste kasteel is de toren aan de voorzijde nog bewaard gebleven.

De ‘gevangenis’ van het kasteel was een ruimte in de toren van slechts enkele vierkante meters groot.

Hierin zaten vaak tien personen of meer. Het toilet of, zoals het toen heette het ‘gemak’ was niet meer dan een gat in de vloer dat uitkwam in de kasteelgracht. Uit deze gracht werd vervolgens weer water en vis gehaald. Gelukkig had men het water niet zo nodig om zich te wassen, want dat deed men slechts 3 a 4 keer per jaar. Gezien deze hygi�ne was het dan ook niet zo verwonderlijk dat de gemiddelde mens in die tijd slechts 1.55 meter groot was.

Het kasteel geeft een goed beeld van hoe de vroegere bewoners leefden en woonden. Helaas is een kast uit de 17e eeuw het enige overgebleven originele meubelstuk uit het kasteel. Net zoals nu, had men ook vroeger de gewoonte om, indien men verhuisde, alles mee te nemen. De hiervoor genoemde kast was echter ter plaatse gemaakt en dat maakte het onmogelijk om hem mee te nemen toen de familie rond 1850 naar Duitsland verhuisde.

Na zo’n tocht door de eeuwen besef je pas hoe jammer en onbegrijpelijk het is dat ��n pennestreek 150 jaar geleden er voor zorgde dat dit voor Geulle verloren is gegaan.
A. Sassen

In de Heer zijn overleden:

op 20 november 2001, op 82-jarige leeftijd, Ton Willems, weduwe van Harrie Ummels van Ave Maria;op 25 november 2001, op 87-jarige leeftijd, Huub Dohmen echtgenoot van Net Simonis, van de Hulserstraat;Op 8 december 2001, op 83-jarige leeftijd, Tina Rogiers, weduwe van Louis Frissen, Av� Maria.


Fanfare en Harmonie in de kerk

Op zaterdag 18 november luisterde onze Fanfare St.Martinus in een goed gevulde Martinuskerk op een mooie wijze de Hl. Mis op, die werd opgedragen door Pastoor Dohmen. Tijdens deze Mis zegende Pastoor Dohmen ook een nieuw groen kazuifel in, een geschenk van een parochiaan. 

Op zaterdag 1 december verzorgde onze Harmonie St. Caecilia de Hl. Mis in de kerk van Waalssen. Ook deze Mis welke, werd opgedragen door Kapelaan Schols, werd goed bezocht.

Fanfare en Harmonie houden op deze wijze een mooie traditie in Geulle in stand, waarvoor “chapeau”. 
Red.

Lintje voor John Thijssen

John Thijssen is sinds vrijdag 30 november lid in de Orde van Oranje-Nassau. Hem viel de eer te beurt, nadat hij zich gedurende 35 jaar als vrijwillig brandweerman heeft ingezet. Bij het bereiken van de leeftijd van 55 jaar kreeg hij functioneel leeftijdsontslag.

De laatste tien jaar had hij als brandmeester / bevelvoerder de verantwoordelijkheid over de post Geulle.
John, namens de Heemkundevereniging, van harte proficiat!


Overdenking bij een jaarwisseling

De decembermaand is een uiterst geschikte maand om zaken te overdenken en vooruit te zien.
Na de 11e september zal de wereld nooit meer dezelfde zijn, zei de President van Amerika, bij het zien van de puinhopen van staal en beton, die ooit het World Trade Centre in New York vorm hadden gegeven en waarin meer dan 3000 mensen in enkele uren tijd de dood hadden gevonden. 

Zo’n tien jaar geleden keek ik vanaf het uitkijk-platform op de 110e verdieping van dit “Centre” uit over het voormalige Nieuw Amsterdam, met zijn alom bekende Vrijheidsbeeld op een steenworp afstand en dronk ik een kopje koffie in het op de 107e verdieping gelegen restaurant met de mooie naam “Windows on the World”. De aanslag op het World Trade Centrum, zijnde iets verschrikkelijks natuurlijk, heeft wel tot gevolg gehad dat nu, zo’n drie maanden later, Afghanistan eindelijk is bevrijd van zijn onderdrukkers, de Taliban. Na 20 jaar oorlog kan in dit land eindelijk een begin worden gemaakt met de wederopbouw ervan. Zo is wederom bewaarheid geworden wat vaker wordt gezegd, namelijk dat elk minpunt ook weer zijn positieve kant heeft.

Vooruitkijkende is er natuurlijk de “euro”, die een groot aantal nationale munten in Europa gaat vervangen en die officieel op 1 januari 2002 ook in Nederland zijn intrede doet. Zo’n tien jaar na het Verdrag van Maastricht is het dan zover en is de “euro” een feit. In het begin zal het natuurljk effe wennen zijn. Ik ben er echter van overtuigd dat dit gewennings-proces slechts van korte duur zal zijn. Ongetwijfeld zal de invoering van de “euro” de eenheid in Europa weer een stukje dichterbij brengen. En daar was het toch ook allemaal om te doen!
S.W.

Opnamen ‘Rond Kerk en Kroeg’ in Geulle

Zelden zal het op een gewone maandag-middag zo druk zijn geweest in caf� “het Hemelke”, als op maandag 10 december 2001. Een tv ploeg van de KRO was in Geulle neergestreken voor de opnamen van het KRO / RKK programma ‘Rond Kerk en Kroeg’. Dit programma wordt elke maandagmiddag ergens in het land opgenomen en op woensdag om 16.30 uur uitgezonden.

In het kader van het “Internationaal Jaar van de Vrijwilligers” stonden de opnamen in het teken van de vrijwilliger in kerk en samenleving. De KRO wil hiermee, aansluitend aan het multimediale project ‘Graag gedaan’ het publiek overtuigen van de zin en noodzaak van vrijwilligerswerk voor een prettigere samenleving. Presentator Wilfred Kemp sprak vanuit ‘het Hemelke’ met de bisschop van Roermond, mgr. Frans Wiertz over de betekenis van de kerk als vrijwilligersorganisatie. 

Het programma werd op woensdag 12 december uitgezonden.
W. Ramakers

De Sjakel
November 2001

Geulle in vroeger tijden.
38. Het leenstelsel.

In de vorige aflevering stond onder meer wie hier vroeger pandheer was en dat Geulle tot heerlijkheid werd verheven. Maar wat betekent het tot heerlijkheid verheffen en het in pand geven eigenlijk? Dat probeer ik hierna uit te leggen. 

De basis voor het pand- en leenstelsel ontstond rond het jaar 500. Toen heersten de Merovingers hier over een zeer uitgestrekt rijk. Een van hen was koning Clovis. Hij deelde zijn rijk in gouwen of graafschappen in. Over iedere gouw stelde hij een graaf als beheerder aan. Voor zijn diensten aan de koning – zoals het bestuur van de gouw, belastingambtenaar, voorzitter van de rechtbank en aanvoerder van het gouwlegertje – kreeg de graaf geen salaris maar wel een stuk grond in eigendom en later ook bepaalde voorrechten. Dus de koning was de leenheer die zijn graven of leenmannen grond en zekere rechten gaf.  

Tijdens de invallen van de Noormannen kreeg de bevolking van een bedreigd gebied geen bescherming van de koning, want die kwam met zijn leger te laat omdat hij zo ver weg woonde. Wel werden ze door de gouwgraaf met zijn legertje verdedigd. Daardoor gingen zij langzamerhand de graaf als de ware vorst zien. In plaats van koninklijke ambtenaren gingen de gouwgraven steeds meer als vrije vorsten optreden. De graven gingen hun zonen ook tot erfgenamen benoemen.

Vooral in onze gewesten deden de graven wat ze wilden. Als een graaf machtig was gaf hij soms stukken land aan zijn vazallen als dank voor bewezen diensten.  

De vazallen werden zo achterleenmannen. Hierdoor ontstonden in onze Maasstreek een heleboel zelfstandige staatjes. Deze staatkundige versnippering duurde tot de komst van de Fransen onder Napoleon in 1795.

Voor die tijd waren er vaak onderlinge twisten over landbezit tussen de leenheer en de graven of leenmannen. Of tussen een graaf en zijn achterleenman. 
Dit verklaart ook een latere verfijning van het leenstelsel.Vaak was een (achter) leenman bang voor een sterke buurman. Dan deed hij afstand van zijn erfgoed en gaf dit aan een machtige heer. In onze regio was dat de heer van Valkenburg. Tegen een vergoeding welke vaak bestond uit het leveren van soldaten kreeg hij zijn erfgoed in leen terug. De machtige leenheer beloofde zijn leenman en zijn erven te beschermen evenals hun (leen) eigendom.

Als het leengoed door erfopvolging of verkoop op een ander overging werd de leeneed formeel vernieuwd. Voor Geulle geschiedde dat voor de leenhof in Valkenburg. 
Ons dorp werd in 1554 tot heerlijkheid verheven omdat de Spaanse keizer Karel de 5e geld nodig had omdat hij vaker oorlog voerde. In zijn hoedanigheid van heer van Valkenburg verkocht of verpandde hij zijn heerlijke rechten over ons dorp. De koper werd zo pandheer van Geulle. Hij kreeg daardoor vele privil�ges zoals bijv. het instellen van een schepen- of rechtbank. Ook mocht de pandheer schout en schepenen benoemen. Maar als pandheer van Geulle bleef hij onder toezicht staan van de leenhof van Valkenburg.
Archie Varis.

Waerprofeete.

Bie al �t nuuts dat eedere daag euver os weurt oetgestruit haet �t waerberich �n grwoite belangst�lling. Ei oetgebreid n�t van waerstations euverspant waerelddeile en oceaane. Ingewikkelde apperetuur sjrief daag en nach zwoiv��l m�gelik gegaeves euver temperetuur, weind, lochdr�k, naatigheid en hi�l slum k�mpjoeters en waerkundige beraekene oet al dees gegaeves de waersverwachtinge veur de koomende daag. D�k h�bbe ze geliek m�h d�k zitte ze de naeve. M�h wat deege de luu vreuger wie De Bilt nog neet best�ng, gein gez�t gelaeze woor en ouch geine radioo waor?

In eeder d�rrep haste doe ouch waer veurspellers die oet jaorelange ervaring aan bepaolde versjiensele oet de netuur ein waerveurspelling kosjte opmaake m�t ein nauwkeurigheid die de luu van “De Bilt” en “Vleegveld Baek” sjloes k�nne maake.

Dees luu keeke nao de zon, de maon, de sterre, de wolke, den dauw op �t graas, de aomzeike, de bieje, de m�gke, de vleege, de slekke, de kwakkerte, de v�sj, swerbelkes, de pauhaane en l�tte opte keu, de katte, de hun en veulde hunne r�k en aeksterouge, keeke nao de k�nger en de peeringe.

De luu k�sjte hun verantwoordelikheid want de baezigheede op �t boerebedrief waore errig van �t waer afhankelik De k�sj neet huije esset raengende en den ous ging rotte estae neet op tied aafgedaon en ingehaold k�sj waere. 

D�k h�b ich wju�rre z�gke “Wach nog � paar daag want dan verangert �t leech (van de maon).

Este z�n `s m�rreges vuurrwoid opkaom m�t donker gestreepde wolke in de sjwoinste kleure, dan wis eederei tatter raenge kaom en esse `s aoves bloodzwart ongerging dan woor �t zeker sjwoin waer.

Este keu beg�sjte m�tte start in de loch door de wei te draave, te bieze, dan kaom zeker �n onwaer. Este swerbelkes li�g beg�sjte te vleege, de spinne wegkroope, de peeringe huipkes maakde, de aomzeike neet oetkaome, de dikke vleege zich r�stig heele in de k��ke, de kwakkerte �nger water bleeve, aenge en gauwze �nr�stig waore, dan waor raenge opkoms.

Ouch ester eine rink um de zon waor of dikke sj��pkes wolke in de loch waore, k�sj raenge volge. Este sterre aan de hemel f�nkelde , dan woor �t good waer.

Waore aomzeike in de zomer erreg aktief en bleeve de spinne r�stig doorspinne en waor `s m�rreg�s �t graas naat van den dauw dan woor �t �nne sjwoinen daag.

Bie grwoite hoeshauwes k�sjte ouch aan de k�nger zeen ester verangering of onwaer opk�ms waor. Ze waore dan �nr�stig en maakde v��l mi� ruuzing es normaal. Dan hauw ouch de sjwoilmeister meuijte um de k�nger r�stig te hauwe.

Vreuger woore ouch bloodzoekers gebruuk. Die woore in ei glaas water gezat. Zoekde hae zich aan �t glaas vas baove �t wateroppervlak dan bleef �t good waer. Waorer �nr�stig en sloog hae v��l m�t ziene start dan kaom st�rrem en laog hae r�stig opte baom dan kaom lang sleg waer.

En dan de wolke. Die hauwe hun eige taal. De luu spraoke euver d�nderk�p, zomerwolke, weindvaane, gerdiene. Mis of damp woor oetgeroope tot mooder van alle waer. Dan k�sjte alle kante op. Zellefs de heilige woore neet m�t r�s gelaote. Veer k�nne noe nog de iesheilige in Mei. Sint Margriet en Slevrouweziep heel me in de gaate. Esset dan raengende, raengende �t zeve waeke. Me keek ouch nao de weindrichting m�t Paosje en P�nkstere. De daag nao Kaesm�s waore de loerdaag. Dan leet eederen daag zin wat veur waer �t woor in de kommende maonde. M�n wis ouch dat me in de h�ndsdaag in juli en augustus de boter haos neet bie-ei te kriege waor, umdat �t dan d�k heit en onwaer-echtig waor. De luu hauwe gein dikke beuk gelaeze, hwu�gstes den Auwe Enkhuizer Almenak. De luu st�nge in daen tied kort bie de netuur en vertrouwde op eige waarnumming en inzich. En der waore auw luu die �t nog baeter deege es Armand Pien van de belsje t.v. en dae deeg �t neet sleg.  
MAR/B.

Brieve van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

Dag mensen van Geul en verre omstreken, hier weer een brief van jullie Pieke junior. Der had zich nog ene gemeld uit Ierland en die vond mijn brieve aan jullie zo leuk, want dan bleef hij tenminste op de hoogte van wat er in het dorp gebeurt, zegt hij. Kijk en dat vind ik nou jus fijn, om de mense wat te vertellen van Geul, maar ze vinden het schijns niet allemaal even leuk, want de Noonk had met ene gepraat en die had gezeg dat mijn brieve maar allemaal wat bijeen gezeumerde dingen waren en dat dank je de kuikuik, had de Noonk tegen hem gezegd, want die jonge doet dat debij, die heeft niet de hele dag de tijd om zich wat uit zijn duime te zuigen en wat Pieke schrijf dat is tenminste niet gelogen en daar kunnen zelfs die van de gezet zich een punt aan zuigen, als ze tenminste niet bezig zijn met stukken uit ander gezette over te schrijve en dat kan kloppen, want de Noonk, die lees veel gezette of tenminste twee en die ziet in de ene gezet wat hij sanderendaags in de andere al lang gelezen heeft of twee keer in ��n gezet het zelfde, en toch moet hij de volle petaai de voor betalen, zeg hij, en zo zie je maar weer, ook als je al lang in Geul woont hoef je nog niet te weten wie het hier allemaal gaat, maar als je de Sjakel goed lees, zeg de Noonk, dan weet je meer van Geul dan met die gezette van Heelder en Maastrich bijeen. En ik moet jullie nog vertellen dat die van het tweede en het derde van de Geulsche Boys ook nog nieuwe tasse en hemmes gekregen hebben van die van het Heemelke en van Koen Vissers en van die tuinder met die moeilijke naam, de Ginko en nou gaat het weer veel beter, want deze week hebben die van het eerste weer flink gewonnen. En nou gaat niet alleen de pos toe, maar Wielie van Piels houdt ook op met de melk uitventen en met zijn winkel en dat is niet leuk, zegt onze Merie want Wielie die zei altijd zo fijn de goeie dag en bedank en zo als hij aan de deur kwam en wij zullen hem nog gaan missen. En der is wel weer een nieuw kapper in Geul en dat is goed voor de Noonk, want dan kan hij zich de nek weer eens goed laten uitscheren, want daar had hij flink pijn in en ook in zijn kop, van wie hij naar de opening van het Kultureel Centrum van Geul was gewees, maar hij zei dat dat kwam omdat hij zich de nek had verrek, toen hij de borden had willen lezen van wat daar allemaal te doen was en die hingen zo hoog in de straatlampen, dat hij het bekans niet kon lezen, zei hij, maar hij zal zich wel een duchtige op de lamp geschut hebben, zeg Harie van onze Merie. En die van de fanfaar, die zouden op concour gaan, maar die zijn niet gewees, schijns, maar daar heb ik wijer niks van gehoort en de Noonk ook niet en dus kan ik daar ook niet over schrijven, want ik ben niet van de gezet, h�.

En de boere zijn ook weer flink aan het knuddelen, overal ligt de pratsj duime dik op de weg en het schijnt dat die van de gemeente die boere nou met Sinterklaas allemaal een schup en een beurstel willen geven en dan kunnen ze de weg zelvers zuiver maken en dan hoeven de lui van Geul zich niet iedere week twee keer de auto te poetsen. En der was ter ene in Geul, die had met zijn auto vijf keer zoveel gelaaie alstat hij mocht en dat was semmelijk misgegaan, want hij had bij Sjan van de Raaf hare kaffee de bocht niet gehaald en daar is gaaruit geen echte bocht en hij was daar tegen een paal geklats en dat schijnt zo hard aangekomen te zijn, dat Sjan zich nou de gevel moet laten restaureren.

En de jach is ook geopend, want lets stonden er ineens een paar politieke bij de Noonk op het geleeg om hem te vragen of hij op de lijst voor de gemeenteraad wilde komen en de Noonk had die gevraag of hij dan ook stembier kreeg, maar die zeiden dat de Noonk sjus stembier moes geven, en dat had de Noonk nog wel willen doen voor de goei zaak, maar toen ze zeiden dat ze die van St�bbes en Teigededroad ook voor de lijst gingen vragen, toen was het boek snel omgedragen en toen hebben ze nog even geprobeerd om Harie van onze Merie te strikken, maar Merie zei dat ze hem wel eens wat anders zou zeggen en toen moest de Noonk lachen en die zei tegen Harie dat hij ook erregens had moeten gaan vrijen waar ze mager vrouluu hadden en dikke koeien in plaats van andersom en toen smeet Merie de Noonk met een schotelsplak na en toen heeft hij zich maar even verstoken in het sjop bij de verrekesketel, tot de lucht weer klaar was en hoe dat nou weer verder moet, horen jullie in mijn volgende brief, met de groeten van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.


Al 60 jaar een paar

Afgelopen 15 november was het 60 jaar geleden dat het huwelijksbootje van Til Pallada en Harie van Pierre van Clement (Vossen) het ruime sop koos.

Ondanks dat beiden rasechte Geullenaren zijn werden zij beiden niet in Geulle geboren. Harie zag zijn eerste levenslicht op 27-12-1914 in Maastricht in de Stokstraat. Til werd geboren op 4-11-1914 in Vallekeberg in de buurt van de oude cinema. Zowel de vader van Harie als de moeder van Til (Lemmens) werden geboren in Geulle. In 1917 is het gezin Vossen (vader, moeder en vier kinderen) in Geulle komen wonen. Vader Vossen was slager en oefende dit beroep uit in de schuur op Lombok. Harie is in het begin ook slager geweest. Later is Harie met veel plezier gaan werken in de haven in de Boschstraat in Maastricht. Echter door de omstandigheden (oorlog en grote werkeloosheid) is hij in 1941 gaan werken op de Maurits. Hier heeft Harie gewerkt tot zijn pensioen in 1966. De mijn heeft ook bij Harie zijn tol geeist en slechte longen (stup) zijn nu zijn deel.

Vader Pallada (moeder was overleden toen Til vijf maanden oud was) kwam weer in Geulle wonen in 1922 met zijn kroos. Zijn kroos bestond uit zes kinderen eerlijk verdeeld over drie jongens en drie meisjes. Zij gingen wonen in het pand van Beth (moeder van Sjangke) in de Gank aan de Maas. Dit huis was ook weer het oudershuis van de vader van Harie. Vader Pallada, die bakker was, begon hier een bakkerij en een koloniaal winkeltje. Deze bakkerij werd later overgenomen door zijn drie zonen Sjeng, Wim en Nol. Werken in de winkel en later in de bakkerij was de taak van Til.

In 1935 had het flink gevroren en lag op de kasteelswieerd ijs. Onder het schaatsen hebben Harie en Til sjpas aan elkaar gekregen en dit werd zes jaar later bezegeld met een huwelijk. Zeven kinderen mocht het gezin Vossen – Pallada begroeten. Verdeeld over drie jongens en vier meisjes. Helaas zijn reeds twee zonen gestorven, Piet in 1969 en Jean pas geleden. Het gezin Vossen is na het huwelijk eerst zeven jaar gaan inwonen bij familie Pinxt in de Hulserstraat, hier zijn de eerste drie kinderen geboren, daarna zijn ze op Oostbroek gaan wonen en tenslotte op de hoek van de Graaf Wolter Hoenstraat en de Essendijk.

Het bezig zijn met de honden was de grootste hobby van Harie. Dat ze goed verzorgd werden blijkt wel dat beide honden die ze gehad hebben vijftien jaar oud zijn geworden. 

Borduren en op stap gaan met zowel de vrouwenbond als de bejaardenvereniging waren de hobby’s van Til.

Nu genieten ze samen met hun kinderen, hun tien kleinkinderen en hun drie achterklein-kinderen van hun oude dag.

De leden en het bestuur van de Heemkunde-vereniging wensen jullie en jullie familie nog vele fijne jaren toe. Proficiat met het behalen van deze mijlpaal.
M. Wouters

Politie varia

Op dinsdag 2 oktober waren er problemen in de Gank in verband met het niet doorkomen met landbouwtrekkers omdat er een auto geparkeerd stond. Hierbij werden wat bedreigingen geuit aan het adres van de eigenaar van de auto.In de nacht van maandag 8 op dinsdag 9 oktober werd een aanhangwagen ontvreemd vanaf de Andreas Sauerlaan. Op vrijdag 12 oktober omstreeks 16.15 uur werd voor de ogen van de eigenaar een witte personenauto ontvreemd op Broekhoven.Op zondag 14 oktober werd op de Hulserstraat een persoon aangehouden in zijn personenauto, waarmee hij net van tevoren in Geleen een aanrijding met doorrijding had gepleegd. De eigenaar bleek niet verzekerd te zijn. Op dinsdag 16 oktober werd ontdekt, dat er bloempotten waren ontvreemd uit een opslagruimte.Op donderdag 18 oktober vond er een aanrijding plaats op de Brugweg nabij de brug over het kanaal. De bestuurster van een personenauto reed tegen het hekwerk naast de brug. De bestuurster was geschrokken van een wesp in haar auto.Op zondag 28 oktober gebeurde er een aanrijding op de Hulserstraat waarbij de bestuurder van een personenauto tegen een geparkeerde auto, een lantaarnpaal en een tuinhek aanreed. Bestuurder was onder invloed.
Gevonden : n.v.t.
Verloren : n.v.t.
Brig. Giesen

Juffrouw Iris met pensioen

Na 42 jaar is Juffrouw Iris (Zinsen-Cuipers) van de Heerenstraat met vervroegd pensioen gegaan. Op vrijdag 12 oktober l.l. nam zij met een heel druk bezochte, zeer geanimeerde receptie in het Gemeenschapshuis “De Kollekamp” afscheid van het schoolgebeuren in Waalsen, waaraan zij zo vele jaren mede vorm had gegeven.

Na haar afstuderen als kleuterleidster in 1959 werd zij benoemd tot hoofdleidster aan de toen door het kerkbestuur van Waalsen pas opgerichte kleuterschool.  

Bij de invoering van de basisschool in 1985 werd Juffrouw Iris adjuncthoofd.
Voor alles wat zij voor de jeugd van Waalsen heeft gedaan past een woord van dank. De redactie hoopt dat Juffrouw Iris nog vele jaren mag genieten van haar welverdiend pensioen, samen met haar man, Hein.
Red.

Opening nieuw cultureel centrum

Op zondag 14 oktober l.l. vond in de geheel verbouwde harmoniezaal de officiele opening plaats van het “Cultureel Centrum De Harmoniezaal”.

De opening werd tegen 13.45 uur die dag verricht door burgemeester drs. G. Kockelkorn van Meerssen, waarna aansluitend de inzegening van het gebouw plaatsvond door pastoor G. Dohmen van Geulle en Bunde.

De feestelijkheden werden opgeluisterd door de Harmonie St. Caecilia, de Balletgroep van A. Claus, door de drumband en het leerling orkest van de harmonie en door het G��ls Mannenkoor.

De Redactie feliciteert de leiding van het nieuwe culturele centrum met de geleverde prestatie en wenst haar veel succes toe voor de toekomst.
Red.

Met de heemkundevereniging op bezoek bij onze voorvaderen.

Zaterdag 8 december aanstaande gaan we een bezoek brengen aan kasteel Hoensbroek.
Het kasteel van de familie Hoensbroeck die ook ons kasteel bewoond hebben. Deze bezichtiging gebeurt onder begeleiding van een gids en duurt 1 uur. We verzamelen ons om 13.45 uur op het Marktplein en vertrekken dan met auto’s naar Hoensbroek.

Heeft U interesse geef U dan zo vlug mogelijk op bij Truia Huntjens (043-364 9582). Er kunnen maximaal 20 personen mee en vol is vol, dus wees er snel bij. Voor leden is het uitstapje gratis, voor niet leden tellen wij fl.10,- p.p.

Wilt u bij aanmelding doorgeven of u wilt rijden of gereden wilt worden?
Het bestuur

Geulle 50 jaar geleden�
November 1951

In Geulle branden op 10 november een aantal Sint Maartensvuren. Vanaf de Snijdersberg kan men dit goed waarnemen. De maaslengers concurreren met die van Uikhoven wie het grootste vuur heeft. Dagenlang heeft de jeugd door Geulle gesjouwd om brandbaar materiaal op te halen en dat op te stapelen om zodoende op de avond van 10 november, de avond voor St.Martinus, een groot vuur te kunnen stoken. We constateren echter dat steeds minder jeugd te porren is voor het ophalen van brandbaar materiaal. Ook zien we dat meer ouderen zich ermee gaan bemoeien. Jammer genoeg verdwijnt de spontaniteit en wordt het steeds meer een georganiseerde activiteit. Laten we in godsnaam deze traditie niet over-organiseren.Onze zuster wijkverpleegster verplaatst zich nog altijd met de fiets door geheel Geulle. Nu is er een initiatief ontwikkeld om voor de zuster een bromfiets aan te schaffen. Daarvoor wordt door het “Groene Kruis” een enveloppenactie gehouden. Ieder huisgezin ontvangt met het nummer van de “Sjakel”een enveloppe. Hierin kunt u uw bijdrage doen. Deze enveloppe wordt op zondag 25 november door bestuursleden van het “Groene Kruis” opgehaald. Het bestuur hoopt natuurlijk dat deze goed gevuld zal zijn zodat de zuster haar bromfiets krijgt.In Geulle zijn wilde zwijnen gesignaleerd. De jagers E.Penders, L.Thijssen, M.Waelen en Caenen uit Meerssen gingen erop uit. Na heel wat omzwervingen en inspanning gelukt het de heer Penders (G�ne van Gusjke) in de Breuk een zwijn van 60 kg met een welgemikt schot neer te leggen. Vol ijver ging men verder totdat een bericht aan de jagers werd doorgegeven dat zich in de smidse van de heer Kerckhoffs een tweede exemplaar bevond. Het dier had zich verscholen onder het smidsvuur en wachtte daar gelaten op het moment dat de heer L.Thijssen (Lewie van de b�rger) een einde aan zijn leven maakte.Hein Peters.

2e Lustrum G��ls Mannenkoor

Het G��ls Mannenkoor viert op 1 en 2 juni 2002 haar tienjarig bestaan. Zij wil ter gelegenheid hiervan een aktiviteit organiseren waar alle Geulse verenigingen aan mee zouden moeten doen.

Deze aktiviteit bestaat uit het verzamelen van gegevens van aktiviteiten die de Geulse verenigingen in het seizoen juni 2001 – juni 2002 organiseren. Dit kunnen o.a. wekelijkse aktiviteiten zijn, maar ook speciale aktiviteiten zoals kerst-en paasaktiviteiten of verslagen van vergaderingen. Ook week- maand- of jaaruitgaven van verenigings-blaadjes, programmaboekjes van aktiviteiten of foto`s van uw vereniging zijn hiervoor geschikt.

Al deze gegevens worden verzameld in samenwerking met de Heemkundevereniging G��l en gearchiveerd. De gegevens worden dan op 2 juni 2002 begraven op een nog nader te bepalen plaats in het bijzijn van de Geulse verenigingen. Tevens worden deze gegevens opgeslagen in het gemeentearchief.

De bedoeling is om deze gegevens na 100 jaar op te graven en wel in het jaar 2102.
Zo kan de generatie van die tijd zien wat er honderd jaar geleden in Geulle aan aktiviteiten ontplooid werden.

In april hebben alle verenigingen een schrijven gekregen om te reageren op dit initiatief. Er zijn 52 verenigingen aangeschreven waarvan er 35 gereageerd hebben. We hopen dat dit herinnerings-schrijven de verenigingen die nog niet gereageerd hebben aanspoort om mee te doen en hun verenigingsgevevens in te leveren bij:
Henk Halmans, Nachtegaalstraat 17 of bij
Hein Peters, Heirweg 8.


Agenda Heemkundevereniging G��l.

Weer een boel te melden, deze keer.
8 december 2001: Excursie naar Kasteel Hoensbroek (zie artikel).12 december 2001: Werkavond in de Gruffeldwois (19.30 -21.30 uur).19 december 2001: Werkmiddag in de Gruffeldwois (14.00 – 17.00 uur).20 december 2001: Bijeenkomst sectie Dialect in de Gruffeldwois (19.30 – 21.30 uur).26 januari 2001: Excursie naar de water-molen van Kasteel Elsloo met maal-demonstratie (nadere informatie volgt in De Sjakel van december)!
De sectie genealogie zal in het eerste kwartaal van 2002 weer bij elkaar komen. Nadere informatie over datum en tijd in een volgende editie van De Sjakel !

Voor het project “Wortels in en uit het verleden”, u weet wel, het bewerken en toegankelijk maken van de archieven van de gemeente Geulle vanaf ca. 1815, hebben zich inmiddels drie belangstellenden aangemeld, zodat er nu echt vaart in komt. We kunnen natuurlijk altijd nog hulp gebruiken, dus, niet aarzelen en …. bellen. Voor inlichtingen kunt u contact opnemen met de secretaris, mevrouw T. Huntjens-Bollen, 043-3649582.

Andere bezigheden: we gaan in overleg met het Kerkbestuur van de St. Martinusparochie om te bezien welke (heemkundig) interessante gegevens zich nog in de archieven van de parochie bevinden. Van twee auteurs, die wijd en zijd bekend staan om hun kwalitatief hoogstaande publicaties op archeologisch respectievelijk genealogisch/historisch gebied hebben wij de toezegging gekregen, dat publicaties van hun hand in De Sjakel opgenomen mogen worden. Wij zijn daar heel blij mee. U leest later meer !! 
(LvK).

Aanpassing abbonnementen aan de Euro

Vanaf 1 januari 2002 wordt de Euro het wettige betaalmiddel. De abonnementen van de Heemkundevereniging zullen vanaf 1 januari hieraan worden aangepast.

In verband met de verhoging van de portokosten het afgelopen jaar, zal het abonnement voor post-abonnee’s van De Sjakel stijgen naar � 18.

Alle overige tarieven blijven gelijk. Voor alle andere abonnee’s van de Sjakel zal de prijs � 8,17 bedragen en het lidmaatschap van de Heemkundevereniging zal in 2002 � 6,81 bedragen.

Indien u vragen heeft over de tarieven in 2002, kunt u contact opnemen met de penningmeester, de heer Pluis. Telefoon: 046 – 4755178, adres: Napoleonsbaan 23, 6163 VK Geleen.


Een leuk cadeau voor de feestdagen

Bent u nog op zoek naar een leuk cadeau voor de feestdagen? De Heemkundevereniging G��l heeft voor u het perfecte geschenk: Een boek over Geulle.

De volgende boeken zijn nog verkrijgbaar:
Geulle en de knaal (fotoboek), prijs fl.10,- (�4.55)Geulle, dorp aan de Maas, prijs fl.30,- (�13,64)Geulle in een nacht van jaren, prijs fl.35,- (�15,90)Met naam en toenaam, prijs fl.35,- (�15,90)He(e)melsbreed, prijs fl.25,- (�11,36)
U kunt deze boeken bestellen bij het secretariaat van de Heemkundevereniging, Mevr Huntjens. Adres: Past. Smeetsstraat 10, 6243 CS Geulle. Telefoon: 043 – 3649582.


Nieuwjaarswensen in de Sjakel

Wilt u uw klanten, vrienden, familie of bekenden op een leuke manier uw kerst- en nieuwjaarswensen overbrengen? Geef uw wens dan voor 10 december door aan de redactie van de Sjakel of aan het secretariaat van de Heemkundevereniging.
De kosten hiervan bedragen slechts fl. 10,- (�4.55).


Stilstand is achteruitgang.

Al jaren lang is het aantal abonnees van De Sjakel redelijk constant, zo’n 700 – nu eens eentje minder, dan weer eentje meer – in Geulle en verre omstreken, ja zelfs, zoals velen van u weten, overzee. 

Veel Geullenaren, die buitendorps gaan wonen, nemen hun abonnement mee. Dat pleit voor de kwaliteit van het gebodene, zeggen wij dan maar. Ook het ledenaantal van de Heemkundevereniging is zeer constant te noemen. En hoe zit het dan met onze nieuwe inwoners, toch groot in getale? 

Om hen te helpen bij het leren kennen van hun woonplaats, willen wij nieuwe inwoners een proefexemplaar van De Sjakel aanbieden. Kent u iemand, die nog niet zolang in het dorp woont en die wellicht belangstelling heeft voor heemkunde of De Sjakel, geef een seintje aan de secretaris, mevrouw T. Huntjens-Bollen (043-3649582) en wij zorgen voor de rest.
(LvK).

Voorverkoop ‘Bonte aovend 2002’ gestart.

Maandag 12 november is de voorverkoop gestart van de bonte avond 2002. Deze voorverkoop vindt plaats in de Friture `t Trefpunt bij Jolanda en Marcel en kost f 11.- per kaart.

Er zijn zit- en staanplaatsen, maar de zitplaatsen zijn genummerd en beperkt, dus op = op. Dus mensen ga naar `t Trefpunt en koop een kaart. Medewerking deze avond komt van alle Geulse artiesten en Fietsefreem.

Beleefd uitnodigend, VV De Bokkerieers.


Wortels in en uit het verleden V.

Ook zo’n moeite met allerlei regels over waar wel en waar niet gerookt mag worden? 
Ook dit lijkt iets van alle tijden, als speelde destijds minder het gezondheidscriterium als wel de brandveiligheid, want bij onze naspeuringen in de archieven ven Geulle lezen wij op bladzijde 56 (HVG 8/1659) van inventarisnummer 8 van het Gemeente-archief van Geulle in een verordening van 25 juli 1823, die gericht is op het voorkomen van brand, het volgende:
“Niemand zal vermogen binnen schuren, stallen of op binnenplaetsen tabak te rooken zonder dat desselfs pijp van een behoorlijk dopje voorzien is”. 

Bij overtreding wordt er duchtig gestraft, “voor de eerste reis met eene boete van seven guldens en welke bij verdere overtreding tot dertig guldens zal kunnen worden verhoogd”. Volgt er bovendien schade uit de overtreding, dan moet die vergoed worden en kan voorts naar gelang van de omstandigheden een gevangenisstraf volgen.
(LvK).

Prinsuitroeping 11-11-2001.

‘s Morgens om 8.00 uur begon voor ons deze vermoeiende maar wel mooie dag. Het weer was droog dus de eerste indruk was goed het kon beginnen. Samen met voorzitter Mark togen we naar Maastricht om onze vrachtauto’s op te halen bij onze bedrijven, want die hadden we weer nodig. Terug in Geulle stond de rest van het comit� klaar om ons te helpen en om klokslag 9 uur was alles klaar.

Snel naar huis, douchen en op naar de kerk aan de Maas waar om tien uur de H.Mis begon, waarmee ieder jaar het carnavalsseizoen wordt geopend.

Na de mis togen we samen met het bestuur en onze wederhelften en kinderen naar restaurant “‘t Hepke” waar we al zeven jaar gastvrij worden ontvangen om samen een hapje te eten en in intieme sfeer afscheid te nemen van onze “oude prins Peter II en prinses Anita”.

Na een schitterend en aangrijpend dankwoord van hen werden Peter en Anita door opperbok Ed Philippens namens de jongens van de raad van elf bedankt voor het schitterend jaar. Ook onze dames deden een duit in het zakje en Mirjam van Cor spraak namens hen enkele mooie woorden en bood hun een “vriendenkring” aan.

Er werd goed gegeten en we konden dus de weg naar het Marktplein aanvaarden: Zaate hermenie “Loat m�r gaon” voorop en wij op gepaste afstand erachteraan.

Het Marktplein was flink volgelopen met dorpsgenoten en ieder jaar doet het ons goed om dit te zien. Daar doe je het toch voor.

De zaate hermenie bracht iedereen in stemming en opperbok Ed neemt de microfoon en heet iedereen welkom.

Prins Peter II en prinses Anita worden van hun waardigheden ontdaan, geholpen door Marie-Ther�se Crombag en Agnes Jonkhout.

Na dit aangrijpende schouwspel en een dankwoord door Peter, werd het tijd voor een nieuwe prins.

Na een telefoontje kwam postman James Hanssen een groot postpakket brengen dat aan de raad van elf werd aangeboden.

De Opperbok kreeg een klein pakketje met de elf punten. Beginnend bij punt 11 en eindigend bij punt 1 werd telkens een tipje van de sluier opgelicht. Bij punt 1 aangekomen sprongen Prins Piet I en Prinses Tiny uit het postpakket en werden onder luid applaus begroet. Geulle lag al aan hun voeten!

Ook Paul Lemmens en z`n Kluiverkes straalden op de Markt, want zij hadden Geulle getrakteerd op hun nieuwe carnavalsslager die insloeg als een bom. Geulle gaat dit jaar ‘es eine cowboy’

Na het trekken van de loterij, waarbij de hoofdprijs al op de Markt viel, ging iedereen tevreden naar huis. Alleen de vasteloaves-vereniging nog niet, want er werden tot in de kleine uurtjes nog enkele horecagelegenheden in Geulle bezocht.

Afgesloten werd bij Piet en Tiny thuis en ver na middernacht zocht iedereen met een Bokkerieershart moe maar uiterst voldaan zijn bed op. Een schitterende dag die Geulle nog lang zal bijblijven.
eine carnavalsgek

De Sjakel
Oktober 2001

Geulle in vroeger tijden.
37. Heren van Geulle

Dit keer wil ik iets vertellen over de heren van Geulle, of beter gezegd wie in ons dorp achtereenvolgens de macht in bezit hadden.

Tot omstreeks het jaar 450 hadden de Romeinen het hier voor het zeggen. Daarna kwamen de Franken aan de macht. Denk hierbij bijvoorbeeld aan Karel de Grote. In die tijd was Geulle zeer waarschijnlijk keizerlijk eigendom. 

De zoon en opvolger van Karel de Grote was Lodewijk de Vrome. Deze heeft Geulle geschonken aan de abdij van Cornelim�nster; deze lag net ten zuidoosten van Aken. Deze schenking gebeurde in of omstreeks het jaar 840 toen Lodewijk deze abdij stichtte. Tot 1298 bleven de abten de bezitters van ons dorp. Want uit een akte die in het stadsarchief van Keulen bewaard wordt valt af te leiden dat ene Walram de Rosse van Valkenburg en Montjoie (=Monschau) op 25 juni 1298 Geulle-Uikhoven kocht van abt Reinhard. Hierbij moet men weten dat ons dorp en Uikhoven in die tijd slechts door het riviertje de Geul van elkaar gescheiden waren, want de Maas stroomde toen nog vlak langs het kasteel van Rekem.

De abten van Cornelim�nster bleven na 1298 wel het patronaatsrecht houden waardoor zij de pastoors en andere kerkelijke ambtenaren mochten blijven benoemen. Dit duurde tot 1420 toen de hertogen van Brabant die ook heren van Valkenburg waren dit recht toegewezen kregen. 

Nadat Geulle aan de heren van Valkenburg was verkocht is het vaker verpand geworden. In 1377 was ene Reinier van Berge – Trips pandheer van ons dorp. Nadien was Antonie van Brabant hier pandheer. Op 10 augustus 1413 stond deze Antonie Geulle af aan een andere Reinier van Berge voor de duur van diens leven. Deze Reinier stierf op 10 maart 1451 op kasteel Meerssenhoven. Daarna werd ons dorp een schepenbank van Valkenburg. 

In 1554 verhief keizer Karel de 5e, die onder andere ook hertog van Brabant en heer van Valkenburg was, Geulle tot heerlijkheid of groot leen van Valkenburg. Enige jaren later zat zijn zoon Philips de 2e om geld verlegen. Daarom liet hij ons dorp verpachten aan diegene die daar het meeste voor wilde bieden. Dat bleek Koenraad van Gaveren, de toenmalige heer van Elsloo te zijn. Hij bood op 20 juni 1560 als laatste bij het uitgaan van de brandende kaars. Zo kocht hij de heerlijkheid Geulle voor 6200 Carolus guldens. Ons dorp bleef tot 15 april 1594 in zijn familie. Toen schonk zijn zoon, ook Koenraad geheten, het aan een neef, Wolter Hoen van Hoensbroek. Een nakomeling van deze Wolter was Koenraad Ulrich. Deze kocht in 1644 de eigendomsrechten (onsterfelijk erfleen) van Geulle die tot dan in het bezit waren van de Spaanse koningen. De adellijke familie Hoen ging zich toen Hoen van Hoensbroek tot Geulle noemen. Ons dorp bleef tot de Fransen in 1794 hier kwamen in het bezit van de familie Hoen of van aangetrouwde familieleden. Over deze familie die onder andere het kasteel liet bouwen en de Sint Martinuskerk in de 17e eeuw liet renoveren wil ik een andere keer iets meer vertellen. 

In groter verband maakte Geulle o.a. tussen 1661 en 1794 deel van de .Rrepubliek der zeven verenigde Nederlanden. Van 1794 tot 1814 waren de Fransen ook hier aan de macht. Nadat Napoleon de veldslag van Waterloo had verloren werd Geulle een deel van het koninkrijk der Nederlanden, waar tot 1830 ook Belgi� en Luxemburg behoorden. Vanaf 1830 viel Geulle nog enkele jaren onder Belgisch bestuur.

Dit was in grote lijnen een overzicht van de machthebbers van Geulle door de eeuwen heen. Vaker is ons dorp in bezit geweest van een bezetter. De laatsten in deze rij waren de Duitsers van 1940-1944. Deze ‘heren’ bezetters heb ik in dit overzicht meestal buiten beschouwing gelaten. 
Archie Varis.

Brieve van Pieke junior uit de Piemelehoek.

Eigenlijk heb ik niet zoveel zin om jullie nou een brief te schrijven met dat gedoons wat er allemaal in de wereld los is en de Noonk ook niet, want die zit maar de hele tijd voor de televisie te kijken hoe het verder gaat en nou komp hem zijn engels van in den oorlog ook nog goed van pas, zeg hij, met CNN en BBC, maar voor de rest komp hij nog helemaal niet meer buiten en ook de moostem leidt eronder en hij drink zich alleen nog maar thuis een drupke.

Maar het leven gaat wijer en nou hebben die van de Boys nieuw tesse gekregen van die van Het Heemelke voor hun was en hun schoenen in te doen, want dan slingeren die niet zo door de kantien na de wedstrijd en het was schijns semmelijk wennen, want de eerste keer dat ze ze bij zich hadden kregen ze der vier in hun tes van die van Itterren en toen stonden ze schoon te kijken en der was ook nog een foto van ze in de Geulbode, maar je kent niemand terop, dan zijn de fotoos in de Sjakel toch een stuk beter, want daar ken je iedereen op, ook op oude fotoos van mensen die der al niet meer zijn en der was eene die had geen voetbalkleeren en geen tes want die stond met de hande in zijn tesse en als je in diens bent gewees, zeg de Noonk, weet je wat daarvan kan komen, maar nu zijn de tesse al ingelopen en nou hebben ze van die van Meersse-west gewonnen met 5 tegen nul en misschien worden ze wel kampioen en dan komt toch nog alles wel goed, hoop ik.

En met die banken is mij ook get, want de Noonk, die heef veel cente, zeg Harie van onze Merie tenminste en die gaat dus eene keer in de maand erges naar een bank wijt weg en toen was der iemand, die had zeker niks festoenslijks te doen en die moes de mensen vragen wat of ze kwamen doen, cente hale of cente brengen en de Noonk kwam natuurlijk cente brengen en wie die dat zei tegen die man, dag de Noonk dat hij meteen een w�sj graffioate zou krijgen, want mensen die wat of geld komen brengen, hebben ze toch zeker geere bij de banken, maar die man vroeg de Noonk of dat nou wel nodig was en oftat dat niet anders kon en dat dat veels te duur was en toe heef de Noonk hem gezeg, maak mij de zeever niet louw, het zijn toch mijn cente en anders kom ik hier al gaar niet meer en dan vraag ik de AOW of hij mij de cente weer in een tuutje komp brengen, sjus wie vroeger. En as nou de post ook nog toe gaat, waar moet ik dan mijn postzegele hale, toch zeker niet bij de bank, kan ik ieder keer weer met de fiets rond kretsen om mijn brieven bij jullie te krijgen want ik ga toch niet naar Beek of Bung voor mij een postzegel te kopen, misschiens krijg ik wel ie-meel van die van de Sjakel, en ik vind het ook jammer voor die van Lewet, die hebben toch altijd heel hard gewerk voor de pos en daar kon ik iedere keer mijn spaarpot brengen maar dat blijf ik nou ook doen, want de bank blijf toch gewoon open. Posbank, gewoon gemakkelijk, aan mijn huila, zeg de Noonk, de pos zal eerder moeten opstaan om zich die van Geul te vangen.

En bij die van de gemeente rammelt het ook, want ze gaan het gemeentehuis meer cachot geven, door het te verven en ze weten nog niet welke kleur en ik denk dat ze het beste wit met zwarte strepen kunnen doen, dan kun je al van ver zien dat het een cachot is, maar der is een vethouder, die zeg dat het lichtgrijs moet worden omdat dernaast rode appartementen geschildert worden en die worden na de loop van de tijd grijs en daardoor kunnen de mensen de gemeente niet genoeg meer zien en wie het nou nog snap, mag Joost heten, want zo lijk het wel een toverbal, en die kosten weer centen en van wie, juist ja… 
Met de groeten van Pieke Junior en van de Noonk uit de Piemelehoek.


Wortels in en uit het verleden IV.

In onze vorige Wortels deden wij u verslag van de bevindingen van de gemeenteraad rond het smeekschrift van de erfgenamen van Pastoor P.R. Smeets. Op bladzijde 33 (HVG 8/1355) van inventarisnummer 8 van het Gemeente-archief van Geulle lezen we onder nummer 19 dat op “den vieftijden decembris achtien hondert en twintig s’naermiddags ten drie uuren zijn vergaedert den schout, scheepenen en gemeente raed in onze gewoone zittinge op het kasteel tot Geulle ten eijnde om over te gaen tot een tweede deliberatie noopens het rekwest opgedraegen door de erfgenaeme van den afgestorven Pastoor Smeets ener (?) en achtervolgens eenen brief van den Heer Commissaris van het arrondissement van Maestricht onder no 274 Reg. 4.”

De gemeenteraad overweegt het volgende:
“Aangezien in voormeld rekwest aangehaelt word dat den overleedenen zoude ontfangen hebben op het jaar 1797 tot 1804 180 guldens, en dat zeedert dien tijdstip de gemeente zoude opgehouden hebben met de betaelinge alhoewel hij niet zoude opgehouden hebben van te volbrengen stiptelijk zijne pligte.

Hierover delibererende hebben wij goedgevonden en van onze geheiligste pligt gehad van op te geeven aan de hoog eedele en achtbare Heeren Staaten deezer provincie deeze naervolgende beweegreedens, te weeten in voormeld rekwest word vermelt dat zeedert het jaar 1797 de gemeente geene betaelinge gedaen heeft, hetwelk nogtans geschied is op zijne achterstelligheid van dien tijdstip te weeten in het jaar 1807, 1812, 1813, 1814, 1815, 1816 en 1817 in het geheel hem uuijtgereijkt is geworden de somma van 633.15.

Pipers, lidmaat deezer raed heeft zelfs eenen ommegang gedaen gelijk hij op heeden verklaert en dat hij vergeselt met den ouden Dekkers (men vermeijnt in het jaar 1809) overgetelt heeft honderd fransche kronen of te 490 guldens, dus de somma gevraegt door de rekwestraten bedraegende 1107 – 4 – 0 door de somma der betaelinge meer zouden genooten hebben als hem zoude toekomen 16 – 11 – 0. 

Kragtens dit voorwerp vermeijnen wij volbragt te hebben ende gekweeten te hebben onze verplichtinge.

Te Geulle den dag, jaer en maend als boven en hebben alle geteekent naar voorlezinge van dit tegenwoordig.

(w.g.) J. Moebers, P. Jansen, L. Poulisen, H. Alberigs, L. Pijpers, L. Vossen, M. Dehoen, Lebens, secretaris.”

De raad heeft dus een collecte gehouden onder de burgers van gemeente en de Pastoor nog meer geld gegeven, dan waarop hij recht zou hebben gehad en wel 16 gulden, 11 stuivers, 0 cent. Waarom dan eerder zo krampachtig geprobeerd de argumenten van de erfgenamen te ontkrachten ? Wat daarvan ook zij, hiermee was, althans voor het ogenblik, de aangelegenheid voor de schout, schepenen en gemeenteraad afgehandeld. En hoe zat het nou met Adam Ramakers, die nu blijkbaar de vergadering niet bijwoonde, maar die de vorige keer niet kon of mocht ondertekenen omdat hij erfgenaam was ? Daarover een volgende keer. 
(LvK)

Geulle 50 jaar geleden…
Oktober 1951

Brand in Moorveld. Op donderdagavond brak omstreeks half zeven brand uit in een schuur van de heer L.Custers, welke schuur gelegen was naast het woonhuis aldaar bewoond door zijn schoonzoon. Het vuur greep snel om zich heen en vond gretig voedsel in de hoeveelheid stro en hooi. De brand liet zich aanvankelijk ernstig aanzien doch na de komst van de brandweer, die met twee stralen het blussingswerk begon, kon een en ander beperkt blijven tot de schuur. Het woonhuis kon geheel gespaard worden.Uit de raadsvergadering: Als laatste agendapunt was aan de orde de verbetering van de Cruisboomstraat vanaf caf� “Lombok” tot aan de Kermisstraat. De gehele berg zal worden verhard met steenslag en aanvulling met paklaag, gewalst en later geasfalteerd. De talud van de berg zal nader worden afgegraven en een keermuur van gewapend beton worden aangebracht. Vanaf de woning “Beeldenhof” komt een riolering naar de Waalze en langs de gehele weg een goot. De kosten van de verbetering worden geraamd op fl. 16.000. Op advies van het Staatsbosbeheer zal het afgegraven terrein der voormalige kiezelgroeve worden aangeplant met lariksen met een tussenplanting van inlandse eik, els en haagbeuk.De heer Leo Tovenati is enkele maanden geleden naar Canada vertrokken (provincie Ontario). Binnenkort hoopt ook de heer Math Nijsten te emigreren naar Canada (provincie Alberta). De heer M. Nijsten zal op een landbouwbedrijf aldaar worden geplaatst. Zijn broer Alphons denkt hem binnen niet al te lange tijd te volgen. Zoals wellicht bekend is een andere zoon van het gezin Nijsten, Moorveld 16, in dit voorjaar als politieman naar Curacao vertrokken.Handbal: Onze Geulse Girls leverden een pracht prestatie in de eerste competitie-wedstrijd door Spaubeek in eigen home te kloppen. Tegen “Maurits” echter konden zij het niet bolwerken en verloren dan ook met royale cijfers.Hein Peters

In de Heer zijn overleden:

Op 14 augustus 2001 op 56-jarige leeftijd, Jo Ringens, echtgenoot van Enny Wouters van de Heerenstraat;Op 5 september 2001 op 95-jarige leeftijd, Maria Ida Zeegers-Notten, weduwe van Guilliaume Zeegers;Op 17 september 2001 op 60-jarige leeftijd, Frans Marx, echtgenoot van Ellie Bocken;Op 2 oktober 2001 op 92-jarige leeftijd, Frans Simonis, weduwnaar van An Kurvers in huize Ave Maria;Op 7 oktober 2001 op 86-jarige leeftijd Maria Helena Martens, weduwe van L�on Cl�ment (slager) Vossen in huize Ave Maria.


Jubilarissen bij St. Franciscus Waalsen

Op zondag 30 september huldigde Pastoor Dohmen na afloop van de Hl. Mis van half tien de navolgende leden van het St. Franciscus Kerkkoor van Waalsen:

Frans Severeijns 85 jaar; als “kr��lke” begonnen in de St. Servaaskerk in Maastricht Sjang Ummels 65 jaar kerkzanger;Wiel Claessens 65 jaar kerkzanger;Alfred Weigl 25 jaar kerkzanger;Willy Janssen 25 jaar kerkzanger;Gerrit Janssen 12 1/2 jaar kerkzanger;Marjo Heuts 12 1/2 jaar kerkzanger;
Na afloop van de Hl. Mis trok men naar het gemeenschapshuis “De Kollekamp” alwaar een drukbezochte receptie plaatsvond.


Steunpilaren ontvallen aan harmonie en fanfare

Kort na elkaar zijn onze Geulse muziekkorpsen een tweetal coryfee�n ontvallen te weten Frans Marx, vanaf 1965 tot heden lid van Harmonie St. Caecilia en de grote stimulator van het aktiecomite dat zich vanaf 1972 inzet voor het vergaren van de nodige gelden om de harmonie draaiende te houden (inclusief uniformen en muziekinstrumenten), en Leon Thijssen, vanaf de oprichting van de Fanfare St. Martinus in 1928 (tot 1982) lid van dit muziekgezelschap en een werker van het eerste uur, die zich vooral dienstbaar maakte tijdens de grote tentfeesten van de fanfare in de jaren 60 en 70. Geulle zal hen niet snel vergeten. Zij rusten in vrede!
(Red.)

Succes van het Geuls Mannenkoor in Elsloo

Op zondag 7 oktober jl. luisterde het Geuls Mannenkoor onder leiding van Jo Steijns en met aan de piano de vaste begeleider Jef Humblet in het Maaslandcentrum in Elsloo het jubileumconcert op van het zilveren “Vriendenkoor Elsloo”. Gebracht werden onder meer werken van H�ndel, Mozart, Dostal en Verdi. Het concert, waaraan naast het Geuls Mannenkoor ook nog deelnamen de zanggroep “E-Motion” en het jubilerende koor zelf, werd besloten met een gezamenlijk optreden van de drie deelnemende koren, waarbij het Slavenkoor uit de opera Nabucco van G. Verdi tot tweemaal toe werd uitgevoerd. Het langdurige applaus van het dankbare publiek maakte duidelijk dat men genoten had van het optreden van het Geuls Mannenkoor. De Geulse “ambassadeurs” hadden hun werk weer eens op sublieme wijze gedaan.
(Red.)

Politie varia

Op zaterdag 1 september werd op de parkeerplaats van de Slingerberg een auto met Fransen gecontroleerd, welke softdrugs bij zich hadden.Tussen 31 augustus en 6 september diverse melding van Aan de Maas gehad van overlast van een kersenkanon. Tijdens de nacht diverse controles, doch kanon niet kunnen vinden.Op maandagmorgen 10 september stond een bedrijfsauto op de Schoutstraat in brand. Onderzoek werd ingesteld of er sprake was van brandstichting.Op dinsdag 11 september werd ontdekt, dat er op het kerkhof bij de kerk te Geulle een vaasje was vernield.Op zondag 23 september werd door een getuige gehoord, dat er een ruitje van de kantine van de Tennisclub aan de Kleivelderweg werd vernield. Door de getuige een tweetal personen gezien bij de ingang. Hierna heeft hij de politie gebeld. Bij terugkomst waren de personen verdwenen. Op dinsdag 25 september vond er een aanrijding plaatst op de Essendijk. Toedracht erg onduidelijk. Bij het wegrijden raakten beide auto’s elkaar.Op donderdag 27 september vond er een aanrijding plaats op Broekhoven. Er werd tegen een geparkeerd staande auto gereden. 
Brig. Giesen

Een weiland, vijftig jaar geleden.

Enkele Sjakels terug las ik in de rubriek “vijftig jaar geleden” het besluit van de gemeenteraad om het weiland van de familie Kengen aan te kopen. Een simpel bericht met verstrekkende gevolgen. Want het weiland Kengen heeft namelijk de ruimte verschaft waarop het huidige centrum van Geulle met Markt en omliggende straten en woningen is gebouwd. Het bericht over de aankoop van het weiland is een mooie gelegenheid even terug in de tijd te gaan.

De lokale situatie.
Tot begin jaren vijftig van de vorige eeuw (zo moeten we nu zeggen) is het hele gebied vanaf de Poortweg tot en met pand Hulserstraat 72, het pand van de familie Notten (gelegen tegenover caf� harmoniezaal ‘t Heukske), nog vrijwel helemaal groen gebied. Aan de straatzijde voornamelijk weilanden met hoogstam, achterdoor richting spoordijk ook gras- en akkerland. Via de oude (boog)tunnel komt men op de Poortweg. De andere meer vierkante tunnel waardoor men nu ‘naar boven’ gaat, was er toendertijd nog niet. Direct rechts van de boogtunnel richting Hulserstraat ligt het pand van de familie Janssen. 

Het hele gebied oostelijk van de Poortweg en de Hulserstraat tot en met westzijde huidige Markt, is helemaal groen behoudens een tweetal daarin gelegen woningen. Dat zijn:
het pand Van Kleef, op de hoek Poortweg/Hulserstraat. Het pand Van Kleef was een oud huis dat nog geheel of deels in vakwerk gebouwd was en dat zo gebruikt kon worden voor een Anton Pieck-tekening; het is bij aanleg van het centrum in de jaren vijftig afgebroken. het pand Louis Thijssen (lokaal beter bekend als Louis van de Burger), ter plaatse exploitant van een klompenmakerij. In deze woning is sedert eind jaren vijftig caf� de Meulestein gevestigd. De vroegere klompenmakerij is inmiddels verbouwd tot woning, links achterdoor ten opzichte van het caf�. 

Het groengebied. 
Aan de oostzijde van de Poortweg ligt een weiland, omgeven door een hoog opgeschoten meidoornen haag (meidoornen hagen liet men eertijds vaak v�le meters doorgroeien; reden: geen onderhoud). In het weiland wat oude appelbomen. De inkijk in zo’n weiland is beperkt als gevolg van de fors en hoog opgegroeide ‘deurnen’ haag. Voor zover men er al kan inkijken, oogt het weiland duister, ondoordringbaar en daardoor een beetje mysterieus. Dergelijke weilanden waren er vroeger meer in Geulle. Direct links vanuit de tunnel op een twintigtal meters ter hoogte van het huidige pand Louwet ligt een ‘putje’, een kleine moerassige uitholling met waterbron. Het putje is niet diep. Het ligt helemaal weggedrukt onder de hoge haag. Tussen de ‘donkere’ wei en het pand van Kleef, hoek Poortweg / Hulserstraat, loopt een grazige veldweg richting weilanden en velden. Op pakweg 20 meter vanaf de toen veel smallere Poortweg staat links op het grazig veldweggetje een houten kruis, een crucifix onder een schuins toegespitste oversteek.

Op een van de door de Geulse VVV in de jaren vijftig gemaakte ansichtkaarten staat dit kruis met op de achtergrond een boom of wat struikgewas. Bij de herinrichting van het gebied in de jaren vijftig is het kruis met crucifix bevestigd op de blinde gevel van de woning van Pierre Notten, Hulserstraat 72; kruis en crucifix zijn te zien vanaf de Markt.

Onze weg vervolgend langs het groengebied, komen we vervolgens langs de woningen van Van Kleef (hoek Poortweg) en Thijssen (Hulserstraat). Rechts van deze woning verder geen bebouwing. Over de volle breedte van wat nu de markt is ligt het weiland Kengen. Achter dit weiland en ook de eerder genoemde ‘donkere’ weide loopt een smal veldweggetje, waarachter nog meer weilanden; sommige met bomen maar ook ��n open weiland waarover aanstonds meer. 

Het weiland Kengen. 

De ‘wei van de Keng’ zoals het weiland in de volksmond genoemd wordt, strekt zich uit tot en met de Burg. Thijssenstraat (ter info: burgemeester Thijssen was de vader van L. Thijssen, de eigenaar van de klompenmakerij). Aan de Hulserstraatzijde staan weidepalen met puntdraad. Rechts is in de puntdraad ter hoogte van de huidige oprit naar de Markt het hek. In het weiland hoog opgaande appelbomen. Maar, er zullen in het weiland volgens goed Geuls gebruik ook wel enige perenbomen zoals de herfstpeer van Geulle gestaan hebben. Aan de achterzijde van het weiland (evenals bij de donkere wei) een hoog opgaande, jaren niet gekapte haag. De haag vormt de afscheiding naar een weiland zonder bomen, aangeduid als “‘t Veldsje”. 

Dit weiland loopt door tot aan de spoordijk. Vanwege de mooie centrale ligging in het dorp werd het weiland Kengen vaker gebruikt voor de uitvoering van concerten, muziekuitvoeringen waarbij de organiserende vereniging andere korpsen uit de omgeving uitnodigde.

Het concert. 
Concerts werden op de zondagmiddag en vroege avond gehouden. In het midden van het weiland was de kiosk opgesteld. Aan de voorzijde daarvan stond een rij stoelen (doorgaans oude, in de rug wat ronde caf�stoelen) waarop de genodigden plaats namen. Daar achter waren in een ovale opstelling zitplaatsen, gemaakt van over veilingkisten gelegde planken. Dat waren de vrije plaatsen waarop iedereen plaats kon nemen. Maar, bezoekers konden naar keuze ook blijven staan, alleen of met meerderen. Vaak was het zo dat men wat rond liep en nu eens met deze en dan weer met gene aan de praat kwam. 

Een concert was altijd een uitnemende gelegenheid om sociale contacten te onderhouden. Het geheel maakte altijd een rustige, zeg maar ordentelijke indruk. Ook was er ergens in een hoek van een weiland een opstelling gemaakt voor een versnapering (buffet is een wat te zware benaming). Daar mag men zich niet te veel van voorstellen. Een provisorisch op steunen geplaatste houten plank deed dienst als buffet. Achter het buffet enkele met water gevulde waskuipen waarin flessen bier gekoeld werden met speciaal ingekochte dikke staven ijs, geleverd door de brouwerij. Temidden van dit geheel staat de kiosk met daarop een van de musicerende korpsen. 

Begin jaren vijftig worden nog veelal de bekende stukken gespeeld als ‘Dichter und Bauer’, ‘La Gazza ladra’ (de diefachtige ekster) of ‘Orphuis in der Untenwelt’ uitgevoerd. Van vreemde composities waarvoor je ‘kenner’ moet zijn, was toen nog geen sprake. Als het tijdens een muziekuitvoering ging regenen, dan waren er twee mogelijkheden: of schuilen onder een doorsijpelende boom of vluchten naar het meest nabij gelegen caf�, een etablissement dat ook zonder regendreiging door vele bezoekers na afloop van het concert bezocht werd. 

Tenslotte. 

In de beschrijving van het eerder zo groene gebied, wordt melding gemaakt van een open weiland, bekend als ‘t Veldsje. Dit weiland werd in zijn oorspronkelijke staat door de jeugd van Geulle vaak gebruikt als voetbalveld. 

Na de vaststelling dat er gevoetbald zou worden, was de kreet: ‘noa ‘t Veldsje!’ 

Het weiland was eigenlijk wat klein, althans in vergelijking met een echt voetbalveld. Maar, er kon in elk geval op gespeeld worden. Er was een nadeel dat (om in termen van Johan Cruyff te blijven) ook het voordeel in hield. Het weiland helde vanaf de spoordijk sterk naar beneden. Voor het elftal dat beneden speelde was het zelfs met wind in de rug moeilijk om de bal in het veld te brengen. Van boven af was dat geen kunst. Behalve voor lokale voetbalpartijtjes werd het veld ook gebruikt voor voetbalontmoetingen tussen die van ‘de berg’ en die ‘van onder’. Maar, zult U begrijpen, dat is een ander verhaal. Deze keer was de aandacht gericht op het vroegere weiland Kengen aan de Hulserstraat en de daaromheen liggende weilanden.
Paul Notten.

De Sjakel
September 2001

Geulle in vroeger tijden.
35. Het Sint Maartensvuur. Deel 2.

In de vorige aflevering vertelde ik hoe de schooljeugd vroeger allerlei brandbaar materiaal naar de stookplaats van hun Sint Maartensvuur bracht.

Dagenlang werd zo brandbaar spul met kruiwagens of “sj�rkarre” aangevoerd. Want iedere buurt wilde natuurlijk het grootste vuur hebben. Ook probeerde elke groep zijn vuur als laatste te ontsteken. Al met al duurde het de jeugd veel te lang voor het zo ver was. Vooraf was er ook nog een fakkeloptocht door de eigen buurt. Vroeger droegen dan veel kinderen uitgeholde rode bieten op een stok of aan touwen. Hierin was een gezicht uitgesneden en er stond een brandend kaarsje in. Als de optocht bij de eigen brandstapel was gekomen werd deze dan eindelijk aangestoken. Daarna werd vaak hand in hand rond het vuur gesprongen. Al gauw durfden de grootste belhamels in en over het vuur te springen. Ook sloegen zij met brandende takken in het vuur of gooiden die weg. Dit “vunkelen” bezorgde hun de grootste pret, maar ook vaak een brandgat in hun broek. Als de mam dat ontdekte was de pret een stuk minder!

Pastoor Kengen schreef rond 1925 in “Uit Geul’s verleden” dat deze feestavond van 10 november thuis werd besloten met een eenvoudig eten bestaande uit zoete melk met boekweitkoek of knuddelen. 

In de 18e eeuw trachtte men o.a. in Echt, Roermond en Venlo om deze vuren en fakkeloptochten tijdelijk te verbieden. Maar de bewoners trokken zich daar niets van aan. Voor zo ver bekend is dat toen nooit in Geulle verboden geworden.

Door allerlei oorzaken is ongeveer 25 tot 40 jaar geleden langzamerhand een einde gekomen aan deze eeuwenoude traditie:

Ook in Geulle waren er steeds minder (keuter)boeren en daardoor hadden steeds minder mensen brandbaar materiaal, zoals een “sjans” hout of wat stro.De komst van de tv en ander modern tijdverdrijf voor de jeugd.De grote mensen gingen zich meer en meer bemoeien met wat in feite een kinderfeest was. Zo trokken buurtverenigingen etc. de organisatie naar zich toe. Toen kregen de kinderen er minder zin in, want zo verdween het spontane van hun vrije aanpak.Nog belangrijker voor het verdwijnen van deze jaarlijkse traditie is het feit dat de gemeente allerlei “problemen” ging maken. Zo moest in een bepaald jaar, ineens een vergunning worden aangevraagd terwijl dit eeuwenlang niet nodig was geweest.De brandweer moest met blusmateriaal aanwezig zijn en de vuurplek moest aan bepaalde voorwaarden voldoen. Toen hoefde het voor de jeugd helemaal niet meer en kwam er een einde aan een eeuwenoude, mooie traditie.

Over het ontstaan van de Sint Maartensvuren bestaan verschillende meningen.
Oude heidense volkeren die hier vroeger hebben gewoond legden in de herfst reinigingsvuren aan en sprongen dan daar door heen. Na de overgang tot het katholieke geloof zou deze jaarlijkse traditie aan het feest van Sint Maarten zijn gekoppeld.

Volgens andere historici zou het te maken kunnen hebben met een gebeurtenis uit het leven van de heilige. Hierover zijn o.a. de volgende legenden bekend:

Hij was eens aan het slapen toen er in die ruimte een felle brand uitbrak. Sint Martinus werd wakker en begon te bidden en het vuur doofde.Een andere keer voerde hij een twistgesprek met ongelovigen. Men stelde een godsoordeel voor en legde twee vuren aan. Op het ene kwamen de boeken van de heilige en op het andere die van de ketters. Door het gebed van Sint Maarten bleven zijn boeken ongedeerd terwijl de andere boeken tot as werden verteerd.Het kan ook een aandenken zijn aan de vurige geloofsijver van Sint Martinus. Hij trok overal rond en bekeerde vele ongelovigen. Hierna werden afgodentempels afgebroken en hun heilige bossen gerooid en op grote stapels verbrand.
Archie Varis.

Politie varia

Op woensdag 1 en maandag 27 augustus werd een bestuurder van een bromfiets bekeurd ter zake het rijden op een opgevoerde bromfiets op het Cruisboomveld. Op zaterdag 4 en dinsdag 7 augustus werden op de parkeerplaats aan de Slingerberg weer twee Fransen gecontroleerd welke een kleine hoeveelheid softdrugs bij zich hadden. Drugs werden inbeslaggenomen.Er komen weer geregeld klachten binnen dat de jeugd op de hoek Heirweg-Cruisboom-straat / Cruisboomveld voor overlast zorgt, door hard door de straat te rijden, zonder helm op de bromfiets te rijden en slipsporen te trekken op straat. Meldingen komen altijd achteraf, maar moeten liefst gedaan worden op het moment dat het gebeurt. Door de politie wordt geregeld ook op die hoek gecontroleerd, doch bij hun komst is het altijd rustig.Op woensdag 15 augustus werd op de Vissersweg een grote hoeveelheid gestort afval aangetroffen, waaronder autobanden, kleding, een lamp en een platenspeler. Niet bekend van wie dit was. Rommel werd door de gemeente opgeruimd.Op zaterdag 18 augustus werd er ingebroken in een auto op de parkeerplaats aan de Slingerberg. Ontvreemd werd een hoesje met CD’s.Op zaterdag 25 augustus melding dat er jongeren vanaf de brug over het Kanaal bij de Brugweg het Kanaal zouden inspringen. Wel jongeren aangetroffen, doch volgens hen hadden ze niet gesprongen. Ook bij de brug te Bunde stonden jongen, doch deze hadden ook niet gesprongen. De knapen op de gevaren gewezen. Op zondag 26 augustus werden enkele knapen voor dit feit verbaliseerd. 

Gevonden: n.v.t.
Verloren: n.v.t.
Brig. Giesen

Geulle 50 jaar geleden..
September 1951

Op 6 september vond een belangrijke algemene ledenvergadering plaats van de fanfare “St.Caecilia”. Om kwart voor acht opende de president, de heer L.Janssen, de vergadering. Na de gebruikelijke agenda-punten komt in behandeling een voorstel om de fanfare om te zetten in een harmonie. Alle aanwezigen zijn overtuigd van de ernst en belangrijkheid van dit voorstel. Lang en breed worden de consequenties ervan in een diepgaande, openhartige en in opbouwende geest gevoerde discussie, onder ogen gezien. De directeur, de heer G.Vossen, geeft hierbij een uitvoerige uiteenzetting van de technische en muzikale mogelijkheden en moeilijkheden. Uiteindelijk valt, met bijna algemene stemmen het besluit tot omzetting in een harmonie. De vaste wil van de leden, offers te brengen voor “St.Caecilia”, is er borg voor, dat deze omzetting spoedig rijke vruchten zal afwerpen. De vice-president, de heer Lowis, spreekt nog een ernstig maar opwekkend woord tot de vergadering. De bloei van een vereniging hangt niet af van de kwantiteit maar van de kwaliteit van de leden. Het bestuur zal zich de komende tijd bezig houden met het werven van nieuwe leden, met name de jeugd zal hiervoor benaderd worden. Nieuwe leden kunnen zich opgeven bij: L.Vossen, Westbroek 8 en Jan Kerckhoffs, Moorveld 14.Het kerkelijk zangkoor “St.Franciscus” van het rectoraat Waalsen nam zondag 16 september deel aan de korendag te Elsloo. Onder de leiding van de heer M.Urlings werden twee Gregoriaanse gezangen ten gehore gebracht. Er werden vanzelfsprekend geen prijzen toegekend, aangezien deze korendag geen concours was, maar wij kunnen alleen de beoordeling aanhalen die de jury, in de persoon van prof. Salamons, gaf. Deze zei “Ik mag hier bijzonder noemen de koren van Nieuwdorp en Waalsen, die in zo`n korte tijd van hun bestaan een zangkoor hebben gevormd, dat zich meten kan met de besten”. 
Hein Peters

Wortels in en uit het verleden III

In de vorige Sjakel deden wij u kond van de pogingen van de erfgenamen van Pastoor Smeets om diens achterstallig salaris alsnog uitbetaald te krijgen. In Inventarisnummer 8 van het Gemeentearchief Geulle vinden wij op bladzijde 33 (fotonummer HVG 8/1355) het volgende: 

“Op heeden den negen en twintigste octobris achtien hondert twintig zijn vergadert den schout, scheepenen en den gemeenten raed in onze gewoone zittinge op het kasteel tot Geulle om te beraemen over een smeek schrift zonder datum en jaargetal opgerigt door den eersaemen Joannes Wijnandus Boots, inwoonder der gemeente Meerssen, bevolmagtigt zijnde der erfgenaemen van wijlen mijnheer Petrus Renerus Smeets in zijn leeven pastoor van de gemeente Geulle, strekkende om te verkrijgen eene betaelinge van 1107 gulden en vier stuijvers van onze gemeente fondsen de welke den petionnaris vermeent achterstand ter weezen van zijn traktement”.

De raad heeft hierover gedelibereerd en komt tot de conclusie dat een dergelijke uitgavepost nooit door de gemeente in haar begroting is opgenomen en de aanspraak daarop daarom ook niet erkend kan worden. Bovendien is er volgens de raad geen besluit voorhanden, waaruit afgeleid kan worden dat aan de pastoor een jaarlijks tractement van 240 gulden is toegekend.

De raad merkt op bovendien verbaasd te zijn over het feit dat de overleden pastoor, toen hij nog leefde zich nooit beroepen heeft op het contract waarvan in het smeekschrift sprake was. Bovendien is het volgens de raad onwaar dat de pastoor zich ooit tot het gemeentebestuur gewend zou hebben om zijn achterstallig traktement te krijgen. 

De raad geeft bovendien aan niet op de hoogte te zijn van een verzoek aan Gedeputeerde Staten over dit onderwerp en bovendien: “Het was te wenschen geweest dat zulk stuk vergeselt was met het smeekschrift tot overtuiging het welk de overtuiging der erfgenaemen doen gelden.”. Men zal dan ook niet op het verzoekschrift ingaan. Deze overwegingen zullen aan G.S. gestuurd worden. 

De tekst sluit met: “Tot Geulle den dag, jaer en maend als boven en hebben alle leeden tegenwoordig naar voor leezinge geteekent ter uijtneeminge van Adam Raemaekers als erfgenaem zijnde, niet heeft geteekent ” en is ondertekend door de raadsleden J. Moebers, P. Janssen, L. Pijpers, H. Alberigs, L. Vossen en M. Maessen, Burgemeester M. Dehoen en secretaris J.F. Lebens.

Afgelopen ?? Nee, want op 15 december 1820 is deze kwestie weer onderwerp van gesprek in de vergadering van de raad. Daar komen wij een volgende keer op terug. En hoe zit het met de verwantschap tussen de pastoor en Adam Raemaekers ? 
(LvK)

Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

En nou schreef ik de vorige keer dat die van Geul veel in de gezet en de Maaspost en zo stonge en dat blijf maar duren en eerst die van de fotoclup en toen Huibke van Muutjes van de voetbalklup en nou zie je ook nog dat het weer op het stemmen aangaat want die van de politiek zijn weer wakker geworden en ze steken de kop ook weer op en die van het CDA komen met een jonge lijstrekker, maar die heeft wel al een paar keer met gedaan en die staat nu voor de eerste keer voorop en misschien hadde ze wel geen betere, zeg de Noonk, en bij ons proberen ter weer een paar van die ouwe gediende de aandacht op zich te trekken, wie Jo van Tien en Pier Boers, die zijn het niet eens met de onroerende belastingen en dat is niet zo erreg, maar wat moete die twee nou weer in de gezet daarmee, die komp zo ook wel vol, zeg de Noonk. Harie van onze Merie denk dat die twee wel oppennu met een eige lijs zulle komen maar de Noonk zeg dat die twee toch oud en wijs genoeg zoude moete zijn om beter te weten en wij zullen het wel zien. En de Noonk is toch benieuwd of ter zich nog meer van Geul opdoen ter meerdere eer en gloria van zich zelf en van de gemeente, maar er worden, zeg hij, toch wel veel durpele opgeworpen, sjus wie in Hulse en daar is ��n durpel niet genoeg, want dan kwak je alleen het ondergebit uit de muil en dus legge ze der nog maar een durpel bij, die eier, dan klatse je tenminste de laatste tan ook nog deruit in plaats van tat ze die suffe Geele, die te hel varen der een draan zette. Maar het zal wel zijn omtat die van onder uit Geul sjeloes ware op die van bove, want daar hadde ze al langer zo een apaarate. En ze zijn ook mooi op tijd met die durpele onger, de kinder uit die buurt zijn bekans allemaal groot, dus dat kan geen kwaad meer, en nou gaan ze durpele legge voor de bejaarden te beschermen zeker, dat die niet van de weg afgevare worden. Goed zo gemeente, twintig jaar te laat en dat moet de Noonk ins perbere als hij zijn belastingen eens een week te laat betaald, maar ja van ander luui hun sente is het goed durpele legge. En de Noonk zeg dat hij wel weer wat meer naar de kaffees zal gaan, voor stembier en stemeels, als ter tenminste dan nog kaffees ope zijn. En dat van het onkruit heef ook niet ech geholpe, want de gutte staan weer vol en misschien kunne ze die durpelleggers omscholen tot guttekeerders, dan hebbe we der nog wat aan. 

De wege hebbe ze ook opgelap, maar dat was me toch een kepotte musj, der zijn maar op een paar plaatse stukke derin gezet en met zo een gestukkerde broek zou de Noonk zich nerges durve late zien, zeg hij, maar die van de gemeente wel, want die komen toch niet deks in Geul, behalve als het tijd stemmes is. En nou weet de Noonk helemaal niet meer wat hij moet als hij eens krank is, moet hij zich dan bij de hulppos in Zitterd melle of in Maastricht en met de pelisie is het al niet veel beter, want komp er nou een Bok uit Vallekeberg of een Sjeng uit Mestreech of een blauwe uit een wereldstad als je ze nodig heb, maar dat zal wel de vooruitgang zijn zeg hij, maar hij heef er niet zo een hoge patsj van op, want straks moet hij voor zijne pas ook naar Zitterd of Mestereech of Vallekeberg of Heelder en dan weet hij helemaal niet meer wat erger is. Hij vindt dat die hooge luui maar eens wat dekser op retrait moeste gaan, dan kwame ze wat op rus en hadde ze misschien beter idee�n, want dit is toch allemaal sjus der neeve, zeg hij, maar voor de res gaat het wel goed in Geul zeg hij, want al die huize die verkoch worden zijn landhuize terwijl ze toch gewoon in de straat neveneen liggen en maar een geleeg hebbe zo groot wie een snuifplak, maar het levert die wat ze verkoopen wel een boel geld op en dan kan de Noonk weer meer belasting betalen en dan is de krink weer vierkantig. En nou hoor ik sjus dat de post ook toe gaat, en daar heb ik het laatste woord nog niet over gezeg, maar dat komp de volgende keer want ander wordt deze brief veels te lang. Met de groete van jullie Pieke junior enne ……… adi�, h� !!


Rust roest ???

Nee hoor, de Heemkundevereniging heeft even vakantie gehad, maar nou gaan we er weer fris tegen aan. De agenda ziet er als volgt uit:

11 oktober 2001, 19. 30 uur tot ca. 21.30 uur: werkavond in het Verenigingslokaal De Gruffeldwois (Basisschool “In ‘t Riet”). Deze avond vindt plaats naar analogie van de gebruikelijke maandelijkse werkmiddag (zie hierna). De bedoeling is om ook mensen, die overdag niet kunnen, eens in de gelegenheid te stellen te komen kijken of er bij de werkzaamheden van de Heemkundevereniging iets van hun gading is (foto, dialect, genealogie, monumenten, museum, knipseldienst etc). Tijdens deze avond kunnen ook heemkundige thema’s aan de orde komen (bijvoorbeeld : wie weet nog wie, wat en hoe, wie kent de mensen op deze foto etc.). Op 11 oktober 2001 laten we ook zien hoe de activiteiten rond het bewerken van de gemeentearchieven vorderen. We zijn er van overtuigd dat zo’n avond best gezellig kan zijn en een vaste plek in ons programma kan krijgen. Voor koffie en een koekje is zowel op deze avond als tijdens de andere bijeenkomsten steeds gezorgd.17 oktober 2001: 14.00 tot ca. 16.30 uur: werkmiddag in het Verenigingslokaal De Gruffeldwois. De activiteiten zijn hierboven omschreven.18 oktober 2001: 19.30 uur: bijeenkomst sectie Dialect in het Verenigingslokaal De Gruffeldwois: werken aan een opvolger van het Geuls-Nederlands woordenboek, jawel: een Nederlands – Geulse editie.23 oktober 2001: 19.30 uur: bijeenkomst sectie Genealogie in het Verenigingslokaal De Gruffeldwois. 


Wat hebben de leden van de sectie de afgelopen maanden aan nieuwe informatie gevonden en in hoeverre kan het project “Wortels in en uit het Verleden” voor deze sectie van belang zijn ? 

U bent van harte welkom, wij verheugen ons op uw komst. 
P.S. Op onze eerdere oproep om ondersteuning in het project ” Wortels…..” mochten wij nog g��n positieve reactie ontvangen. Wij gaan door (043-3646690 / 046-4377156 / 043-3640372), maar wie durft mee te doen ?
(red / LvK)

Presentatie plannen Marktplein Geulle / terrein Schols

Op maandag 10 september jl. werd er in gemeenschapshuis “de Klei-oave” een presentatie verzorgd door de gemeente Meerssen omtrent de nieuwbouw plannen op het terrein Schols en de herinrichting van de Markt. De avond werd gepresenteerd door een panel waarin zitting hadden:

Coen Eggen, adviseur monumentenbeleid / monumentenhuis Limburg;
Maarten Wilbers, Stedebouwkundige / Arcadis / SAM;
Wethouder Ummels, ruimtelijke ordening en volkshuisvesting;
Giel Cuypers, projectleider;
Pascalle Vaessen, verslaglegging.

De opkomst was met ruim 80 aanwezigen bijzonder groot. Naast veel omwonenden van het projectterrein waren ook afgevaardigden van diverse Geulse verenigingen aanwezig. Namens de gemeente Meerssen was tevens wethouder Dejong (verkeer) in de zaal aanwezig.

De bijeenkomst, die begon om 19.30 uur, was in twee blokken verdeeld. Voor de pauze werden de plannen door het panel verder uitgelegd en na de pauze was er voor de aanwezigen ruimschoots gelegenheid tot het stellen van vragen.

Tijdens de inleiding gaf wethouder Ummels aan wat de doelstellingen van de avond zouden zijn en wat de aanwezigen wel en niet konden verwachten. Wat zij zeker niet konden verwachten waren toezeggingen van het panel, daar alle opmerkingen en wensen eerst aan de raad dienden te worden voorgelegd. Tevens zou het zwaartepunt van de avond liggen rond de bouwplannen op het voormalige terrein Schols, daar de herinrichting van de Markt in een tweede fase zal worden uitgevoerd.

Aansluitend schetste Ummels in het kort de historie van het projectplan. Reeds begin jaren ’80, dus voor de gemeentelijke herindeling, waren er plannen om het gebied rond het Marktplein opnieuw in te richten. In 1995 werd een eerste fase uitgevoerd met de bouw van 4 appartementen en een huisartsenpraktijk aan het Marktplein. Vanaf 1999 werd er overleg gevoerd met de voormalige eigenaren van het terrein Schols, wat uiteindelijk resulteerde in de aankoop van het terrein in december 2000. Ondertussen was er reeds een subsidie-aanvraag gedaan bij de provincie en dit heeft geresulteerd in een subsidie van 1,4 miljoen.

Na deze inleiding door wethouder Ummels werd er een cultuur-historisch overzicht geschetst door Coen Eggen van Monumentenhuis Limburg. Na een uitgebreide schets van de ligging van Geulle en de belangrijkste weg-, water- en spoorverbindingen, gezien vanuit historisch perspectief, werd er vervolgens gekeken naar de ligging van het terrein Schols en het Marktplein.

Aan de hand van veel foto’s werden alle belangrijke objecten en wegen rond het Marktplein en het terrein Schols belicht. Hierbij werd door de heer Coenen aangegeven wat vanuit cultuur-historisch oogpunt wel en wat niet paste bij een eventuele toekomstige herinrichting. Hierbij werd extra aandacht geschonken aan de diverse kunstwerken op het Marktplein en het pand Hulserstraat 72 (pand Notten). De conclusie van het door Monumentenhuis Limburg uitgevoerde onderzoek was dat het pand weinig tot geen historische waarden kan worden toegekend. En hoewel het ene kunstwerk (kunstwerk ter ere 100 jaar St. Caecilia) goed past binnen de huidige inrichting van het marktplein, past een andere kunstwerk (kunstwerk ter ere 3×11 en 4×11 carnavalsvereniging “de Bokkerie�rs”) niet binnen deze inrichting.

Hierna ging Maarten Wilbers van Arcadis/SAM verder in op de bouwkundige aspecten van het plan. In het traject tot nu toe zijn reeds diverse onderzoeken uitgevoerd:

BodemonderzoekParkeeronderzoekDistributie-Planologisch Onderzoek (DPO)Woningbehoefte onderzoek.

Het bodemonderzoek en een hierop volgend aanvullend bodemonderzoek hebben slechts in zeer lichte mate bodemverontreiniging getoond. De resultaten van dit onderzoek waren voor de gemeente aanleiding om tot koop van het terrein Schols over te gaan.

Het parkeeronderzoek heeft aangetoond dat er 59 parkeerplaatsen beschikbaar zijn en dat de gemiddelde bezettingsgraad van het Marktplein tussen de 31% en de 44% ligt, met een piekbezetting van 54%.

Het DPO heeft tenslotte laten zien dat er binnen Geulle, gezien het aantal inwoners van ruim 3000, nog ruimte was voor uitbreiding voor commerci�le activiteiten, met name in de food-sector. Uit het woningbehoefte-onderzoek is naar voren gekomen dat er veelal behoefte is aan seniorenwoningen, zowel in de huur- als in de koopsector en in de midden (+/- fl. 350.000,-) en hogere (+/- fl. 500.000) marktsector.

De plannen voor de ontwikkeling van het terrein Schols gaan momenteel uit van ongeveer 41 woningen / appartementen, waarbij aan de volgende indelingen wordt gedacht:

eengezinswoningen (+/- 6)seniorenwoningen (+/- 10)huurappartementenkoopappartementen

Verder is er ruimte voor +/- 280m2 commerci�le ruimte. Een gedeelte van de appartementen, gelegen aan de marktzijde, zal worden uitgevoerd in 3 woonlagen, waarbij de begane grond dan eventueel kan worden gebruikt voor commerci�le doeleinden.

Het bovenstaande moet gezien worden als een mogelijke indeling. Er zijn diverse varianten op dit model mogelijk en deze zullen verder worden uitgewerkt, waarna meerdere architecten zich vervolgens mogen buigen over de nadere invulling. 

Tevens werd er nog aandacht geschonken aan de aan het Marktplein grenzende straten (Hulserstraat / Markt). De mogelijkheid bestaat om deze straten meer te betrekken bij een nieuwe inrichting van het Marktplein om zo te komen tot ��n geheel. 

Tot slot van de presentatie gaf projectleider Giel Cuypers nog een toelichting op de verdere procedure. Hij gaf aan dat de mogelijkheid tot inspraak nog bestaat tot 24 september. De aanvang van de bouw zal waarschijnlijk media 2003 plaatsvinden, maar dit kan door onvoorziene omstandigheden ook nog vertraagd worden. Verder is het nog van belang dat de diverse randvoorwaarden voor het project door de gemeenteraad worden ingevuld.

Na deze presentatie was er 15 minuten pauze, waarin de bezoekers de ontvangen informatie onderling konden evalueren onder het genot van een, door de gemeente Meerssen aangeboden, drankje.

Vervolgens kregen de bezoekers de mogelijkheid om hun vragen op het panel af te vuren.
Opvallend was het verzoek van vertegenwoordigers van diverse verenigingen om aandacht te schenken aan ‘hun’ monumenten bij de toekomstige inrichting van het marktplein. Leden van harmonie St. Caecilia en de buurt “in de Peel” informeerden naar de mogelijkheid om bij de toekomstige inrichting een muziek-kiosk te plaatsen op het Marktplein.

Enkele vragen en opmerkingen hadden betrekking op de specifieke doelgroep van senioren waarvoor de appartementen worden gebouwd. Het panel werd gevraagd of er bijvoorbeeld werd gedacht aan het gebruik van liften in de hoogbouw en parkeerplaatsen onder de bebouwing. Op de vraag of senioren uit Geulle voorkeur kregen bij de verdeling van de appartementen kon wethouder Ummels positief antwoorden.

Een ander kernpunt was de eventuele wijziging van de verkeerssituatie rondom het Marktplein en de burgemeester Thijssenlaan. Sommige aanwezigen vreesden meer verkeersoverlast in andere straten in Geulle als op de Hulserstraat verkeersremmende maatregelen worden genomen. Wethouder Ummels merkte hierover op dat het in dit stadium nog te vroeg is om hier al dieper op in te gaan. 

Dat verplaatsen van overlast speelde voor sommige aanwezigen ook mee bij een eventuele beperking van de parkeer-mogelijkheden op de Markt. Sommige gedeelten van de Hulserstraat, Hulserveld-straat en Burgemeester Thijssenlaan kampen nu reeds met parkeeroverlast op bepaalde dagen en de vrees bestaat dat dit in de toekomst alleen maar zal toenemen. Ook worden er vraagtekens geplaatst bij de resultaten van het parkeeronderzoek waaruit zou blijken dat de piekbelasting van het parkeren op het Marktplein slechts 54% bedraagt. Tijdens evenementen, feesten of repetities van muziekverenigingen bedraagt de belasting nagenoeg 100% en is het plein vaak zelfs te klein. Ook het gebruik van het plein door (fiets-)toeristen wordt aangegeven als zijnde een hogere belasting dan de 54% uit het onderzoek.

Op vragen van de ondernemersvereniging omtrent het risico van leegstand van nieuwe commerci�le ruimte merkt heer Wilbers op dat er bij de inrichting voor gezorgd zal worden dat eventueel leegstaande commerci�le ruimte ook kan worden ingericht als woonruimte.

Om 22.00 uur sluit wethouder Ummels de bijeenkomst af met de opmerking dat hij blij is met de grote opkomst en de aandacht die de inwoners van Geulle aan dit project schenken.
Arthur Sassen

Sinterklaas ook dit jaar weer naar Geulle

Traditiegetrouw zal St. Nicolaas ook dit jaar weer per boot in Geulle arriveren. Het Comit� Aankomst St. Nicolaas heeft er ook dit jaar weer voor kunnen zorgen dat Sinterklaas met een prachtig jacht over het Julianakanaal naar Geulle zal komen. Het comit� wordt daarbij gesteund door een grote groep vrijwilligers en door diverse instanties en zakenlieden die deze activiteit welwillend ondersteunen.

Na uitvoerig overleg met Sinterklaas en diens hoofdpiet is afgesproken dat de Sint op zondag 25 november 2001 omstreeks 14.00 uur voet aan wal zal zetten in Geulle. De steiger voor de aankomst wordt ongeveer 100 meter ten noorden van de brug over het kanaal ingericht. 

Kinderen, die met hun ouders, de Sint willen verwelkomen kunnen het beste plaatsnemen op het westelijke fietspad. De aankomstplaats zal versierd zijn met vlaggen en is dus gemakkelijk herkenbaar. De geluidsversterking bij de steiger zal, zoals altijd, verzorgd worden door de bekende disc-jockey Dion Voss. Onder leiding van ceremoniemeester Jan Boom vindt de offici�le verwelkoming plaats door een van de bekende Geulse gemeenteraadsleden. De verdere muzikale verwelkoming vindt plaats door Harmonie St. Caecilia. Dit muziekkorps zal de Sint ook begeleiden op zij tocht door het dorp.

Ouders die hun kinderen, in de leeftijd van 0 t/m 12 jaar, willen aanmelden voor een persoonlijke ontmoeting met de Goedheiligman kunnen dat doen door middel van aanmeldingsbriefjes, die op Basisschool “St. Jozef” en Basisschool “In Het Riet” en Peuterspeelzaal “Pinokkio” worden uitgereikt. Aanmeldingsbriefjes zijn ook verkrijgbaar bij mw. Marlies Vincken, Pastoor Smeetsstraat 54 en bij mw. Monique van Dongen, Oostbroek 11. De aanmeldingsformuliertjes zijn vanaf 18 oktober 2001 verkrijgbaar en dienen uiterlijk op zondag 28 oktober te zijn ingeleverd. De kosten voor aanmelding bedragen slechts f 6,-, waarvoor de kinderen ook nog een passend cadeautje krijgen.

Een diamanten paar in brommelen.

Afgelopen 14 augustus was het 60 jaar geleden dat er groot feest was in Brommelen. Toen traden namelijk Lei Vossen en Marieke Speetjens in het huwelijksbootje.

Lei werd 29 maart 1916 geboren. Lei komt uit een gezin van 5 kinderen. Marieke werd op 8 februari 1918 geboren. Marieke is het enige kind uit het gezin Speetjens.

Lei begon te werken als 15 jarig jongetje bij schildersbedrijf Maassen in Beek. Hier begon hij te werken voor fl,2.50 per week. In 1939 ging hij, zoals zo velen hier in de omgeving, werken op de Koel in Geleen. Hij ging hier als schilder aan de slag. Toen Lei echter ook zondagen moest gaan werken hield hij het in 1943 voor gezien op de Koel en ging hij werken bij het schildersbedrijf Westerhof in Geleen. Hier werkte Lei 3 jaar waarna Lei een eigen schildersbedrijf begon. Hier hebben nog vele Geulse jongens het vak geleerd. In 1979 is Lei gestopt met zijn bedrijf en geniet hij van zijn wel verdiende rust.

In de winter van 1938 hebben Lei en Marieke elkaar beter leren kennen. Er was brand geweest bij Huub van Louwet en zoals het in die tijd heel normaal was hielp de hele buurt bij het herstellen van de schade. Toen er een tijdje later ook nog brand uitbrak bij Drikske Rogiers, sloeg de vlam ook over bij Lei en Marieke.

In 1941 trouwde ze en zijn ze gaan inwonen bij het gezin Speetjens. In 1951 betrok ze hun eigen stulpje op de Essendijk . Hier woonde het gezin tot 1977 waarna het terug ging naar hun wortels namelijk in Brommelen. Het gezin Vossen kreeg 5 kinderen. Helaas mocht hun zoon Jos maar 17 maanden leven en is hun dochter Bernadette ook veel te jong overleden.

De harmonie, waar Lei 28 jaar solo bugel heeft gespeeld en bestuurslid is geweest, was de grootste hobby van Lei. Op familie bezoek gaan in Brussel en het verzorgen van de kinderen waren de grootste hobby’s van Marieke.

Op 18 augustus jongstleden vierde zij samen met hun kinderen, kleinkinderen en vele familie vrienden en bekenden een mooi feest.

Wij van de Sjakel en van de Heemkundevereniging wensen de familie Vossen nog vele gelukkige jaren samen.
W.Ramakers / M.Wouters

Jubileumfeest Seniorenvereniging Waalsen
Pro Ecclesia et Pontifice en lid in de orde van Oranje voor Wiel Claessens

Op 6 en 8 september werd het feit herdacht dat 25 jaar geleden de Seniorenvereniging Waalsen werd opgericht. Onder leiding van enkele prominente mensen van boven waaronder Pastor Haenen en Meester Urlings werd deze vereniging in 1976 geboren onder de naam “Bejaardenvereniging Waalsen ’76”. Later werd deze naam gewijzigd in “Seniorenvereniging Waalsen”. Donderdag 6 september werd het feest geopend met een leuke middag voor alle leden. Twee dames uit Zonhoven waren te gast voor de vrolijke noot, zij brachten met hun sappige sketches de lachspieren van de aanwezige leden flink op hol. Het optreden van deze twee dames is bij de leden dan ook zeer in de smaak gevallen. De middag werd afgesloten met een goed verzorgd diner.

Op zaterdag 8 september was er om 18.00 uur een H. Mis voor alle levenden en overleden leden van Waalsen 76. Deze H.Mis werd mede opgedragen door Pastor Haenen (enige nog levende oprichter van Waalsen 76). Na afloop van de mis vroeg Pastor Dohmen aan de aanwezigen om nog even te wachten alvorens de de kerk te verlaten. 

Tot ieders verbazing werd de voorzitter, de heer Wiel Claessens, samen met zijn echtgenote naar voren gehaald en kreeg hij uit handen van Pastor Dohmen de Pauselijke onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice uitgereikt, dit voor alles wat Wiel Claessens voor de gemeenschap Waalsen heeft betekend. Zo stond hij in 1946 aan de wieg van het huidige zangkoor St. Franciscus. Ook is Wiel jarenlang kerkmeester geweest en is hij lid van de Seniorenvereniging sinds 1981. Toen in 1985 de vereniging zonder secretaris kwam te zitten was het Wiel Claessens die het bestuur uit de nood hielp. Hij heeft deze functie tot 1989 bekleed.

Toen in dat jaar ook nog de penningmeester ziek werd nam hij dat ook maar op zich. Tot overmaat van ramp ging in 1991 de toenmalige voorzitter mevrouw Bartholemeus weg uit Geulle. Niemand uit het bestuur wilde die functie overnemen en zo kon het gebeuren dat Wiel Claessens voorzitter, penning-meester en secretaris was van de “Seniorenvereniging Waalsen 76”. 

Lang heeft deze situatie niet geduurd want het was Zr. Imelda (die net in Geulle was teruggekeerd) die in 1991 het secretariaat op zich nam, en die dit werk met veel succes nog steeds doet. us sinds 1991 is Wiel de voorzitter penningmeester van de Senioren-ereniging Waalsen 76 die op dit moment 131 leden telt.

Na die H.Mis werd het feest voortgezet met een druk bezochte receptie in gemeenschaps-huis “de Kollekamp”. 

Tijdens die receptie kreeg onze Burgemeester de microfoon aangereikt om op een leuke manier aan te kondigen dat Hare Majesteit de Koningin had besloten om de heer Claessens een koninklijke onderscheiding toe te kennen.

Dit houdt in dat de heer Claessens is opgenomen als lid in de orde van Oranje Nassau. Deze onderscheiding kreeg hij voor alles wat hij in het verleden gedaan heeft voor Geulle en zijn inwoners. Zo is Wiel acht jaar gemeenteraadslid geweest waarvan vier jaar wethouder en loco-burgemeester. 

Hij heeft meegewerkt om de Sjakel om te zetten van Thuisfront naar Heemkundeblad, hij was in het bestuur Credo Pugno, K.A.B. later Unie BLHP, medeoprichter VVV, bestuur Groene Kruis, regisseur van de toneelvereniging, lid van Harmonie St. Ceacilia, kortom te veel om op te noemen. x Zijn vrouw vertelde mij in vertrouwen dat hij meer avonden van huis was als dagen in de week. 

Alles samengevat is deze voorzitter het meer dan waard om twee onderscheidingen op een dag te mogen ontvangen. Wiel, zeker namens alle leden van de Seniorenvereniging van harte bedankt, in de hoop dat je samen met Sjan nog vele jaren mag terug zien op deze mooie dag.
W. Ramakers

De Sjakel

Augustus 2001

Geulle in vroeger tijden.
35. Het Sint Maartensvuur. Deel 1

Dit keer wil ik iets vertellen over het Sint Maartensvuur. Dit vuur werd vroeger in iedere buurt van Geulle ontstoken op de avond voor de feestdag van Sint Martinus (11 november). Sint Maarten of Martinus is van oudsher de patroonheilige van de parochie-kerk van Geulle beneden. Vele kerken zijn in Limburg aan hem toegewijd. Hij was bisschop van het bisdom Tours in Frankrijk en heeft velen in de vierde eeuw na Christus bekeerd tot het Rooms Katholieke geloof. Hij wordt meestal afgebeeld gezeten op een paard, waarbij hij met een zwaard zijn mantel doormidden snijdt om een helft aan een arme bedelaar te geven. 

Maar nu terug naar het Sint Maartensvuur. Vele van ons zullen hier met plezier aan terug denken. Zelf heb ik het vaker in de buurten Snijdersberg en Hussenberg meegemaakt. Het vuur werd daar jaarlijks op 10 november in de avond ontstoken op de Knup voor de Piemelehoek in Snijdersberg en op het Schoor in Hussenberg. Zo had iedere buurt van Geulle vroeger zijn vaste stookplaats. Als je dan boven op de berg bij jouw vreugdevuur al die andere vuren zag, zoals de zes onder in Geulle en in het verdere Maasdal waarbij velen in Belgi�, dan was dat een magnifiek gezicht. Nu nog staat dit fantastische beeld mij in het geheugen gegrift. De voorbereidingen voor het Sint Maartensvuur begonnen vaker al dagen zo niet weken van tevoren. Vooral de schoolgaande jeugd ging dan allerlei brandbaar materiaal verzamelen. Men vervoerde bijvoorbeeld stro, takken en takjes, droog gras, papier, oude fietsbanden en dergelijke naar de eigen stookplek. Men maakte daar een grote brandstapel van. In het midden werd aan een lange stok een grote pop gevuld met hooi of stro gehangen. Ook trok men langs de huizen in de eigen buurt onder het zingen van het aloude lied:

Sint Maerten met ziene kaale kop
L�k str�o en hout trop
L�k get op ‘t sint maertensvuur!

Als men dan een goede gift aan brandbaar materiaal kreeg werd de vrouw des huizes bedankt door het zingen van het traditionele liedje:

Hie woont ein good wief
God verli�nt heur ‘t heemelriek!

Waar ze echter niks kregen zongen de belhamels zo mogelijk nog harder:

Hie woont ein kwaod wief 
God verli�nt heur de prattelesjiet!

Voorwaar dat was geen liedje vol dankbaarheid! Mogelijk uit vrees voor dit lichamelijke ongemak droegen de meeste buurtbewoners iets bij. Dit was vaak een takkenbos (“sjans”), oude bonenstaken en erwtenrijshout, oude bonen- of erwtenranken, afvalkarton en -papier.

De volgende maand vertel ik verder over het Sint Maartensvuur. Dan heb ik het over de fakkeloptocht, het ontsteken van dit vreugdevuur en over de oorsprong en het verloren gaan van deze eeuwenoude traditie.
Archie Varis.

Een overdenking bij de invoering van de “Euro”

Bent u er al een beetje aan gewend, aan onze Euro? Vanaf 1 juli zijn alle produkten in onze winkels dubbel geprijsd te weten in guldens en in euro’s.

Alhoewel onze regering steeds beweerd heeft dat de omzetting van guldens in euro’s “neutraal” moet geschieden geeft zij zelf het slechte voorbeeld. 

Neem bijv. onze “alledaagse” postzegel. Per 1 juli zijn er nieuwe postzegeltarieven gekomen die o.a. inhouden dat voor een “gewone” brief voortaan niet langer f 0,80 maar f 0,85 verschuldigd is. En wat blijkt ?

In euro’s kost de nieuwe postzegel de burger 0,39 euro, zijnde volgens de officiele omrekentabel (1 euro = f 2,20371) een bedrag van f 0,85945 ofwel afgerond f 0,86.

Vooral voor reizigers naar landen binnen Europa met een “zwakke” valuta, biedt de invoering van de euro veel gemak. De prijs van een “produkt” in een land als Belgi� (franc), Spanje (peseta), Portugal (escudo), Italie (lire) of Griekenland (drachme) is voor de reiziger voortaan onmiddellijk duidelijk. Gewoon vermenigvuldigen met pakweg f 2,20 en je bent er als Nederlander uit. Voortaan dus geen ingewikkelde omrekeningen meer!

Veel, vooral oudere, mensen hebben contant geld in kluizen of in “oude sokken” liggen- het zou hierbij volgens schattingen gaan om 2,4 biljoen gulden (=1100 miljard euro’s ). Wie waarschuwt deze oudere mensen ?  

Vanaf 28 januari 2002 is de gulden geen wettig betaalmiddel meer. Tot 1 januari 2003 kunnen guldenmunten en guldenbiljeten nog worden ingeleverd bij het postkantoor. 

Guldenmunten zijn tot 1 januari 2007 en guldenbiljetten zijn tot 1 januari 2032 inwisselbaar bij de Nederlandse Bank. Voor mensen met “zwart” geld is het “kort dag”. Hoe dit geld “wit” te wassen? De belastingdienst heeft voor deze mensen een speciaal oog in deze maanden.
S.W.

Brieve van Pieke Jr. uit de Piemelehoek.

Dag mense van Geul, hier weer een brief van jullie Pieke . Ik had eers alleen maar een kaart wille sturen omdat het ummers verkansie is en ik niet veel tijd heb, omdat ik de Noonk en Harie moet helpen met het uitdoen van de vroege aarrappele en met het heujen en de poor plante. En der is niet zoveel te doen in Geul want het is komkommertijd, zegge die van de gezet en die van de bouwvak hebben ook verkansie en daarom is het weer ook weer goed. 

En de Noonk zegt dat hij vroeger nooit op verkansie ging en toch altijd kaarte stuurde naar de mensen met groete van Geulle aan de Maas, maar dat hij nou beter kaarte kan sturen van Geulle in de ma�s. 

Maar wat kalle ze nou over komkommertijd, de gezet en de Maaspost en zo stonde toch maar mooi vol van die van Geul, Sjaak van den Ummel met zijn uile en Har van Smeets met zijn snoek, en Jan van Winands met zijn scoeter en Jo van Fien van Harie van Drik met zijn bellebuimpkes en van nog een bekende persoon van daar in de buurt met van alles en nog wat en uuffoos en die heef Geulle nog op de wereldkaart gezet, zeg hij zelf tenminste en hij heef zich ook prettig onderhouwen met een paar vethouders en hij is zelf een beetje avvecaat, zeg hij, en nou zal het de Noonk toch benieuwen wat of daar nog van komt en zo zie je maar weer zeg de Noonk, waar een klein dorp groot in kan zijn. 

En dat is ook zo voor Uikeve, het is niet groot maar leeve maake dat kunne ze wel, hart en lang want je hoort het nog tot hier in de hoek tot diep in de nach en het was schijns heel druk aan het veer met lange wachtijden, want de Noonk zag ter een paar ‘s morreges vroeg nog schegelentere door de Lei opkomen. 

En nou hebbe ze in Broekhove wel een paar kannadasse omgehouwe, maar dat is niet zo erg, want bij de brandweerkeet staat het onkruid lekker hoog en dat kunnen die van de brandweer wel, branden uit spuiten, maar onkruid uitdoen, dat moete ze schijns nog leren. En der zijn ter meer die daar las mee hebben, want overal in de gutte steek het groen de kop op, maar de Noonk heef gezien dat ze in Bung al bezig zijn met dat kepot te branden en zo houden ze zich zelvers aan de gang, de een verbrant het onkruid en de ander blust de brand en dat kan goed scheef gaan net zoals lets in Maastrich. 

En een dezer daag kome die onkruidverbanders dan ook wel weer naar Geul en dan ziet het er misschiens weer wat beter uit en dan hoef je je tenminste niet te schame als je met een vreeme door het dorp gaat, zeg de Noonk. Maar ze kunnen beter wachte tot het kruid hoog staat, dan zien ze het tenminste en slaan ze niet de helft over, maar hij vraag zich wel af of het bij de burger en zijn vethouders voor ook zo hoog staat. 

En nou is ter eene met een trakter aan de gang en die veeg alles uit de gut de weg op, net wie vroeger de luui deden en het ziet er echt schebbetig uit en de gemeente zal het wel nog eens opruimen, ja ja, tenminste als geen vreeme met zijn wagel sjus bij jou voor in de gut staat, want dan moet je nog zelf in den haam, zeg de Noonk. Mij maak het niet zoveel uit, ik hoef nog maar een paar mangele aarrappele te raape en dan kan ik gaan zwemme. 

Nou, tot dan adi� met de groete van Pieke junior uit de Piemelenhoek

Wortels in en uit het verleden II.

In de vorige Sjakel kondigden wij aan dat wij in de toekomst informatie uit de Geulse archieven zouden publiceren. Welnu, hier volgt weer een wortel of moeten we zeggen “racine”, want het gaat om de weergave van een in het Frans gestelde brief aan Gedeputeerde Staten, waarschijnlijk in afschrift gezonden aan het gemeentebestuur van Geulle, althans opgenomen op de achterzijde van het eerste blad van inventarisnummer 8 van het gemeente-archief van Geulle. De brief is helaas niet gedateerd, maar moet geschreven zijn na de dood van Pastoor Smeets, die overleed op 9 december 1819. De Franse tekst besparen wij u, maar we doen wel een poging om de inhoud hier weer te geven.

Jean Wijnand Boots, wonend te Meerssen, geeft als gevolmachtigde van de erfgenamen van wijlen Pierre Renier Smeets, in leven pastoor van de gemeente Geulle, respectvol aan de edele en zeer achtenswaardige heren Gedeputeerde Staten van de Provincie Limburg te kennen, dat, toen die parochie in 1787 aan de thans overledene werd toevertrouwd met hem door de gemeente een tractement van 240 gulden Luikse koers per jaar werd overeengekomen. Dat tractement was betaalbaar per 24 juni en werd hem ook regelmatig uitbetaald in de vorm van producten, afkomstig van boerderijen en van gemeentelijke eigendommen, zulks tot het jaar 1797 waarin hij slechts 160 gulden ontving. 

Vanaf die tijd heeft men hem echter niet meer betaald en toch heeft hij, zoals de gemeente zal moeten erkennen, niet opgehouden de plichten van zijn priesterschap trouw te vervullen, ondanks het feit dat hij geen enkel tractement genoten heeft tot de maand juni 1804 toen de Franse regering hem, net als zijn confr�res, een loon van 500 francs toekende. Dat hem als voorganger van de gemeente dus een bedrag is schuldig gebleven van ruim 1107 gulden, zoals blijkt uit een schrijven, gericht aan Gedeputeerde Staten, opgesteld in augustus 1818, welk bedrag door de interest ook na het overlijden van de pastoor alleen maar stijgt. Bovendien heeft de pastoor destijds niet begrepen dat hij het recht had met terugwerkende kracht nog geld te vragen, omdat het tractement, dat hem door de Franse regering was toegekend, slechts een supplement was en geen nadelige gevolgen had voor zijn overeenkomst met de gemeente. 

Het zachte, vredelievende en ook wat onge�nteresseerde karakter van de goede grijsaard, aldus de heer Boots, verhinderde hem echter de gemeente in rechte aan te spreken voor de betaling van de beloning, waarop hij recht had. Hij beperkte zich ertoe verbale twisten met de lokale autoriteiten aan te gaan. Daarentegen koesterde hij steeds de hoop dat de voorzienigheid ervoor zou zorgen, dat de financi�le toestand van de gemeente ooit zodanig zou zijn, dat het met die betaling wel in orde zou komen. Die hoop is echter geen bewaarheid geworden en de schuld, waarom het hier gaat, is er nog steeds. 

Het zou echter onvergeeflijk zijn tegenover de erfgenamen van deze achtenswaardige geestelijke, onder wie zich veel minderjarigen en wezen bevinden, als de aanspraak op betaling veronachtzaamd zou worden. 

De erfgenamen nemen dientengevolge de vrijheid zich tot Gedeputeerde Staten te wenden opdat het de edele en zeer achtenswaardige heren zoude behagen dit verzoek ten laste van de gemeente in te willigen en de voor uitbetaling nodige opdrachten uit te vaardigen. 

De erfgenamen zijn ervan overtuigd dat Gedeputeerde Staten een en ander rechtvaardig zullen bezien en dat de lokale autoriteiten vanuit een positieve opstelling de heilige verplichting, die zij met hun eerwaarde pastoor zijn overeengekomen zullen benaderen. Daarom durven zij hopen dat hun verzoek welwillend zal worden ontvangen en dat het met succes bekroond zal worden.

En toen …………, ja, dat weten wij ook nog niet, maar misschien de volgende keer wel..
L.v.K.

Politie varia

  • In juli werd op de Poortweg een fiets, merk Gazelle, gevonden, welke werd overgebracht naar het bureau te Meerssen. Deze fiets stond niet als gestolen gesignaleerd.
  • Tussen woensdag 11 en donderdag 12 juli werd ingebroken in een personenauto, welke stond geparkeerd op de oprit van een woning Aan de Maas. Het rechterportierslot werd geforceerd en uit de auto werd een radio/CD-speler ontvreemd. 
  • Op maandag 16 juli werd tussen 12.00 uur en 21.00 uur, op de Essendijk een witte fiets, merk Gazelle, ontvreemd. 
  • In de nacht vrijdag 20 op zaterdag 21 juli werden in Geulle-Aan de Maas een tweetal auto’s vernield. Vermoedelijk zijn deze vernielingen gepleegd door enkele bezoekers van de Kiezelfeesten. Van een auto werd de buitenspiegel afgetrapt, de tweede auto werd bekrast, vermoedelijk doordat men een tafeltje tegen de auto had gegooid. Zoals elk jaar moet men iets vernielen als men naar de Kiezelfeesten is geweest.
  • Op zaterdag 21 juli omstreeks 23.45 uur een visserijcontrole gehouden, waarbij een 6-tal nachtvissers werden aangetroffen.
  • Op zondag 22 juli werd ontdekt, dat er een grote hoeveelheid bedrijfsafval was gestort op de Saintweg. Het afval wordt door de gemeente opgeruimd.
  • Op dinsdag 24 juli tussen 13 en 15 uur, werd ingebroken in een personenauto, welke stond op de parkeerplaats van de Slingerberg. Rechterportierraam werd vernield en uit de auto werd een radiofrontje en een CD-bak ontvreemd
  • Op dinsdagmorgen 24 juli omstreeks 04.00 uur werden diverse meldingen van geluidsoverlast gemeld door bewoners van Geulle en Bunde. Deze geluidsoverlast was afkomstig van de Kiezelfeesten in Belgi�. 
  • Tijdens een controle werd een bestuurder van een personenauto op de Essendijk gecontroleerd, waarbij bleek, dat deze iets te veel had gedronken. Daar de bestuurder medewerking weigerde, werd deze mee-genomen naar het politiebureau. Ook aldaar weigerde hij alles en werd vervolgens ingesloten. Van deze bestuurder werd het rijbewijs ingevorderd.
  • Op dinsdag 24 juli tussen 11.30 uur en 16.30 uur, werd getracht in te breken in een personenauto welke stond geparkeerd op de parkeerplaats van het zwembad aan de Andreas Sauerlaan. Alleen de sloten werden geforceerd.
  • Op dinsdag 31 juli omstreeks 12.00 uur vond er een aanrijding plaats op de splitsing Oostbroek/Westbroek. Een fietser wilde vanaf het fietspad linksaf Westbroek oprijden op het moment dat een motorrijder zijn weg wilde vervolgen richting Oostbroek. Beiden raakten elkaar en de motorrijder kwam ten val. Hij is per ambulance afgevoerd naar het ziekenhuis. 
  • Op dinsdag 31 juli omstreeks 14.00 uur werd er melding gemaakt van het feit dat jongeren vanaf de brug over het Julianakanaal naar beneden zouden springen. Ter plaatse en ook op de brug te Bunde werd niemand aangetroffen. 

Gevonden: 3 sleutels aan groen label
Brig. Giesen

Geulle 50 jaar geleden
Augustus 1951.

  • Op 30 augustus overleed de heer Jan Hubert Pesch. De heer Pesch was op dat moment de oudste mannelijke inwoner van onze gemeente. Hij bereikte de gezegende leeftijd van een-en-negentig jaar. De heer Pesch was een zeer geacht ingezetene, die jaren lang deel uit maakte van de Raad en wethouder der gemeente is geweest. Tevens was hij voorzitter van de Raad van Toezicht der Boerenleenbank. Hij ruste in vrede.
  • De heer Jos Stijnen, Hulsen 48 alhier, welke thans werkzaam is als onderwijzer te Stein is thans als zodanig benoemd te valkenburg.
  • September-kermis. Belanghebbenden worden er op attent gemaakt dat de September-kermis zal plaats hebben op zondag 9 en maandag 10 September. In tegenstelling tot voorgaande jaren zal er geen toestemming worden verleend tot het houden van vermakelijkheden op dinsdag 11 September a.s. daar die dag officieel niet als kermis is ingesteld.
  • Het bestuur van de fanfare St.Martinus verzoekt het volgende bericht te plaatsen : Teneinde alle misverstanden uit de weg te ruimen delen wij U mede dat Mevr. van Aefferden de hoge functie van Beschermvrouwe heeft aanvaardt ter voldoening aan het verzoek van het bestuur der fanafare “St. Martinus” omreden de burgemeester reeds lang optreedt als beschermheer van de fanfare “St. Caecilia”. Door aanvaarding – aldus mevr. van Aefferden – heeft zij gemeend te handelen in de geest van onderlinge saamhorigheid ter bevordering van harmonie tussen beide muziekgezelschappen zonder oogmerk hierdoor blijk te geven van een bepaalde sympathie.

Hein Peters

In de heer zijn overleden

  • Op 14 juli 2001, op 71-jarige leeftijd, Lieske Freens-Schols, echtgenote van Lei Freens van de Hulserstraat;
  • Op 25 juli 2001, op 85-jarige leeftijd, Oud-Geullenaar Leo Ketelslagers, weduwnaar van Maria Jorissen.

Commotie over “promotie”

In de Sjakel van juli 2001 was een kort redactioneel artikel gewijd aan de eerste “echte” Geulse dokter.
Opeens blijkt dan dat er al eerder “echte” Geullenaren afgestudeerd zijn als (basis-)arts. Het was niet de bedoeling van de redactie om deze mensen te kort te doen. De redactie was hiervan gewoon onwetend. Sorry!
En daarom vanaf deze plaats alsnog ook voor hen onze welgemeende gelukwensen.
(red.)

Unieke verjaardag

Op 29 juni werd Zijne Koninklijke Hoogheid Prins Bernard 90 jaar.
De heer Voncken uit Moorveld stuurde de Prins een felicitatiebrief met een foto van de Prins toen deze met zijn priv� vliegtuig op het vliegveld (toen nog vliegveld Beek) stond in 1956. Hij werd daar verwelkomd door Ger Maassen. Deze was als ambtenaar van de gemeente Beek tijdelijk havenmeester, zijn zoon Paul woont thans in Hussenberg.

Een paar dagen na de verjaardag van de Prins liet deze in het landelijke dagblad “de Telegraaf” weten, dat hij onmogelijk die honderden brieven schriftelijk kon bedanken, omdat hij daar als 90-jarige tot september mee bezig zou zijn.

Waarschijnlijk was de foto van de heer Voncken hem echter zo goed bevallen, dat hij hiervoor een uitzondering maakte. Want op 19 juli ontving de heer Voncken een persoonlijke brief van de Prins:

“Mijn bijzonder hartelijke dank voor de goede wensen die ik ontving op mijn negentigste verjaardag.” Bernhard.

Hierbij zaten ook nog twee foto’s van de Prins waar deze in Afrika vanuit een Jeep een olifant fotografeert.
J. Maassen

Over de balk

Onder deze titel heeft de omroep Yorin (voorheen Veronica) een programma waar investeringen aan de kaak worden gesteld die, meestal achteraf gezien, alleen maar geld kosten en niets extra’s opleveren.

Onder deze titel zou ook de aanleg van de 30-km zone in het Hulserveld kunnen worden genoemd. Want behalve een drietal borden worden er ook nieuwe verkeersdrempels aangelegd. Waar? Nou, ongeveer 5 meter naast de huidige drempels. 

Waarom een 30-km zone aanleggen in een gebied waar je �berhaupt niet harder kan rijden? De meeste straten zijn te kort of te bochtig om harder te rijden en op de enige straat waar dit wel zou kunnen, de Burgemeester Thijssenlaan, lagen al drie drempels.

Onbekenden in deze buurt zullen hier echt niet snel te hard rijden, terwijl degene die hier wel bekend zijn (voornamelijk de bewoners) en dus bewust (te) hard rijden zich niet veel zullen aantrekken van die paar borden en een verschoven verkeersdrempel. Los hiervan is controle door de politie, gezien de ligging van de straten en de beperkingen van de meetapparatuur, vrijwel onmogelijk. Het enige risico dat een hardrijder loopt is het beschadigen van zijn auto. En bij een enkele drempel in Geulle loopt zelfs een voorzichtige chauffeur dit risico.

Misschien dat de gemeente de buurtbewoners een groter plezier had gedaan door eindelijk eens onderhoud te plegen aan het langs de spoordijk lopende en al jaren onbegaanbare voetpad dat de straten met elkaar verbind.

Of het eerder aanleggen van verkeers-remmende maatregelen in andere, meer urgente wijken, in Geulle. Wat te denken van de doorgaande weg Oostbroek – Hulserstraat? Een stopverbod binnen een straal van 250 meter van de lagere school? 

Misschien dat de gemeente toch al beter een jaartje of twee had kunnen wachten. De kans bestaat namelijk dat na de bebouwing van het voormalige terrein Schols in 2002 ook de Burgemeester Thijssenlaan opnieuw kan worden gerenoveerd.
Duvelke

25 jaar Senioren Vereniging Waalsen

Op 8 september viert Senioren Vereniging Waalsen haar zilveren jubileum. 
Om 18.00 uur is er een H. Mis ter intentie van de levende en overleden leden in de parochiekerk te Waalsen – Moorveld.

Aansluitend is er om 19.00 uur receptie in zaal “De Kollekamp” te Moorveld.

Expositie Fotogroep Geulle

Onder het motto “Kijken en / of Zien” houdt fotogroep Geulle van 7 tot en met 9 september haar 2-jaarlijkse tentoonstelling in “de Klei oave”. 

De leden tonen hun beste en mooiste foto’s. Voor het motief is een hele ruime formulering gekozen omdat ook niet-leden in de gelegenheid worden gesteld om hun fotowerk te tonen.

De tentoonstelling wordt op 7 september om 20.00 uur geopend door Burgemeester Kockelkorn. Op zaterdag 8 september is de opening van 11.00 tot 21.00 uur en op zondag 9 september van 11.00 tot 17.00 uur. De toegang is gratis.


De Sjakel

Juli 2001

Geulle in vroeger tijden.
34. De vrome Geullenaren.

In deze Sjakel wil ik iets vertellen over de grote geloofsbelevenis van onze vroegere dorpsbewoners. In eerdere afleveringen schreef ik al dat onze voorouders graag op bedevaart gingen, onder andere naar Scherpenheuvel (B), Wittem, Sittard, Houthem-Sint Gerlach, Kevelaer (D) en Maastricht. Men ging meestal op bedevaart om genezing te krijgen van een menselijke ziekte of van een veeziekte. Daar had je dan ook speciale bedevaartsplaatsen voor. Ook waren er in de parochie vaak processies, zoals bijv. de sacraments- en kruisprocessies. Want de Geullenaar was gelovig. In de tijd van Sint Servatius was hij al tot het rooms katholieke geloof bekeerd. Dit eeuwenoude geloof heeft diepe sporen nagelaten in het karakter en in het dagelijkse leven van onze vroegere dorpsbewoners. De omgang met God en de heiligen werd een vertrouwelijke en blije omgang. De kerkelijke feesten werden ook huiselijke feesten. Onze Geulse voorouders hebben hun geloof ook altijd vrij kunnen uitoefenen behalve toen de Staatsen (protestanten / gereformeerden) het hier voor het zeggen hadden (circa 1630-1820). 

Ieder jaar werden de feestdagen van de patroonheiligen in ere gehouden. Want in plaats van verjaardagen werden vroeger de patroonheiligen-dagen gevierd, zoals bijv. Sint Jozef (Sint Joep) op 19 maart. Dan had iedereen die Jo, Jozef, Sjef, Jos� etc. heette naamfeest. In de vorige eeuw is deze eeuwenoude traditie geleidelijk aan verloren gegaan en vervangen door de viering van de eigen verjaardag.

In onze eeuwenoude Sint Martinuskerk werden naast O.L. Heer en O.L.Vrouw vooral Sint Appolonia, Sint Gertrudis en Sint Martinus in het bijzonder vereerd. De H. Appolonia werd aangeroepen ter bestrijding van kiespijn. Vele mensen kwamen uit de omliggende dorpen om haar te vereren en de relekwie te kussen. Haar beeld met een nijptang in een van haar handen staat nu nog in de parochiekerk van Geulle-beneden. 

Ieder jaar werden bij vele kerkelijke feestdagen bepaalde gebruiken in ere gehouden. Zo kwam bijv. op 6 januari dus op Driekoningen de traditionele driekoningen-koek op tafel. Met Maria Lichtmis (2 februari) zorgde men voor een gewijde kaars en met Sint Blasius kreeg men de zegen met twee kaarsen ter bescherming tegen keelklachten.

Met Aswoensdag ging iedere Geullenaar in de kerk zijn askruisje halen. Op Palmzondag liet men er gewijde palmtakjes zegenen en stak ze daarna in de stallen en op de hoeken van de velden. En op Paaszaterdag ging de koster het dorp rond en kreeg overal paaseieren. Op Maria Hemelvaart gingen de gelovigen met mooie veldboeketten van o.a. reinvaren, hommelskruid en aren van rogge en tarwe (“de kroedw�sj”) naar de kerk, om deze na de zegening te bewaren ter bescherming tegen onweer en blikseminslagen. Op de vooravond van het feest van Sint Maarten of Martinus (10 november) werden in ieder gehucht van Geulle elk jaar de Sint Maartensvuren ontstoken. Dit was vooral voor de jeugd dagenlang feest, waarover ik een volgende aflevering wat meer wil vertellen. Op de woensdag voor Kerstmis (Quartertemper – woensdag) was de zogenaamde Gulden Mis. Na afloop plukte men enkele kersentakken en die stonden met het kerstfeest in volle bloei! 

Zoals onze voorouders in ons mooie dorp jaar in jaar uit godsvruchtig leefden, zo beleefde men ook elke dag van het jaar. Men stond op met het morgengebed, dankte God voor en na elke maaltijd en in de avond werd gezamenlijk de rozenkrans gebeden. Ook vergat men niet om Hem te groeten bij elk kruisbeeld waar men langs kwam en om ‘s middags om 12 uur het angelusgebed te bidden. Als om 12 uur het angelusklokje luidde (“tumpte”) dan stopte de boer met zijn veldarbeid en bad het angelusgebed. Het kerkbezoek was indertijd hoog. 

Van de kinderen van de basisschool werd verlangd dat zij iedere morgen naar de H. Mis gingen en zeer zeker op de eerste vrijdag van iedere maand. Het kerkbezoek werd op het schoolrapport bijgehouden. Om de vijf of zes jaar was er missie in de parochie. Dan kwamen twee paters van Wittem een week lang elke dag preken, de ene avond voor de mannen en de andere avond voor de vrouwen. Die preken gingen meestal over de 10 geboden en meer in het bijzonder over het 6e en 9e gebod. 

In die tijd had je ook retraites. De mannen gingen dan drie dagen naar het retraitehuis in de bossen bij Spaubeek. Daar kregen ze onder andere katholieke leefregels bijgebracht. Grote bedrijven gaven zelfs extra verlof om bijv. eens per drie jaar op retraite te gaan. De vrouwen gingen regelmatig op retraite in huize Maneresa te Venlo. Dan kregen vooral de gehuwde vrouwen drie dagen lang door de paters de les gelezen. Deze bemoeiden zich ook met de kleding van de dames, want alles moest uiteraard kuis en zedig zijn. Vele van deze godsvruchtige gewoonten en tradities zijn in de loop ter tijd – en meer in het bijzonder in de laatste 50 jaar – verloren gegaan. 
Archie Varis.

Brieve van Pieke jr.

Dag beste mensen van Geul, hier ben ik weer met een epistel. Ik zit hier op de knup met de leptop, die ik van de meester op school heb mogen lenen om te leren hoe ik die van de Heemkunde kan helpe met archieveren. Dat is toch mooi, wat die jonges doen, zeg de Noonk, en als hij niet zo oud was en nog van in de tijd van de buizeradio, dan zou hij ze wel een hendsje helpe zeg hij, want wat ter hier in Geul vroeger allemaal gebeurt is, interesseert hem wel, soms nog meer dan wat ter nu allemaal in de hand is, want hij kan het allemaal niet zo meer volge, maar ze moete zich wel in de gaters houde dat hij zondags op zijn gemak naar de kerk en naar de kaffee komt zonder dat hem een hele hoop blote van de weg af reije met hun ossekopstuure op de fiets en zo. Nee, dan vroeger, toen was ook dekser renne, maar die hadde tenminste nog kleere aan maar de zeever was nog meer dan nu, nu kijk niemand meer de naa om. 

Maar Harie zeg dat de Noonk zich toch bijna de ooge uit de kop heef gekeken en zijne nek heef verrek, maar dat komp niet van die bloote, zeg de Noonk, maar van wat ze allemaal op de weg gekalk hebbe voor die aan te moedigen. Maar als het weer eens goed regent, dan is dat allemaal weer weg, zeg de Noonk en dat is nou het verschil tussen vroeger en nu, het heef allemaal geen eeuwigheidswaarde meer, volleges hem. En hier op de knup is het nog allemaal zo mooi wie vroeger en wel lekker zo in de zon en in de schaduw want die van de buurt hebben alles eens flink geschore hier, zodat de mense weer kunnen zien of Belsj nog lig waar het altijd lag. En ik heb ook de korte broek aan, want die lang pijpe zijn nou echt te warm en de musse valle bekans van het dak, maar daar zijn der niet veel meer van, maar wel vinke en biemeize en spechte en reigers en ook zwerbelkes. Het gaat dan toch nog wel goed met het milieu, als je al die veugelkes ziet, zeg de Noonk, en dat lig ook aan de poletiek, die maken zich druk om de drekbak en de greunbak, maar niet allemaal, want hij zag lets eene van een groene partij, maar die was niet echt groen, want hij was den onkruit van het geleeg af aan het spuiten en dat ging niet met klaar water, zeg de Noonk en zo zie je maar niet alles is wat het lijkt te zijn, zeg hij en soms moet je wel eens spuite, zo als bij de dokters achter bij het Medisch Centrum, daar staat de troep je tot boven de kop, maar waar zo hoog het groen staat hoeve de honde ook niet te meste. En hij had zich dat eens bekeken en toen wilde hij de gemeente bellen of tat ze daar niet eens wat aan konde doen en toen hij op het kerremisterrein was, was de tillefooncel weg en daar heef hij zich eens flink giftig over gemaak, maar dat helpt toch niks en hij belief ook geen mobiele tillefoon want dan kan hij niet eens meer met rus naar het huiske en dat hoef voor hem ook niet, want hij vindt dat je moet opbellen met zo een oude bakoliete tillefoon, dan heb je tenminste pakkes, zeg hij, en dan verstaan de luui je ook nog als je eens flink aan het leer trekt en toen hij weer in den hook was vroeg Merie hem hoe de kermis was en daar had hij nog niks eens van gezien, zoveel stond er op zei hij en der was niet eens eens een vissekraam, dat vind hij bij een kerremis horen en in de kaffees was het net zo druk dan normaal en hij had zich nog maar een elske gedronken want van die nieuwerwetse drankjes moet hij ook niks hebbe en ik ook niet altijd, want het liefste heb ik nog een waterijske, zo nen lolie, want daar gaat de dors zo goed van over en plek je tenminste je tong niet aan den hemel vast en nu weet ik niks meer en dus ga ik sluiten met eene adi�, tot de volgende keer met de opgerichte groete van uw Pieke junior uit de Piemelenhoek.

Wortels in en uit het verleden.

De Heemkundevereniging G��l is, onder aanvoering van de sectie genealogie, begonnen met een nieuw en zeer omvangrijk project, namelijk het bestuderen en (digitaal) toegankelijk maken van de archieven van de voormalige gemeente Geulle. Die archieven worden thans in het gemeentearchief van Meerssen bewaard. Van die archieven is in 1991 door de heer W. van Mulken, ambtenaar bij de Provinciale Inspectie der Archieven in Limburg, een inventaris gemaakt, die ook in druk is uitgegeven. Ook de Heemkunde-vereniging heeft een exemplaar van die inventaris in bezit. De inventaris is beperkt in omvang, zeker als men ziet welke schat aan informatie over Geulle, zijn geschiedenis en veel van zijn inwoners in die archieven verborgen zit. Enige voorbeelden daarvan zijn de invoering van de hondenbelasting ( er zijn immers weelde-honden en werkhonden), de invoering van de boomtax, verordeningen op het onderwijs (er is een tijd dat de ouders hun kids slechts in de wintermaanden naar school sturen en ze in de rest van het jaar thuis houden, ocharm), het sluiten der herbergen (in de zomermaanden mochten ze om 04.00 uur al weer open zijn), de openbare orde, veiligheid en reinheid (men mag niet kwaadwillig schellen = belletje trekken , op de ramen slaan of op de openbare weg aan zijne natuurlijke behoeften voldoen !), grote aantallen gevallen van bijstand aan behoeftige mensen, de bouw van gemeentehuis, school en waterputten (rond 1865 op Hussenberg, Snijdersberg en Moorveld), de aanleg van wegen en de bouw van den Halt, het orgel in de kerk, wat te doen bij runderpest (toen ook al !?), het ontslaan van wethouders, de onderlinge ruzies tussen de raadsleden, het gekrakeel over de bezoldiging van de schoolmeester (Philippens) of de betaling van de veldwachter of garde-champetre, zoals die toen heette (Janssen) en waarom zou het hout van onze bomen minder waard zijn dan het hout van de bomen van die van Itteren, Bunde of Elsloo?

Er zijn bovendien of liever bovenal vanuit het verleden veel lijnen te trekken naar het heden. 

De Heemkundevereniging heeft dan ook vanuit haar doelstelling de geschiedenis van Geulle te onderzoeken en te beschrijven het idee opgevat die informatie ruimer te verspreiden, door publicatie van de archieven en op die archieven gebaseerde artikelen en teksten in de Sjakel of anderszins. 

Maar dan komt het, hoe gaan we dat doen? Het archief omvat, zo leert een eerste verkenning, meerdere duizenden zo niet tienduizenden bladzijden. De archieven van de gemeente Geulle hebben een omvang van ongeveer 7 strekkende meter (!). Deels is alles in mooie, oude en vooral dikke boeken ingebonden, een ander deel is nog los. Het is, met de beknopte openingstijden van het gemeentearchief, onmogelijk de archieven ter plekke onder de loep te nemen en de informatie op die manier te verwerken. De boekwerken mee naar huis nemen is om begrijpelijke redenen niet toegestaan. Tienduizenden kopie�n maken en ze dan “thuis” aanpakken, zou, als dat al technisch mogelijk zou zijn, een zeer kostbare aangelegenheid zijn: de legeskosten zijn f 0,75 per fotokopie !! 

Het digitale tijdperk staat echter voor niets: men neme een digitale fotocamera, gaat naar het archief en maakt daar per uur een kleine 250 digitale foto’s. Vervolgens worden die foto’s via de PC op cd-ROM gezet en zie, ieder die in het bezit is van een computer met een geschikt foto-programma, kan de foto’s stuk voor stuk inlezen. Dan zijn we nog niet klaar. Het is (nog) onmogelijk, de teksten zonder meer om te zetten in uitgewerkte digitale teksten, zover zijn we met handschriftherkenning op de computer nog lang niet. Ook het tegelijkertijd gebruiken van tekstverwerkingsprogramma en foto-programma is (helaas) niet mogelijk. Terug dus naar het eenvoudige handwerk. We schrijven de teksten over en “kloppen” ze dan naderhand in een tekstverwerkingsprogramma in. Het maken van registers van personen, zaken, plaats-, straat- en veldnamen is vervolgens echter wel weer redelijk eenvoudig. Feit blijft, dat we onze handen er aan vol hebben en er, in ieder geval qua duur van het project, ons levenswerk van zouden kunnen maken: het is voor de oprechte heemkunde-liefhebber, amateur-historicus en ook voor de genealoog echt prachtig werk. 

U voelt hem al, we hebben hulp nodig. Straks komen de wintermaanden er weer aan en u heeft dan weer wat meer tijd. Denk er eens over na, wij organiseren ergens in het najaar een voorlichtingsbijeenkomst (zie aankondiging in een volgend editie van De Sjakel) en vragen u dan of u interesse hebt om ons te helpen, “ter meerdere eer en glorie van de geschiedenis van Geulle”. Voor informatie kunt u zich nu al richten tot Arthur Sassen voor het technische deel (046-4377156 of heemkunde@geulle.com) en tot Lou van Kan (043-3646690 of lvkan@home.nl) voor het inhoudelijke deel. Elders in deze editie van de Sjakel kunt u al een voorproefje lezen.
(red. LvK)

Geulle heet nieuwe inwoners welkom!

Enkele weken geleden betrok mevrouw mr. Brans, de nieuwe Griffier der Staten, “de rechterhand van” het provinciaal bestuur van Limburg en de “baas” van alle 850 ambtenaren van de provincie Limburg – tesamen met haar man- de prachtige villa op de Snijdersberg, die in de perode 1911-1913 werd gebouwd en nadien ook werd bewoond door de latere Stadsarchitect van Amsterdam, Johan Melchior van der Mey en die later o.a. werd bewoond door de familie de Gier.

Wij wensen de “nieuwkomers” van harte welkom en spreken de hoop uit dat zij zich snel in Geulle “thuis” mogen voelen. 
Red.

Geulle’s eerste arts

Onlangs studeerde onze dorpsgenote, Miranda Zeegers, een dochter van Kerkmeester John Zeegers van de Rector Thijssenstraat, aan de Katholieke Universiteit van Leuven (B.) “summa cum laude” (= met de allerhoogste onderscheiding) af als Basis-arts en werd daarmee onze eerste “echte” Geulse dokter.

Wij wensen Miranda en haar ouders van harte geluk met deze geweldige prestatie en spreken de hoop uit dat het behalen van haar dokters-bul het begin moge zijn van een schitterende carriere in de wereld van de geneeskunde, tot heil en genezing van velen.

Miranda, Geulle is trots op jou !
Red.

Geulle 50 jaar geleden..
Juli 1951

  • de fanfare St.Martinus werd te Austerlitz (provincie Utrecht) met groot succes bekroond. In de afdeling “Uitmuntendheid” kwam de fanfare uit het strijdperk met een eerste prijs en het hoogste aantal punten in die afdeling n.l. 355 . Tevens was er een dikke eerste prijs voor de marswedstrijd. Van de te behalen 45 punten scoorden zij 43 � punten. De fanfare stond onder de leiding van plaatsgenoot J.Notten. Natuurlijk werd op zondag 22 juli feest gevierd. Tijdens de receptie werd bekend dat mevrouw van Afferden de toezegging had gedaan om als beschermvrouwe der vereniging te willen optreden.

    Teneinde alle misverstanden uit de weg te ruimen deelt men nog mede dat mevr.van Afferden de hoge functie van Bescherm-vrouwe heeft aanvaard ter voldoening aan het verzoek van het bestuur der fanfare omdat de burgemeester sinds lang optreedt als beschermheer van de fanfare “St.Martinus”. Door aanvaarding – aldus mevr. Van Afferden – heeft zij gemeend te handelen in de geest van onderlinge saamhorigheid ter bevordering van de harmonie tussen de beide muziekkorpsen zonder oogmerk hierdoor blijk te geven van bepaalde sympathie.
  • De voetbalclub “Geulse Boys” heeft de maand juli aangegrepen om een eens flink feest te vieren ten gevolge van van hun 30-jarig bestaan.

    De vereniging werd oorspronkelijk opgericht in 1920 te Moorveld en is aldaar lange tijd gevestigd geweest waar ze eveneens over een veld beschikte aan de Rijksweg. In juni 1921 had de defenitieve oprichting plaats onder de naam “Moorveldia”. In het eerste jaar bepaalde men zich tot het spelen van vriendschappelijke wedstrijden. Daar men niet over voldoende spelers uit eigen dorp beschikte zag het bestuur zich genoodzaakt spelers uit omliggende dorpen aan te werven.

    In 1923 werd voor het eerst deelgenomen aan de competitie van de R.K. L.V.B.(Rooms Katholieke Limburgse Voetbal Bond) Doordat telkenjare spelers uittraden waarvoor dan weer nieuwe krachten gezocht moesten worden bleef de vereniging maar steeds uitkomen in de lagere klassen. Langzamerhand traden steeds meer plaatselijke leden toe en in 1927 vestigde men zich in de kom van het dorp, waar men eerst op een terrein in Broekhoven speelde, daarna aan het Kleinbroek en tenslotte aan het Westbroek. Deze wei is meer dan 20 jaren door de pachter van de gemeente, de heer Simonis, in bruikleen afgestaan aan de vereniging. In de competitie van 1928-1929 werd het eerste kampioenschap behaald. Het jaar daarna kon men echter niet aan de competitie deelnemen, wegens gebrek aan spelers. In mei 1931 werd op verlangen van de leden de naam veranderd in “Geulse Boys”. In het seizoen 1934 – 1935 werd het ongeslagen kampioenschap behaald en men promoveerde naar de 2e klasse. In dat zelfde jaar bracht men het hierin tot een beslissingswedstrijd tegen ASV uit Amby, die na twee keer verlenging verloren werd. Toch promoveerde men naar de 1e klasse .

De Sjakel

Juni 2001

Geulle in vroeger tijden.
33. Kapelletjes en kruisbeelden.

In deze aflevering wil ik de kapelletjes en kruisbeelden beschrijven zoals deze rond 1920 in Geulle stonden. Nadien zijn sommige van deze godsvruchtige bouwwerken verdwenen of verplaatst. Ook zijn er enkele nieuwe bijgekomen, zoals onder andere kapelletjes aan de Kruisboom, in Brommelen tegenover de camping en in Moorveld tegenover het Jachthuis. 

Sommige kapelletjes zijn al in de vorige aflevering genoemd waarin ik de historie van de grote Sacramentsprocessie van de Sint Martinus parochie behandelde. 

Daar schreef ik eerst iets over het kapelletje van Broekhoven. Dit werd in 1904 gebouwd op voordracht van kapelaan H. Sassen. Het werd toegewijd aan de H. Gerardus Majella en betaald uit bijdragen van de parochianen. Helaas is dit kapelletje jaren terug afgebroken. Het heeft gestaan schuin tegenover caf� het Hemelke.

In 1906 werd in Hulsen een kapelletje gebouwd dat werd toegewijd aan het H. Hart van Jezus. Op de voorgevel stond: Hart van Jezus ik vertrouw op U. Dit gebouwtje is jammer genoeg afgebroken. Het stond vroeger op de hoek van de Hulserstraat en de Poortweg. 

Een ander kapelletje dat ik in de vorige aflevering noemde, is gelukkig bewaard gebleven. Het staat achter de kanaalbrug aan de Geulstraat op de hoek met de zijstraat de Gank. Het is toegewijd aan O. L Vrouw van het H. Hart. Dit kapelletje werd gebouwd in opdracht van kapelaan R. van den Berg met hulp van onder andere mej. Aurelia Vijgen, de dochter van de toenmalige burgemeester. 

Ook het laatste kapelletje dat ik in de vorige aflevering noemde staat er nu nog. Het staat op het kerkplein schuin tegenover de Sint Martinus kerk. Het lag indertijd gedeeltelijk in de tuin van de heer L. Janssen. Hij had in 1908 het kapelletje laten bouwen ter ere van de H. Antonius van Padua. Op een banderol kan men nu nog lezen: In God mijn kracht.

In “uit Geul’s verleden” beschrijft pastoor Kengen ook nog een andere kapel en verschillende kruisbeelden. Zo behandelt hij een grote kapel die vroeger in Moorveld heeft gestaan, ondanks dat dit gebouw eigenlijk bij de parochie en de voormalige gemeente Ulestraten hoorde. Dit kerkje werd rond 1905 gebouwd in opdracht van de zeereerwaarde heer Felix Peerbooms. Deze grote kapel lag aan de Heerenstraat schuin tegenover het begin van de zijweg het Bospad. In dit godshuis werd door de zeereerwaarde heer Peerbooms vaker het H. Misoffer opgedragen. Het gebouw werd naar ik meen in de zestiger jaren afgebroken. Voordien was het ook de laatste statie of rustplaats in de oude route van de grote Sacramentsprocessie van het toenmalige rectoraat van Waalsen. Deze ging toen van de kerk van boven naar de Kruisboom. Dan ging men de Snijdersberg af en de Moorveldsberg op. Via Moorveld kwam men weer bij de kerk.

Rustplaatsen waren bij het nieuwe kapelletje aan de Kruisboom, aan een jaarlijks gemaakte tijdelijke rustplaats in de scherpe bocht van de Snijdersberg – bij Lombok, zoals iedereen dat daar vroeger noemde – bij het latere kapelletje van Moorveld tegenover toendertijd caf� Vroemen of Voncken en aan de hierboven beschreven grote kapel aan de Heerenstraat.

Pastoor Kengen noemt in “uit Geul’s verleden” ook verschillende kruisbeelden die rond 1920 in Geulle stonden. Deze werden geplaatst op kruispunten van wegen of op plaatsen waar iemand plotseling overleden was of door een ongeluk de dood gevonden had. Allereerst beschrijft hij het kruisbeeld dat zeer waarschijnlijk al meer dan 400 jaar aan de Kruisboom staat. Het staat er nu nog al is het wel een paar maal iets verplaatst. Op dit gietijzeren kruisbeeld staan de vrome woorden: Aanziet het kruis. Aanbid het niet. Aanbid den Heer. Wiens beeld gij ziet.

Verder noemt pastoor Kengen: 

  • Het kruisbeeld in Moorveld waar de wegen van de Moorveldsberg naar de huidige autoweg en die van Waalsen naar Kasen zich kruisen; 
  • Een kruisbeeld aan de vroegere put van Moorveld; 
  • Een steen met ijzeren kruis op het plein bij de Sint Martinuskerk dat ter ere van het gouden priesterfeest van pastoor Swelsen werd gebouwd; 
  • Een kruisbeeld aan de Poortweg;
  • Een kruisbeeld aan het kruispunt in de Scheer in Hussenberg en
  • In Brommelen aan het huis waar vroeger ooit “Jeupke de Snieder” heeft gewoond.

Nogmaals wil ik benadrukken dat bovenstaande een beschrijving is van de situatie van rond 1920. Tegenwoordig is de situatie anders, zoals u bij een wandeling door ons mooie Geulle zult merken.
Deze aflevering wil ik besluiten met een vrome wens van pastoor Kengen, de schrijver van “Uit Geul’s verleden”: Moge deze sprekende getuigen van het geloof en godsdienstzin van de Limburgers niet alleen in Geulle maar overal in ere worden gehouden, opdat Limburg blijve aan Christus.  
Archie Varis.

Literatuur:
Uit Geul’s verleden. (1926)

Onderhoudswerkzaamheden aan de spoorlijn.

Inleiding
In en rond het weekend van 17 maart zijn werkzaamheden verricht aan de spoorlijn ter hoogte van de Pastoor Smeetsstraat en de andere pastoorsstraten. Het werk is in de nachtelijke uren gedaan. Een van die avonden rond het middernachtelijk uur maak ik een wandeling via de Moorveldsberg naar beneden. Al vanuit Moorveld hoor ik een diep dof grommend, ratelend geluid alsof er gelijktijdig twee, wel drie langere goederentreinen voortdurend door het dorp denderen. Beneden aan de helling van de Moorveldsberg wordt de geluidbron duidelijk. Een lange trein met allerlei werkinstallaties staat op de westelijke spoorlijn. De installaties op de trein draaien op volle toeren hetgeen ook te zien is aan de vele mensen die of in het duister of met lampen zwaaiend langs de trein lopen. Het geheel maakt een spookachtige indruk. Boven op de spoordijk: een lange trein met grommende machines, veel drukke mensen, zwaailichten met plotseling in het nachtelijk duister een fel rood flikkerlicht. De betekenis daarvan wordt snel duidelijk. Nog geen tien seconden later passeert een stoptrein vanuit Bunde met ingehouden snelheid. In de zoektocht naar ‘wat er aan de hand is!’ ben ik via de Hulserstraat en het Leukdervoetpad de spoorlijn opgelopen. Ik heb geluk. Vanuit het duister komen enkele nachtelijke werkers, gewapend met professionele zaklamp en een enkele met een koplamp (zoals bij de mijnwerkers). Ik stel me voor als hulp-journalist van de plaatselijke heemkunde-vereniging en informeer belangstellend naar de aard en het doel van de werkzaamheden. 

Het verhaal van de nachtelijke werkers. 
Het bedrijf Railinfra is bezig met onderhoud aan de spoorlijn. Railinfra is een werk-maatschappij van de Nederlandse Spoorwegen. Het bedrijf heeft kennis en ervaring opgedaan met het onderhoud aan spoorlijnen. Een van de medewerkers, de heer Vankan, schetst het geheim van de kok. De rails liggen in een bed van dikke, gebroken stenen met daarin de beels waarover de trein rijdt. De ondergrond van stenen, ballast genoemd, zorgt ervoor dat regenwater onmiddellijk wegzakt. In de loop van vele jaren gebeurt het dat bladeren en stof een humuslaag vormen en daardoor de water-doorlaatbaarheid beperken. Water in de ondergrond tast ook de levensduur van de beels aan. Duidelijk is: het tracee dat bewerkt wordt, was aan een onderhoudsbeurt toe.

De ingezette machinerie�n.
De trein met een lengte van om en nabij de 300 meter fungeert als werkpaard. Op de trein staan de machines die gebruikt worden om de vervuilde ballast (kiezels) te verwijderen, om op te vullen en het geheel waterpas uit te lijnen. Ook herbergt de trein de buffers met daarin de nieuwe ballast alsmede opbergcapaciteit voor de vervuilde kiezels die afgevoerd worden. In volgorde van werkzaamheden worden de volgende machines ingezet:

  • de hormachine. Met een roterend (rond-draaiend) apparaat worden de stenen onder de beels met veel kracht los geslingerd en afgevoerd. Boven het grommend geluid van de installatie uit hoort men de stenen die met veel kracht naar boven getransporteerd worden en onderweg tegen van alles opbotsen. Dat levert alles bij elkaar ‘een redelijk hels kabaal op’. De vervuilde ballast wordt tot een diepte van 50/60 centimeter verwijderd. Door het verwijderen van de ondergrond over een afstand van tien, vijftien zakken de beels in een boog naar beneden en komen even in het luchtledige te hangen. Tijdens het werk in Geulle op zondag 18 maart was een rail doorgebroken en moest vervangen worden. De naam van de hormachine is afgeleid van het Engelse woord ‘horr’ en zou zoveel betekenen als filteren, schoon maken. 
  • De BAF, de ballast-afvoertrein, is het gedeelte van de trein met schuin omhoog lopende transportbanden waarover de af te voeren ballast op het treinstel getransporteerd wordt; vele van die wagons achter elkaar.
  • De grindtrein die de nieuwe ballast aanvoert en lost op de plaats waar opgevuld moet worden.
  • De stopmachine, een vernuftige machine die over een afstand van enkele tientallen meters de ligging van de rails met de beels peilt en zorgt dat kleine oneffenheden weggewerkt worden. Na het werk van de stopmachine liggen de rails waterpas. 
  • De stabilisator zorgt ervoor dat de nieuw aangevoerde ballast goed aangetrild wordt en voldoende stevigheid geeft. 
  • De BAM, de ballast-afwerkmachine die over de spoorlijn gaat nadat alle werkzaamheden verricht zijn. De machine zorgt ervoor dat de ballast onder en naast de beels mooi horizontaal ligt en dat de rails en omgeving schoon geveegd worden. Na deze machine kunnen de treinen weer rijden. 

Het onderhoud aan de spoorlijn wordt in de nachtelijke uren verricht omdat er dan minder verkeer op de spoorlijn is (waarvan gedurende de werkzaamheden slechts een lijn afwisselend gebruikt kan worden). Iedere nacht wordt een gedeelte van de spoorlijn helemaal afgewerkt.  

Bijkomende/verdere werkzaamheden.
Volgens een van de informanten van het spoorweg-onderhoudsbedrijf hoeft het veelomvattend onderhoud zoals nu gepleegd, niet vaak verricht te worden. De onderhoudsgevoeligheid is onder meer afhankelijk van de omgeving (het Bunderbos!). Gelijktijdig met het onderhoud worden ook de dwarsliggers onder de rails vervangen. Nu liggen er nog de houten beels, gewicht ongeveer 80 kilogram. De nieuwe dwarsliggers zijn van beton en wegen 300 kilogram. De nieuwe dwarsliggers mogen er zijn. Zij zijn goedkoper, stabiel en robuust in de ondergrond en duurzamer bovendien. Zij hebben derhalve geen enkele associatie met de overdrachtelijke betekenis van het woord dwarsligger. 

Onderhoudswerkzaamheden aan de spoorlijn vinden volgens een strak, vele weken van tevoren opgesteld plan plaats. Bij dit soort werk is het begrip veiligheid alles bepalend. Alle belanghebbenden moeten bijtijds ge�nformeerd worden. Eenmaal vastgesteld vindt de actie altijd doorgang. Nu al is bekend dat het bedrijf op 23 juni een zelfde onderhoudsklus gaat verrichten aan de spoorlijn in Bunde nabij de Ireneweg. Vanaf de openbare weg zal het werk dan van nabij gadegeslagen kunnen worden. Het bedrijf Infrarail heeft inmiddels aardig wat ervaring opgedaan, zo weet een van de werkers te melden. Want behalve in Nederland heeft men ook contracten met de spoorwegbeheerders in Belgie en Duitsland. Met dezelfde trein trekt men dan de landsgrenzen over en dat is beslist geen boemeltrein. 
Paul Notten

Geulle 50 jaar geleden..
Juni 1951.

  • De Geulse Boys gaan feest vieren. In juli gaat dat plaats vinden. Zij vieren dan het 30-jarig bestaan van de club. Er zal dan een wedstrijd gespeeld worden tussen de elftallen van Maurits 1 uit Geleen en Juliana 1 uit Kerkrade. Beide elftallen spelen in de hoogste voetbalklasse van Nederland.
  • De Geulse Girls speelden hun eerste offici�le wedstrijd. Deze wedstrijd werd gespeeld tegen de Haslou Girls. Onze meisjes kwamen echter nog ervaring en techniek tekort om van deze dames te winnen. Zij verloren met 6 – 1. Leny Pallada mocht de eer opeisen het eerste offici�le doelpunt voor de Geulse Girls gescoord te hebben. Gerda Thijssen en Lies Janssen waren aan Geulse zijde de uitblinksters.
  • De V.V.V. afd.Geulle heeft nieuwe wandelkaarten laten maken. Deze kaarten behelsen het natuurgebied tussen Bunde en Elsloo. Deze kaarten zijn te verkrijgen bij verschillende winkeliers en caf�`s tegen betaling van fl. 0,40.
  • Hotel “Schieversberg ” is verkocht en in partriculiere handen overgegaan. Voor Geulle met zijn toenemend aantal toeristen wordt het als een groot gemis gevoeld dat de exploitatie binnen afzienbare tijd gaat ophouden.

Hein Peters.

Over knotten en uitzichtpunten. 

In het artikel over dit onderwerp in de Sjakel van mei jongstleden wordt beschreven hoe de plaatselijke buurtvereniging spontaan meegewerkt heeft aan het kappen van de helling waardoor vanaf de Penderjansknub weer vrij uitgekeken kan worden over de Maasvalei tot ver in de Belgische Kempen. De genoemde plaatselijke buurtvereniging was niet die van Hussenberg maar van Snijdersberg. Met deze korte aanvulling alsnog de eer aan de mensen die het werk gedaan hebben. In overleg met Staatsbosbeheer waken zij in de toekomst over het vrije uitzicht vanaf de knub. De peetvaders van de Pendersjansknub krijgen daarmee tevens de eretitel van ‘knotfathers’. Bij een wandeling naar het uitzichtpunt -even voorbij de Piemelehoek- kunt U zien hoe fraai het uitzicht ter plaatse geworden is dankzij het vrijwilligerswerk van de buurt Snijdersberg.

Werkgroep “Oos Heem” weer van start.

Onder leiding van Sjir Webers (Steegske 1) is de werkgroep “Oos Heem” na enkele jaren van stilzitten onlangs weer van start gegaan.

Als eerste doel heeft de werkgroep zich voor ogen gesteld om van alle “bouwwerken” in Geulle (huizen, kerken, kruizen, gevelstenen, kapellen e.d.) foto’s te maken, met aanduiding van de ligging, straat en huisnummer, huidige bewoner e.d. 

Begonnen wordt in Hussenberg, Hierna volgen de overige buurten van Geulle. Als fotograaf fungeert Willy Ramakers van de Snijdersberg, geassisteerd door Hub Bollen van Broekhoven.

Eenieder die hierin is geinteresseerd kan zich aanmelden bij Sjir Webers voornoemd (tel. 364.54.84). De foto’s (10×15) zullen op papier (A-4-formaat) lichtjes worden vastgelijmd. Bij elke foto zal een beschrijving (met eventueel historie van het “bouwwerk”) worden gemaakt.

Hiervoor is elke helpende hand welkom. Het is verder de bedoeling dat ook eventuele “oudere” foto’s van het “bouwwerk” aan het “dossier” worden toegevoegd. Wie helpt mee?
(red)

In de Heer zijn overleden

  • op 9 juni 2001, op 79-jarige leeftijd, de Z.E. Zuster Yvonne van het Klooster aan de Hussenbergstraat, overleden te Fougeres (Frankrijk);
  • op 11 juni 2001, op 15-jarige leeftijd, Maud Ghijsen van de Hussenbergstraat / Eijkskensweg, overleden ten gevolge van een verkeersongeluk.

In memoriam Zr. Yvonne

Op 9 juni jl. overleed in het Moederhuis in Fougeres (Fr.) te midden van haar kloostergenoten en in het bijzijn van haar enige nog in leven zijnde zuster onze Zeer Eerwaarde Zuster Zr.Yvonne Berthiaux, Religieuze in de Congregatie van de Zusters van Christus Verlosser.

Zr. Yvonne werd op 27 mei 1922 geboren in Bain de Bretagne (Fr.). Zij kwam in 1947 naar Nederland.

In Nederland studeerde zij Nederlands en haalde zij de Onderwijsakte. Vijftien jaar was zij werkzaam in het onderwijs.

Hierna bekleedde Zr. Yvonne verschillende bestuurlijke functies in de Congegratie, in het Onderwijs en de Bejaardenzorg.

Sinds haar komst naar Geulle maakte Zr. Yvonne zich zeer verdienstelijk voor de Kerk en de gemeenschap van Waalsen. Zij was enkele jaren zelfs de rechterhand van Pastoor Kusters.

Zr. Yvonne heeft haar vele talenten intensief ingezet voor eenieder die een beroep op haar deed. Zij was een zeer beminnelijk persoon en daardoor geliefd bij zeer velen in Waalsen en ver daarbuiten. Zr. Yvonne hartelijk bedankt voor alles.
Zr. Yvonne is thans weer terug bij haar God en Schepper. Zij ruste in vrede.  

Brieven van Pieke Junior oet de Piemelenhoek.

Dag beste mensen van Geul, hier weer een brief van jullie Pieke. Wat een allegasie, nog bijna voortat de vorige Sjakel uit was kreeg ik een brief bij ons thuis van eene, die vroeg offent ik niet goed bij de kop was om te schrijven dat het niet uitscheidde met regenen terwijl het al een paar weken geen druppel geregend heeft. Hij had zelf bekans stublonge gekregen en een krof van het werreke in de tuin, schreef hij mij, en het was allemaal hartsikke droog en het water in de regenton was ook al op en nou moes hij nog verder lopen om alle planten water te kunnen geven en of ik de luui niet zoveel wou betoppe, want ter zijn ook luui van ver buite Geul, die de Sjakel lezen en wat moete die nu wel niet denken van de situasie hier, schreef hij. 

Nou doe ik maar eers ook eens de groete aan de luui van ver buite Geul en van over de zee en misschien willen die mij ook wel eens schrijve hoe offent het weer is bij hen, of ze daar ook moete sjravele om de moestem in orde te houde, sjus wie Harie van onze Merie, want die steek zich kepot aan de distele en de Noonk zeg distele steke is distele kweke en vorig jaar hadden hem de knijne aan zijn bone gezete en nu heeft hij met hinnedraad een hek gemaak om de moestem om de knijne buite te houden en de Noonk zeg dat het wel een ijzere gordijn lijk, maar dan wel een vinstergerdijn, want je kunt ter zo doorheen kijke en nou komen de knijnen niet meer aan zijn bonen. En dat van die zonneschijn na rege, dat zit hem zich zo, als ik mijn brief afheb dan ga ik de berg af naar die jonges van Lewet en daar koop ik me een postzegel en dan gaat de brief op de bus en die gaat snel, maar dan moet hij met de trein naar de Boss toe en die stempelt hem af en dan komp hij pas weer naar Geul, weer met de trein en dan vaart die trein nog een rondje langs de kerk en dan komp hij pas bij de hoofredactie op de Slingersberg en dan moet hij nog eens netjes gecontroleerd worde en dan zette die van de redactie hem in de Sjakel en dan moet hij nog gedruk en uitgevent worden en dat duurt zo lang dat de Maas in den tussentijd wel eens uitgewees en weer teruggegange kan zijn en dan krijg je zoget !! Jullie moete toch niet denke dat ik met een bussel hout voor de kop loop dat ik niet merk dat het overal veel te droog is en angers moet ik me ook nog giftig maken, 

zekers ? En de burger heef het zich toch in zijn tes gestoke van mijn vorige brief, want hij was al bij de examens van de visserkes en misschien dat nou ook de bouwvergunning voor het huisje van de visvereniging der snel komp. Goed zo burger, zeg de Noonk, zo kunnen we tenminste kalle, maar de wege zijn wel opgelap, maar toch maar half en dat zal niet lang houwe zo, zeg de Noonk, en hij is benieuwd of die vethouder al gestop is met rooke. En hij was gaan wandelen en heef gezien dat de kunsthaan aan de Maas op een ander nes met eieren zit en de Noonk hoop dat die daar langer kan blijven zitten als op zijn ander nes en de luui kunnen nou in ieder geval beter op die haan met zijn eier lette en der komen ook minder uitgaanders langs en die moete zich nou op de keizelfeeste maar een eike tikke dus dat zal wel lukke en nou hebbe ze daar den auwen boot van de gemeente neergeleg en die pak zich niemand mee, want ze hebben hem helemaal vol met grond en klauwe geleg en Harie denk dat dat is van de hoge heere, dat die toch nog angs hebbe dat de Maas nog eens over de dijk komp, maar dat zal dan een pratsj worde als de kantonniers eers de boot moete leeg make voor ze die van aan de Maas derin kunnen laten. Misschien hadde ze alles maar moete late wie het was, denk de Noonk. En der zijn ters ook nog die niet op de hooge heere vertrouwen en die hebbe zelf een boot voor het huis geleg, maar met maar een paar bloeme derin, die kunne ze zo deruit kegele en dan weg vaare en dat is toch een stuk gemekkelijker, en zo zie je maar zeg de noonk, je hoef geen hooge heer te zijn om slim te zijn. En ik ga me spek met eieren ete, want ik weet niets meer te schrijve en ik heb der honger van gekregen. Adi�, met de groete van Pieke junior uit de Piemelenhoek.

Hoe is het zo ver kunnen komen?

Hoe is het zo ver kunnen komen? Hoe is het gekomen dat steeds meer Limburgse natuur en landschap worrden vernietigd uit winstbejag?

1953 – 2000
Velen van ons kunnen zich de februari-ramp van 1953 voor de geest halen. Daarbij werden bijna de hele provincie Zeeland, de Zuid-Hollandse eilanden en grote delen van West-Brabant getroffen.

De destijds gebezigde slogan luidde: “Dit mag niet meer gebeuren in een land met zo’n rijk verleden op het gebied van dijkenbouw, kanalisering en stuw- en sluiswerken”.

Er werd veel en goed nagedacht over de best denkbare oplossing. De Delta-werken werden ontwikkeld. De kosten liepen in de vele miljarden. Heel Nederland was het ermee eens, dat na gedegen voorbereidingen de Delta-werken moesten worden uitgevoerd.

Het mocht het land wat kosten. Ook toen, zoals bij projecten van dergelijke omvang gebruikelijk, de ramingen vele malen moesten worden bijgesteld.

Nu bijna 50 jaar na dato mogen we stellen dat de uitgaven en de inspanningen niet voor niets zijn geweest. We kunnen er met z’n allen trots op zijn.

2001
Het Grensmaas-plan. Tengevolge van een steeds toenemende verharding van de ondergrond en het opheffen van natuurlijke remmingen (uitbreding van steden, dorpen, wegen en industrieterreinen) in het achterland van het stroomgebied van de Maas, is de tijdsduur waarin het regenwater naar de Maas stroomt vele malen korter geworden. Piekaanvoeren van hemelwater komen daardoor steeds vaker voor. Gevolg: toenemende wateroverlast in het stroomgebied van de Maas.

Pakt men deze problemen ook zo voortvarend aan als in 1953? Ja, men wil dijken verhogen, kades aanleggen, stroomgeulen verbreden en vloeiweiden aanleggen binnendijks om het achterland te beschermen. Maar er is een verschil. Heeft iemand bij de realisering van de Delta-werken ooit gehoord of gelezen, dat de uitvoering ervan kostendekkend moest zijn? Dat kan ook niet. Bescherming van burgers is een taak van de overheid en kan niet worden afgewenteld op de schouders van een lagere overheid.

Maar wat gebeurt er in Limburg? 
Van Limburg wordt wel verlangd dat het Maasproject uit eigen middelen wordt betaald en wel uit de opbrengst van uit onze bodem gewonnen grind.

Uit welke koker komt eigenlijk dat idee, dat de Maaswerken kostendekkend moeten zijn? Handelen bestuurders van Provincie en Rijkswaterstaat ‘op ingeving’ van de grindboeren, verenigd in de grindmaffia? Willen zij gestalte geven aan het gezegde: Voor wat, hoort wat? Laten zij dan bedenken dat ook in 2001 ‘ruilen doet huilen’.

Gelden er in 2000 andere normen dan in de 50-ger jaren? Gelden er in het Limburg van nu andere normen dan in het Zeeland van toen, als het gaat om de financiering van veiligheid van inwoners van Nederland? Let wel: ook de bewoners van het stroomgebied van de Maas betalen belasting en hebben recht op bescherming. De slogan ‘grind en zand voor groen’ stoelt nergens op.

Wat men in feite voorstaat, is het ene gat met het andere dichten, oftewel de grindgaten die gegraven worden in het Geulderveld opvullen met zwaarvervuilde grond uit het stroomgebied van de Maas.

Wie herinnert zich niet, dat we na recente overstromingen werden gewaarschuwd voor het eten van groenten uit de tuinen die onder water hadden gestaan, omdat die verontreinigd waren met zware metalen enz. Als men rivierslib en baggerspecie wil bergen in de grindgaten in het Geulderveld, ontstaat er een concentratie van verontreiniging, die in eeuwen niet hersteld kan worden.

En dan te bedenken, dat men deze gronden wil bestempelen als agrarisch gebied. Het maaiveld komt nota bene 1.70 meter lager te liggen. Je hoeft geen profeet te zijn om te voorspellen dat zij vrijwel permanent onder water zullen staan….

Ook wordt wel beweerd, dat mergel, zand en grind uit Limburgse bodem nodig zijn voor verdere ontwikkeling van ons land. Dat is een verwrongen beeld en een beleid dat wordt ingegeven door winstbejag. Zijn er alternatieven? Ja zeker. Al jaren worden uit de Noordzee miljarden kubieke meters zand opgezogen voor opspuiting van laaggelegen gebieden als de Bijlmermeer, Schiphol, de Maasvlakte en dijklichamen voor wegenbouw in het westen van het land. Bij het opzuigen van het zeezand worden grindbanken angstvallig gemeden….

Het is dus allerminst noodzakelijk, dat nog meer grind en zand uit Limburgse bodem worden ge�xploiteerd, met als gevolg dat Limburgs landschap verdwijnt en er grote waterplassen ontstaan � la Midden-Limburg, opgevuld met zwaarvervuilde grond.

Tel uit je winst. Stop met dat verderfelijke beleid. Op de resultaten ervan zullen wij Limburgers niet zo trots kunnen zijn als Zeeuwen en West-Brabanders op de Delta-werken.
Th. Kruijsen, lid Buurtnetwerk 
Geulle/Meerssen

NB: Dit is geschreven uit bezorgdheid voor onze kinderen en kleinkinderen. Laat om hunnent wille het Limburgse landschap intact!

21e Avond wandel vierdaagse

Op 26, 27, 28 en 29 juni organiseert buurtvereniging Oostbroek voor de 21e maal in successie de avond wandel vierdaagse. Gestart wordt vanuit caf� Vossen-Raeven aan de Hulserstraat te Geulle. 

U kunt kiezen uit de afstanden 5, 10 en 15 km. En voor voor alle afstanden kunt u vertrekken tussen 17.30 en 19.15 uur. De inschrijfkosten bedragen fl. 2,00 per persoon, waarvoor u een prachtig, door pijlen uitgezet, parcours krijgt aangeboden door Geulle en omgeving. 

Als herinnering ontvangt iedere deelnemer een sticker. De I.V.V. stempel is aanwezig en de wandeltocht gaat onder alle weers-omstandigheden door. De deelnemers aan deze vierdaagse kunnen genieten van een zeer landelijke en bosrijke omgeving.

Wandel mee en geniet van de natuur die Geulle en omgeving u te bieden heeft. Voor meer informatie kunt u bellen: 043 – 3652061

Ontvangen

Van Hub Bollen heeft de Heemkunde-vereniging oude persoonsbewijzen ontvangen.
Hub, bedankt! 


De Sjakel

Mei 2001

Geulle in vroeger tijden.
32. De grote Sacramentsprocessie.

In eerste instantie werd deze processie in de Sint Martinusparochie op de vijfde zondag na Pasen gehouden. Eeuwen geleden is ze in verband met de Kruisdagen verplaatst naar de zesde zondag na Pasen. Dit valt af te leiden uit een aantekening voor in het oude huwelijksregister van de parochie. Op de zondag van de grote Sacramentsprocessie is het van oudsher altijd kermis. Volgens de oudste gegevens trok men vanuit de kerk naar de berg in Terhagen bij Elsloo en dan via Hussenberg, Snijdersberg en Hulsen terug naar de kerk. Ik wil nu proberen deze route wat preciezer te beschrijven. Bedenk wel dat indertijd het Julianakanaal en de spoorweg er nog niet waren. Vanuit de Sint Martinuskerk liep men in noordelijke richting via de Schaar (de Saint?) naar de berg in Terhagen, waar het eerste rustaltaar was. Hier werd het evangelie gezongen. Dan ging men via de Horst en de Eykskensweg naar de Scheer. Via Hussenberg kwam men bij de Cruijsboom waar onder een boom weer een rustaltaar was. Hier werd de preek gehouden. Via de Snijdersberg liep men omlaag naar Hulsen en langs de Geulstraat kwam men weer bij de kerk. 

In vroeger eeuwen gingen sommige processies tot aan de grenzen van de parochie of de gemeente. Dat zou in dit geval betekenen dat Terhagen vroeger (deels) bij Geulle zou hebben gehoord. 

Uit een schrijven van de graaf van Elsloo gedateerd de 14 juni 1699 aan de schutterij zou men kunnen afleiden dat het grondgebied van Elsloo tot dicht bij de Scheer in Hussenberg kwam. De schutterij moest zich namelijk in verband met de processie op het Keerbunder opstellen en wel recht tegenover een kuil, de Wijnkelder genaamd. Deze velden liggen circa 200 meter ten oosten van de Scheer. 

Nadien is de processieroute vaker ingekort. Eerst ging men vanuit de kerk naar Broekhoven en via de Slingersberg naar Hussenberg en dan via de Cruisboom naar Snijdersberg. Voor het huis waar nu de familie Pieters woont en vroeger de kinderen Lowet was een rustaltaar waar de zegen werd gegeven. Dit rustaltaar stond bij een oude lindeboom, waarvan nu alleen nog de opengereten stam met dunne takken of lange twijgen over zijn (De heemkundevereniging Geulle heeft op 20 oktober 1999 hier een zogenaamde milleniumboom laten planten. Dit als herinnering aan deze oude processierustplaats. 

Hiervan is nog een tv-uitzending geweest op de voormalige Limburgse zender TV8 ). Na de Snijdersberg liep men via Hulsen weer terug naar de kerk. 

Nog later is de processieroute verder ingekort. Men bleef toen in Geulle beneden. Van de kerk liep men langs de pastorie en de latere Elsa-hoeve rechtstreeks naar Broekhoven waar bij het voormalige kapelletje het eerste rustaltaar was. Bij het vroegere kapelletje in Hulsen was het volgende rustpunt en bij het kapelletje aan de Gank werd weer halt gehouden. Het laatste rustpunt was bij het kapelletje aan het kerkplein, nu soms wel eens “het rode plein” genoemd. Het is opvallend dat bij ieder kapelletje minstens een caf� lag. Ik heb me laten vertellen dat tijdens de rustpauzes van de processie die caf�’s zeer gezien waren bij sommige mannelijke processiegangers om de keel te smeren. Tenslotte krijgt men van dat vele bidden een droge keel. In ieder geval werden de dorstigen gelaafd of beter gezegd, de dorstigen laafden zichzelf!

Later toen het Julianakanaal er lag moest men over de brug naar Broekhoven. Ik kan me nog goed herinneren dat tot een jaar of vijf terug het verharde fietspad op de oostelijke kanaaldijk alleen tussen de brug en Broekhoven een stuk breder was. Dit is door het toenmalige kerkbestuur zo geregeld voordat het kanaal gegraven werd, opdat de processie toch een rondgang naar Broekhoven kon maken. Aan deze processieroute herinnert nu nog de Processieweg, dit is de weg die onder langs de spoordijk van Broekhoven naar Hulsen loopt.
Archie Varis.

Literatuur:
1. Uit Geul’s verleden (1926)
2. Kent u Geulle? (1949)

Geulle 50 jaar geleden..
Mei 1951

  • Uit de raadsvergadering van mei: 
    Besloten werd een krediet beschikbaar te stellen voor het onderzoek op T.B.C. door het Groene Kruis.
    Met de N.V. Bank voor Nederlandse Gemeenten werd een kaslening aangegaan tot een bedrag van fl. 75.000.
    In verband met een schrijven van Gedeputeerde Staten werd de boomtax voor kopbomen vastgesteld op het tweevoudige en voor de andere bomen op het drievoudige. Het protest van de heemkundevereniging heeft geen effect gehad.  
    Een voorstel tot de bouw van zes woningwetwoningen werd aangenomen waarvoor een krediet van fl. 70.000 beschikbaar werd gesteld.
  • Een oproep aan de ouders door de geestelijkheid: “Ouders, u moet zorgen dat uw kind deelneemt aan de processie. Uw kind hoort thuis in de processie en niet langs de weg. Laat hen deelnemen aan de triomftocht van hun koning en zodoende eerherstel en dank brengen aan Jezus in het H.Sacrament. Dit zal over uw gezin en over Geulle rijke zegen en genade afroepen”.
  • Gelukkig is het weer omgeslagen en men is druk bezig in de tuinen. April en het eerste gedeelte van Mei was koud en nat.
  • Fanfare St.Caecilia gaf op 3 mei haar lenteconcert in de boomgaard van de fam.Kengen te Hulsen. Het talrijk opgekomen publiek genoot enkele uren van de op zeer verdienstelijke wijze ten gehore gebrachte muziek. Op 14 mei werd door de fanfare een serenade gebracht bij Matthieu Wouters te Hulsen ten gevolge van zijn 25-jarig dienstjubileum bij de Staatsmijn Maurits.

De Sjakel
April 2001

Geulle in vroeger tijden.
31. Processies.

Pastoor Kengen omschreef in “Uit Geul’s verleden” een processie als een ter ere van God of een heilige gedane omgang of bidweg om eer te bewijzen, om een gunst te krijgen of uit dankbaarheid. Men kent processies met of zonder het Allerheiligste. 

Als goede katholiek hield de Geullenaar van processies. In het verleden werden dan ook vele gehouden. Dit blijkt onder meer uit een aantekening voorin het in 1721 opnieuw aangelegde huwelijksregister van de Sint Martinusparochie: 
De grote Sacramentsprocessie: Op de zesde zondag na Pasen trok men eeuwen geleden vanuit de kerk beneden naar Terhagen bij Elsloo en via Hussen- en Snijdersberg terug naar de kerk. Later is deze bidweg flink ingekort.De kleine Sacramentsprocessie: Op Sacramentsdag ging deze vanuit de Sint Martinuskerk door het veld richting de Maas. Na de zegen liep men via een andere weg naar de kerk terug.De Sint Martinusprocessie: Via dezelfde weg werd ieder jaar op 4 juli een bidweg gehouden ter herinnering aan de overbrenging van de relikwie�n van de patroonheilige naar de parochiekerk.Op de eerste zondag van iedere maand was de processie van de broederschap van de H. Rozenkrans. Het Allerheiligste werd rond de kerk gedragen onder het zingen van de Laurettaanse litanie. Jaarlijks was op de zondag na het feest van Maria Geboorte (8 september) een bidtocht over de stenen kasteelbrug naar de kerk. Dit ter ere van de kerkwijding van de “nieuwe” kerk van 1626. Deze werd gebouwd in opdracht van Wolter en Koenraad, baronnen van Hoensbroek en Geulle.Op Palmzondag, Pasen en de zes zondagen na Pasen was voor de H. Mis een bidtocht ter ere van de verrijzenis van de Heer. Aan de oostkant van de kerkhof was een statie waar o.a. het “Salva Festa Dies” werd gezongen. Naast deze bidtochten worden in “Uit Geul’s verleden” nog de kruisprocessie (drie dagen achtereen) en de Sint Marcusprocessie genoemd. Daarnaast kende men nog de bidtochten naar de verschillende bedevaartplaatsen zoals o.a. Houthem – Sint Gerlach, Kevelaar, Wittem, Wijk-Maastricht en Scherpenheuvel.

Uit voorgaande blijkt dat het rijke roomse leven lang geleden in Geulle volop bloeide. In de volgende aflevering wil ik iets meer vertellen over de grote Sacramentsprocessie zoals deze vroeger door de Sint Martinusparochie trok.

Tot slot enkele aanvullingen op mijn verhaal van de vorige maand over de eeuwenoude Geulse processie naar Scherpenheuvel. Evenals in de eerste wereldoorlog is deze bedevaartstocht ook in de tweede wereldoorlog niet gehouden. 

Volgens mijn zegsman was het in 1939 de laatste keer dat men twee dagen wegbleef. Men reisde met twee EBAD-bussen en dat kostte indertijd het machtige bedrag van fl. 2,50 per persoon. Toen gingen al Geullenaren met eigen vervoer (fiets). Bij aankomst in Scherpenheuvel werden alleen de deelnemers van de Geulse bedevaart door de plaatselijke geestelijkheid een paar honderd meter tegemoet gekomen en dan naar de kerk geleid. Na de tweede wereldoorlog is in Geulle boven aan de Cruisboom een kapel gebouwd welke is toegewijd aan O. L. Vrouw van Scherpenheuvel. Deze is later bij de reconstructie van het kruispunt een tiental meters verplaatst.
Archie Varis.

Literatuur:
1. Uit Geul’s verleden. (1926)
2. Kent u Geulle? (1949) 

Geulle 50 jaar geleden..
April 1951.

Onder grote belangstelling herdachten de gezusters A. en M. Verheggen op zondag 15 april het feit dat zij 25 jaar geleden in dienst traden bij de Hoogweledelgeboren familie Van Aefferden. De fanfare St. Martinus bracht in de namiddag een serenade. De heer L. Keysers sprak, als vervanger van de voorzitter, de feestelingen toe. Daarna was het de beurt aan de fanfare St. Caecilia. De voorzitter de heer L. Janssen sprak ook de feestelingen toe.Het weer is de laatste drie weken hopeloos. Het regent, hagelt of sneeuwt. De boeren zien verlangend uit naar een beetje zon, zodat het land bewerkt kan worden en het zaaien kan beginnen.De heemkundevereniging wil de oude spelen weer in de belangstelling van de jeugd brengen. Spelen als kroutzogen, klinghouen of slikkejagen waren spelen die meestal op zondagmiddag gespeeld werden.

De spelregels voor het “kroutzogen” zijn als volgt:
Het spel word gespeeld op een vlak terrein van ca. 25 meter in het vierkant. In het midden wordt een gat gemaakt van ca. 25 cm, de zogketen en op twee en een halve meter � drie meter in een kring daaromheen weer gaten, de zogkoten.

Er moet steeds een kot minder zijn dan er deelnemers zijn. De deelnemers hebben allemaal een stok van anderhalve meter lengte en als we nu ook nog een zoog hebben, dat is een steen ter dikte van een kippenei, dan kan het spel beginnen.

Eerst wordt er gekaveld. Een deelnemer neemt de stokken bij elkaar, zet ze rechtop in de keten en laat ze dan vallen. Degene wiens stok met de onderste punt het verst van de keten valt moet de zoog inhalen, de anderen gaan ieder met hun stok in een kot.

De inhaler werpt nu de zoog in de keten, of liever, probeert het. Lukt het, dan moeten alle spelers van kot wisselen en de inhaler kan ook proberen met zijn stok in een kot te komen. Er blijft in ieder geval een speler over zonder kot, en die wordt nu inhaler Lukt het de inhaler niet om de zoog in de keten te werpen, dan moet hij hem met de punt van de stok in de keten zien te duwen of te slaan. Aanraken met handen of voeten is verboden. De andere spelers mogen hem hinderen door de zoog met hun eigen stok buiten de kring te slaan maar ze moeten daarbij oppassen want als het de inhaler lukt om met zijn stok in andermans lege kot te komen dan moet die inhalen. Is de zoog binnen dan moeten de spelers van kot verwisselen om de inhaler ook een kans te geven. Wie dan geen kot heeft of wie niet gewisseld heeft, is inhaler en het spel kan zonder kavelen weer opnieuw beginnen. Een leuke bijkomstigheid is dat als iemand het spel moet verlaten, bijvoorbeeld omdat hij hoge nood heeft, dan zegt hij:
“Ik bie mijn kot en keten, als ik ze vind zal ik ze meten.” Is de echte zoog echter binnen, voor hij terug is, moet hij inhalenHein Peters.

Politie varia.

Tussen donderdag 1 en vrijdag 2 maart werd een tuinlamp vernield op de Bruggelkes.Op maandag 5 maart werd op de Hussenbergstraat proces-verbaal opgemaakt ter zake het verbranden van afval waarvoor geen vergunning was afgegeven.Op dinsdag 6 maart vond er op de Essendijk een aanrijding plaats ter hoogte van de Graaf Wolter Hoenstraat. Een bestuurder kwam vanaf de kanaaldijk en had een hem tegemoetkomende bestuurder niet gezien. Bij het links afslaan raakten ze elkaar.Op zaterdag 10 maart werd op het Cruisboomveld een Franse auto gecontroleerd, waarbij bij de inzittenden een hoeveelheid softdrugs werd aangetroffen. De drugs werden in beslag genomen.Tussen zaterdag 10 en zondag 11 maart werd gepoogd de bliksemafleider van de basisschool “In het Riet” aan de Hulserstraat te stelen.Op zondag 18 maart werd op de Hulserstraat een bestuurder van een bromfiets met een te hoog toerental staande gehouden. De bromfiets werd voor technisch onderzoek overgebracht naar het politiebureau.Op zaterdag 24 maart vond er een aanrijding tussen twee auto’s plaats op de Hussenbergstraat. De bestuurder van de auto komende vanaf de Scheerstraat verleende geen voorrang aan de auto op de Hussenbergstraat.Op dinsdag 27 maart werd op de Kleivelderweg een kentekenplaat van een auto ontvreemd.Brig. Giesen

De Heemkundevereniging bezoekt het Limburgs Museum

De Heemkundevereniging organiseert op zaterdag 12 mei a.s. een excursie naar het Limburg Museum te Venlo.

We gaan met de bus. Deze vertrekt om 10.00 uur vanaf de markt te Geulle.

In het museum wordt een rondleiding van vijf kwartier gegeven door alle afdelingen van het museum. Daarna bent u vrij om op eigen gelegenheid het museum te verkennen.

Om 16.00 uur vertrekt de bus weer richting Geulle.

De entreeprijs bedraagt fl. 7,00. Voor de bezitters van een Rabobankpas bedraagt deze fl. 5,40 en voor 65+ is dit dl. 5,00.

De busreis is voor de leden gratis. Van de niet-leden wordt hiervoor een bijdrage van fl. 15,00 gevraagd.

Opgeven v��r 5 mei a.s. bij de secretaris, Past.Smeetsstraat 10, tel 043-3649582. Er kunnen maximaal 50 personen in de bus, dus wie het eerst komt het eerst maalt.

Paosj-zaoterdig.

Dat vong ich vreuger eine hi�le bezungeren daag. Um twell�f oor kaome de Paosjklokke truk oet Rwoime. Die moosjte waal hi�l hel k�nne vleege want op donderdigm�rrege waore ze pas vertrokke. �nger de Gloria hwu�rdste ze noch loewe, al speelde de k�ster noch zwoi hel en Norbaer kosj hi�l get oet d`n �rgel haole. Auch de kwoirjonges veur op ten elter die gaove n�m van ketoen met alle belle die in de k�rrek waore. Este Gloria um waor zweeg den �rgel zweege de altaorbelle, den “et cum spiritu tuo” van Norbaer klonk hi�l mager in de vol k�rrek. De kwoirjonges mochte neet mi� belle, ze moosjte noe kleppere m�t �nne houte ratelaer esset offerande, hauverm�s of kemuune waor.

In daen tied hauwe veer nwoits van �nnen haas dae eijer l�gk gehwu�rd. Dat deege bie os waal de hinne en de Paosjklokke. Die ginge ze in Rwoime haole en woi ze op Paosjzaoterdig langs kaome leete ze ze valle.

Veer ginge nao �t veld in en es �t hauf twell�f gewaes waor en dan m�r wachte en kieke. M�h niks whu�r. 

Veer hauwe zeeker neet good opgel�t, veer whu�rde ze weer loewe en weer kaome de klanke van oet den auwe k�rrektaore.

Veer rende heives en wie veer zagte dat veer gein klokke en gein eijer hauwe zeen valle zag de mooder dat veer toch m�r ins in de moostem mooste gaon kieke. Veer braoke hals, boek en nek um �t i�ste dao te zin. Veer vlooge door �t getske nao de grwoite paumestroek midde in de moostem. En jao dao laoge ter versjillende m�t allerhande kleure. Dat waore gein gewoon eijer, dat waore echte paoseijer want hinne l�gke gein blauw, greun of knalgael eijer.

En es veer weer weg wolle gaon zaog eine ter ouch nog ligke achter eine wiemerestroek en ouch achter eine kwroinselestroek. Dao woor flink door gezeuk en es veer dan binne kaome raok de k��ke nao gebakke vleisj. De vader waor blie dat te vaste en de gooi waek veurbie waor want dat vaste veel h��m neet m�t. Dae heel van ei br��ke spek smurges. Dat waor v��l lekkerder es eine zellef ingelagde hi�ring dae ste in de vaste waal maogdes aete.

Nao den aorlog h�bbe ze die streng reigels aafgesjaf. De luu moosjte zell�f m�r get oetzeuke wat hun meute kosde wie neet slokke, gei gebak of geinen toebak. Dat l�ste h�b ich, wie ich volwasse waor waal ei paar ki�r geperbeerd. M�h wat veel dat taenge. De begosj m�t gooije mood. Vastelaovesdinsdig woor de piep weggelag en verstaoke en d�n i�sten daag, m�t esjsjelegoonsdig leepste nao d�n piep te zeuke wie ein hin nao eine v�tte peerlink. Ech zeuke waor �t netuurlik neet, de wis sjus woistem dae oavend van te veure has gelag en noe d�rfdeste neet nao de werr�kplaats te gaon um achter �nne r�k nao � pekske toebak te zeuke.

Wat waorste blie es dae goonsdig um waor. ‘s Murges hauw de pestwoir m�t �nne dikke zwarten doem dich nog �nne jaap van ei kruuske op diene kop geplant en dich nog ins duudelik gemaak dat de vaste begosj waor. De goonsdig en den daag daonao en den daag dao nao en de zaoterdig zonger piep en de zondig zonger toebak.

Tatste dan sneuvels op �t veld van i�r en dich stikkem ei piepke opstiks, is te begriepe. Volgend jaor m�h weer perbeere of toch noe m�h wier gaon zonger piep. M�h dat waor ein hi�l opgaaf, lestiger es m�t esjejelegoonsdig. M�h esset dan toch volgehouwe has tot de gooij waek, tot Gooije vriedig, dan zaotste op Paosmaondig de oore en menuute te t�lle. Dan stingste op te luif m�t ein segaar van z�s cent in den rechterhand en � dwu�ske zwaegele in de l�nker.

En este i�ste klanke van de k�rrikklok euver de weije kaome aanwi�je dan doerde �t neet lang of ei fien wit w�lkske kroop langs �t taak nao baove en rook �t boete op �t glaeg fi�stelik nao �n duur segaar.

Dan vongste �t jaomer este nao binnen geroope woors veur te aete. Dat waor ouch al hi�l bezunger nao de vastedaag, ei paar belkes gehak en �n stevige kortel�t k�nne ouch hi�l lekker ruuke. En noe maogdeste de van sm�lle, want um twell�f oor waor de vaste veur ei jaor verbie.
Mar/B. 

In memoriam Emeritus – Pastoor Kerckhoffs

Op 27 maart jl. overleed in Huize Op de Berg te Heerlen op de gezegende leeftijd van 86 jaar de in Geulle, Stein en Ulestraten alom geliefde Pastoor, de Z.E.H. Emeritus-Pastoor Joannes Henricus Hubertus Kerckhoffs. 

Op 31 maart vond in Ulestraten een zeer druk bezochte plechtige uitvaartdienst plaats, gevolgd door de begrafenis op het kerkhof aldaar.

Pastoor Kerckhoffs werd geboren in Spaubeek op 5 maart 1915. Hij werd priester gewijd op 29 maart 1941. Daarna werd hij achtereenvolgens benoemd tot Kapelaan in Geulle (1941-1949) en Stein (1949-1965) om op 5 juli 1965 te worden benoemd tot pastoor in Ulestraten.

In Ulestraten zou hij 20 jaar blijven fungeren als pastoor tot 28 oktober 1985, toen hij eervol ontslag kreeg en met Emeritaat ging. J.H.H. Kerckhoffs was een goede pastoor, een echte “pastor bonus”, een zeer zachtaardig man die veel heeft betekend voor de parochies waarin hij voorging tijdens het Hl. Misoffer en de Heer diende. Waar hij ook kwam, hij veroverde onmiddellijk de harten van allen. Nu kan hij zijn Heer en Meester in de Hemel dienen, een Hemel die Pastoor Kerckhoffs meer dan verdiend heeft.

Tijdens de oorlog (WO II) was hij zoals gezegd kapelaan in Geulle. Dit weerhield hem er niet van om in het verzet te gaan. De beroemde “bon-kaarten” kwamen bij hem binnen en vonden vanuit zijn woning via via hun weg verder onder de onderduikers in Geulle.

Een kleine anekdote tot slot.
Toen hij kapelaan in Geulle was moest hij preken vanaf de toen nog in de St. Martinuskerk aanwezige prachtige preekstoel. Hij zag daar iedere keer opnieuw vreselijk tegen op. Hij had namelijk hoogtevrees. Daarom leunde hij steeds tegen de pilaar achter hem, in plaats van over de leuning heen de beminde gelovigen toe te spreken.
(red.)

De Kleermaker (Snieder)

Lang voor de oorlog ’40 – ’45 waren er twee kleermakers in het dorp Geulle: Hubert Vossen (de snieder van Cli�mes zoals hij in de volksmond werd genoemd) die in de Geulstraat woonde en Giel Vossen (Giel van Bruls) in de Hulserstraat (overigens geen familie van elkaar).

Beiden hadden er ook nog een caf� bij: blijkbaar bracht het beroep van kleermaker te weinig op om van te kunnen leven.

De meeste volwassen mannen lieten hun zondagse maatpak (broek, jas en vest, tesamen montering genoemd) bij een van beide snieders maken. Allereerst werd uit enkele stalen de stof uitgezocht en vervolgens werden de maten genomen. Na een of twee weken, al naar gelang dat hij “in het werk zat”, moest er gepast gaan worden. Het pak was dan provisorisch in elkaar geregen om snel weer los te kunnen maken voor een kleine wijziging. Als het pak goed paste, werd het voorgoed in elkaar genaaid. Zondags, na de hoogmis, liet de snieder de klant weten dat het pak klaar was. Het kon dan, uiteraard na betaling, worden afgehaald. De kosten lagen tussen 25 en 30 gulden.

In die tijd deden mannen wel ongeveer vijf tot zes jaar (of zelfs nog langer) met dat pak, want het werd alleen maar op zon- en feestdagen gedragen. Door geldgebrek trok men zich niets aan van nieuwe mode; er was geen A.O.W. en ook geen bijstandsuitkering; de meesten waren kleine agrari�rs. Het devies in die tijd was: red jezelf, het is je plicht!

In die tijd werd er in het dorp bij caf�’s gekegeld of gebeugeld, d� mannensport van die tijd (in het dorp had het voetbal zijn intrede nog niet gedaan). Tijdens de uitoefening ervan kon men, vanwege de gebukte houding die men aannam, zien door welke kleermaker het pak gemaakt was: de ene maakte namelijk een passende broek en een slecht zittende jas, de andere precies omgekeerd: een niet passende broek en een passende jas. Tijdens die gebukte houding ging van de slecht passende broek het kruis los en zo kon men zien wie het pak gemaakt had: kleermaker X of Y.

Giel Vossen in Hulsen had een zoon, maar deze koos voor het kappersvak. Hubert Vossen op de Geulstraat had vier zonen waarvan er twee kleermaker werden. Deze gingen daar nog enkele jaren mee door, maar stierven vroegtijdig en hadden geen opvolgers.

Door de opkomst van de confectie-industrie, waar niet tegen te concurreren was, kwam er een einde aan het vak van de dorpskleermaker of snieder.
J. Maassen

In de heer zijn overleden

Op 23 maart 2001, nog geen dag oud, Ivo, zoon van Miranda en Theo Reinders – Jennekens van de Past. SmeetsstraatOp 26 maart 2001, op 72-jarige leeftijd, Jenny Ummels, echtgenote van Martin Magermans;Op 27 maart 2001, op 80-jarige leeftijd, Fien van Hees, weduwe van Sjang Lemmens, wonende te Av� Maria;Op 27 maart 2001, op 86-jarige leeftijd, emeritus pastoor Joannes Henricus Hubertus Kerckhoffs, kapelaan te Geulle van 1941 tot 1949.

Brieve van Pieke Jr.

Hier weer een briefje van jullie Pieke jr. uit de Piemelenhoek. Het weer is weer niks en Harie zit de hele dag versjangeneerd voor zich uit te kijken achter de vinstere omdat hij niets in de moestem kan doen en vorig jaar om deze tijd had hij de vroege al in de grond en nu nog niet eens de mes. En Kw�ib Teigededraod bei ons neve die is wel in de moestem aan de gang en die was lets saves vuurke aan het stoke in de moestem achter, ouwe troep aan het opruime, en die bateraaf van een Willemke van Teigededraod, die knijn, die was aan het vunkele en Harie wilde geen vuurtje stoke omdat hij geen vergunning devoor had, maar die had die Kw�ib ook niet, zei hij, maar als niemand het ziet mag het alles, volleges hem en voortat hier iemand van de pleisie komp kijke is het vuur allang dood en begrave en dat is net hetzelfde als al die lede van de vereniging van hondsuitlaters, zo gauw het duister is late ze de hond uit, maar opruime is niet de bij, want als de stront aan iemands anders zijn schoene hank, zijn zij toch alweer gauw thuis aan de kachel, de mooie meneer uithange, en ze wete ook nog percies waar ze hunne hond late poepe, want het zijn steeds andere die zich drintrappe en bij hun eige huis voor ligge nooit geen keutele. En onder in Geul daar heef iemand wat gevonge op foutparkere, want hij heef een paar weeke gelede een luier vol met goed spul in de gut gelegd en die lig er nog en die luier is nou niet meer wit maar zo lekker bruin wie pure skjokolaat, maar de Noonk heef sinds die tijd wel niemand daar fout geparkeerd meer zien staan. En parkere in Hulse dat is al helemaal wat, want de Noonk ziet daar de lui hun kindere hale en brenge van de school en dat is net zoget wie op vrijdag perkere in Maastricht als het daar merret is en de hele straat staat vol tot aan de veldwachter compleet en tot aan het kerremisterrein. Nee, dan vroeger zeg de Noonk en Harie ook, die moeste twee keer per dag op en neer naar de Maas naar de school, naar meester Notte en Winterake en juffrouw Prop en juffrouw Lemmes en zo en dat was andere kal, zegge ze, daar werd je hel van en de jeug van nu is nog niet eens zo hel wie een pakje boter dat veertien daag in de zon heef gelegen.

En aan de Maas daar is het kermis en ze staan ook nog iedere keer in de gezet, met fotoos en al debij, Henk van Spee en Math van den Doom en der stond bij tat tat buurmannen ware en daar klop niks van want de ene woont ongeveer in Eelse en de andere in het Vuilwambes en vroeger woonde ze dichter bijmereen in Hulse, maar nu toch niet meer, maar dat is nou de gezet, eers schrijve en dan pas nadenke. En een van die wat zich eers had opgegeve voor in het Waterschat te kome zit nu vooraan bij de klup die die van Aan de Maas wil redde van de ondergang en de Noonk wil wel erelidskaarte van die hebbe, ook al woont hij hier hoog en droog in den hoek, maar hij had het er vorige week over om te gaan verhuize en de boet hier te verkope, want met die van de onroerende belastingen van de gemeente kan hij nu helemaal niet meer opschiete, die hale hem de letste knuip uit de beurs, zeg hij, maar hij blijf toch want de gemeente heef gezeg dat ze een medallie wille instelle voor verdienste van luu van Meersse en daar hoort Geul dan ook bij, zeg de Noonk en voor alle cente, die hij voor de gemeente gepresteerd heeft met die belastingen wil hij nou ook wel eens ge�erd worden en nou denk de Noonk dat hij ook die medallie krijg, maar dat is niet nodig, zeg Harie, want de Noonk valt al genoeg op van zichzelf met zijne platekop. Zo, en nou ga ik me eens lekker een stuk rommedoe eten, die heef Merie van de merret meegenome en die is zo zach dat hij bekans van de teleur afloop en dan nog wat schroop debij, lekker! Nou adi�, tot de volgende keer

Paddentrek.

Als ik die avond naar buiten ga en onder een welhaast klassiek-Hollandse lucht naar Hulsen loop, hoor ik het al: geen gekwaak in de vijver bij de buren. We hebben een slechte avond uitgekozen, Harrie Voncken en ik, het is gewoonweg te koud. Toch maar de “stevele” en de emmer gepakt en op weg, naar de Krauwenhook en daar wordt meteen duidelijk wat er aan de hand is. 

Hier heeft Harrie Voncken samen met Jan Pepels met een 125 meter lang plastic scherm, een groot aantal ijzeren pinnen (gekregen van een betonvlechtersbedrijf, zal hij mij later uitleggen) en een stuk of tien in de grond ingegraven emmers een professionele paddenoversteekplaats gemaakt.

Professioneel jawel, maar de dames en heren padden hebben, al dan niet innig in koppeltjes met elkaar verstrengeld, de hulp van liefhebbers als Jan en Harrie, en bijvoorbeeld diens kleindochter Vinanda Voncken, nodig om ongeschonden de overkant van de weg �n daarmee de vrije doorgang naar het verlokkende water van de visvijver te halen.

Die vijver is, zo vertelt Harrie, de aanleiding tot de hulpactie. Toen de vijver er pas was, vond hij tijdens de paddentrek tientallen platgereden kadavers. De beestjes rusten tijdens hun avondlijke trek even uit op de weg, die nog wat warm is van de zonnestralen en worden vervolgens het slachtoffer als er een auto langs komt. Zoveel auto’s komen hier toch niet langs, opper ik, maar, en dat zal later blijken, het gaat niet zozeer om de hoeveelheid auto’s als wel om de hoeveelheid padden. 

Veel padden krijgen we deze avond niet te zien, bij dit koude weer trekken ze gewoon niet, en het is mooi meegenomen, dat er net ��ntje opduikt als onze fotograaf zijn opwachting maakt, we willen immers wat foto’s hebben voor de internetsite van de heemkundevereniging. Met onze buit lopen we naar de vijver, zetten onze gast plechtig overboord en kijken toe hoe het eenzame mannetje in het water zijn speurtocht naar een bereidwillige partner voortzet.

Of die pad de volgende dag zijn maatje al gevonden heeft, is nog maar de vraag, maar als Harrie dan met zijn zaklantaarn in de eerste emmer schijnt, wordt duidelijk dat we vanavond meer succes hebben, er zitten er zeven in, twee koppeltjes en drie mannetjes. De andere emmers zijn goed gevuld en ook in de omgeving daarvan krioelt het van de padden. Aan het eind van de inzameling hebben we er bijna honderd geteld. Wat een gefriemel, de een kruipt over de ander om maar te proberen uit de emmer te komen. 

Snel brengen we ze naar de waterkant, maar we moeten wel oppassen, want overal op het kiezelpad zitten padden, die al op de terugweg zijn en we willen natuurlijk niet hetzelfde effect bereiken als een auto, dus proberen we zo goed en zo kwaad als het kan tussen de reizigers door te lopen. Nu begrijp ik ook waarom op deze plek zoveel beestjes het slachtoffer worden, niet omdat er hier zoveel auto’s zijn, maar omdat de padden zelf in zo grote hoeveelheden tegelijkertijd onderweg zijn. 

Het lijkt of ze aan een touwtje uit de bermen getrokken worden. Ondanks de duisternis voel ik dat Harrie glundert, omdat we op twee dagen toch maar mooi een gemiddelde van 50 padden gehaald hebben. En ik, ik heb bewondering voor deze vrijwilligers, die samen gedurende een aantal weken zowel ‘s morgens als ‘s avonds een uurtje besteden aan de natuur. Als ik Harrie een paar dagen later zie en hem vraag hoe de stand is, zegt hij: “Bijna 1.800 !!”
(red. LvK)

De Sjakel
Februari 2001

Geulle in vroeger tijden.
29. Volksverhalen uit Geulle.

Dit keer wil ik enkele legenden en volksverhalen vertellen die met Geulle of met Geullenaren te maken hebben.

1. De katten van de Blomberg.
Twee drinkebroers die op een kermisdag te veel bier in het Haolhuuske hadden gedronken wilden wel eens weten wie of wat er in de Blomberg woonde. Onder aan de voet van de berg liep hun een kat voor de voeten. Een van hen schopte het beestje weg en zei: “Scheer je weg lelijk beest”. Nauwelijks had hij dat gezegd of daar kwamen wel duizend katten op hem af. Van schrik was hun dronkemansmoed ineens verdwenen en zij begonnen het Sint Jans-evangelie op te zeggen. Voor dat zij dit uithadden was geen kat meer te bekennen. Beschaamd trokken de twee mannen naar huis.2. De heks en de duivenmelker.
In Geulle woonde eens een heks die de inwoners allerlei plagen en overlast bezorgde. Maar voor sommige mensen was zij aardig. Iemand die bij haar geen kwaad kon doen omdat hij haar in de moestuin hielp, had graag eens wat prijzen met zijn duiven gewonnen. Toen hij dit de heks vertelde zei ze: “Gooi je pet maar eens in de lucht”. De man deed dit. “Gooi nog maar eens” zei de heks. De duivenmelker deed dit tenslotte zeven keer. Bij de eerst volgende wedvlucht won hij met zijn duiven zeven prijzen.3. De Auvermennekes vertrekken uit Geulle.
Deze kabouters woonden heel lang geleden in de Blomberg bij Moorveld. Als de Geullenaren indertijd naar bed gingen, hoorden zij buiten vaak roepen: “Ketelen, ketelen”. Zij zetten dan hun ketels en pannen buiten en vonden deze ‘s morgens blinkend gepoetst terug. Toen in Geulle voor de eerste keer het angelusklokje luidde, werd er uit de Blomberg een akelig gejammer gehoord. De voorste helft van de berg stortte in en er vormde zich een beek die de Heiligenbeek werd genoemd. Alles wat in die beek ligt of valt wordt met een kalklaagje bedekt. Men zegt dat die kalk afkomstig is van de onderaardse woningen van de auvermennekes. Na het instorten van de Blomberg zijn deze kabouters over de Maas naar de Belgische Kempen gevlucht.4. De Pas en het Doodlager. 
Tussen Geulle en Bunde ligt een eenzame en moerassige streek die de Pas wordt genoemd. Oude mensen waarschuwen jongeren om daar ‘s nachts nooit door heen te gaan omdat het er niet deugt. In het donker hoort men daar vaak akelig gekerm en geklaag. Deze geluiden lijken van heel diep en ver te komen. Ook dwaalt er dan een vuurman rond. Het zou kunnen dat men dan een droeve stoet tegenkomt die van de Averput naar het Doodlager trekt. Hoe het moeras bij Brommelen aan de naam Doodlager komt schijnt niemand te weten.5. Het verlaten Waalserstraatje.
In het Waalserstraatje dat tussen de kerk van boven en de mevrouw Van der Meystraat het bos in loopt worden ‘s nachts vreemde geluiden gehoord. In dit straatje staan geen huizen, maar die hebben daar vroeger wel gestaan. Totdat er de pest of zwarte dood kwam. En waar voor kort nog de boeren werkten en de kinderen zongen en sprongen, hoorde men nu het gekerm van de lijders aan de pest. Toen trokken de gezonde Geullenaren op bedevaart naar Scherpenheuvel. En terwijl zij daar baden en boete deden hield de pest in Geulle op. Maar in de huizen van het Waalserstraatje is nooit iemand meer gaan wonen en uiteindelijk zijn ze in puin gevallen en verdwenen.Archie Varis.

Literatuur.
1. Limburgse sagen en legenden (1925).
2. Kent u Geulle? (1949)

Brieve van Pieke Jr.

Beste luu van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke Junior uit de Piemelenhoek. Maar wat maken jullie me nu de van? Schrijf ik jullie een brief over de Noonk en zijn schuppestelen en beurstelestele en zijn koop hout, gaan jullie me alles kaalhouwe, in de Slingersberg en in de Schieversberg, der staat nog bijna geen boom meer waar ze zich met de karneval aan hadde kunnen vasthouwe. En hoe moet dat nou als ze daar onderweg de aardappele wille afschudde?? Nee, jullie kunnen het beter een beetje rustig aan doen, justement wie die van de gemeente, want lets had het gesneeuwd, maar een beetje maar, net genoeg voor in een holen tand, maar omdat die van de gemeente zich verslapen hadden, was het buiten net een keibaan, zo glets wie een spiegel. En zo’n noodsituatie roept het beste in die van de gemeente op, zeg de Noonk, want we hebben weer eens een genie van een vethouder, die zei dat ze alle hoofstraten van Meersse al gestrooid hadde voordat de gezet uit was, maar in Geul komp dan de gezet wel heel vroeg of we hebbe geen hoofstraten bij ons in Geul, want het was overal harstikke glets. En de Noonk is toen ook nog op zijne ruggestrank gegaan en die moes een paar dagen aan het buffet hangen, want hij kan niet goed zitten, zeg hij, maar dat is niet zo erg, zeg Harie van onze Merie, want nou glits hem zijn drupke meteen tot waar het zijn moet als hij het staandenteere drinkt. En als die vethouder wat jonger was gewees, zouden ze hem een wiskit noemen, zeg de Noonk, want die vethouder kan gedachten lezen want hij had ook gezeg, dat waar ze van de gemeente niet gestrooid hadden, dat daar de mensen daar geen moeite mee hadden en dat ze zelles derom gevraagd hadden om niet te strooien offent ze de kinderen wilden late genieten van sleeije en keije, maar dat is natuurlijk flauw huitvlees, zeg de Noonk, als het sneeuwt en het wordt glets, dan moete ze gewoon alles strooie wat ze hebbe, behalve de Moorveldsberg, net als vroeger en wij hebbe ters toch zeker geene van Meersse nodig om ons te zeggen waar wij moete wintersporten, dat maken wij zelvers wel uit. Die van Meersse, die moeten maar naar de kouwe kermis in Maastrich, waarzegger spelen. Nee, dan was het vroeger een stuk beter, zeg Harie, met de Lange van Maasse en de Witte van Lies en consorte, die zorgden wel de voor dat de luu hunne nek niet braken en als ze nu bij ons in den Hoek niet strooien, liggen we zo met onze klapsperen onder aan Lombok!! En het zakkenbeleid van de gemeente begint ook al vruchte af te gooien, maar wel rotte zegt de Noonk, want toen hij dees week onder in Geul naar de kerk ging zag hij in de hek langs de knaal al een zak met zwijnderij liggen en die was van Mek Donald zei hij, want dat kon hij draan zien en dat staalt toch nergens op, vind de Noonk, maar nou vraag ik me af wie of dat die zak nou wel is, want ik heb toch altijd hier in Geul op school gezeten en daar zat ter nooit ene die zich Donald schreef en dat is toch ook gaaruits geen Geulse naam, dach ik me zo en wie heet ter vanvoor nou Mek, niemand toch…..

En het heeft ook wat gevrooren, maar niet genoeg voor de schaatsen, want de visvijver was net toe en de wijert ook, maar dan had je het ook gehat en dat is maar goed voor Willemke van Teigededraod, want die was zich vorige keer toen het ijs lag een schaatsmuil met schaatsen gevallen en de tanden door de lippen en dat kwam niet zo goed uit, want hij bloeide wie een os, want hij had vantevoren wat veel antievries gehad, zei hij. En over ossen gesproken, bij de pastoor hadden ze in Bung met Nieuwjaar een bommetje in de brievenbus gedaan en dat was geknald en de cente ware ook weg en de pastoor schreef in Kontak dat hij daar niet blij mee was en over gouwe kalleven en zo, maar de Noonk zei dat hij denkt dat het gouwe ossen waren, en dat snap ik niet maar dat zal wel zijn omdat aan een os meer vlees zit wie aan een kalf denk ik, maar van gekke osse heb ik nog niet gehoord, maar wel van gekke koeie, dus der zullen ook wel gekke kalleven zijn en ik snap het nog niet helemaal, maar nu ga ik eten en Merie heeft zich door de bocht gegooid want we hebben heldere ossestaartse-soep met een broodje met geros bief, en dat zal wel zijn omdat het vandaag zondag is. Zou dat geros bief nou van het verreke van St�bbes komen, want dat staat ook de hele dag in de rege en in de pratsj? Dat moet ik toch eens aan de Noonk vrage, maar ik geloof niet dat die vandaag de richting goed vindt, want hij is zich na de hoogmis ene gaan drinke en hij is nog nergens te zien. Nou, adi� dan maar en tot de volgende keer met de groeten van Pieke jr. uit de Piemelenhoek.

In de Heer is overleden:

op 20 januari 2001 op 55-jarige leeftijd, Corrie Lardinois e.v. oud-wielrenner Jan Tummers te ElslooPastoor Haeseck

Naar aanleiding van het artikel van Archie Varis over pastoor Haeseck in De Sjakel van januari 2001 deelde dhr. Winus de Rouw mede dat het portret van deze pastoor – dat jarenlang opgeborgen was in de voormalige pastorie aan de Kommelderweg – in opdracht van het Kerkbestuur is opgeknapt en gerestaureerd en momenteel te bezichtigen is in het parochiecentrum in de Hulserstraat. Waarvan akte!
De redactie

Koninlijke onderscheidingen

Op 16 januari 201 werd mevrouw Annie Maassen-Soons van de Poortweg benoemd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau.

Mevrouw Maassen kreeg de Koninklijke onderscheiding opgespeld onder meer vanwege het feit dat zij in 1965 mede-oprichtster was van de Vrouwenbond St. Appollonia, van welke vereniging zij nog steeds bestuurslid is, na van 1983 tot 1995 voorzitter van deze bond te zijn geweest. Verder verzorgt zij elk jaar de collecte voor de Brandwondenstichting in Geulle, collecteert zij voor de Hartstichting, de Kankerbestrijding e.d. Ook is zij 25 jaar voorzitster van het kerkelijk zangkoor van de St. Martinusparochie.

Het G��ls Mannenkoor bracht mevrouw Maassen ‘s anderendaags thuis een klinkende serenade.

Op 26 januari 2001 werd mevrouw Ria Janssen-Martens van de mevrouw Van der Meystraat benoemd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau. Mevrouw Janssen kreeg haar Koninklijke onderscheiding opgespeld onder meer vanwege het feit dat zij vanaf 1986 lid van het bestuur van de Harmonie St. Caecilia is, waarbij zij de zorg heeft voor de leerlingenopleiding en de begeleiding van de leerlingen en voor de uniformen van de harmonie. 

Verder is zij de contactpersoon van de Harmonie voor de muziekscholen in Beek en Maastricht.

Daarnaast was mevrouw Janssen meer dan 25 jaar bestuurslid van de Buurtvereniging Snijdersberg en het St. Franciscuskoor van Waalssen, van welk koor zij nog steeds lid is.

Annie en Ria, vanaf deze plaats onze hartelijke gelukwensen met jullie Koninklijke onderscheiding.
De redactie

Politie Varia

In de nacht van zondag 31 december 2000 en 1 januari 2001 vond er een aanrijding met doorrijding plaats op een parkeerplaats aan de Moorveldsberg. Dader onbekend.Tussen dinsdag 2 en woensdag 3 januari werd er ingebroken in een schuur aan de Maastrichterweg. Hierbij werd in de nieuwe omheining een groot gat gemaakt en werd het slot van de schuur geforceerd. Uit de schuur werden alleen enkele kopjes ontvreemd. Mogelijk dat men terugkomt voor de paarden.Op vrijdag 5 januari werd op de Baron Conradstraat een gedeelte van het trottoir kapotgereden. De bestuurder van de vrachtauto is gewoon doorgereden. Vermoedelijk een Oostenrijkse vrachtauto.Op maandag 8 januari vond er een aanrijding plaats op de Kanaalweg waarbij beide bestuurders met spiegels tegen elkaar kwamen.Op donderdag 11 januari werden op de parkeerplaats bij de Slingerberg een vijftal grijze vuilniszakken gevonden met daarin potgrond en resten van hennepplanten.In de nacht van maandag 22 op dinsdag 23 januari werden een drietal pogingen tot inbraak in woningen aan de Schoutstraat gepleegd. In alle drie de gevallen is men niet binnengeweest. Vermoedelijk zijn de pogingen tot inbraak rond 03.00 uur geweest, daar op een plaats om die tijd het alarm is afgegaan. Ook is door buurtbewoners rond dat tijdstip een auto gehoord. Bij alle pogingen werd de afdekplaat verbogen en de cilinder afgebroken. Doordat er dievenklauwen op de deur zaten, kwam men niet binnen.In dezelfde nacht, vermoedelijk door dezelfde daders, is er ook ingebroken in een woning aan ‘t Steegske. Hier heeft men op dezelfde wijze het slot geforceerd. In de woning werden alle kasten en laden doorzocht. Er werd geld ontvreemd. Op woensdag 24 januari werd er op de Cruisboomstraat een snelheidscontrole gehouden in verband met handhaving 30 km-zone. Er werden 70 voertuigen gecontroleerd, waarbij zeven processen-verbaal werden opgemaakt. Hoogst gemeten snelheid 44 km per uur.Op zondag 28 januari raakte een bestuurster door het gladde wegdek van de weg op Oostbroek nabij de camping. Bestuurster kwam met de auto in de greppel aldaar terecht. Zij kwam met de schrik vrij.Gevonden: n.v.t. 
Verloren: een beurs met Rabobankpas, f.40,- en 3 kleine sleutels, tussen Marktplein en Kerkplein. 
Brig. Giesen

De halte van Geulle

Toen in 1865 de spoorlijn Maastricht-Venlo in gebruik werd genomen was er geen halte in Geulle. Het toenmalige gemeentebestuur was daar fel op tegen (zie Geuls verleden). Maar toen in 1892 nabij de Slingerberg de spoordijk over een lengte van 60 meter onder de rails weg schoof en deze dertig meter op de gemeentegrond terecht kwam hoefde de S.S., toen nog Staats Spoor, deze grond niet op te ruimen (deze heuvels zijn nog te zien achter het vroegere huis van klompenmaker Troquet te Broekhoven). Maar als tegenprestatie eiste het gemeente bestuur toen wel een spoorweghalte (in de volksmond den halt genoemd). Deze was gesitueerd onderaan de Snijdersberg ter hoogte van caf� “Lombok”.

Hier werd dan ook veel gebruik van gemaakt vooral door de vrouwen die in Maastricht naar de markt gingen om daar hun waar te slijten. Het was een van de goedkoopste reismogelijkheden van het hele spoorwegnet n.l. ��n kwartje retour naar Maastricht.

Er was een houten wachthuisje en een klein perron. In 1898 bracht koningin Wilhelmina op 18-jarige leeftijd een bezoek aan Maastricht. De pas enkele jaren bestaande fanfare St.Caecilia had het plan opgevat om bij de halte het volkslied te spelen als het koninklijk rijtuig voorbij zou komen. De leden van de fanfare moesten een tijdje wachten eer de trein kwam. Ze hadden hun instrumenten zolang in het talud gelegd en er werd wat gepraat over koetjes en kalfjes want de meesten waren agrari�rs. Opeens riep iemand: “daar komt de trein”. Iedereen graaide naar zijn instrument en voordat de eerste tonen klonken was de trein al over het viaduct bij de watermolen, tot grote hilariteit van de aanwezigen.

Toen in 1911 de tweede baan werd aangelegd, voordien was er maar een enkel spoor, kwam er nog een tweede perron bij.

Achter het houten stationsgebouwtje stond een houten keet waar men zwak alcoholische dranken kon kopen. De uitbater was de familie V��s Thijssen. Door dat goedkoop retourtje kwamen ook mensen van Geverik, Catsop en Terhagen te voet naar de halte. De trein van Geulle naar Maastricht was 20 cent goedkoper dan vanaf het station Beek-Elsloo. Dat lopen namen ze dan maar voor lief want voor die 20 cent kon men twee grote glazen bier kopen. In de zomermaanden kwamen legio Maastrichtse gezinnen met hun kinderen met de trein naar Geulle om hier te recre�ren, vooral op de zondag.

De overweg werd bij het naderen van de trein aan weerszijden met een lang dwarshout afgesloten. Automatische slagbomen waren er destijds nog niet. Enkele overwegwachters waren in hun vrije tijd al kunstzinnig en maakten in de zomer met bloemen een reclamespreuk tegen het westelijke talud. Deze reclamespreuk was: “Reis per spoor veilig vlug en goedkoop”. De bloemenletters waren een halve meter groot. Vanaf het terras van caf� “Lombok” was deze goedkope reclame voor de N.S. duidelijk te zien.

Van de overweg werd ook veel gebruik gemaakt v��r 1945 door de bergbewoners die op zondag naar de kerk gingen. In die tijd waren dat velen. Op werkdagen was dat veel minder. Van de bergbewoners gingen maar twee personen op werkdagen naar de kerk t.w. Liza Pijpers-Lemmens uit de Steeg en Pierre Pijpers uit Hussenberg. Boven op de berg was toen nog geen kerk. Doordat er nog geen waterleiding in het dorp was kwamen de huisvrouwen uit Hulsen een paar keer per dag met een juk twee emmers water halen voor huishoudelijk gebruik bij de bron vlak bij de overweg (aan de “rin” genoemd). Deze bron is nog deels te zien.

De Heemkundevereniging “G��l” heeft eens plannen gemaakt deze rin weer in ere te herstellen maar jammer genoeg is het er niet van gekomen. De N.S. heeft zich niets aangetrokken van het advies van de Heemkundevereniging. De slagerij Vossen was v��r de huidige plaats bij caf� “Lombok” gevestigd. De klanten van slagerij Vossen namen ook de kortste weg via de overweg. Toen in 1892 de halte er kwam werd in de overeenkomst met de gemeente Geulle een clasule opgenomen dat bij het vervallen van de halte de gemeente een bedrag van fl.1500,- zou incasseren van de N.S. Deze clausule is ook nagekomen. Voor dat bedrag kon men in die tijd een huis bouwen.

Toen de halte in de jaren zestig definitief werd afgebroken, personenvervoer was al veel langer opgeheven, kon men voor die 1500 gulden inplaats van een huis nog een wasautomaat of T.V. kopen. Dat de trein nog eens in Geulle zou stoppen voor personenvervoer zal altijd wel een utopie blijven. De Heemkundervereniging heeft in 1949 nog eens geprobeerd om via een handtekeningenactie de trein weer te laten stoppen voor personenvervoer. Deze actie had geen resultaat. 
J.Maassen

Geulle 50 jaar geleden..
Februari 1951.

Vastenavond valt vroeg dit jaar. Op 2 februari werd in zaal Hecker (harmoniezaal) een bonte avond gehouden. Optredens waren er van buuttereedners uit Kerkrade. De entree bedroeg fl. 1,00.In deze maand viel verder niet veel te beleven. Het gemeentenieuws maakte in die maand melding van: Nieuwe huisnummering door de bouw van verschillende woningen in Oostbroek, herijk van maten en gewichten, de veetax te weten koe fl. 8,00; rund fl 6,00; schaap of geit fl. 4,00.De fanfare St. Martinus kreeg vier nieuwe bestuursleden t.w:
De heren L.Louwet, H.Martens, J.Bergholz en P.H.Smeets uit Brommelen.De rector van het rectoraat maakt bekend dat voor het eerst dit jaar de eerste H.Communie van de kinderen wordt gehouden op de eerste Pinksterdag terwijl de plechtige Communie op de tweede pinksterdag zal plaats vinden.
Hein Peters.

Genealogie in Geulle II

Op 17 juni 1877 (acte 13) overlijdt te Geulle pastoor Servatius Swelsen, geboren Overbunde, gemeente Bunde op 20 februari 1796 (volgens het bidprentje 20 februari 1797)!, priester gewijd 27 september 1820, benoemd tot pastoor van Geulle 27 september 1820.

Hij was een zoon van Joannes Martinus Swelsen, gedoopt te Bunde op 19 juni 1758 en Maria Elisabeth Sijen, geboren te Beek ca 1760. Joannes Martinus en Maria Elisabeth trouwden te Bunde op16 januari 1791 met als getuigen Gebriel Smeets en Maria Gertrudis Voncken. 

Kinderen uit dit huwelijk waren:
Joannes Wilhelmus, geboren Bunde 18 november 1791Maria Joanna, geboren Bunde 2 april 1794, overleden 12 augustus 1857Servatius, geboren Bunde 20 februari 1796 Joannes, geboren Bunde 9 augustus 1798Petronella, geboren Bunde 20 juli 1801Jan Martinus, geboren Bunde 14 september 1803, jong overleden.
Het overlijden van pastoor Servatius Swelsen werd aangegeven door zijn gebuur Joannes Pieter Ramakers, landbouwer, 42 jaar, volgen testament van 10 november 1876 aangesteld als executeur testamentair. Deze Jan Pieter Ramakers was ontvanger van de Kerkfabriek van Geulle.

De nalatenschap van pastoor Swelsen omvatte blijkens de Memorie van Successie het volgende:
roerende goederen in het openbaar verkocht: f 1.033,55bomen op gemeentegronden f 179,75kledingstukken: f 25,00achterstallig traktement tweede kwartaal 1877: f 150,00aan contant geld: f 101,43, derhalve in totaal: f 1.489,73Er moest nog betaald worden:
voor oppassing bij zijn ziekte voor het tijdvak vanaf 15 maart tot de sterfdag aan Servaas Ramakers: f 57,60idem aan Leo Vossen: f 16,50aan Leo Vossen voor dagloonwerk f: 22,47aan winkelier Jan Gelissen te Maastricht voor geleverde winkelwaar vanaf 12 mei tot en met 14 juni: f 9,74aan dokter Spronck te Beek voor genees-kundige behandelingen van 1 januari 1876 tot en met 16 juni 1877: f 60,00aan notaris Van Gorkum te Beek voor testament: f 60,00aan Elisabeth Ghijsen dienstmeid voor enige jaren: f 300,00aan Elisabeth Ghijsen loon vanaf oktober 1876 tot en met 17 juni 1877 (haar jaarsalaris was dus f 70,27 MP): f 50,20aan apotheker Qadvlieg te Beek voor geleverde medicijnen: f 4,31aan bierbrouwer Van Aubel te Maastricht vanaf 1 januari 1877: f 6,08aan notaris Van Gorkum te Beek voor geleend geld (16 oktober 1862): f 77,93 plus de rente vanaf 16 oktober 1876 tot de sterfdag: f 2,60aan de wijnhandelaren Karuch en Olep te Keulen voor geleverde Rijnwijn maart 1876: f 59,06aan de weduwe Crolla en Zoon te Houthem voor 900 bidprentjes juli 1878: f 25,20aan begrafeniskosten: f 149,06, derhalve in totaal: f 900,75
Er resteerde dus een bedrag ad f 588,98, welke som bestemd was voor het houden van H. Missen. De erfgenamen waren Jan Swelsen, oom, diens zoon Pieter Swelsen en kleinzoon (eveneens) Pieter Swelsen, wonende te Schimmert. Op 10 oktober 1876 had de pastoor een laatste wilsbeschikking geschreven ten dienste van zijn curator. Die laatste wilsbeschikking werd echter pas na zijn dood geregistreerd en wel op 22 juni 1877 bij notaris Van Gorkum te Beek. Hierin bepaalde de pastoor dat het batig saldo van zijn nalatenschap zou moeten worden aangewend voor zijn begrafenis, achterstallig loon van E. Ghijsen en voor het maken van een officieel testament. Bij gebrek aan wettige bewijzen moesten later hierover legeskosten en opcenten betaald worden, over het batig saldo van f 588,98 in totaal f 81,28 �, over het bedrag van f 300,00 achterstallig loon voor E. Gijsen in totaal f 41,40 en over de kosten van het testament ad f 60,00 in totaal f 8,28, derhalve in totaal f 130,96
Verwezen wordt naar Pastoor Kengen’s “Geuls Verleden” (bladzijde 127).
Sectie Genealogie Heemkundevereniging G��l, Mathijs P.

Een oud gebruik met de vastenavond

Het onderstaande beschrijft een oud gebruik met de vastenavond, dat aan de kinderen en kleinkinderen van Mechtildes Ghijsen – Gelissen (geboren 1-10-1874 en gewoond hebbende op de Snijdersberg) werd overgedragen.

Als kind verkleden wij ons tijdens carnaval met oude kledingstukken uit oma’s tijd. Dit gebeurde onder andere met een lange rok en blouse, met hierover een grote plak (omslagdoek). Omdat dit alles veel te wijd was, werd alles vastgemaakt met een groot aantal veiligheidsspelden. Als hoofddeksel werd een ‘l�sjhood’ (viltenhoed) gebruikt, waaronder de ogen nauwelijks te zien waren. 

Als attributen werden hierbij een korfje, een spies (gemaakt van een jonge, rechte scheut van de hazelaar) en een foekepot gebruikt. De foekepot was gemaakt van een varkensblaas die werd opgesneden over de lange zijde en daarna enige tijd tussen wat vochtige doeken werd gelegd om zo de soepelheid van de blaas te verhogen. Vervolgens werd er in het midden van het opengeslagen vel een rietstokje of roggestrostukje bevestigd met behulp van een touwtje. Dit stokje moest glad zijn en mocht niet te snel vocht opnemen. Dit geheel werd dan over de opening van een pot of een glas gespannen. Door het drogen spande het blaasvel zich strak. De foekepot kon nu bespeeld worden door twee vochtige vingers erover heen en weer te bewegen. 

Hierdoor ontstond dan een monotoon geluid, dat afhankelijk was van de inhoud en het materiaal van de pot of het glas. Nu alles gereed was kon de trektocht langs de woonhuizen beginnen onder het zingen van het volgende versje:

Jan – Jan, ‘t is vasteloavend,
Van de m�rge tot den oavend.
Hie eine sjtool, doa eine sjtool,
Op eedere sjtool ei kusse,
Met eine vlamkook doa t�sje.
Sjnie m�r aan die lange,
Es die lange gegaete zin,
Zulle de korte ‘t b�ste zin.

Na het zingen van dit versje werden we dan meestal beloond met een stukje spek dat op de spies werd geregen, of een ei. Soms kreeg je een cent, vooral daar waar men geen spek of ei had.

Het is jammer dat dit oude gebruik van onze voorouders is verdwenen, vooral omdat het later werd gezien als een vorm van bedelen.

Het melodietje kan van streek tot streek anders gezongen of gepresenteerd worden. Wat het woord ‘vlamkook’ beteke